Het Gemeentelijk reglement van inwendig bestuur inzake straatgeveltuintjes werd goedgekeurd in de gemeenteraad van 15 oktober 1979 (gewijzigd op 28 november 2000, 24 september 2001, 24 november 2003 en 27 januari 2009). In dit reglement werden de voorwaarden voor het aanleggen van een straatgeveltuintje op openbaar domein vastgelegd. Om een tuintje aan te leggen was een vergunning vereist.
Het Gemeentelijk reglement voor het toekennen van een groencheque bij het aanleggen van een straatgeveltuintje werd goedgekeurd in de gemeenteraad van 23 mei 2005 (gewijzigd in de gemeenteraad van 25 januari 2010). Hierdoor kon men een éénmalige groencheque ter waarde van €25 verkrijgen voor elke bewoner of eigenaar die een reglementair straatgeveltuintje heeft gerealiseerd op het openbaar domein van stad Gent en over de noodzakelijke vergunning beschikt.
Jaarlijks werden aanvragen voor geveltuintjes ingediend en sedert 2005 werden cheques opgestuurd.
Naar aanleiding van een grondige evaluatie van alle groene subsidies werd vastgesteld dat:
1. de administratieve lasten hoog zijn doordat zowel een controle op de stedenbouwkundige vergunningsaanvraag als op het toekennen van groencheques nodig is; 2. de procedure voor het aanvragen van een vergunning of cheque door de Gentenaar als zwaar wordt ervaren; 3. het stimulerend effect van de groencheque eerder beperkt is.
De Stad wenst de aanleg van geveltuintjes te stimuleren. Door de vergunning af te schaffen en enkel een meldingsplicht in te voeren, wordt de procedure eenvoudiger. Het afschaffen van de vergunning vraagt een aanpasing van het reglement inzake straatgeveltuintjes. Gezien het beperkte stimulerend effect, wordt de groencheque afgeschaft.
Artikel 1 van de politieverordening op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg (goedgekeurd in de gemeenteraad van 19 maart 1990 en gewijzigd in de gemeenteraad van 21 maart 2005) stelt dat niemand de openbare weg op privatieve wijze in gebruik mag nemen of gebruiken zonder voorafgaande schriftelijke vergunning van de bevoegde overheid. Voor de aanleg van een geveltuin dient hierop nu een uitzondering gemaakt te worden. Bijgevolg wordt artikel in die zin aangepast: “Niemand mag de openbare weg op privatieve wijze in gebruik nemen of gebruiken zonder voorafgaande schriftelijke vergunning van de bevoegde overheid, tenzij voor het aanleggen van een straatgeveltuin overeenkomstig het Reglement voor de aanleg van een straatgeveltuin goedgekeurd in zitting van de gemeenteraad van ………………” .
Nieuwe reglementen met betrekking tot milieuaspecten worden voorgelegd aan de MinaRaad en de in dit besluit te wijzigen reglementen worden dus ook ter advisering aan de MinaRaad voorgelegd.
Heft het gemeentelijk reglement van inwendig bestuur inzake straatgeveltuintjes op.
Keurt de wijziging van artikel 1 van de politieverordening op de privatieve ingebruikneming van de openbare weg als volgt goed:
“Niemand mag de openbare weg op privatieve wijze in gebruik nemen of gebruiken zonder voorafgaande schriftelijke vergunning van de bevoegde overheid, tenzij voor het aanleggen van een straatgeveltuin overeenkomstig het Reglement voor de aanleg van een straatgeveltuin goedgekeurd in zitting van de gemeenteraad van ………………”,
alsook de gecoördineerde versie van de politieverordening, zoals gevoegd in bijlage.