voor de gemeenteraadszitting ter inzage bij de Dienst Bestuursondersteuning en na de gemeenteraadszitting bij de Dienst Facility Management.
De Stad Gent werd door Farys gecontacteerd omtrent de zeer slechte staat van de riolering in de Lourdesstraat. De aanwezigheid van nutsleidingen boven de riolering maken het quasi onmogelijk schade te herstellen. Er dient bijgevolg een nieuw rioleringsstelsel aangelegd te worden. De stad Gent had reeds vanuit haar zijde de Lourdesstraat gekwalificieerd als een straat met een slecht wegdek en voornamelijk de afwezigheid van degelijke fietsvoorzieningen.
Bijgevolg kadert dit dossier binnen een samenwerking tussen de Stad Gent en Farys die respectievelijk zullen in staan voor de heraanleg van het wegdek, degelijk fietspad en de aanleg van de nieuwe riolering.
In de motiveringsnota (die integraal deel uitmaakt van dit besluit) wordt uitgebreid toegelicht waar de problematiek ligt en wat de doelstellingen zijn van dit dossier.
Voor het verwezenlijken van deze doelstellingen dienen er 44 stroken grond worden verworven. Deze private stroken bestaan uit huidige weg met openbaar karakter. Er wordt ervoor geopteerd om de onteigeningsprocedure parallel op te starten met de minnelijke onderhandelingen. Op die manier kunnen gronden waarvoor geen minnelijk akkoord bereikt kon worden, op korte termijn via een gerechtelijke onteigeningsprocedure verworven worden.
Onderhavig dossier streeft de inrichting van veilige fietspaden en verkeersveiligheid na, stimuleert alternatieve, "propere" vervoermiddelen, voorziet een nieuw wegdek en adequate riolering wat het algemeen nut aanbelangt.
Uit statistieken blijkt dat de Lourdesstraat zich kenmerkt als een straat met veel verkeer en een groot aantal ongevallen. Deze gevaarlijke situatie verantwoordt een zeer snelle aanpak en staaft een onteigening bij hoogdringendheid.
Bijgevolg wordt ook de onteigening bij hoogdringende omstandigheden aangevraagd.
Aangezien de Lourdesstraat bezwaard is met een buurtweg moet hier toepassing worden gemaakt van de Wet van 10 april 1841 op de buurtwegen.
Overeenkomstig artikel 28 van de Wet van 10 april 1841 op de buurtwegen en het besluit van 20 juni 2014 tot vaststelling van de nadere regels voor de organisatie van het openbaar onderzoek inzake buurtwegen dient de volgende procedure gevolgd te worden:
• voorlopige vaststelling van de plannen door de gemeenteraad;
• openbaar onderzoek gedurende 30 dagen, overeenkomstig artikel 1 §3 van het besluit van 20 juni 2014;
• tweede beraadslaging door de gemeenteraad over de definitieve vaststelling van de plannen;
• deputatiebeslissing over het rooilijnplan ter verbreding van de buurtweg;
• bekendmaking van de beslissing van de deputatie via affiche gedurende acht dagen, vanaf zondag na
ontvangst.
Het college van burgemeester en schepenen wordt belast met de organisatie van het openbaar onderzoek.