Terug
Gepubliceerd op 12/02/2026

2026_MV_00141 - Mondelinge vraag van raadslid Tom De Meester: Reactie van de schepen op kritisch opiniestuk ivm BCSD

commissie welzijn, werk, onderwijs, participatie en personeel (WWOPP)
di 10/02/2026 - 19:00 Gemeenteraadszaal
Datum beslissing: wo 11/02/2026 - 08:08
Behandeld

Samenstelling

Aanwezig

Rudy Coddens, Voorzitter Gemeenteraad; Zeneb Bensafia, Plaatsvervangende voorzitter Gemeenteraad; Stephanie D'Hose, Fractievoorzitter Voor Gent; Karlijn Deene; Patricia De Beule; Ronny Rysermans; Isabelle Heyndrickx, Fractievoorzitter CD&V; Els Roegiers; Laura Schuyesmans; Lies Vanpeperstraete; Veerle Baert; Sabena Donkor; Jonas Naeyaert, Fractievoorzitter Vlaams Belang; Tom De Meester, Fractievoorzitter PVDA; Tom Van Dyck; Bert Misplon, Fractievoorzitter Groen; Dilek Arici; Bram Van Braeckevelt; Astrid De Bruycker; Evita Willaert; Burak Nalli; Wouter Decoodt

Afwezig

Yüksel Kalaz; Sophie Vanonckelen; Stefaan De Winter; Frederik Sioen; Liesbet De Weder; Fourat Ben Chikha; Charlotte Coucke; Pascal Vlaeminck; Simon Smagghe; Filip Van Laecke; Julie Steendam; Barbara Bonte; Johan Deckmyn; Maarten De Grauw; Emmanuelle Mussche; Bart Tembuyser; Jeroen Paeleman; Sherley Blomme

Secretaris

Tom Van Dyck

Voorzitter

Dilek Arici
2026_MV_00141 - Mondelinge vraag van raadslid Tom De Meester: Reactie van de schepen op kritisch opiniestuk ivm BCSD 2026_MV_00141 - Mondelinge vraag van raadslid Tom De Meester: Reactie van de schepen op kritisch opiniestuk ivm BCSD

Motivering

Toelichting/Motivering/Aanleiding

Op 28 januari verscheen een opiniestuk in De Morgen over de werking van het Gentse BCSD. Daarin werd kritiek geuit over vernederende praktijken en het gebrek aan menselijkheid en empathie bij hoorzittingen en de bijhorende beslissingen m.b.t. sancties.

De opiniemakers gaven twee voorbeelden die de houding van het BCSD illustreren: (1) Khaled, een Palestijnse vluchteling die ondertussen vast werk heeft gevonden, wordt door het Gentse BCSD verplicht om 78.000 euro terug te betalen omdat hij een crowdfunding opstartte voor zijn ouders in Gaza. Deze werd door het BCSD als ‘onregelmatige geldtransfer’ beschouwd. (2) Steven, een dakloze man, wordt tijdelijk van het leefloon geschorst, omdat hij enkele nachten in Antwerpen bij vrienden op de sofa heeft geslapen, in plaats van onder een brug in Gent. Volgens het BCSD is dit fraude.

Het opiniestuk roept vele vragen op over de wijze van besluitvorming van het BCSD en wordt door de opiniemakers zelfs benoemd als “menselijk verwoestend en maatschappelijk problematisch”.

Indiener(s)

Tom De Meester

Gericht aan

Astrid De Bruycker

Tijdstip van indienen

wo 04/02/2026 - 16:47

Toelichting

  • Wat is de reactie van de schepen op het opiniestuk?

  • Zijn de voorbeelden die de opiniemakers geven herkenbaar voor de schepen? 

  • Klopt het dat deze voorbeelden passen in een structureel gegeven?

  • Hoe beoordeelt de schepen de hoorzittingen en de beslissingen die door het BCSD worden genomen? Kan u zich vinden in de stelling dat deze als vernederend, menselijk verwoestend en maatschappelijk problematisch worden beschreven?

  • Hoe zal u erop toekijken dat de nodige empathie en menselijkheid wordt aangewend om dossiers te evalueren?

Bespreking

Antwoord

Een hoorzitting in het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst kan voor cliënten van het OCMW inderdaad bijzonder intimiderend en stresserend zijn. 
Dat zal iedereen erkennen die al ooit, vanuit gelijk welke rol, een zitting meemaakte. 

Je zit daar als cliënt vaak in een kwetsbare fase van je leven, met financiële zorgen, woononzekerheid, gezondheidsproblemen, soms met schaamte, soms met angst. Dan tegenover een comité je verhaal moeten doen, dat weegt. Dat beseffen wij heel goed. 

Net daarom ervaar ik het voorzitterschap van het BCSD ook als een de grootste verantwoordelijkheid die ik politiek ooit heb gedragen. 
Niet alleen omdat de beslissingen die daar genomen worden een rechtstreekse impact hebben op de sociale situatie van mensen, maar ook omdat de setting zelf heel belastend kan zijn. 

Dat is geen detail. Dat is essentieel voor goed maatschappelijk werk: beseffen dat procedures, hoe correct ook, nooit neutraal aanvoelen voor wie er middenin zit.  

En dat vraagt van ons voortdurend zorg, alertheid en zelfkritiek.

OCMW Gent heeft al jarenlang een sterke traditie van investeren in kwalitatieve, toegankelijke hulpverlening.
Met welzijnsbureaus in de wijken, maar ook met gespecialiseerde diensten zoals de psychologische dienst, de energiecel, het maatgericht activeringscentrum,... We waren pionier in aanvullende financiële hulp. 

Onze werking vertrekt vanuit een rechtenbenadering: we zoeken naar sterktes, bouwen aan zelfredzaamheid en geven mensen kansen op een duurzame toekomst. Want armoede is geen individuele keuze, maar het gevolg van systemen. 

Tegelijk is hulpverlening vanuit een OCMW niet onvoorwaardelijk.
Maatschappelijk werkers hebben een dubbele rol: ondersteunen én controleren. Helpen én toezien op de naleving van een wettelijk kader. Dat is geen Gentse keuze, dat is de wet. 

Midden in die moeilijke, dubbele rol, blijft OCMW Gent inzetten op kwaliteit. Dat blijkt ook uit de cijfers: in de laatste tevredenheidsbevraging geven cliënten een gemiddelde score van 8,3 op 10. 

Dan het BCSD zelf. 

De wet bepaalt dat bepaalde beslissingen worden voorgelegd aan het Bijzonder Comité voor de Sociale Dienst. In Gent hebben we daar uitzonderlijk sterk op ingezet. 
We voorzien professionele omkadering: bij elke zitting zijn minstens een diensthoofd van een welzijnsbureau én een jurist aanwezig. We organiseren meerdere keren per jaar opleiding en beleidsduiding voor BCSD-leden, via een plenair BCSD — dat is echt uitzonderlijk in Vlaanderen. 

Een hoorzitting vindt niet plaats bij elke beslissing over hulpverlening. Ze wordt georganiseerd in welbepaalde gevallen, wanneer er voor de cliënt een mogelijk nadelige beslissing op tafel ligt. 

Concreet gaat het onder meer om situaties zoals: 

  • (Gedeeltelijke of volledige) schorsing van het leefloon 
    wanneer er aanwijzingen zijn dat niet voldaan is aan de wettelijke voorwaarden. 

  • Terugvordering van onterecht ontvangen steun 
    bijvoorbeeld wanneer na onderzoek blijkt dat er andere inkomsten niet gemeld zijn. 

  • Sancties wegens onvoldoende medewerking 
    aan het sociaal onderzoek of aan afgesproken stappen in het begeleidingstraject. 

In al deze gevallen gaat het dus om beslissingen met impact, waarbij de wet expliciet voorziet dat de cliënt het recht heeft om gehoord te worden vóór er een definitieve beslissing wordt genomen. 

Tijdens zo’n hoorzitting wordt de maatschappelijk werker gehoord, krijgt de cliënt ruimte voor zijn of haar verhaal, worden vragen gesteld, standpunten verduidelijkt. Nadien volgt een inhoudelijke bespreking. Het BCSD neemt soms andere beslissingen dan wat wordt voorgesteld, onder meer op basis van billijkheidsredenen of gelijkaardige dossiers. Meestal volgen we de voorgestelde beslissing. Dat zegt vooral iets over hoe zorgvuldig het werk is dat aan een voorstel tot beslissing vooraf gaat: die voorbereiding is het werk van niet alleen de maatschappelijk werker, maar ook diens leidinggevenden en onze juristen. In Gent volgt elke aanvraag een heel uitgebreide procedure: er wordt een hulpvraag gesteld, de maatschappelijk werker voert een sociaal onderzoek, er wordt een verslag opgemaakt, de hoofdMA leest na, het pré-comité (een multifunctioneel team dat de lijn bewaakt) geeft een advies.  

En vervolgens lezen en beoordelen ook alle BCSD-raadsleden ook nog het verslag. Samen met alle BCSD-leden – en dat is een engagement over grenzen van meerderheid en oppositie heen- waak ik erover dat dit nooit een gepolitiseerd gesprek wordt, maar steeds een gesprek blijft over kansen geven, over wat haalbaar is binnen het wettelijk kader en ja: ook over wat gepaste sancties zijn in situaties van fraude. 

Dat is niet zwart wit.  

OCMW Gent vertrekt altijd vanuit vertrouwen. Kleine vormen van wat men noemt ‘overlevingsfraude’ — zoals een iemand die dakloos is die een paar keer overnacht bij een kennis binnen of buiten Gent — worden echt niet zomaar bestraft. Sancties volgen enkel wanneer er duidelijke aanwijzingen zijn dat niet voldaan is aan de voorwaarden of wanneer men niet meewerkt aan het sociaal onderzoek. Binnen het wettelijk kader, met oog voor billijkheid. 

Dat neemt niet weg — en dat wil ik herhalen — dat zo’n zitting overweldigend kan zijn voor cliënten. Maar ze zomaar vernederend of menselijk verwoestend noemen, vind ik eerlijk gezegd onredelijk en vooral sfeerschepperij. 

Dan kom ik bij die kritiek zelf. 

Over de concrete dossiers die daarin beschreven worden, kan en mag ik inhoudelijk geen uitspraken doen. Dat is geen ontwijken, dat is beroepsgeheim. 

Maar net daarom is het problematisch dat op basis van deze concrete ervaringen het proces wordt gemaakt van een volledige organisatie, van medewerkers én van een comité. 

Dat is geen zorgvuldige analyse, dat is veralgemening. 

Het probleem is dus niet dat er kritiek wordt geuit. 
Het probleem is dat wij geen weerwoord kúnnen voeren, dat wij niet publiek kunnen corrigeren wat fout, onvolledig of eenzijdig wordt voorgesteld. 

En ik vind dat bijzonder problematisch, net omdat het gaat over mensen die elke dag professioneel en met veel engagement werken in uiterst moeilijke omstandigheden. Niet perfect, maar wel met kennis, inzet en menselijkheid. 

Maar wat mij nog het meest stoort, meneer De Meester, is dat u zelf de kritiek klakkeloos overneemt zonder blijk te geven van kennis van hoe een OCMW werkt. 

Sociaal beleid verdient kritiek. Maar het verdient vooral zorgvuldigheid. 
Als u echt begaan bent met sociaal beleid, doet u uw huiswerk. Net zoals onze maatschappelijk werkers dat elke dag doen, onder grote druk, met veel engagement. 

Wanneer u zonder kennis van dossiers, zonder kennis van de werking en zonder respect voor het beroepsgeheim het verdict velt over een hele organisatie, draagt u niet bij aan beter sociaal beleid. 
Dat ondergraaft u het net. 

wo 11/02/2026 - 15:10