Een nieuwe studie van VITO (ism KU Leuven, Sciensano en University College London) geeft inzicht in het aantal toekomstige hittedagen waarmee steden geconfronteerd zullen worden. Voor de vijf Belgische steden in de studie (Antwerpen, Brussel, Charleroi, Luik en Gent) blijkt dat het gemiddeld aantal hittegolfdagen per jaar tegen 2100 minstens zal verdubbelen bij ongewijzigd beleid. Voor Gent gaat het om een stijging van 19 naar 47 dagen.
Opvallend is dat de studie aangeeft dat het effect binnen steden sterk kan verschillen. Zo zou de binnenstad sneller opwarmen dan de omgeving rond de Blaarmeersen.
Stad Gent zet reeds in op een aantal maatregelen die de studie aanbeveelt, zoals ontharding en vergroening. De vraag is echter of wijken die sterker getroffen worden door klimaatopwarming en waar de bevolking dus meer hittestress ervaart, ook een hogere prioriteit krijgen.
Collega Van Acker,
De nieuwe studie van VITO duwt ons nóg maar eens met de neus op de feiten. Het aantal hittedagen in onze stad zal inderdaad zeer sterk toenemen. Van 5 hittegolfdagen per jaar zou stijgen naar een 20-tal in 2050, ik ben dan 88, ik zal daar wel van afzien. In 2100, dan ben ik er niet meer bij, spreekt men over 50 hittegolfdagen per jaar. 50 hittegolfdagen, dat is bijna 2 maanden per jaar dat de Gentenaars een hittegolf gaan beleven, dat is gigantisch. Dit zal een serieuze impact hebben. Het stedelijke hitte-eiland effect kennen we allemaal. Dit effect versterkt de impact van hittegolven. In het centrum van Gent gaat men ervan uit dat het verschil met de buitengebieden tot 8°C zou kunnen bedragen, dat is immens! Het verschil tussen de Gentbrugse meersen en het centrum van de stad 8°C, dat is enorm. Dus het zou inderdaad wel goed zijn als we daar rekening mee houden.
Houden we er al systematisch rekening mee? Nee.
Er zijn grote gebieden in Gent waar een hitte-eiland effect is. Dat zijn gebieden met de meeste verharding, dat is het centrum, de 19de eeuwse gordel, en ook de bebouwde kom in Sint-Amandsberg, Ledeberg, enzovoort. (In Gent zijn er veel kwetsbare wijken voor hittestress, zoals de Binnenstad, Sluizeken Tolhuis Ham, Muide Meulestede, Dampoort, Ledeberg, Bloemekenswijk…)
Bij het project “Rewild the City” zijn er 3 pilootwijken waar we een heraanleg doen van grote delen van de wijk naar meer vergroening, meer ontharding, weg van dat hitte eiland-effect. 2 van de 3 pilootwijken, nl Sluizeken-Tolhuis-Ham en Ledeberg, zijn heel bewust gekozen, omdat dit kwetsbare wijken zijn voor de hitte.
Bij de keuze van heraanleg-projecten in de meest kwetsbare wijken zou het hitte-eiland effect nog meer moeten doorwegen. We gaan hieraan meer prioriteit moeten geven, want anders zouden bepaalde delen van de stad moeilijk leefbaar worden. Nu is het nog zo dat, ik weet dat nog van in de tijd dat ik schepen van openbare werken was, de heraanleg van de straten voor een groot stuk bepaald wordt door de staat van de rioleringen. Je kan je natuurlijk niet veroorloven dat de rioleringen in elkaar klappen en dus is de staat van de riolering nog altijd heel belangrijk in de keuze van de heraanleg van straten. Maar het is duidelijk, met de keuzes die we maken in projecten zoals Rewild The City, dat we meer rekening gaan houden met die kwetsbare wijken. Onze ervaringen bij Rewild The City zullen ons daarbij helpen.
Naast het project Rewild the city, nemen wij ook deel aan het Europese “Cool cities” project dat focust op de aanleg van koeltenetwerken. Dat zijn netwerken van koele routes en koelteplekken in stedelijke gebieden. Denk aan groenklimaatassen, schaduwroutes voor wandelen en fietsen in de stad, koele plekken buiten en binnen, enzovoort. Dit is een Europees project waar wij ook aan deelnemen en waar we proberen ook ervaringen op te doen om in te spelen op wat er aan het gebeuren is en meer koelte te voorzien.
We gaan met de aanbevelingen van de VITO-studie aan de slag: meer groen en meer ontharding kunnen een groot verschil maken.
Nog even aangeven dat we momenteel aan een verharding zitten in Gent van 38,7%. De verharding neemt nog steeds toe. Elke 9 dagen hebben we in Gent 1 hectare die helemaal verhard wordt. Dit gaat vrij snel omhoog. Het Vlaamse gemiddelde is 15,7% verharding. Per inwoner hebben we een iets aantal m2 minder verharding dan Vlaanderen omdat we in Gent veel dichter wonen. Die 1 ha per 9 dagen gaan we echt moeten vertragen, anders gaan we in de problemen komen. We kiezen resoluut voor ontharding en daar gaan we mee aan de slag.
Wat uw 2de vraag betreft: het departement FM wil dat onze stadsgebouwen en hun directe omgeving beter bestand zijn tegen de verwachte gevolgen van de klimaatverandering. Er zijn ontwerprichtlijnen bij FM “voor klimaatadaptieve stadsgebouwen” en die worden ook toegepast. In de ontwerprichtlijnen zijn verschillende zaken opgenomen over de reflectiewaarden van daken, aanbevelingen omtrent groendaken of variaties hierop, of dakbedekkingen met een lichte kleur.
We willen ook Gentenaars helpen om hun eigen woning klimaatadaptief in te richten en klimaatadaptief te verbouwen.
Alle Gentenaars kunnen gratis advies vragen aan de Energiecentrale. De Energiecentrale geeft gratis advies rond het koel houden van de woning. De focus daarbij ligt meer op de ramen dan op de daken, omdat daar meest winst te behalen is momenteel bij ons huidig woning-areaal.
Voor daken zetten we bij ons advies in de eerste plaats in op groendaken, die zorgen ook voor een koeler binnenklimaat en hebben nog meer positieve effecten in een stedelijke omgeving: bufferen van water, verhogen biodiversiteit, uitzicht op groen, …
Lichtgekleurde materialen als dakbedekking kunnen ook een rol spelen omdat ze het zonlicht weerkaatsen in plaats van te absorberen, dat is iets nieuws, we moeten dat eerst wat verder bestuderen. Maar alle mogelijke pistes om de effecten van de klimaatontwrichting tegen te gaan, zoals de hitte eilandeffecten en de extreme hittegolfdagen, zijn waardevol en gaan we verder onderzoeken en kijken of we die kunnen toepassen.
wo 11/02/2026 - 18:30