Voor sommige specifieke graden ervaart Dienst Selectie moeilijkheden om geschikte kandidaten aan te trekken of vacatures in te vullen. Een van de redenen hiervoor is de regel dat bij indiensttreding maximaal 10 jaar relevante ervaring op de arbeidsmarkt voor de vaststelling van de geldelijke anciënniteit in aanmerking kan genomen worden.
Om de aantrekkelijkheid van een tewerkstelling bij OCMW Gent voor de knelpuntberoepen te verhogen, kan gebruik gemaakt te worden van de mogelijkheid voorzien in artikel 156 van de RPR en artikel 152 RPR OZ. Dit artikel bepaalt dat voor de toekenning van de periodieke salarisverhogingen, ook de beroepservaring in de privésector of als zelfstandige in aanmerking wordt genomen, op voorwaarde dat die beroepservaring relevant is voor de uitoefening van de functie en tot maximaal 10 jaar. Jaarlijks kan de Raad echter een lijst vastleggen van de graden waarvoor bij indiensttreding uitzonderlijk kan afgeweken worden van die maximaal meerekenbare periode van 10 jaar. Als bijlage is de lijst opgenomen van graden die door de VDAB als knelpuntberoep is omschreven, aangevuld met de graden waarvoor Dienst Selectie momenteel moeilijkheden ondervindt om de vacatures in te vullen.
Voor deze graden kan bij indiensttreding afgeweken worden van de maximaal meerekenbare periode van 10 jaar voor de toekenning van de periodieke salarisverhogingen. Die afwijking zal gelden voor de personeelsleden die in dienst treden vanaf 1 januari 2015 tot en met 31 december 2015.
De voorgelegde lijst werd afgestemd met de collega's van Stad Gent als volgt: de graden bij OCMW Gent werden vergeleken met graden die worden voorgelegd bij Stad Gent. In de lijst werden de functies specifiek voor Stad Gent en de gemeenschappelijke functies behouden, de OCMW-specifieke functies werden aangevuld in cursief. De lijst vermeldt ook de bijhorende geconsolideerde graad.
Artikel 156 RPR Stad, stelt dat voor de toekenning van periodieke salarisverhogingen ook de beroepservaring in de privésector of als zelfstandige in aanmerking wordt genomen, op voorwaarde dat die beroepservarig relevant is voor de uitoefening van de functie en tot maximaal tien jaar. Jaarlijks legt de Raad de lijst vast van de graden waarvoor bij indiensttreding uitzonderlijk kan afgeweken worden van de maximaal meerekenbare periode van tien jaar.
Artikel 152 RPR OZ, stelt dat voor personeelsleden in dienst vanaf 1 januari 2011 voor de toekenning van periodieke salarisverhogingen ook de beroepservaring in de privésector of als zelfstandige in aanmerking wordt genomen, op voorwaarde dat die beroepservarig relevant is voor de uitoefening van de functie en tot maximaal tien jaar. Jaarlijks legt de Raad de lijst vast van de graden waarvoor bij indiensttreding uitzonderlijk kan afgeweken worden van de maximaal meerekenbare periode van tien jaar. Voor verplegende en verzorgende personeelsleden in dienst vanaf 1 januari 2011 wordt voor de toekenning van periodieke salarisverhogingen ook de volledige beroepservaring in de privésector of als zelfstandige in aanmerking genomen, op voorwaarde dat die beroepservarig relevant is voor de uitoefening van de functie.
De lijst van graden (knelpuntfuncties) voor 2015 waarvan bij indiensttreding uitzonderlijk kan afgeweken worden van de maximaal meerekenbare periode van 10 jaar bij berekening van de geldelijke anciënniteit