Over wat er is gebeurd op oudejaarsnacht met jongeren en vuurwerk, is al veel gezegd en geschreven. Maar nog veel te weinig hebben we de stem van onze Gentse jongeren zelf gehoord. Het jeugdwelzijnswerk vertolkt die stem van de jongeren. In vele steden en gemeenten nam het jeugdwerk ook zijn verantwoordelijk om te sensibiliseren over de gevaren van vuurwerk.
In Gent toonden we het goede voorbeeld: de Gentse vzw Jong verspreidde online een pakkende getuigenis van een 15-jarige jongen die verminkt werd door het vuurwerk dat in zijn hand ontploft is. Hun boodschap was duidelijk: 'Vuurwerk is geen speelgoed’.
Verschillende organisaties gingen vooraf in dialoog met jongeren. Elk gesprek over deze gevaren kan bijdragen tot de veiligheid en het voorkomen van misbruik door jongeren.
Daarom stel ik graag volgende vragen:
- Hoe kijkt de schepen naar de waarde van het jeugdwelzijnswerk in deze? Welke signalen ving u als schepen op over deze problematiek?
- Gelooft u dat deze organisaties ook een wezenlijk verschil kunnen maken in aanloop naar volgend oudejaar? Indien de organisaties een rol willen opnemen om verder in te zetten op die sensibilisering of andere activiteiten, bent u bereid om dat te ondersteunen of samenwerkingen op te zetten, bijvoorbeeld met politie en brandweer?
Dank u wel voor uw vraag.
Laat me beginnen met te benadrukken dat het jeugdwelzijnswerk in Gent een autonome partner is, met een eigen insteek en doelstellingen. Het is dus niet wenselijk om hen te bekijken als een verlengstuk van de politie. Als we jeugdwerk zouden inzetten voor handhaving, dan verliezen we precies die kracht die het zo uniek en effectief maakt.
Jeugdwelzijnswerkers bouwen aan nabijheid, vertrouwen en sterke relaties. Ze geven jongeren een veilige plek, detecteren vroeg wanneer er iets fout dreigt te lopen, slaan bruggen naar gezinnen en omgeving en komen op voor de meest kwetsbaren. Vanuit die nabijheid horen zij ook signalen over vuurwerk, groepsdruk of ander risicogedrag die andere diensten soms niet bereiken.
Binnen de stad werken verschillende diensten nauw samen met het middenveld. De collega’s van de dienst Preventie voor Veiligheid, onder bevoegdheid van de burgemeester, hebben een lange traditie van samenwerking met jeugdwelzijnswerkorganisaties, net omdat zij laagdrempelige vindplekken zijn waar signalen snel opduiken. Die worden meegenomen in casuswerking, projecten en beleid.
Ook voor de vuurwerkcampagne is hun rol belangrijk. Preventie voor Veiligheid organiseert al jaren vormingen rond vuurwerkpreventie, telkens in samenwerking met jeugdwelzijnswerkorganisaties, hun preventiewerkers en het BAS team van de politie. In 2025 waren dat vijf vormingen, op maat van verschillende werkingen en leeftijden.
Samenwerking met de politie gebeurt dus wel, maar altijd rolzuiver. De politie handhaaft, jeugdwelzijnswerk werkt vanuit vertrouwen. Als we die lijnen vermengen, riskeren we dat vertrouwen te ondermijnen — dat moeten we vermijden.
De kracht van ons jeugdwelzijnswerk zit in hun nabijheid, hun autonomie en hun sterke band met jongeren. Als we die rol blijven respecteren, blijven zij een belangrijke partner om risicogedrag, zoals gevaarlijk vuurwerkgebruik, te voorkomen.
Vanuit mijn bevoegdheid Jeugd blijf ik daarom sterk investeren in het jeugdwelzijnswerk.