Op 28 april 2025 werd het voorstel tot raadsbesluit van raadslid Stijn De Roo over het beheer van duivenpopulaties goedgekeurd door de gemeenteraad, dat het college van burgemeester en schepenen opdraagt om de bestaande aanpak van het beheer van duivenpopulaties te herevalueren (2025_VVB_00027).
Op 9 januari 2026 vroeg raadslid Stijn De Roo inzage in de communicatie tussen de stad Gent en RATO vzw en tussen de stad Gent en het federale Agentschap voor Leefmilieu inzake het beheer van de Gentse duivenpopulatie van april 2025 tot heden (2026_IR_00001).
Uit deze communicatie blijkt onder meer:
• In 2025 waren er 21 unieke afvangstlocaties, waarvan 11 langdurige overlastplekken (meer dan 1 jaar)
• Tijdens een inspectiebezoek werd in april 2025 een inbreuk vastgesteld op Hoofdstuk IV, Artikel 17 van de Europese verordening nr. 528, nl. het gebruik van stikstofschuim als avicide bij duiven;
• Bij de FOD Volksgezondheid – DGEM (dienst biociden) is er geen product bekend dat toegelaten is voor het begassen van duiven.
• Volgens de FOD Volksgezondheid – DGEM (dienst biociden) zal de R-12 maïskorrel, door orale toediening van het geneesmiddel en de gevolgen (chemische sterilisatie) nooit onder de biocidenwetgeving vallen.
• In mei 2025 werd de afspraak gemaakt om de bestaande opdracht met RATO vzw verder uit te voeren met de methode van 'cervicale dislocatie'.
In zijn antwoord op schriftelijke vraag nr. 169 van 24 februari 2025 in het Vlaams Parlement liet de Vlaamse minister bevoegd voor dierenwelzijn weten dat het vangen en vergassen van duiven geen efficiënte manier is om aan populatiebeheer te doen. De minister verwees naar het advies van de Vlaamse Raad voor Dierenwelzijn van 21 februari 2018 inzake het beheer van duivenpopulaties in steden, waarin wordt geadviseerd om in te zetten op contraceptief voeder.
Als antwoord op schriftelijke vraag nr. 284 van 15 mei 2025 in het Vlaams Parlement stelt de minister bevoegd voor dierenwelzijn over datzelfde advies: "Het advies van 2018 is inderdaad 7 jaar oud, maar is op dit moment nog steeds actueel. Het spreekt wel vanzelf dat wanneer zich nieuwe wetenschappelijke ontwikkelingen zouden voordoen, Dierenwelzijn Vlaanderen zo snel mogelijk het nodige zal doen om de lokale besturen hierover te informeren."
In een persartikel op HLN van 13 januari 2026 verwees schepen Van Braeckevelt naar de gehanteerde geïntegreerde aanpak: preventie, handhaving, het plaatsen van anti-nestmaatregelen en afvangen en doden. Hij stelde: "We weten nu al dat enkel de duivenpil gebruiken niet zal volstaan in Gent.”
Er rijzen vragen bij het gebruik van 'cervicale dislocatie' als methode voor het beheer van duivenpopulaties. Het toepassen van een andere eliminatiemethode houdt geen wijziging in van het beleid dat ter evaluatie voorligt, en is niet in lijn met het advies van de Vlaamse Raad voor Dierenwelzijn. Dit geldt eveneens voor de mogelijke toepassing van CO2 als avicide.
In verschillende andere steden werpt het gebruik van de duivenpil zijn vruchten af, zonder dat daarbij signalen bekend zijn dat de doorlooptijd tot resultaten onevenredig lang duurt. Enkel door het opschorten van het doden van gevangen duiven wordt het duidelijk of een geïntegreerde aanpak zonder het afvangen en doden van duiven ook werkbaar is in onze stad.
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om het doden van duiven op te schorten als onderdeel van de evaluatie van de aanpak van het beheer van duivenpopulaties.