Vlaanderen stelt elke zes jaar stroomgebiedbeheersplannen op. Dit is vastgelegd in het decreet betreffende het integraal waterbeleid, gecoördineerd op 15 juni 2018. Dat decreet vormt gedeeltelijk de Vlaamse uitvoering van twee Europese richtlijnen: de Kaderrichtlijn Water (2000/60/EG) en de Overstromingsrichtlijn (2007/60/EG).
De Europese Kaderrichtlijn Water verplicht de lidstaten om de waterkwaliteit te beschermen en te verbeteren en om een duurzaam gebruik van water op lange termijn te waarborgen. De richtlijn vertrekt vanuit een aanpak op het niveau van stroomgebieden, legt duidelijke termijnen vast om een goede toestand van de watersystemen te bereiken en voorziet ook in beperkte afwijkingsmogelijkheden. De nodige maatregelen worden gebundeld in stroomgebiedbeheersplannen, die voor het eerst tegen eind 2009 moesten worden opgesteld en vervolgens om de zes jaar worden herzien.
De Europese Overstromingsrichtlijn vraagt van de lidstaten dat zij hun overstromingsrisico’s in kaart brengen en actief beheren. De maatregelen hiervoor worden opgenomen in overstromingsrisicobeheerplannen, die voor het eerst tegen eind 2015 moesten worden opgesteld en eveneens om de zes jaar worden geactualiseerd.
Vlaanderen heeft ervoor gekozen om deze overstromingsrisicobeheerplannen te integreren in de stroomgebiedbeheersplannen.
In uitvoering van deze Europese verplichtingen werkt Vlaanderen momenteel aan de stroomgebiedbeheersplannen voor de periode 2028–2033. Tegelijk met de opmaak van deze plannen zullen onafhankelijke deskundigen de mogelijke effecten op mens en milieu onderzoeken en beoordelen. De resultaten hiervan worden gebundeld in een milieueffectenrapport (MER). De inzichten uit dit MER moeten worden meegenomen bij de uiteindelijke besluitvorming over de plannen. De Vlaamse lokale besturen, waaronder Stad Gent, worden uitgenodigd om advies te geven over de reikwijdte en het detailniveau van dit milieueffectenonderzoek.
Stad Gent stelt vast dat in de aanmeldingsnota wordt aangegeven dat Vlaanderen vanaf 2027 gebruik wil maken van de bestaande uitzonderingsmogelijkheden om minder strenge doelstellingen na te streven. Uit de tekst blijkt echter niet op welke waterlichamen deze uitzonderingen van toepassing zouden zijn.
Daarnaast is het voor Stad Gent niet duidelijk of het milieueffectenonderzoek zich enkel richt op het in kaart brengen van de te verwachten waterkwaliteit bij ongewijzigd beleid, dan wel of het ook bedoeld is om richting te geven aan een gerichte aanpak die verdere verbetering van de waterkwaliteit mogelijk maakt. Meer duidelijkheid hierover zou bijdragen aan een beter begrip van de doelstellingen van het onderzoek.
De kwaliteit en de beschikbare hoeveelheid van grond- en oppervlaktewater hangen nauw samen met het beleid rond klimaatadaptatie. In tabel 2 wordt deze wisselwerking echter niet expliciet vermeld, terwijl dit in tabel 3 wel het geval is. Stad Gent vraagt om deze onderlinge samenhang in beide tabellen op een consistente manier weer te geven.
Daarnaast is North Sea Port een belangrijke motor voor de Vlaamse en Gentse economie. De maritieme activiteiten binnen het havengebied zijn afhankelijk van een voldoende aanvoer van oppervlaktewater vanuit het stroomgebied. Het is daarom essentieel dat het stroomgebiedbeheersplan voldoende aandacht besteedt aan het waarborgen van een geschikt waterpeil en een goede waterkwaliteit in North Sea Port. Stad Gent vraagt dat het belang van duurzaam waterbeheer voor de werking en toekomst van de havens expliciet wordt opgenomen in tabellen 2 en 3, onder de categorie ‘Mens – Ruimte’.
Stad Gent kan zich vinden in het voorgestelde scopingdocument voor het milieueffectenonderzoek bij de Stroomgebiedbeheersplannen 2028–2033. Tegelijk vraagt de Stad om in het verdere traject bijzondere aandacht te hebben voor de samenhang met het klimaatadaptatiebeleid en voor het belang van een goed functionerende watergebonden economie. Daarnaast verzoekt Stad Gent om bijkomende verduidelijking over de toepassing van minder strenge doelstellingen vanaf 2027, zodat dit aspect zorgvuldig en transparant kan worden meegenomen in de verdere uitwerking van het plan.
Keurt goed het gecoördineerd advies van de Stad Gent op het scopingvoorstel voor het plan MER Vlaams Natuurherstelplan (PL0335), zoals hierboven geformuleerd onder de hoofding 'Advies Stad Gent'.