De Stad Gent treedt op als inrichtende macht van een heel aantal scholen op het grondgebied van onze stad. Als overheid is de stad er als inrichtende macht toe gehouden om in de scholen van dit stedelijk onderwijsnet de neutraliteit te waarborgen. Voor elke vorm van officieel onderwijs geldt immers dat neutraliteit tot de fundamentele uitgangspunten dient te behoren.
De invulling van het begrip neutraliteit in scholen ingericht door de overheid is al langer voorwerp van een publiek debat, specifiek ook wat betreft het al dan niet toelaten van levensbeschouwelijke kentekens. Dit debat is wat Gent betreft laatst gevoerd tijdens de gemeenteraad van september 2018 naar aanleiding van een mislukte démarche van de schepen van onderwijs om alle secundaire stadsscholen ertoe te verplichten om ideologische kentekens – met name hoofddoeken – toe te laten.
In december 2019 deed het Hof van Beroep in Antwerpen – in een zaak betreffende twee scholen van het Gemeenschapsonderwijs in Maasmechelen – een belangrijke uitspraak. Het hof oordeelde dat zogenaamd ‘open pluralisme’, waarbij een verbod enkel kan in die scholen waar er problemen (dreigen te) ontstaan, niet verzoenbaar is met de uitdagingen van een toenemende religieuze diversiteit in de samenleving. Het is volgens het hof noodzakelijk dat een verbod in alle scholen van het Gemeenschapsonderwijs kan worden ingevoerd om neutraliteit te waarborgen. Ouders en leerlingen moeten zich daarom volgens het hof terughoudend opstellen.
Op 4 juni jl. deed het Grondwettelijk Hof een uitspraak in dezelfde zin naar aanleiding van een prejudiciële vraag van de Franstalige rechtbank van eerste aanleg in Brussel over artikel 3 in het ‘Decreet houdende bepaling van de neutraliteit van het Gemeenschapsonderwijs’ (31 maart 1994). De vraag luidde:
‘Is artikel 3 van het decreet van de Franse Gemeenschap van 31 maart 1994 houdende bepaling van de neutraliteit van het Gemeenschapsonderwijs in overeenstemming met de artikelen 19, 23 en 24 van de Grondwet, met artikel 9 van het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en met artikel 2 van het Eerste Aanvullend Protocol bij het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden, zo geïnterpreteerd dat het een aan dat decreet onderworpen inrichtende macht toestaat om, ten aanzien van de zelfs meerderjarige leerlingen, in het huishoudelijk reglement van een onderwijsinrichting te voorzien in een totaalverbod om insignes, juwelen of kledij te dragen die een politieke, filosofische of godsdienstige mening of strekking weergeven, alsook elk hoofddeksel, met name die welke een dergelijke mening of strekking weergeven, teneinde een volkomen neutrale educatieve omgeving te creëren?’
De uitspraak was dat het artikel 3 en de vermelde interpretatie ervan geen schending inhouden van de genoemde artikels van de Grondwet, het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens of het Eerste Aanvullend Protocol.
De motivering van het Antwerpse Hof van Beroep gaat ook op in de Gentse context. De toenemende religieuze diversiteit stellen we ook in onze stad vast, zoals op vele plaatsen in Vlaanderen. Om de neutraliteit te waarborgen dringt een verbod op levensbeschouwelijke kentekens zich bijgevolg ook op in het officieel onderwijs ingericht door de stad. Bovendien stelt het Grondwettelijk Hof nu ook uitdrukkelijk dat een dergelijk verbod artikel 9 EVRM (Vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst) niet schendt.
In het Vlaamse Gemeenschapsonderwijs is het verbod op levensbeschouwelijke kentekens al van kracht sinds 1 september 2013. Dit verbod is geregeld via een omzendbrief van het gemeenschapsonderwijs waarvan de bepalingen overgenomen zijn in de reglementen van de gemeenschapsscholen. Tijdens een debat in het Vlaams Parlement in januari van dit jaar bleek dat zowat alle gemeenschapsscholen de bepalingen ondertussen hadden overgenomen in hun schoolreglement (op drie scholen na).
Een mogelijke formulering voor de Gentse stadscholen is (overgenomen van de scholen behorend tot het Gemeenschapsonderwijs):
‘Om ons pedagogisch project te kunnen realiseren is het in onze school niet toegelaten levensbeschouwelijke kentekens te dragen. Het verbod geldt voor alle zichtbare levensbeschouwelijke kentekens. Het verbod is van toepassing tijdens alle onderwijsactiviteiten, zowel binnen als buiten de schoolmuren. Enkel tijdens het levensbeschouwelijke vak mogen de aanwezige leerlingen zichtbaar levensbeschouwelijke kentekens dragen.
De school controleert de naleving van dit verbod en kan bij vaststelling van overtreding een sanctie opleggen overeenkomstig de leefregels.’
Daarom, op voorstel van de N-VA-fractie,
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om een verbod in te voeren op het dragen van levensbeschouwelijke kentekens in alle scholen en onderwijsinstellingen van het stedelijk onderwijsnet.