De stad Gent maakt in haar mobiliteitsbeleid gebruik van autovrije gebieden. Het zijn gebieden waarbinnen het gemotoriseerd verkeer beperkt wordt zodat vooral actieve weggebruikers gebruik kunnen maken van desbetreffend gebied. Ander bestemmingsverkeer heeft een vergunning nodig om een autovrij gebied te mogen binnenrijden.
In zijn antwoord op mijn schriftelijke vraag (2025_SV_00853) liet de schepen van mobiliteit weten dat er jaarlijks een aanzienlijk aantal boetes wordt uitgeschreven voor het onrechtmatig doorrijden van deze toegangspoorten. Tegelijk geeft hij aan dat er geen officiële klachten zijn over de signalisatie aan toegangspoorten, al blijkt uit eerstelijnscontacten dat er op het terrein soms wel wat verwarring bestaat. Eventuele aanpassingen aan de signalisatie werden niet uitgesloten.
In de beleidsverklaring stelt het stadsbestuur vervolgens: “De druk op de binnenstad neemt toe, waardoor de balans tussen bereikbaarheid en leefbaarheid steeds moeilijker te bewaren is. Daarom maken we de grenzen van het autovrij gebied duidelijker en uniformer, zodat foutieve inritten worden vermeden.”
Ik had van de schepen graag een antwoord gekregen op de volgende vragen:
Beste Mr. De Roo
Het beter herkenbaar maken van de grenzen van het autovrij gebied, is een project dat ik terug nieuw leven inblaas nadat het in de vorige legislatuur on hold werd gezet.
Want het klopt inderdaad dat de herkenbaarheid van het autovrij gebied niet steeds optimaal is en het onderscheid op straat tussen een grens van het autovrij gebied en bv. een knip visueel niet altijd evident is om te maken.
Het doel is dus om deze grenzen te verduidelijken. De relatie tussen waar je als vergunninghouder recht toe hebt en de signalisatie of inrichting op straat moet helder zijn. Op dit moment zit dit project in opstartfase. Het is dus nog te vroeg om aan te geven wat precies waar zal wijzigen. Het zal allicht gaan over een combinatie tussen signalisatie en herkenbare elementen op straat.
Feedback van burgers ligt aan de basis van mijn initiatief. Participatie met de buurt is echter niet voorzien. Het project richt zich immers in eerste instantie op die burgers die sporadisch de stad binnen rijden en dus niet vertrouwd zijn met het concept van een autovrij gebied. We gaan ervan uit dat bewoners of handelaars veel beter vertrouwd zijn met die grenzen. Als daar klachten over zijn, komen ze alleszins niet van hen.
Zoals steeds zullen ook deze maatregelen geëvalueerd worden. Specifiek methode werd hier nog niet voor uitgewerkt. Het lijkt logisch om zowel naar overtredingsgraad als burgervragen of verweren te kijken in deze.
do 12/02/2026 - 11:11