Terug
Gepubliceerd op 24/04/2026

2026_MV_00365 - Mondelinge vraag van raadslid Tom De Meester: Opvolgvraag buitenschoolse opvang

commissie welzijn, werk, onderwijs, participatie en personeel (WWOPP)
di 21/04/2026 - 19:00 Gemeenteraadszaal
Datum beslissing: di 21/04/2026 - 23:27
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig

Rudy Coddens, Voorzitter Gemeenteraad; Zeneb Bensafia, Plaatsvervangende voorzitter Gemeenteraad; Karlijn Deene; Patricia De Beule; Ronny Rysermans; Isabelle Heyndrickx, Fractievoorzitter CD&V; Els Roegiers; Laura Schuyesmans; Lies Vanpeperstraete; Veerle Baert; Sabena Donkor; Jonas Naeyaert, Fractievoorzitter Vlaams Belang; Stefaan De Winter; Frederik Sioen; Tom De Meester, Fractievoorzitter PFDA; Maarten De Grauw; Bert Misplon, Fractievoorzitter Groen; Filip Watteeuw; Bram Van Braeckevelt; Astrid De Bruycker; Hafsa El-Bazioui; Burak Nalli; Wouter Decoodt

Afwezig

Stephanie D'Hose, Fractievoorzitter Voor Gent; Yüksel Kalaz; Sophie Vanonckelen; Liesbet De Weder; Fourat Ben Chikha; Charlotte Coucke; Pascal Vlaeminck; Simon Smagghe; Filip Van Laecke; Julie Steendam; Barbara Bonte; Johan Deckmyn; Tom Van Dyck; Emmanuelle Mussche; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman; Sherley Blomme; Dilek Arici

Secretaris

Maarten De Grauw

Voorzitter

Bert Misplon, Fractievoorzitter Groen
2026_MV_00365 - Mondelinge vraag van raadslid Tom De Meester: Opvolgvraag buitenschoolse opvang 2026_MV_00365 - Mondelinge vraag van raadslid Tom De Meester: Opvolgvraag buitenschoolse opvang

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

Schepen Willaert bezorgde ons berekeningen met de impact van de nieuwe tarieven voor de buitenschoolse opvang voor 8 verschillende casussen die de PVDA voorop had gesteld. Bijkomend berekende schepen Willaert de nieuwe tarieven voor nog 8 andere casussen. Daarover volgende vragen:

Indiener(s)

Tom De Meester

Gericht aan

Evita Willaert

Tijdstip van indienen

vr 10/04/2026 - 15:54

Toelichting

1. Waarom berekende schepen Willaert nog 8 bijkomende casussen die niet gevraagd waren?
2. Bevestigt schepen Willaert dat de berekeningen methodologisch en feitelijk correct zijn, conform de tariefreglementen, en dat met name de berekening van het bedrag per maand (1 maand = 4,3 weken), de verrekening van de begonnen halfuurtjes in de ochtendopvang, het wegvallen van de gezinskorting, het forfaitair resp halfuurtjestarief voor de woensdagnamiddagopvang en andere specificiteiten van de tariefreglementen in kwestie consequent in alle casussen zijn toegepast?
3. Hoe evalueert schepen Willaert, op basis van de berekende casussen, haar communicatie in de pers dat het "volgens de berekeningen van de schepen, die 2025 met 2027 vergelijkt, om een prijsstijging van 9 procent gaat" (HLN, 25 maart 2026) en "Volgens schepen van onderwijs Evita Willaert (Groen) gaat het grotendeels om een indexering. Maar zo doen we dat met alles. Als de lonen en de uitkeringen omhoog gaan, volgen de prijzen van de kinderopvang." (HN, 13 maart 2026)

Bespreking

Antwoord

Het is altijd goed om even terug te gaan naar de basis in dit thema, zodat iedereen mee is.  

Dit gaat hier over de tarieven voor buitenschoolse opvang, vakantieopvang, busgebruik, maaltijden en dergelijke in stadsscholen. 

Over de maaltijden en de vakanties horen we niets meer. Ik ga ervan uit dat je daar dus akkoord gaat 

  • dat die prijzen standaard zijn (voor maaltijden vb rekenen we 1 op 1 de aankoopprijs van de leverancier door) 
  • of zelfs nog steeds heel goedkoop ten opzichte van de sector (een week vakantie bij de Dienst Kinderopvang kost €72: een aanbod dat je nergens vindt). 

Het gesprek vanavond gaat over de hervorming van de facturatie van de buitenschoolse opvang. We gaan naar een systeem van halve uurtjes, met €1.01 per begonnen half uur. 

Ik zal beginnen met de conclusie, hier is de kern: 

  • We doen hier wat de hele sector doet, met dezelfde prijzen en dezelfde facturatiemethode. In Gent zitten we daarbij pal op de gangbare tarieven. Tov Vlaanderen zitten we zelfs aan de onderkant. 
  • We voeren een sociaal beleid met zorg voor de meest kwetsbaren, met forse kortingstarieven tot 30 – 60 en 100%
  • Je probeert met onrealistische simulaties de impact te overdrijven. 
    1. Als ik jou hoor, blijven veel kinderen van ’s morgens 7u tot ’s avonds 18u in de opvang. Klopt niet. Slechts 6-7% van de kinderen komt naar de ochtendopvang, het percentage dat daarna blijft tot 18u is een fractie van die 6-7%.
    2. En jij wil ouders 43 weken op een schooljaar gaan factureren?! Ook dat klopt niet. reken het na met de vakanties: in onderwijs wordt gerekend met 36-37 lesweken per schooljaar. 
  • Kortom: wij doen hier geen uitzonderlijke zaken. Wij doen wat gebruikelijk is in deze sector. En we verdienen niet op onze buitenschoolse opvang. 


Je keert je hier niet tegen een nieuw idee van Stad Gent, maar tegen een praktijk die 30 jaar geleden werd opgestart door Kind en Gezin. Dit wordt al decennialang toegepast op een heel groot deel van de Vlaamse scholen. Ook in Gent hanteren tal van katholieke, GO of onafhankelijke scholen deze facturatiemethode en tarieven. We doen het zelfs al op enkele van onze eigen stedelijke locaties. Je vecht dus tegen iets wat zeer gebruikelijk is in deze sector. 

Ik plaats dat even in een Gents perspectief met enkele voorbeelden uit het katholieke onderwijs en uit het GO in Gent.

En laten we buiten de stadsgrenzen kijken:

  • Kortrijk: €2/begonnen half uur
  • Antwerpen, Mechelen en Leuven: €1,4-€1.5/begonnen half uur
  • Genk en Hasselt: €1.25 per begonnen half uur
  • Zelzate: €1/begonnen half uur

Deze tarieven zijn momenteel een thema in heel Vlaanderen door de uitrol van het BOA-decreet. Een doelstelling van BOA is om de kwaliteit en het aanbod van buitenschoolse opvang en activiteiten tussen scholen af te stemmen en te verrijken. Dat gaat over de inhoud, maar de tarieven gaan daar ook in mee. Net zoals in Gent zijn ook andere steden en gemeenten daar volop mee bezig. De benchmark die ik daarnet meegaf uit andere centrumsteden, komen -vers van de pers- van het laatste BOA-Centrumstedenoverleg. Je merkt dat de meeste geciteerde steden een hoger tarief aanrekenen dan in Gent. En allemaal hanteren ze het systeem van de begonnen halve uurtjes. 

Dat systeem is dus geen Gentse uitvinding. Het is al in voege. We gaan dat systeem nu doortrekken naar alle stedelijke locaties zodat al onze eigen locaties op dezelfde manier factureren. Onze diensten schatten door de halve uurtjes-facturatie een potentiële meer-ontvangst in van €200.000. Dat is €20.000 per schoolmaand, verdeeld over al onze locaties. Dat gaat over ruim 40 locaties: dat is €500/locatie/maand. Voor vakantie en woensdagen gaat het ook over €200.000. Opnieuw verdeeld over al die locaties. Dat is iets helemaal anders dan de miljoenen die u in de pers liet zetten. 

We schikken ons dus naar de sector, maar we hanteren daarbij sociale correcties voor de meest kwetsbaren! De kortingen die we hadden, hebben we opgetrokken. We hadden kortingen van 25-50-100% en we trokken die op naar 30-60-100%. De vroegere gezinskorting van 25% valt weg. Die hogere kortingstarieven vangen dat grotendeels op. Daar zijn 2 financiële verwachtingen aan gekoppeld: 

  • een verwachting van €200.000 vanuit de facturen aan gezinnen, opnieuw: verdeeld over alle openingsdagen en alle locaties. 
  • en een raming van €200.000 aan wegvallende compensatiebetaling aan de andere netten. Want dat is ook de realiteit: zolang de Stad Gent lagere bedragen aanrekende dan de norm in de andere netten, moet er via het FLOB-decreet (voor flankerend onderwijsbeleid) een compensatie betaald worden aan die andere netten. Door nu hetzelfde te vragen, vervalt een deel van die compensatie en verlicht die dus ook de stadsrekening. 

En de benchmark mag je doen: in dat sociaal beleid met kortingen verschillen wij van zo goed als alle anderen. 

Over de cijfers: je vroeg de cijfers op uit de boekhouding, maar die vertalen zeker niet 1 op 1 de beleidscijfers. In de boekhouding heb je technische verschuivingen en impact die zichtbaar zijn in de cijfers maar die totaal andere oorzaken hebben. De opbrengstverwachtingen die ik noemde, zijn daar niet 1 op 1 uit te halen.  

 

De kern is: de hervorming gaat voor de meeste ouders niet de verschillen geven die u hier rondstrooit. Vroeger werkten we met forfaits die gebaseerd waren op de gemiddelde afname van ouders. 

  • Wie rond die gemiddelde tijd in opvang blijft, zal ongeveer dezelfde grootorde betalen. 
  • Wie minder dan het gemiddelde blijft, zal minder betalen. 
  • En wie meer dan gemiddeld in opvang blijft, zal meer betalen. 

U vroeg 8 simulaties op en je zoekt daarbij de extremen op: in meerdere gevallen van uw cases komen kinderen ’s morgens op school toe om klokslag 7 uur en gaan ze naar huis om 17.30 uur of 18 uur. Dat is gelukkig niet de realiteit van onze gezinnen. De opvang staat ten dienste voor ouders met allerlei werkschema’s en ouders maken er gebruik van wanneer zij het nodig hebben. 

  • Sommige ouders beginnen vroeg: hun kinderen blijven in de vooropvang en eten ’s middags op school.  
  • Veel ouders zetten hun kinderen af wanneer de schoolbel gaat en gaan dan naar hun werk. Hun kinderen blijven vb over de middag eten en blijven na school nog even in de avondopvang. 
  • Je vroeg de cijfers op: er zijn nauwelijks kinderen in de ochtendopvang. Hoe kunnen dan in jouw voorbeelden zoveel kinderen zoveel uren in de opvang blijven? 

Dit zijn de werkelijke gebruikscijfers van de opvang op onze stedelijke scholen: 

  • De ochtendopvang vangt slechts zo’n 6% van de kleuters en 7% van de kinderen in het lager op
  • De middag is de meest gebruikte opvang: van alle kleuters blijft zo’n 2/3 over de middag op school, in het leerjaar loopt dat op tot 92%. Met een opvangtarief van €1.18 zitten we ook heel gangbaar tov de sector. 
  • En ’s avonds blijft van de kleuters én kinderen uit het lager slechts 30-35% op school. 
  • De woensdag heeft ook lage aanwezigheidscijfers 
    1. In de kleuterklas ligt dat rond 1 op 3
    2. In het leerjaar zakt dat naar 1 op 5. Kinderen hebben ook hobby’s, muziekschool, sportclub, etc. Van de kinderen die op woensdag langer blijven, is 60% tegen 13 uur al naar huis of hobby. Tegen 15 uur is zelfs al 80% van de kinderen weg. 

Je vraagt waarom we meer simulaties geven dan de 8 die u opvroeg: wel daarom: omdat ze niet representatief zijn. Als je simulaties doet, moet je ze doen volgens het gebruik. Je verzint theoretische simulaties, alsof alle kinderen van 7u ’s morgens tot 18u ’s avonds in de opvang zitten. Buitenschoolse opvang is een aanbod waaruit ouders de onderdelen opnemen die ze nodig hebben. Er zijn ouders die nood hebben aan opvang ’s ochtends. En er zijn ouders die opvang nodig hebben ’s avonds. We merken dat er heel heel weinig ouders -gelukkig voor de kinderen- nood hebben aan het hele pakket. 

Over de opmaak van de simulaties: het klopt dat daar een fout inzat. Er was verkeerde info aangeleverd. Maar de ouders krijgen geen facturen van de oppositie noch vanuit het stadhuis. Dat verloopt via facturatieprogramma’s die heel secuur en correct zijn. Dat is wat telt. Je maakt ook een punt van het aantal maanden. Je aannames zijn daar fout: je telt met standaard kalendermaanden. We zitten hier in een onderwijscontext. Tel met me mee: Een jaar telt 52 weken. Daarvan 8-9 weken zomervakantie + 2 weken kerst, 2 weken paas, 1 week herfst en 1 week krokus = 52 - 15 = 37. En dan zijn er nog de facultatieve dagen, de feestdagen, etc. Onderwijs rekent dus heel specifiek met 36 à 37 lesweken. Of gaat de pvda ouders een factuur sturen op Kerstmis en Pasen misschien? 

 

Ik herhaal mijn conclusie: 

  • Dit is gangbare praktijk en we zitten met onze bedragen zeer conform. Voor de meest kwetsbaren hebben we grote kortingen. 
  • We maken geen winst op deze kinderopvang. Per maand en per locatie gaat het over redelijke bijkomende bedragen. 
  • Je evalueert dit met maximale en soms foute parameters om paniek te zaaien. 
  • Wij maken geen winst op de buitenschoolse opvang, integendeel. We blijven inzetten op kwaliteit voor de kinderen, voorlopig nog in de stedelijke scholen en met BOA meer en meer ook voor andere netten. 
wo 22/04/2026 - 08:22