Samenstelling
Wie is verantwoordelijk voor deze materie?
Joris Vandenbroucke
Aanwezig
Astrid De Bruycker, schepen;
Sofie Bracke, schepen;
Joris Vandenbroucke, schepen;
Bram Van Braeckevelt, schepen;
Filip Watteeuw, schepen;
Christophe Peeters, schepen;
Mieke Hullebroeck, algemeen directeur;
Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
Verontschuldigd
Hafsa El-Bazioui, schepen;
Evita Willaert, schepen;
Burak Nalli, schepen;
Liesbet Vertriest, adjunct-algemeendirecteur
Secretaris
Mieke Hullebroeck, algemeen directeur
Voorzitter
Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2026_CBS_03331 - Besluit nr. 2026_CBS_03018 van 09/04/2026 - Inname van het openbaar domein – Domein Claeys-Bouüaert in Gent - voor de organisatie van Zomerliefkermis met foor en avondmarkt van 24-26/04/2026 - Wijziging
Motivering
Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is
- Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56, § 3, 1°.
KERMIS
- Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56, § 1.
Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?
- Het politiereglement op de privatieve inname van de openbare weg of het openbaar domein, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 19 maart 1990, artikelen 1 en 2;
- Het reglement Belasting op de inname van het openbaar domein, goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 17 december 2025, artikel 6, § 6.11.
Afwijking geluid Dienst Milieu en Klimaat
- Het Decreet houdende Algemene Bepalingen Milieubeleid van 5 april 1995, artikel 5.4.1;
- Het Besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (VLAREM II), zoals gewijzigd door latere besluiten van de Vlaamse regering (hoofdstuk 6.7 in het bijzonder).
Kermis
- De Wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten;
- Het Koninklijk Besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening van kermisactiviteiten en ambulante activiteiten in kermisgastronomie;
- Het reglement m.b.t. kermisactiviteiten op de openbare kermissen en op het openbaar domein buiten openbare kermissen, goedgekeurd door de gemeenteraad van 25 september 2007.
Wekelijkse markt - avondmarkt
- Het retributiereglement voor het plaatsnemen op de markten goedgekeurd door de gemeenteraad in zitting van 18 december 2013.
Wat gaat aan deze beslissing vooraf?
Het college van burgemeester en schepenen keurde op 09/04/2026 de inname goed, onder voorwaarden, van het openbaar domein – Domein Claeys-Bouüaert in Gent - voor de organisatie van Zomerliefkermis met foor en avondmarkt van 24-26/04/2026.
Nadien kwam een aangepast advies van de Brandweer waardoor de bijlage 'voorwaarden' dient aangepast te worden.
Waarom wordt deze beslissing genomen?
Het college van burgemeester en schepenen beslist over de innemingen van het openbaar domein.
ROMMELMARKT
Het organiseren van een manifestatie voor occasionele particuliere verkopen én de inname van het openbaar domein zijn onderworpen aan de voorafgaande machtiging van het college van burgemeester en schepenen.
Na goedkeuring werd een aangepast advies van de Brandweer ontvangen waardoor deze bijlage gewijzigd dient te worden.
Activiteit
AC34968 Organiseren inname openbaar domein evenementen en digitaal evenementenloket
Besluit
Het college van burgemeester en schepenen beslist:
Artikel 1
Wijzigt het besluit nr. 2026_CBS_03018 van 09/04/2026 betreffende Inname van het openbaar domein – Domein Claeys-Bouüaert in Gent - voor de organisatie van Zomerliefkermis met foor en avondmarkt van 24-26/04/2026 als volgt:
In het document 'voorwaarden' wordt het advies van de Brandweer vervangen door het volgende advies:
Hierbij de na te leven veiligheidsmaatregelen:
Algemeen
- Integrale naleving van de voorschriften vermeld in de gemeentelijke politieverordening ter bescherming tegen brand- en paniekrisico’s bij publieke evenementen van tijdelijke aard.
(goedgekeurd GR Stad Gent, dd. 26/09/2011, cfr. www.stad.gent)
- Integrale naleving van de voorschriften vermeld in de politieverordening “Veiligheidsmaatregelen bij gebruik van occasionele installaties met vloeibaar gemaakte petroleumgassen, aardgas en/of elektriciteit en terrasverwarmers”.
(goedgekeurd GR Stad Gent, dd. 25/11/2013, cfr. www.stad.gent)
- ARAB en CODEX
De bouw en de uitbating dienen te geschieden conform de bepalingen van het Algemeen Reglement voor de Arbeidsbescherming.
- KB betreffende het gebruik van arbeidsmiddelen
- KB betreffende arbeidsmiddelen voor tijdelijke werkzaamheden op hoogte
- Welzijnswet
- Bijzonderheden:
- Gegarandeerde permanente bereikbaarheid en toegankelijkheid van de omliggende gebouwen, hydranten en gasafsluiters voor de brandweer,
- Doorgang vrijwaren voor hulpdiensten,
à Dit betekent een doorgang van minimum 4 meter breedte en 4 meter hoogte,
- Minimum veiligheidsafstand van 4 meter tussen gebouwen en brandbare materialen en vloeibaar gemaakte petroleumgassen,
- Minimum veiligheidsafstand van 3 meter tussen riolering of kelderopeningen en vloeibaar gemaakte petroleumgassen.
Brandbestrijdingsmiddelen
Blustoestellen worden tenminste jaarlijks op hun goede werking gecontroleerd door de leverancier of een bevoegd deskundige. De datum van laatste keuring moet terug te vinden zijn op een door de keurder officieel ingevuld document.
- Tent: 1 per 150m² met min. twee schuimsnelblussers van 6 liter, type vuurhaarden A-B, welke beantwoorden aan de normen NBN EN 3.3 – 3.6 – 3.7
- Podium: één schuimsnelblusser van 6 liter, type vuurhaarden A-B, welke beantwoordt aan de normen NBN EN 3.3 – 3.6 – 3.7
- eetstand/drankstand: één schuimsnelblusser van 6 liter, type vuurhaarden A-B, welke beantwoordt aan de normen NBN EN 3.3 – 3.6 – 3.7
- Kermisattracties: één schuimsnelblusser van 6 liter, type vuurhaarden A-B of één poedersnelblusser van 6 kg, type vuurhaarden A-B-C of één CO2 snelblusser, type vuurhaarden A-B-C, welke beantwoordt aan de nomen NBN EN 3.3 – 3.6 – 3.7
- Technische installatie (bvb. PA): één CO2 snelblusser, type vuurhaarden A-B-C, welke beantwoordt aan de nomen NBN EN 3.3 – 3.6 – 3.7
Evacuatiebeleid
- De in- en uitgangen mogen zich nooit in afgesloten toestand bevinden bij aanwezigheid van publiek binnen de inrichting.
- Iedere uitgang en nooduitgang, evenals de wegen die ernaar toe leiden moeten worden aangeduid met pictogrammen zoals bepaald in bijlage II van het KB van 17/06/1997 betreffende de veiligheid- en gezondheidssignalering op het werk.
- Bij gebrek aan natuurlijke verlichting wordt de zichtbaarheid van de reddingstekens verzekerd door veiligheidsverlichting met een autonomie van minstens 1 uur. Veiligheidsverlichting moet altijd en overal in voor publiek toegankelijke lokalen goed waarneembaar zijn.
Richtlijnen bij evenementen met foodtrucks, bakkramen en bakwagens
- Bereikbaarheid en opstelling
- Elke evenementenzone moet tot op ten minste 60 meter door de voertuigen van de hulpdiensten kunnen benaderd worden via de openbare weg of een weg die voldoet aan de volgende eisen:
- minimale vrije breedte: 4 meter
- minimale draaistraal: 11 meter aan de binnenkant en 15 meter aan de buitenkant
- minimale vrije hoogte: 4 meter
- maximale helling: 6%
- draaivermogen: derwijze dat voertuigen, zonder verzinken, met een maximale asbelasting van 13 ton moeten er kunnen rijden en stilstaan, zelfs wanneer ze het terrein vervormen
- Hekwerken (nadar, Heras, enz…) die deze route blokkeren moeten snel (< 1 minuut) en gemakkelijk kunnen worden verwijderd.
- In deze route mogen geen losse goederen (zoals vlaggen, kledingrekken en dergelijke) worden geplaatst.
- Het aanbrengen van borden en vlaggen e.d. aan luifels van bakkramen/bakwagens/foodtruck is verboden als deze op of over de doorgaande route staan of hangen.
- Gebouwen en bouwwerken achter de bakkraam/bakwagen/foodtruck moeten bereikbaar zijn en bereikbaar worden gehouden.
- Een bakkraam/bakwagen/foodtruck moet zodanig zijn opgesteld, dat deze op geen enkele wijze gevaar kan opleveren voor de omgeving.
- Alle aanwezige hydranten, waterwinplaatsen en gasafsluiters binnen de evenementenzone, moeten steeds vrij en bereikbaar blijven.
- De reguliere aanduidingen, van voormelde hydranten, waterwinplaatsen en gasafsluiters moeten op elk moment goed zichtbaar blijven vanaf de openbare weg.
- Een bakkraam/bakwagen/foodtruck die in een rij met andere kramen of marktwagens staan, dienen op de kop of staart van de rij te staan.
- Een inplantingsplan van de evenementenruimte en/of –zone, met de kenmerken van de omgeving, moet vooraf ter goedkeuring aan de bevoegde brandweer worden overgemaakt.
- Een bakkraam/bakwagen/foodtruck (op gas) moet zijn opgesteld op een afstand van ten minste 4 meter vanaf de bebouwing. Deze voorwaarde geldt niet als het een blinde gevel betreft, die over een brandweerstand van ten minste 30 minuten beschikt.
- Rond een bakkraam/bakwagen/foodtruck (op gas) moet een vrije ruimte van 4 meter aangehouden worden. Deze ruimte mag worden gedeeld met de vrije ruimte van een andere bakkraam/bakwagen/foodtruck.
- Attesten
- De verantwoordelijke inrichter (organisator) moet ter inzage aan de burgemeester, of zijn afgevaardigde, de volgende documenten kunnen voorleggen, indien van toepassing:
- Kopie verzekering B.A.
- Keuringsattesten van zowel de permanente als van de tijdelijke installaties binnen de evenementenruimte en/of evenementenzone zijnde:
- de elektrische installatie
- gasinstallatie
- veiligheidsverlichting
- onderhoudsattest rookafvoerkanalen
- CE attest stroomgroepen
- blusmiddelen
- de stabiliteit van tribunes, torens en podia, installaties en tenten
- foodtrucks
deze opsomming is niet limitatief en kan op vraag van de brandweer worden uitgebreid.
- Occasionele installaties met vloeibaar gemaakte petroleumgassen, aardgas en/of elektriciteit.
- Bij gebruik van occasionele installaties met vloeibaar gemaakte petroleumgassen, aardgas en/of elektriciteit moet de door de Gemeenteraad goedgekeurde politieverordening, met betrekking tot de na te leven veiligheidsmaatregelen opgenomen in voormelde reglementering, worden nageleefd.
- Installaties (met een verbranding van fossiele brandstoffen) en hun brandstofvoorraden moeten tenminste op 4 meter afstand zijn verwijderd van een tent, beglaasde gevel of brandbare materialen.
- De nodige maatregelen moeten worden getroffen zodat de uitrusting niet toegankelijk is voor het publiek.
- Elektrische installaties
- De volledige elektrische installatie met al zijn verbruikers moet voldoen aan de algemene bepalingen en richtlijnen opgenomen in het Algemeen Reglement op de Elektrische Installatie (AREI).
- De plaats en de bevestiging van de verplaatsbare leiding (verlengsnoer) moet zodanig zijn, dat er niemand over kan struikelen.
- De inplanting van de warmte- en/of verlichtingsbronnen moet zodanig zijn dat geen brandgevaar kan ontstaan. De verlichtingseenheden mogen niet met papier of ander brandbaar materiaal worden omwikkeld.
- De elektrische bekabeling moet op degelijke wijze worden geïsoleerd en mag enkel aan kramen, tenten, woonwagens of andere voertuigen en constructies worden bevestigd door middel van isolerend en onbrandbaar materiaal.
- De persoon die werkt met installaties op basis van elektriciteit moet, ten allen tijde, een geldig keuringsverslag van deze installatie kunnen voorleggen aan elke bevoegde instantie (gemeentelijke overheid, lokale politie, brandweer) die daarom verzoekt.
- Eventueel door de brandweer of het keuringsorgaan geformuleerde bemerkingen moeten weggewerkt worden voor de (verdere) ingebruikname van de volledige installatie en zijn verbruikers.
- Andere voorzorgsmaatregelen
- Constructies dienen stabiel te zijn opgesteld zodat de beschikbare nuttige evacuatiebreedte van de uitgangen, evacuatiewegen en deuren behouden blijft.
- Alle aangebrachte versieringen mogen geen bijzonder risico voor de brandveiligheid met zich mee brengen.
- Gemakkelijk brandbare materialen mogen niet als versiering worden gebruikt.
- Afwijkingen
- Onverminderd de bijzondere controlemaatregelen welke inzake brandvoorkoming werden uitgevaardigd, kunnen, de in dit reglement bedoelde evenementen, door de zonale brandweerdienst worden geïnspecteerd overeenkomstig artikel 22 van het KB van 8 november 1967 (BS 18/11/1967).
- Indien het onmogelijk is te voldoen aan één of meerdere vereisten van deze reglementering, kan de Burgemeester, op advies van de bevoegde brandweer, afwijkingen toestaan, voor zover deze in overeenstemmingen zijn met de bepalingen van de wet van 4 augustus 1996 betreffende het welzijn beveiligingsprincipe en een veiligheidsniveau bieden dat tenminste gelijk is aan het niveau beoogd met deze reglementering.
- Elke afwijkingsaanvraag dient gemotiveerd te zijn. Een gedetailleerd opstellingsplan, een verklarende nota en de voorgestelde bijkomende veiligheidsmaatregelen, dienen te worden bijgevoegd.
- Een afwijkingsaanvraag dient voorafgaand aan de activiteit te worden overgemaakt aan de brandweer.
Besluit: VOORWAARDELIJK GUNSTIG,
- Mits naleving van hogervermelde veiligheidsvoorschriften en
- een gunstige evaluatie van het plaatsbezoek* voorzien op Klik hier als u een datum wilt invoeren. om XX u.
|
* Dit plaatsbezoek zal gefactureerd worden in overeenstemming met het retributiereglement van de Brandweerzone Centrum.