Het stedelijk onderwijs in Gent draagt een grote verantwoordelijkheid voor het welzijn van duizenden leerlingen én voor de werkomstandigheden van honderden leerkrachten. Recentelijk werd opnieuw duidelijk hoe zwaar die taak soms kan zijn, na een incident waarbij een kleuterjuf geschopt en geslagen werd door een vijfjarige leerling. Dit staat niet op zichzelf: in verschillende stedelijke scholen horen we signalen over toenemende werkdruk, agressie-incidenten, complexere leerlingenprofielen en moeilijke communicatie met ouders.
Als inrichtende macht heeft Stad Gent niet alleen een organisatorische, maar ook een zorgende rol voor haar eigen schoolteams. Het is daarom cruciaal om zicht te hebben op welke ondersteuning vandaag wordt geboden, welke maatregelen bestaan binnen het stedelijk onderwijs, en welke bijkomende stappen planmatig worden gezet om leerkrachten en directies te versterken.
Daarom heb ik volgende vragen.
Hoe worden leerkrachten in onze stedelijke scholen concreet ondersteund wanneer zij klachten of problemen ervaren?
(bijv. agressie, psychosociale belasting, conflicten met ouders)
Welke recente of geplande initiatieven neemt de stad om stedelijke scholen beter te ondersteunen in klachtenbeheer, oudercommunicatie en het welzijn van het personeel?
In het meerjarenplan wordt geen bijkomend personeel voorzien voor stedelijke scholen en opvang, ondanks signalen over hoge werkdruk. Hoe kan die druk beantwoord worden met minder personeel?
Beste heer Naeyaert
Het incident waar u naar verwijst is ernstig, maar gelukkig ook uitzonderlijk. Dit incident raakt ons allemaal. We hebben tientallen scholen en tienduizenden leerlingen en cursisten die elke dag les volgen op onze scholen. Er wordt op elk van die plekken hard gewerkt door. Het is niet op elke school en voor elke leerkracht evident. Als ik naar ons Stedelijk Onderwijs kijk, dan staat dat voor kansrijk en kwaliteitsvol onderwijs voor iedereen. Het welzijn van ons personeel is daarmee onlosmakelijk verbonden.
Hoe worden leerkrachten in onze stedelijke scholen concreet ondersteund wanneer zij klachten of problemen ervaren? (bijv. agressie, psychosociale belasting, conflicten met ouders)
Zowel binnen het IVA SOG als binnen de stad en daarbuiten kunnen medewerkers rekenen op verschillende vormen van ondersteuning. Leerkrachten staan er niet alleen voor.
Medewerkers kunnen bij hun eigen directeur terecht. Verder is er op elke basisschool een zorgcoördinator, hebben de secundaire scholen opvoeders (of gelijkaardige profielen). De scholen werken intensief samen met o.a. CLB en Pilar als interne begeleidingsdiensten. De scholen hebben ook de optie om begeleiding te zoeken bij externe instanties, zoals OVSG.
Ze kunnen in overleg met het bestuur ook een beroep doen op extra financiering buiten de eigen werkingsmiddelen als er een dringende vraag is, bijvoorbeeld rond begeleiding of vorming in het omgaan met agressie. Daarnaast is de staf van het IVA SOG ook zo georganiseerd dat er een team ter beschikking is van arbeidspsychologen. Medewerkers van het SOG kunnen ook terecht bij de interne en externe preventiedienst.
De brugfiguren kunnen ook in deze context een belangrijke schakel vormen tussen thuis en school.
Welke recente of geplande initiatieven neemt de stad om stedelijke scholen beter te ondersteunen in klachtenbeheer, oudercommunicatie en het welzijn van het personeel?
De stad werkte een welzijnsprogramma uit waar ook medewerkers van SOG een beroep op kunnen doen. Het SOG onderneemt via de interne kanalen acties om de routes die medewerkers kunnen bewandelen beter onder de aandacht te brengen. Dit krijgt ook uitgebreide aandacht tijdens de aanvangsbegeleiding voor startende medewerkers en directeuren.
Het welzijnsprogramma biedt medewerkers ondersteuning bij emotionele en praktische onderwerpen. De waaier van thema’s is breed: persoonlijk, familie, welzijn, werk of studie. …
Het Stedelijk Onderwijs stelt in algemeenheid vast dat er op heel wat scholen een goed contact bestaat met ouders. Tegelijk wil ik nog meer werk maken van ouderparticipatie. Daar zullen stappen voor gezet worden.
Dat zal deel uitmaken van een geactualiseerd strategisch beleidsplan binnen het Stedelijk Onderwijs. De basis voor elke school is een sterk pedagogisch project. Dat hangt samen met kwaliteitszorg. Die kwaliteit gaat ook echt over welzijn van medewerkers en leerlingen, en niet alleen over taal en rekenen.
In het meerjarenplan wordt geen bijkomend personeel voorzien voor stedelijke scholen en opvang, ondanks signalen over hoge werkdruk. Hoe kan die druk beantwoord worden met minder personeel?
Collega Naeyaert. Ik wil er graag op wijzen dat onderwijs in eerste instantie een Vlaamse bevoegdheid is. Het is aan de Vlaamse Overheid om voldoende middelen te voorzien en een kader te bieden waarin kwaliteitsvol onderwijs voor iedereen realiseerbaar is. Dat beleid moet ook aandacht hebben voor de context waarin leerlingen opgroeien. Een school moet een veilige leeromgeving bieden, maar staat nooit los van de wereld erbuiten.
Deze stad investeert miljoenen in haar flankerend beleid, dus niet enkel voor de stedelijke, maar alle scholen. Dat beleid is breed en structureel, en we blijven daarin investeren.
We grijpen beperkt in op de personeelsmiddelen voor het Stedelijk Onderwijs, en treffen daar niet de werkvloer. Voor de buitenschoolse opvang maken we een oefening om tot een ander organisatiemodel te komen. Het is op geen enkele manier de bedoeling dat onderwijspersoneel daar opdrachten gaat overnemen, of anders gezegd, dat hun werkdruk zou stijgen. Bovenliggende regelgeving zou dat overigens ook niet mogelijk maken.
We zullen wel een oefening starten om te bepalen hoe de extra personeelsinzet die we zelf voorzien, voldoet en een antwoord biedt op de noden en eventueel gewijzigde noden van en binnen het Stedelijk Onderwijs.
Tot slot. Het incident dat aanleiding gaf tot uw vraag, toont hoe complex de realiteit in onze scholen is. Een deel van die complexiteit komt voort uit het capaciteitstekort in het buitengewoon onderwijs. Kinderen met specifieke noden vinden niet altijd een plek die aansluit bij hun behoeften en komen terecht in het gewoon onderwijs, waar de omkadering niet altijd volstaat. Ik steun de oefening van de minister rond inclusief onderwijs, maar die mag geen excuus zijn om de huidige knelpunten te negeren. Vlaanderen moet zorgen voor voldoende middelen en omkadering, zodat wij als stad samen met onze scholen kunnen blijven inzetten op kansrijk, kwaliteitsvol én veilig onderwijs.
do 15/01/2026 - 09:35