Terug
Gepubliceerd op 17/10/2025

2025_CBS_08908 - Aangepaste boekhoudkundige waarderingsregels Stad en OCMW Gent - Goedkeuring

college van burgemeester en schepenen
do 16/10/2025 - 08:32 College Raadzaal
Datum beslissing: do 16/10/2025 - 08:53
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Christophe Peeters

Aanwezig

Hafsa El-Bazioui, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sofie Bracke, schepen; Joris Vandenbroucke, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Burak Nalli, schepen; Filip Watteeuw, schepen; Christophe Peeters, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Liesbet Vertriest, adjunct-algemeendirecteur; Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter

Verontschuldigd

Evita Willaert, schepen

Secretaris

Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2025_CBS_08908 - Aangepaste boekhoudkundige waarderingsregels Stad en OCMW Gent - Goedkeuring 2025_CBS_08908 - Aangepaste boekhoudkundige waarderingsregels Stad en OCMW Gent - Goedkeuring

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56, § 3, 3° en 7°.

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

Het besluit van de Vlaamse regering van 30 maart 2018 over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen, hoofdstuk 8 - artikel 116 e.v.


Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

De laatste beslissingen van de uitvoerende organen van Stad Gent en OCMW Gent over de boekhoudkundige waarderingsregels zijn genomen in mei 2024 en dit met toepassing vanaf het boekjaar 2023.

Waarom wordt deze beslissing genomen?

Er dienen drie aanpassingen te worden goedgekeurd aan de bestaande waarderingsregels met toepassing vanaf het boekjaar 2025.

De eerste aanpassing heeft betrekking op de afschaffing van het ijzeren voorraad-principe voor meubilair bij Stad Gent en voor meubilair, andere kantooruitrusting en informaticamaterieel bij OCMW Gent.

Ter info: Het ijzeren voorraad-principe voor andere kantooruitrusting en informaticamaterieel is nooit van toepassing geweest bij Stad Gent.

Het ijzeren voorraad-principe houdt in dat het meubilair, de kantooruitrusting alsook het klein materieel die bestendig worden hernieuwd en waarvan de aanschaffingswaarde te verwaarlozen is in verhouding tot het balanstotaal, op het actief worden opgenomen voor een vast bedrag als de hoeveelheid, de waarde en de samenstelling ervan niet aanmerkelijk veranderd zijn in een boekjaar. In dat geval wordt de prijs voor de hernieuwing van de bestanddelen opgenomen onder de operationele kosten. Zie art. 131 van het besluit van de Vlaamse Regering over de beleids- en beheerscyclus van de lokale besturen van 30 maart 2018.

Vanuit een eerder praktisch oogpunt kan er worden gesteld dat het ijzeren voorraad-principe erop neerkomt dat een eerste aanschaffing of uitbreidingsinvestering van bv. meubilair voor een bepaalde locatie wordt verwerkt op investeringsbudget en wordt opgenomen op de balans als vast actief waarop niet wordt afgeschreven. De vervanging van het betrokken meubilair (vervangingsinvestering) gebeurt vervolgens op exploitatiebudget.

De redenen waarom het ijzeren voorraad-principe wordt afgeschaft zijn divers:

  • Bij de verwerking van een eerste aanschaffing of uitbreidingsinvestering via het ijzeren voorraad-principe dient er steeds bijzondere aandacht te zijn voor het gebruik van de juiste vaste-activaklasse. Inboeking via de reguliere vaste-activaklasse zal immers aanleiding geven tot (niet-budgettaire) afschrijvingen, hetgeen niet de bedoeling is.
  • Bij de verwerking volgens het ijzeren voorraad-principe dient steeds de vraag te worden gesteld of een aanschaffing gaat om een uitbreidingsinvestering (investeringsbudget) of een vervangingsinvestering (exploitatiebudget). Dit onderscheid is echter vanuit praktisch oogpunt niet zo evident om te maken, aangezien een aanschaffing vaak een component vervangingsinvestering zal omvatten in combinatie met een component uitbreidingsinvestering (bv. de vervanging van meubilair door vanuit ergonomisch oogpunt verbeterd meubilair).

Ter info: Om onder andere bovenstaande discussie te vermijden werd er onder het ijzeren voorraad-principe bijvoorbeeld gesteld (via de syllabus van het rekeningstelsel) dat enkel meubilair dat werd aangeschaft voor een nieuw gebouw met nieuw personeel diende verwerkt te worden via investeringsbudget.

  • Een eerste aanschaffing of uitbreidingsinvestering die in het verleden werd verricht onder het ijzeren voorraad-principe, en werd opgenomen als actief op de balans (via investeringsbudget), maar in de praktijk reeds werd vervangen (via exploitatiebudget), zal op heden nog steeds voor hetzelfde bedrag geactiveerd staan op de balans. In een wereld gekenmerkt door inflatie zullen de balanswaarden van de betrokken activa onder het ijzeren voorraad-principe dus onderschat zijn.

Het ijzeren voorraad-principe voor meubilair bij Stad Gent en OCMW Gent wordt als volgt vervangen:

  • Indien er een aankoop is van meubilair van meer dan € 5.000 (excl. btw) per project/locatie, dan wordt dit verwerkt op investeringsbudget (ongeacht of het gaat om een vervangings- of uitbreidingsinvestering). De afschrijvingstermijn bedraagt 10 jaar;
  • Bij een aankoop van meubilair van minder dan € 5.000 (excl. btw) per project/locatie, dient er verwerkt te worden op exploitatiebudget.

Het ijzeren voorraad-principe voor andere kantooruitrusting bij OCMW Gent wordt als volgt vervangen naar analogie bij Stad Gent:

  • Indien er een aankoop is van andere kantooruitrusting van meer dan € 5.000 (excl. btw) per stuk, dan wordt dit verwerkt op investeringsbudget (ongeacht of het gaat om een vervangings- of uitbreidingsinvestering). De afschrijvingstermijn bedraagt 5 jaar;
  • Bij een aankoop van minder dan € 5.000 (excl. btw) per stuk, dient er verwerkt te worden op exploitatiebudget.

Het ijzeren voorraad-principe voor informaticamaterieel bij OCMW Gent wordt als volgt vervangen naar analogie als bij Stad Gent:

Informaticamaterieel zoals bv. een laptop (in principe aangekocht via AGB District09) dient steeds vanaf één stuk te worden geactiveerd/verwerkt op investeringsbudget.


De tweede aanpassing heeft betrekking op de uitgaven voor (straat)bomen bij Stad Gent.

Er heerste bij de Groendienst onduidelijkheid over de boekhoudkundige en budgettaire verwerking van uitgaven voor beheermaatregelen aan bomen (bv. snoeien, kandelaren, etc.) en onderzoek m.b.t. bomen (trekproeven, metingen, …).

Beheermaatregelen aan bomen en het onderzoek m.b.t. bomen worden volgens de Groendienst - ruw beschouwd - gemiddeld genomen uitgevoerd om de 8 jaar, en kunnen vanuit een bepaald oogpunt worden beschouwd als buitengewoon onderhoud aan bomen. 

Om de onduidelijkheid over de boekhoudkundige en budgettaire verwerking weg te nemen wordt bevestigd dat uitgaven voor beheermaatregelen en onderzoek aan bomen dienen te worden verwerkt op investeringsbudget, en dit ongeacht het bedrag per project/locatie (vanuit praktisch oogpunt - zoals ook bij wegenwerken - is het formuleren van een grensbedrag per project/locatie niet aangewezen).

In de algemene boekhouding wordt verder een nieuwe vaste-activaklasse (22503) aangemaakt, zijnde ‘beheermaatregelen en onderzoek bomen’ met een afschrijvingstermijn van 8 jaar. 

Er wordt benadrukt dat beheermaatregelen aan bermen en hagen (maaien, scheren, …), die eerder frequent gebeuren, nog steeds dienen verwerkt te worden op exploitatiebudget.

Voor (de aanschaf van) straatbomen bestaat er verder een vaste-activaklasse 22502. Hierop wordt er echter niet afgeschreven hetgeen echter niet logisch is gegeven de beperkte levensduur van straatbomen. Na overleg met de Groendienst werd er dan ook beslist om de vaste-activaklasse 22502 af te schrijven op 30 jaar.

Ter volledigheid wordt ook vermeld dat er een vaste-activaklassa bestaat voor afschrijfbare wegbeplanting, zijnde 22501, maar in die context verandert er niks. Na overleg met de Groendienst wordt de afschrijvingstermijn over 15 jaar behouden.


De derde aanpassing gaat over de toevoeging van extra informatie/duiding (zoals bv. grensbedragen voor verwerking op investeringsbudget) bij de bespreking van de diverse vaste-activaklasses. Bij Stad Gent zit deze vervat in de Waarderingsregels onder 1.3.7. en 1.3.. Bij OCMW Gent werd er - naar analogie met Stad Gent - een overzicht van alle vaste-activaklasses toegevoegd onder 2.2.6. 

De toevoeging van de informatie per vaste-activaklasse is gebaseerd op reeds bestaande afspraken die bovendien veelal reeds waren opgenomen in de door DEP Financiën opgestelde syllabus van het rekeningstelsel.

De toevoeging van de extra informatie per vaste-activaklasse dient de transparantie over de diverse waarderingsregels per type van vast actief te verhogen.

Ter info: Enkele ontbrekende, maar reeds bestaande/gebruikte (of volgens de BBC-regels in de toekomst eventueel benodigde) vaste-activaklasses, werden tevens toegevoegd aan de betrokken overzichten van vaste-activaklasses. Zo werd bv. de vaste-activaklasse 22707 Riolering en afvalwaterzuivering in aanbouw ook toegevoegd aan het overzicht van de vaste-activaklasses van Stad Gent (aangezien dit reeds volgde uit de BBC 2.0.-regels).


Deze nieuwe waarderingsregels worden reeds toegepast tijdens het boekjaar 2025.

Activiteit

AC35238 Beheren van financiële processen op geconsolideerd niveau en ondersteunen van klantenteams

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Keurt de aangepaste waarderingsregels in de Beleids- en BeheersCyclus (BBC) goed, zoals vermeld in de bijlage, die bij dit besluit wordt gevoegd. 

Deze waarderingsregels zijn van toepassing vanaf het boekjaar 2025.


Bijlagen