De beslissing van de leiding van het IVA Stedelijk Onderwijs om de TAO (tijdelijk andere opdracht) niet van de directeur van atheneum De Wispelberg niet te verlengen, heeft geleid tot een ongeziene crisis binnen het stedelijk onderwijs, niet alleen intern (met betrekking tot schoolteams, leerlingen en ouders), maar ook extern (in termen van imagoschade voor het stadsonderwijs).
Dat er fouten werden gemaakt in het dossier in kwestie in eveneens volkomen duidelijk: in het CBS-besluit van 22 mei wordt de beslissing van de IVA-leiding om de TAO niet te verlengen ongedaan gemaakt, wegens het niet in acht nemen van de toepasselijke regelgeving en ook wegens niet wenselijk gezien de alsnog verlenging van de TAO naderhand (zie het CBS-besluit van 19 juni).
Om tot een herstel van de huidige vertrouwenscrisis binnen het stedelijk onderwijs te komen, is het essentieel dat mensen zich veilig voelen in het te volgen hersteltraject. Dat blijkt in de aanpak die nu door de schepen gevolgd wordt niet het geval te zijn. Dit blijkt uit gesprekken met mensen op het terrein, maar bijvoorbeeld ook zwart op wit uit de circulerende tekst ‘Een Gentse tragedie: het atheneum Wispelberg’.
Een hersteltraject waarbij mensen zich geremd voelen om vrijuit te spreken heeft geen kans op slagen: integendeel, een dergelijk schijntraject dreigt de vertrouwensbreuk alleen maar te verdiepen. Dat kan in de huidige omstandigheden op geen enkele manier de bedoeling zijn.
Daarom, op voorstel van de N-VA-fractie,
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om een extern onderzoek te laten uitvoeren naar het Wispelberg-dossier, met als focus: 1) de rol die de leiding van het IVA Stedelijk Onderwijs en het college hierin gespeeld hebben, 2) het al dan niet respecteren van de toepasselijke regelgeving, 3) het verbinden van de vereiste conclusies aan de bevindingen en aanbevelingen van het onderzoek.
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om een hersteltraject op te starten om de actuele vertrouwenscrisis binnen het stedelijk onderwijs te helen, met bijzondere aandacht voor de signalen van directeurs en andere leden van schoolteams dat ze zich niet veilig voelen bij de huidige vooropgestelde aanpak.