Tijdens de FABAZ-commissie van november 2025 vond een debat plaats over de mogelijke invoering van een Gentse stadsbon als alternatieve financieringsbron voor stedelijke investeringen naar aanleiding van persaandacht over ervaringen van de gemeente Etterbeek uit 2024.
Een dergelijke stadsbon kan in een context van lage spaarrentes voor burgers een interessant instrument bieden om lokale investeringen mee te financieren. De bevoegde schepen gaf tijdens de commissie echter aan dat een stadsbon in de praktijk vaak duurder kan uitvallen dan klassieke financieringsinstrumenten, onder meer door een hogere rente en bijkomende beheerskosten voor de stad. Op dat moment waren er dan ook geen middelen voor voorzien door het stadsbestuur. Bovendien zijn de bedragen die via dergelijke instrumenten kunnen worden opgehaald doorgaans relatief beperkt in verhouding tot de totale financieringsnoden van een stad. Hierdoor kan de kostprijs per opgehaalde euro relatief hoog zijn, tenzij er natuurlijk grote volumes worden gerealiseerd.
Daartegenover staat dat een stadsbon de betrokkenheid van burgers bij stedelijke investeringen kan verhogen. Zo kan bijvoorbeeld worden gewerkt met een hoger rendement voor Gentse inwoners dan voor niet-inwoners, of kan de uitgifte gekoppeld worden aan duidelijk afgebakende projecten. Tijdens de commissie werden onder meer projecten rond betaalbaar wonen, klimaat of duurzaamheid en infrastructuur met een maatschappelijke meerwaarde als mogelijke voorbeelden genoemd. Tegelijk gaf de schepen aan dat de stad Gent haar financiering vandaag voornamelijk organiseert zonder rechtstreekse koppeling aan specifieke projecten. Een dergelijke koppeling zou immers bijkomende planlast met zich meebrengen op het vlak van opvolging, rapportering en administratieve verwerking.
Ik had van de schepen graag een antwoord gekregen op de volgende vragen:
In eerste instantie brengen we de financieringsbehoeften van de Stad, sogent en Modest in kaart, en bekijken we via welke vormen we deze middelen kunnen aantrekken. Dit kan via traditionele leningen, alternatieve financiering via de EIB, of privaat kapitaal.
Daarnaast verkennen we de markt, zowel bij onze huisbankier als bij crowdfunding‑ en crowdlendingplatformen, om na te gaan of een financieringsinstrument zoals een ‘stadsbon’ kan worden opgestart. De door de FSMA erkende Belgische crowdlendingplatformen kunnen tot 5 miljoen euro per jaar ophalen, waarvoor enkel essentiële beleggersinformatie moet worden verstrekt. Voor bedragen boven 5 miljoen euro gelden zowel Belgische als Europese prospectusverplichtingen, wat het proces aanzienlijk langer en duurder maakt.
Verder moeten we onderzoeken op welke manier we een overheidsopdracht kunnen lanceren waarop crowdfunding- of crowdlendingplatformen kunnen intekenen.
We denken aan een ‘stadsbon’, specifiek gericht op betaalbaar wonen. Hiermee willen we de kleine spaarder, maar ook institutionele spelers zoals pensioenfondsen (georganiseerd spaargeld), aanspreken. Het product zou een door de Stad gegarandeerd kapitaal bieden, gecombineerd met een ‘sociaal rendement’ dat hoger ligt dan dat van een klassiek spaarboekje.
Informeel horen we dat er bij Gentenaars interesse bestaat om te investeren in een dergelijk instrument, al zullen de uiteindelijke voorwaarden en de algemene geo‑economische context op het moment van uitgifte bepalend zijn voor het succes ervan.
ma 16/03/2026 - 21:48