Terug
Gepubliceerd op 03/04/2026

2026_CBS_02891 - OMV_2026011165 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het restaureren van schoorsteen Molens Goethals - zonder openbaar onderzoek - Meerseniersstraat, 9000 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 02/04/2026 - 08:32 College Raadzaal
Datum beslissing: do 02/04/2026 - 08:56
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Christophe Peeters

Aanwezig

Hafsa El-Bazioui, schepen; Sofie Bracke, schepen; Joris Vandenbroucke, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Burak Nalli, schepen; Filip Watteeuw, schepen; Christophe Peeters, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Liesbet Vertriest, adjunct-algemeendirecteur; Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter

Verontschuldigd

Astrid De Bruycker, schepen; Evita Willaert, schepen

Secretaris

Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2026_CBS_02891 - OMV_2026011165 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het restaureren van schoorsteen Molens Goethals - zonder openbaar onderzoek - Meerseniersstraat, 9000 Gent - Vergunning 2026_CBS_02891 - OMV_2026011165 K - aanvraag omgevingsvergunning voor het restaureren van schoorsteen Molens Goethals - zonder openbaar onderzoek - Meerseniersstraat, 9000 Gent - Vergunning

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

Vereniging van mede-eigenaars van de Residentie Molens Goethals te Gent, Meer... VME met als contactadres Meerseniersstraat 16, 9000 Gent heeft een aanvraag (OMV_2026011165) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 3 februari 2026.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:

Onderwerp: het restaureren van schoorsteen Molens Goethals

• Adres: Meerseniersstraat 16-18, 9000 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 2 sectie B nr. 384B

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 20 februari 2026.

De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 23 maart 2026.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

Omgeving
Het pand in kwestie ligt in de Meerseniersstraat in de Gentse binnenstad. De omgeving is erg divers en bestaat uit zowel handelspanden, horecazaken als woningen. Het pand uit de aanvraag betreft een handelspand.


Erfgoedwaarde
De site / Het pand is gelegen binnen een op het gewestplan ingekleurd woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde. Binnen deze gebieden wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden gegrond op de wenselijkheid van behoud.

Het pand is gelegen in UNESCO werelderfgoed bufferzone.

Het pand is opgenomen in de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed: link naar het aanduidingsobject opnemen + eventueel de essentie van de beschrijving (niet de volledige tekst opnemen!). De opname in de vastgestelde inventaris is gebaseerd op de architecturale en historische waarde van het pand.

Het pand is beschermd als monument: ‘Molens Goethals’, beschermd bij besluit van 16 juni 2005. De bescherming is gebaseerd op het algemeen belang gevormd door de industrieel archeologische een architectuurhistorische waarden. 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
De aanvraag betreft het restaureren van schoorsteen ‘Molens Goethals’. Het betreft een vierkante schoorsteen die zich aan de zijgevel, grenzend aan het water, bevindt. De basis van de schoorsteen, waar deze uit het hellende dak komt heeft een afmeting van ca. 1,25m. De bovenkant versmalt naar boven toe tot ca. 95cm. De schouw heeft een totale lengte van ca. 10,75m en bestaat uit rode baksteen.

De restauratie is noodzakelijk gezien de schoorsteen getroffen is door scheefstand, wat zich uit in vooraanzicht (kant water) met ca. 7 graden/1,3m uit de as gelegen te zijn en in zijaanzicht (kant zuivelbrug) ca. 0,9 graden/ uit de as gelegen te zijn. Het overhellen van de schoorsteen en dus de kans op verdere schade of afbreken/instorten van de schouw is groot. De schouw is nu aan de linkerzijde voorzien van een metalen profiel met verstevigingsringen rondom de schoorsteen om verdere doorscheuring te voorkomen.

De restauratie houdt volgende werken in:

 

-     De bovenste 2 meter van de schoorsteen, die het meeste scheef staat én die vermoedelijk reeds werd hergemetseld, wordt gedemonteerd. De bakstenen worden gerecupereerd voor de reconstructie van de bovenzijde van de schoorsteen. De schoorsteen wordt heropgemetseld m.b.v. een kalkmortel. Indien nodig worden de bakstenen aangevuld met exemplaren naar bestaand model. Bovenaan wordt een nieuwe betonnen dekplaat voorzien.

-     Het lagere deel van de schoorsteen blijft behouden en wordt gerecht en hersteld. Door het aanbrengen van een 3-tal horizontale zaagsneden op uitgemeten plaatsen op het lagere deel van de schoorsteen, alsook het plaatsen van de nodige vijzels is het mogelijk om de schoorsteen te rechten.  Herstel van metselwerk wordt uitgevoerd waar nodig, met baksteenmetselwerk naar bestaand model. (zelfde verband, mortelsamenstelling, baksteenformaat, -kleur en – textuur). Het voegwerk van de schoorsteen wordt integraal vernieuwd. De voegen worden uitgeslepen tot 2,5 cm diepte en de verticale voegen worden m.b.v. een beitel uitgekapt. Er wordt hervoegd m.b.v. een nieuwe kalkmortel.

2.       HISTORIEK

Volgende relevante vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

Stedenbouwkundige vergunningen

- Op 19/01/1981 werd een vergunning afgeleverd voor het afkappen van de bepleistering van de voorgevel. (KW M-94-80)

- Op 14/09/1993 werd een vergunning afgeleverd voor het renoveren van de benedenverdieping en de voorgevel. (1993/222)

- Op 16/10/2008 werd een vergunning afgeleverd voor de renovatie en herbestemming van de molens Goethals - verbouwen van een maalderij met woning en handelsruimte naar handelsruimtes, kantoor en een woonentiteit. (2008/787)

 

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Volgende externe adviezen zijn gegeven (integraal raadpleegbaar via het Omgevingsloket):

 

Voorwaardelijk gunstig advies van De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West afgeleverd op 19 maart 2026 onder ref: omv-2026011165 Behandeling in eerste aanleg-001.

 

De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West verleent aan vermelde omgevingsvergunningsaanvraag gelegen in de Meerseniersstraat 16 in Gent (44802B0384/00B000) een voorwaardelijk gunstig advies.

 

De voorwaarde waaraan voldaan moet worden, is

 

Het project betreft de restauratie van de schoorsteen van het als monument beschermde pand Molens Goethals.

Gezien de aard van de aanvraag kan in alle redelijkheid verwacht worden dat er geen significante effecten op het watersysteem zullen optreden.

 

Besluit

Aangevuld met bovenvermelde maatregelen en/of voorwaarden is het project verenigbaar met het watersysteem en het beheer van De Vlaamse Waterweg nv. Indien de vergunningsverlener een vergunning voor dit project wenst te verlenen moet deze op zijn minst deze voorwaarden bevatten. Met deze voorwaarden voldoet het project aan de doelstellingen en beginselen zoals geformuleerd in art. 1.2.2 en 1.2.3 van het gecodificeerd decreet integraal waterbeleid. Het project voldoet aan het standstillbeginsel.

 

Gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig advies van Onroerend Erfgoed afgeleverd op 11 maart 2026 onder ref: 4.002/44021/32.214.
 

Voor de gevraagde handelingen verlenen we onder voorwaarden een gunstig advies (art. 6.4.4, §2 Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013).

 

Motivering

De aanvraag heeft betrekking op de Molens Goethals aan de Meerseniersstraat 16-22 te Gent. Deze werden bij M.B. van 16 juni 2005 beschermd als monument wegens de industrieel-archeologische en de historische in casu architectuurhistorische waarden. Het betreft een uitzonderlijk voorbeeld van een industriële maalderij gevestigd in een gebouw te dateren 18de en 19de eeuw met kern van de 17de eeuw en waarvan de uitrusting een goed voorbeeld vormt van een maalderij uit het Interbellum, in casu van 1936, in hoofdzaak van het merk 'Bühler', één van de belangrijkste Europese constructeurs van bloemmolens. 

Het gaat bovendien om een belangrijke materiële getuige van de eeuwenoude, ambachtelijke en industriële activiteiten in de Gentse binnenstad en meer bepaald tussen de Vrijdagsmarkt en de Leie waarbij de ligging aan een waterloop niet zonder belang was. In het licht hiervan kan worden verwezen naar andere industriële gebouwen in de onmiddellijke omgeving. Een belangrijk element is hierbij dat hier reeds vóór 1785 een industriële vestiging was, namelijk een boekweitmolen en vanaf 1785 een bloempelderij, recenter nog een brouwerij. Ook zijn er getuigen bewaard van de vroegere aanwezigheid van een stoommachine en stoomketel zoals de vierkante fabrieksschouw en de scheidingswand tussen de machinekamer en stookruimte.

 

De aanvraag betreft de restauratie van de vierkante fabrieksschouw van de voormalige molens. Deze werken werden voorafgaand teruggekoppeld met het agentschap Onroerend Erfgoed en er werd hiervoor ook een erfgoedpremie aangevraagd (ref. 4.003/44021/42.302).

 

Ons advies is gunstig als de handelingen voldoen aan volgende voorwaarden:  

-     baksteenherstel dient te gebeuren met behoud van de bestaande vorm, in het originele metselverband en met recupbakstenen met dezelfde kleur, afmetingen en textuur als de originelen. Zowel voor leg- als voegmortel dient u een kalkmortel gebruiken die qua samenstelling en kleur identiek is aan de originele; 

-     de uitspringende lijst van 2 bakstenen hoog net boven de nok van het hellend dak is te behouden (indien nodig te hernemen); 

-     de afdekking/dichting aan de bovenzijde van de schouw dient sober/voldoende fijn opgevat te worden om zo het originele beeld te benaderen. De exacte uitvoeringswijze en dikte koppelt u voor uitvoering terug met Onroerend Erfgoed; 

-     alle smeedijzeren verstevigingsringen (bestaande en nieuwe- werkt u af met een corrosiewerende verf in de originele kleurstelling; 

-     voor uitvoering legt u op de werf volgende zaken ter goedkeuring voor aan Onroerend Erfgoed: 

*      proefstalen van het luchtgommen 

*      voegstalen (kleur en voegbreedte) 

*      type baksteen 

*      type dekplaat bovenaan de schouw 

*      kleurstelling van de te schilderen onderdelen 

 

Als ze aan deze voorwaarden voldoen, doet geen van de gevraagde handelingen afbreuk aan de bescherming. Als ze niet aan de voorwaarden voldoen, dan is ons advies ongunstig.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in woongebieden met cultureel, historische en/of esthetische waarde volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.

Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.

De gebieden en plaatsen van culturele, historische en/of esthetische waarde. In deze gebieden wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden, gegrond op de wenselijkheid van het behoud.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005). De locatie is volgens dit RUP gelegen in Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Gent.
De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024. 

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)

Zie waterparagraaf.

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

5.1.  Ligging project

Het project ligt in een afstroomgebied in beheer van De Vlaamse Waterweg nv - Afd Regio West. Het project ligt in de nabijheid van een waterloop in beheer van De Vlaamse Waterweg nv -Afdeling Regio West.

Volgens de kaarten bij het Watertoetsbesluit is het project:

- niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied voor zeeoverstroming.

- niet gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen vanuit een waterloop (fluviaal).

- niet gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen door intense neerslag (pluviaal).

- niet gelegen in een signaalgebied.

Het perceel is momenteel bebouwd.

 

5.2.  Verenigbaarheid van het project met het watersysteem

Droogte

Het hemelwater dat neervalt moet op eigen terrein maximaal vastgehouden worden en niet afgevoerd. Om hier concreet uitvoering aan te geven werd het project aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater getoetst. De voorliggende aanvraag wijzigt noch de bebouwde noch de verharde oppervlakte. Het afvoerstelsel wordt niet ingrijpend aangepast. Er worden geen nieuwe platte daken aangelegd. Hieruit volgt dat er vanuit de GSV of het Algemeen Bouwreglement van de Stad Gent geen verplichtingen zijn voor de aanleg van een hemelwaterput, infiltratievoorziening of een groendak. 

 

Structuurkwaliteit en ruimte voor waterlopen

Het project heeft hierop geen betekenisvolle impact. Het project ligt niet in de nabije omgeving van de waterloop.

 

Overstromingen

Het projectgebied is volgens de watertoetskaarten niet overstromingsgevoelig. Er wordt geen effect op het overstromingsregime verwacht.

 

Waterkwaliteit

Het project heeft hierop geen betekenisvolle impact.

 

5.3.  Conclusie

Er kan besloten worden dat voorliggende aanvraag de watertoets doorstaat.

6.       NATUURTOETS

Er is geen waardevol groen of boom verwijderd. De aangevraagde activiteiten veroorzaken geen uitstoot van schadelijke stikstofverbindingen. De bijkomende stikstofemissies komen enkel vrij door verkeer of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase. Het Stikstofdecreet is niet van toepassing. 

De aangevraagde activiteiten veroorzaken geen uitstoot van schadelijke stikstofverbindingen.

 

Het project zal geen betekenisvolle aantasting impliceren voor de instandhoudingsdoelstellingen van de speciale beschermingszones, noch onherstelbare en onvermijdbare schade berokkenen aan natuur in VEN.

 

Hieruit wordt besloten dat de aanvraag de natuurtoets doorstaat.

7.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag heeft geen milieueffectrapport of project-MER-screening nodig.

8.       BEKENDMAKING

De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.

9.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
De aanvraag omvat restauratie- en stabiliteitswerken aan de schoorsteen ‘Molens Goethals’. De schoorsteen vertoont een aanzienlijke scheefstand en scheurvorming. Ondanks een eerdere ingreep waarbij een metalen profiel tegen het schouwlichaam werd geplaatst, zette de afbuiging zich voort.

Om de constructieve veiligheid te herstellen en de erfgoedwaarde duurzaam te vrijwaren, wordt de schoorsteen opnieuw rechtgezet. De voorgestelde werken omvatten:

-    het demonteren van de bovenste twee meter van de schoorsteenschacht; 

-    het rechttrekken van het lagere deel van de schoorsteen; 

-    het heropmetsen van de gedemonteerde bovenbouw met gerecupereerde baksteen en kalkmortel; 

-    het plaatsen van een betonnen dekplaat met ventilatieopening; 

-    het aanbrengen van ontbrekende versterkingsringen; 

-    het herschilderen van bestaande ringen in een nog te bepalen RAL-kleur; 

-    het herstellen van beschadigd metselwerk; 

-    het uitslijpen en herstellen van het voegwerk; 

-    het lichtgommen van de schoorsteen.

Voor de herstellingswerken aan deze schoorsteen werd reeds een toelating met voorwaarden verleend door het college van Burgemeester en Schepenen op 12/12/2025 (CBS_01188).  De voorwaarden die werden opgenomen in deze toelating worden hier herhaald. 
 

De voorgestelde werken worden beschouwd als noodzakelijke herstellings- en beveiligingsmaatregelen in het kader van het actief behoud van dit erfgoed. Mits naleving van onderstaande voorwaarden wordt de erfgoedwaarde van het object niet aangetast en zijn de gevraagde werken aanvaardbaar.


CONCLUSIE

Voorwaardelijk gunstig, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

Communicatie

 

Uitvoering
Van deze omgevingsvergunning mag worden gebruikgemaakt als de aanvrager niet binnen vijfendertig dagen, te rekenen vanaf de dag na de eerste dag van de aanplakking, op de hoogte is gebracht van de instelling van een schorsend administratief beroep.

Bekendmaking
De beslissing wordt bekendgemaakt conform Titel 3, Hoofdstuk 9, Afdeling 3 van het Omgevingsvergunningsbesluit.

Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99.
§ 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.

De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.

De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.

Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.

§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.

Artikel 100.
De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.

Artikel 101.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.

Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.

De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.

Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.

Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.

Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.

In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.

Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.

Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.

De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.

Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.

Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.

Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.

Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
a) een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.

Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.

Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.

Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.

Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.

De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.

Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.

Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het restaureren van schoorsteen Molens Goethals aan Vereniging van mede-eigenaars van de Residentie Molens Goethals te Gent, Meer... vme (O.N.:0502605203) gelegen te Meerseniersstraat 16-18, 9000 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 

   

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

 

Voortvloeiend uit externe adviezen


Agentschap Onroerend Erfgoed
Het advies van Onroerend Erfgoed (advies van 11 maart 2026 met kenmerk 4.002/44021/32.214) moeten strikt nageleefd worden.


Erfgoedwaarde
Voor alle leg- en voegwerken moet een kalkmortel zonder enige cementtoeslag worden toegepast. De samenstelling en een representatief proefvlak moeten vooraf ter goedkeuring worden voorgelegd aan de dienst Stadsarcheologie en Monumentenzorg.


Het heropmetsen van de bovenste twee meter van de schoorsteen gebeurt met behoud van de bestaande vorm, profilering en afmetingen.


Indien bijkomende gerecupereerde stenen nodig zijn, moeten deze overeenstemmen met het bestaande metselwerk in formaat, kleur en textuur. Een steenstaal moet vooraf worden voorgelegd aan de dienst Stadsarcheologie en Monumentenzorg.


De kleur van de bestaande en nieuwe versterkingsringen wordt bepaald aan de hand van kleurenonderzoek van de huidige toestand. De exacte RAL-kleur moet vooraf ter goedkeuring worden voorgelegd aan de dienst Stadsarcheologie en Monumentenzorg.

 

  

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

Openbaar domein
De bouwheer is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de inrichting van het openbaar domein, groenaanleg, bermen, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer.