Terug
Gepubliceerd op 27/11/2020

2020_GRMW_01403 - Relancemaatregelen ten gevolge van de coronacrisis - Ondersteuning van Gentse scholen bij de aanpak van leerachterstand - Basisnota en subsidieovereenkomst - Schooljaar 2020-2021 - Goedkeuring

commissie onderwijs, welzijn en participatie (OWP)
wo 02/12/2020 - 19:00 Digitale zitting

Samenstelling

Bevoegde schepen

Elke Decruynaere
2020_GRMW_01403 - Relancemaatregelen ten gevolge van de coronacrisis - Ondersteuning van Gentse scholen bij de aanpak van leerachterstand - Basisnota en subsidieovereenkomst - Schooljaar 2020-2021 - Goedkeuring 2020_GRMW_01403 - Relancemaatregelen ten gevolge van de coronacrisis - Ondersteuning van Gentse scholen bij de aanpak van leerachterstand - Basisnota en subsidieovereenkomst - Schooljaar 2020-2021 - Goedkeuring

Motivering

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, art. 2.

Voorgestelde uitgaven

€ 690.000,00

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, art. 40, § 1.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Op 14 april 2020 werd via de Regiegroep Onderwijs Gent een oproep gelanceerd aan de Gentse onderwijskoepels (het Katholiek Onderwijs, het Stedelijk Onderwijs Gent, het GO!, het Provinciaal Onderwijs en de onafhankelijke scholen) om invulling te geven aan het Gentse relanceplan op het vlak van onderwijs. Dat Gentse relanceplan kwam er, om in diverse maatschappelijke segmenten de schok te helpen opvangen van de coronacrisis en de 'lockdown'-maatregelen die ermee gepaard gingen en gaan. De onderwijsrelance valt (momenteel) uiteen in vier fasen:

(FASE 1) de ‘lockdown’, met focus op afstandsonderwijs, het bereiken van kinderen die geen of beperkte toegang hebben tot de digitale wereld, en de opvang van kinderen die thuis onvoldoende leermogelijkheden hebben, of van ouders in ‘essentiële’ beroepen;

(FASE 2) de ‘heropstart’, met geheel of gedeeltelijke hervatting van de fysieke lessen, met focus op social distancing en andere coronamaatregelen, maar ook op de omgang met de sociaal-emotionele en pedagogische gevolgen van de ‘lockdown’ bij kinderen en jongeren;

(FASE 3) de ‘zomer’, met focus op het bieden van extra ontwikkelingskansen tijdens deze lange vakantieperiode, zeker ook bij kwetsbare leerlingen, om een al te grote 'zomerterugval' te vermijden (organisatie zomerscholen);

(FASE 4) het schooljaar 2020-2021, met focus op het wegwerken van leerachterstand, veroorzaakt door de coronacrisis, het versterken van e-inclusie en het bieden van ondersteuning om de scholen toe te laten op een coronaveilige manier open te gaan, en te blijven.

Onderhavig besluit, en de maatregel die ze behelst, heeft betrekking op FASE 4 van de onderwijsrelance. 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

Uit recent onderzoek van de Katholieke Universiteit Leuven blijkt dat leerlingen die in 2020 de overstap maakten van het basis- naar het secundair onderwijs door de coronacrisis gemiddeld een half jaar leerachterstand hebben opgelopen. Tot die conclusie komen de onderzoekers, door de resultaten van de interdiocesane proeven in het katholiek onderwijs in juni 2020 te vergelijken met die van voorgaande jaren. Dit is een voorzichtige inschatting. De scholen die aan de interdiocesane proeven deelnamen in 2020 zijn niet representatief voor het hele schoolpubliek. Ingeschat wordt dat de achterstand van alle leerlingen, in alle scholen samen, nog groter is, omdat scholen met veel leerlingen in kwetsbare milieus in mindere mate deelnemen aan de proeven, dan scholen met een kansrijker publiek. Bovendien is er een aangetoonde correlatie tussen leerachterstand, en de socio-economische situatie van kinderen en jongeren: hoe kwetsbaarder die socio-economische situatie, hoe beperkter de leerstimulansen thuis, hoe minder adequaat de leeromgeving en hoe groter het risico op leerachterstand.

Het is dus niet fout te veronderstellen dat de leerachterstand die kinderen en jongeren door de coronacrisis hebben opgelopen nog groter is dan wat de onderzoekers van de KU Leuven hebben vastgesteld. Evenwel is dit moeilijk kwantificeerbaar, omdat er geen eenduidige manier bestaat om leerachterstand te meten, die bovendien in de volle breedte van het onderwijsveld inzetbaar is. Op korte termijn heeft dit gevolgen, niet alleen voor de cognitieve leerprestaties, maar ook voor het welbevinden van leerlingen, en voor de verwerving van metacognitieve vaardigheden op artistiek, motorisch of didactisch vlak (planningsvaardigheden, leren leren, etcetera). Op langere termijn verhoogt het een risico op vroegtijdige schooluitval, of op heroriëntering (‘onderwijswaterval’), en dus ook minder kansen in het volwassen leven.

Daarom wordt aan de gemeenteraad voorgesteld om tijdens het schooljaar 2020-2021 één miljoen euro ter beschikking te stellen aan de Gentse scholen, en organisaties uit het brede netwerk rond de scholen, die een bijdrage kunnen leveren aan het wegwerken of voorkomen van leerachterstand die zich door de coronacrisis versterkt voordoet, of heeft voorgedaan. 

Na consult van de Regiegroep Onderwijs Gent op 28 augustus 2020, een aantal onderwijs-experten in de loop van september 2020, en van een focusgroep met mensen uit het werkveld op 9 oktober 2020, werkte het Onderwijscentrum Gent een maatregel uit, waarbij de rol van de scholen, als regisseurs van het leerproces van kinderen en jongeren, wordt versterkt door de creatie van extra ‘boots on the ground’: extra mensen, met verschillende profielen en achtergronden, die mits de nodige ervaring en/of vorming via diverse kanalen worden ingezet. Die extra kanalen vatten we in negen profielen, waaruit scholen kunnen puren om hun leerlingen met extra leernoden bijkomende leer- en ontwikkelkansen te bieden, vanuit een brede visie op leren en remediëren. Per profiel definieerden we hoe we de benodigde middelen inzetten, met welke prioriteit de inzet gebeurt, wie instaat voor de rekrutering, vorming en vergoeding, en wie de ‘matching’ doet tussen de kandidaten en de scholen die de bijkomende nood aan leerbegeleiding binnen én buiten de klasmuren detecteren, monitoren en remediëren. Dit alles levert de ‘school support matrix’ op, zoals aangegeven op bladzijde 5 van de Basisnota in BIJLAGE 1, en art. 1, §6 van de subsidieovereenkomst in BIJLAGE 2

Meer uitgewerkte informatie over de visie en missie van de maatregel, de principes waarbinnen ze werd uitgewerkt, de diverse profielen van de extra ‘boots on the ground’ en de voorwaarden en praktische modaliteiten waaronder ze ingezet kunnen worden door en op de scholen, zijn opgenomen in de basisnota, die als BIJLAGE 1 bij dit besluit is gevoegd. Deze nota werd definitief gevalideerd in de Regiegroep Onderwijs Gent van 30 oktober 2020. Ze maakt integraal deel uit van dit besluit.

Belangrijk te vermelden is dat de middeleninzet weliswaar via de scholen gebeurt - zij kennen de kinderen en hun leernoden finaal het beste - maar dat het perspectief van de leerlingen centraal staat. Het mag dus niet zo zijn dat de middelen enkel worden ingezet in scholen met veel kinderen in kwetsbare omstandigheden: niet de school die iemand bezoekt, maar wel zijn/haar nood aan extra leerbegeleiding is het uitgangspunt.

De middeleninzet is er dus op gericht om schoolteams ruimte en mogelijkheden te bieden om te investeren in extra leerbegeleiding op maat, via vormen van co-teaching en differentiatie binnen de klas, en van pre-teaching, bijlessen en begeleiding op maat buiten de klas (in de buitenschoolse opvang, digitaal of in de thuiscontext). Dit dient te gebeuren vanuit een brede pedagogisch-didactische invulling (meer dan cognitief leren ook leren plannen, leren leren, inzetten op welbevinden, versterken van motorische en artistieke vaardigheden in functie van dat welbevinden, etc.), en complementair aan maatregelen en middelen die via andere stedelijke coronamaatregelen en/of via hogere overheden ter beschikking worden gesteld. Focus ligt op de transitiemomenten - de overgang tussen basis- en secundair onderwijs in de eerste plaats - omdat dit sleutelmomenten zijn in de schoolcarrières van kinderen en jongeren.

Respect voor de eigenheid van de scholen was een belangrijk principe bij de uitwerking: scholen versterken in hun regierol van het leerproces, en dus hun vermogen leerachterstand weg te werken of te voorkomen, vereist in eerste instantie respect voor hun specifieke identiteit, aanpak en werking. Bovendien is het natuurlijk de bedoeling de middelen per profiel zo effectief mogelijk ingezet te krijgen, met het hoogst mogelijke (leer)rendement en met het minste risico op te grote versplintering. En dit in alle scholen: die van het gewoon basis- en secundair onderwijs, maar ook die van het buitengewoon onderwijs. Daarom gingen we per profiel op zoek naar de best geplaatste partner om de maatregel per profiel verder uit te werken en te coördineren voor de desbetreffende scholen.

Voor profielen 1 tot en met 3 zijn de onderwijskoepels het beste geplaatst om de rekrutering, matching, vorming en vergoeding te organiseren, maar ook om in samenspraak met de scholen te bepalen waar en met welke prioriteit er ‘extra boots on the ground’ worden ingezet om de doelstelling van de maatregel te realiseren. Hiertoe leggen we een subsidieovereenkomst voor, waarin per onderwijskoepel een organisatie is opgenomen, die de verdere coördinatie voor de scholen van het desbetreffende net, de uitwerking volgens de opgenomen indicatoren en richtlijnen, en de rapportering volgens de vastgelegde afspraken op zich zal nemen. 69 procent van de totale middeleninzet van 1 miljoen euro (690.000 euro) wordt hiertoe voorzien. Dit budget wordt volgens een sleutel verder verdeeld over de scholen van de diverse netten, waarvoor volgende organisaties optreden:

  • Vzw Vicariaat Onderwijs Gent, Marialand 31, 9000 Gent, voor de Gentse scholen van het katholiek onderwijs
  • IVA Stedelijk Onderwijs Gent, Botermarkt 1, 9000 Gent, voor de Gentse scholen van het stedelijk onderwijs
  • Provincie Oost-Vlaanderen, Gouvernementstraat 1, 9000 Gent, voor de Gentse scholen van het provinciaal onderwijs
  • GO! Scholengroep Gent, Schoonmeersstraat 26, 9000 Gent, voor de Gentse scholen van het Gemeenschapsonderwijs
  • Vzw Methodeschool De Buurt, Kartuizerlaan 20, 9000 Gent, voor de Gentse vrije, niet netgeboden scholen.

Concreet gebeurt de middelenverdeling zoals aangegeven op bladzijde 7 van de Basisnota in BIJLAGE 1, en art. 3, §2 van de subsidieovereenkomst in BIJLAGE 2.

De subsidieovereenkomst is bij dit besluit gevoegd als BIJLAGE 2, en maakt er integraal deel van uit. Op vraag van de onderwijsnetten wordt voorgesteld om haar retroactief te laten ingaan vanaf 1 november 2020 tot 31 augustus 2021, en dus niet pas na goedkeuring en ondertekening eind december. De noden doen zich immers nu voor op de Gentse scholen, en de bijkomende ‘boots on the ground’ moeten nu dus worden gezocht en ingezet om kinderen met leerachterstand extra begeleiding, en dus kansen te bieden. Heel wat scholen geven aan dat ze momenteel over mensen beschikken, die ze niet in dienst kunnen houden zonder de stedelijke ondersteuning, maar nu al belangrijke inspanningen leveren om leerachterstand te detecteren en weg te werken. Die nood aan continuïteit, alsook aan de garantie dat de middelen, binnen de doelstellingen zoals omschreven in de basisnota en overgenomen in de subsidieovereenkomst, effectief beschikbaar zullen zijn voor de Gentse scholen, rechtvaardigt een retroactieve startdatum.

Vanuit haar ervaring met andere coronamaatregelen (organisatie noodopvang, zomerscholen, etc.), maar ook door haar specifieke activiteiten en netwerking op het terrein van studie-ondersteuning, armoede op school en het lerarentekort, is voor profielen 4 tot en met 9 het Onderwijscentrum Gent zelf de aangewezen partner, om de middeleninzet op de Gentse scholen te organiseren. Dit gebeurt aan de hand van een tweewekelijkse bevraging, op basis waarvan scholen hun noden kunnen aangeven. Navenant gaat het Onderwijscentrum op zoek naar geschikte mensen, die ze met de school kan matchen binnen het kader vastgelegd in de ‘School Support Matrix’. Hiertoe wordt 31 % van het totale budget van 1 miljoen euro gereserveerd (310.000 euro). Inzet van deze middelen gebeurt volgens het principe ‘eerst komt eerst maalt’, en ‘zolang de voorraad strekt’. Pas indien de middelen ontoereikend zouden zijn om op de vragen in te spelen, zal het Onderwijscentrum een prioriteitsorde aanbrengen op basis van de socio-economische situatie (hoe hoger het aantal SES/OKI-indicatoren waarop men ‘aantikt’, hoe hoger in dat geval de prioriteit).

Wat betekent dit nu allemaal concreet voor de scholen, die bijkomende ‘boots on the ground’ nodig hebben om extra leerbegeleiding te bieden binnen én buiten de klas, om leerachterstand te voorkomen of te remediëren? Bedoeling is dat de scholen in eerste orde gebruik maken van de mensen die door de onderwijskoepels worden ondergebracht in aan te leggen ‘neteigen’ pools van extra leerkrachten, logopedisten, ergotherapeuten, et cetera, en dat ze pas een beroep doen op de via het Onderwijscentrum ingezette profielen (interimarissen, vrijwilligers, stagiairs of bredeschoolorganisaties) indien er in die pools (profielen 1 t.e.m 3) geen of onvoldoende geschikte mensen worden gevonden. Zowel het Onderwijscentrum (profielen 4 t.e.m 9), als de organisaties per net waarmee we een overeenkomst afsluiten (profielen 1 t.e.m 3) creëren hiertoe een eenduidig en laagdrempelig aanspreekpunt voor de scholen.

De verdere uitwerking van het project wordt ingedeeld in drie fasen, en geëvalueerd in een projectstuurgroep waaraan alle betrokken organisaties deelnemen. Zowel de opvolging van de subsidieovereenkomst (voor inzet profielen 1 t.e.m 3), als de extra middeleninzet via het Onderwijscentrum Gent (profielen 4 t.e.m 9) zal hier aan bod komen. Indien de middeleninzet via de subsidieovereenkomst of via het Onderwijscentrum ondermaats is, of onmogelijk blijkt - bijvoorbeeld omdat het moeilijk is door het lerarentekort geschikte leerkrachten te vinden - is het voorstel om middelen te schuiven van het deel dat via de subsidieovereenkomst wordt geregeld, naar het deel dat door het  Onderwijscentrum Gent wordt beheerd (of omgekeerd), afhankelijk dus van de noden en mogelijkheden die zich stellen, en die we momenteel nog niet kunnen voorspellen. Aangezien dit desgevallend leidt tot aanpassingen van de overeenkomst, zullen deze wijzigingen uiteraard aan de gemeenteraad worden voorgelegd. Aan de verdeelsleutels tussen de netten wordt niet geraakt.

Opvolging en sturing in de projectstuurgroep gebeurt op basis van drie rapporteringsdocumenten. Zo leveren de organisaties namens de onderwijskoepels tegen ten laatste 15 december 2020 een plan van aanpak op, waarin ze aangeven hoe ze leerachterstand gaan detecteren, monitoren en remediëren of voorkomen, en uit welke profielen ze daartoe voor welke takenpakketten willen puren. Dit plan van aanpak wordt door het Onderwijscentrum getoetst aan de hand van de missie en visie, zoals uitgewerkt in de basisnota, en integraal opgenomen in de overeenkomst. Op 10 mei 2021wordt een tussentijdse rapportering verwacht, over het aantal bereikte leerlingen tot dusver, en het aantal ingezette ‘boots on the ground’. Op basis hiervan kunnen er budgettaire verschuivingen zijn, zoals omschreven in de vorige alinea. Op 17 september 2021 wordt tot slot een eindevaluatie verwacht, die focust op de mate waarin de middelen met effect zijn ingezet, en welke (beleidsmatige) lessen daaruit te trekken zijn. Het gaat om een kwalitatieve inschatting van het effect. Een eenduidige, kwantitatieve effectmeting is momenteel niet haalbaar.

Overzicht van de uitgaven

Dienst* Onderwijscentrum Gent 
Budgetplaats 3444400C2 
Categorie* E Subs 
Subsidiecode NIET_RELEVANT 
2020 100.000 euro 
2021 590.000 euro 
Totaal 690.000 euro 

Verwachte ontvangsten

€ 0,00

Activiteit

AC35418 Ondersteunen van scholen en partners in het garanderen van een optimaal leertraject

Besluit

De commissie onderwijs, welzijn en participatie (owp) legt het volgende voor aan de gemeenteraad / raad voor maatschappelijk welzijn:

Artikel 1

Keurt goed de Basisnota ‘wegwerken of voorkomen van leerachterstand tijdens het schooljaar 2020-2021’, zoals gevoegd in bijlage 1, Deze basisnota omschrijft een maatregel in het kader van de onderwijsrelance na de coronacrisis, waarbij door inzet van diverse profielen extra ‘boots on the ground’ worden gecreëerd in de Gentse scholen, om binnen en buiten de klasmuren extra leerbegeleiding te bieden en aldus leerachterstand te remediëren en/of te voorkomen. Goedkeuring van deze nota kan aanleiding geven tot verdere besluitvorming in het college van burgemeester en schepenen, of in de gemeenteraad.

Artikel 2

Keurt goed de subsidieovereenkomst, zoals gevoegd in bijlage 2, met volgende organisaties optredend voor de Gentse onderwijskoepels voor de inzet van extra begeleiding op de Gentse scholen (binnen profielen 1, 2 en 3 zoals omschreven), om leerachterstand die bij leerlingen wordt gedetecteerd, en die door de coronacrisis is veroorzaakt of versterkt, te remediëren of te voorkomen. De samenwerkingsovereenkomst loopt van 1 november 2020 tot en met 31 augustus 2021.

  • Vzw Vicariaat Onderwijs Gent, Marialand 31, 9000 Gent, voor de Gentse scholen van het katholiek onderwijs
  • IVA Stedelijk Onderwijs Gent, Botermarkt 1, 9000 Gent, voor de Gentse scholen van het stedelijk onderwijs
  • Provincie Oost-Vlaanderen, Gouvernementstraat 1, 9000 Gent, voor de Gentse scholen van het provinciaal onderwijs
  • GO! Scholengroep Gent, Schoonmeersstraat 26, 9000 Gent, voor de Gentse scholen van het Gemeenschapsonderwijs
  • Vzw Methodeschool De Buurt, Kartuizerlaan 20, 9000 Gent, voor de Gentse vrije, niet netgeboden scholen.