Terug
Gepubliceerd op 27/02/2026

2026_CBS_01460 - OMV_2025076225 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een inrichting voor de opslag, overslag en productie van diverse chemische en petrochemische producten, de bouw van een nieuwe pomphuis en nieuwe betonnen inkuiping voor ADR containers (IIOA + SH) + bijstelling - met openbaar onderzoek - Belgicastraat, 9042 Gent - Advies

college van burgemeester en schepenen
do 26/02/2026 - 08:32 College Raadzaal
Datum beslissing: do 26/02/2026 - 08:48
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Hafsa El-Bazioui, schepen-voorzitter; Astrid De Bruycker, schepen; Sofie Bracke, schepen; Evita Willaert, schepen; Joris Vandenbroucke, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Burak Nalli, schepen; Filip Watteeuw, schepen; Christophe Peeters, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Liesbet Vertriest, adjunct-algemeendirecteur

Verontschuldigd

Mathias De Clercq, burgemeester

Secretaris

Mieke Hullebroeck, algemeen directeur
2026_CBS_01460 - OMV_2025076225 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een inrichting voor de opslag, overslag en productie van diverse chemische en petrochemische producten, de bouw van een nieuwe pomphuis en nieuwe betonnen inkuiping voor ADR containers (IIOA + SH) + bijstelling - met openbaar onderzoek - Belgicastraat, 9042 Gent - Advies 2026_CBS_01460 - OMV_2025076225 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een inrichting voor de opslag, overslag en productie van diverse chemische en petrochemische producten, de bouw van een nieuwe pomphuis en nieuwe betonnen inkuiping voor ADR containers (IIOA + SH) + bijstelling - met openbaar onderzoek - Belgicastraat, 9042 Gent - Advies

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 24 en 42.

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Het college van burgemeester en schepenen geeft gunstig advies.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

GADOT BELGIUM BV met als contactadres Belgicastraat 3, 9042 Gent heeft een aanvraag (OMV_2025076225) ingediend bij de deputatie op 21 november 2025.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen  en een ingedeelde inrichting of activiteit handelt over:

Onderwerp: het veranderen van een inrichting voor de opslag, overslag en productie van diverse chemische en petrochemische producten, de bouw van een nieuwe pomphuis en nieuwe betonnen inkuiping voor ADR containers (IIOA + SH) + bijstelling

• Adres: Belgicastraat 3, 9042 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 12 sectie A nrs. 893N, 893A2, 893K2, 893G, 970A2, 970D, 970P en 970R

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 7 januari 2026.

De deputatie heeft het college van burgemeester en schepenen om advies gevraagd op 7 januari 2026.

De aanvraag volgde de gewone procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 18 februari 2026.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

 

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De aanvraag betreft een gecombineerde omgevingsvergunningsaanvraag met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit

 

De percelen maken deel uit van de Gadot Belgium NV site en zijn toegankelijk langs de Belgicastraat. De percelen grenzen ten noorden, zuiden en oosten aan industriële bedrijven en aan de westzijde aan het Zeekanaal Gent-Terneuzen. Het perceel is rechtsreeks toegankelijk via de openbare weg en wordt rondom afgeschermd door een omheining en/of haag. De directe omgeving kenmerkt zicht door industriële bedrijvigheden.

 

Deze aanvraag is een aangepaste versie van de voorgaande ingetrokken aanvraag (OMV_2024014129) om tegemoet te komen aan de opmerkingen van de bandweer.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag omvat het veranderen van een inrichting voor de opslag, overslag en productie van diverse chemische en petrochemische producten, de bouw van een nieuwe pomphuis en nieuwe betonnen inkuiping voor ADR containers (IIOA + SH) + bijstelling.

 

Deze aanvraag omvat twee stedenbouwkundige handelingen:

-       De bouw van een nieuwe pomphuis, na sloop bestaande pomphuis. Dit met het oog op het verbeteren van het bluswaternetwerk op de site. Het nieuwe gebouw heeft een footprint van 195m² en een volume van 1365m³. De kroonlijsthoogte van het gebouw is 7,00m. Het plat dak van het nieuwe pomphuis zal ingenomen worden door energieopwekkende systemen (PV-panelen).

-       Aanleg van nieuwe verharding in beton en waterdoorlatende klinkers rond het nieuwe pomphuis. De uitbreiding heeft als doel om de hoogteverschillen tussen de vloerpas en de omgeving weg te werken en een verbinding te maken met de bestaande verharding (asfalt) ten noordwesten van het pomphuis.

 

Beschrijving van de aangevraagde inrichtingen of activiteiten

Het betreft het veranderen van een inrichting voor de opslag, overslag en productie van diverse chemische en petrochemische producten.

 

Activiteiten Gadot Belgium

Gadot Belgium richt zich op de productie en de op- en overslag van gevaarlijke stoffen, zowel in bulk als in eenheidsverpakkingen, in opdracht van derden. Hiervoor beschikt het bedrijf over uitgebreide infrastructuur, waaronder tankparken en magazijnen. De op- en overslagactiviteiten zijn voornamelijk dienstverlenend van aard. Via zogenaamde inbewaarnemingsovereenkomsten stelt Gadot Belgium tankcapaciteit ter beschikking aan haar klanten. De op- en overslag van producten vormt één van de kernactiviteiten van het bedrijf. Daarnaast kunnen basischemicaliën ook in eigen naam worden opgeslagen, overgeslagen en afgevuld.

 

Verder beschikt de site over diverse procesinstallaties. Deze installaties worden gebruikt voor mengprocessen en batchreacties, waarbij de producten worden aangevoerd vanuit opslagtanks in de tankparken of via tankwagens, tankcontainers, vaten en drums. De opslag vindt plaats in vaste atmosferische opslagtanks, die op het terrein gegroepeerd zijn in verschillende tankparken en opslagmagazijnen.

 

Onderwerp van de aanvraag

-       Aanleg van een trailer yard in open lucht voor de opslag van gevaarlijke en brandbare vloeistoffen in maximaal 96 containers van ca. 35 m3. De opslagzone wordt voorzien van voldoende inkuiping en van een extra buffer voor het opvangen van calamiteiten.

-       Het optrekken van een nieuw pomphuis voor het capteren van kanaalwater voor de

-       brandbestrijding en productieactiviteiten. Dit komt in de plaats van het huidige pomphuis. Ook de pompen en dieselmotoren worden vernieuwd. De bestaande dieseltank (reserve-opslag) blijft behouden.

-       De aanpassing van de opslagrubrieken voor gevaarlijke producten aan de realiteit. Verschillende tankparken, waarvoor in 2015 een vergunning werd verleend, zijn nooit gebouwd. De vergunning is dan ook van rechtswege vervallen. De overeenstemmende hoeveelheden worden geschrapt in de vergunning.

-       Voor een aantal magazijnen werd de opslagcapaciteit in de vergunning overschat. Dit wordt naar een reële capaciteit gebracht, rekening houdend met de reële stock volgens het register van gevaarlijke producten.

-       Een aantal met naam genoemde seveso-stoffen werd n.a.v. de seveso III – richtlijn opgenomen in de kennisgeving en de omgevingsvergunning, maar worden in de praktijk niet opgeslagen. Deze producten worden dus geschrapt.

-       Aansluitend wordt de wijziging gevraagd van de bijzondere voorwaarden waarin wordt vastgelegd welke opslag in welk tankenpark, magazijn of buitenopslag is toegelaten.

-       De vergunde bemaling kaderde in tijdelijke bouwwerken en kan worden geschrapt.

 

Volgende rubrieken worden aangevraagd:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

6.4.3°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van meer 5.000.000 l | Vermindering met 41.823 m³ | klasse 1 | Verandering

-41823000 liter

17.2.2.

VR-plichtige inrichting waar gevaarlijke producten in hoeveelheden gelijk aan of groter dan de hoeveelheid, vermeld in bijlage 6, delen 1 en 2, kolom 3, bij dit besluit, aanwezig zijn, in voorkomend geval gebruikmakend van de sommatieregel als vermeld in noot 4 bij bijlage 6, deel 1 en deel 2

 

noot: hogedrempelinrichting | - schrappen van niet-gerealiseerde projecten

- correctie opslagcapaciteit in verschillende magazijnen

- realisatie trailer yard

- opslag methanol in magazijn A5

- schrappen van de opslag van ontvlambare aerosolen

- schrappen van verschillende met naam genoemde stoffen

- voor de duidelijkheid wordt het onderscheid tussen type opslag bij sommige met naam genoemde stoffen geschrapt. Waar deze stoffen kunnen worden opgeslagen, is afdoende geborgd in de bijzondere voorwaarden (zie bijlage Bijstelling voorwaarden) | klasse 1 | Verandering

-40075 ton

17.3.2.1.1.3°

opslagplaatsen gevaarlijke vloeistoffen van gevarencategorie 3 o.b.v. gevarenpictogram GHS02 met een vlampunt > of = 55°C en gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 500 ton | Vermindering met 19.412 ton | klasse 1 | Verandering

-19412 ton

17.3.2.1.2.3°

overige ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 200 ton | Vermindering met 329.157 ton | klasse 1 | Verandering

-329157 ton

17.3.2.2.3°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 1 en 2 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 50 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied voor de opslag in bovengrondse houders of een combinatie van bovengrondse en ondergrondse houders | vermindering met 236.747 ton | klasse 1 | Verandering

-236747 ton

17.3.3.3°

oxiderende vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS03 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 50 ton | vermindering met 100 ton | klasse 1 | Verandering

-100 ton

17.3.4.3°

bijtende vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS05 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 100 ton | Vermindering met 17.856 ton | klasse 1 | Verandering

-17856 ton

17.3.5.3°

giftige vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS06 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 5 ton | Vermindering met 35868 ton | klasse 1 | Verandering

-35868 ton

17.3.6.3°

schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering met gevarenpictogram GHS07 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 100 ton | Vermindering met 205.867 ton | klasse 1 | Verandering

-205867 ton

17.3.7.3°

op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 50 ton | Vermindering met 79.605 ton | klasse 1 | Verandering

-79605 ton

17.3.8.3°

voor het aquatisch milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 200 ton | Vermindering met 202.483 ton | klasse 1 | Verandering

-202483 ton

31.1.1°a)

stationaire motoren en gasturbines met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 300 kW tot en met 2.000 kW, als de inrichting volledig is gelegen in een industriegebied | Vermindering met 1917 kW | klasse 3 | Verandering

-1917 kW

 

Volgende rubrieken zijn ongewijzigd:

2.1.1.a)2° | De opslag van niet-gevaarlijke vloeibare afvalstoffen met een opslagcapaciteit van 15.000 ton in bovengrondse houders | 15000 ton

2.1.2.d)2° | De op- en overslag van niet-gevaarlijke vloeibare afvalstoffen met een opslagcapaciteit van 15.000 ton in bovengrondse houders | 15000 ton

2.2.4.1° | De op- en overslag van dierlijke bijproducten met een opslagcapaciteit van 15.000 ton in bovengrondse houders | 15000 ton

4.5. | De maximale opslag van 100 ton bedekkingsmiddelen | 100 ton

5.3.2° | De maximale opslag van 5.000 ton biociden in verpakkingen | 5000 ton

6.5.1° | 1 verdeelslang | 1 verdeelslang

7.1.3° | De productie of behandeling van organische of anorganische chemicaliën met een totale capaciteit van 251.200 ton/jaar als volgt:

- productie van olefinecopolymeren (OCP) en van dispersantolefine-copolymeren (DOCP) door reactie en menging: 10.000 ton/jaar;

- productie van smeeroliën door menging: 30.000 ton/jaar;

- productie van additievenmengsels door reactie: 10.000 ton/jaar;

- productie van additievenmengsels door menging: 50.000 ton/jaar;

- productie van antivries door menging: 25.000 ton/jaar;

- hidog productie: 15.000 ton/jaar;

- productie van viscositeitsverbeteraars door menging: 50.000 ton/jaar;

- productie van specifieke mengingen: 50.000 ton/jaar;

- productie van ASHLESS dispersants door reactie: 10.000 ton/jaar;

- productie door polymerisatiereacties: 1.200 ton/jaar | 251200 ton/jaar

7.11.1°a) | De fabricage van organo-chemische producten | 1 fabricage

12.2.2° | Drie transformatoren met een nominaal, individueel vermogen van respectievelijk 1.250 kVA, 1.600 kVA en 2.500 kVA | 5350 kVA

15.1.2° | Een stelplaats voor maximum 290 voertuigen:

- parkeerplaatsen tot 75 autovoertuigen andere dan personenwagens (fase 1);

- parkeerplaatsen tot 215 autovoertuigen andere dan personenwagens (fase 2). | 290 voertuigen

15.2. | Een werkplaats voor het herstellen en het onderhoud van heftrucks | 1 werkplaats

16.3.2°b) | Diverse airco's burelen (45 kW - 22kW - 15 kW) en 2 compressoren (90 kW - 75 kW); totaal: 247 kW | 247 kW

17.1.2.1.2° | De opslag van gevaarlijke gassen in verplaatsbare recipiënten met een gezamenlijk waterinhoudsvermogen van 3.000 liter | 3000 liter

17.1.2.2.3° | De opslag van gevaarlijke gassen in vaste reservoirs met een gezamenlijk waterinhoudsvermogen van 50.000 liter | 50000 liter

17.4. | De maximale opslag van 1.250 liter gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen in kleine verpakkingen | 1250 liter

19.6.1°b) | De maximale opslag van 150 ton of 830 m³ hout (lege palletten) | 830 m³

21.3. | De maximale opslag van 1.000 ton kleurstoffen | 1000 ton

22.2. | De maximale opslag van 250 ton kosmetische producten | 250 ton

23.3.1°a) | De maximale opslag van 66 ton lege kunststofverpakkingen | 66 ton

24.4. | 1 laboratorium | 1 labo

28.1.f)2° | De maximale opslag van 2.000 ton kunstmeststoffen | 2000 ton

29.5.2.1°a) | Een werkplaats voor metaalbewerking met diverse machines met een totale geïnstalleerde drijfkracht van 134 kW | 134 kW

29.5.7.2°a)1) | Een ontvettingstafel met een vat van 200 liter | 200 liter

33.4.1°a) | De maximale opslag van 25 ton kartonnen verpakkingsmateriaal in een loods | 25 ton

34.3. | De maximale opslag van 500 ton poets- of reinigingsmiddelen | 500 ton

36.4.1° | De maximale opslag van 400 ton synthetisch rubber | 400 ton

39.1.3° | Twee stoomgeneratoren van elk 17.800 liter en een stoomketel bij de WKK met een waterinhoud van 4.500 liter | 40100 liter

39.2.2° | Diverse stoomvaten met een totale waterinhoud van 13.388 liter en twee warmtewisselaars van elk 500 liter | 14388 liter

39.4.1° | Twee warmtewisselaars van elk 500 liter | 1000 liter

43.1.3° | Twee stookinstallaties met een thermisch vermogen van elk 7.235 kW; totaal: 14.470 kW | 14470 kW

44.3. | De maximale opslag van 2.500 ton smeervetten, wassen, oliën of andere niet-eetbare vetstoffen in verpakkingen of in bovengrondse houders | 2500 ton

48.1.1.1°b) | Een doorvoeropslagplaats voor IMDG-goederen in containers en huifwagens voor bulk of verpakte goederen in vloeibare of vaste toestand op vergunde parkeerplaatsen | 1 opslagplaats

48.1.2. | Een doorvoeropslagplaats voor andere dan IMDG-goederen in containers en huifwagens voor bulk of verpakte goederen in vloeibare of vaste toestand op vergunde parkeerplaatsen | 1 opslagplaats

 

Volgende rubrieken zijn niet meer van toepassing:

53.2.2°a) | Een bronbemaling met een debiet van maximum 30.000 m³/jaar in het kader van tijdelijke bouwwerkzaamheden | 30000 m³/jaar

 

Volgende bijstelling van de bijzondere voorwaarden wordt aangevraagd:

 

Omschrijving:

Bijstelling wordt gevraagd van bijzondere voorwaarden 45, 46 en 47 uit het besluit van 22 januari 2015:

 

45: De toegelaten producten en hoeveelheden in de verschillende tankparken zijn:

-        Tankpark A6: 2.486 m3 (P3, P4, C, N, Xi, Xn)

-        Tankpark A7: 10.669 m3 (P1, P2, P3, P4, C (max. 2.000 m3), N, Xi, Xn, AA, T/T+ (max. 2.000 m3), MET (max. 2.000 m3) en TDI (max. 2.000 m3))

-        Tankpark A8 (< 250 m3): 188 m3 (P3, P4, C, N, Xi, Xn)

-        Tankpark A10: 15.496 m3 (P1, P2, P3, P4, C (max. 2.000 m3), N, Xi, Xn, AA, T/T+ (max. 2.000 m3), MET (max. 2.000 m3) en TDI (max. 2.000 m3))

-        Tankpark B1: 29.042 m3 (P3, P4, C (max. 5.000 m3), N, Xi, Xn, AA (max. 10.000 m3))

-        Tankpark B2: 1.649 m3 (P1, P2, P3, P4, C, N, Xi, Xn, T/T+ (max. 762 m3), MET (max. 762 m3) en TDI (max. 762 m3))

-        Tankpark B3: 18.545 m3 (P1, P2, P3, P4, C, N, Xi, Xn, AA)

-        Tankpark B4: 25.301 m3 (P3, P4, C, N, Xi, Xn, AA)

-        Tankpark B5: 984 m3 (P3, P4, C, N, Xi, Xn)

-        Tankpark C2 (< 250 m3): 85 m3 (P3, P4, N, Xi, Xn)

-        Tankpark C3: 1.362 m3 (P1, P2, P3, P4, C, N, Xi, Xn)

-        Tankpark C4: 394 m3 (P1, P2, P3, P4, C, N, Xi, Xn)

-        Tankpark D3: 2.738 m3 (P3, P4, C, N, Xi, Xn, AA)

-        Tankpark D4: 2.827 m3 (P1, P2, P3, P4, C, N, Xi, Xn)

-        Tankpark D5: 14.575 m3 (P1, P2, P3, P4, C, N, Xi, Xn, AA (max. 2.520 m3))

-        Tankpark D6: 15.251 m3 (P1, P2, P3, P4, C, N, Xi, Xn)

-        Tankpark E5: 500 m3 (P3, P4, N, Xi, Xn, AA)

 

46: De toegelaten producten en hoeveelheden in de verschillende magazijnen zijn:

-        Magazijn A1: 1.630 m3 (C, P3, N, P4, Xi, Xn, AA)

-        Magazijn A4 (+ kade): 6.040 m3 ( C, P3, N, P4, Xi, Xn, AA en max. 200 m3 T)

-        Magazijn A5: 200 m3 (P1, P2, N, Xi, Xn, O, AA en max. 100 m3 C)

-        Magazijn A11: 1.875 m3 (P3, P4, Xi, Xn, max. 500 ton N(R51/R53)/C en max. 100 ton N(R50 en R50/R53))

-        Magazijn C1: 7.000 m3 (P1, P2, P3, P4, C, N, Xi, Xn, AA, max. 1.200 m3 T/T+/Methanol/TDI/carcinogenen)

-        Magazijn D1 (+ kade): 800 m3 (C, P3, P4, Xi, Xn, max. 500 ton N(R51/R53) en max. 100 ton N(R50 en R50/R53))

-        Magazijn E4: 240 m3 (P3, P4, C, Xi, Xn, N(R51/R53) en max. 200 m3 N(R50 en R50/R53))

 

47: De toegelaten producten en hoeveelheden in open lucht en op de ADR-parking zijn:

-        Buitenopslag bij Tankpark C2: 500 m3 (P3, P4, N, Xi, Xn, max. 250 m3 P1/P2/C/AA en max. 100 m3 T/T+/TDI)

-        Buitenopslag bij Magazijn A1: 670 m3 (P1(F), P2, P3, P4, Xi, Xn, AA, N(R51/R53), max. 200 m3 C/T(R23-R25)/T(R45-R46-R49-R60-R61)/N(R50 en R50/R53)/methanol, max. 100 m3 TDI, max. 50 m3 P1(F+) en max. 20 m3 T+(R26-R28))

-        ADR-parking: 4.500 m3 (C, P3, P4, N, Xi, Xn, max. 2.000 m3 P1/P2/T/T+/AA, max. 500 m3 methanol/TDI) en max. 100 m3 zeer licht ontvlambare gassen

 

Argumentatie 

In de vergunde rubrieken werd de CLP-omzetting reeds doorgevoerd, maar dit is nog niet gebeurd voor de maximale opslaghoeveelheden per magazijn, tankenpark of buitenopslagplaats. Bovendien worden in deze aanvraag verschillende tankenparken en buitenopslagplaatsen geschrapt, zijn er anderzijds tankenpark D6 en opslagplaatsen D7 en A12 bijgekomen, en wordt de capaciteit van verschillende magazijnen verminderd. Deze bijzondere voorwaarden worden daarom geactualiseerd overeenkomstig de CLP-omzetting.

In het besluit van 2015 werden de bij naam genoemde stoffen aardolieproducten (AA), methanol (MET), tolueendiïsocyanaat (TDI) en carcinogenen expliciet vermeld in deze bijzondere voorwaarden. Deze hoeveelheden worden dan ook ongewijzigd overgenomen (behalve TDI, dat volledig geschrapt wordt). Sindsdien zijn er door de inwerkingtreding van de Seveso-III-richtlijn verschillende bij naam genoemde stoffen bijgekomen, die overeenkomstig de kennisgeving ook mogen worden opgeslagen. Enkel natriumhypochloriet-mengsels, tert-butylacrylaat en methylacrylaat kunnen in de toekomst nog worden opgeslagen. Deze producten worden toegevoegd in de bijzondere voorwaarden, uitgaande van hun overeenkomstige gevaarseigenschappen:

-        - Natriumhypochloriet-mengsels: conform cat. E1

-        - Tert-butylacrylaat: conform cat. P5c en E2

-        - Methylacrylaat: conform cat. P5c

 

Het betreft hier een louter administratieve aanpassing. Er verandert niets aan de aard en gevareneigenschappen van de producten die op een bepaalde plaats worden opgeslagen. Ter verduidelijking is achteraan deze bijlage een tabel opgenomen waarin de huidige en gevraagde bijzondere voorwaarde naast elkaar worden gezet.

De vergunde opslagplaatsen voldoen m.a.w. nog steeds aan eerder verleende adviezen m.b.t. inrichting van de magazijnen, brandveiligheid, ATEX,...

 

Voorstel nieuwe bijzondere voorwaarden

45: De toegelaten producten en hoeveelheden in de verschillende tankparken zijn:

-        Tankpark A6: 2.486 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels)

-        Tankpark A8: 188 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05, GHS07,

-        GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels)

-        Tankpark B1: 29.042 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS07, GHS08,

-        GHS09, natriumhypochloriet-mengsels, aardolieproducten (max. 10.000 m3), GHS05 (max. 5.000 m3))

-        Tankpark B2: 1.649 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02, GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels, tert-butylacrylaat, methylacrylaat, GHS06 (max. 762 m3), methanol (max. 762 m3))

-        Tankpark B3: 18.545 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02, GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, aardolieproducten, natriumhypochloriet-mengsels, tert-butylacrylaat, methylacrylaat)

-        Tankpark B4: 25.301 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, aardolieproducten, natriumhypochloriet-mengsels)

-        Tankpark B5: 984 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05, GHS07,

-        GHS08, GHS09, aardolieproducten, natriumhypochloriet-mengsels)

-        Tankpark C2: 85 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS07, GHS08,

-        GHS09, natriumhypochloriet-mengsels)

-        Tankpark D3: 2.738 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, aardolieproducten, natriumhypochloriet-mengsels)

-        Tankpark D4: 2.827 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02, GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels, tert-butylacrylaat, methylacrylaat)

-        Tankpark D5: 14.575 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02, GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels, tert-butylacrylaat, methylacrylaat, aardolieproducten (max. 2.520 m3))

-        Tankpark D6: 540 m3 (GHS05, GHS07 (max. 225 m3), GHS09 (max. 75 m3), natriumhypochloriet-mengsels (max. 93 ton))

 

46: De toegelaten producten en hoeveelheden in de verschillende magazijnen zijn:

-        Magazijn A1: 500 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, aardolieproducten, natriumhypochloriet-mengsels)

-        Magazijn A3: 990 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels)

-        Magazijn A4 (+ kade): 2500 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, aardolieproducten, natriumhypochloriet-mengsels en max. 200 m3 GHS06)

-        Magazijn A5: 100 m3 (GHS02 (met VP < 55 °C), GHS03, GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, aardolieproducten, natriumhypochloriet-mengsels, tert-butylacrylaat, methylacrylaat

-        Magazijn A12: 2000 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS05, GHS07, GHS08)

-        Magazijn A2: 2.000 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02, GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, aardolieproducten, natriumhypochloriet-mengsels, tert-butylacrylaat, methylacrylaat, max. 1.200 m3 GHS06/Methanol/carcinogenen)

-        Magazijn D1 (+ kade): 500 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05,

-        GHS07, GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels (max. 100 ton))

-        Opslagplaats D7: 480 m3 (GHS05, max. 240 m3 GHS07, max. 60 m3 GHS09, max. 74 ton natriumhypochloriet-mengsels)

-        Magazijn E4: 180 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS05, GHS07,

-        GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels)

 

47: De toegelaten producten en hoeveelheden in open lucht en op de ADR-parking zijn:

-        Buitenopslag bij Tankpark C2: 500 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS02 (met VP ≥ 55 °C), GHS07, GHS08, GHS09, natriumhypochloriet-mengsels, max. 250 m3 GHS02 (met VP < 55 °C)/GHS05/aardolieproducten/tert-butylacrylaat/methylacrylaat en max. 100 m3 GHS06)

-        Trailer yard: 3360 m3 (brandbare vloeistoffen, GHS05, GHS07, GHS08, GHS09, aardolieproducten met VP > 23°C, natriumhypochloriet-mengsels, max. 280 m3 GHS02 cat.3 op temperatuur onder hun vlampunt)

 

2.       HISTORIEK

Volgende relevante vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

 

Milieuvergunningen

- Op 22/01/2015 werd door de deputatie een vergunning afgeleverd voor het verder exploiteren en het veranderen (door wijziging en uitbreiding) van een chemisch bedrijf.

Er is een verplicht milieueffectenrapport (MER) en omgevingsveiligheidsrapport (OVR) bijgevoegd omwille van de uitbreiding van de productiecapaciteit. (1112/E/30)

- Op 29/09/2016 werd door de deputatie akte genomen voor een mededeling van een kleine verandering voor het veranderen van een chemisch  bedrijf. (1112/E/31)

 

Omgevingsvergunningen

- Op 29/03/2018 werd door de deputatie een vergunning voorwaardelijk afgeleverd voor het veranderen (door uitbreiding) van een chemisch bedrijf. (OMV_2017011195)

- Op 14/01/2021 werd door de deputatie een de vergunning geweigerd voor het veranderen van een chemisch bedrijf. (OMV_2019148485)

- Op 21/10/2021 werd door de deputatie een vergunning voorwaardelijk afgeleverd voor het veranderen van een chemisch bedrijf. (OMV_2021028712)

- Op 08/12/2022 werd door de deputatie een vergunning voorwaardelijk afgeleverd voor het veranderen door uitbreiding van een bedrijf voor de opslag, de overslag en de productie van diverse chemische en petrochemische producten, hoofdzakelijk in opdracht van derden (iioa). (OMV_2022031506)

- Op 11/01/2024 werd door de deputatie een vergunning voorwaardelijk afgeleverd voor het veranderen van een bedrijf voor de opslag, de overslag en de productie van diverse chemische en petrochemische producten (iioa + sh). (OMV_2023099355)

- Op 20/11/2025 werd door de deputatie een vergunning voorwaardelijk afgeleverd voor verzoek van niet-exploitant voor het bijstellen van de milieuvoorwaarden opgelegd aan een bedrijf voor de opslag, overslag en productie van diverse chemische en petrochemische producten (iioa). (OMV_2025090123)

 

BEOORDELING AANVRAAG

 

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Wettelijk verplichte externe adviezen worden opgevraagd door de vergunningverlenende overheid.

 

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

 

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

 

Het project ligt in gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 28 oktober 1998).

Dit gebied is uitsluitend bestemd voor zeehaven- en watergebonden bedrijven, distributiebedrijven, logistieke bedrijven en opslag- en overslaginrichtingen evenals toeleveringsbedrijven en synergiebedrijven van de watergebonden bedrijven en de bestaande gevestigde productiebedrijven. In dit gebied worden ook de volgende dienstverlenende bedrijven toegelaten, voor zover zij complementair zijn met de voornoemde bedrijven: bankagentschappen, benzinestations en collectieve restaurants ten behoeve van de in de zone gevestigde bedrijven.
Er wordt een bufferzone aangelegd aan de grens met de omliggende gebieden. In deze bufferzone worden geen handelingen en werken toegelaten die afbreuk doen aan de bufferfunctie, of aan de bestemming en/of de ruimtelijke kwaliteiten van het aangrenzend gebied. Het gebied en de bufferzone die het omvat, kunnen slechts worden gerealiseerd en beheerd door de overheid.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening Zeehavengebied Gent - Inrichting R4-oost en R4-west' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 15 juli 2005).

 

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

 

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

 

4.3.   Verordeningen

Algemeen Bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024. 

 

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)

Zie waterparagraaf.

 

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg (havenweg).

 

4.5.   Archeologienota

Niet van toepassing voor deze aanvraag.

 

5.       WATERPARAGRAAF

De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de waterparagraaf. Met betrekking tot de waterparagraaf wordt volgend advies uitgebracht:

 

Toetsing gewestelijke verordening (GSV) en algemeen bouwreglement stad Gent (ABR) inzake hemelwater

 

Het project wordt voorzien van een nieuw rioleringsstelsel voor de opvang van hemelwater.

 

De nieuwe platte dakoppervlakte van het pomphuis bedraagt circa 189,5 m². Aangezien er geen hergebruik van hemelwater zal plaatsvinden, wordt er geen hemelwaterput voorzien. Het volledige platte dak van het nieuwe pomphuis zal worden benut voor energieopwekkende installaties in de vorm van PV-panelen.

 

De uitbreiding van de bestaande niet-waterdoorlatende betonverhardingen bedraagt circa 91,6 m². Doordat de werken deels betrekking hebben op reeds aanwezige verharding, resulteert dit in een bijkomende infiltratiebehoefte met een vereiste infiltratieoppervlakte van circa 37,4 m² en een buffervolume van 15,31 m³. De bouwheer voorziet de aanleg van een nieuwe wadi met een infiltratieoppervlakte van 56 m² en een buffercapaciteit van 15,9 m³, waarmee ruimschoots aan de vereisten wordt voldaan.

Daarnaast wordt een bijkomende verharding in waterdoorlatende klinkers met een oppervlakte van 49,4 m² voorzien ter hoogte van de noordoostelijke en zuidoostelijke gevels. Deze verharding zal afwateren en infiltreren op eigen terrein.

 

Het hemelwater dat terechtkomt in zowel de ADR-inkuiping als de wachtzone wordt beschouwd als potentieel verontreinigd en kan bijgevolg niet worden geïnfiltreerd. Dit water wordt opgevangen via opvanggoten over de volledige lengte aan weerszijden van de ADR-inkuiping en samen met het hemelwater van de wachtzone geleid naar een bufferput. Na controle wordt het water opgepompt en via een KWS-afscheider afgevoerd naar de bestaande riolering die is aangesloten op een interne zuiveringsinstallatie. Indien verontreiniging wordt vastgesteld, wordt het water afgevoerd en verwerkt door een erkend verwerker.

 

6.       NATUURTOETS

De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de natuurtoets.

Met betrekking tot de natuurtoets wordt volgend advies uitgebracht:

 

Biologische waardering

De aanvraag betreft de bouw van een pomphuis nabij het kanaal Gent-Terneuzen en de aanleg van nieuwe verharding (trailor yard). De nieuwe verharding wordt voorzien op het laatste stukje onverharde zone. Dit was een biologisch zeer waardevol opgehoogd terrein (soortenrijke ruigte) die echter door eerdere ontwikkelingen (laatste uitbreiding met verharding) al is verstoord en momenteel dus opnieuw recent braakliggend/vergraven is met beperkte vorming van wat riet in de lagergelegen natte overgebleven zone. Gezien gelegen in havengebied is deze vegetatie niet beschermd  (en bovendien dus een klein relict in een overigens volledige verharde industriële zone). Wij gaan er van uit dat de nodige (technische) voorzieningen zijn getroffen om bij hevige regens wateroverlast op het terrein te voorkomen.

 

7.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 15 januari 2026 tot en met 13 februari 2026.

Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaarschriften ingediend.

 

8.       OMGEVINGSTOETS

 

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Deze aanvraag voorziet in het verder aansnijden van de industriële gronden van Gadot. De werken staan in teken van de functionering van dit bedrijf. De aanvraag is ruimtelijk en stedenbouwkundig te verantwoorden binnen het industriële landschap van de Gentse zeehaven. Zowel qua schaal als materiaalgebruik integreert de uitbreiding zich binnen zijn omgeving.

 

De aanvraag omvat  het bouwen van een nieuwe betonnen inkuiping voor ADR-containers en een nieuwe betonverharding wachtzone van 574 m². Deze heraanvraag is een aangepaste versie van de voorgaande ingetrokken aanvraag (OMV 2024014129) om te gemoed te komen aan de opmerkingen van de bandweer. Wat de mobiliteit betreft, zien we geen noemenswaardig impact behalve het feit dat er naast de nieuwe ADR-inkuiping ook een extra wachtzone van 574 m² wordt voorzien waar vrachtwagens met belading geparkeerd kunnen staan. Dit lijkt voldoende vanuit de plannen zonder impact op openbaar domein.

 

Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten

Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.

 

CONCLUSIE

De gevraagde omgevingsvergunning is stedenbouwkundig en planologisch verenigbaar met de onmiddellijke omgeving, bijgevolg is het verslag gunstig.

 

Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.

 

De aanvraag wordt beslist door de deputatie (art. 15 van het omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014).

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet advies uitbrengen bij de deputatie over omgevingsvergunningsaanvragen die door de deputatie worden behandeld (klasse 1 inrichtingen en/of provinciale projecten).

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

Communicatie

Niet van toepassing.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen brengt gunstig advies uit over de omgevingsaanvraag voor het veranderen van een inrichting voor de opslag, overslag en productie van diverse chemische en petrochemische producten, de bouw van een nieuwe pomphuis en nieuwe betonnen inkuiping voor ADR containers (IIOA + SH) + bijstelling van GADOT BELGIUM bv, gelegen te Belgicastraat 3, 9042 Gent.

Artikel 2

Er worden geen aandachtspunten meegegeven.