Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
In het kader van de eerste en tweede pensioenpijler hebben Stad en OCMW Gent voor hun statutaire en contractuele personeelsleden bij Ethias NV volgende overeenkomsten lopen:
- een pensioenverzekeringsovereenkomst (FP025), die de niet gesolidariseerde pensioenen en de pensioenen van de mandatarissen verzekert;
- een overeenkomst bijdragenverzekering (FP027), die het geheel van bijdragen van Stad, OCMW en Politiezone Gent ten opzichte van het gesolidariseerd pensioenfonds verzekert;
- een groepsverzekeringsovereenkomst (nr. 8505 en 8568) van het type ‘vaste prestaties’ Stad en OCMW Gent, voor de prestaties die door de contractuele medewerkers werden geleverd voor 1/1/2010.
De langetermijnreserves van deze verzekeringen maken het voorwerp uit van een beheer in Tak 21 en een beheer in Tak 23, dit in obligaties respectievelijk aandelen(fondsen).
Sinds mei 2021 geldt voor deze pensioenreserves een nieuw duurzaam beleggingsbeleid. In 2025 werd een uitzonderingsregel toegevoegd voor wat betreft het fossielvrije beleid.
De bestaande pensioenovereenkomsten worden aangepast omwille van volgende redenen:
Keurt goed de bijvoegselbrieven en de bijvoegsels (nr.7 en nr.3) aan de pensioenverzekeringsovereenkomst nr. 025 en de bijdrageverzekeringsovereenkomst nr. 027.
Keurt goed het bijvoegsel (nr.1) aan de groepsverzekeringsovereenkomsten nr. 8508 en 8568.
Keurt goed de nieuwe versie van het Winstdelingsreglement van het fonds met aangewezen activa “Ethias Stad en OCMW Gent 21” en het Beheersreglement van het interne beleggingsfonds Tak 23 “Ethias Ethical Invest Stad en OCMW Gent”, samen met hun bijvoegsel (nr. 1).
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Op 22 november 2021 werd het Ruimtelijk Uitvoeringsplan Technologiepark Ardoyen Tramstraat definitief vastgesteld door de Gemeenteraad (van kracht sinds 21 januari 2022). Met dit RUP worden de krijtlijnen vastgelegd om tot een integrale en duurzame ontwikkeling en ontsluiting van deze campus te komen.
De zone op Techlane Ghent Science Park waar op termijn een Deeptech Village gerealiseerd wordt, laat zich kenmerken door inefficiënt ruimtegebruik, laagbouw en verouderde en niet langer state-of-the-art infrastructuur. De gronden in deze zone zijn in volle eigendom van UGent, de verleende erfpachten op de verschillende ruimtes zullen in de volgende jaren één voor één verlopen. Hierdoor ontstaat het potentieel voor herontwikkeling.
Om Gent verder te positioneren als een technologische hoofdstad blijft het beschikken over state-of-the-art infrastructuur een essentiële voorwaarde. Binnen de uitrol van het masterplan wordt onderzocht wat, voor deeptech startups en scale-ups, de ontbrekende infrastructuur is, in welke deeptech sectoren op middellange en lange termijn kansen liggen en welke nieuwe modellen voor, onder andere, gedeeld gebruik van infrastructuur en/of apparatuur internationaal voor handen zijn.
Met dit brede partnerschap garanderen we maximaal te kunnen inspelen op de noden voor verdere ontwikkeling van de kennisbedrijvigheid in de Gentse regio.
Eind 2025 werd door Vlaio aan UGent bevestigd dat middelen vrijgemaakt worden voor het voortraject van de realisatie van een deeptech village.
Met de partners Stad Gent, POM Oost-Vlaanderen, VIB, PMV en IIC UGent zal Universiteit Gent een masterplan opmaken voor zowel de inrichting als de stapsgewijze uitrol van een Deeptech Village. Rekening houdende met de steun vanuit Vlaio zal Stad Gent, net zoals de andere partijen, een bijdrage leveren van maximaal 30.000€.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Economie | |
| Budgetplaats | AC354080000 | |
| Categorie* | E | |
| Subsidiecode | Niet relevant | |
| 2026 | 30000 | |
| Totaal | 30000 |
Keurt goed de samenwerkingsovereenkomst betreffende het voortraject met het oog op de realisatie van Deeptech Village op Techlane Ghent Science Park, Campus Ardoyen, tussen Universiteit Gent, Sint-Pietersnieuwstraat 25, 9000 Gent, en Stad Gent, Provinciale Ontwikkelingsmaatschappij Oost-Vlaanderen, Charles de Kerckhovelaan 189, 9000 Gent, Incubatie en Innovatiecentrum Universiteit Gent, Technologiepark-Zwijnaarde 82, 9052 Gent, Vlaams Instituut voor Biotechnologie, Suzanne Tassierstraat 1, 9052 Gent en ParticipatieMaatschappij Vlaanderen, Oude Graanmarkt 63, 1000 Brussel, zoals gevoegd in bijlage.
Naar aanleiding van de groepering van de Historische Huizen en de Musea van Gent onder één AGB Kunsten en Erfgoed Gent, werd beslist om een nieuwe samenwerkingsovereenkomst op te stellen. Als partner binnen de CCG-samenwerking, zal de AGB Kunsten en Erfgoed Gent toegang verlenen, aan personen die in het bezit zijn van een CCG, in de onderstaande musea en Historische Huizen:
De CityCard Gent heeft tot doel mensen kennis te laten maken met het privaat en publiek cultureel aanbod in de Stad en het bezoek ervan te stimuleren. Bovendien is de kaart een marketingtool waarrond VisitGent, de Dienst Economie en Toerisme van de Stad Gent, communicatiecampagnes opzet om toeristen aan te zetten om een bezoek aan de Arteveldestad alsook een bezoek aan de individuele partners van de CCG te plannen/brengen.
Keurt goed de samenwerkingsovereenkomst met AGB Kunsten en Erfgoed Gent betreffende de CityCard Gent zoals gevoegd in bijlage.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, § 5.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Algemeen:
Met de goedkeuring in 2005 van het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan Afbakening Grootstedelijk Gebied Gent – deelplan 18 Regionaal bedrijventerrein R4 /N70 Oostakker Noord (GRUP) werd het ‘gemengd regionaal bedrijventerrein’ bestemd. De ontwikkeling van het bedrijventerrein R4/N70 Oostakker Noord werd bij Ministerieel Besluit van 23 december 2016 erkend als een strategisch project op Vlaams niveau. Erkende strategische bedrijventerreinen zijn om economische redenen van strategisch belang voor de Vlaamse economie. De ontwikkeling van het bedrijventerrein wordt door het Vlaams Agentschap Innoveren & Ondernemen (VLAIO) financieel ondersteund met een investeringssubsidie voor de aanleg van de nieuwe infrastructuur.
Sogent staat in voor de ontwikkeling van het bedrijventerrein. Sogent investeert in de noodzakelijke grondverwerving, de aanleg van de infrastructuur voor de ontsluiting van het bedrijventerrein en staat in voor de uitgifte van de bedrijfskavels.
Sogent werkt voor de ontwikkeling van het gemengd regionaal bedrijventerrein samen met de Stad Gent, de gemeente Lochristi en met Volvo en de andere reeds gevestigde bedrijven.
Omlegging Drieselstraat:
Het GRUP legt verschillende stedenbouwkundige voorwaarden op wat betreft de inrichting van het gemengd regionaal bedrijventerrein. Een van de voorwaarden legt een strikte scheiding tussen het economische en het lokale verkeer op.
Deze stedenbouwkundige voorwaarde betekent dat al het economische verkeer van en naar het bedrijventerrein dient te worden afgesloten van het lokale gemotoriseerde verkeer.
Voor de ontwikkeling is de aanleg van de nieuwe infrastructuur noodzakelijk en rekening houdend met zowel het dwingende inrichtingsvoorschrift van het GRUP Afbakening als met de resultaten van het mobiliteitsonderzoek werd een gefaseerde aanpak voorzien.
De eerste fase werd in 2019 – 2022 uitgevoerd en omvatte de aanleg van de Yvonne Fontainestraat als eerste deel van de industrieweg voor de ontsluiting van het bedrijventerrein naar knooppunt Schansakker en de R4. Met de nieuwe ontsluitingsweg werd voor de Volvo Trucks-site een vlotte en snelle ontsluiting geboden naar het hoofdwegennet. De ontsluitingsweg werd aangelegd tot aan de Drieselstraat.
De herstructurering van het lokale wegennet werd doorgeschoven naar de tweede fase van de infrastructuuraanleg. De voorliggende Bijzondere Samenwerkingsovereenkomst (BSO) heeft betrekking op deze tweede fase.
Er wordt een 2de fase van de industrieweg aangelegd voor de ontsluiting van de bedrijfspercelen in de zone N3. De nieuwe weg sluit aan op de Yvonne Fontainestraat en zal zorgen voor de vlotte ontsluiting van de nieuwe bedrijfskavels en van de bestaande bedrijfsvestigingen die momenteel ontsluiten via de Smalle Heerweg.
De aanleg van de omleidingsweg Drieselstraat zorgt voor een nieuwe verbinding voor het lokale gemotoriseerd verkeer tussen Oostakker en de N70 aan oostelijke zijde van het bedrijventerrein. Er wordt een aantakking (T-kruispunt) met de Smalle Heerweg voorzien zodat de verbinding voor het lokale verkeer met Lochristi (o.a. Hijfte, het crematorium Westlede) behouden blijft. De omgelegde Drieselstraat verbindt de bestaande Drieselstraat in het noorden en de gewestweg N70 in het zuiden. Na de aanleg van de infrastructuurwerken worden de lokale straten (Drieselstraat en Smalle Heerweg) ter hoogte van de grens met het regionaal bedrijventerrein geknipt voor het lokale gemotoriseerde verkeer zodat het economische verkeer van en naar het bedrijventerrein strikt gescheiden wordt van het lokale verkeer.
Met betrekking tot de infrastructuuraanleg voorziet de Stad Gent in een bijdrage voor de aanleg van de omgelegde Drieselstraat van maximaal 1.444.319 euro. Dit budget is ingeschreven in het Meerjarenplan 2026 -2031 onder budgetplaats PR40720.
Parkeerpocket Wonderwoud:
Het Wonderwoud is één van de vijf groenpolen rond Gent. Op termijn zal deze groenpool uitgroeien tot een aaneengesloten natuurgebied van 200 ha op het grondgebied van de Stad Gent en de gemeente Lochristi. Een eerste fase (35 ha) werd reeds gerealiseerd en in november 2024 opengesteld voor het publiek.
De ontwikkeling van de groenpool Wonderwoud is een samenwerking van het Vlaamse Agentschap Natuur en Bos, de gemeente Lochristi, de Stad Gent en de Vlaamse Waterweg.
De omgelegde Drieselstraat zal als hoofdontsluitingsweg naar de groenpool voor gemotoriseerd verkeer, fietsers en wandelaars fungeren: er zijn twee toegangen naar de groenpool ontsloten naar de omgelegde Drieselstraat.
Daarnaast wordt de aanleg van een parkeerpocket met een veertigtal parkeerplaatsen voor de bezoekers van het Wonderwoud voorzien. De parkeerpocket wordt aangelegd ten zuiden van de omgelegde Drieselstraat, ten noorden van de Westlede en ten oosten van de BTQ-parking van Volvo.
Voor de kosten voor de aanleg van de parkeerpocket ten behoeve van de groenpool Wonderwoud heeft de Stad Gent een budget voorzien in de meerjarenbegroting van de Stad Gent van maximaal 375.000 euro. Dit budget is gebaseerd op de huidige raming voor het ontwerp, de uitvoering en het onderhoud tijdens de waarborgperiode van de infrastructuurwerken ten behoeve van de ontsluiting van de groenpool Wonderwoud (o.a. aanleg van de parkeerpocket, aanleg van de hondenlosloopweide en de aansluiting tussen fietspad en wandelpad, ed.). Het budget is voorzien in Sirius (PR40798).
Er werd een aanvraagdossier omgevingsvergunning ingediend bij de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen. Er werd een conform en volledigheidsverklaring afgeleverd op 10/09/2025. De uiterste beslissingsdatum werd vastgelegd op 05/03/2026.
Er wordt een bijzondere samenwerkingsovereenkomst gesloten tussen de Stad Gent en sogent voor de omlegging van de Drieselstraat en de aanleg van de parkeerpocket voor het Wonderwoud.
Deze bijzondere samenwerkingsovereenkomst omvat de aanleg van de omgelegde Drieselstraat, meer bepaald de kosten m.b.t. de verwervingen, de afspraken over de infrastructuur en studie; en de aanleg van de parkeerpocket, meer bepaald kosten voor het ontwerp, de uitvoering en het onderhoud tijdens de waarborgperiode van de infrastructuurwerken.
Het stedelijke budget voor de aanleg van de pocketparking voor de bezoekers van de Groenpool Wonderwoud is een investeringssubsidie van maximaal 375.000 euro die als een éénmalige bijdrage wordt uitbetaald na de voorlopige oplevering van de werken voor de aanleg van de bezoekersparking in 2030.
Het stedelijke budget voor de aanleg van de omleidingsweg Drieselstraat is een investeringssubsidie van maximaal 1.444.319 euro die wordt uitbetaald in twee stappen:
- Een eerste deel (40%) van de investeringssubsidie ten belope van 577.728 euro wordt in 2027 uitbetaald bij aanvang van de werken na eenvoudig verzoek en mits voorlegging van het aanvangsbevel m.b.t. de werken voor de aanleg van de omgelegde Drieselstraat.
- Het tweede deel (saldo van 60%) van de investeringssubsidie ten belope van maximaal 866.591 euro wordt in 2029 uitbetaald na eenvoudig verzoek en mits voorlegging van het PV van voorlopige oplevering en de bijhorende eindafrekening voor de werken voor de aanleg van de omgelegde Drieselstraat.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Dienst Economie en Toerisme | Groendienst | |
| Budgetplaats | PR40720 | PR40798 | |
| Categorie* | I subs. | I subs. | |
| Subsidiecode | Niet_Relevant | Niet_Relevant | |
| 2026 | |||
| 2027 | 577.728 | ||
| 2028 |
|
|
|
| 2029 | 866.591
|
|
|
| 2030 |
|
375.000 |
|
| Later | |||
| Totaal | 1.444.319 | 375.000 |
Keurt goed de bijzondere samenwerkingsovereenkomst met sogent betreffende de omlegging van de Drieselstraat en de aanleg van de parkeerpocket Wonderwoud, zoals gevoegd in bijlage.
De negen monumentale (centrum)kerken van Gent vormen een uniek ensemble van vijf historische kerken op loopafstand van elkaar en 4 kerken in de randzone. Zij herbergen kunstwerken met wereldklasse waarvan enkele voorkomen op de Vlaamse Topstukkenlijst. Deze kerken zijn als het ware ankerpunten in het stadsbeeld en bij een toeristisch bezoek aan de Stad Gent. Elke kerk apart is ontegensprekelijk een toeristisch bezoek waard, zowel voor het rijk patrimonium, als omwille van de architectuur en de geschiedenis. Samen vormen ze een uitzonderlijk overzicht van de cultuur in Vlaanderen waarin men de voortdurende evoluties in de bouwgeschiedenis, in de inrichtingen en het religieuze gedachtegoed kan aflezen. Deze monumentale kerken zijn dus niet alleen van onschatbare waarde voor de Stad Gent, maar hebben ook een onmiskenbare internationale toeristische uitstraling. Het religieuze erfgoed van meer dan elf eeuwen kerkgeschiedenis is ook een belangrijk onderdeel van toerisme en marketing van de stad Gent.
Deze subsidie laat toe om samen met Dienst Economie en Toerisme te werken op het optimaliseren van de toegankelijkheid ( op allerlei domeinen) van deze kerken voor de toeristische bezoekers.
Hierbij ligt de focus op :
1. het streven naar een optimale onthaalfunctie in functie van de behoeften van de bezoekers van de monumentale kerken ( bemanning onthaal – goede openingsuren-meewerken aan Ambassadeursproject Dienst Economie en Toerisme).
2. het incorporeren van volgende elementen in het promotiebeleid van de vzw Monumentale Kerken:
- het drukwerkbeleid wordt afgestemd op de beleidsaccenten die Stad Gent hanteert
- het stadslogo wordt opgenomen in de communicatie vanuit de vzw
- de vzw Monumentale Kerken engageert zich verder te werken aan de digitalisering van consumenteninformatie: website, ontwikkeling apps,… in samenwerking met de Dienst Economie en Toerisme
3. het verder uitbouwen van de educatieve werking met het oog op een adequatere publieksgerichtheid en doelgroepenwerking die rekening houdt met de multiculturele diversiteit en fysieke toegankelijkheid van de toerist.
4. het gratis toegang verzekeren tot de 9 monumentale kerken, behalve het bezoekerscentrum Van Eyck.
5. het realiseren van een jaarlijks promotieplan/-begroting in samenwerking met de Dienst Economie en Toerisme
6. het openstellen van kerken voor activiteiten van Dienst Economie en Toerisme.
Hiertoe werd de "Subsidieovereenkomst tussen het stadsbestuur van Gent en vzw Monumentale Kerken Gent - voor algemene werking en specifieke prestaties voor de werkingsjaren 2026 - 2028" met vzw Monumentale Kerken Gent, Bisdomplein 1 te 9000 Gent opgemaakt, waarbij een subsidie wordt toegekend van in totaal 61.208,00 euro. Deze overeenkomst gaat in vanaf 1 april 2026.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Economie en Toerisme |
| Budgetplaats | 354110000 |
| Categorie* | E sub. |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 18.000,00 EUR |
| 2027 | 20.360,00 EUR |
| 2028 | 20.767,20 EUR |
| 2029 | 2.080,80 EUR |
| Totaal | 61.208,00 EUR |
De gemeenteraad keurde in het verleden reeds het Omgevingscontract met de Provincie Oost-Vlaanderen goed. Het huidige contract liep af op 31 december 2025. De Provincie biedt opnieuw een contract aan dat verder bouwt op het vorige, voor de periode 2026-2031.
Via het Omgevingscontract wil de Provincie Oost-Vlaanderen steden en gemeenten ondersteunen bij de uitvoering van de gezamenlijke doelstellingen op het vlak van omgeving, milieu en klimaat. In ruil voor een bijdrage biedt een team van provinciale deskundigen ondersteuning op technisch-wetenschappelijk, juridisch, beleidsmatig of educatief vlak. Dit gebeurt altijd in nauw overleg met de stad of gemeente. Per project wordt een specifieke prijs afgesproken bij de opstart. Arbeidsuren worden in 2026 verrekend aan 80 euro/uur en worden jaarlijks geïndexeerd. Monsternames, analyses en metingen worden bepaald volgens prijslijst waarbij 50% korting wordt verleend.
Onder andere de Dienst Milieu en Klimaat, de Groendienst en de Dienst Toezicht willen gebruik maken van de aangeboden dienstverlening om metingen en analyses uit te voeren als ondersteuning bij de werking rond vergunningverlening, handhaving, toezicht waterkwaliteit, natuurbeheer en beleidswerk. De volgende acties zullen via de trekkingsrechten worden verrekend (niet limitatief):
Hiernaast loopt een apart project, ook via het omgevingscontract, met name de opvolging van het grondwatermeetnet. Dit meetnet volgt continu de grondwaterstanden op via een netwerk van peilbuizen verspreid over de stad. De verzamelde data vormen een belangrijke basis voor stabiliteits- en infiltratiestudies, droogteonderzoek, groenontwerp, stedelijk waterbeheer en beleidsvoorbereiding rond klimaatadaptatie. Het Provinciaal Centrum voor Milieuonderzoek (PCM) staat hierbij in voor de kwartaalmomenten waarbij de digitale meters ('Divers') worden uitgelezen en de data worden opgeladen naar Databank Ondergrond Vlaanderen (DOV). Ook hiervoor wordt voor de metingen 50% korting gerekend ten opzichte van de gangbare prijzen. Prijsvergelijking met andere aanbieders van zulke diensten toont aan dat zij hiermee de meest voordelige speler op de markt zijn.
Het contract start op 1 januari 2026 en loopt tot 31 december 2031.
| Dienst* | Milieu en Klimaat | Milieu en Klimaat
|
Staf dep. Stedelijke Ontwikkeling | Toezicht Wonen, Bouwen en Milieu | Groendienst |
| Budgetplaats | 342530000
|
354880000
|
410010002 | 342140000 | 357250200 |
| Categorie* | E | E | E | E | E |
| Subsidiecode | Niet_Relevant | Niet_Relevant | Niet_Relevant | Niet_Relevant | Niet_Relevant |
| 2026 | 4.500 | 23.000 | 6.000 | 1.500 | 7.500 |
| 2027 | 4.500 | 23.000 | 0 | 1.500 | 7.500 |
| 2028 | 4.500 | 23.000 | 0 | 1.500 | 7.500 |
| 2029 | 4.500 | 23.000 | 0 | 1.500 | 7.500 |
| 2030 | 4.500 | 23.000 | 0 | 1.500 | 7.500 |
| 2031 | 4.500 | 23.000 | 0 | 1.500 | 7.500 |
| Totaal | 27.000 | 138.000 | 6.000 | 9.000 | 45.000 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | |||
| Budgetplaats | |||
| Categorie* | |||
| Subsidiecode | |||
| 2026 | |||
| 2027 | |||
| 2028 | |||
| 2029 | |||
| 2030 | |||
| 2031 | |||
| Later | |||
| Totaal |
Keurt goed het omgevingscontract met de Provincie Oost-Vlaanderen, Charles de Kerchovelaan 189, 9000 Gent, voor de ondersteuning bij de uitvoering van de gezamenlijke doelstellingen op het vlak van omgeving, milieu en klimaat - periode 2026-2031 zoals gevoegd in bijlage.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
In april 2021 werd de Stad Gent partner in een Europees project SUPRA (Speed UP Renovation through Accompaniment) dat werd ondersteund door Europese subsidiemiddelen ELENA - European Local Energy Assistance. Het doel van het project was de versnelling van de energetische renovatie door de verdere opschaling van de renovatiebegeleiding.
Ter uitvoering van het project werden verschillende overeenkomsten aan de gemeenteraad voorgelegd.
Een samenwerkingsovereenkomst werd opgemaakt tussen de projectcoördinator Intercommunale Leiedal en de projectpartners Intercommunale IGEMO en Stad Gent. De samenwerkingsovereenkomst maakte het mogelijk dat Intercommunale Leiedal, als enige contractueel-juridische projectpartner, personeel aanwierf op de eigen payroll en (gedeeltelijk) ter beschikking stelde van de andere leden van de Zelfstandige Groepering, zonder aanrekening van btw. Via deze groepering werden onder meer de cofinanciering van de subsidiabele personeelskosten (10%) en de niet-subsidiabele personeelskosten (100%) zonder btw doorgerekend aan de betrokken partners.
Het SUPRA-project werd formeel beëindigd door de Europese Investeringsbank in maart 2025. Na de goedkeuring van het eindrapport vond de finale uitbetaling van de laatste schijf subsidies plaats in november 2025. Vervolgens werd ook de financiële eindafrekening tussen de partners afgerond.
Overeenkomstig de bepalingen in de samenwerkingsovereenkomst kan de beëindiging pas plaatsvinden mits unaniem akkoord van alle partijen, met ingang vanaf de eerste dag van de maand volgend op dit akkoord, tenzij anders overeengekomen.
Keurt goed conform artikel 9.2 van de overeenkomst in bijlage de beëindiging van de "Samenwerkingsovereenkomst van Zelfstandige Groepering onder de benaming “ Zelfstandige Groepering SUPRA” (SWO ZGS)"
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Het project ‘Witte Kaproenenpark’ situeert zich in de wijk Rabot-Blaisantvest.
In de eerste fase van het project werden de bestaande appartementsblokken in het noordelijke gedeelte van de Aloïs Joosstraat en het Witte Kaproenenplein gesloopt en zullen deze worden vervangen door 67 nieuwe meergezinswoningen.
In de tweede fase van het project (voorwerp van deze samenwerkingsovereenkomst) zal Thuispunt Gent de bestaande sociale appartementsblokken aan de Cornelis Sneyssonestraat en zuidelijke gedeelte van de Aloïs Joosstraat slopen en vervangen door 203 nieuwe één- en meergezinswoningen.
In het kader van de grootschalige vervangingsbouw is ook een integrale heraanleg van het bestaande openbaar domein noodzakelijk.
Voor het project Witte Kaproenenpark (fase 2) wordt er momenteel, in opdracht van Thuispunt Gent (en gesubsidieerd door Wonen in Vlaanderen), een stedenbouwkundige visie uitgewerkt. Het stedenbouwkundig inrichtingsplan, dat een visie op de mogelijkheden en de fasering voor alle sociale woongebouwen in de wijk en de inrichting van de publieke ruimte geeft, wordt in het voorjaar van 2026 afgerond. De volgende stap is het aanstellen van de ontwerpers voor de gebouwen en voor het openbaar domein.
Sinds eind 2023 is er afgesproken om, voorafgaand aan de aanstelling van de ontwerper voor het openbaar domein, een SWO af te sluiten tussen VMSW, Thuispunt Gent, Stad Gent en Farys.
Hiertoe werd een standaardovereenkomst uitgewerkt.
De huidige samenwerkingsovereenkomst wordt afgesloten aangezien de partijen infrastructuurwerken wensen uit te voeren binnen het project Witte Kaproenenpark (fase 2).
Het project omvat het integraal heraanleggen van het openbaar domein ten behoeve van de nieuwe sociale woningen van Thuispunt Gent, gelegen binnen het bouwblok gevormd door de de Gebroeders De Smetstraat, de Aloïs Joosstraat, de Madeleine Schauvliegestraat, de Elyzeese Velden en de Schaliestraat. De Cornelis Sneyssonestraat en Nicolaas Zannekinstraat kunnen worden meegenomen in de integrale heraanleg. Binnen dit bouwblok worden de bestaande appartementsblokken in eigendom van Thuispunt Gent gesloopt en vervangen door nieuwe één- en meergezinswoningen, een kinderdagverblijf, spelotheek en een consultatieruimte.
De subsidiepercentages die de VMSW te haren laste kan nemen worden bepaald door:
Bovenstaande is onder voorbehoud van toekomstige wijzigingen in de regelgeving.
Het niet-subsidiabele deel van de werken wordt ten laste genomen door:
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Staf Departement Stedelijke Ontwikkeling |
| Budgetplaats | PR40969 |
| Categorie* | I |
| Subsidiecode |
|
| 2028 | 27.000 |
| 2029 | 0 |
| 2030 | 0 |
| 2031 | 0 |
| 2032 | 121.500 |
| 2033 | 121.500 |
| Totaal | 270.000 |
Keurt goed de samenwerkingsovereenkomst met De Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen, met maatschappelijke zetel te 1000 Brussel, Havenlaan 88 bus 94, de opdrachthoudende vereniging Farys, Stropstraat 1, 9000 Gent, en de Woonmaatschappij Thuispunt Gent bv, Lange Steenstraat 54, 9000 Gent, voor 'Aanleg wegen-, riolerings- en omgevingswerken op de wijk: ‘Witte Kaproenenpark fase 2’ te Gent' zoals gevoegd in bijlage.
In 2021 sloot de Stad subsidieovereenkomsten met de toenmalige sociale huisvestingsmaatschappijen WoninGent, De Gentse Haard, ABC en Volkshaard om financieel te ondersteunen in het verhogen en versnellen van de realisatiegraad van het sociaal huuraanbod in Gent. De bijhorende investeringssubsidies waren een aanvulling op de Vlaamse financiering om cashflowmatig bij te springen als overbrugging van het uitgestelde effect van de Gewestelijke Sociale Correctie (GSC), een Vlaamse werkingssubsidie voor sociale huisvestingsmaatschappijen (thans woonmaatschappijen), en als tegemoetkoming in de prefinancieringslast in het voortraject van sociale woonprojecten.
In 2024 werden de overeenkomsten met WoninGent, De Gentse Haard en ABC samengevoegd en vervangen door een nieuwe subsidieovereenkomst met de woonmaatschappij Thuispunt Gent. De investeringssubsidies garandeerden zo de minimale liquiditeitsbuffer voor de uitvoering van het investeringsmeerjarenplan van Thuispunt Gent en werden opgenomen in het financieel plan van Thuispunt Gent.
In 2025 werd een addendum op de subsidieovereenkomst met Thuispunt Gent goedgekeurd om ervoor te zorgen dat de ontvangsten die Thuispunt Gent in 2025 had voorzien in het financieel plan ook effectief konden gerealiseerd worden. Ook werden met het addendum de onbenutte middelen van Dimensa (rechtsopvolger van Volkshaard) aan Thuispunt Gent overgedragen.
In totaal zal een bedrag van 21.977.250 euro besteed zijn in de periode 2021-2027. Hiermee is een hefboom in de cashflow van Thuispunt Gent (en Dimensa) gecreëerd voor de realisatie van 2.571 woningen in renovatie en vervangingsbouw en 943 woningen in nieuwbouw en aankoop.
Thuispunt Gent investeert met het huidige investeringsmeerjarenplan in totaal ca. 2,5 miljard euro in sociale woonprojecten. De investeringen die Thuispunt Gent deze legislatuur zal doen voor de vernieuwing en uitbreiding van het sociaal huuraanbod in Gent zijn aanzienlijk. In de periode 2026-2031 zijn 5.303 woningen in renovatie en vervangingsbouw en 1.193 woningen in nieuwbouw opgenomen in versie Q4/2025 van het investeringsmeerjarenplan, in de fase van opname in de Vlaamse meerjarenplanning voor sociale woonprojecten of als aankoop goede woning (AGW).
Een substantiële tussenkomst via de Gewestelijke Sociale Correctie wordt in het financieel plan van Thuispunt Gent pas gesimuleerd vanaf 2032. Tot dan zullen bijkomende investeringssubsidies van de Stad nodig zijn om de minimale liquiditeitsbuffer voor de uitvoering van het investeringsmeerjarenplan van Thuispunt Gent te kunnen aanhouden.
In het Strategisch Meerjarenplan van de Stad is het budget van 29.804.882 euro voorzien. Dit bedrag aan investeringssubsidies creëert een hefboom in de cashflow van Thuispunt Gent voor ongeveer 4.500 woningen in een combinatie van renovatie, vervangingsbouw, nieuwbouw en aankoop.
De nieuwe subsidieovereenkomst, opgemaakt in overleg met de Juridische Dienst, wordt gesloten voor een periode van zes jaar en vormt dus een uitzondering op het principe om dergelijke overeenkomsten slechts voor 3 jaar af te sluiten. De reden is dat het investeringsmeerjarenplan van Thuispunt Gent, om dergelijke omvangrijke investeringen te kunnen doen, meer zekerheid dient te hebben over een constante cashflow dan over de periode van 3 jaar en er pas vanaf 6 jaar sprake is van structurele ondersteuning. Zo heeft Thuispunt Gent voldoende zekerheid in het uitvoeren van het langdurige investeringstraject voor de vernieuwing en uitbreiding van het sociaal huuraanbod.
Om met het programma sociaal wonen tegen 2050 te evolueren naar een meer behoeftedekkend en toekomstbestendig sociaal huuraanbod met 20% sociale huurwoningen ten opzichte van het aantal Gentse huishoudens zullen aanzienlijke investeringen nodig blijven in zowel bijkomende als te vernieuwen sociale woningen. In het licht van de aanpassing van de Vlaamse financiering in het besluit goedgekeurd door de Vlaamse regering op 13 februari 2026 kunnen de investeringssubsidies van de Stad worden beschouwd als een bijkomende ondersteuning van de investeringscashflow van Thuispunt Gent. Op basis van de impact van het nieuwe financieringsbesluit van de Vlaamse regering, het effect hiervan op het financieel plan van Thuispunt Gent (in casu de timing en hoogte van de Gewestelijk Sociale Correctie) en de marktomstandigheden zal onderzocht worden wat de haalbaarheid en timing is van potentiële extra groei die momenteel nog niet voorzien is in het financieel plan van Thuispunt Gent.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Wonen |
| Budgetplaats | 3573500TP |
| Categorie* | I |
| Subsidiecode | Niet_relevant |
| 2026 | 9.858.636,00 |
| 2027 | 9.373.830,00 |
| 2028 | 4.719.978,00 |
| 2029 | 2.145.426,00 |
| 2030 | 2.424.706,00 |
| 2031 | 1.282.306,00 |
| Totaal | 29.804.882,00 |
Er zijn geen ontvangsten
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, tweede lid, 4°.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 386.
In het kader van de realisatie van de groenpool Parkbos, werkte de Stad Gent mee aan een samenwerkingsverband tussen het Vlaams Gewest, de gouverneur van de Provincie Oost-Vlaanderen in de hoedanigheid van commissaris van de Vlaamse Regering, de Provincie Oost-Vlaanderen, Toerisme Vlaanderen vzw, Stad Gent, Gemeente De Pinte, Gemeente Sint-Martens-Latem, het Agentschap voor Natuur en Bos, Natuurinvest en de Vlaamse Landmaatschappij. Dit samenwerkingsverband bestaat sinds 2007.
De laatste beslissing van de gemeenteraad hierover dateert van 30 januari 2023, waarbij een addendum werd goedgekeurd bij de Samenwerkingsovereenkomst voor de realisatie van de groenpool Parkbos. In dat addendum werd expliciet vermeld dat na deze periode geen nieuwe samenwerkingsovereenkomst meer zou worden gesloten, maar dat de partners zouden verder werken via een duurzame organisatiestructuur.
Stad Gent en het Agentschap voor Natuur en Bos voorzien geen bijdrage meer voor de aanstelling van de centrale parkboscoördinator. Stad Gent zal via de inzet van eigen Groenpoolcoördinator verder een inhoudelijke bijdrage leveren en de samenwerking constructief verderzetten met de andere Parkbos-partners i.f.v. het bewaken van de eigenheid en de eenheid van het Parkbos. Bijkomend zal de Stad Gent aansluiten bij vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei (met oog op de wijken Drongen, Sint-Denijs-Westrem en Zwijnaarde).
Dit vergt een deelname van de Stad Gent in de de vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei.
Een 'Regionaal Landschap' is een samenwerkingsverband tussen (lokale) overheden en middenveldorganisaties. Via kleinschalige realisaties en acties wordt de draagvlak voor natuur en landschap bij de burgers vergroot. De 18 Regionaal Landschappen in Vlaanderen behouden en versterken natuur, erfgoed en streekidentiteit, klimaat, draagvlak en beleving. Zij brengen partners en inwoners rond deze thema's samen.
In eerste instantie is vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei gericht op het adviseren en informeren van de inwoners. Dit doen zij door:
Om de inwoners de mogelijkheid te geven om van dit basisaanbod gebruik te maken zal de Stad Gent hiervoor een jaarlijkse lidmaatschapsbijdrage van 0,32 €/inwoner betalen, en dit enkel voor hierna genoemde wijken. Voor de wijken Drongen, Sint-Denijs-Westrem en Zwijnaarde bedraagt deze bijdrage 8.777,92 euro in totaal in 2026. Deze bijdrage wordt jaarlijks aangepast aan de index (1,5 %).
Dit strookt met artikel 12 van de statuten van de vzw over de lidmaatschapsbijdrage. Dit artikel bepaalt dat de werkende en toegetreden leden een jaarlijkse lidmaatschapsbijdrage betalen, die wordt vastgelegd door de algemene vergadering, op voorstel van het bestuursorgaan. Voor de gemeenten bedraagt deze bijdrage maximum 1 euro per inwoner.
De aansluiting bij vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei heeft voor de Stad Gent tot doel enerzijds de werking rond het Parkbos verder te zetten en anderzijds in functie van het versterken van de landschapskwaliteit samen te werken met inwoners en landbouwers en hen hierrond te informeren en ondersteunen via de werking van het Regionaal Landschap.
Naast dit basispakket kan de Stad Gent indien gewenst en passend binnen de uitvoering van de voorliggende beleidsvisies m.b.t. tot landbouw, landschap, natuur, erfgoed en recreatie ook projectmatig met vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei samenwerken. Dit gebeurt op offertebasis.
Aan de gemeenteraad wordt nu gevraagd de deelname van de Stad in vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei goed te keuren, op basis van de huidige geldende statuten van betrokken vzw.
De vraag tot toetreding van de Stad Gent zal uiteindelijk worden voorgelegd ter goedkeuring aan de Algemene Vergadering van vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei, die plaats vindt op 3 april 2026.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Groendienst | ||
| Budgetplaats | 357220100 | ||
| Categorie* | E | ||
| Subsidiecode | Niet_Relevant | ||
| 2026 | 8.777,92 euro | ||
| 2027 | 8.909,59 euro | ||
| 2028 | 9.043,23 euro
|
|
|
| 2029 | 9.178,88 euro
|
|
|
| 2030 | 9.316,56 euro
|
|
|
| 2031 | 9.456,31 euro
|
|
|
| Later | |||
| Totaal | 54.682,50 euro |
Keurt goed dat de Stad Gent zal deelnemen in vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei, conform de huidige geldende statuten (zoals informatief gevoegd in bijlage), inclusief het jaarlijkse lidgeld van 8.777,92 euro. Deze bijdrage wordt jaarlijks aangepast aan de index (1,5 %).
De Gemeentelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening (GECORO) nam kennis van het jaarverslag over haar werking, de door haar verrichte activiteiten en het beheer van de werkingsmiddelen tijdens het afgelopen kalenderjaar 2025. De GECORO keurde dit jaarverslag 2025 unaniem goed.
Het jaarverslag 2025 van de GECORO bevat volgende hoofdstukken:
De voorzitter van de GECORO moet jaarlijks over het beheer van de werkingsmiddelen verslag uitbrengen aan de gemeenteraad.
Neemt kennis van het jaarverslag 2025 over de werking van de Gemeentelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening, de door haar verrichte activiteiten en het beheer van de werkingsmiddelen tijdens het afgelopen kalenderjaar 2025.
Het betreft de toekenning van een subsidie voor algemene werking aan de vzw Gentse Vereniging voor Stad Archeologie Landschap Monument (afgekort: GVSALM vzw), Zombeekstraat 24, 9031 Drongen, op basis van een subsidieovereenkomst voor de periode 2026-2028.
Aan deze subsidieovereenkomst zijn specifieke prestaties en indicatoren gekoppeld die het voor de vzw mogelijk maken om te rapporteren over de activiteiten waarvoor de subsidie wordt gebruikt.
De uitvoerder, vzw GVSALM heeft tot doel het coördineren en organiseren van verschillende activiteiten in verband met archeologie, landschap en monument (gebouwen met erfgoedwaarde). Daarnaast ondersteunt en stimuleert de uitvoerder het onderzoek, het behoud, de restauratie, de herbestemming, de ontsluiting en alle mogelijke facetten die hierbij aansluiten. Het werkgebied is Groot Gent.
De uitvoerder draagt ook bij aan de doelstellingen, de werking en de projecten van Stad Gent als erkende onroerenderfgoedgemeente. Ze ondersteunt de Dienst Stadsarcheologie en Monumentenzorg bij kennisverspreiding en publiekswerking. In deze subsidieovereenkomst worden de activiteiten en indicatoren opgelijst waartoe de uitvoerder zich verbindt in ruil voor de subsidie.
De subsidie moet worden gebruikt voor de werking van de vzw GVSALM. Die heeft tot doel om allerhande activiteiten in verband met onroerend erfgoed te coördineren en te organiseren zodat ieder die belangstelling heeft voor het Gentse verleden wordt geïnformeerd. Gelet op de Wet van 14 november 1983, betreffende de controle op toekenning en aanwending van sommige toelagen, moet een subsidie gebruikt worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en moet het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet moet de subsidie terugbetaald worden.
Met de vzw GVSALM werd een ontwerp van subsidieovereenkomst opgemaakt voor specifieke prestaties die gericht is op de kennisverspreiding en publiekswerking in verband met archeologie, landschappen en monumenten in de periode 2026-2028. Er wordt een subsidie van 4.337,75 euro per jaar voorzien die jaarlijks wordt geïndexeerd volgens de bepalingen in de overeenkomst. De overeenkomst gaat in op 1/04/2026 en loopt tot 31/12/2028.
Hiertoe werd de subsidieovereenkomst Subsidieovereenkomst met de vzw Gentse Vereniging voor Stad, Archeologie, Landschap en Monument voor specifieke prestaties 2026-2028 met vzw Gentse Vereniging voor Stad, Archeologie, Landschap en Monument, Zombeekstraat 25, 9031 Drongen opgemaakt voor de periode van 3 jaar, waarbij een jaarlijkse subsidie wordt toegekend van 4.337,75 euro die jaarlijks wordt geïndexeerd volgens de bepalingen in de overeenkomst.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Stadsarcheologie en Monumentenzorg | ||
| Budgetplaats | 35355000 | ||
| Categorie* | E | ||
| Subsidiecode | niet relevant | ||
| 2022 | |||
| 2023 | |||
| 2024 | |||
| 2025 | |||
| 2026 | 3.903,98 | ||
| 2027 | 4.415,83 | ||
| 2028 | 4.504,15 |
|
|
| 2029
|
451,30 |
|
|
| Later | |||
| Totaal | 13.275,26 |
De hogeschool Odisee vzw voorziet op de Technologiecampus begrepen tussen de Guldenvliesstraat en de Gebroeders De Smetstraat 1 te 9000 Gent, in een nieuw project omvattende de oprichting van een onderwijsgebouw en een gebouw voor studentenhuisvesting.
De Stad geeft hierbij als last van de vergunning de afstand van een groenzone opgelegd die zowel de gebruikers van de campus als de gemeenschap zal ten goede komen.
Die zal later na de aanleg naar de stad ten titel van eeuwigdurende erfpacht overkomen.
In haar project voorziet Odisee Vzw met akkoord van de stad de bebouwing van een deel van de Guldenvliesstraat die grenst aan hun campus, in ruil waarvoor de stad een perceel grond eigendom van Odisee Vzw, verkrijgt die het nieuwe deel van de Guldenvliesstraat zal vormen.
De desaffectatie van het te bebouwen deel van de Guldenvliesstraat werd beslist op 8 januari 2026 door het college van burgemeester en schepenen.
De principiële afspraken omtrent de wederzijdse grondafstand en de erfpacht werden juridisch verankerd in een overeenkomst tussen Odisee VZW en de stad Gent, die samen met de aanvraag van de omgevingsvergunning werd goedgekeurd door de gemeenteraad van 25 september 2023.
Gezien de start van de werken met onder meer de benodigde grond van de stad dient de ruilovereenkomst concreet te worden uitgewerkt wat het voorwerp uitmaakt van onderhavige goedkeuring.
Beschrijving van de goederen - 15 de afdeling
A - eigendom van de Stad Gent:
- Een perceel grond gelegen te 9000 Gent, aan en nabij de Guldenvliesstraat, thans gekend bij het kadaster of het geweest zijnde onder Gent, 15e afdeling, sectie F, zonder perceelnummer en deel van het openbaar domein, aangeduid op plan als kavel 2, met een oppervlakte volgens meting zevenhonderdzesendertig vierkante meter (736m²);
- Een perceel grond gelegen te 9000 Gent, aan en nabij de Guldenvliesstraat, thans gekend bij het kadaster of het geweest zijnde onder Gent, 15e afdeling, sectie F, zonder perceelnummer en deel van het openbaar domein, aangeduid op plan als kavel 4, met een oppervlakte volgens meting vier vierkante meter (4m²);
Met
B - Eigendom van Odisee vzw
- Een deel van een perceel grond gelegen Stad Gent - afdeling 15 gelegen te 9000 Gent, aan en nabij de Bargiekaai, thans gekend bij het kadaster of het geweest zijnde onder Gent, 15e afdeling, sectie F, perceelnummer 3685d2, aangeduid op plan als kavel kavel 1, met een oppervlakte volgens meting zeshonderdvijftig vierkante meter (650 m²);
- Een deel van een perceel grond gelegen Stad Gent - afdeling 15 gelegen te 9000 Gent, aan en nabij de Bargiekaai, thans gekend bij het kadaster of het geweest zijnde onder Gent, 15e afdeling, sectie F, perceelnummer 3677e, aangeduid op plan als kavel 3, met een oppervlakte volgens meting zeven vierkante meter (7 m²);
De goederen werden opgemeten door Wouter de Maegt, landmeter-expert hiertoe beëdigd door de Rechtbank van Eerste Aanleg te Gent.
De ruil kan gerealiseerd worden zonder opleg.Op 26 januari 2015 heeft de gemeenteraad goedkeuring verleend aan de overeenkomst betreffende de inrichting, openstelling, beheer en onderhoud van de tuin te 9000 Gent, in de Melkerijstraat/Ottergemsesteenweg, tussen UGent en de Stad Gent, eigendom van de UGent en in gebruik gegeven aan de Stad Gent.
De overeenkomst eindigde van rechtswege op 31 januari 2020.
De Stad contacteerde tijdig de UGent met de vraag tot hernieuwing van de overeenkomst. De afgelopen jaren onderzocht de UGent de gebruiksmogelijkheden van deze zone. Intussen werd de tuin verder opengesteld aan de buurt en beheerd door de Groendienst. Dit werd door de UGent gedoogd.
Er werd door de UGent beslist om de overeenkomst met de Stad te hernieuwen voor de duur van 10 jaar, aan alle lasten en voorwaarden van de voorheen geldende overeenkomst, met uitzondering van de vergoeding die gebracht wordt op een geschatte vergoeding van €1.450,00 per jaar. Dit bedrag is voor de Stad aanvaardbaar gezien begrepen binnen de grenzen van de eigen schatting opgemaakt door beëdigd landmeter-expert Bart Vermeiren.
Er wordt voorgesteld om de overeenkomst betreffende de inrichting, openstelling, beheer en onderhoud van de tuin te 9000 Gent, in de Melkerijstraat/Ottergemsesteenweg goed te keuren betreffende het gebruik van:
Samen met een oppervlakte volgens opmeting van 7.259 m².
De overeenkomst wordt gesloten met de UGent - waarbij het in gebruik gegeven goed uitsluitend wordt aangewend voor het inrichten en openstellen ten behoeve van de buurt - voor bepaalde duur van 10 jaar, met aanvang vanaf 1 april 2026 en om te eindigen op 31 maart 2036 en kan niet worden opgezegd.
De gevolgkosten worden geraamd door de Groendienst op €5.530,00 per jaar.
| Dienst* | Groendienst |
| Budgetplaats | 3572503IH |
| Categorie* | E |
| 2026 | 1.450,00 |
| 2027 | 1.450,00 |
| 2028 | 1.450,00 |
| 2029 | 1.450,00 |
| 2030 | 1.450,00 |
| 2031 | 1.450,00 |
| 2032 | 1.450,00
|
| 2033 | 1.450,00 |
| 2034 | 1.450,00
|
| 2035 | 1.450,00
|
| Totaal | 14.500,00 |
Keurt goed de bijgevoegde overeenkomst betreffende de inrichting, openstelling, beheer en onderhoud van de tuin te 9000 Gent, in de Melkerijstraat/Ottergemsesteenweg met betrekking tot:
Samen met een oppervlakte volgens opmeting van 7.259 m², voor bepaalde duur van 10 jaar, ingaande vanaf 1 april 2026 en om te eindigen op 31 maart 2036.
Bij authentieke akte verleden voor notaris Blindeman, op 4 juli 2017, werd tussen de Stad Gent en de vzw ‘Koninklijke Vereniging voor Dierenbescherming’, een opstalovereenkomst afgesloten met betrekking tot het onroerend goed, gelegen te 9000 Gent, Noorderlaan 9, kadastraal bekend onder Gent, 9de afdeling, sectie B, deel van percelenummer 0658X 02 en 0658V 02, op heden kadastraal bekend onder percelenummer 658C2/2, waarbij de Stad Gent, een opstalrecht verleende aan de vzw ‘Koninklijke Vereniging voor Dierenbescherming’ voor een periode van 50 jaar, ingaande op 1 augustus 2017 en eindigend op 31 juli 2067, met het oog op de oprichting van een gebouw, hoofdzakelijk bestemd als dierenasiel voor honden en katten en andere huisdieren, dierenpension of aanverwanten.
Bij authentieke akte verleden voor notaris Blindeman, op 11 juni 2019, werd tussen de Stad Gent en de vzw ‘Koninklijke Vereniging voor Dierenbescherming’, een bijakte nr. 1 aan voormelde opstalovereenkomst afgesloten, ingaande op 1 juli 2019 en eindigend op 31 juli 2067, met het oog op de toekenning aan de Stad Gent van een huurrecht op het bijgebouw, bestaande uit een berging en sanitair blok, voor een periode ingaand vanaf de 1ste van de maand volgend op de voorlopige oplevering van het bijgebouw en eindigend op 31 juli 2067.
In afwachting van de bouw van het bijgebouw werd tussen de Stad Gent en de vzw ‘Hondenschool Bassebeek’ een bruikleenovereenkomst d.d. 17 augustus 2017 gesloten, met als doel het gebruiksrecht te regelen betreffende het naastgelegen perceel grond, gelegen te 9000 Gent, Noorderlaan 8, kadastraal bekend onder Gent, 9de afdeling, sectie B, deel van percelenummer 0658X 02, op heden kadastraal bekend onder percelenummer 658B2/2. Dit perceel grond wordt sindsdien gebruikt als buitenterrein voor de Hondenschool.
Op 12 juni 2019 werd het bijgebouw opgeleverd.
Op 18 juli 2019 werd tussen de Stad Gent en de vzw ‘Hondenschool Bassebeek’ een bijakte nr. 1 aan de bruikleenovereenkomst d.d. 17 augustus 2017 gesloten, met als doel het gebruiksrecht voorlopig te regelen betreffende het bijgebouw, in afwachting van het sluiten van een definitieve overeenkomst tussen partijen.
Op 27 april 2020 werd voormelde bruikleenovereenkomst hernieuwd naar een huurovereenkomst, en dit voor de periode vanaf 1 december 2019 t.e.m. 30 november 2025.
Onderhavige overeenkomst heeft als doel de huurovereenkomst d.d. 27 april 2020 te hernieuwen voor een periode van 1 jaar, ingaande vanaf 1 december 2025 en eindigend op 30 november 2026.
De geschatte huurprijs voor dit goed bedraagt 6.386,23 euro per jaar. De huurder zal een bedrag van 1.596,56 euro per jaar betalen, en voor het saldo van 4.789,67 euro per jaar wordt een huursubsidie toegekend ter waarde van de gederfde huurontvangsten, binnen de bevoegdheid van de Sportdienst.
De huurder draagt de kosten voor elektriciteit, gas en water (EGW) van het bijgebouw, bestaande uit een berging en een sanitair blok. Deze kosten worden afgerekend op basis van de aanwezige tussenteller. De huurder verbindt er zich toe deze jaarlijkse afrekening rechtstreeks te betalen aan de opstalhouder, vzw Koninklijke Vereniging voor Dierenbescherming.
Door middel van dit besluit wordt gevraagd om de toekenning van een subsidie ter waarde van de gederfde huurontvangsten te bekrachtigen voor een bedrag van 4.789,67 euro per jaar aan de vzw Hondenschool Bassebeek, voor de huur van een perceel grond met bijgebouw, gelegen te Noorderlaan 8, en dit onder de volgende voorwaarden:
- de accommodatie kosteloos ter beschikking wordt gesteld aan de Stad (of activiteiten door de Stad goedgekeurd);
- de club de terreinen speelklaar maakt en de accommodatie ter beschikking stelt;
- het terrein mag niet betreden worden door dieren.
Tot slot wordt door middel van dit besluit gevraagd om het sluiten van de overeenkomst met vzw Hondenschool Bassebeek te bekrachtigen, voor de huur van het stadseigendom, gelegen te Noorderlaan 8, voor een periode van 1 jaar ingaande op 1 december 2025 en eindigend van rechtswege op 30 november 2026, en onder opschortende voorwaarde van de bekrachtiging door de gemeenteraad van het verstrekken van een subsidie aan deze huurder.
| Dienst* | Sportdienst |
| Budgetplaats | 344740000 |
| Categorie* | E. subs. |
| Subsidiecode | XHU.HUU |
| 2025 | 399,14 |
| 2026 | 4.390,53 |
| Totaal | 4.789,67 |
| Dienst* | Vastgoed | Vastgoed |
| Budgetplaats | 347250003 | 347250002 |
| Categorie* | E. subs. | E |
| Subsidiecode | XHU.HUU | NIET_RELEVANT |
| 2025 | 399,14 | 133,05 |
| 2026 | 4.390,53
|
1.463,51 |
| Totaal | 4.789,67 | 1.596,56 |
Bekrachtigt de toekenning van een nominatieve subsidie ter waarde van de gederfde huurinkomsten voor het bedrag van 4.789,67 euro per jaar aan de vzw 'Hondenschool Bassebeek', met maatschappelijke zetel te 9000 Gent, Koekoeklaan 9 ingeschreven in het rechtspersonenregister onder nummer 0434.406.184, voor de huur van het stadseigendom, gelegen te Gent, Noorderlaan 8 en dit onder de volgende voorwaarden:
- de accommodatie kosteloos ter beschikking wordt gesteld aan de Stad (of activiteiten door de Stad goedgekeurd);
- de club de terreinen speelklaar maakt en de accommodatie ter beschikking stelt;
- het terrein mag niet betreden worden door dieren.
De drie klantengroepen Dienst FM Onderwijs, FM Themagebouwen en FM Welzijn staan in voor het onderhoud en het operationeel beheer van de gebouwen van Groep Gent. Sommige werken zijn te omvangrijk of te complex waardoor een beroep moet kunnen worden gedaan op gespecialiseerde aannemers. Omdat er voor bepaalde locaties kort op de bal moet worden gespeeld en er niet kan worden gewacht met de uitvoering tot er een ontwerpdossier is opgemaakt, wordt de uitvoering van deze werken best voorzien via een raamovereenkomst.
De huidige "Raamovereenkomst voor onderhoud en vernieuwing van veiligheidsverlichting in gebouwen van Groep Gent" volgens bestek FM/2020/129 loopt ten einde op 31/07/2026, en dus moet een nieuwe overeenkomst worden opgemaakt.
Eind 2024 wijzigden in België de veiligheidsnormen NBN EN 1838 en NBN EN 50172. De eerste norm beschrijft waar noodverlichting moet geplaatst worden en welke lichtniveaus vereist zijn, de tweede norm beschrijft het onderhoud en de controle van de noodverlichting. Beide normen ondergingen belangrijke wijzigingen voor ruimtes waar mensen niet direct kunnen evacueren, zoals o.a. woonzorgcentra. Ook de aanwezigheid van permanent verlichte pictogrammen in openbare ruimtes, waar bezoekers snel de uitgang moeten kunnen vinden in een noodgeval, is nu een vereiste. Bijkomend werden de regels voor onderhoud en controle aangescherpt om de autonomie en sterkte van de verlichting te kunnen garanderen. Deze wijzigingen hebben dan ook een grote impact op de aantallen en types verlichting die moeten worden geplaatst in de gebouwen van Groep Gent.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 21 juni 2021 de Stad Gent gemachtigd om wat betreft zijn aandeel in diverse opdrachten op te treden als aanbestedende overheid en aankoopcentrale. Het OCMW Gent wenst voor haar aandeel in deze opdracht een beroep te doen op de Stad Gent welke laatste optreedt als aankoopcentrale. Hierdoor is het OCMW Gent vrijgesteld van de verplichting zelf een plaatsingsprocedure te organiseren. Op die manier kan het OCMW Gent binnen de opdracht rechtstreeks bestellingen afnemen bij de gekozen leverancier/dienstverlener.
Hiertoe werd het bestek van de overheidsopdracht van werken - Raamovereenkomst voor onderhoud en vernieuwing van veiligheidsverlichting in de gebouwen van Groep Gent - FWG/2026/001/EV/5875, opgemaakt.
De opdracht omvat volgende percelen:
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: volgens een gemengde opdracht.
Uitvoeringstermijn: 60 maanden.
Gunningscriteria:
Het geraamd aandeel voor het OCMW bedraagt € 2.107.438,02 exclusief btw, € 2.550.000 inclusief btw.
De bedragen in deze tabel zijn inclusief btw
| Dienst | FM Onderwijs | FM Onderwijs | FM Themagebouwen | FM Themagebouwen |
| Budgetplaats | 352000003 | 35123XXXX | 35124 | 35124 |
| Categorie | E | I | E | I |
| 2026 | € 170.000 | € 45.000 | € 75.000 | € 400.000 |
| 2027 | € 510.000 | € 130.000 | € 160.000 | € 800.000 |
| 2028 | € 510.000 | € 130.000 | € 165.000 | € 800.000 |
| 2029 | € 510.000 | € 130.000 | € 170.000 | € 800.000 |
| 2030 | € 510.000 | € 130.000 | € 175.000 | € 800.000 |
| 2031 | € 340.000 | € 85.000 | € 90.000 | € 400.000 |
| Totaal | € 2.550.000 | € 650.000 | € 835.000 | € 4.000.000 |
| Dienst | Politie | Politie | HVZC | HVZC |
| Budgetplaats | 33000/125-06 | 33000/125-06 |
|
|
| Categorie | E | I | E | I |
| 2026 | € 20.000 | € 25.000 | € 2.500 | € 5.000 |
| 2027 | € 40.000 | € 50.000 | € 5.000 | € 10.000 |
| 2028 | € 40.000 | € 50.000 | € 5.000 | € 10.000 |
| 2029 | € 40.000 | € 50.000 | € 5.000 | € 10.000 |
| 2030 | € 40.000 | € 50.000 | € 5.000 | € 10.000 |
| 2031 | € 20.000 | € 25.000 | € 2.500 | € 5.000 |
| Totaal | € 200.000 | € 250.000 | € 25.000 | € 50.000 |
| Dienst | FM Welzijn
(WELZ) |
FM Welzijn
(WELZ) |
FM Welzijn
(OCMW) |
FM Welzijn
(OCMW) |
| Budgetplaats | 3520700 | 3520700 | O111100 | O111100 |
| Categorie | E | I | E | I |
| 2026 | € 9.000 | € 36.000 | € 34.000 | € 136.000 |
| 2027 | € 26.000 | € 104.000 | € 102.000 | € 408.000 |
| 2028 | € 26.000 | € 104.000 | € 102.000 | € 408.000 |
| 2029 | € 26.000 | € 104.000 | € 102.000 | € 408.000 |
| 2030 | € 26.000 | € 104.000 | € 102.000 | € 408.000 |
| 2031 | € 17.000 | € 68.000 | € 68.000 | € 272.000 |
| Totaal | € 130.000 | € 520.000 | € 510.000 | € 2.040.000 |
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van werken - Raamovereenkomst voor onderhoud en vernieuwing van veiligheidsverlichting in de gebouwen van Groep Gent - FWG/2026/001/EV/5875.
De opdracht omvat volgende percelen:
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: volgens een gemengde opdracht.
Uitvoeringstermijn: 60 maanden.
Gunningscriteria:
- Prijs (90 punten)
- Garantie op de toestellen (10 punten).
De huidige raamovereenkomsten voor asbestsanering binnen de Groep Gent — FEG/2022/004/GDR/ID5268 (FM Onderwijs, einddatum 31 juli 2026), FEG/2021/013/GDR/ID5112 perceel 2 (FM Themagebouwen, einddatum 14 september 2026) en FEG/2021/013/GDR/ID5112 perceel 3 (FM Welzijn, einddatum 15 augustus 2026) — lopen af in 2026, terwijl de nood aan asbestverwijdering structureel en doorlopend blijft.
Om de continuïteit van saneringswerken te garanderen, te voldoen aan de Vlaamse doelstellingen rond asbestafbouw (2034 en 2040) en om in aanmerking te blijven komen voor subsidies, is het noodzakelijk tijdig een nieuwe overheidsopdracht op te starten. Daarnaast vereisen gezondheids- en veiligheidsrisico’s en wettelijke verplichtingen dat deze werken worden uitgevoerd door erkende gespecialiseerde aannemers via een correct aanbestedingskader. Daarom is het verantwoord en noodzakelijk om vóór het aflopen van de huidige contracten een nieuwe raamovereenkomst voor asbestsanering op te starten en te gunnen.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 21 juni 2021 de Stad Gent gemachtigd om wat betreft zijn aandeel in diverse opdrachten op te treden als aanbestedende overheid en aankoopcentrale.
Het OCMW Gent wenst voor haar aandeel in deze opdracht beroep te doen op de Stad Gent welke laatste optreedt als aankoopcentrale. Hierdoor is het OCMW Gent vrijgesteld van de verplichting zelf een plaatsingsprocedure te organiseren.
Op die manier kan het OCMW Gent binnen de opdracht rechtstreeks bestellingen afnemen bij de gekozen leverancier/dienstverlener.
Hiertoe werd het bestek van de overheidsopdracht van werken - Raamovereenkomst voor asbestverwijdering - FEG/2025/010/GDR/ID5835 (2 percelen), opgemaakt:
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: gemengde prijsvaststelling.
Uitvoeringstermijn: 48 maanden.
Gunningscriteria: prijs
Het geraamd aandeel voor het OCMW bedraagt 325.000 euro, inclusief btw.
Perceel 1 - FM Onderwijs
| Dienst | FM Onderwijs | FM Onderwijs | FM Onderwijs | FM Onderwijs |
| Budgetplaats | 352000003 | 352000003 | 3512300F6 | 3512300F6 |
| 6Categorie | EXP 6% BTW | EXP 21% BTW | INV 6% BTW | INV 21% BTW |
| 2026 | € 80.000 | € 20.000 | € 320.000 | € 80.000 |
| 2027 | € 240.000 | € 60.000 | € 960.000 | € 240.000 |
| 2028 | € 240.000 | € 60.000 | € 960.000 | € 240.000 |
| 2029 | € 240.000 | € 60.000 | € 960.000 | € 240.000 |
| 2030 | € 160.000 | € 40.000 | € 640.000 | € 160.000 |
| totaal | € 960.000 | € 240.000 | € 3.840.000 | € 960.000 |
Perceel 2 - FM Themagebouwen / FM Welzijn (OCMW)
| Dienst | FM Themagebouwen | FM Themagebouwen | Politie | Politie |
| Budgetplaats | 3512400F6 | 3512400F6 | 33000/125-06 | 33000/125-06 |
| Categorie | EXP | INV | EXP | INV |
| 2026 | € 15.000 | € 95.000 | € 10.000 | € 15.000 |
| 2027 | € 70.000 | € 335.000 | € 40.000 | € 70.000 |
| 2028 | € 70.000 | € 335.000 | € 40.000 | € 70.000 |
| 2029 | € 70.000 | € 335.000 | € 40.000 | € 70.000 |
| 2030 | € 50.000 | € 250.000 | € 30.000 | € 50.000 |
| totaal | € 275.000 | € 1.350.000 | € 160.000 | € 275.000 |
| Dienst | FM Welzijn | FM Welzijn |
| Budgetplaats | OCMW | OCMW |
| Categorie | EXP | INV |
| 2026 | € 5.000 | € 50.000 |
| 2027 | € 5.000 | € 60.000 |
| 2028 | € 5.000 | € 60.000 |
| 2029 | € 5.000 | € 65.000 |
| 2030 | € 5.000 | € 65.000 |
| totaal | € 25.000 | € 300.000 |
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van werken - Raamovereenkomst voor asbestverwijdering - FEG/2025/010/GDR/ID5835 (2 percelen).
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: gemengde prijsvaststelling.
Uitvoeringstermijn: 48 maanden.
Gunningscriteria: prijs.
Staalnames en luchtmetingen maken momenteel nog deel uit van de algemene raamovereenkomsten voor asbestsanering binnen de Groep Gent — FEG/2022/004/GDR/ID5268 (FM Onderwijs, einddatum 31 juli 2026), FEG/2021/013/GDR/ID5112 perceel 2 (FM Themagebouwen, einddatum 14 september 2026) en FEG/2021/013/GDR/ID5112 perceel 3 (FM Welzijn, einddatum 15 augustus 2026. Omdat deze werkzaamheden echter uitsluitend mogen worden uitgevoerd door gespecialiseerde vaklui en erkende laboratoria, hebben we onvoldoende grip op de verplichting tot uitvoering volgens de vooraf afgesproken kwaliteits- en tijdsafspraken (SLA’s).
Om deze reden is het opportuun om de staalnames en luchtmetingen in kader van asbestsanering voortaan afzonderlijk op te nemen in een aparte raamovereenkomst voor diensten.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 21 juni 2021 de Stad Gent gemachtigd om wat betreft zijn aandeel in diverse opdrachten op te treden als aanbestedende overheid en aankoopcentrale.
Het OCMW Gent wenst voor haar aandeel in deze opdracht beroep te doen op de Stad Gent welke laatste optreedt als aankoopcentrale. Hierdoor is het OCMW Gent vrijgesteld van de verplichting zelf een plaatsingsprocedure te organiseren.
Op die manier kan het OCMW Gent binnen de opdracht rechtstreeks bestellingen afnemen bij de gekozen leverancier/dienstverlener.
Hiertoe werd het bestek van de overheidsopdracht van diensten - Raamovereenkomst voor het uitvoeren van staalnames en luchtmetingen in het kader van asbestsanering - FEG/2026/000/GDR/ID5882, opgemaakt.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: gemengde prijsvaststelling.
Uitvoeringstermijn: 48 maanden.
Gunningscriteria: prijs
Deze raamovereenkomst is ter ondersteuning van de overheidsopdracht van werken - Raamovereenkomst voor asbestverwijdering - FEG/2025/010/GDR/ID5835, waarvan de vaststelling van het bestek in deze zitting van het college wordt voorgelegd.
Het geraamd aandeel voor het OCMW bedraagt 41.000 euro, inclusief btw.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst | FM Onderwijs | FM Onderwijs | FM Onderwijs | FM Onderwijs |
| Budgetplaats | 352000003 | 352000003 | 351230000 | 351230000 |
| Categorie | EXP 6% BTW | EXP 21% BTW | INV 6% BTW | INV 21% BTW |
| 2026 | € 6.400,00 | € 1.600,00 | € 20.000,00 | € 5.000,00 |
| 2027 | € 15.000,00 | € 3.750,00 | € 60.000,00 | € 15.000,00 |
| 2028 | € 15.000,00 | € 3.750,00 | € 60.000,00 | € 15.000,00 |
| 2029 | € 15.000,00 | € 3.750,00 | € 60.000,00 | € 15.000,00 |
| 2030 | € 8.600,00 | € 2.150,00 | € 40.000,00 | € 10.000,00 |
| totaal | € 60.000,00 | € 15.000,00 | € 240.000,00 | € 60.000,00 |
| Dienst | FM Themagebouwen | FM Themagebouwen | Politie |
| Budgetplaats | 351240000 | 351240000 | 33000/125-06 |
| Categorie | EXP | INV | EXP |
| 2026 | € 20.000,00 | € 10.000,00 | € 5.000,00 |
| 2027 | € 80.000,00 | € 10.000,00 | € 5.000,00 |
| 2028 | € 80.000,00 | € 10.000,00 | € 5.000,00 |
| 2029 | € 80.000,00 | € 10.000,00 | € 5.000,00 |
| 2030 | € 80.000,00 | € 10.000,00 | € 5.000,00 |
| totaal | € 340.000,00 | € 50.000,00 | € 25.000,00 |
| Dienst | FM Welzijn | FM Welzijn |
| Budgetplaats | OCMW | OCMW |
| Categorie | EXP | INV |
| 2026 | € 2.000,00 | € 5.000,00 |
| 2027 | € 2.000,00 | € 5.000,00 |
| 2028 | € 2.500,00 | € 6.000,00 |
| 2029 | € 2.500,00 | € 6.000,00 |
| 2030 | € 3.000,00 | € 7.000,00 |
| totaal | € 12.000,00 | € 29.000,00 |
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van diensten - Raamovereenkomst voor het uitvoeren van staalnames en luchtmetingen in het kader van asbestsanering - FEG/2026/000/GDR/ID5882.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: gemengde prijsvaststelling.
Uitvoeringstermijn: 48 maanden.
Gunningscriteria: prijs.
In eerste instantie was er enkel plaatselijk herstel gepland (met Raamcontract). Tijdens het afnemen van de cementering werd duidelijk dat het achterliggend metselwerk in zeer slechte was en dus niet meer behouden kon worden.
De werken omvatten dus de integrale reconstructie van de bestaande poort, exclusief hekwerk. Er werd reeds melding van werkzaamheden binnen beschermde stads- en dorpsgezichten gedaan. De wijziging van de uitvoering werd reeds besproken en goedgekeurd door Dienst Stadsarcheologie en Monumentenzorg.
De werken omvatten in eerste instantie het geheel volledig opmeten in functie van reconstructie. Na herstel van het funderingsmetselwerk kan gestart worden met heropmetselen van de onderdelen in baksteen en terugplaatsen van de gedemonteerde onderdelen in natuursteen. Het geheel dient opnieuw afgewerkt te worden met bossage in simili-pierre. Het oud hekwerk dient teruggeplaatst te worden.
Hiertoe werd het bestek van de overheidsopdracht van werken - Restauratie inkompoort - Kasteeldomein Claeys-Bouüaert, Kasteeldreef te 9030 Mariakerke - FAG/2025/033/KG/INV/5846, opgemaakt.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: opdracht met gemengde prijsvaststelling.
Uitvoeringstermijn: 120 werkdagen.
Gunningscriteria: prijs.
|
Dienst |
FM Themagebouwen |
|
Budgetplaats |
3512400EU |
|
Categorie (INV of EXP) |
INV |
|
Subsidiecode |
NIET_RELEVANT |
|
2026 |
210.000,00 |
|
2027 |
22.880,47 |
|
Totaal |
232.880,47 |
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van werken - Restauratie inkompoort - Kasteeldomein Claeys-Bouüaert, Kasteeldreef te 9030 Mariakerke - FAG/2025/033/KG/INV/5846.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: opdracht met gemengde prijsvaststelling.
Uitvoeringstermijn: 120 werkdagen.
Gunningscriteria: prijs.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 3.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Zorgverstrekkers ondervinden in Gent moeilijkheden om te parkeren tijdens de uitvoering van hun werk.
Het Mobiliteitsbedrijf werkte daarom in 2012 een project Parkeer en Zorg (P+Z) uit waarbij als structurele parkeeroplossing de inrij van bewoners als parkeerplaats kan worden aangeboden aan zorgverstrekkers met een gemeentelijke parkeerkaart zorgverstrekkers. Ter uitvoering van het project keurde de gemeenteraad een gebruikersreglement goed. Aan de hand van een P+Z sticker aan de inrij kan een bewoner aangeven dat een zorgverstrekker voor de inrij mag parkeren. Als de zorgverstrekker met een 'gemeentelijke parkeerkaart zorgverstrekkers' voor een inrij met P+Z sticker wil parkeren gedurende de verlening van de zorg, dan moet een Parkeer en Zorgkaart (P+Z kaart) worden voorgelegd met vermelding van een geldig mobiel nummer. De P+Z kaart en P+Z sticker worden kosteloos aangeboden.
Na positieve evaluatie van het project Parkeer en Zorg keurde de gemeenteraad een nieuw reglement goed waarbij de aanbieder zijn inrij niet meer verplicht online diende te registreren teneinde zo meer Gentenaars te stimuleren om een P+Z sticker aan hun inrij aan te brengen.
Vanuit signalen van de sector blijkt echter het verplicht vermelden van een mobiel telefoonnummer een drempel te zijn om een P+Z kaart aan te vragen. Het vermelden van een (mobiel) telefoonnummer zou dus vrijblijvend in plaats van verplichtend moeten zijn.
Met het reglement met betrekking tot de gemeentelijke parkeervergunning werd bovendien de gemeentelijke parkeervergunning “zorg” goedgekeurd. Naast individuele zorgverstrekkers en zorgverstrekkers die werkzaam zijn voor een organisatie voor zorgverstrekking kunnen ook mantelzorgers en organisaties voor georganiseerd vervoer voor minder mobiele personen, een gemeentelijke parkeervergunning “zorg” aanvragen. Het huidig reglement is niet meer in overeenstemming met de bestaande parkeervergunningen en dient te worden aangepast om gebruikt te kunnen worden.
Er is hiervoor een nieuw 'Reglement voor Parkeer en Zorg (P+Z)' opgemaakt met inwerkingtreding op 01 april 2026.
Het ‘Reglement voor Parkeer en Zorg (P+Z), zoals goedgekeurd in de gemeenteraad van 23 juni 2014, wordt opgeheven.
Het IVA Mobiliteitsbedrijf is belast met de controle op de uitvoering van dit reglement.
Stad Gent en De Lijn wensen samen de doorstroming van openbaar vervoer aan verkeerslichten te verbeteren. Los van de beleidsmatige wens voor een goede doorstroming van openbaar vervoer door de stad Gent, zijn we dit ook als wegbeheerder verplicht. Het Decreet betreffende de basisbereikbaarheid van 26 april 2019, artikel 47, paragraaf 2 bepaalt dat wegbeheerders de vlotte doorstroming garanderen voor het kernnet en aanvullend net en brengen daarvoor, in overleg met de exploitant, de nodige infrastructuur aan en onderhouden die.
Op heden zijn er, ondanks het Decreet basisbereikbaarheid, geen duidelijke afspraken tussen De Lijn en de Stad over verantwoordelijkheden over beïnvloeding van openbaar vervoer. Het ontbreken van deze afspraken zorgt ervoor dat projecten niet vlot verlopen en herstellingen soms onnodig lang duren omdat telkens opnieuw moet uitgeklaard worden wie welk deel van de herstellingen op zich neemt.
Hiertoe werd een samenwerkingsovereenkomst opgemaakt, ze heeft 2 doelen. Ten eerste maakt ze voor eens en voor altijd duidelijk wie voor welk deel van openbaar vervoer beïnvloeding verantwoordelijk is. Als gevolg hiervan zal vanaf ondertekening duidelijk zijn welk deel de Stad en welk deel De Lijn hoort op te nemen zowel qua uitvoering als qua financiering. De uitgangspunten van het Decreet worden hiermee gevolgd. Nieuwe projecten en herstellingen zullen hierdoor in de toekomst vlotter verlopen. Er zijn geen nieuwe uitgaven verbonden aan deze samenwerkingsovereenkomst. De financiële verplichtingen als gevolg van deze samenwerkingsovereenkomst zijn reeds bestendigd in verschillende budgetplaatsen. Zo werden de kosten voor de investeringen en exploitatie van de intelligente verkeerslichten reeds gebudgetteerd via het project van de uitrol van intelligente verkeerslichten op stadswegenis. Daarnaast worden de budgetten voor de exploitatie van de huidige OV-beïnvloeding toegevoegd aan de huidige budgetplaatsen voor beheer en onderhoud van de verkeerslichten.
Ten tweede doet de samenwerkingsovereenkomst uitspraken over op welke manier we aan doorstroming openbaar vervoer wensen te doen. Tot op heden gebeurt de inmelding van een openbaar vervoertuig via bekabeling in de grond, dit is een zeer dure aangelegenheid. In de samenwerkingsovereenkomst wordt bepaald dat beide partijen zich voorbereiden op een digitale inmelding van de voertuigen. Via ITS-technologie zullen openbaar vervoer voertuigen kunnen communiceren met de verkeerslichten en kan beïnvloeding voorzien worden.
1 januari 2030 wordt als streefdatum naar voorgeschoven. Stad gent engageert zich tegen 1 januari 2030 alle Gentse kruispunten met verkeerslichten met C-ITS-technologie uit te rusten. De Lijn engageert zich om de voertuigen die in Gent rijden tegen dan maximaal uit te rusten met C-ITS-technologie. In tussentijd vinden geen nieuwe investeringen in lussen meer plaats maar worden de huidige bestaande systemen door de stad onderhouden met een uitdovend beleid tegen 1 januari 2030 als doel.
Keurt goed de samenwerkingsovereenkomst met de Vlaamse Vervoersmaatschappij De Lijn, met maatschappelijke zetel te 2800 Mechelen, Motstraat 20, betreffende de openbaar vervoer-beïnvloeding aan verkeerslichten op de stadswegenis in Gent, zoals gevoegd in bijlage.
In zijn zitting van 27 januari 2025 delegeerde de gemeenteraad de bevoegdheid om de leden van het administratief en logistiek kader, van het kader van agenten van politie, van het basiskader en van het middenkader te benoemen en aan te werven, gedurende deze legislatuur, naar de burgemeester (gemeenteraadsbesluit 2025_GR_00038).
In bovenvermeld gemeenteraadsbesluit werd bepaald dat er driemaandelijks een rapportage aan de gemeenteraad zal plaatsvinden betreffende de ingevolge deze bevoegdheidsdelegatie getroffen benoemings- en aanwervingsbesluiten.
De rapportage over de periode januari 2026 - februari 2026 is in bijlage gevoegd en ligt ter kennisneming voor.
Neemt kennis van de bij dit besluit gevoegde rapportage 'Politiezone Gent - benoemingen en aanwervingen bij burgemeesterbesluit gedurende de periode januari 2026 - februari 2026'.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om goedkeuring te verlenen aan de vacantverklaring van 25 betrekkingen binnen het operationeel kader en 1 betrekking binnen het administratief en logistiek kader van Politiezone Gent in het raam van de tweede mobiliteitscyclus van 2026.
Voor de betrekkingen van inspecteur van politie (basiskader) wordt bovendien goedkeuring gevraagd om deze, indien ze niet via de reguliere mobiliteit worden ingevuld, aan te bieden via externe werving.
De politiezone stemt op het vlak van de rekruteringen haar voorstellen af op het budgettair kader dat het stadsbestuur voor de jaren 2026-2031 voor haar heeft vastgelegd en waakt erover om de aanwervingen te beperken tot wat voor een goede operationele werking noodzakelijk is.
De korpschef adviseert, in samenspraak met het directiecomité, om de volgende 26 functies vacant te verklaren in het raam van de tweede mobiliteitscyclus van 2026:
- 1 betrekking in het administratief en logistiek kader:
| Dienst | Functie | Graad |
| Dienst Human Resources
|
1 teamleider | consulent / niveau B
|
- 25 betrekkingen in het operationeel kader:
| Dienst | Functie | Graad |
| Wijkdienst | 2 medewerkers wijkzorgteam | inspecteur van politie
|
| Wijkdienst
|
4 medewerkers buurtwerk
|
inspecteur van politie
|
| Wijkdienst | 1 hoofdinspecteur met functionele gerechtelijke opleiding | hoofdinspecteur van politie |
| Wijkdienst | 1 (adjunct) teamleider fietsteam
|
hoofdinspecteur van politie
|
| Wijkdienst | 1 diensthoofd wijkdienst | hoofdcommissaris van politie |
| Lokale Recherchedienst | 3 rechercheurs | inspecteur van politie
|
| Verkeersdienst | 1 adjunct diensthoofd | commissaris van politie
|
| Interventiedienst | 1 adjunct diensthoofd | commissaris van politie |
| Interventiedienst | 10 medewerkers interventieteams | inspecteur van politie |
| Korpsleiding | 1 adjunct van de korpschef | hoofdcommissaris van politie |
Om de kansen op instroom te maximaliseren, kan de korpsleiding beslissen om (een aantal van) de voormelde betrekkingen, die niet via de reguliere mobiliteit ingevuld raken, via externe werving vacant te stellen.
De raming van de brutoloonkost (op jaarbasis) gebeurt op basis van de begrotingstool van het SSGPI ('Sociaal secretariaat van de geïntegreerde politie'):
| aantal en graad
|
bedrag |
| 2 hoofdcommissarissen van politie | € 303.913,40 (2 x € 151.956,70)
|
| 2 commissarissen van politie
|
€ 253.293,68 (2 x € 126.646,84) |
| 2 hoofdinspecteurs van politie | € 188.258,78 (2 x € 94.129,39) |
| 19 inspecteurs van politie | € 1.379.852,58 (19 x € 72.623,82)
|
| 1 consulent (niveau B) | € 64.275,47
|
Het totaal van de jaarlijkse brutoloonkost van de 26 vacante betrekkingen bedraagt 2.189.593,91 euro.
Keurt goed de vacantverklaring, in de tweede mobiliteitscyclus van 2026, van 1 betrekking in het administratief en logistiek kader en van 25 betrekkingen in het operationeel kader voor de volgende diensten van Politiezone Gent:
- 1 betrekking in het administratief en logistiek kader:
| Dienst | Functie | Graad |
| Dienst Human Resources
|
1 teamleider | consulent / niveau B |
- 25 betrekkingen in het operationeel kader:
| Dienst | Functie | Graad |
| Wijkdienst | 2 medewerkers wijkzorgteam | inspecteur van politie
|
| Wijkdienst
|
4 medewerkers buurtwerk
|
inspecteur van politie
|
| Wijkdienst | 1 hoofdinspecteur met functionele gerechtelijke opleiding | hoofdinspecteur van politie |
| Wijkdienst | 1 (adjunct) teamleider fietsteam | hoofdinspecteur van politie |
| Wijkdienst | 1 diensthoofd wijkdienst | hoofdcommissaris van politie |
| Lokale Recherchedienst | 3 rechercheurs | inspecteur van politie |
| Verkeersdienst | 1 adjunct diensthoofd | commissaris van politie
|
| Interventiedienst | 1 adjunct diensthoofd | commissaris van politie |
| Interventiedienst | 10 medewerkers interventieteams | inspecteur van politie |
| Korpsleiding | 1 adjunct van de korpschef | hoofdcommissaris van politie
|
Keurt goed dat de eventueel niet ingevulde betrekkingen van inspecteur van politie (basiskader), die vacant zijn verklaard in het raam van de tweede mobiliteitscyclus van 2026, ten belope van het door de korpsleiding bepaalde aantal, worden opengesteld via externe werving. Het openstellen van die betrekkingen kan over meerdere wervingsmomenten worden opgesplitst.
Binnen het Team Ondersteuning en Secretariaat van de Interventiedienst van Politiezone Gent staat de cel A-bureau in voor de dienstplanning, in al haar facetten, van de medewerkers van de Interventiedienst. Dit betreft o.a. de invulling en opvolging van de dienstplanning, het inplannen van de opleidingen, de opvolging van de verloven, .... Daarnaast neemt deze cel ook enkele administratieve taken op ter ondersteuning van de leiding van de Interventiedienst.
Er wordt, binnen de cel A-bureau, een uitstroom van 2 dienstplanners (assistent/niveau C) verwacht. Gelet op het belang van de cel A-bureau binnen de Interventiedienst, moet de goede werking van deze cel steeds gegarandeerd zijn. Daartoe dient de bezetting van de cel op peil te blijven en moet de verwachte uitstroom zo snel als mogelijk ondervangen worden.
Om in te spelen op de (verwachte) uitstroom, wil de korpsleiding 2 betrekkingen vacant verklaren van assistent (niveau C) binnen het administratief en logistiek kader van Politiezone Gent, meer bepaald twee functies van medewerker administratief bureau bij de Interventiedienst.
Gelet op het voorgaande, wenst Politiezone Gent voormelde betrekkingen via een dringende, externe contractuele werving te begeven. In het raam van een dringende, externe contractuele werving wordt aan de meest geschikte kandidaten een contract van één jaar aangeboden. Nadat de functies contractueel zijn ingevuld, moeten deze worden opengesteld in een navolgende mobiliteitscyclus.
De raming van de jaarlijkse brutoloonkost gebeurt op basis van de begrotingstool van SSGPI (Sociaal Secretariaat van de Geïntegreerde Politie):
|
aantal en graad |
Jaarlijkse bruto loonkost |
| 2 assistenten (niveau C) | € 116.665,58
(2 x € 58.332,79) |
Keurt goed de vacantverklaring via externe, contractuele werving om dringende redenen van 2 betrekkingen van assistent (niveau C) bij de Interventiedienst van Politiezone Gent. Hierbij wordt een arbeidsovereenkomst met een duurtijd van 1 jaar aangeboden.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om goedkeuring te verlenen aan de vacantverklaring van 1 betrekking van hoofdinspecteur van politie binnen het operationeel kader van Politiezone Gent in het raam van de tweede mobiliteitscyclus van 2026.
De politiezone stemt op het vlak van de rekruteringen haar voorstellen af op het budgettair kader dat het stadsbestuur voor de jaren 2026-2031 voor haar heeft vastgelegd en waakt erover om de aanwervingen te beperken tot wat voor een goede operationele werking noodzakelijk is.
In het raam van de procedure tot bevordering door overgang naar een hoger kader (de zogeheten 'sociale promotie') zijn 5 hoofdinspecteurs van politie van Politiezone Gent, op 1 maart 2026, de basisopleiding van het officierskader gestart. Ter vervanging van één van deze hoofdinspecteurs zal eerstdaags een hoofdinspecteur van politie (teamleider) herplaatst worden van de Lokale Recherchedienst naar een andere dienst binnen onze zone.
Gelet op het belang van de functie van teamleider binnen de Lokale Recherchedienst, dient deze functie evenwel zo snel als mogelijk opnieuw te worden ingevuld.
De korpschef adviseert dienvolgens, in samenspraak met het directiecomité, om de volgende betrekking in het operationeel kader vacant te verklaren in het raam van de tweede mobiliteitscyclus van 2026:
| Dienst | Functie | Graad |
| Lokale Recherchedienst | 1 teamleider | hoofdinspecteur van politie |
De raming van de brutoloonkost (op jaarbasis) gebeurt op basis van de begrotingstool van het SSGPI ('Sociaal secretariaat van de geïntegreerde politie'):
| aantal en graad
|
bedrag |
| 1 hoofdinspecteur van politie | € 94.129,39 |
Keurt goed de vacantverklaring, in de tweede mobiliteitscyclus van 2026, van 1 betrekking in het operationeel kader voor de volgende dienst van Politiezone Gent:
| Dienst | Functie | Graad |
| Lokale Recherchedienst | 1 teamleider | hoofdinspecteur van politie |
Van 11 juni tot 19 juli 2026 vindt het wereldkampioenschap voetbal plaats. Aangezien de Belgische nationale ploeg zich heeft gekwalificeerd en bovendien verwacht wordt dat de Rode Duivels goed zullen presteren, zal het wereldkampioenschap voetbal traditiegetrouw een groot enthousiasme teweegbrengen bij een deel van de bevolking. Bovendien worden twee van de drie wedstrijden van de groepsfase van de Rode Duivels gespeeld op tijdstippen die het toelaten om massaal de wedstrijden te bekijken.
Er wordt dan ook verwacht dat er allerhande activiteiten op het openbaar domein zullen plaatsvinden naar aanleiding van het wereldkampioenschap voetbal en meer specifiek naar aanleiding van de wedstrijden van de Rode Duivels, waaronder de uitzending van de wedstrijden in groepsverband.
Aangezien het verleden reeds heeft uitgewezen dat activiteiten en/of evenementen op grote schaal gecombineerd met voetbalgerelateerd gedrag kan leiden tot diverse problemen, zal het vertonen van één of meerdere wedstrijden tijdens het wereldkampioenschap voetbal op het openbaar domein, of op een daarbij aansluitend niet afgesloten terrein, niet worden toegelaten. Dit verbod geldt ongeacht of deze vertoningen al dan niet in groepsverband doorgaan en is eveneens van toepassing op activiteiten die met deze vertoningen gepaard zouden gaan.
Op voormeld verbod worden twee uitzonderingsmogelijkheden voorzien:
1) uitzendingen die de Stad Gent zou organiseren en/of faciliteren zullen desgevallend niet onder de toepassing van onderhavig reglement vallen ;
2) evenementen op het openbaar domein en aansluitende, niet afgesloten terreinen die niet specifiek werden ingericht voor het wereldkampioenschap voetbal kunnen een afwijking verkrijgen op voormeld verbod. Deze afwijking kan enkel betrekking hebben op het vertonen van wedstrijden die gespeeld worden tijdens de vergunde dagen en uren van deze evenementen.
Wat betreft activiteiten die doorgaan op privaat terrein, deze dienen voorafgaandelijk te worden gemeld aan de burgemeester zodra er 100 bezoekers of meer worden voorzien. De Stad Gent dient immers over de nodige informatie omtrent deze activiteiten te beschikken, zodat de politionele en andere bevoegde diensten kunnen geïnformeerd worden, dit om bepaalde vormen van overlast tegen te kunnen gaan. Daarnaast kunnen naar aanleiding van deze activiteiten maatregelen worden opgelegd ter vrijwaring van de openbare orde.
De uitbaters van horecazaken kunnen wedstrijden enkel uitzenden binnenin de zaak. Desgevallend zorgt de uitbater ervoor dat de uitzendingen niet vanop het openbaar domein (en de terrassen die daar deel van uitmaken) kunnen gevolgd worden. Ook voor de horeca-uitbaters geldt een meldingsplicht van zodra er 100 bezoekers of meer verwacht worden. Deze maatregel zorgt ervoor dat er geen volkstoelopen ontstaan in en voor horecazaken, waardoor de vrije doorgang voor hulp- en politionele diensten te allen tijde gevrijwaard blijft.
Gelet op voorgaande is het aangewezen om voornoemde regeling te vervatten in een politiereglement.
Op grond van artikel 135, §2 Nieuwe Gemeentewet hebben de gemeenten tot taak het voorzien, ten behoeve van de inwoners, in een goede politie, met name over de zindelijkheid, de gezondheid, de veiligheid en de rust op openbare wegen en plaatsen en in openbare gebouwen.
Meer bepaald, en voor zover de aangelegenheid niet buiten de bevoegdheid van de gemeenten is gehouden, worden de volgende zaken van politie aan de waakzaamheid en het gezag van de gemeenten toevertrouwd:
(…)
2° het tegengaan van inbreuken op de openbare rust, zoals vechtpartijen en twisten met volksoploop op straat, tumult verwekt in plaatsen van openbare vergadering, nachtgerucht en nachtelijke samenscholingen die de rust van de inwoners verstoren;
3° het handhaven van de orde op plaatsen waar veel mensen samenkomen, zoals op jaarmarkten en markten, bij openbare vermakelijkheden en plechtigheden, vertoningen en spelen, in drankgelegenheden, kerken en andere openbare plaatsen;
(…)
7° het nemen van de nodige maatregelen, inclusief politieverordeningen, voor het tegengaan van alle vormen van openbare overlast.
Op basis van voornoemd artikel, de hype rond de Rode Duivels en de impact van het wereldkampioenschap voetbal, waarbij heel wat activiteiten in groepsverband verwacht worden tijdens en naar aanleiding van de wedstrijden die door de Rode Duivels zullen worden gespeeld, werd besloten een politiereglement op te stellen dat voornoemde activiteiten regelt en de nodige maatregelen neemt ter vrijwaring van de openbare rust en veiligheid, nl. het 'politiereglement betreffende de organisatie van activiteiten tijdens het wereldkampioenschap voetbal 2026'.
In het politiereglement worden omwille van de vrijwaring van de openbare rust en veiligheid alle uitzendingen van wedstrijden en gepaard gaande activiteiten op het openbaar domein en op aansluitende niet afgesloten terreinen verboden.
Door dit verbod kan de veiligheid maximaal gegarandeerd worden, temeer er op hetzelfde moment nog andere belangrijke evenementen doorgaan die een zekere inzet van de politionele diensten vergen. Door een algemeen verbod in te stellen kunnen eventuele calamiteiten en ernstige verstoringen van de openbare rust en veiligheid vermeden worden.
Uitzonderingen op dit algeheel verbod worden voorzien enerzijds voor uitzendingen die worden georganiseerd en/of gefaciliteerd door de Stad Gent en anderzijds voor uitzendingen op het openbaar domein en aansluitende, niet afgesloten terreinen tijdens evenementen die niet specifiek werden ingericht ter gelegenheid van het wereldkampioenschap voetbal.
Door slechts beperkte uitzonderingen op het algemeen verbod op het vertonen van wedstrijden op het openbaar domein toe te staan kan een duidelijk en gecontroleerd kader worden voorzien waarbinnen zowel een georganiseerd politioneel optreden als een maximale vrijwaring van de openbare orde kan worden gegarandeerd. De verplichting om voorafgaandelijk dergelijke afwijking aan te vragen zorgt er tevens voor dat de veiligheidsdiensten een totaal overzicht hebben over de aard en modaliteiten van de vertoningen, waardoor zij dan ook aangepast kunnen optreden bij eventuele onregelmatigheden.
Het stadsbestuur wil bovendien met dergelijke afwijking het samenhorigheidsgevoel en de nationale beleving van de bevolking en de Rode Duivels-supporters stimuleren en de kans bieden om de wedstrijden van de Belgische nationale ploeg op het wereldkampioenschap in groepsverband te bekijken, dit echter op een gecontroleerde en beheersbare manier.
Indien de activiteiten doorgaan op privaat domein, al dan niet in open lucht, is er een meldingsplicht aan de burgemeester van zodra er meer dan 100 bezoekers worden verwacht.
De melding voor activiteiten op privaat domein en het bekomen van een afwijking voor het vertonen van de wedstrijden op het openbaar domein en aansluitende, niet afgesloten terreinen op evenementen die niet specifiek werden ingericht voor het wereldkampioenschap voetbal, gebeurt aan de hand van een formulier dat door de Stad Gent ter beschikking zal worden gesteld.
Tevens worden in het politiereglement enkele maatregelen bepaald in het kader van de openbare veiligheid en rust. Zo wordt gewezen op de regelgeving omtrent brandveiligheid, het gebruik van warmtebronnen en het gebruik van pyrotechnische voorwerpen.
Overtredingen op dit reglement kunnen worden gesanctioneerd met een maximale administratieve geldboete van 500,00 euro, voor zover er geen sanctionering is voorzien in andere wetgeving.
Activiteiten die indruisen tegen de bepalingen van dit reglement en/of andere wetgeving zullen onmiddellijk op politiebevel stopgezet worden waarbij de installaties onmiddellijk verwijderd dienen te worden.
Het reglement treedt in werking op 1 april 2026 en eindigt op 20 juli 2026.
Keurt goed het 'Politiereglement betreffende de organisatie van activiteiten tijdens het wereldkampioenschap voetbal 2026', dat bij dit besluit wordt gevoegd, met inwerkingtreding op 1 april 2026 om te eindigen op 20 juli 2026.
Het betreft de toekenning van een subsidie aan Vlaamse Dienst Speelpleinwerk vzw, Lange Ridderstraat 22, 2800 Mechelen die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
Het betreft de toekenning van een subsidie aan Vlaamse Dienst Speelpleinwerk vzw, Lange Ridderstraat 22, 2800 Mechelen die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
Doel:
De subsidie dient gebruikt te worden voor de extra inhoudelijke ondersteuning aan Speelpleinwerking de Speelkriebel in Gentbrugge en Speelpleinwerking 't Speelakkertje in Oostakker d.m.v. inzet extra personeel (speelpleincoach). Ter ondersteuning van speelpleinwerking De Speelkriebel in Gentbrugge en Speelpleinwerking 't Speelakkertje in Oostakker wordt extra budget uitgereikt aan de Vlaamse Dienst Speelpleinwerk vzw ter aanwerving van twee beroepskrachten die mee instaan voor de praktische organisatie en begeleiding van beide speelpleinwerkingen gedurende 3 maanden.
De focus wordt gelegd op
· Begeleidershouding van de animatorenploegen opvolgen en versterken
· Sfeer binnen de ploegen opvolgen en versterken
· Professionele ondersteuning tijdens de dagdagelijkse organisatie van de speelpleinwerkingen
· Aanspreekpunt voor ouders, partners en externen
· Inzetten op vorming en competentieversterking van de ploegen
Toezicht:
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden.
Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitvoerder:
De Vlaamse Dienst Speelpleinwerk is ondersteuner van de Gentse speelpleinwerkingen en de enige geschikte kandidaat om deze beroepskracht aan te werven.
Vanaf 2027 willen we deze ondersteuning als addendum toevoegen aan de subsidieovereenkomst die de Stad Gent afsluit met de Vlaamse Dienst Speelpleinwerk vzw.
Op moment van beslissing is de nieuwe overeenkomst nog niet goedgekeurd op de Gemeenteraad gezien de verlenging van de huidige overeenkomst tot 30/06/2026.
Vlaamse Dienst Speelpleinwerk vzw heeft volgende verantwoordingsstukken overgemaakt aan de Stad Gent:
• Prijsbepaling
• balans en rekeningen alsook verslag inzake beheer en financiële toestand
De stukken werden in orde bevonden.
De uitbetaling van de subsidie zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE45 4263 1380 6189 van Vlaamse Dienst Speelpleinwerk vzw, Lange Ridderstraat 22, 2800 Mechelen. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3484100QT |
| Categorie | exploitatie - subsidies |
| Subsidiecode | OPG.BOO |
| 2026 | 37.000 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3484100QT |
| Budgetpositie | 7405200
|
| Categorie | exploitatie- ontvangsten |
| Subsidiecode | OPG.BOO |
| 2026 | 37.000 |
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 37.000 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan Vlaamse Dienst Speelpleinwerk vzw, Lange Ridderstraat 22, 2800 Mechelen in het kader van extra ondersteuning aan Speelpleinwerking De Speelkriebel en Speelpleinwerking 't Speelakkertje.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Op pedagogisch vlak hebben grotere scholen en samenwerkingsverbanden een aantal voordelen. Scholen die samenwerken kunnen beter het hoofd bieden aan bepaalde beleids- en beheersproblemen. De samenwerking betekent een win-winsituatie voor alle partners binnen het samenwerkingsverband. Om dergelijke samenwerking te stimuleren, bestaat sinds 1 september 2003 de structuur van de scholengemeenschappen. De scholengemeenschappen kunnen bijdragen tot een efficiënter beheer en gebruik van de beschikbare middelen van de afzonderlijke scholen. Deze structuur moet bijdragen tot het verhogen van het draagvlak van de scholen.
Geen enkele school is verplicht om in een scholengemeenschap te stappen. Maar de toetreding tot een scholengemeenschap betekent ook niet dat de afzonderlijke scholen hun eigen identiteit moeten opgeven. Het vormen van een scholengemeenschap leidt immers tot een bundeling van krachten, met respect voor het pedagogisch project en de cultuur van elke individuele school.
Op 1 september 2003 werd de scholengemeenschap voor het basisonderwijs "Nexus Gandae" opgericht. Deze scholengemeenschap omvatte alle toenmalige scholen van het gewoon en buitengewoon basisonderwijs van het Onderwijs - Stad Gent.
De scholengemeenschap werd verlengd op respectievelijk 1 september 2005 voor 6 schooljaren, 1 september 2011 voor drie schooljaren, 1 september 2014 voor 6 schooljaren en 1 september 2020 voor 6 schooljaren.
De werking van de huidige scholengemeenschap eindigt op 31 augustus 2026 en kan met ingang van 1 september 2026 van rechtswege opnieuw verlengd worden voor een periode van zes schooljaren als voldaan is aan al de volgende voorwaarden:
1° de scholengemeenschap beantwoordt nog aan de criteria om scholengemeenschappen te vormen;
2° er is geen beslissing of overeenkomst om de scholengemeenschap niet te verlengen of te wijzigen;
3° de samenstelling van de scholengemeenschap blijft ongewijzigd;
4° geen enkel schoolbestuur meldt voor 1 maart voorafgaand aan de start van een periode van zes schooljaren aan de andere schoolbesturen dat ze de beslissing of overeenkomst niet wil verlengen.
De scholengemeenschap "Nexus Gandae" beantwoordt aan alle voornoemde voorwaarden en kan zodoende met ingang van 1 september 2026 van rechtswege worden verlengd voor een periode van zes schooljaren, eindigend op 31 augustus 2032.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd kennis te nemen van de verlenging van rechtswege met zes schooljaren van de scholengemeenschap voor het basisonderwijs "Nexus Gandae", ingaand op 1 september 2026 en eindigend op 31 augustus 2032.
Neemt kennis van de verlenging van rechtswege met zes schooljaren van de scholengemeenschap voor het basisonderwijs "Nexus Gandae", ingaand op 1 september 2026 en eindigend op 31 augustus 2032.
De Omzendbrief PERS/2024/03 van 18 oktober maakt het mogelijk voor personeelsleden met een onderwijsstatuut om een fiets te leasen. Naar aanleiding van de beleidsbeslissing om fietsleasing mogelijk te maken voor stadspersoneel en voor personeelsleden met een onderwijsstatuut, is het nodig dat het RPR Onderwijs zodanig wordt aangepast. De wijziging aan de Rechtspositieregeling Stad en OCMW werd reeds goedgekeurd op de gemeenteraad van 25 november 2025.
In het kader van een duurzaam mobiliteitsbeleid en het streven naar een gezond en motiverend personeelsbeleid, wordt fietslease mogelijk voor het personeel van Stad en OCMW Gent, en ook voor personeelsleden met een onderwijsstatuut. Dit sluit aan bij bestaande initiatieven om milieuvriendelijke vervoermiddelen te stimuleren. Bovendien verhoogt dit de tevredenheid van het personeel en draagt het bij aan een modern werkgeversimago.
De wijziging aan de Rechtspositieregeling Onderwijs is nu nodig zodat het juridisch en technisch kader in het voorjaar van 2026 verder kan opgezet worden in samenspraak met de gekozen fietsleasemaatschappij. De wijziging aan de rechtspositieregeling Onderwijs gaat in vanaf 01.04.2026.
Het uitwerken van de modaliteiten rond de fietslease zal gebeuren in een fietspolicy die, na de toewijzing aan en in samenspraak met de fietsleasemaatschappij, ter goedkeuring aan de gemeenteraad zal voorgelegd worden. Deze fietspolicy zal als bijlage toegevoegd worden aan het arbeidsreglement.
In het voorjaar van 2026 zal een informatiecampagne opgestart worden zodat de personeelsleden goed geïnformeerd een keuze kunnen maken om al dan niet in te stappen in de fietslease. De bedoeling is om begin januari 2027 de eerste leasefietsen te laten rijden.
Wijzigt de Rechtspositieregeling Onderwijs, met ingang van 01.04.2026 als volgt:
Onder hoofdstuk 6 anciënniteits- en pensioenpremie wordt een nieuw artikel VI.6.3 De eindejaarstoelage toegevoegd als volgt:
'De eindejaarstoelage kan op vraag van het personeelslid geheel of gedeeltelijk worden omgezet in een flexbudget dat kan ingezet worden binnen het fietsleaseplan, zoals nader bepaald in de bijlage “Fietspolicy” bij het arbeidsreglement. Het personeelslid maakt deze keuze op het moment dat er nog geen verworven rechten op die eindejaarstoelage bestaan. Wanneer het personeelslid kiest voor een gedeeltelijke omzetting van de eindejaarstoelage, vermindert hierdoor het brutobedrag van de eindejaarstoelage.’
Neemt kennis van de gecoördineerde versie zoals gevoegd in bijlage.
De FOD Binnenlandse Zaken voorziet al sinds 2007 jaarlijks middelen voor de uitvoering van de Strategische Veiligheids- en Preventieplannen (=SVP). Aan Gent wordt jaarlijks een maximale subsidie van 2.428.119,29 euro per jaar toegekend, verhoogd met respectievelijk 10.813,72 euro en 37.848,02 euro voor het Contingent 346 en het Dispositief 90 Gemeenschapswachten.
De conventie voor de periode 2023-2025 werd, in afwachting van een grondige hervorming, voor een laatste maal onder dezelfde voorwaarden en met hetzelfde budget verlengd tot en met 31 december 2026.
Het SVP 2026 werd - overeenkomstig het gemeenteraadsbesluit van 19 december 2022 houdende de delegatie van bevoegdheid tot het afsluiten van overeenkomsten over inkomende subsidies van bovenlokale overheden- goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 12 februari 2026.
De voorliggende toekenning van subsidie aan CGG Adentro vzw voor uitvoering van de actie Machtig!, kadert in dit SVP.
In zitting van 28 november 2022 heeft de gemeenteraad de subsidieovereenkomst met CGG Adentro vzw voor actie Machtig! i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan voor werkingsjaar 2023 met CGG Adentro vzw, Elyzeese Velden 74, 9000 Gent goedgekeurd. In zitting van de gemeenteraad van 24 oktober 2023 werd de duurtijd van de subsidieovereenkomst verlengd tot 31/12/2024 middels addendum nr. 1, en in zitting van 24 juni 2024 tot 31/12/2025 middels addendum nr. 2.
Bij gemeenteraadsbesluit nr. 2025_GR_00663 van 23 juni 2025 is de voorlopige verlenging van deze subsidieovereenkomst tot 30 juni 2026 goedgekeurd.
De projectwerking 2024 werd positief geëvalueerd en op 25/03/2025 ingediend bij de FOD Binnenlandse Zaken. Dit 'voortgangsrapport 2024' vindt u in bijlage.
Met het oog op de continuering en verlenging van de duurtijd van de subsidieovereenkomst wordt de gemeenteraad derhalve gevraagd haar goedkeuring te hechten aan voorliggend addendum nr. 3 waarmee de duurtijd van de subsidieovereenkomst wordt verlengd tot en met 31 december 2026.
Hierdoor wordt de voorlopige verlenging van de subsidieovereenkomst opgeheven met ingang van de datum van inwerkingtreding van de nieuwe subsidieovereenkomst.
De goedkeuring van voorliggende subsidieovereenkomst gebeurt aanvullend op de basisconvenant en onder voorbehoud van de toekenning van de subsidie door de federale overheid.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | PVV |
| Budgetplaats | 351470000 |
| Categorie* | E subs. |
| Subsidiecode | SVP.SVP |
| 2026 | € 126.500 |
| Totaal | € 126.500 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | PVV |
| Budgetplaats | 351470000 |
| Categorie* | E subs. |
| Subsidiecode | SVP.SVP |
| 2026 | € 126.500 |
| Totaal | € 126.500 |
Heft op de voorlopige verlenging van de subsidieovereenkomst voor actie Machtig! i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan met CGG Adentro vzw, Elyzeese Velden 74, 9000 Gent, opgenomen in de bijlage bij het gemeenteraadsbesluit van 23 juni 2025 (2025_GR_00663) en dit vanaf het moment van de inwerkingtreding van de nieuwe subsidieovereenkomst.
Keurt goed Addendum 3 van de subsidieovereenkomst voor actie Machtig! i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan voor werkingsjaar 2026 met CGG Adentro vzw, Elyzeese Velden 74, 9000 Gent, zoals gevoegd in bijlage.
De FOD Binnenlandse Zaken voorziet al sinds 2007 jaarlijks middelen voor de uitvoering van de Strategische Veiligheids- en Preventieplannen (=SVP). Aan Gent wordt jaarlijks een maximale subsidie van 2.428.119,29 euro per jaar toegekend, verhoogd met respectievelijk 10.813,72 euro en 37.848,02 euro voor het Contingent 346 en het Dispositief 90 Gemeenschapswachten.
De conventie voor de periode 2023-2025 werd, in afwachting van een grondige hervorming, voor een laatste maal onder dezelfde voorwaarden en met hetzelfde budget verlengd tot en met 31 december 2026.
Het SVP 2026 werd - overeenkomstig het gemeenteraadsbesluit van 19 december 2022 houdende de delegatie van bevoegdheid tot het afsluiten van overeenkomsten over inkomende subsidies van bovenlokale overheden- goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 12 februari 2026.
De voorliggende toekenning van subsidie aan JONG vzw voor Trajectbegeleiding kadert in dit SVP.
In zitting van 28 november 2022 heeft de gemeenteraad de subsidieovereenkomst voor Trajectbegeleiding i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan voor werkingsjaar 2023 met JONG vzw, Antwerpsesteenweg 195, 9040 Sint-Amandsberg goedgekeurd. In zitting van de gemeenteraad van 24 oktober 2023 werd de duurtijd van de subsidieovereenkomst verlengd tot 31/12/2024 middels addendum nr. 1, en in zitting van 24 juni 2024 tot 31/12/2025 middels addendum nr. 2.
Bij gemeenteraadsbesluit nr. 2025_GR_00663 van 23 juni 2025 is de voorlopige verlenging van deze subsidieovereenkomst tot 30 juni 2026 goedgekeurd.
De projectwerking 2024 werd positief geëvalueerd en op 25/03/2025 ingediend bij de FOD Binnenlandse Zaken. Dit 'voortgangsrapport 2024' vindt u in bijlage.
Met het oog op de continuering en verlenging van de duurtijd van de subsidieovereenkomst wordt de gemeenteraad derhalve gevraagd haar goedkeuring te hechten aan voorliggend addendum nr. 3 waarmee de duurtijd van de subsidieovereenkomst wordt verlengd tot en met 31 december 2026.
Hierdoor wordt de voorlopige verlenging van de subsidieovereenkomst opgeheven met ingang van de datum van inwerkingtreding van de nieuwe subsidieovereenkomst.
De goedkeuring van voorliggende subsidieovereenkomst gebeurt onder voorbehoud van de toekenning van de subsidie door de federale overheid.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | PVV |
| Budgetplaats | 351470000 |
| Categorie* | E subs. |
| Subsidiecode | SVP.SVP |
| 2026 | € 292.500 |
| Totaal | € 292.500 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | PVV |
| Budgetplaats | 351470000 |
| Categorie* | E subs. |
| Subsidiecode | SVP.SVP |
| 2026 | € 292.500 |
| Totaal | € 292.500 |
Heft op de voorlopige verlenging van de subsidieovereenkomst voor Trajectbegeleiding i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan met JONG vzw, Antwerpsesteenweg 195, 9040 Sint-Amandsberg, opgenomen in de bijlage bij het gemeenteraadsbesluit van 23 juni 2025 (2025_GR_00663) en dit vanaf het moment van de inwerkingtreding van de nieuwe subsidieovereenkomst.
Keurt goed Addendum 3 van de subsidieovereenkomst voor Trajectbegeleiding i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan voor werkingsjaar 2026 met JONG vzw, Antwerpsesteenweg 195, 9040 Sint-Amandsberg, zoals gevoegd in bijlage.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Preventief inzetten op mentaal welzijn en het verhogen van de toegankelijkheid van hulpverlening voor kinderen en jongeren is een uitgesproken beleidsprioriteit binnen het Gentse gezondheidsbeleid. De beleidsverklaring 2026-2031 vermeldt dat we extra middelen voorzien voor nieuw beleid om het mentaal welzijn van onze inwoners te versterken, met bijzondere nadruk op ondersteuning voor kinderen en jongeren.
Littekens vzw startte in 2021 dankzij een éénmalige subsidie van 52.000 euro van Stad Gent (zie 2 besluiten in bijlage) en verrichtte vanaf het begin baanbrekend werk in het bespreekbaar maken van kwetsbaarheid en het toeleiden naar hulp, onder meer door hun unieke impact tijdens en na de coronaperiode. In 2022 verkreeg Littekens vzw een subsidie van 95.000 euro vanuit het Sociaal Innovatiefonds voor de werkingsjaren 2023–2024, waar ook een duidelijke en aanhoudende groei kon aangetoond worden, zowel in haar online bereik als in het aantal offline activiteiten en contactmomenten.
Nu willen we een structurele samenwerking opzetten met Littekens vzw.
Volgens onderzoek kampt 1 op 5 jongeren met matige tot ernstige mentale problemen, en stelt men bij meer dan 20.000 jongeren een toename vast van psychische klachten, zelfbeschadigend gedrag en suïcidale gedachten. Tijdige ondersteuning werkt bewezen beschermend en voorkomt later veel zwaardere persoonlijke en maatschappelijke schade. Een goede geestelijke gezondheid vormt de basis voor gezondheid en welbevinden ook later in het leven. Daarom is preventie in mentaal welzijn essentieel: ze voorkomt problemen vroegtijdig, verlaagt de druk op gespecialiseerde hulpverlening en helpt vermijden dat jongeren uitvallen op school, werk of in hun sociale omgeving.
Littekens vzw is een organisatie die jongeren bereikt die moeilijk aansluiting vinden bij reguliere hulpverlening. Via peer-to-peer getuigenissen, gemaakt door jongeren zelf, doorbreekt de vzw taboes rond thema’s zoals racisme, middelengebruik, seksueel misbruik, beperking en jeugdtrauma. Zo herkennen kwetsbare jongeren zich in de verhalen en wordt de stap naar hulp kleiner. Het online bereik groeide sterk en bereikte eind 2025 ongeveer 150.000 accounts per maand.
De werking van Littekens vult het bestaande hulpaanbod aan door jongeren op te zoeken in hun leefwereld, onder meer via sociale media, anonieme contactmogelijkheden en inzet van ervaringsdeskundigen. Daarnaast zorgt de organisatie voor sterke offline nabijheid met ‘safer spaces’ in onder andere Casa09 en het Keizerpark. Jongeren kunnen daar laagdrempelig terecht voor steun, ontmoeting en gesprekken. Littekens organiseert ook meet-ups en activiteiten met partners zoals jeugdwelzijnswerk, geestelijke gezondheidszorg, de Eerstelijnszone Gent, OverKop, culturele en sportorganisaties.
De Stad Gent wil de verdere uitbouw en continuïteit van deze werking mee mogelijk maken. Om hun impact te bestendigen en verder te laten groeien, heeft Littekens vzw bijkomende en structurele financiële ondersteuning nodig.
Hiertoe werd de subsidieovereenkomst met Littekens vzw, Doolaegepark 13, 9070 Heusden, voor het doorbreken van taboes en toeleiden van jongeren naar hulp, via een online jongerenplatform en aanvullend offline aanbod opgemaakt. Er wordt voorgesteld een subsidie van 70.000 euro per jaar toe te kennen voor de werkingsjaren 2026 tot en met 2028. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd deze subsidieovereenkomst goed te keuren.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Dienst regie gezondheid en zorg |
| Budgetplaats | 352140000 |
| Categorie* | Exploitatie |
| Subsidiecode | Niet_Relevant |
| 2026 | 63.000 |
| 2027 | 71.260 |
| 2028 |
72.685,20 |
| 2029 |
7.282,80 |
| Totaal | 214.228 |
Keurt goed de subsidieovereenkomst met Littekens vzw, Doolaegepark 13, 9070 Heusden, met als doel het doorbreken van taboes en toeleiden van jongeren naar hulp, via een online jongerenplatform en aanvullend offline aanbod, voor werkingsjaren 2026-2028, zoals gevoegd in bijlage.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Preventief inzetten op mentaal welzijn en het verhogen van de toegankelijkheid van hulpverlening voor kinderen en jongeren is een uitgesproken beleidsprioriteit binnen het Gentse gezondheidsbeleid. De beleidsverklaring 2026-2031 vermeldt dat we extra middelen voorzien voor nieuw beleid om het mentaal welzijn van onze inwoners te versterken, met bijzondere nadruk op ondersteuning voor kinderen en jongeren.
Volgens onderzoek kampt 1 op 5 jongeren met matige tot ernstige mentale problemen, en stelt men bij meer dan 20.000 jongeren een toename vast van psychische klachten, zelfbeschadigend gedrag en suïcidale gedachten. Tijdige ondersteuning werkt bewezen beschermend en voorkomt later veel zwaardere persoonlijke en maatschappelijke schade. Een goede geestelijke gezondheid vormt de basis voor gezondheid en welbevinden ook later in het leven. Daarom is preventie in mentaal welzijn essentieel: ze voorkomt problemen vroegtijdig, verlaagt de druk op gespecialiseerde hulpverlening en helpt vermijden dat jongeren uitvallen op school, werk of in hun sociale omgeving.
Bij veel jongeren spelen typische ontwikkelingsdynamieken zoals de zoektocht naar identiteit, sociale druk, verwachtingen vanuit school of thuis en gevoelens van onbegrip. Deze combinatie kan hen mentaal uit balans brengen en zorgt geregeld voor spanning, frustratie en explosieve uitingen zoals boosheid, woede-uitbarstingen of agressie. Voor jongeren die opgroeien in financiële of sociale kwetsbaarheid komt daarbovenop nog een extra laag van stress, uitsluiting en bijkomende problemen, waardoor geuite kwaadheid zich sneller opstapelt tot moeilijk te doorbreken patronen. Onderzoek toont aan dat externaliserend gedrag bij jongeren — zoals agressie, impulsiviteit en normoverschrijdend gedrag — vaak voortvloeit uit risicofactoren zoals trauma, pesten en een gebrek aan sociale steun. Maatschappelijk kwetsbare jongeren worden hierdoor nog meer getroffen: zij vertonen vaker matige tot ernstige klachten en bereiken de klassieke hulpverlening het moeilijkst. Wanneer hun frustraties zich uiten in zichtbaar, externaliserend gedrag, worden zij bovendien sneller gesanctioneerd dan geholpen, waardoor hun problemen verder escaleren.
Net die kwaadheid vormt bij Touché vzw het vertrekpunt. De organisatie vertrekt niet vanuit straf of probleemdenken, maar vanuit de kracht die in kwaadheid kan schuilgaan. Met een divers en laagdrempelig aanbod – gaande van gesprekssessies tot boks- en verstillingssessies – begeleiden ze jongeren om hun kwaadheid om te zetten in een positieve, constructieve en verbindende kracht. De impact hiervan is aanzienlijk: deelnemers ervaren meer (zelf)respect, meer positieve emoties en betere conflictoplossende vaardigheden. Zo voelt 96% van de jongeren zich beter na een traject en geeft 87% aan meer keuzevrijheid te ervaren in situaties van kwaadheid. Ook relationeel zijn de effecten sterk: 37% ervaart minder breuklijnen op school of werk, 96% ervaart minder breuken in relaties, en 79% voelt minder breuklijnen in begeleidingscontexten. Daarnaast dragen de trajecten bij tot minder schadelijk geweld, succesvollere (re‑)integratie en meer stabiliteit in het leven van jongeren.
Touché vzw biedt daarmee een unieke, gespecialiseerde werking rond agressieregulatie en mentale gezondheid. Door zonder wachtlijsten en zonder financiële drempels te werken, maakt de organisatie hulp toegankelijk voor jongeren die elders moeilijk aansluiting vinden. Ze versterken mentale veerkracht, (zelf)respect en weerbaarheid, en voorkomen dat agressie escaleert tot destructief gedrag. Elk traject is op maat, afgestemd op de jongere en diens context.
Gelet op de belangrijke rol die het aanbod van vzw Touché vervult binnen de preventie en vroeghulp rond het mentaal welzijn van kwetsbare jongeren, voorziet de Stad Gent een gerichte subsidie voor de coördinatie van het aanbod voor jongeren. Deze ondersteuning fungeert als hefboom om het therapeutische en coachende aanbod van de organisatie te versterken en duurzaam te verankeren binnen het lokale hulp- en preventielandschap.
Hiertoe werd de subsidieovereenkomst met vzw Touché, Kortrijksesteenweg 391, 9000 Gent voor het versterken van de mentale gezondheid en het (zelf)respect van jongeren via een aanbod op maat, opgemaakt. Er wordt voorgesteld een subsidie van 70.000 euro per jaar toe te kennen voor de werkingsjaren 2026 tot en met 2028. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd deze subsidieovereenkomst goed te keuren.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Dienst regie gezondheid en zorg |
| Budgetplaats | 352140000 |
| Categorie* | Exploitatie |
| Subsidiecode | Niet_Relevant |
| 2026 | 63.000 |
| 2027 | 71.260 |
| 2028 |
72.685,20 |
| 2029 |
7.282,80 |
| Totaal | 214.228 |
Keurt goed de subsidieovereenkomst met de vzw Touché, Kortrijksesteenweg 391, 9000 Gent, met als doel het versterken van de mentale gezondheid en het (zelf)respect van jongeren via een aanbod op maat, voor werkingsjaren 2026-2028, zoals gevoegd in bijlage.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Preventief inzetten op mentaal welzijn en het verhogen van de toegankelijkheid van hulpverlening voor kinderen en jongeren is een uitgesproken beleidsprioriteit binnen het Gentse gezondheidsbeleid. De beleidsverklaring 2026-2031 vermeldt dat we extra middelen voorzien voor nieuw beleid om het mentaal welzijn van onze inwoners te versterken, met bijzondere nadruk op ondersteuning voor kinderen en jongeren.
Op 17 maart 2025 opende de Zorg Campus, een nieuw initiatief voor laagdrempelige psychologische hulp voor alle studenten in Gent.
Volgens onderzoek kampt 1 op 5 jongeren met matige tot ernstige mentale problemen, en stelt men bij meer dan 20.000 jongeren een toename vast van psychische klachten, zelfbeschadigend gedrag en suïcidale gedachten. Tijdige ondersteuning werkt bewezen beschermend en voorkomt later veel zwaardere persoonlijke en maatschappelijke schade. Een goede geestelijke gezondheid vormt de basis voor gezondheid en welbevinden ook later in het leven. Daarom is preventie in mentaal welzijn essentieel: ze voorkomt problemen vroegtijdig, verlaagt de druk op gespecialiseerde hulpverlening en helpt vermijden dat jongeren uitvallen op school, werk of in hun sociale omgeving.
Ook studenten kampen meer dan vroeger met psychische problemen, zoals stress, angst of somberheid. Onderzoek toont aan dat 20% van de studenten met psychische klachten kampt, maar dat 75% van hen de weg naar gepaste hulp niet vindt. Studenten vallen vaak tussen het bestaande aanbod: psychologen richten zich meestal op volwassenen of op kinderen, waardoor studenten minder vlot aansluiting vinden. Vlaams onderzoek toont o.m. ook dat vrouwelijke studenten vaker depressie en angst rapporteren dan mannelijke studenten, studenten in zorgopleidingen extra zwaar belast zijn en jongere studenten en zij met financiële of sociale druk meer risico lopen op mentale problemen. Bovendien blijkt er een duidelijk verband tussen mentaal welzijn en slaagkansen.
De Zorg Campus Gent is een laagdrempelig centrum dat studenten (17–26 jaar) snelle en professionele psychologische ondersteuning biedt via individuele gesprekken, groepssessies en toeleiding naar gespecialiseerde zorg. De organisatie richt zich op studenten met milde tot matige psychische klachten, met als doel drempels tot hulpverlening te verlagen, verergering te voorkomen en de weg naar passende hulp te vergemakkelijken. In tegenstelling tot het aanbod van Student in Warme Stad en de studentenpsychologen, waar de focus ligt op preventie en studie gerelateerde problemen, ligt bij de Zorg Campus de focus meer op hulpverlening. Wanneer de Zorg Campus niet de juiste plaats is — bv. in geval van zwaardere of urgente problematiek — wordt gezorgd voor een correcte doorverwijzing naar gepaste professionele hulp, gespecialiseerde therapie of intensievere behandelingen bij partnerorganisaties.
Via deze overeenkomst subsidiëren we een deel van de kosten voor de coördinatie, die essentieel is om de dagelijkse werking efficiënt te organiseren, kwalitatieve en toegankelijke hulpverlening te waarborgen en duurzame samenwerkingen tussen partners en andere organisaties te faciliteren.
Hiertoe werd de subsidieovereenkomst met de Zorg Campus Voor Studenten In Gent, Sint-Pietersnieuwstraat 142, 9000 Gent voor laagdrempelige psychologische hulpverlening voor studenten, opgemaakt. Er wordt voorgesteld een subsidie van 20.000 euro per jaar toe te kennen voor de werkingsjaren 2026 tot en met 2028. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd deze subsidieovereenkomst goed te keuren.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Dienst regie gezondheid en zorg |
| Budgetplaats | 352140000 |
| Categorie* | Exploitatie |
| Subsidiecode | Niet_Relevant |
| 2026 | 18.000 |
| 2027 | 20.360 |
| 2028 |
20.767,20 |
| 2029 |
2.080,80 |
| Totaal | 61.208 |
Keurt goed de subsidieovereenkomst met de vzw Zorg Campus Voor Studenten In Gent, Sint-Pietersnieuwstraat 142, 9000 Gent, met als doel laagdrempelige psychologische hulpverlening voor studenten, voor werkingsjaren 2026-2028, zoals gevoegd in bijlage.
Frank Van Goethem namens Stadsontwikkeling Gent (sogent) AUTOGEMB en Geert Debel namens THUISPUNT GENT BV diende een omgevingsvergunningsaanvraag in voor gronden gelegen aan Engelstraat 94 en Heilig-Hartplein 2 kadastraal gekend als afdeling 19 sectie C nrs. 956M4, 956N4, 956X4, 959N2 en 959P2.
De aanvraag heeft betrekking op een project waarbij sogent mee de aanvrager is en waarbij een project-m.e.r.-screening is toegevoegd, om die reden is de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen de vergunningverlenende overheid.
Deze aanvraag werd op 10/10/2025 ingediend bij de deputatie. Op 10/10/2025 werd aan het college van burgemeester en schepenen gevraagd een openbaar onderzoek te organiseren en de aanvraag voor te leggen aan de gemeenteraad. Er werd ook gevraagd advies uit te brengen. Voorliggend project, ingediend door sogent en Thuispunt, is te beschouwen als een aanvraag op initiatief van het college van burgemeester en schepenen in de zin van artikel 15/1 OVD. Voor aanvragen uitgaand van het college, geeft het college geen advies aan de vergunningverlenende overheid. Omwille van deze reden heeft het college van de stad Gent dus geen advies gegeven op deze vergunningsaanvraag.
Beschrijving aanvraag:
Voorliggend project kadert in het ruimere stadsvernieuwingsproject ‘reconversie site Heilig Hart’, waarbij naast de renovatie van de voormalige kerk en de pastorij, ook het openbaar domein rondom zal worden heraangelegd door sogent. In het kader van dit stadsvernieuwingsproject werden de Heilig Hart Kerk en de Pastorij al gerenoveerd.
Het project omvat de bouw van woningen en de aanleg van nieuw openbaar domein. Het situeert zich in een binnengebied achter de kerk en strekt zich uit tot aan de Engelstraat. De site sluit dus enerzijds aan op de Engelstraat en anderzijds op de abscis van de Heilig Hartkerk. De onmiddellijke omgeving wordt gekenmerkt door een gemengd stedelijk weefsel met een overwegend residentieel karakter.
De aanvraag betreft concreet het oprichten van 2 meergezinswoningen en 5 eengezinswoningen (totaal 15 sociale woonunits) na sloop van de bestaande gebouwen.
Tegenover de abscis van de kerk wordt de nieuwe huizenrij aangelegd, met op de kop een meergezinswoning. Aan de Engelstraat wordt een meergezinswoning voorzien van 6 entiteiten. Aan de parkzijde worden de overige 9 woonunits voorzien, onderverdeeld in een meergezinswoning en 5 eengezinswoningen. De meergezinswoning aan het park bestaat uit 2 duplexen op het gelijkvloers met erboven 2 appartementen. Alle woongelegenheden beschikken over een buitenruimte.
Openbaar domein/rooilijnplan
In functie van deze nieuwe woningen wordt ook een nieuwe openbare trage weg gerealiseerd die het Heilig-Hartplein en de Engelstraat met elkaar verbindt. De zone tussen de kerk en die nieuwe trage weg wordt een openbaar park.
Een hoofdpad voor fietsers en voetgangers verbindt de Engelstraat en het Heilig Hartplan via de noord- en oostkant van de kerk. Het pad is minstens 2,5 m breed en heeft een langshelling tot maximaal 4% en wordt uitgevoerd in geveegd beton. Het wordt aangelegd als woonerf. Dit pad vormt de ontsluitingsweg voor de nieuwe woningen. Op dit nieuw pad wordt een rooilijn gevestigd. De overige delen rondom de kerk worden mee opgenomen in het openbaar domein als groenzone.
De brandweer maakt van deze ontsluitingsweg gebruik. Men kan in- en uitrijden vanuit de Engelstraat en op het eind is er een keerpunt voorzien. Waar de ontsluitingsweg ook als brandweg fungeert, is hij 4 m breed en is daarenboven links en rechts 1 m groen vrij van obstakels.
De ontsluitingsweg wordt gevrijwaard van ander gemotoriseerd verkeer door middel van een draaislagboom aan de Engelstraat. Enkel uitzonderlijk laden en lossen voor verhuisbewegingen zal toegelaten worden. De draaislagboom moet een driekantsleutelsysteem hebben, en het sleutelbeheer wordt in handen genomen van Thuispunt. Er wordt niet geparkeerd in het projectgebied. De huisafvalophaling voor de woningen gebeurt gegroepeerd in de Engelstraat.
Een compacte standaard fietsenstalling wordt voorzien ter hoogte van het keerpunt (op de betonverharding maar buiten de rijlopers).
Ten zuiden van de kerk wordt de bestaande pastorijtuin ook opgenomen in het openbaar domein als een openbare groenzone. In de tuin ten zuiden van de kerk wordt een meer landschappelijk parkpad aangelegd. Het slingert tussen bestaande bomen en neemt een aantal toegangen mee: de twee deuren van de Pastorij, het zuiderterras van de kerk, de zijdeur in de kerk naar het huidige Chirolokaal. Dit pad heeft geen verbindende functie, die zit op de doorsteek, noch voorziet het in de ontsluiting van de woongebouwen. Dit pad is dus geen gemeenteweg in de zin van het gemeentewegendecreet en is dan ook niet meegenomen in het rooilijnplan.
Procedure:
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 16 januari 2026 tot 14 februari 2026.
Resultaat: 3 digitale bezwaren.
Aangezien de aanvraag wegenwerken omvat waarvoor de gemeenteraad beslissingsbevoegdheid heeft, neemt de gemeenteraad daarover een besluit. De gemeenteraad neemt daarbij kennis van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek.
Normaliter is de samenvatting en bespreking van de bezwaren een verplicht onderdeel van het advies van het college van burgemeester en schepenen. Aangezien deze aanvraag te beschouwen is als een initiatief van de Stad zelf (gezien sogent mee aanvrager is), brengt het college geen advies uit en staat de vergunningverlenende overheid dus zelf in voor de behandeling van de bezwaren uit het openbaar onderzoek.
Omdat de gemeenteraad wel kennis moet nemen van de resultaten van het openbaar onderzoek om tot een besluit te komen over de aanleg en inrichting van deze openbare wegen, is het wel nodig een samenvatting en bespreking ervan op te nemen in dit besluit.
Samenvatting en behandeling van de bezwaren
Parkeren
Er worden geen parkeerplaatsen voorzien waardoor de parkeerdruk in de omgeving zal toenemen.
Behandeling
Een aanzienlijke parkeeroverlast in de omgeving valt door de verwezenlijking van voorliggend project niet te vrezen. De Stad Gent heeft gedetailleerde Parkeerrichtlijnen ( https://stad.gent/mobiliteit-openbare-werken/mobiliteit/parkeren/parkeerrichtlijnen-voor-ontwikkelaars) opgesteld. Deze richtlijnen definiëren voor elk type project, afhankelijk van de ligging, het minimale en maximale aantal autostaanplaatsen. Dit betreffen beleidsmatig gewenste ontwikkelingen op het vlak van mobiliteit.
Auto’s
We hanteren een drempelwaarde om kleine projecten niet op te zadelen met een verplichting tot het realiseren van een minimum fiets- en autoparkeeraanbod. Bij sociale woningen ligt de drempelwaarde op 25 units. De aanvraag omvat 15 woningen wat een stuk lager is dan de drempelwaarde.
Fietsen
Voor 15 sociale woningen (totaal 35 slaapkamers) vragen de parkeerrichtlijnen minimaal 35 fietsparkeerplaatsen voor bewoners en 3 fietsparkeerplaatsen voor bezoekers.
Op vlak van capaciteit voldoet het project aan de richtlijnen. Voor de bewoners worden 35 gewone fietsparkeerplaatsen voorzien, aangevuld met 2 buitenmaatse fietsparkeerplaatsen. Voor de bezoekers worden er 5 fietsparkeerplaatsen voorzien ter hoogte van het keerpunt (op de betonverharding maar buiten de rijlopers). Dit voldoet op vlak van capaciteit en dubbel gebruik met de parkfunctie is mogelijk.
Het ontwerp biedt ook voldoende fietsparkeerkwaliteit. Alle voorziene fietsparkeerplaatsen voldoen qua afmetingen aan de parkeerrichtlijnen. Ook de inrichting en locatie worden positief beoordeeld. De 6 appartementen aan de Engelstraat krijgen drie aparte en afsluitbare fietsenbergingen voor telkens drie fietsen, nabij de deur. De overige 9 woonfuncties krijgen één grote fietsenberging, aan de noordzijde. De ingang bevindt zich op maximaal 32 meter wandelafstand ten opzichte van de voordeur(en).
Er kan geconcludeerd worden dat men voldoet aan de parkeerrichtlijnen en dat gelet op het feit dat dit project zich in een stedelijke context bevindt, op vlak van parkeren geen problemen verwacht worden. Er is de nodige aandacht gegaan naar het voorzien van voldoende en kwalitatieve fietsparkeerplaatsen.
Doorsteek
Op de plannen is er een weg uitgetekend die breed genoeg is voor hulpdiensten. In praktijk zal deze weg sowieso gebruikt worden om met een voertuig op te rijden (pakjesdiensten/bpost/IVAGO). Waardoor het de facto een openbare weg zal zijn.
Behandeling
Het statuut van de doorsteek is inderdaad openbaar. Het is in de aanleg voldoende duidelijk dat het hier gaat om een zachte doorsteek voor fietsers en wandelaars. De ontsluitingsweg wordt gevrijwaard van ander gemotoriseerd verkeer door middel van een draaislagboom aan de Engelstraat. Enkel uitzonderlijk laden en lossen voor verhuisbewegingen zal toegelaten worden. Er wordt niet geparkeerd in het projectgebied. De huisafvalophaling voor de woningen gebeurt gegroepeerd in de Engelstraat idem voor de levering door bpost. De breedte van de weg ter hoogte van de kerk is bovendien beperkt tot 2,5 m wat duidelijk aangeeft dat dit geen doorsteek is voor wagens.
Inplanting
De huizenrij en de meergezinswoning aan de parkzijde van de projectsite liggen dichtbij de achterste perceelgrens van de bestaande woningen in de Engelstraat. Dit verhoogt de densiteit van de bebouwing in de buurt in grote mate, terwijl er ruimte genoeg is om de woningen dichterbij de kerk te plaatsen, en dus verder van de achterste perceelgrens van de buurwoningen.
Behandeling
De exacte inplanting van de gebouwen is zorgvuldig onderzocht. De insteek was om het private binnengebied dat vandaag sterk verhard en bebouwd is publiek te maken door middel van een publieke doorsteek en publieke groene ruimtes die voldoende groot zijn. Door verschillende groenruimtes aan elkaar te koppelen is men hierin geslaagd. De verschillende groenruimtes situeren zich achter en ten zuiden van de kerk. De publieke doorsteek komt naast de groenzone achter de kerk.
In de bestaande toestand komt de bebouwing tot tegen de achterste perceelsgenzen en de tuinzones van de woningen aan de Engelstraat. In de nieuwe toestand zijn de gebouwen hoger maar wordt er meer afstand gehouden tot die tuinzones. Hierdoor is de impact van de inplanting en de hoogte van de gebouwen t.o.v. de bestaande toestand beperkt. Het hoogste volume, de meergezinswoning, komt niet aan een bestaande achtertuinzone maar gespiegeld aan de nieuwe meergezinswoning van het eigen project aan de Engelstraat. De meest noordelijke woning wordt op een afstand van scheimuur voorzien om de impact aan deze zijde te gaan beperken. De hoogte van de kerk zorgt er tot slot voor dat de woningen niet veel dichter bij de kerk kunnen komen.
De volgende bezwaren houden louter verband met de stedenbouwkundige beoordeling van de geplande gebouwen en houden geen verband met de aanleg of het functioneren van de nieuwe openbare weg. De beoordeling hiervan is een bevoegdheid van de vergunning verlenende overheid. De bespreking hier is louter informatief.
Volume
De meergezinswoning aan de straatzijde heeft een veel grotere bouwdiepte dan de aanpalende woning, Engelstraat 92, en de andere huizen in de Engelstraat. De meergezinswoning neemt bijgevolg veel licht weg van de woning in de Engelstraat 92.
Behandeling
De bouwdiepte van de meergezinswoning aan de Engelstraat bedraagt ter hoogte van de perceelsgrens 11,70 m. Dit is 2 m dieper is dan de bouwdiepte van het hoofdgebouw van de aanpalende woning. Op een afstand van circa 2,30 m van de perceelsgrens komt de meergezinswoning dieper tot 15 m.
Toelaten om ter hoogte van de perceelsgrens 2m verder te bouwen dan de buur, is vrij gangbaar. Een graduele toename van de bouwdiepte tot 15m op afstand van de perceelsgrens is in een stedelijke context ook veel voorkomend en die getrapte diepte beperkt de impact op de buren. Door zo om te gaan met bouwdieptes wordt een evenwicht betracht tussen enerzijds het aanpassen van bebouwing aan het hedendaags woon- en leefcomfort van zowel nieuwe als bestaande woongebouwen, en anderzijds het beperken van de impact voor de aanpalenden tot een aanvaardbaar minimum. Voorliggende aanvraag vindt dat evenwicht. Verder is het dieper gelegen gedeelte van het gebouw voorzien op een afstand van 2,30 m van de perceelsgrens. De bouwdiepte van 15 m is afgestemd op de diepte van de aanbouw van de aanpalende woning om de impact zoveel mogelijk te beperken.
Ondanks het feit dat er onvermijdelijk enig verlies aan bezonning en lichtinval zal zijn voor de aanpalende woningen, hanteert het ontwerp gangbare dieptes en wordt de impact in deze stedelijke omgeving, aanvaardbaar geacht.
Kroonlijst
De kroonlijst van diezelfde meergezinswoning is bijna anderhalve meter (1,44m) hoger dan de aanpalende woning en de andere huizen in de rij, en volgt de lijn niet van de woningen in de Engelstraat.
Behandeling
Aan de oostkant van de Engelstraat is er op vandaag nog een vrij uniforme kroonlijsthoogte. Aan de overkant van de Engelstraat is er minder uniformiteit en komen ook heel wat hogere gebouwen voor met een kroonlijsthoogte op een hoogte van drie bouwlagen. Ook aan de kruising met de Oscar Colbrandtstraat bevinden zich hogere volumes.
De afwijking op de uniformiteit van 1,44 m vormt hier ruimtelijk geen probleem doordat het nieuwe gebouw zich aan een opening, de nieuwe doorsteek, in het straatbeeld zal bevinden. Bovendien gaat het over een relatief klein verschil. Dit wordt verder benadrukt doordat de nokhoogte ook niet hoger ligt dan die van het aanpalend gebouw.
Terrassen
De terrassen op de eerste en de tweede verdieping aan de achterkant van de meergezinswoning aan de straatzijde geven inkijk in de slaapkamer op de eerste verdieping van de woning Engelstraat 92, en schenden bijgevolg de privacy. De plannen bevatten geen voorstel om de inkijk weg te nemen.
Behandeling
Er worden twee kleine terrassen voorzien aan de achterkant op de 2de en 3de bouwlaag. Het zijn relatief kleine terrassen van 4,4 m². Deze terrassen bevinden zich op 2,30 m van het aanpalend perceel. De terrassen richten zich voornamelijk naar de eigen achtertuin en minder naar de zijkanten. Door de beperkte oppervlakte zal het gebruik beperkt blijven tot de bewoners van de types 1/2 waardoor ook de impact op privacy beperkt zal blijven.
Hemelwater
De afvoer van het hemelwater van Engelstraat 92 aan de straatkant loopt nu via de gebouwen van de kring Heilig Hart. Op de plannen van de meergezinswoning is geen aansluiting op de afvoer van de meergezinswoning te zien. De opdrachtgever zal hiervoor in een oplossing moeten voorzien.
Er is evenmin in een aansluiting voorzien voor de afvoer die op het terras (begane grond) van Engelstraat 92 verder loopt naar het aanpalende perceel van de kring Heilig Hart. Als de opdrachtgever niet in een aansluiting voorziet, dreigt de afvoer verstopt te geraken, met alle problemen van dien voor de eigenaar en de bewoners van Engelstraat 92.
Behandeling
Indien de afvoer van het hemelwater van Engelstraat effectief via de aanpalende gronden gebeurt dan gaat dit om een bestaande erfdienstbaarheid en zal hier een oplossing voor moeten gezocht worden. In het bezwaarschrift wordt aangegeven dat hierover reeds contact is met Thuispunt Gent.
Een omgevingsvergunning heeft een zakelijk karakter (artikel 78 §1 omgevingsvergunningsdecreet) en de ruimtelijke beoordeling en beslissing erover kan geen afbreuk doen aan burgerlijke rechten. De rechtmatigheid van de waterafvoer betreft hier louter een burgerrechtelijke aangelegenheid, deze vergunning doet hier geen afbreuk aan en ook geen uitspraak over.
Infiltratieputten
Het plan voorziet in infiltratieputten in beton. Dergelijke infiltratieputten slibben vrij snel dicht waardoor de infiltratiewerking teniet wordt gedaan. Dit heeft een negatieve invloed op de bufferingscapaciteit en de werking van de putten, en zal mogelijk tot wateroverlast leiden.
Behandeling
Het klopt dat er ondergrondse betonnen infiltratieputten geplaatst worden. De tuinen achter de woningen zijn vrij klein waardoor het toestaan van een afwijking op het voorzien van een bovengrondse infiltratievoorziening te verantwoorden is. Dergelijke afwijking wordt toegestaan bij achtertuinen die kleiner zijn dan 100 m². Hier zijn de tuinen circa 15 m² groot. De ondergrondse infiltratievoorziening dient wel steeds inspecteerbaar en onderhoudsvriendelijk te zijn.
Concluderend wordt geoordeeld dat de ingediende bezwaren niet van die aard zijn dat zij de goedkeuring van het rooilijnplan en de aanleg en inrichting van de wegen die voorwerp zijn van deze vergunningsaanvraag, in de weg staan.
In uitvoering van artikel 12 van het decreet over de gemeentewegen keurt de gemeenteraad een rooilijnplan goed. In uitvoering van artikel 31 van het decreet betreffende de Omgevingsvergunning neemt de gemeenteraad een beslissing over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg alvorens de bevoegde overheid een beslissing neemt over de vergunningsaanvraag. De gemeenteraad neemt daarbij kennis van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek. De gemeenteraad spreekt zich ook uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein.
De gemeenteraad is van oordeel dat het voorstel van wegaanleg kan goedgekeurd worden om volgende redenen:
Gemeenteweg en rooilijnplan
De aanvraag voorziet in een nieuwe gemeenteweg vanop het Heilig-Hartplein via de noordkant van de kerk langsheen de nieuwe woningen en verderop richting de Engelstraat.
Deze weg vervult meerdere functies:
Deze nieuwe gemeenteweg wordt voorzien van een nieuwe rooilijn.
Inrichting en materialisatie van het openbaar domein
De ontsluitingsweg tussen de Engelstraat en het Heilig-Hartplein wordt aangelegd in geveegd beton. Ook een zijtak naar de fietsenstalling van de woning wordt mee in dit materiaal aangelegd, evenals de verbreding aan de Engelstraat. De toegangspaden naar en langs de woningen worden aangelegd in standaard betonstraatstenen (22*22). De inrichting voor de woningen wordt vormgegeven als een woonerf. Het feit dat wagens het binnengebied niet kunnen bereiken verhoogt de verkeersveiligheid voor de zachte weggebruikers.
Enkel waar nodig wordt de weg verbreed voor de bereikbaarheid van de hulpdiensten. De verharding wordt op die manier beperkt tot het strikt noodzakelijke.
De tuin ten zuiden en ten oosten van de kerk is licht glooiend, met uitzondering van 1 zone waar ook in de bestaande situatie een hoogteverschil van ca. 90 cm zit. De overgang naar de lager gelegen tuin die als openbare groenzone wordt heringericht, is uitgewerkt met een gemetselde keermuur in rode kleiklinkers. De keermuur vormt een grens tussen de tuinzone die de woningen ontsluit en de intiemere oude tuin tussen kerk, pastorij en schoolmuur. Er zijn enkele traptreden uitgewerkt, de wand zelf is getrapt, wordt een speel- en zitelement. Aansluitend wordt ook een sokkel voor een handpomp en een waterbak gemetseld. Ook de overloop van de regenwaterput en de waterbak wordt vormgegeven in een open komvormige glooiing in de betonverharding.
Het pad in de oude tuin aan de zuidzijde van de kerk wordt aangelegd in gebonden halfverharding (type Koersmix). Dit parkpad slingert tussen de bestaande bomen en fungeert enkel als parkpad, het krijgt geen verbindende functie en is niet nodig als onderdeel van een fijnmazig gemeentelijk wegennet. De verbindende functie wordt opgenomen door de nieuwe trage weg.
Er worden 3 bomen gerooid binnen het projectgebied, 2 ruwe berken (Betula pendula). Verder wordt er 1 bestaande boom, een beuk (Fagus sylvatica), verwijderd omdat deze in conflict is met de aanleg van de nieuwe hemelwaterput (opvang en hergebruik regenwater van dak kerk). Er worden 12 nieuwe bomen aangeplant, dus de bomenbalans komt positief uit.
Overdracht naar het openbaar domein
Het openbaar domein (zowel de wegenis als het openbaar groen) dat in deze fase wordt aangelegd, bevindt zich op gronden die momenteel deels eigendom zijn van Thuispunt Gent en die zullen worden overgedragen worden naar het openbaar domein van de Stad en zo onder stedelijk beheer komen. Het dossier bevat hiervoor de nodige gegevens en engagementen.
De voorgestelde werken voldoen dus aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit. Er wordt voldaan aan de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
De aanleg van het openbaar domein zal nog verder worden verfijnd. Als bijzondere voorwaarden worden al een aantal opmerkingen over het openbaar domein opgenomen die daarbij moeten worden verwerkt, zie artikel 2 van dit besluit.Keurt het rooilijnplan, met inbegrip van de kosteloze grondafstand, zoals opgenomen in bijlage, goed.
Keurt de ligging, breedte en uitrusting van de gemeentewegen, zoals ontworpen in de omgevingsvergunningsaanvraag, gelegen Engelstraat 94 en Heilig-Hartplein 2 en kadastraal gekend als afdeling 19 sectie C nrs. 956M4, 956N4, 956X4, 959N2 en 959P2, goed mits voldaan wordt aan volgende voorwaarden:
Voorwaarden voortvloeiend uit externe adviezen:Sloop
Funderingsresten die vóór de rooilijn liggen, moeten worden uitgebroken.
Indien tijdens de werkzaamheden onvoorziene hindernissen opduiken (rioleringen, waterlopen, kelders e.d.) dan moet dit meteen worden meegedeeld aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Stadskantoor Gent, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266 79 00, mail: wegen@stad.gent. Of per post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.
Projectgebonden voorwaarden mbt aanleg en inrichting openbaar domein
* de hieronder doorstreepte verharding is uit de vergunning te sluiten. Ifv van de doelstelling om eventuele tuinpoortjes toe te voegen en te ontsluiten is een gemaaid graspad voldoende:
* Alle verhardingen dienen minimaal een dwarshelling te hebben van 2%, voor het pad naar de fietsenstalling is enkel een langshelling voorzien, hier is ook een dwarshelling aan toe te voegen.
* Een aantal van de betonpaden worden ofwel met een centrale lage zone ofwel met een dakprofiel aangelegd. Dit impliceert dat de paden in deze zones in 2 fasen gegoten dienen te worden. In functie van de duidelijkheid dient de voeg tussen de 2 fasen op de plannen aangeduid te worden
* In de Engelstraat is de aansluiting op het bestaande openbaar domein verder uit te werken, enerzijds moet het voetpad verlaagd worden in de zone van de brandweerinrit en anderzijds moet in de zone waar het voetpad verbreed de heraanleg van de tegels voorzien worden op de volle breedte.
* De paden moeten op iedere plek naast een minimale dwarshelling van 2% ook een minimale langshelling van 2 promille te hebben. Ter hoogte van de laagste punten worden instroomvlakjes in kasseien voorzien naar de wadi’s. Nu is dit niet het geval in de zone voor de nieuwe woningen
* De overstortkolk in de wadi dient aansluitend aan de verharding voorzien te worden ipv centraal in het groen zodat deze vlot van op de verharding te ruimen is. Een afboording met 1 à 2 rijen kasseien rond de kolk is hierbij voldoende.
* De geveegde betonpaden worden aangelegd volgens volgend typedwarsprofiel:
* De goot tussen de overloop van de regenwaterput en de overloop naar de wadi heeft een maximale diepte van 5cm. Nu is deze veel forser vormgegeven en geeft deze aanleiding tot struikelgevaar:
* De paden naar de voordeuren worden opgesloten met een boordsteen ID1 ipv ID2 zoals getekend in de dwarsdoorsneden. De boordstenen zitten hierbij tevens verzonken tov de betonstraatstenen ipv in opstand:
* Het is onduidelijk welk type kolk gebruikt wordt om aan te sluiten op de verholen goot. In alle geval dient deze kolk goedgekeurd te worden door Farys en moet indien dit niet lukt gewerkt worden met een buis van de kolk naar de wadi ipv met een verholen goot.
* Boombeschermende maatregelen worden opgesteld door een extern bomendeskundige en voorbesproken met de Groendienst.
* Een extern bomendeskundige moet het project ook in uitvoeringsfase opvolgen.
Vraagt aan de deputatie om volgende zaken op te nemen in de vergunning:
Technisch dossier
De Stad Gent en Farys stellen minimale kwaliteitseisen aan de technische uitvoering van de werken. Zij zijn immers de toekomstige eigenaars-wegbeheerder en beheerder van het openbaar domein. Het gaat bijvoorbeeld om de materiaalkeuze en de samenstelling van de fundering.
Daarom vragen we om een technisch dossier op te stellen.
Je kan de vereisten waaraan deze plannen en documenten moeten voldoen, opvragen bij de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen (wegen@stad.gent). Ze moeten eveneens aan het standaardbestek SB 250 (laatste geldende versie) voldoen.
Het technisch dossier moet zeker volgende zaken bevatten:
* een grondplan bestaande toestand
* grondplannen van de ontworpen toestand: riolering, wegen, groen, op schaal 1/250
* lengteprofielen
* dwarsprofielen
* peilenplannen
* details van eventuele kunstwerken
* bestek
* gedetailleerde raming
* beplantings- en groenbeheerplan
* details van de parkinfrastructuur, zoals meubilair en speelinfrastructuur
* de hydraulische nota
Deze zaken zijn indien nodig aangepast aan de voorwaarden uit de vergunning.
Maak het dossier digitaal over aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen; wegen@stad.gent (deze dienst zorgt voor de interne verspreiding van dit dossier bij de Groendienst en Farys).
De Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, de Groendienst en Farys kunnen hierop opmerkingen geven, aanbevelingen doen en aanpassingen vragen.
Als vergunninghouder heb je er alle belang bij om de aanbevelingen van de technische diensten na te leven en de gevraagde aanpassingen door te voeren. Zo vermijd je dat de Stad Gent of Farys de rioleringswerken, de wegenwerken of de groenaanleg, niet aanvaarden bij de voorlopige oplevering.
Om diezelfde reden is het aangewezen om de werken pas op te starten nadat het technisch dossier volledig beantwoordt aan de aanbevelingen van de Stad Gent en Farys.
De gemeenteraad heeft op 22/09/2025 de voorwaarden van de open oproep voor een tijdelijke invulling van de oostelijke loods op de FNO-site goedgekeurd. Daarin werd de intentie reeds opgenomen dat jeugddienst zou bijdragen in de werkingsmiddelen.
Er werden in totaal 3 voorstellen ingediend, nl. van vzw OCUP, vzw Habbekrats en vzw Ghent Basketball.
De kandidaten hebben op 05/11/2025 hun voorstellen gepresenteerd en vragen van de jury beantwoord. Aansluitend heeft de jury de ingediende dossiers besproken en beoordeeld. Daarna werd een juryverslag opgemaakt met de quotering van de verschillende dossiers. vzw Ghent Basketball kwam hierbij als beste kandidaat naar boven.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 20/11/2025 goedgekeurd dat met vzw Ghent Basketball gesprekken worden opgestart om enerzijds een samenwerkingsovereenkomst af te sluiten rond de invulling van de site en anderzijds een overeenkomst bezetting ter bede voor het gebruik van de loods.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 18/12/2025 de samenwerkingsovereenkomst en de bezetting ten bede met Ghent Basketball goedgekeurd voor de tijdelijke invulling van de oostelijke loodsen op de FNO-site.
De werkingssubsidies zijn bijeengebracht vanuit Sportdienst, Groendienst en Jeugddienst. Dienst Stedelijke Vernieuwing coördineert de samenwerkingsovereenkomst samen met de verschillende betrokken beleidsdiensten.
De jeugddienst brengt een bijkomende werkingssubsidie in voor de tijdelijke invulling gesubsidieerd vanuit European Youth Capital van in totaal 30.000 euro voor 2026 en 2027.
Daarnaast zullen de tijdelijke invullers werken uitvoeren nodig voor de heringebruikname van de loodsen voor een bedrag van 20.000 euro.
Het college heeft op 19/02/2026 een subsidie toegekend via het Fonds Tijdelijke invulling van 51.861 euro goedgekeurd om de site op een veilige en toegankelijke manier in gebruik te kunnen nemen voor de publieke werking. De uitbetaling van deze subsidie wordt ook geregeld via het voorliggende addendum.
Aangezien de prestaties in de reeds goedgekeurde samenwerkingsovereenkomst in lijn zijn met de doelstellingen van het European Youth Capital en het Fonds Tijdelijke invullingen worden deze middelen aan de overeenkomst toegevoegd zonder bijkomende prestaties.
Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd om het addendum op de samenwerkingsovereenkomst met Ghent Basketball vzw onder voorbehoud van de goedkeuring van de extra financiële middelen door de gemeenteraad van maart 2026 goed te keuren voor de tijdelijke invulling van de oostelijke loods op de FNO-site, Nieuwevaart 153, 9000 Gent. Het addendum gaat in op 01/04/2026 en eindigt op 31/12/2027.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Stedelijke Vernieuwing | Stedelijke Vernieuwing |
| Budgetplaats | 402490006 | 402490004 |
| Categorie* | E | I |
| Subsidiecode | VLA.EYC | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 15.000,00 | 20.000,00 |
| 2027 | 15.000,00 | |
| Totaal | 30.000,00 | 20.000,00 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Stedelijke Vernieuwing |
| Budgetplaats | 4024900 |
| Categorie* | E |
| Subsidiecode | VLA.EYC |
| 2026 | 15.000,00 |
| 2027 | 15.000,00 |
| Totaal | 30.000,00 |
keurt goed de extra financiële middelen voor een bedrag van 50.000 euro voor de tijdelijke invulling van de oostelijke FNO-loods.
Uit het antwoord van schepen Bracke in de commissie VOGOK blijkt dat verschillende stadsdiensten, IVAGO, Thuispunt, politie en andere partners vandaag al heel wat inspanningen leveren om sluikstort aan te pakken. Dat erkennen we ook.
Tegelijk moeten we eerlijk zijn: op verschillende plaatsen in de stad blijft sluikstort een hardnekkig probleem, zeker in de omgeving van grotere wooncomplexen en woontorens.
Nieuw Gent is daar een duidelijk voorbeeld van. In 2024 werden er bijna 1.000 sluikstorten gemeld en opgeruimd. Zelfs met een lichte daling spreken we in 2025 nog steeds over ongeveer 800 gevallen. Dat blijft een zeer hoog aantal voor één wijk.
Bovendien zien we dat het probleem zich op bepaalde plaatsen structureel concentreert. Rond de OMA-gebouwen – Orion, Milenka en Aurora – maar ook op verschillende andere locaties in de wijk blijft sluikstort een terugkerend probleem. In sommige gevallen wordt afval zelfs vanop balkons naar beneden gegooid, wat niet alleen een netheidsprobleem is, maar ook een veiligheidsprobleem.
Maar Nieuw Gent staat hierin niet alleen. Ook rond andere woontorens en grote wooncomplexen in de stad stellen we gelijkaardige problemen vast, waarbij sluikstort zich hardnekkig blijft voordoen op specifieke plekken.
In het antwoord van de schepen wordt verwezen naar camera-inzet via Actie Argus, maar daarbij gaat het voornamelijk om tijdelijke observaties of mobiele camera’s. Het gaat dus niet om vaste camera’s op gekende hotspots, zoals we die recent wel hebben goedgekeurd in het Zuidpark.
Nochtans groeit ook bij bewoners de vraag naar sterkere handhaving. In een recent krantenartikel gaven verschillende buurtbewoners aan dat zij camera’s als een noodzakelijk instrument zien om sluikstorten aan te pakken en de pakkans te verhogen. Dat signaal uit de wijken mogen we niet negeren.
Als we weten waar de problemen zich concentreren, dan is het logisch om ook daar gerichte maatregelen te nemen. Tijdelijke vaste camera’s op hardnekkige sluikstorthotspots kunnen een duidelijk afschrikeffect hebben en de handhaving versterken.
Plant de stad om, in overleg met politie en handhaving, tijdelijk vaste camera’s tegen overlast te plaatsen op gekende sluikstorthotspots, bijvoorbeeld in de omgeving van woontorens en grote wooncomplexen waar het probleem zich structureel voordoet, zodat de pakkans verhoogt en de situatie beter onder controle kan worden gebracht?
Vandaag zijn veel Gentenaars nog steeds afhankelijk van de wagen door o.a. een gebrek aan goed werkend en betaalbaar openbaar vervoer. De parkeerdruk in de meeste Gentse wijken is bijgevolg enorm hoog. Bewoners vinden moeilijk parkeerplaats in de eigen buurt, waardoor regelmatig wordt fout geparkeerd. In 2025 werden er zo meer dan 38.000 GAS-boetes uitgeschreven voor foutparkeren. Dit is een duidelijk signaal dat het parkeerbeleid moet worden bijgestuurd.
Foutparkeren kan de verkeersveiligheid in het gedrang brengen en moet terecht worden aangepakt, maar dit gebeurt ook vaak uit noodzaak, door een gebrek aan voldoende parkeerplaatsen in de buurt.
Gratis buurtparkings, beter openbaar vervoer en extra parkeerplaatsen bij bvb supermarkten tijdens sluitingstijden kunnen een oplossing bieden voor dit probleem.
Hierover de volgende vragen:
Hoeveel inkomsten levert dit GAS-boetebeleid voor foutparkeren op voor de stadskas op jaarbasis (cijfers 2024)?
Welke initiatieven zal het stadsbestuur nemen om de parkeerdruk te doen afnemen en bijgevolg dus ook het aantal GAS-boetes wegens foutparkeren te verlagen?
Tijdens de gemeenteraden van januari, februari en ook de huidige gemeenteraad van maart 2026 werden en worden een aantal subsidiereglementen en -overeenkomsten voorgelegd die gemeenschappelijk hebben dat er een clausule over toegankelijkheid in staat opgenomen, met telkens onder andere de bepaling dat er moet rekening gehouden worden met de noden van anderstaligen en/of dat er aandacht moet zijn voor anderstaligheid.
De subsidiereglementen en -overeenkomsten betreffen uiteenlopende beleidsdomeinen, van cultuur over evenementen tot veiligheid – van subsidies voor feestelijke evenementen (inclusief de stadskermissen), over subsidies voor erfgoed- en kunstenverenigingen, tot subsidies voor organisaties die trajectbegeleiding bij jongeren doen.
Tijdens de jongste commissie FABAZ op 16 maart lichtte een stadsmedewerker toe dat het een nieuw en stadsbreed initiatief betreft en dat het eigenlijk gaat over het gebruiken van eenvoudige taal die voor iedereen te begrijpen is, met daarbij ook o.a. mensen die anderstalig zijn of die bepaalde beperkingen hebben. Schepen Vandenbroucke had het tijdens de gemeenteraad van januari over het gebruik van pictogrammen of eventueel ook gebarentaal.
Samengevat gaat het dus over communicatie in voor iedereen – taalrijk of minder taalrijk, anderstalig of niet – begrijpelijke taal, eventueel ondersteund door visuele hulpmiddelen. Dat catalogeren onder de noemer ‘anderstaligheid’ is misleidend of minstens verwarrend – met name voor de betrokken subsidiënten die verondersteld worden uitvoering te geven aan deze bepaling in de clausule. Dit is geen KUS-formulering (klantgericht, uniek, simpel).
Het is immers expliciet niet de bedoeling om subsidiënten te verplichten om naast het Nederlands in één of meerdere andere talen communicatie of informatie te voorzien (dixit de voornoemde schepen in januari). Dat is nochtans net wel wat het concept ‘noden van anderstaligen’/’aandacht voor anderstaligheid’ spontaan bij veel subsidiënten zou kunnen oproepen.
Daarom verdient het aanbeveling om de vraag naar aandacht voor eenvoudige en voor iedereen vlot begrijpbare communicatie (in het Nederlands) op een andere, meer heldere en eenduidige manier te formuleren in alle betreffende subsidiereglementen en -overeenkomsten.
Daarom, op voorstel van de N-VA-fractie,
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om de vraag naar aandacht voor eenvoudige en voor iedereen vlot begrijpbare communicatie op een andere, meer heldere en eenduidige manier te formuleren in alle betreffende subsidiereglementen en -overeenkomsten.
In september start opnieuw een nieuw schooljaar. Schooldirecteurs zijn reeds volop de voorbereidingen aan het treffen hiervoor. Ze hebben daarbij alle informatie nodig.
Ik ving op dat er nog geen duidelijke communicatie is geweest tussen de Stad en de schooldirecteurs over de concrete invulling van het BOA-decreet.
De uitrol van het BOA-decreet in stad Gent stond de voorbije maanden hoog op de agenda van zowel de stadsdiensten als de scholen. Graag had ik een stand van zaken gekregen nu de tijd begint te dringen.
Concreet heb ik de volgende vragen voor de schepen:
- Hoe zullen de budgetten vanuit Vlaanderen en Gent verdeeld worden? Welk budget zal rechtstreeks naar de scholen gaan?
- Hoeveel BOA-ondersteuners zullen er worden ingezet? Wat zal hun concrete taak zijn? Hoe zullen zij verdeeld worden over de scholen? Werden er reeds BOA-ondersteuners aangeworven? Zo nee, wanneer wordt dit opgestart? Welk functieprofiel zal op hen van toepassing zijn?
- Bij beslissing van 23 januari 2026 heeft de Vlaamse regering verduidelijkt dat er een functionele scheiding moet zijn tussen organisator en regisseur van BOA. Hoe zal dit in Gent concreet vorm krijgen?
Dank u wel, collega Heyndrickx voor uw vragen
Eerst en vooral: u stelt dat er “nog geen duidelijke communicatie zou geweest zijn met schooldirecties”. Laat mij dat toch meteen nuanceren.
Wij hebben al samengezeten met de directies van het GO!, en we kijken er actief naar uit om ook met de directies van het katholiek onderwijs zeer binnenkort rond de tafel te zitten. Het BOA-decreet vraagt immers van iedereen een grote transitie—scholen, stad én partners samen.
BOA is geen big bang op 1 september. Het is zo’n game changer die zorgzaam moet gebeuren, waardoor ik liever spreek over een meerjarige evolutie.
En de directies die onze BOA-regiecel vandaag al spraken, weten dat heel goed: de komende schooljaren zien er niet allemaal hetzelfde uit. Niet alles staat vanaf dag één in volle kracht.
Laat me starten met schetsen waar we staan in dit traject. De gemeenteraad — ook uw fractie, collega, waarvoor dank — heeft het erkennings- en subsidiereglement in het najaar goedgekeurd. Scholen en opvanglocaties konden hun aanvragen indienen tot eind februari. Die dossiers worden op dit moment grondig onderzocht door BOA‑regie. In juni volgt de beslissing. Dat is een timing waarmee scholen nog voor de zomervakantie duidelijkheid krijgen voor het schooljaar dat volgt. Ik denk dat we dat graag allemaal rapper willen, maar ik schetste hier al eerder hoe laat Vlaanderen vaak beslist en zelfs nog bijstuurt, ik kom daar trouwens nog op terug.
Wat de BOA-uitrol nu concreet betekent voor scholen, op de vloer, vanaf september 2026?
Erkende locaties (in de praktijk zijn dit scholen) krijgen een BOA‑clusterondersteuner vanuit de Stad
– die ondersteunt scholen bij het realiseren van de erkennings- en subsidievoorwaarden, bij de organisatie van de voor en na‑opvang, bij de coördinatie van het hele aanbod, bij administratie en planning — kortom: scholen staan er niet alleen voor.
Daarnaast zijn er de subsidies per erkende locatie: werkingssubsidie, sociale‑toegankelijkheidsmiddelen, subsidie voor buitengewoon onderwijs.
Daarnaast is er een uitbreiding van het toegankelijke activiteitenaanbod op school, de inzet van betaalde vrijwilligers, gratis vorming voor opvangbegeleiders, ondersteuning voor vakantieaanbod én het behoud van het sociaalvoordeelreglement (FLOB) zolang er een sociaal voordeel is.
U vraagt hoe de budgetten worden verdeeld en hoeveel rechtstreeks naar de scholen gaat?
Vanuit Vlaanderen ontvangt Gent in 2027 6,8 miljoen euro. Die Vlaamse BOA middelen worden verdeeld volgens de verdeelsleutel 75% naar aanbod opvang en activiteiten en 25% naar regie. Het aanbod zelf hanteert dan weer deze verdeelsleutel: 60% gaat naar BOA tijd in het schooljaar, en 40% naar BOA tijd in de vakanties (dit wordt berekend a rato van het aantal schooldagen/vakantiedagen in het jaar).
Wat het Gentse budget betreft, dat naar BOA zal gaan, werken we de komende jaren geleidelijk aan aan een gelijke toegang voor elk kind, ongeacht het net. We zijn hier achter de schermen volop mee bezig. Zo beginnen we binnenkort met de stedelijke vakantieopvang die breder toegankelijk wordt voor kinderen van alle netten. Daarna pakken we de buitenschoolse tijd aan en ook daar werken we geleidelijk aan een gelijke toegang voor elk kind. En zo werken we verder richting 2029-2030.
We zullen uiteraard nog steeds het stedelijk onderwijs servicen, net zoals ook het GO en het KO dat zullen doen. De Vlaamse middelen zijn immers niet toereikend, dat berekende VVSG al eerder en kwam hier al herhaaldelijk aan bod. Bovendien maakt niet alle buitenschoolse tijd deel uit van het BOA-decreet, zoals de middagopvang.
Hoeveel BOA-ondersteuners zullen er worden ingezet? Wat zal hun concrete taak zijn? Hoe zullen zij verdeeld worden over de scholen? Werden er reeds BOA-ondersteuners aangeworven? Zo nee, wanneer wordt dit opgestart? Welk functieprofiel zal op hen van toepassing zijn?
Er zullen in totaal 18 BOA‑clusterondersteuners worden ingezet. Zij vormen een belangrijk onderdeel van de uitrol van het BOA‑decreet (buitenschoolse opvang en activiteiten).
Er zijn vandaag nog geen clusterondersteuners aangeworven, maar de vacature staat open.De aanwervingen zullen dit voorjaar nog gebeuren.
Wat doen de BOA-ondersteuners dan concreet? Het gaat om een ondersteunende functie, geen leidinggevende rol. Ze werken in één of meerdere clusters van scholen, opvanglocaties en wijkpartners. Een cluster is een samenwerking binnen een regio, niet een strikt geografisch afgebakend gebied.
In het eerste jaar (2026—2027) zullen ze ook een actieve rol spelen in het opstarten van de clusters en het afstemmen tussen alle betrokken partijen.
U vraagt ook hoe deze BOA ondersteuners zullen worden verdeeld over de scholen. De verdeling gebeurt op basis van de toekomstige clusterindeling. Die oefening loopt momenteel bij de Arteveldehogeschool, en ook schooldirecties worden betrokken bij de finale clusterindeling. We verwachten tegen de zomer duidelijkheid over welke clusters er zullen komen..
Omdat de clusterindeling nog niet vastligt, communiceren we bewust nog geen voorbeelden op wijk- of schoolniveau, om geen verkeerde verwachtingen te creëren. scholen worden bovendien mee betrokken bij de finalisering van de clusterindeling.
Volgend schooljaar worden de clusters dan verder voorbereid om in schooljaar 2027-2028 helemaal van start te gaan
Daarnaast loopt er ook een interne oefening naar de efficiëntste inzet van onze stadsconsulenten (clusterondersteuners, Brede School-coördinatoren, verantwoordelijken kinderopvang). Die oefening is ook klaar tegen het einde van dit schooljaar en kan nog kleine verschuivingen geven om overlap of hiaten te vermijden.
U vraagt ook of er functieprofiel is. Dat is er uiteraard. U kan dat ook opvragen.
Ik wil hier toch ook nog eens meegeven hoe lastig het werken is binnen de Vlaamse context. Wij moeten als stad op het terrein verder bouwen terwijl Vlaanderen talmt en last minute zaken wijzigt. De uitrol van het BOA‑decreet in onze stad wordt met andere woorden sterk beïnvloed door laattijdige en herhaalde wijzigingen vanuit Vlaanderen. Tussen februari 2025 en januari 2026 zijn onder meer het kleuterlabel, de budgetverdeling, het toezicht, de handhaving en de voorwaarden voor reserveopbouw gewijzigd — telkens met impact op lokale implementatie.
Op dit moment blijft er bijvoorbeeld nog steeds Vlaamse onduidelijkheid over monitoring en rapportage, nochtans bepalend voor de financiering vanaf 2028.
Bij beslissing van 23 januari 2026 heeft de Vlaamse regering verduidelijkt dat er een functionele scheiding moet zijn tussen organisator en regisseur van BOA. Hoe zal dit in Gent concreet vorm krijgen?
In haar meest recente uitvoeringsbesluit van 23/01/2026 heeft de Vlaamse regering – opnieuw heel laat in het traject- verduidelijkt hoe de neutraliteit en de scheiding tussen organisator en regierol (waar al in het oorspronkelijke BOA decreet sprake was in 2019) er moet uitzien.
Hoe pakken we dit in Gent aan? Wij doen wat decretaal gevraagd wordt, dus Gent bereidt die functionele scheiding zorgvuldig en systematisch voor.
Op dit moment is er één dienst die BOA opvolgt, maar met duidelijke interne scheidingen tussen de teams die de regierol opnemen en de teams die de organisatorrol uitvoeren.
Die scheiding wordt strikt bewaakt via taakafbakening, duidelijke mandaten en formele afspraken.
Hoe we het in Gent organiseren is volledig in lijn met goede en veilige bestuurspraktijken zoals aanbevolen door VVSG en Opgroeien.
Waar staan we vandaag? BOA regie zit momenteel in de voorbereidende fase binnen het samenwerkingsverband. Ze leggen de scheiding tussen regisseur en organisator op drie niveaus vast: juridisch, organisatorisch en operationeel.
Deze oefening is volop bezig en wordt afgerond tegen de start van volgend schooljaar.
Gent zal de scheiding strikt toepassen — niet alleen omdat Vlaanderen dit nu expliciet vraagt, maar omdat heldere rolzuiverheid ook bijdraagt aan transparantie, kwaliteit en een goede samenwerking met scholen, organisatoren en ouders.
di 24/03/2026 - 15:29In november jl. bracht de Stedelijke Adviesraad Ondernemen een advies uit over het voorontwerp van de beleidsverklaring in het nieuwe Meerjarenplan 2026-31. Dit advies bevat tal van nuttige insteken en voorstellen, waaronder ook de volgende passage met betrekking tot kinder- en buitenschoolse opvang (p. 13): “[De raad] benadrukt dat kinderopvang en buitenschoolse opvang essentieel zijn voor arbeidsdeelname. De stad moet opvang prioritair garanderen voor wie werkt, studeert of solliciteert. Nu kunnen sommige (groot)ouders onvoldoende deelnemen aan de arbeidsmarkt door het gebrek aan opvang.”
De Memorie van Toelichting bij het nieuwe BOA-decreet stelt in de toelichting bij artikel 10 van het wijzigingsdecreet dat lokale besturen in hun erkenningskader voorrang kunnen geven aan werkende ouders: “Lokale besturen kunnen in hun erkenningskader een voorrangsregel voor werkende ouders opnemen, binnen de grenzen van de juridische principes van gelijke behandeling. Zij communiceren transparant over hun voorrangsbeleid naar de gezinnen.”
In de kinderopvang geldt al een voorrang voor werkende ouders, ook na het arrest van het Grondwettelijk Hof van 30 april 2025. Het Agentschap Opgroeien communiceerde hierover het volgende: “De absolute voorrang voor werk die reeds van kracht was in de oude regels. blijft behouden. Maar vanaf nu mag je geen voorrang meer geven aan ouders op basis van het criterium 'minstens 4/Sde werken' of 'intensief traject naar werk'. Dit wordt opnieuw gelijkgesteld met ouders die opvang nodig hebben voor werk, het zoeken naar werk, het volgen van een inburgeringstraject, een opleiding of trajectbegeleiding naar werk.”
Tot op vandaag volstaat het huidige BOA-aanbod niet om aan alle vragen van ouders te kunnen voldoen, hoewel de Vlaamse regering met bevoegd minister Gennez hier 80 miljoen euro per jaar extra in investeert. Een 100% vraagdekkend aanbod is niet voor morgen en dit op termijn realiseren blijft hoe dan ook een grote uitdaging, met name ook gezien de vele andere maatschappelijke noden en het niet oneindige karakter van de publieke middelen: de belastingdruk voor burgers en bedrijven moet redelijk blijven.
In die context is het nodig om keuzes te maken. Conform het BOA-decreet bevat het Gentse BOA-erkenningsreglement sowieso al een passage over de toegankelijkheid van het BOA-aanbod voor kwetsbare gezinnen (o.a. over het bereiken ervan en over het wegwerken van drempels), zodat de noden van deze groep alvast afgedekt zijn.
Voor de groep van werkende ouders is toegang tot het BOA-aanbod echter in bijzondere mate belangrijk. Opvang (buiten de schooluren, tijdens schoolvakanties) is vaak essentieel om zijn of haar job te kunnen (blijven) uitoefenen. De N-VA-fractie pleit er dan ook voor om gebruik te maken van de door de hogere BOA-regelgeving geboden mogelijkheid om een voorrang voor werkende ouders (en aanverwanten: werkzoekenden en mensen in opleiding) op te nemen in het Gentse BOA-reglement. Het spreekt vanzelf dat die rekening dient te houden met de principes van gelijke behandeling en met het recente arrest van het Grondwettelijk Hof.
Daarom, op voorstel van de N-VA-fractie,
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om in het reglement voor de erkenning van het lokaal BOA-aanbod een voorrang voor werkende ouders (en eventueel ook aanverwanten: werkzoekenden, mensen in opleiding) op te nemen.
De vzw Vereniging voor Vlaamse Steden en Gemeenten houdt op 23 maart 2026 om 18 uur een digitale buitengewone algemene vergadering.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, tweede lid, 4°.
Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 386.
In 2021 werd in samenwerking met o.a. Provincie Oost-Vlaanderen, Stad Gent, Universiteit Gent, … een EFRO-onderzoek “Soft Landing Flanders” verricht in onze regio. Het EFRO-project "Soft Landing Flanders" richtte zich op het aantrekken, onthalen en ondersteunen van internationale startups/scale-ups en internationaal talent in Oost-Vlaanderen, waarbij alle pijlen wezen in de richting van de oprichting van een International House in onze regio. Binnen Stad Gent en Voka Oost-Vlaanderen (en andere partners) werd de dienstverlening naar internationaal talent en bedrijven die werken met internationaal talent nooit losgelaten. Dit werd voor Stad Gent vertaald binnen het bestuursakkoord 2025-2030: "Om onze toppositie te bevestigen en uit te bouwen, helpen we onze bedrijven mee te spelen op mondiaal vlak. We richten een Expat House op en ondersteunen de verdere uitbouw van International School Ghent.” Voka Oost- Vlaanderen heeft een vergelijkbare ambitie opgenomen in hun memorandum. Stad Gent en Voka Oost-Vlaanderen hebben de voorbije maanden diverse stakeholders uit het ecosysteem van "internationaal talent en "internationaal rekruteren" gesproken en bevraagd rond de oprichting van een International House Oost-Vlaanderen. Hieruit is een stuurgroep opgericht met partners die mee hun schouders zetten onder het project:
Ondertussen is ook een goedkeuring ontvangen voor een facultatieve subsidie van 50.000 EUR voor de periode 2026, vanuit het kabinet van Zuhal Demir, Vlaams Minister van Onderwijs, Justitie en Werk (oproep “Warm welkom voor economische migranten voor Vlaamse Provincies en/of lokale besturen” gelanceerd vanuit de Vlaamse Overheid). Zo wordt aangehaakt op het Vlaamse netwerk van International Houses, dat richtinggevend is voor de nieuwe projectoproep 2027–2029, in voorbereiding door de Vlaamse overheid.
De partners beslisten om het International House Oost-Vlaanderen (hierna IHOV) op te richten in de vorm van een vereniging zonder winstoogmerk op grond van artikel 386 van het Decreet over het lokaal bestuur. Het belangeloos doel en voorwerp van het IHOV zijn (artikel 3 van de ontwerpstatuten):
"De vereniging heeft tot doel het uitbouwen van het International House Oost-Vlaanderen als een centraal, fysiek en digitaal aanspreekpunt voor internationaal talent en voor organisaties die internationaal talent onthalen of tewerkstellen in de Provincie Oost-Vlaanderen. Zij beoogt bij te dragen aan het aantrekken, de integratie, het welzijn, de participatie en de retentie van internationaal talent, evenals aan de algemene regionale aantrekkelijkheid en een toekomstbestendige arbeidsmarkt.
Om dit belangeloos doel te verwezenlijken, heeft de vereniging onder meer de volgende activiteiten als voorwerp:
Daarnaast kan de vereniging alle activiteiten ontplooien die rechtstreeks of onrechtstreeks bijdragen tot de verwezenlijking van haar belangeloos doel, met inbegrip van commerciële en winstgevende activiteiten waarvan de opbrengsten steeds integraal worden aangewend voor haar belangeloos doel.
De vereniging mag rechtstreeks noch onrechtstreeks enig vermogensvoordeel uitkeren of bezorgen aan de oprichters, de leden, de bestuurders of enige andere persoon, behalve voor het in deze statuten bepaalde belangeloos doel. Elke verrichting in strijd met dit verbod is nietig."
Het IHOV wordt opgericht door voormelde partners oprichtende leden. Na de oprichting kunnen nog andere leden-rechtspersonen toetreden (artikel 8 van de ontwerpstatuten).
De zetel van het IHOV zal gevestigd zijn te 9000 Gent, Lammerstraat 18. Dit adres wordt opgenomen in de oprichtingsakte van het IHOV.
Het IHOV wordt opgericht voor onbepaalde duur (artikel 4 van de ontwerpstatuten).
Het IHOV wordt niet opgericht als extern verzelfstandigd agentschap van de Stad Gent en voldoet aan volgende randvoorwaarden, waardoor de vermoedens van verzelfstandiging van artikel 225, §3, 1° en 2° van het Decreet over het Lokaal Bestuur niet van toepassing zijn:
Het is mogelijk dat het laatste vermoeden (meerderheidsfinanciering ten laste van het gemeentebudget) uit artikel 225 § 3, 3° van het Decreet over het lokaal bestuur zich stelt in de startjaren van het IHOV. Het gaat hier om een weerlegbaar vermoeden. Het is dus mogelijk om hier gemotiveerd van af te wijken. De activiteiten van het IHOV kunnen de eerste jaren van verkennende aard zijn. Een eventuele belangrijkere financiële bijdrage van de Stad Gent kan vanuit dat oogpunt mogelijks belangrijk en noodzakelijk zijn.
De ontwerpstatuten bepalen het volgende over de lidmaatschapsbijdrage (artikel 10 van de ontwerpstatuten):
"De leden betalen, vanaf hun toetreding, een jaarlijkse lidmaatschapsbijdrage van maximaal 60.000 EUR. Het bestuursorgaan bepaalt jaarlijks de hoogte van dit bedrag en deelt dit mee aan de leden. Het bestuursorgaan doet dit voor het eerst onmiddellijk na de oprichting van de vereniging.
Het bedrag van de lidmaatschapsbijdrage kan variëren per lid. Het bestuursorgaan stelt leden, die op een andere wijze gelijkwaardig bijdragen, vrij van de betaling van lidmaatschapsbijdragen.
Een geschorst, ontslagnemend of uitgesloten lid, is gehouden de lidmaatschapsbijdrage van het lopende jaar te betalen.
Een ontslagnemend of uitgesloten lid heeft geen aanspraak op het bezit van de vereniging en kan betaalde bijdragen niet terugvorderen."
Aan Stadszijde zal aan de gemeenteraad gevraagd worden om voor 2026 een subsidie van 100.000 EUR aan het IHOV goed te keuren. Deze goedkeuring betekent dat het bestuursorgaan van het IHOV de Stad Gent zal vrijstellen van lidmaatschapsbijdragen. De ambitie is om vanaf 2027 te werken met een subsidieovereenkomst voor het voorziene budget in de meerjarenplanning van 100.000 EUR per jaar.
De andere partners engageerden zich voor 2026 tot de volgende bedragen, in de vorm van lidmaatschapsbijdragen:
De algemene vergadering van het IHOV is samengesteld uit de leden, allen rechtspersonen. De leden worden in de algemene vergadering vertegenwoordigd door maximaal 2 vertegenwoordigers of hun plaatsvervangers, allen natuurlijke personen, allen aangeduid door het daartoe bevoegde orgaan van het lid (artikel 18 van de ontwerpstatuten). Elk lid heeft 1 stem in de algemene vergadering (artikel 23.2 van de ontwerpstatuten).
Het IHOV wordt bestuurd door een collegiaal bestuursorgaan benoemd door de algemene vergadering (artikel 28 van de ontwerpstatuten). Elk oprichtend lid heeft 2 stemmen in het bestuursorgaan dat het kan invullen door:
Aan de gemeenteraad wordt besluitvorming voorgelegd over voormelde mandaten.
In geval van ontbinding en vereffening, hetzij in één akte, hetzij gefaseerd in twee stappen, beslist de algemene vergadering of de vereffenaar(s) over de bestemming van het vermogen van het IHOV. In elk geval wordt het bestemd aan een vereniging met een gelijkaardig belangeloos doel (artikel 46 van de ontwerpstatuten).
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Economie & Toerisme | ||
| Budgetplaats | AC35720 | ||
| Categorie* | Esub | ||
| Subsidiecode | |||
| 2027 | 60.000 | ||
| 2028 | 60.000 |
|
|
| 2029 | 60.000 | ||
| 2030 | 60.000 |
|
|
| 2031 | 60.000 |
|
|
| Totaal | 300.000 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
Keurt goed dat de Stad Gent zal overgaan tot oprichting van International House Oost-Vlaanderen vzw en erin zal deelnemen.
Keurt goed, de ontwerpstatuten van International House Oost-Vlaanderen vzw, zoals gevoegd in bijlage.
Mandateert de vertegenwoordigers van de Stad Gent in de algemene vergadering om de Stad Gent te vertegenwoordigen op de oprichtingsvergadering van International House Oost-Vlaanderen vzw en de oprichtingsakte te ondertekenen.
Het betreft de toekenning van een subsidie aan International House Oost-Vlaanderen vzw - IHOV vzw (in oprichting) die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt.
De subsidie dient gebruikt te worden voor de oprichting, opstart en uitbouw van het International House Oost-Vlaanderen (IHOV vzw). IHOV vzw mag de subsidie niet aanwenden voor economische activiteiten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden.
IHOV vzw zal volgende verantwoordingsstukken overmaken aan de Stad Gent, ten laatste op 31/12/2026:
Financiële stukken
Inhoudelijk eindverslag 2026: een eindverslag over het werkingsjaar 2026, met daarin minimaal:
Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad. Het rekeningnummer waarop de subsidie zal worden uitbetaald, zal na de formele oprichting van de vzw schriftelijk worden meegedeeld aan het stadsbestuur.
De begunstigde van de subsidie dient elke latere wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Economie & Toerisme |
| Budgetplaats | AC35720 |
| Categorie* | exploitatie(subsidies) |
| Subsidiecode | |
| 2026 | 100.000 |
| 2027 | |
| 2028 |
|
| Totaal | 100.000 |
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 100.000 euro – die noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan International House Oost-Vlaanderen (IHOV vzw, in oprichting) in het kader van de oprichting, opstart en uitbouw van het International House Oost-Vlaanderen.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet betreffende de Brownfieldconvenanten van 30 maart 2007, artikels 10 §1,15,16 en 17.
Het Vlaams Parlement keurde op 30 maart 2007 het Decreet betreffende de brownfieldconvenanten goed. Dit decreet trad op 19 juni 2007 in werking. Met dit decreet wordt een kader gecreëerd voor het sluiten van brownfieldconvenanten tussen de Vlaamse Regering en de actoren en regisseurs bij een brownfieldproject.
Tussen de Vlaamse Regering, Bostoen Group, IFB, de Stad Gent, OVAM en AWV werd op 20 december 2023 een Brownfieldconvenant afgesloten met betrekking tot het Brownfieldproject “190.Drongen – site Bostoen”. De gemeenteraad keurde in zitting van 25 september 2023 dit Brownfieldconvenant voorafgaand goed.
Voor de herontwikkeling van de brownfield is op 4 december 2025 een nieuwe projectvennootschap opgericht (Futurn Bost nv) via notariële akte.
Futurn Bost heeft een onderhandse overeenkomst onder opschortende voorwaarden afgesloten waardoor zij na het verlijden van de notariële aankoopakte over de volledige eigendomsrechten zal beschikken voor de herontwikkeling van het projectgebied.
Futurn Bost wenst toe te treden tot het Brownfieldconvenant, waarbij Bostoen Group en IFB na het verlijden van de notariële aankoopakte als actor uit het Brownfieldconvenant zullen treden aangezien zij na de overdracht geen zakelijke rechten meer hebben in het projectgebied en geen verplichtingen als actor meer hebben in het kader van het Brownfieldconvenant.
Artikel 15 van het Brownfieldconvenant voorziet dat nieuwe partijen voor zover dit noodzakelijk en/of nuttig is voor de realisatie van het Brownfieldproject tot het convenant kunnen toetreden mits akkoord van de andere betrokken partijen.
Artikel16 van het Brownfieldconvenant voorziet dat bij een overdracht van rechten en/of plichten deze overdracht enkel middels de goedkeuring van de partijen en bijgevolg enkel middels een aanpassing aan het Brownfieldconvenant kan gebeuren.
Artikel 17 van het Brownfieldconvenant voorziet bij uittreding dat de partijen bepalen wat er gebeurt met de verbintenissen waartoe de uitgetreden partij zich had verbonden.
Hiertoe wordt Addendum 1 aan het Brownfieldconvenant ter goedkeuring voorgelegd waarbij de partijen overeenkomen dat Futurn Bost als partij toetreedt tot het convenant als actor en dat Bostoen Group en IFB uittreden uit het convenant vanaf het moment van het verlijden van de notariële akte m.b.t. de overdracht van de brownfield.
Futurn Bost neemt alle verbintenissen uit het Brownfieldconvenant over van de uittredende actoren, vanaf het moment van het verlijden van de notariële akte m.b.t. de overdracht van de brownfield.
Keurt goed Addendum 1 aan het Brownfieldconvenant betreffende het Brownfieldproject '190. Drongen – Site Bostoen', zoals gevoegd in bijlage.
De CityCard Gent en Fietskaart Oost-Vlaanderen maakten voorheen deel uit van het retributiereglement voor diensten van administratieve aard van het Departement Cultuur, Sport en Vrije Tijd. Door de fusie van dienst Toerisme met dienst Economie en de daarbij horende verschuiving naar het Departement Stedelijke Ontwikkeling, worden deze producten nu opgenomen in een nieuw retributiereglement.
Het tarief van de fietsnetwerkkaart wordt niet geïndexeerd, aangezien dit een doorverkoopproduct betreft van Toerisme Oost Vlaanderen.
Naar analogie met verhoging van de toegangstarieven voor de musea werd de prijs van de CityCard Gent verhoogd. In dit retributiereglement wordt geen verdere indexering opgenomen aangezien we afhankelijk zijn van onze partners (musea, bezienswaardigheden,…). We moeten competitief kunnen blijven met ons product (moet een voordeelkaart blijven). Daarom zullen we onze prijzen pas aanpassen van zodra de ticketprijzen van onze partners ook wijzigen.
De diverse diensten die als verkooppunt optreden zijn belast met de uitvoering van dit reglement.
Wijzigt het reglement “Retributie voor diensten van administratieve aard van het Departement Cultuur, Sport en Vrije Tijd”, goedgekeurd op 18 december 2019 en laatst gewijzigd op 25 september 2023, als volgt:
In artikel 2 worden §1 en §3 geschrapt.
Deze wijziging gaat in op 1 maart 2026.
Neemt kennis van de gecoördineerde versie van het reglement “Retributie voor diensten van administratieve aard van het Departement Cultuur, Sport en Vrije Tijd”
Aan Dok-Noord bevinden zich momenteel 2 straten en een plein die in de toekomst worden overgedragen aan het openbaar domein. Betreffende straten en plein hebben momenteel nog geen officiële straatnaam. Een van die straten en het plein worden voorlopig foutief aangeduid als ‘Atlantastraat’ en ‘Carelsplein’ maar betreffende namen zijn dus niet officieel.
Intussen is er een nieuwe ontwikkeling op de voormalige Meyvaert-site, waarbij nieuwe toegangen worden voorzien aan de straat die voorlopig als Atlantastraat wordt aangeduid. Deze nieuwe toegangen zullen een adres moeten krijgen, maar deze straat heeft dus nog geen officiële straatnaam.
Voor een efficiënte werking van bijvoorbeeld de hulp- en de veiligheidsdiensten is het noodzakelijk dat de 2 straten en het plein een (officiële) naam krijgen.
Volgens artikel 1 van het Decreet van 28 januari 1977 tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen is alleen de gemeenteraad bevoegd om namen van openbare wegen en pleinen vast te stellen.
Na terugkoppeling met de Dienst Beleidsparticipatie werd beslist geen burgerparticipatie toe te passen.
Voor de straat aangeduid met blauwe kleur op bijgevoegde plannen wordt voorgesteld om de naam ‘Atlantastraat’ te officialiseren, omdat die naam al is ingeburgerd bij de buurtbewoners.
Voor de andere straat en het plein adviseerde het Archief Gent om nieuwe namen te kiezen binnen dezelfde thema’s als alle andere plaatsnaamgevingsdossiers binnen deze site, m.a.w. de haven, de scheepvaart en de overzeese handel. Daar werd voor de naamgeving van de straten binnen de piste houtsoorten en scheepstypes gezocht en voor de naamgeving van de pleinen binnen de piste scheepvaarttermen.
Voor het plein aangeduid met paarse kleur op bijgevoegde plannen is de onofficiële naam ‘Carelsplein’ die momenteel wordt gebruikt door de buurtbewoners niet bruikbaar wegens gelijkluidendheid met de bestaande plaatsnaam ‘Gustaaf Carelshof’. Bijgevolg wordt de nieuwe naam ‘Windvaanplein’ voorgesteld. Een windvaan is een instrument dat de richting van de wind aangeeft. Dit helpt bij het optimaliseren van de zeilinstellingen en de koers van het schip.
Voor de straat aangeduid met groene kleur op bijgevoegde plannen wordt de nieuwe naam ‘Padoekstraat’ voorgesteld. Padoek is één van de meest duurzame houtsoorten voor buitengebruik. Door zijn matig fijne nerf en gelijkmatige structuur vergrijst deze houtsoort heel mooi egaal en snel. Padoek is ondanks zijn hardheid relatief gemakkelijk te bewerken. Afrikaanse padoek komt voor in Midden- en West-Afrika. Deze lichtboomsoort komt solitair voor in het altijd groene tropische regenwoud. De wind verspreidt zijn gevleugelde zaadjes. Zijn optimale groeigebied is Gabon en Kameroen. De bomen worden zo’n 50 m hoog, waarvan de eerste 30 m takkenvrij zijn. De schors scheidt roodachtige stoffen af. De kruin is sterk vertakt. Het kernhout van Afrikaans padoek is fraai koraalrood tot paarsbruin. Het wordt dan ook gebruikt als kleurstof in o.a. de textielnijverheid. Zonder afwerking verkleurt het door licht snel tot bruin. Het kernhout van Afrikaanse padoek is zeer duurzaam.
Over deze plaatsnaamgevingen zal het advies van de Cultuurraad worden ingewonnen.
Conform het Decreet tot bescherming van de namen van openbare wegen en pleinen van 28 januari 1977, zal na de principiële vaststelling door de gemeenteraad een openbaar onderzoek worden georganiseerd.
Stelt de naam ‘Atlantastraat' principieel vast voor de straat gelegen aan Dok-Noord te Gent, zoals aangeduid met blauwe kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Stelt de naam ‘Windvaanplein’ principieel vast voor het plein gelegen aan Dok-Noord te Gent, zoals aangeduid met paarse kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Stelt de naam ‘Padoekstraat’ principieel vast voor de straat gelegen aan Dok-Noord te Gent, zoals aangeduid met groene kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, 23°.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
VIVAS (KBO-nummer 0451-161-351), het netwerk van sociale huurders, organiseert jaarlijks een bewonerscongres voor sociale huurders uit heel Vlaanderen. Daarmee bereiken ze gemiddeld zo’n 180 sociale huurders en een 30-tal professionelen, zoals medewerkers van woonmaatschappijen, opbouwwerkers, enz.
Deze congressen vinden telkens in een andere stad plaats, met lokale samenwerking en ondersteuning van o.a. de lokale overheid.
Dit jaar vindt de huurdersdag plaats op 6 juni 2026 in VierNulVier. Het centrale thema is het sociaal en lokaal woonbeleid. Zoals elk jaar werken ze hiervoor nauw samen met de lokale woonmaatschappij (met o.a. een bezoek aan een sociale woonwijk) en met de lokale huurdersbond.
VIVAS vraagt als ondersteuning een deelname in de kosten voor de organisatie. Aangezien het een beleidskeuze is om een positieve beeldvorming rond sociale huur te versterken, stellen we voor dat Stad Gent hiervoor 3.000 euro voorziet. Dit bedrag zal gebruikt worden voor een deelname in o.a. vergoeding van sprekers, drukwerk, broodjesmaaltijd en algemene organisatie.
We geven deze dag ook zichtbaarheid door o.m. een aankondiging in het Stadsmagazine. Schepen Watteeuw is een van de sprekers. Het volledige programma is nog in de maak.
VIVAS is een samenwerkingsverband van georganiseerde lokale huurdersgroepen in de sociale huisvesting en actieve sociale huurders die opkomen voor de belangen van sociale huurders in het algemeen. VIVAS verdedigt de gemeenschappelijke belangen van sociale huurders, bevordert de onderlinge contacten en werkt aan de vorming van huurders. Gemeenschappelijke knelpunten worden aangekaart op Vlaams niveau. Vier actiepunten staan hierbij centraal:
➢ betaalbare sociale huisvesting
➢ een leefbare woonomgeving
➢ inspraak van sociale huurders in het woonbeleid
➢ betere communicatie tussen huurders en hun sociale woonmaatschappijen.
VIVAS wordt sinds 2012 inhoudelijk, methodisch en logistiek ondersteund door het Vlaams Huurdersplatform, (Vlaams Huurdersplatform vzw, Gasstraat 12, 2060 Antwerpen).
Website: https://www.vivas.be/
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zoniet dient de subsidie terugbetaald te worden.
Voormelde wet geeft de Stad Gent tot slot het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
Het totaal toegekende subsidiebedrag is 3.000 euro.
|
Dienst |
Wonen |
|
Budgetplaats |
357350000 |
|
Categorie |
Exploitatie_subs |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
€ 3.000,00 |
|
Totaal |
€ 3.000,00 |
Keurt goed de toekenning van een nominatief opgenomen subsidie ten belope van € 3.000 aan VIVAS (KBO-nummer 0451-161-351) voor de studiedag 'Dag van de Sociale Huurder' op 6 juni 2026.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, 10°.
De Wet inzake overheidsopdrachten van 17 juni 2016.
Op 17 december 2025 stelde de gemeenteraad het bestek vast voor de overheidsopdracht van diensten, GD 18/2025, voor het scheren van hagen op openbaar domein in Gent en het afvoeren van organisch materiaal.
Opdracht bestaande uit 2 percelen:
Perceel 1 van deze opdracht, veruit het grootste perceel, was voorbehouden voor sociale economiebedrijven. Deze bedrijven uit de ruime regio van Gent hadden immers aangegeven dat zij deze opdracht konden uitvoeren, tegen marktconforme prijzen.
De opening van offertes vond plaats op 13 januari 2026. Voor elk perceel werd slechts 1 offerte ingediend. De prijzen lagen resp. 5x en 2x boven de raming en de kostprijs van de voorbije jaren. Het college van burgemeester en schepenen besliste daarom op 29 januari 2026 om over te gaan tot niet-gunning en stopzetting van de procedure. De opdracht dient opnieuw te worden aanbesteed, deze keer zonder voorbehoud voor de sociale economiebedrijven.
Hiertoe werd het bestek van de overheidsopdracht van diensten - Scheren van hagen op openbaar domein in Gent en afvoeren van het organisch materiaal - GD 04/2026, opgemaakt.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: VH.
Uitvoeringstermijn: één jaar, drie keer verlengbaar met telkens één jaar.
Gunningscriteria: prijs.
Om de opdracht tijdig te kunnen laten starten en omdat al veel tijd is verloren gegaan doordat heraanbesteding nodig is, beslist het college van burgemeester en schepenen over te gaan tot vervroegde publicatie van de opdracht na de collegebeslissing, rekening houdende met de publicatietermijn van 35 dagen (Europese aankondiging, dwingende termijn). De opening van de offertes vindt plaats na de gemeenteraadszitting.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Groendienst |
| Budgetplaats | 357260100 |
| Categorie* | E |
| Subsidiecode | niet_relevant |
| 2026 | 179.348,87 |
| 2027 | 185.000,00 |
| 2028 | 190.000,00 |
| 2029 | 195.000,00 |
| Totaal | 749.348,87 |
Indien een raamovereenkomst (opgesplitst per perceel indien meerdere percelen):
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van diensten - Scheren van hagen op openbaar domein in Gent en afvoeren van het organisch materiaal - GD 04/2026.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: VH.
Uitvoeringstermijn: één jaar, drie keer verlengbaar met telkens één jaar.
Gunningscriteria: prijs.
Op 1 september 2022 keurde het college van burgemeester en schepenen de gunning goed van de raamovereenkomst voor het leveren van verhardings- en funderingsmaterialen (7 percelen) - SLS/2022/017 - ID5293 . Deze raamovereenkomst vervalt op 27 september 2026.
Om een zo goed mogelijke dienstverlening te kunnen aanbieden en continuïteit te waarborgen stelt de administratie voor om een nieuwe opdracht uit te schrijven.
Hiertoe werd het bestek van de overheidsopdracht van leveringen - Raamovereenkomst voor het leveren van verhardings- en funderingsmaterialen - SLS/2025/004 - ID5727, opgemaakt.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: prijslijst.
Uitvoeringstermijn: 48 maanden.
Gunningscriteria: Prijs
Duurzaamheid: op vlak van duurzaamheid wordt gevraagd dat alle leveringen voldoen aan de regels van de lage emissiezone.
Historische waarde: op jaarbasis werd deze opdracht geraamd op € 55.351,88 exclusief BTW (€ 66.975,78 inclusief BTW).
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Stad Gent |
| Budgetplaats | XXXXXX |
| Categorie* | E |
| 2026 | € 17.606,33 |
| 2027 | € 68.365,00 |
| 2028 | € 68.365,00 |
| 2029 | € 68.365,00 |
| 2030 | € 50.758,67 |
| Totaal | € 273.460,00 |
Perceel 1
Perceel 2
Perceel 3
Perceel 4
Perceel 5
Perceel 6
Perceel 7
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van leveringen - Raamovereenkomst voor het leveren van verhardings- en funderingsmaterialen - SLS/2025/004 - ID5727.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: prijslijst.
Uitvoeringstermijn: 48 maanden.
Gunningscriteria: Prijs. (100 punten)
Jaarlijks stelt het bestuursorgaan van het kerkbestuur de rekening van het voorgaande dienstjaar vast.
De jaarrekening wordt door de Stad nagezien daar fouten in de rekening zowel de exploitatie als de investeringstoelage kunnen beïnvloeden.
De jaarrekening 2024 van het onderstaand vermelde eredienstbestuur werd nagezien en komt in aanmerking voor een gunstig advies aan de provinciegouverneur.
Het vermelde exploitatieoverschot van 2024 wordt meegenomen en in mindering gebracht bij het exploitatietekort in het budget van 2026.
Gunstig advies zonder opmerkingen:
|
Artikel |
Naam eredienstbestuur |
Opmerking |
Exploitatieoverschot
|
| 1 | Sint-Amandus (Sint-Amandsberg) | geen opmerking | 49.105,98 |
Brengt gunstig advies uit aan de provinciegouverneur over de jaarrekening 2024 van het eredienstbestuur Sint-Amandus (Sint-Amandsberg) met een exploitatieoverschot ten bedrage van 49.105,98 euro zonder opmerking.
• Het Decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten, artikel 48;
• Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, 9°.
Het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en werking van de erkende erediensten bepaalt dat na de volledige vernieuwing van de gemeenteraad de kerkraad een meerjarenplan vaststelt dat de financiële afspraken tussen de kerkfabriek en de gemeente bevat voor een periode van zes jaar. De gemeenteraad kan het meerjarenplan goedkeuren, niet goedkeuren of aanpassen.
De kerkraad stelt jaarlijks op basis van het meerjarenplan het budget van de kerkfabriek voor het volgende boekjaar vast en legt dit eveneens voor aan de gemeenteraad.
Het meerjarenplan speelt een cruciale rol in de verhouding tussen de besturen van de eredienst en het gemeentebestuur dat tussenkomt in de eventuele tekorten van de besturen van de eredienst.
Het kerkenbeleidsplan, of de ondertekende bevestiging van een bestaand kerkenbeleidsplan, is niet ouder dan zes maanden als het meerjarenplan wordt ingediend. Op de gemeenteraad van juni 2025 keurde de gemeenteraad het kerkenbeleidsplan voor de periode 2026-2031 goed.
Onderstaand vermelde eredienstbesturen in Gent hebben hun meerjarenplan 2026-2031 ingediend ter goedkeuring door de gemeenteraad van maart 2026. De meerjarenplannen kwamen tot stand na overleg tussen de stad en de eredienstbesturen. Het decreet regelt dit overleg en bepaalt dat het verloopt via de centrale kerkbesturen die de erediensten overkoepelen, of rechtstreeks met de eredienstbesturen die geen deel uitmaken van een centraal kerkbestuur. Het centraal kerkbestuur kan, ook namens de kerkfabrieken die eronder vallen, afspraken maken met het gemeentebestuur.
| Sint-Amandus (Sint-Amandsberg) |
| Evangelische Kerk aan de Leie (Gent) |
Keurt het bij dit besluit gevoegd meerjarenplan 2026-2031 van het eredienstbestuur Sint-Amandus (Sint-Amandsberg) goed.
Keurt het bij dit besluit gevoegd meerjarenplan 2026-2031 van het eredienstbestuur Evangelische Kerk aan de Leie (Gent) goed.
Een eredienstbestuur dient jaarlijks een budget op te stellen op basis van het door de gemeenteraad goedgekeurde meerjarenplan of wijziging ervan.
Het ontwerp van het budget 2026 van de eredienstbesturen Sint-Amandus (Sint-Amandsberg), Evangelische kerk aan de Leie (Gent) en Evangelische kerk De Burg (Gent) werd besproken met de subsidiërende overheid i.c. de Stad Gent. Het voorgestelde budget overschrijdt de grenzen van de in het goedgekeurde meerjarenplan opgenomen bedragen niet.
Het budget werd onderzocht en heeft geen aanleiding gegeven tot het formuleren van opmerkingen en lijkt het financieel belang van de gemeente niet te schaden.
|
Eredienstbestuur |
Bedrag Exploitatie (euro) |
|
Sint-Amandus (Sint-Amandsberg) |
29.580,99 |
Het voorgestelde budget 2026 (reeks 2) van de onderstaand vermelde eredienstbesturen, waarbij noch een exploitatietoelage noch een investeringstoelage wordt gevraagd, komt in aanmerking voor kennisneming.
|
Eredienstbestuur |
|
Evangelische Kerk aan de Leie (Gent) |
|
Evangelische Kerk De Burg (Gent) |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | FAG |
| Budgetplaats | 347810000 |
| Categorie* | E |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 29.580,99 |
| Totaal | 29.580,99 |
Neemt kennis van het budget 2026 (reeks 2) van het eredienstbestuur Sint-Amandus (Sint-Amandsberg) waarbij een exploitatiebudget van 29.580,99 euro wordt gevraagd.
Neemt kennis van het budget 2026 (reeks 2) van het eredienstbestuur Evangelische Kerk aan de Leie (Gent) waarbij noch een exploitatietoelage noch een investeringstoelage wordt gevraagd.
Neemt kennis van het budget 2026 (reeks 2) van het eredienstbestuur Evangelische Kerk De Burg (Gent) waarbij noch een exploitatietoelage noch een investeringstoelage wordt gevraagd.
Momenteel wordt de ondersteuning van Gentse sportverenigingen geregeld via een erkenningsreglement en diverse subsidiereglementen.
Naar aanleiding van de in de huidige beleidsperiode intussen vastgelegde strategische en financiële keuzes, wil de Stad Gent een actualisatie doorvoeren van deze ondersteuningsreglementen.
In een eerste stap wordt het erkenningsreglement aangepakt.
Binnen de strategische principes en gelimiteerde middelen wordt er voor gekozen om het beschikbare budget voor Gentse sportclubs met meer focus in te zetten.
Daarvoor werden gerichtere voorwaarden voor de erkenning als sportvereniging (die zorgt voor lagere tarifering bij en voorrang bij gebruik van sportinfrastructuur) uitgewerkt.
Zo moet een sportvereniging nu ook minimum 20 sportende leden hebben en aangesloten zijn bij een erkende Vlaamse sportfederatie of bij een koepelorganisatie die aan vastgelegde voorwaarden voldoet.
In functie van administratieve vereenvoudiging wordt gekozen voor een erkenning die wordt toegekend tot en met 31 december 2029, wat overeenkomt met de einddatum van het reglement.
Er is hiervoor een nieuw 'Reglement voor de erkenning als Gentse sportvereniging' opgemaakt met inwerkingtreding op 1 januari 2027.
Het “Reglement voor de erkenning als Gentse sportvereniging”, goedgekeurd in de gemeenteraad van van 26 mei 2020, wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2027.
De Sportdienst is belast met controle op de uitvoering van dit reglement.
Momenteel wordt de ondersteuning van Gentse sportverenigingen geregeld via een erkenningsreglement en diverse subsidiereglementen (werkingssubsidies, infrastructuursubsidies, opleidingssubsidies en subsidies voor de organisatie van sportieve events).
Naar aanleiding van in de huidige beleidsperiode vastgelegde strategische en financiële keuzes, wil de Stad Gent een actualisatie en vereenvoudiging doorvoeren van die ondersteuningsreglementen.
Binnen de strategische principes en gelimiteerde middelen, wordt er voor gekozen om het beschikbare budget voor Gentse sportverenigingen met meer focus in te zetten.
Zo werd al een vernieuwd reglement voor de erkenning als sportvereniging, met meer gerichte voorwaarden, uitgewerkt.
Om de Gentse erkende sportverenigingen met een jeugd- en/of G-sportwerking te ondersteunen, wordt nu ook een vernieuwd werkingssubsidie-reglement voorgelegd.
Deze nieuwe werkingssubsidie zal vanaf 2027 in functie van gerichtheid (subsidies enkel nog voor erkende sportclubs), transparantie en vermindering van de administratieve last, in de plaats komen van de vroegere andere subsidievormen.
Daarom worden er in dit nieuwe reglement ook werkingscriteria opgenomen die voorheen in de andere subsidiereglementen aan bod kwamen, met name de organisatie van sportieve events en infrastructuur-gebruik.
Ook het aanbieden van G-sport wordt blijvend gewaardeerd en ondersteund. Daarbij gaat de voorkeur naar inclusieve werking waar het kan, maar omdat dit niet altijd mogelijk is zijn ook de exclusieve G-sportclubs heel belangrijk en is de mate van ondersteuning afgestemd op hun specifieke noden voor begeleiding, materieel en in sommige gevallen de inrichting van hun sportlocatie.
Een werkingssubsidie wordt jaarlijks berekend (met indexatie) en uitbetaald aan de hand van de actuele club- en werkingsgegevens, maar zal maar om de 3 jaar moeten aangevraagd worden.
De Sportdienst is belast met de controle op de uitvoering van dit reglement.
Het nieuw 'Subsidiereglement voor werkingssubsidies aan sportverenigingen' treedt in werking op 1 januari 2027. Het “Subsidiereglement voor het toekennen van werkingssubsidies sport’, goedgekeurd in de gemeenteraad van 23 juni 2020, wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2027.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Sportdienst |
| Budgetplaats | 3447600ON |
| Categorie* | E |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2027 | 470.000 |
| 2028 | 479.400 |
| 2029 | 488.988 |
| 2030 | 498.768 |
| 2031 | 508.743 |
| Totaal | 2.445.899 |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
Het stadsbestuur wenst het evenement Jazz in't Park, georganiseerd door vzw Cultuurcitadel, te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 30.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
27.000 EUR |
|
2027 |
30.000 EUR |
| 2028 | 30.000 EUR |
| 2029 | 30.000 EUR |
| 2030 | 30.000 EUR |
| 2031 | 30.000 EUR |
| 2032 | 3.000 EUR |
|
Totaal |
180.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Drongen Muziek kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "AfritDrongen Muziekfestival". Het stadsbestuur wenst de organisatie "AfritDrongen Muziekfestival" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 25.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
22.500 EUR |
|
2027 |
25.000 EUR |
| 2028 | 25.000 EUR |
| 2029 | 25.000 EUR |
| 2030 | 25.000 EUR |
| 2031 | 25.000 EUR |
| 2032 | 2.500 EUR |
|
Totaal |
150.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Earlybird kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Bermuda Festival". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Bermuda Festival" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 7.500 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
6.750 EUR |
|
2027 |
7.500 EUR |
| 2028 | 7.500 EUR |
| 2029 | 7.500 EUR |
| 2030 | 7.500 EUR |
| 2031 | 7.500 EUR |
| 2032 | 750 EUR |
|
Totaal |
45.000 EUR |
Keurt goed de subsidieovereenkomst voor de organisatie van het feestelijk evenement Bermuda Festival (edities 2026-2031) met Earlybird vzw, maatschappelijke zetel Vogelstraat 31 bus A, 9090 Merelbeke-Melle, zoals gevoegd in bijlage.
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Bruudruusterrock kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "BruudruusterRock". Het stadsbestuur wenst de organisatie "BruudruusterRock" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 30.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
27.000 EUR |
|
2027 |
30.000 EUR |
| 2028 | 30.000 EUR |
| 2029 | 30.000 EUR |
| 2030 | 30.000 EUR |
| 2031 | 30.000 EUR |
| 2032 | 3.000 EUR |
|
Totaal |
180.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Dioniss kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Dioniss". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Dioniss" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 20.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
18.000 EUR |
|
2027 |
20.000 EUR |
| 2028 | 20.000 EUR |
| 2029 | 20.000 EUR |
| 2030 | 20.000 EUR |
| 2031 | 20.000 EUR |
| 2032 | 2.000 EUR |
|
Totaal |
120.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Hartekamp kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Hartbeats". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Hartbeats" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 9.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
8.100 EUR |
|
2027 |
9.000 EUR |
| 2028 | 9.000 EUR |
| 2029 | 9.000 EUR |
| 2030 | 9.000 EUR |
| 2031 | 9.000 EUR |
| 2032 | 900 EUR |
|
Totaal |
54.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Fieste kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Mariakerke Feest De Zomer Uit". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Mariakerke Feest De Zomer Uit" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 14.625 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
13.162,50 EUR |
|
2027 |
14.625,00 EUR |
| 2028 | 14.625,00 EUR |
| 2029 | 14.625,00 EUR |
| 2030 | 14.625,00 EUR |
| 2031 | 14.625,00 EUR |
| 2032 | 1.462,50 EUR |
|
Totaal |
87.750,00 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Dekenij Jong Oudburg en aanpalende kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Oudburg Feesten tijdens Patersholfeesten". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Oudburg Feesten tijdens Patersholfeesten" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 9.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
8.100 EUR |
|
2027 |
9.000 EUR |
| 2028 | 9.000 EUR |
| 2029 | 9.000 EUR |
| 2030 | 9.000 EUR |
| 2031 | 9.000 EUR |
| 2032 | 900 EUR |
|
Totaal |
54.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Koninklijke Dekenij Patershol kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Patersholfeesten". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Patersholfeesten" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 9.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
8.100 EUR |
|
2027 |
9.000 EUR |
| 2028 | 9.000 EUR |
| 2029 | 9.000 EUR |
| 2030 | 9.000 EUR |
| 2031 | 9.000 EUR |
| 2032 | 900 EUR |
|
Totaal |
54.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Trafiek kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement 'Pierkesbal'. Het stadsbestuur wenst de organisatie 'Pierkesbal' opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 3.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
2.700 EUR |
|
2027 |
3.000 EUR |
| 2028 | 3.000 EUR |
| 2029 | 3.000 EUR |
| 2030 | 3.000 EUR |
| 2031 | 3.000 EUR |
| 2032 | 300 EUR |
|
Totaal |
18.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Moervaartruiters kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Sint Hubertus Dierenwijding Mendonk". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Sint Hubertus Dierenwijding Mendonk" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 2.225 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
2.002,50 EUR |
|
2027 |
2.225,00 EUR |
| 2028 | 2.225,00 EUR |
| 2029 | 2.225,00 EUR |
| 2030 | 2.225,00 EUR |
| 2031 | 2.225,00 EUR |
| 2032 | 222,50 EUR |
|
Totaal |
13.350,00 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Student Kick-Off kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Student Kick-Off". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Student Kick-Off" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 20.000 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
18.000 EUR |
|
2027 |
20.000 EUR |
| 2028 | 20.000 EUR |
| 2029 | 20.000 EUR |
| 2030 | 20.000 EUR |
| 2031 | 20.000EUR |
| 2032 | 2.000 EUR |
|
Totaal |
120.000 EUR |
De subsidieovereenkomsten die voorliggen in de agendapunten 38-50 bevatten onder artikel 2 (‘Prestaties’) onder de punten 2) en 7) twee aparte toegankelijkheidsbepalingen:
“2) de inspanningen om een breed en divers publiek te bereiken, inclusief mensen met een beperking, kinderen en jongeren, de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is, de laagdrempelige opzet en de bijdrage aan interculturele ontmoeting;”
“7) De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord. Dit betekent dat er aandacht moet zijn voor: 1) de noden van personen met een handicap, 2) de noden van anderstaligen, 3) een genderinclusieve benadering en 4) financiële toegankelijkheid.”
In andere subsidiereglementen van de Stad Gent staat één algemene formulering opgenomen, zonder beperking tot specifieke categorieën: “Je levert inspanningen om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord.” Deze beknopte formulering is te verkiezen. Ze vermijdt immers het arbitrair focussen op bepaalde categorieën. Het valt bijvoorbeeld op dan er noch onder punt 2), noch onder 7) aandacht is voor de categorie ‘ouderen’.
Het verdient ook aanbeveling – in het kader van de administratieve vereenvoudiging waar dit stadsbestuur op wil inzetten – dat subsidiereglementen en -overeenkomsten zo uniform mogelijk geformuleerd worden waar het dezelfde concepten betreft (in dit geval ‘toegankelijkheid’). Het argument dat men qua formulering van de clausule een onderscheid wil maken tussen initiatieven die een kleine(re) of grote(re) subsidie ontvangen, snijdt geen houdt: het jaarbedrag qua subsidies voor de agendapunten varieert van 2.225 euro tot 30.000 euro per jaar: dat zijn aanzienlijke verschillen, maar toch – in weerwil van het vermeende onderscheid – wordt elk initiatief over dezelfde kam geschoren.
Met dit amendement voor de agendapunten 38-50 wordt dit pijnpunt rechtgetrokken: uniformiteit via een algemene en beknopte toegankelijkheidsformulering overgenomen uit eerdere subsidiereglementen met schrapping van de arbitraire categorieën. De bepalingen over publieke toegankelijkheid en het gratis karakter blijven uiteraard behouden.
Dit amendement wijzigt de bijgevoegde subsidieovereenkomst op volgende punten:
- punt 2) onder artikel 2 (‘Prestaties’) wordt geherformuleerd tot: “De mate waarin inspanningen geleverd worden om in te zetten op toegankelijkheid in de breedste zin van het woord, alsook de mate waarin het evenement gratis en publiek toegankelijk is.”
- punt 7) onder hetzelfde artikel 2 wordt geschrapt.
De vzw Lovus kreeg tijdens de edities 2023-2025 ondersteuning van het stadsbestuur voor de organisatie van het evenement "Woodrock". Het stadsbestuur wenst de organisatie "Woodrock" opnieuw te ondersteunen voor de edities 2026-2031. Op die manier wil het stadsbestuur de organisatie de verdiende erkenning geven.
De overeenkomst die wordt voorgelegd ter goedkeuring, wordt afgesloten voor de periode van 1/04/2026 t.e.m. 31/12/2031 met evaluatie na 3 jaar. Er wordt een subsidie toegekend van 22.986 euro per jaar.
|
Dienst* |
Dienst Feesten en Ambulante Handel |
|
Budgetplaats |
344540001 |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
20.687,40 EUR |
|
2027 |
22.986 EUR |
| 2028 | 22.986 EUR |
| 2029 | 22.986 EUR |
| 2030 | 22.986 EUR |
| 2031 | 22.986 EUR |
| 2032 | 2.298,60 EUR |
|
Totaal |
137.916 EUR |
Keurt goed de subsidieovereenkomst voor de organisatie van het feestelijk evenement Woodrock (edities 2026-2031) met Lovus vzw, maatschappelijke zetel Waterhoenlaan 13, 9032 Wondelgem, zoals gevoegd in bijlage.
Het cultuurbeleid in de stad Gent is een gezamenlijk project van de Stad en een groot aantal private cultuuractoren, die steeds mee hebben bijgedragen tot de uitbouw en de uitstraling van Gent als cultuurstad. Door de volgehouden ondersteuning tijdens vorige legislaturen is de Gentse kunstensector uitgegroeid tot een fijnmazig, breed en veelzijdig veld, met grote lokale betekenis maar ook landelijke en internationale faam.
In het kader van het Strategisch Meerjarenplan 2026 - 2031, vastgesteld door de gemeenteraad op 15/12/2025, wenst de Stad deze ondersteuning voort te zetten en uit te breiden.
Deze ondersteuning kadert als volgt in doelstellingen van het Strategisch Meerjarenplan 2026 -2031:
Met de voorliggende subsidieovereenkomst met Stadsbioscopen Lumière nv wenst de Stad de uitbating van de arthouse cinema ' Studio Skoop' verder te ondersteunen om mee uitvoering te geven aan de missie en het Strategisch Meerjarenplan 2026 - 2031 en bij te dragen tot de internationale uitstraling van Gent als filmstad.
Met deze overeenkomst wil de Stad Gent:
Stadsbioscopen Lumière nv zal meer bepaald inzetten op een toegankelijke programmatie, ook als UiTPAS – partner, met een specifieke educatieve werking voor jongeren en scholen. Daarnaast wordt er ook ruimte voorzien voor Vlaamse en Gentse filmfestivals en wordt de beschikbare infrastructuur gedeeld via onder andere stadsdagen.
Deze overeenkomst legt naast een aantal inhoudelijke verwachtingen en financiële bepalingen ook een aantal waarden en verwachtingen vast die de missie van de Stad vertalen naar de culturele praktijk. Deze overeenkomst gaat in vanaf 1 juli 2026, de streefdatum om arthouse cinema Studio Skoop te heropenen.
Uit de verklaringen en informatie die we gekregen hebben van de huidige exploitant en eigenaar, de toekomstige eigenaar en de toekomstige exploitant is aangetoond dat de aannames van de toekomstige exploitatie uitgaan van redelijke verwachtingen inzake toekomstige opbrengsten en kosten.
Het ontwerp van subsidieovereenkomst wordt voor advies voorgelegd aan de Cultuurraad op grond van het Decreet d.d. 6 juli 2012 betreffende het Lokaal Cultuurbeleid, artikel 55.
|
Dienst* |
Cultuurdienst |
|
Budgetplaats |
3576100CO |
|
Categorie* |
E subs. |
|
Subsidiecode |
Niet_Relevant |
|
2026 |
45.000,00 EUR |
|
2027 |
95.000,00 EUR |
|
2028 |
101.800,00 EUR |
| 2029 | 103.836,00 EUR |
| 2030 | 105.912,72 EUR |
| 2031 | 108.030,97 EUR |
| 2032 | 10.824,32 EUR |
| Totaal | 570.404,01 EUR |
nvt
Op 28 september 2021 keurde de gemeenteraad het ‘Reglement voor toegang tot autovrije gebieden en doorrijdvergunningen’ goed.
Op basis van een interne evaluatie werd beslist om een aantal wijzigingen aan het reglement door te voeren. Gezien de vele en grotendeels tekstuele wijzigingen, werd een nieuw reglement opgemaakt ter vervanging van het voornoemde reglement.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om het bestaande reglement op te heffen en het nieuwe Reglement voor toegang tot autovrije gebieden en doorrijdvergunningen goed te keuren.
IVA Mobiliteitsbedrijf is belast met de uitvoering van dit reglement.
Het nieuw 'Reglement voor toegang tot autovrije gebieden en doorrijdvergunningen' treedt in werking op 01/04/2026.
Advies is niet bindend.
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 41, 9°;
De Wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's, artikel 5 § 2.
De Wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera' s, artikel 5, § 2;
De Wet van 24 juni 2013 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties, artikel 3, 3°;
Het Koninklijk Besluit van 9 maart 2014 betreffende de gemeentelijke administratieve sancties voor de overtredingen betreffende het stilstaan en het parkeren en voor de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103, vastgesteld met automatisch werkende toestellen;
De Politieverordening betreffende overtredingen op het stilstaan en het parkeren en de overtredingen betreffende de verkeersborden C3 en F103 vastgesteld met automatisch werkende toestellen, goedgekeurd in de gemeenteraad van 15 december 2015.
Op grond van de Wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera' s, inclusief latere wijzigingen, moeten een aantal verplichtingen worden nageleefd wanneer men een bewakingscamera wil plaatsen en gebruiken met het oog op bewaking en toezicht.
Onder bewakingscamera verstaat artikel 2, 4° van de Wet van 21 maart 2007 elk vast, tijdelijk vast of mobiel observatiesysteem dat de bewaking en het toezicht van de plaatsen tot doel heeft en dat hiervoor beelden verwerkt. Een ANPR- camera kan beschouwd worden als een intelligente bewakingscamera dewelke op grond van artikel 2, 4°/3 van de Wet van 21 maart 2007 wordt beschouwd als een bewakingscamera die ook onderdelen en software bevat, die al dan niet gekoppeld aan registers of bestanden, de verzamelde beelden al dan niet autonoom kunnen verwerken.
Wanneer men een bewakingscamera in een niet-besloten plaats, d.w.z. elke plaats die niet door een omsluiting is afgebakend en vrij toegankelijk is voor het publiek (vb. straat, plein, park, ander deel van het openbaar domein, ...) wil plaatsen, kan de beslissing tot het plaatsen ervan slechts genomen worden door de verantwoordelijke voor de verwerking nadat de gemeenteraad een positief advies heeft gegeven.
De gemeenteraad verstrekt zijn advies na voorafgaandelijk de korpschef van de politiezone, waar die plaats zich bevindt, te hebben geraadpleegd. (artikel 5 § 2 Wet van 21 maart 2007)
De verantwoordelijke voor de verwerking dient bij het indienen van zijn adviesvraag, bepaalde inlichtingen te bezorgen om toe te laten een duidelijk advies te formuleren. Tevens dient hij mee te geven welke de veiligheidsproblemen zijn die aan de basis liggen van de beslissing om bewakingscamera's te plaatsen en waarin camerabewaking een gepast instrument is om hierop te antwoorden.
De gemeenteraad dient zijn advies uit te brengen op basis van de informatie bezorgd door de verantwoordelijke voor de verwerking en de analyse van de korpschef. Dit advies moet in alle gevallen gemotiveerd worden.
Indien de analyse van de korpschef gevolgd wordt, kan de motivering steunen op de elementen uit de analyse van de korpschef.
Indien de gemeenteraad een andere beslissing wenst te nemen dan deze volgend uit de analyse van de korpschef dan moet de gemeenteraad zijn advies uitvoeriger motiveren.
Met het Circulatieplan Binnenstad van 2017 werd de complexe verkeerssituatie aan de Contributiebrug overzichtelijker gemaakt. Er kwam een middenberm vanaf de Nieuwewandeling tot aan de tramsporen in de Contributiestraat.
De middenberm is enkel onderbroken ter hoogte van de verbinding van de Waldamkaai met de Coupure rechts. Deze beweging moest op vraag van de brandweer mogelijk blijven. De Voor het overige zijn alle oversteek- en linksafbewegingen op dit kruispunt verboden. Fietsers kunnen de middenberm wel oversteken.
Deze maatregel was een van de ingrepen bedoeld om de verkeersintensiteiten in de ruime sector rond de Coupures te laten dalen. Samen met de andere ingrepen in de circulatie zorgt die ervoor dat de sector verlost wordt van verkeer dat er geen bestemming heeft. Specifiek helpt de maatregel ook om de doorstroming van de tram te verbeteren.
Het doorgangsverbod door de middenberm wordt echter niet naar behoren gerespecteerd.
Het Mobiliteitsbedrijf van de stad Gent wenst dan ook een aanvraag te doen voor het plaatsen van een ANPR-camera op een niet-besloten plaats, zijnde de Waldamkaai (richting Coupure rechts) om het doorgangsverbod door de middenberm over de Contributiebrug te kunnen controleren.
De aanvraag wordt gedaan omwille van volgende redenen:
Door de heer Filip Rasschaert, korpschef van de Politiezone Gent, werd aan deze aanvraag een positief advies verleend.
Gelet op de doelstellingen van het cameratoezicht en de wijze van implementatie ervan, kan er worden gesteld dat er een maatschappelijk en wettelijk draagvlak is voor het gevraagde cameratoezicht.
Verleent een positief advies aan de aanvraag van de Stad Gent (Mobiliteitsbedrijf) om een ANPR-camera te plaatsen en te gebruiken op een niet-besloten plaats, zijnde Waldamkaai (richting Coupure rechts) ter versterking van de handhaving van het toegangsverbod Contributiebrug.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, 2de lid, 5°.
De gemeenteraad nam op 20 november 2017 de beslissing om vzw PWA om te vormen tot een extern verzelfstandigd agentschap in privaatrechtelijke vorm, namelijk “Wijk-werken Gent”, met zetel Botermarkt 1, Gent. Deze beslissing werd op 25 januari 2018 goedgekeurd door de Vlaamse minister van Binnenlands Bestuur, Inburgering, Wonen, Gelijke Kansen en Armoedebestrijding. Op 4 december 2017 stemde de algemene vergadering van de vzw in met de omvorming tot een EVA vzw. De evaluatie van de werking van Wijk-Werken Gent maakte deel uit van het "Evaluatierapport Verbonden Rechtspersonen 2019-2024", zoals voorgelegd aan de gemeenteraad van de Stad op 26 mei 2025.
Tussen het agentschap en de Stad dient overeenkomstig artikel 247 van het Decreet over het lokaal bestuur opnieuw een samenwerkingsovereenkomst afgesloten te worden.
Deze samenwerkingsovereenkomst regelt in hoofdzaak volgende elementen:
Keurt goed de samenwerkingsovereenkomst 2026-2031 met EVA vzw Wijk-Werken Gent met ondernemingsnummer 0462.429.187, zoals gevoegd in bijlage.
Op grond van de Wet op het politieambt van 5 augustus 1992, gewijzigd bij Wet van 21 maart 2018 tot wijziging van de Wet op het politieambt om het gebruik van camera's door de politiediensten te regelen, en tot wijziging van de Wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's, van de Wet van 30 november 1998 houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten en van de Wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid, moeten een aantal verplichtingen worden nageleefd wanneer de politiediensten een bewakingscamera willen plaatsen en gebruiken met het oog op bewaking en toezicht.
Artikel 25/2 van desbetreffende wet verstaat onder tijdelijke vaste camera, de camera die voor een beperkte tijd op een plaats wordt opgesteld en onder niet-besloten plaats, elke plaats die niet door een omsluiting is afgebakend en vrij toegankelijk is voor het publiek, waaronder de openbare wegen beheerd door de openbare overheden bevoegd voor het wegbeheer.
Een politiedienst kan camera's plaatsen en gebruiken op het grondgebied dat onder zijn bevoegdheid valt, na voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad, wanneer het gaat om een politiezone. Om deze toestemming te bekomen wordt er een aanvraag ingediend bij de gemeenteraad door de korpschef. De toestemmingsaanvraag preciseert het type camera, de doeleinden waarvoor de camera's zullen worden geïnstalleerd of gebruikt, evenals de gebruiksmodaliteiten ervan, en voor wat betreft de vaste camera's ook de plaats. Deze aanvraag houdt rekening met een impact- en risicoanalyse op het vlak van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en op operationeel niveau, met name wat de categorieën van verwerkte persoonsgegevens betreft, de proportionaliteit van de aangewende middelen, de te bereiken operationele doelstellingen en de bewaartermijn van de gegevens die nodig is om deze doelstellingen te bereiken. (artikel 25/4 WPA)
Concreet wenst de Politiezone Gent, onder verantwoordelijkheid van Korpschef Filip Rasschaert, dat er tijdelijk vaste camera's worden geplaatst in het kader van overlast zone Brugse Poort.
Er werd gelet op de aanhoudende problemen door de burgemeester reeds bij hoogdringendheid toestemming verleend om over te gaan tot plaatsing en zichtbare gebruik van tijdelijke vaste camera's op een niet-besloten plaats op het grondgebied van de Politiezone Gent in het kader van overlast in de omgeving van de Brugse Poort en dit voor de periode van 16 juni tot en met 01 februari 2026.
Deze mondelinge toestemming werd bekrachtigd door de gemeenteraad op 23 juni 2025.
Vanuit de verschillende partners werd positieve feedback ontvangen over het cameratoezicht als aanvullend instrument op de huidige politionele werking.
De leefbaarheid en woonkwaliteit zijn aantoonbaar toegenomen. Uit patrouilles, tussenkomsten en gerichte acties blijkt dat een structurele en blijvende aanpak essentieel is om deze vooruitgang te verankeren.
Op vandaag is het immers, ondanks het feit dat het rustiger is in de wijk en op het openbaar domein, te vroeg om de geleverde inspanningen los te laten aangezien de kans dat dit een negatieve tendens zou veroorzaken zeer reëel is. Er bestaat nog steeds een blijvend risico van heropflakkering van de incidenten.
De tijdelijk vaste camera’s zullen door de Politiezone Gent gebruikt worden als flankerende maatregelen in een integrale aanpak om overlast aan te pakken. De camera’s op zich hebben een preventief effect op de locatie waar zij staan. Zonder camera’s is er vanuit politioneel standpunt een belangrijk risico dat overlastplegers (in het bijzonder in relatie tot de verkoop van drugs) opnieuw het terrein claimen en een negatieve trend over veiligheid aanwakkeren.
Het onveiligheidsgevoel moet verder aangepakt worden door een zichtbare en aanwezige politie geflankeerd door een pakket aan bijkomende maatregelen.
Gelet op de start van de lente en de steeds wederkerende overlast en geweldsincidenten zijn de camera’s blijvend noodzakelijk om de leefbaarheid in de wijk te waarborgen.
De camera’s worden gericht gebruikt bij gecoördineerde acties om gerichtere controles uit te voeren of tijdens de afhandeling van noodoproepen om de interventieploegen gericht aan te sturen.
Deze coördinatie moet ervoor zorgen dat er met zo weinig mogelijk middelen zo efficiënt mogelijk kan worden opgetreden en dat de impact op de buurtbewoners beperkt wordt.
Aanvullend kunnen de beschikbare camerabeelden gebruikt worden om de bewijsvoering in strafzaken te versterken.
De politiezone Gent wil deze vaste camera’s en de opnames ervan enkel gebruiken in uitvoering van de opdrachten van bestuurlijke en gerechtelijke politie, zoals bepaald in de WPA en mits de beperkingen die de WPA oplegt.
De vaste camera's zullen in het bijzonder ingezet worden voor:
Door de heer Filip Rasschaert, korpschef van de Politiezone Gent, werd aan deze aanvraag een positief advies verleend.
Gelet op de doelstellingen van het cameratoezicht en de wijze van implementatie ervan is er een maatschappelijk draagvlak voor het gevraagde cameratoezicht.
De Politiezone kan slechts overgaan tot het plaatsen van één of meer bewakingscamera's en het zichtbare gebruik ervan in een niet-besloten plaats na voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad.
Verleent een principiële toestemming aan de aanvraag van de Politiezone Gent tot het plaatsen en zichtbaar gebruiken van tijdelijk vaste camera's op de niet-besloten plaatsen, zoals vermeld in het document "plaatsgesteldheid camera' s zone Brugse Poort" dat bij dit besluit wordt gevoegd en dit voor de periode 23 maart 2026 tot en met 31 januari 2027.
Aan de gemeenteraad van maart 2026 wordt de deelname in de vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei ter goedkeuring voorgelegd.
De algemene vergadering van de vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei is samengesteld uit de werkende en toegetreden leden. De leden worden in de algemene vergadering elk vertegenwoordigd door één vertegenwoordiger of plaatsvervanger.
Elk werkend lid heeft 1 stem in de algemene vergadering.
Keurt goed de aanduiding van Bram Van Braeckevelt, lid van het college van burgemeester en schepenen, als effectief vertegenwoordiger van Stad Gent in de algemene vergadering van de vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei.
Keurt goed de aanduiding van An Heyerick, kabinetsmedewerker, als plaatsvervangend vertegenwoordiger van Stad Gent in de algemene vergadering van de vzw Regionaal Landschap Meetjesland en Leievallei.
Aan de gemeenteraad van maart 2026 wordt de oprichting van en deelname in de vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV) ter goedkeuring voorgelegd.
De Stad Gent is één van de stichtende leden van deze vzw.
De algemene vergadering van het vzw IHOV is samengesteld uit de leden, allen rechtspersonen. De leden worden in de algemene vergadering vertegenwoordigd door maximaal 2 vertegenwoordigers of hun plaatsvervangers, allen natuurlijke personen, allen aangeduid door het daartoe bevoegde orgaan van het lid en kunnen steeds worden vervangen.
Stad Gent heeft 1 stem in de algemene vergadering. Aangezien Stad Gent op de algemene vergadering wordt vertegenwoordigd door twee vertegenwoordigers, moeten deze vertegenwoordigers de stem van Stad Gent gezamenlijk uitbrengen.
Keurt goed de aanduiding van Sofie Bracke, lid van het college van burgemeester en schepenen, als effectief vertegenwoordiger van Stad Gent in de algemene vergadering van vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV).
Keurt goed de aanduiding van Bram Van Braeckevelt, lid van het college van burgemeester en schepenen, als effectief vertegenwoordiger van Stad Gent in de algemene vergadering van vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV).
Keurt goed de aanduiding van Mattias Van Vooren, directeur, Dienst Economie en Toerisme, als plaatsvervangend vertegenwoordiger van Stad Gent in de algemene vergadering van vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV).
Keurt goed de aanduiding van Gudrun Van Der Gucht, directeur, Dienst Activering en Werk, als plaatsvervangend vertegenwoordiger van Stad Gent in de algemene vergadering van vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV).
Aan de gemeenteraad van maart 2026 wordt de oprichting van en deelname in de vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV) ter goedkeuring voorgelegd.
De Stad Gent is één van de stichtende leden van deze vzw.
Artikel 28 van de statuten van de vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV) bepaalt dat het bestuursorgaan is samengesteld uit minimaal drie bestuurders ofwel leden, ofwel natuurlijke personen voorgedragen door leden.
Elk oprichtend lid heeft 2 stemmen in het bestuursorgaan dat het kan invullen door:
De gemeenteraad draagt twee natuurlijke persoon-bestuurders voor in het bestuursorgaan van de vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV) die elk één stem hebben.
Keurt goed de voordracht van Mattias Van Vooren, directeur, Dienst Economie en Toerisme, als natuurlijke persoon-bestuurder in het bestuursorgaan van vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV).
Keurt goed de voordracht van Dieter De Smedt, coördinator-expert, Dienst Economie en Toerisme, als natuurlijke persoon-bestuurder in het bestuursorgaan van vzw International House Oost-Vlaanderen (IHOV).
De gemeenteraad heeft op 28 april 2025 de aanduiding van de vertegenwoordigers van de Stad Gent in het Toezichtscomité-Pensioencommissie Ethias goedgekeurd.
Gezien Jeroen Van Lysebettens niet langer werkzaam is bij de Stad Gent dient een nieuwe vertegenwoordiger van de Stad Gent in het Toezichtscomité-Pensioencommissie Ethias te worden aangeduid.
Keurt goed de vervanging van Jeroen Van Lysebettens door Pepijn Hanssens als vertegenwoordiger van de Stad Gent in het Toezichtscomité-Pensioencommissie Ethias, en dit met onmiddellijke ingang.
Met de projectsubsidie Alles Kan wil de Gentse Jeugddienst kansen geven aan jongeren om hun ideeën te realiseren en eigen projecten uit te voeren. De focus van de projectsubsidie ligt op talentontwikkeling van jongeren. Met de thans te beslissen subsidieovereenkomst willen we hier ook op inzetten.
Na een positieve evaluatie van de samenwerking voor Boomtown 2025 wil de Jeugddienst het project ook in 2026 verder zetten.
Met deze subsidieovereenkomst wil Alles Kan (Jeugddienst Gent) samen met vzw Oude Beestenmarkt, met zetel te Burggravenlaan 62, 9000 Gent, organisatie- en podiumkansen voor jongeren en jonge collectieven creëren tijdens Boomtown 2026, dat zal plaatsvinden van 17 t.e.m. 26 juli 2026. De uitvoerder voorziet een apart podium voor het jonge talent. Jonge organisatoren en programmatoren delen hun kennis, verbreden hun netwerk en bouwen mee aan een podium dat jong en Gents talent in de kijker zet.
Vzw Oude Beestenmarkt realiseert hiervoor de volgende prestaties met bijhorende taken:
1. De uitvoerder geeft kansen aan jonge organisatoren en programmatoren met een sterke link met Gent2. De uitvoerder geeft podiumkansen aan jonge artiesten met een sterke link met Gent
3. De uitvoerder zet in op een kwalitatief evenement
4. De uitvoerder vermeldt en promoot Alles Kan consequent als partner
Vzw Oude Beestenmarkt staat in voor de inhoudelijke voorbereiding, het coachen en begeleiden van de jongeren en de logistieke organisatie.
De subsidieovereenkomst loopt van 01/03/2026 t.e.m. 30/09/2026.
| Dienst | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3405900WK |
| Budgetpositie | 6491000 |
| Categorie* | exploitatie- subsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 6.750 |
| 2026 | 750 |
Het betreft de toekenning van een eenmalige subsidie aan vzw Futsal Besiktas, Steengoedstraat 2, 9030 Mariakerke, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De subsidie dient gebruikt te worden voor algemene werking.
In september 2020 lanceerde de Stad Gent een 'Open Call Jeugd(welzijns)werk', met 7 (sub-)categorieën waarvoor organisaties zich kandidaat konden stellen. Binnen categorie 2A 'Versterken van (zelf)organisaties' werd een subsidieovereenkomst afgesloten met vzw Futsal Besiktas, voor de periode 01/01/2021 - 31/12/2023. Deze overeenkomst werd in 2023 positief geëvalueerd en door de gemeenteraad van 18/12/2023 verlengd tot 31/12/2025, waarbij een subsidie van 6.372,02 euro werd toegekend voor 2024 (geïndexeerd in 2025 tot 6.426,18 euro).
Op 23 juni 2025 besliste de gemeenteraad de meerjarige subsidieovereenkomsten met personeelsinzet die eind 2025 aflopen te verlengen tot en met 30 juni 2026. De meerjarige overeenkomsten zonder personeelsinzet werden niet mee opgenomen in dit besluit. Momenteel loopt de oefening om te bekijken welke derden het meest geschikt zijn om in te staan voor de uitvoering van het nieuwe meerjarenplan en budget. Deze oefening moet in het voorjaar resulteren in het voorleggen van nieuwe overeenkomsten ter uitvoering van het nieuwe beleid aan de gemeenteraad. Omdat ook de beheersovereenkomsten zonder personeelsinzet betrokken zijn in deze oefening worden ook deze overeenkomsten verlengd tot en met 30 juni 2026. Deze eenmalige subsidie van 3.210,38 euro houdt geen voorafname in op eventuele toekomstige ondersteuning. Ze dient uitsluitend om ervoor te zorgen dat vzw Futsal Besiktas haar werking in de eerste helft van 2026 kan voortzetten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden. Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie van 3.210,38 euro zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE72068905620016 van vzw Futsal Besiktas, Steengoedstraat 2, 9030 Mariakerke. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3406300FU
|
| Categorie | exploitatie- werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 3.210,38 |
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 3.210,38 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan vzw Futsal Besiktas, Steengoedstraat 2, 9030 Mariakerke met als doel algemene werking.
Het betreft de toekenning van een eenmalige subsidie aan AlleMalem vzw, Normandiëlaan 3, 9000 Gent, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De subsidie dient gebruikt te worden voor algemene werking.
In december 2023 werd een subsidieovereenkomst afgesloten tussen de Stad Gent en AlleMalem vzw voor het realiseren van jeugdwerk in Malem gedurende de periode 01/01/2024 - 31/12/2025, waarbij een subsidie van 10.000,00 euro werd toegekend voor 2024 (geïndexeerd in 2025 tot 10.085,00 euro).
Op 23 juni 2025 besliste de gemeenteraad de meerjarige subsidieovereenkomsten met personeelsinzet die eind 2025 aflopen te verlengen tot en met 30 juni 2026. De meerjarige overeenkomsten zonder personeelsinzet werden niet mee opgenomen in dit besluit. Momenteel loopt de oefening om te bekijken welke derden het meest geschikt zijn om in te staan voor de uitvoering van het nieuwe meerjarenplan en budget. Deze oefening moet in het voorjaar resulteren in het voorleggen van nieuwe overeenkomsten ter uitvoering van het nieuwe beleid aan de gemeenteraad. Omdat ook de beheersovereenkomsten zonder personeelsinzet betrokken zijn in deze oefening worden ook deze overeenkomsten verlengd tot en met 30 juni 2026. Deze eenmalige subsidie van 5.038,25 euro houdt geen voorafname in op eventuele toekomstige ondersteuning. Ze dient uitsluitend om ervoor te zorgen dat AlleMalem vzw haar werking in de eerste helft van 2026 kan voortzetten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden. Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie van 5.038,25 euro zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE36890804096281 van AlleMalem vzw, Normandiëlaan 3, 9000 Gent. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3406300AM
|
| Categorie | exploitatie- werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 5.038,25 |
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 5.038,25 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan AlleMalem vzw, Normandiëlaan 3, 9000 Gent met als doel algemene werking.
Het betreft de toekenning van een eenmalige subsidie aan Al Istiqama vzw, Kempstraat 160, 9000 Gent, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De subsidie dient gebruikt te worden voor algemene werking.
In september 2020 lanceerde de Stad Gent een 'Open Call Jeugd(welzijns)werk', met 7 (sub-)categorieën waarvoor organisaties zich kandidaat konden stellen. Binnen categorie 2A 'Versterken van (zelf)organisaties' werd een subsidieovereenkomst afgesloten met Al Istiqama vzw, voor de periode 01/01/2021 - 31/12/2023. Deze overeenkomst werd in 2023 positief geëvalueerd en door de gemeenteraad van 18/12/2023 verlengd tot 31/12/2025, waarbij een subsidie van 19.088,79 euro werd toegekend voor 2024 (geïndexeerd in 2025 tot 19.251,04 euro).
Op 23 juni 2025 besliste de gemeenteraad de meerjarige subsidieovereenkomsten met personeelsinzet die eind 2025 aflopen te verlengen tot en met 30 juni 2026. De meerjarige overeenkomsten zonder personeelsinzet werden niet mee opgenomen in dit besluit. Momenteel loopt de oefening om te bekijken welke derden het meest geschikt zijn om in te staan voor de uitvoering van het nieuwe meerjarenplan en budget. Deze oefening moet in het voorjaar resulteren in het voorleggen van nieuwe overeenkomsten ter uitvoering van het nieuwe beleid aan de gemeenteraad. Omdat ook de beheersovereenkomsten zonder personeelsinzet betrokken zijn in deze oefening worden ook deze overeenkomsten verlengd tot en met 30 juni 2026. Deze eenmalige subsidie van 9.617,41 euro houdt geen voorafname in op eventuele toekomstige ondersteuning. Ze dient uitsluitend om ervoor te zorgen dat Al Istiqama vzw haar werking in de eerste helft van 2026 kan voortzetten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden. Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie van 9.617,41 euro zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE77363183679442 van Al Istiqama vzw, Kempstraat 160, 9000 Gent. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3406300AL
|
| Categorie | exploitatie- werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 9.617,41 |
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 9.617,41 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan Al Istiqama vzw, Kempstraat 160, 9000 Gent met als doel algemene werking.
Het betreft de toekenning van een eenmalige subsidie aan Maanobota Collective vzw, Spinnerstraat 2, 9000 Gent, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De subsidie dient gebruikt te worden voor algemene werking.
In september 2020 lanceerde de Stad Gent een 'Open Call Jeugd(welzijns)werk', met 7 (sub-)categorieën waarvoor organisaties zich kandidaat konden stellen. Binnen categorie 2A 'Versterken van (zelf)organisaties' werd een subsidieovereenkomst afgesloten met Maanobota Collective vzw voor de periode 01/01/2021 - 31/12/2023. Deze overeenkomst werd in 2023 positief geëvalueerd en door de gemeenteraad van 18/12/2023 verlengd tot 31/12/2025, waarbij een subsidie van 10.604,88 euro werd toegekend voor 2024 (geïndexeerd in 2025 tot 10.695,02 euro).
Op 23 juni 2025 besliste de gemeenteraad de meerjarige subsidieovereenkomsten met personeelsinzet die eind 2025 aflopen te verlengen tot en met 30 juni 2026. De meerjarige overeenkomsten zonder personeelsinzet werden niet mee opgenomen in dit besluit. Momenteel loopt de oefening om te bekijken welke derden het meest geschikt zijn om in te staan voor de uitvoering van het nieuwe meerjarenplan en budget. Deze oefening moet in het voorjaar resulteren in het voorleggen van nieuwe overeenkomsten ter uitvoering van het nieuwe beleid aan de gemeenteraad. Omdat ook de beheersovereenkomsten zonder personeelsinzet betrokken zijn in deze oefening worden ook deze overeenkomsten verlengd tot en met 30 juni 2026. Deze eenmalige subsidie van 5.343,01 euro houdt geen voorafname in op eventuele toekomstige ondersteuning. Ze dient uitsluitend om ervoor te zorgen dat Maanobota Collective vzw haar werking in de eerste helft van 2026 kan voortzetten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden. Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie van 5.343,01 euro zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE62000417523261 van Maanobota Collective vzw, Spinnerstraat 2, 9000 Gent. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3406300MA
|
| Categorie | exploitatie- werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 5.343,01
|
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 5.343,01 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan Maanobota Collective vzw, Spinnerstraat 2, 9000 Gent met als doel algemene werking.
Het betreft de toekenning van een eenmalige subsidie aan Posküder vzw, Land van Waaslaan 162, 9040 Sint-Amandsberg, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De subsidie dient gebruikt te worden voor algemene werking.
In september 2020 lanceerde de Stad Gent een 'Open Call Jeugd(welzijns)werk', met 7 (sub-)categorieën waarvoor organisaties zich kandidaat konden stellen. Binnen categorie 2A 'Versterken van (zelf)organisaties' werd een subsidieovereenkomst afgesloten met Posküder vzw voor de periode 01/01/2021 - 31/12/2023. Deze overeenkomst werd in 2023 positief geëvalueerd en door de gemeenteraad van 18/12/2023 verlengd tot 31/12/2025, waarbij een subsidie van 19.088,79 euro werd toegekend voor 2024 (geïndexeerd in 2025 tot 19.251,04 euro).
Op 23 juni 2025 besliste de gemeenteraad de meerjarige subsidieovereenkomsten met personeelsinzet die eind 2025 aflopen te verlengen tot en met 30 juni 2026. De meerjarige overeenkomsten zonder personeelsinzet werden niet mee opgenomen in dit besluit. Momenteel loopt de oefening om te bekijken welke derden het meest geschikt zijn om in te staan voor de uitvoering van het nieuwe meerjarenplan en budget. Deze oefening moet in het voorjaar resulteren in het voorleggen van nieuwe overeenkomsten ter uitvoering van het nieuwe beleid aan de gemeenteraad. Omdat ook de beheersovereenkomsten zonder personeelsinzet betrokken zijn in deze oefening worden ook deze overeenkomsten verlengd tot en met 30 juni 2026. Deze eenmalige subsidie van 9.617,41 euro houdt geen voorafname in op eventuele toekomstige ondersteuning. Ze dient uitsluitend om ervoor te zorgen dat Posküder vzw haar werking in de eerste helft van 2026 kan voortzetten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden. Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie van 9.617,41 euro zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE21001304417503 van Posküder vzw, Land van Waaslaan 162, 9040 Sint-Amandsberg. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3406300PK
|
| Categorie | exploitatie- werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 9.617,41
|
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 9.617,41 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan Posküder vzw, Land van Waaslaan 162, 9040 Sint-Amandsberg met als doel algemene werking.
Het betreft de toekenning van een eenmalige subsidie aan Victoria Deluxe vzw, Dok-Noord 4F/102, 9000 Gent, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De subsidie dient gebruikt te worden voor algemene werking.
In september 2020 lanceerde de Stad Gent een 'Open Call Jeugd(welzijns)werk', met 7 (sub-)categorieën waarvoor organisaties zich kandidaat konden stellen. Binnen categorie 2A 'Versterken van (zelf)organisaties' werd een subsidieovereenkomst afgesloten met Victoria Deluxe vzw voor de periode 01/01/2021 - 31/12/2023. Deze overeenkomst werd in 2023 positief geëvalueerd en door de gemeenteraad van 18/12/2023 verlengd tot 31/12/2025, waarbij een subsidie van 10.524,44 euro werd toegekend voor 2024 (geïndexeerd in 2025 tot 10.613,89 euro).
Op 23 juni 2025 besliste de gemeenteraad de meerjarige subsidieovereenkomsten met personeelsinzet die eind 2025 aflopen te verlengen tot en met 30 juni 2026. De meerjarige overeenkomsten zonder personeelsinzet werden niet mee opgenomen in dit besluit. Momenteel loopt de oefening om te bekijken welke derden het meest geschikt zijn om in te staan voor de uitvoering van het nieuwe meerjarenplan en budget. Deze oefening moet in het voorjaar resulteren in het voorleggen van nieuwe overeenkomsten ter uitvoering van het nieuwe beleid aan de gemeenteraad. Omdat ook de beheersovereenkomsten zonder personeelsinzet betrokken zijn in deze oefening worden ook deze overeenkomsten verlengd tot en met 30 juni 2026. Deze eenmalige subsidie van 5.302,48 euro houdt geen voorafname in op eventuele toekomstige ondersteuning. Ze dient uitsluitend om ervoor te zorgen dat Victoria Deluxe vzw haar werking in de eerste helft van 2026 kan voortzetten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden. Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie van 5.302,48 euro zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE52523080222109 van Victoria Deluxe vzw, Dok-Noord 4F/102, 9000 Gent. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3406300TO
|
| Categorie | exploitatie- werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 5.302,48
|
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 5.302,48 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – Victoria Deluxe vzw, Dok-Noord 4F/102, 9000 Gent met als doel algemene werking.
Het betreft de toekenning van een eenmalige subsidie aan Enderun vzw, Galnootlaan 13, 9032 Wondelgem, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De subsidie dient gebruikt te worden voor algemene werking.
In september 2020 lanceerde de Stad Gent een 'Open Call Jeugd(welzijns)werk', met 7 (sub-)categorieën waarvoor organisaties zich kandidaat konden stellen. Binnen categorie 2A 'Versterken van (zelf)organisaties' werd een subsidieovereenkomst afgesloten met Enderun vzw, voor de periode 01/01/2021 - 31/12/2023. Deze overeenkomst werd in 2023 positief geëvalueerd en door de gemeenteraad van 06/12/2023 verlengd tot 31/12/2025, waarbij een subsidie van 19.088,79 euro werd toegekend voor 2024 (geïndexeerd in 2025 tot 19.251,04 euro).
Op 23 juni 2025 besliste de gemeenteraad de meerjarige subsidieovereenkomsten met personeelsinzet die eind 2025 aflopen te verlengen tot en met 30 juni 2026. De meerjarige overeenkomsten zonder personeelsinzet werden niet mee opgenomen in dit besluit. Momenteel loopt de oefening om te bekijken welke derden het meest geschikt zijn om in te staan voor de uitvoering van het nieuwe meerjarenplan en budget. Deze oefening moet in het voorjaar resulteren in het voorleggen van nieuwe overeenkomsten ter uitvoering van het nieuwe beleid aan de gemeenteraad. Omdat ook de beheersovereenkomsten zonder personeelsinzet betrokken zijn in deze oefening worden ook deze overeenkomsten verlengd tot en met 30 juni 2026. Deze eenmalige subsidie van 9.617,41 euro houdt geen voorafname in op eventuele toekomstige ondersteuning. Ze dient uitsluitend om ervoor te zorgen dat Enderun vzw haar werking in de eerste helft van 2026 kan voortzetten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden. Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie van 9.617,41 euro zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE52 0689 0482 3909 van Enderun vzw, Galnootlaan 13, 9032 Wondelgem. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3406300EN |
| Categorie* | exploitatie- werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 9.617,41 |
NVT
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 9.617,41 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan Enderun vzw, Galnootlaan 13, 9032 Wondelgem met als doel algemene werking.
Het betreft de toekenning van een eenmalige subsidie aan Rede vzw, Anjelierstraat 41, 9000 Gent, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De subsidie dient gebruikt te worden voor algemene werking.
In september 2020 lanceerde de Stad Gent een 'Open Call Jeugd(welzijns)werk', met 7 (sub-)categorieën waarvoor organisaties zich kandidaat konden stellen. Binnen categorie 2A 'Versterken van (zelf)organisaties' werd een subsidieovereenkomst afgesloten met Rede vzw voor de periode 01/01/2021 - 31/12/2023. Deze overeenkomst werd in 2023 positief geëvalueerd en door de gemeenteraad van 18/12/2023 verlengd tot 31/12/2025, waarbij een subsidie van 19.088,79 euro werd toegekend voor 2024 (geïndexeerd in 2025 tot 19.251,04 euro).
Op 23 juni 2025 besliste de gemeenteraad de meerjarige subsidieovereenkomsten met personeelsinzet die eind 2025 aflopen te verlengen tot en met 30 juni 2026. De meerjarige overeenkomsten zonder personeelsinzet werden niet mee opgenomen in dit besluit. Momenteel loopt de oefening om te bekijken welke derden het meest geschikt zijn om in te staan voor de uitvoering van het nieuwe meerjarenplan en budget. Deze oefening moet in het voorjaar resulteren in het voorleggen van nieuwe overeenkomsten ter uitvoering van het nieuwe beleid aan de gemeenteraad. Omdat ook de beheersovereenkomsten zonder personeelsinzet betrokken zijn in deze oefening worden ook deze overeenkomsten verlengd tot en met 30 juni 2026. Deze eenmalige subsidie van 9.617,41 euro houdt geen voorafname in op eventuele toekomstige ondersteuning. Ze dient uitsluitend om ervoor te zorgen dat Rede vzw haar werking in de eerste helft van 2026 kan voortzetten.
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden. Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie van 9.617,41 euro zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving op rekeningnummer BE02001851113240 van Rede vzw, Anjelierstraat 41, 9000 Gent. De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Jeugddienst |
| Budgetplaats | 3406300RE
|
| Categorie | exploitatie- werkingsubsidies |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 9.617,41
|
NVT
Keurt goed de toekenning van een eenmalige subsidie ten bedrage van 9.617,41 euro – die noch nominatief in de meerjarenplanning is opgenomen, noch door een reglement of overeenkomst geregeld – aan Rede vzw, Anjelierstraat 41, 9000 Gent met als doel algemene werking.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Op pedagogisch vlak hebben grotere scholen en samenwerkingsverbanden een aantal voordelen. Scholen die samenwerken kunnen beter het hoofd bieden aan bepaalde beleids- en beheersproblemen. De samenwerking betekent een win-winsituatie voor alle partners binnen het samenwerkingsverband. Om dergelijke samenwerking te stimuleren, bestaat voor het secundair onderwijs sinds 1 september 1999 de structuur van de scholengemeenschappen. De scholengemeenschappen kunnen bijdragen tot een efficiënter beheer en gebruik van de beschikbare middelen van de afzonderlijke scholen. Deze structuur moet bijdragen tot het verhogen van het draagvlak van de scholen.
Toetreden tot een scholengemeenschap betekent ook niet dat de afzonderlijke scholen hun eigen identiteit moeten opgeven. Het vormen van een scholengemeenschap leidt immers tot een bundeling van krachten, met respect voor het pedagogisch project en de cultuur van elke individuele school.
Op 1 september 1999 werd de scholengemeenschap voor het secundair onderwijs "Artevelde" opgericht. Deze scholengemeenschap omvatte alle toenmalige scholen van het gewoon en buitengewoon secundair onderwijs van het Onderwijs - Stad Gent.
De scholengemeenschap werd verlengd op respectievelijk 1 september 2005 voor 6 schooljaren, 1 september 2011 voor drie schooljaren, 1 september 2014 voor 6 schooljaren en 1 september 2020 voor 6 schooljaren.
De huidige samenstelling, structuur van de scholengemeenschap van het secundair onderwijs "Artevelde" wordt gevormd door de volgende scholen:
Voorstel om de Ziekenhuisschool Stad Gent te laten toetreden tot de scholengemeenschap "Artevelde" op 1 september 2026.
Vanaf 1 september 2026 treedt de Ziekenhuisschool Stad Gent, afdeling secundair onderwijs, toe tot de scholengemeenschap "Artevelde". Zo maken alle secundaire scholen van het Stedelijk Onderwijs Gent (gewoon, buitengewoon onderwijs en deeltijds beroepssecundair onderwijs) deel uit van de scholengemeenschap "Artevelde".
Door de toetreding van de leerlingen van de Ziekenhuisschool Stad Gent, afdeling secundair onderwijs, verhoogt het aantal leerlingen binnen de scholengemeenschap waardoor er extra gesubsidieerde middelen aan de scholengemeenschap worden toegekend.
Na de toetreding maken alle secundaire scholen van het Stedelijk Onderwijs Gent deel uit van de scholengemeenschap "Artevelde". Het toetreden tot de scholengemeenschap heeft als voordeel de interne mobiliteit voor alle personeelsleden.
De samenstelling van de scholengemeenschap "Artevelde" wordt uitgebreid op 1 september 2026 met de Ziekenhuisschool Stad Gent, afdeling secundair onderwijs, Corneel Heymanslaan 10 te 9000 Gent.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd goedkeuring te verlenen aan de uitbreiding van de scholengemeenschap voor het secundair onderwijs "Artevelde", met de Ziekenhuisschool Stad Gent, afdeling secundair, Corneel Heymanslaan 10 te 9000 Gent, ingaand op 1 september 2026 en eindigend op 31 augustus 2032.
Keurt goed de uitbreiding van de scholengemeenschap voor het secundair onderwijs "Artevelde", met de ziekenhuisschool Stad Gent, afdeling secundair, Corneel Heymanslaan 10 te 9000 Gent, ingaand op 1 september 2026 en eindigend op 31 augustus 2032.
Het retributiereglement werd goedgekeurd in de gemeenteraad van 23 juni 2020 en laatst gewijzigd in de gemeenteraad van 23 september 2024.
De gemeenteraad heeft het retributiereglement voor prestaties geleverd door de Dienst Kinderopvang en het Stedelijk Onderwijs Gent ingevoerd op 23 juni 2020 en laatst gewijzigd in de gemeenteraad van 23 september 2024.
Het nieuw reglement 'Retributie voor prestaties geleverd door de Dienst Kinderopvang en het Stedelijk Onderwijs Gent' treedt in werking op 1 juli 2026.
Gelet op de financiële nota van het meerjarenplan van de Stad Gent en de wettelijke verplichting om een financieel evenwicht te handhaven, is het gerechtvaardigd een financiële tussenkomst te vragen aan diegenen die een specifieke dienstverlening aanvragen die wordt aangeboden door de Dienst Kinderopvang en het Stedelijk Onderwijs Gent. In die zin komt de continuïteit van de dienstverlening - ook op lange termijn - niet in het gedrang.
Voorgesteld wordt om de tarieven aan te passen aan de kostprijs van de dienstverlening, rekening houdende met de recente inflatie. De tarieven, tenzij anders vermeld, worden daarna jaarlijks geïndexeerd aan de hand van een indexeringsformule, gebaseerd op de gezondheidsindex. Zo volgen de tarieven automatisch de inflatie.
De belangrijkste inhoudelijke wijzigingen zijn de volgende:
Het nieuwe reglement bundelt alle actualisaties, verduidelijkt de rechtsbasis van bestaande dienstverleningen en zorgt voor een meer uniforme tarifering. De Dienst Kinderopvang en Stedelijk Onderwijs Gent zijn belast met de uitvoering van dit reglement.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Dienst Kinderopvang | Stedelijk Onderwijs Gent |
| Budgetplaats | divers | divers |
| Categorie* | E | E |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT | NIET_RELEVANT |
| 2026 | 6.955.159 | 5.038.843 |
| 2027 | 7.168.571 | 5.307.691 |
| 2028 | 7.311.943 | 5.509.422 |
| 2029 | 7.458.182 | 5.619.610 |
| 2030 | 7.607.345 | 5.732.003 |
| 2031 | 7.759.492 | 5.846.643 |
| Totaal | 44.260.692 | 33.054.212 |
Nagekeken door Jeroen Wasteels en Dana Van den Heuvel.
Het Stedelijk Opvanginitiatief (SOI) is conform de Opvangwet ingericht voor de opvang van asielzoekers, na toewijzing door Fedasil. Conform het engagement tussen Stad Gent en Fedasil zoals bepaald in de conventie vanaf 01.01.2018 (voor onbepaalde duur) met addendum dd. 07.05.2024 voorziet het SOI in materiële steun voor zijn bewoners (maximum 103) inbegrepen de toegang tot medische zorgverstrekking en de begeleiding.
Dit betreft een vraag boven op het goedgekeurde E-besluit met betrekking tot de medische kosten voor de bewoners van het SOI. Gedurende het verblijf in het SOI consulteren de bewoners bij ziekte een (huis)arts en worden zij - indien medisch noodzakelijk - door de huisarts doorverwezen naar specialisten.
Dit bijkomend besluit komt er naar aanleiding van door Fedasil toegewezen bewoners met een specifieke behandeling in UZ Gent. De behandeling werd goedgekeurd door Fedasil en wordt integraal terugbetaald.
Team Asiel en Vluchtelingen vraagt goedkeuring voor het verlenen van deze medische behandeling conform het engagement tussen Stad Gent en Fedasil. Deze medische kost, die door de Stad - als degene die de facto voorziet in de materiële steun - moeten kunnen worden betaald, is van een dergelijke grootteorde waarvoor de goedkeuring van de gemeenteraad wordt gevraagd.
De uitgaven worden integraal terugbetaald door Fedasil.
| Dienst
|
Dienst Outreachend werken, Asiel en Vluchtelingen - Team Asiel en Vluchtelingen
|
| Budgetplaats | 34520MK00
|
| Categorie | Exploitatie |
| Subsidiecode | FED.SOI
|
| 2026 | 219.220,00
|
| Totaal | 219.220,00
|
| Dienst* | Dienst Outreachend werken, Asiel en Vluchtelingen |
| Budgetplaats | 34520MK00 |
| Categorie* | E-subs |
| Subsidiecode | FED.SOI |
| 2026 | 219.220 |
| Totaal | 219.220 |
Keurt goed de medische zorgverlening aan bewoners van het SOI, conform de overeenkomst met Fedasil, in UZ Gent, De Pintelaan 185, 9000 Gent.
De FOD Binnenlandse Zaken voorziet al sinds 2007 jaarlijks middelen voor de uitvoering van de Strategische Veiligheids- en Preventieplannen (=SVP). Aan Gent wordt jaarlijks een maximale subsidie van 2.428.119,29 euro per jaar toegekend, verhoogd met respectievelijk 10.813,72 euro en 37.848,02 euro voor het Contingent 346 en het Dispositief 90 Gemeenschapswachten.
De conventie voor de periode 2023-2025 werd, in afwachting van een grondige hervorming, voor een laatste maal onder dezelfde voorwaarden en met hetzelfde budget verlengd tot en met 31 december 2026.
Het SVP 2026 werd - overeenkomstig het gemeenteraadsbesluit van 19 december 2022 houdende de delegatie van bevoegdheid tot het afsluiten van overeenkomsten over inkomende subsidies van bovenlokale overheden- goedgekeurd door het college van burgemeester en schepenen in zitting van 12 februari 2026.
De voorliggende toekenning van subsidie aan Jong Gent in Actie vzw voor Trajectbegeleiding kadert in dit SVP.
In zitting van 28 november 2022 heeft de gemeenteraad de subsidieovereenkomst voor Trajectbegeleiding i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan voor werkingsjaar 2023 met Jong Gent in Actie vzw, Nieuwebosstraat 3, 9000 Gent goedgekeurd. In zitting van de gemeenteraad van 24 oktober 2023 werd de duurtijd van de subsidieovereenkomst verlengd tot 31/12/2024 middels addendum nr. 1, en in zitting van 24 juni 2024 tot 31/12/2025 middels addendum nr. 2.
Bij gemeenteraadsbesluit nr. 2025_GR_00663 van 23 juni 2025 is de voorlopige verlenging van deze subsidieovereenkomst tot 30 juni 2026 goedgekeurd.
De projectwerking 2024 werd positief geëvalueerd en op 25/03/2025 ingediend bij de FOD Binnenlandse Zaken. Dit 'voortgangsrapport 2024' vindt u in bijlage.
Met het oog op de continuering en verlenging van de duurtijd van de subsidieovereenkomst wordt de gemeenteraad derhalve gevraagd haar goedkeuring te hechten aan voorliggend addendum nr. 3 waarmee de duurtijd van de subsidieovereenkomst wordt verlengd tot en met 31 december 2026.
Hierdoor wordt de voorlopige verlenging van de subsidieovereenkomst opgeheven met ingang van de datum van inwerkingtreding van de nieuwe subsidieovereenkomst.
De goedkeuring van voorliggende subsidieovereenkomst gebeurt aanvullend op de basisconvenant en onder voorbehoud van de toekenning van de subsidie door de federale overheid.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | PVV |
| Budgetplaats | 351470000 |
| Categorie* | E subs. |
| Subsidiecode | SVP.SVP |
| 2026 | € 35.100 |
| Totaal | € 35.100 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | PVV |
| Budgetplaats | 351470000 |
| Categorie* | E subs. |
| Subsidiecode | SVP.SVP |
| 2026 | € 35.100 |
| Totaal | € 35.100 |
Heft op de voorlopige verlenging van de subsidieovereenkomst voor Trajectbegeleiding i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan met Jong Gent in Actie vzw, Nieuwebosstraat 3, 9000 Gent, opgenomen in de bijlage bij het gemeenteraadsbesluit van 23 juni 2025 (2025_GR_00663) en dit vanaf het moment van de inwerkingtreding van de nieuwe subsidieovereenkomst.
Keurt goed addendum 3 van de subsidieovereenkomst voor Trajectbegeleiding i.k.v. het Strategisch Veiligheids- en Preventieplan voor werkingsjaar 2026 met Jong Gent in Actie vzw, Nieuwebosstraat 3, 9000 Gent, zoals gevoegd in bijlage.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Preventief inzetten op mentaal welzijn en veerkracht en het verhogen van de toegankelijkheid van hulpverlening voor kinderen en jongeren is een uitgesproken beleidsprioriteit binnen het Gentse gezondheidsbeleid. De beleidsverklaring 2026-2031 vermeldt dat we extra middelen voorzien voor nieuw beleid om het mentaal welzijn van onze inwoners te versterken, met bijzondere nadruk op ondersteuning voor kinderen en jongeren.
Broeinest vzw is een organisatie in Gent die zich inzet om mentaal welzijn en veerkracht te verhogen bij jongeren, studenten en jongvolwassenen via een divers aanbod van groepsgerichte psycho-educatieve sessies en andere initiatieven waarbij taboedoorbrekend werken, oplossingsgericht coachen en talentontwikkeling centraal staan. Broeinest is gestart met sessies aanbieden in 2019 en werd in 2022 een vzw.
Volgens onderzoek kampt 1 op 5 jongeren met matige tot ernstige mentale problemen, en stelt men bij meer dan 20.000 jongeren een toename vast van psychische klachten, zelfbeschadigend gedrag en suïcidale gedachten. Tijdige ondersteuning werkt bewezen beschermend en voorkomt later veel zwaardere persoonlijke en maatschappelijke schade. Een goede geestelijke gezondheid vormt de basis voor gezondheid en welbevinden ook later in het leven. Daarom is preventie in mentaal welzijn essentieel: ze voorkomt problemen vroegtijdig, verlaagt de druk op gespecialiseerde hulpverlening en helpt vermijden dat jongeren uitvallen op school, werk of in hun sociale omgeving.
Ook studenten en pas afgestudeerden kampen meer met psychische problemen, zoals stress, angst of somberheid. Onderzoek toont aan dat 20% van de studenten met psychische klachten kampt, maar dat 75% van hen de weg naar gepaste hulp niet vindt. Studenten vallen vaak tussen het bestaande aanbod: psychologen richten zich meestal op volwassenen of op kinderen, waardoor studenten minder vlot aansluiting vinden. Vlaams onderzoek toont o.m. ook dat vrouwelijke studenten vaker depressie en angst rapporteren dan mannelijke studenten, studenten in zorgopleidingen extra zwaar belast zijn en jongere studenten en zij met financiële of sociale druk meer risico lopen op mentale problemen. Bovendien blijkt er een duidelijk verband tussen mentaal welzijn en slaagkansen.
Broeinest vzw is een laagdrempelige organisatie in Gent die zich inzet om zelfzorg, veerkracht en coping bespreekbaar te maken en te versterken bij jongeren, studenten en jongvolwassenen. Broeinest biedt vanuit oplossingsgerichte coaching en ervaringsleren een groepsgericht psycho-educatief aanbod aan (lange en korte trajecten en éénmalige sessies), waarbij de focus ligt op preventie van mentale gezondheidsproblemen, zelfzorg en persoonlijke ontwikkeling. Broeinest zorgt voor een warme doorverwijzing naar gepaste verdere professionele hulp wanneer nodig.
Via deze overeenkomst subsidiëren we een deel van de kosten voor de coördinatie, die essentieel is om de dagelijkse werking efficiënt te organiseren, een kwalitatief en toegankelijk aanbod te waarborgen en duurzame samenwerkingen tussen partners en andere organisaties te faciliteren.
Hiertoe werd de subsidieovereenkomst met Broeinest vzw, Molenaarsstraat 111, 42B, 9000 Gent voor het voorzien van een psycho-educatief groepsaanbod op maat van jongeren, studenten en jongvolwassenen in Gent, opgemaakt. Er wordt voorgesteld een subsidie van 20.000 euro per jaar toe te kennen voor de werkingsjaren 2026 tot en met 2028. Aan de gemeenteraad wordt gevraagd deze subsidieovereenkomst goed te keuren.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Dienst regie gezondheid en zorg |
| Budgetplaats | 352140000 |
| Categorie* | Exploitatie |
| Subsidiecode | Niet_Relevant |
| 2026 | 18.000 |
| 2027 | 20.360 |
| 2028 |
20.767,20 |
| 2029 |
2.080,80 |
| Totaal | 61.208 |
Keurt goed de subsidieovereenkomst met Broeinest vzw, Molenaarsstraat 111, 42B, 9000 Gent, met als doel het voorzien van een psycho-educatief groepsaanbod op maat van jongeren, studenten en jongvolwassenen in Gent, voor werkingsjaren 2026-2028, zoals gevoegd in bijlage.
Charly Schutte namens ACASA GROUP NV diende een omgevingsvergunningsaanvraag voor het verkavelen van gronden (verkavelingsvergunning) in voor gronden gelegen aan Voskenslaan 27 kadastraal gekend als afdeling 9 sectie I nrs. 633W, 634S2, 634F3, 634G3, 635K2 en 635H2. De aanvraag heeft betrekking op een PPS-project met het Gentse stadsontwikkelingsbedrijf sogent als publieke partner en waarbij een project-m.e.r.-screening is gevoegd, om die reden is de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen de vergunningverlenende overheid. Deze aanvraag werd op 06/11/2025 ingediend bij de deputatie. Op 06/11/2025 werd aan het college van burgemeester en schepenen gevraagd een openbaar onderzoek te organiseren en de aanvraag voor te leggen aan de gemeenteraad. Er werd ook gevraagd advies uit te brengen. Voorliggend project, ingediend door ACASA GROUP NV, maar uitvoering gevend aan een initiatief van het Gentse stadsontwikkelingsbedrijf, is te beschouwen als een aanvraag op initiatief van het college van burgemeester en schepenen in de zin van artikel 15/1 van het omgevingsvergunningsdecreet. Voor aanvragen uitgaand van het college, geeft het college geen advies aan de vergunningverlenende overheid. Omwille van deze reden heeft het college van de stad Gent dus geen advies gegeven op deze vergunningsaanvraag.
Beschrijving aanvraag:
De aanvraag betreft een verkaveling met het oog op de realisatie van de projectontwikkeling ’S-Gebouw’, gelegen aan het toekomstige Koningin Mathildeplein, aan de zuidzijde van het station Gent Sint-Pieters.
De aanvraag omvat volgende componenten:
Omgevingsvergunningsaanvraag voor het verkavelen van gronden zodat de eigenaar een opstalrecht kan verlenen in uitvoering van de PPS-overeenkomst:
Tegelijk worden volgende stedenbouwkundige handelingen aangevraagd om mee te worden vergund met deze verkaveling:
Er worden geen Ingedeelde inrichtingen of activiteiten aangevraagd.
Rooilijnplan
De nieuwe rooilijn die de grens vormt van het toekomstige S-gebouw en het voorliggend plein afbakent, is vastgelegd in het RUP nr. 137 Gent Sint-Pieters Zuidelijk Stationsplein en blijft ongewijzigd behouden.
Het rooilijnenplan dat toegevoegd is aan deze aanvraag bevat volgende elementen:
Aanleg van de nieuwe gemeenteweg
Met deze aanvraag wordt de gemeenteweg palend aan de S-vormige rooilijn zoals vastgelegd in het RUP, gerealiseerd, weliswaar in een tijdelijke aanleg in afwachting van de definitieve aanleg van het Koningin Mathildeplein.
De definitieve aanleg van het Koningin Mathildeplein zal gebeuren door de Stad Gent. Daarvoor wordt een afzonderlijke procedure doorlopen.
Vanuit de randvoorwaarden van de brandweer én om ervoor te zorgen dat het toekomstige S-gebouw gelegen is aan een voldoende uitgeruste weg, wordt in kader van deze verkaveling een tijdelijke aanleg voorzien.
De tijdelijke inrichting omvat een gecombineerde route van 4m breed aangelegd in asfalt die dienst zal doen als:
De ruimte tussen de rooilijn en de rijweg wordt plaatselijk als voetpad met groenzone ingericht. De groenstrook wordt hierbij zo ruim mogelijk voorzien waarbij de verharding enkel beperkt ter hoogte van de toegangen wordt doorgetrokken.
In de huidige situatie bevinden zich op deze locatie een Kiss & Ride‑zone en tijdelijke fietsstallingen in functie van het station.
Een deel van de bestaande Kiss & Ride komt binnen de grenzen van een privaat perceel in de verkaveling te liggen. Om het gebruik van de Kiss & Ride tot aan de definitieve heraanleg van het plein te blijven garanderen, wordt in dit wegenisdossier ook een functionele maar beperkte aanpassing van de Kiss & Ride opgenomen.
De overige zones worden deels groen ingericht en deels behouden zoals in de huidige situatie. Tussen de weg en de te behouden zone voor fietsparkeren wordt een groenstrook van 1m ingericht in functie van de heldere zonering van beide zones.
Ter hoogte van het zebrapad in de Sint-Denijslaan en de toegang tot het station, wordt een doorsteek voorzien door de zone met niet-overdekte fietsenstallingen zodat een aansluiting ontstaat tussen het station en de nieuwe ontwikkeling. De afscheiding tussen de weg en de te behouden fietsenstallingen wordt voorzien van een opstaande boordsteen zodat een duidelijke fysieke scheiding tussen beide aanwezig is.
De aanvraag voorziet ook de aansluiting van het project op de Ganzendries. Hierbij worden de boordstenen van de voetpadstrook aangepast zodat de aansluiting veilig kan gebeuren. Er worden ook 2 bomen gerooid langs de Ganzendries.
Overdracht naar openbaar domein
Het openbaar domein uit de verkaveling wordt na de tijdelijke aanleg kosteloos overgedragen naar het openbaar domein van de Stad Gent.
Procedure:
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 12 december 2025 tot en met 10 januari 2026.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden 70 bezwaarschriften ingediend.
In de bezwaarschriften zijn 2 bezwaren dubbel ingediend door dezelfde bezwaarindiener.
3 bezwaren bevatten aanvullende petitielijsten (ondertekend door 17+5+4 personen) ingediend als aanvulling op een petitielijst die niet bij de Stad is ingediend (men spreekt van 232 ondertekenaars).
Dit brengt het totaal op 65 bezwaren en 3 reglementair ingediende petitielijsten ondertekend door in totaal 26 personen. Bij de provincie zou nog een petitielijst zijn ingediend, ondertekend door 232 personen, deze werd niet op het omgevingsloket opgeladen of bij de stad Gent ingediend en is daarom onontvankelijk.
Aangezien de aanvraag wegenwerken omvat waarvoor de gemeenteraad beslissingsbevoegdheid heeft, neemt de gemeenteraad daarover een besluit.
De gemeenteraad neemt daarbij kennis van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek.
Normaliter is de samenvatting en bespreking van de bezwaren een verplicht onderdeel van het advies van het college van burgemeester en schepenen. Aangezien deze aanvraag te beschouwen is als een initiatief van de Stad zelf, brengt het college geen advies uit en staat de vergunningverlenende overheid dus zelf in voor de behandeling van de bezwaren uit het openbaar onderzoek. Omdat de gemeenteraad wel kennis moet nemen van de resultaten van het openbaar onderzoek om tot een besluit te komen over de aanleg en inrichting van deze openbare wegen, is het wel nodig een samenvatting en bespreking ervan op te nemen in dit besluit.
De bezwaarschriften worden als volgt samengevat en besproken:
VERKEERSIMPACT, WIJKCIRCULATIE en MOBILITEITSINFRASTRUCTUUR
Uit de ontvangen bezwaren blijkt bezorgdheid over de verwachte toename van de verkeersdruk als gevolg van de geplande ontwikkeling. Buurtbewoners wijzen op een verhoogde belasting in meerdere straten, waaronder de Sint-Denijslaan, Tuinwijklaan, Zieklien, Maaltebruggestraat, Poelsnepstraat, Reigerstraat, Ganzendries en Leeuwerikstraat. De vrees bestaat dat deze toename de verkeersveiligheid en leefkwaliteit in de woonwijk negatief zal beïnvloeden.
Meerdere indieners stellen dat de ontsluiting via de Ganzendries, een smalle straat, niet strookt met de uitgangspunten van het wijkcirculatieplan, dat gericht is op het garanderen van een veilige en rustige woonomgeving. Daarnaast is er bezorgdheid over het verkeer dat zal ontstaan tot aan de inrit van de Ganzendries, een fietsstraat.
Wat betreft de wegencategorisering wordt opgemerkt dat de inrit van de ondergrondse parking niet aansluit op de wijkverzamelweg Voskenslaan, maar op de Ganzendries, een straat van lagere categorie. Hierdoor zouden verkeersstromen door woonstraten geleid worden die hier niet op voorzien zijn. Alternatieve ontsluitingsmogelijkheden, zoals via de parkeergarage bij het station of de ondergrondse taxistandplaats, worden voorgesteld.
Een bezwaarindiener is lid van telraam, waarbij de mobiliteit in de Ganzendries continu gemonitord wordt: https://telraam.net/en/location/27387 .
Er wordt ook gewezen op de reeds bestaande verkeersdruk in de omgeving van het Lucernacollege, het Atheneum Voskenslaan en HoGent, met name tijdens de spitsuren. Zonder structurele aanpassingen aan de mobiliteitsinfrastructuur vrezen indieners dat bijkomende ontwikkelingen zullen leiden tot onveilige situaties voor bewoners, scholieren en andere weggebruikers.
Daarnaast wordt de cumulatieve impact van andere geplande projecten, zoals de verlegging van de tramlijn via de Sint-Denijslaan, als problematisch beschouwd. Indieners vrezen dat dit, in combinatie met de huidige aanvraag, zal leiden tot een verkeersinfarct.
Tot slot wordt gewezen op de beperkte ruimte voor fietsers in de Ganzendries en het gebrek aan aandacht voor zachte weggebruikers. Er wordt gevraagd om de werken pas aan te vatten wanneer er voldoende kwalitatieve en toegankelijke fietsenstallingen beschikbaar zijn onder het nieuwe station, met minstens een gelijkwaardige capaciteit.
De huidige verkeersoverlast in de woonwijk is grotendeels het gevolg van de slechte toegankelijkheid van de zuidzijde van het station, voornamelijk door de onderbreking van de Sint-Denijslaan als verbinding tussen de Kortrijksesteenweg en de Voskenslaan. Hierdoor zoekt verkeer zich een weg via woonstraten, wat leidt tot overbelasting.
Deze onderbreking werd destijds gemotiveerd vanuit de wens om kleinschalige activiteiten te behouden en de woonfunctie te laten primeren. Met de nieuwe invulling van het S-gebouw en de bijhorende functies, moet de toegankelijkheid van de zuidzijde herbekeken worden. Dit biedt ook een oplossing voor de brandweerbereikbaarheid, die noodzakelijk is voor de ingebruikname van het gebouw.
Er wordt gewezen op zoekend verkeer door de vele eenrichtingsstraten in de wijk dat daardoor onbedoeld rondjes rijdt in de wijk.
BESPREKING
De mobiliteitsstudie zoals toegevoegd aan het dossier toont aan dat het project, gelegen op een locatie met sterke multimodale bereikbaarheid, slechts een zeer beperkte hoeveelheid autoverkeer zal genereren. Op etmaalbasis gaat het om 128 autobewegingen (inclusief in- en uitgaand verkeer). Tijdens de ochtendspits worden 7 ingaande en 16 uitgaande bewegingen verwacht, en tijdens de avondspits 16 ingaande en 9 uitgaande bewegingen. Deze aantallen liggen ruim onder de indicatieve ondergrens van 50 autobewegingen per uur zoals aangereikt in het Richtlijnenboek Mobiliteitseffectenstudies, Mobiliteitstoets en MOBER (Vlaamse overheid, mei 2018), en impliceren dat er geen MOBER plicht is.
Wat betreft de keuze voor de ontsluiting via de Ganzendries: in de mobiliteitsstudie werden de voor- en nadelen van een in- en uitrit via de Ganzendries versus via de Voskenslaan vergeleken op vlak van verkeersveiligheid.
Voor de ontsluiting van de ondergrondse parking en fietsenstalling van het project waren er drie opties:
De analyse wijst uit dat de optie via de Ganzendries de meest veilige en wenselijke keuze is, ook voor zachte weggebruikers.
In het ontwerp gekozen is om:
Bij dit laatste wordt ook niet rechtsreeks op de drukke oost-westfietssnelweg ontsloten, maar op een nieuw autovrij pad dat parallel met het nieuwe S-gebouw zal lopen (tussen S-gebouw en fietssnelweg).
Hoewel dit een beperkte toename van het verkeer via de Sint-Denijslaan impliceert (ongeveer 10 voertuigen per uur tijdens de drukste spitsuren), wordt het risico op een nieuw gevaarlijk punt als verwaarloosbaar ingeschat. De Sint-Denijslaan is een fietsstraat, waar auto's fietsers niet mogen inhalen, wat de snelheid en het gedrag van gemotoriseerd verkeer positief beïnvloedt.
De stelling dat een woonproject met beperkte verkeersgeneratie niet via een woonstraat mag ontsloten worden, wordt in dit geval niet als relevant beschouwd. De mogelijke locaties voor de in- en uitrit zijn immers verordenend vastgelegd in het RUP ‘Stationsomgeving Gent-Sint-Pieters – Zuidelijke stationsplein’, namelijk via de Voskenslaan en/of de Ganzendries. De keuze voor de Ganzendries is gebaseerd op een afweging van verkeersveiligheid en impact op de omgeving.
Wat betreft de bestaande verkeersdruk rond het Lucernacollege, het Atheneum Voskenslaan en HoGent: deze wordt niet ontkend in de mobiliteitsstudie. Integendeel, ze vormt mee de motivering voor de keuze van de Ganzendries als veiliger ontsluitingspunt. De stad heeft bovendien plannen om de Voskenslaan her in te richten en veiliger te maken. Ongeacht de timing van deze herinrichting, toont de mobiliteitsstudie aan dat het project geen significante impact zal hebben op de verkeersdruk of verkeersveiligheid, ook niet in de huidige situatie.
De vrees voor een verkeersinfarct wordt niet ondersteund door de cijfers. De verwachte verkeersgeneratie is te beperkt om een dergelijke impact te veroorzaken.
Daarnaast is het belangrijk te vermelden dat op 21 december 2023 de Vervoerregioraad Gent het Regionaal Mobiliteitsplan 2030–2050 definitief heeft vastgesteld. Na goedkeuring door de Vlaamse minister van Mobiliteit en Openbare Werken trad het plan in werking op 9 februari 2024. Binnen dit plan werd het nieuwe, theoretische kader toegepast op het wegennet van de Gentse vervoersregio. Zowel de Voskenslaan als de Ganzendries werden niet opgenomen in het hoofdwegennet of dragende wegennet. Het betreft hier lokale wegen, met enkel functies als lokale ontsluiting en erftoegang. De ontsluiting via de Ganzendries is dus in overeenstemming met de functie van deze weg binnen het regionale mobiliteitskader.
De vertramming is een tramlijn ter vervanging van buslijn 7, en zal in eigen bedding rijden in de Sint-Denijslaan. Er is bijgevolg geen impact op het autoverkeer in de Sint-Denijslaan.
Wat betreft de fietsvoorzieningen: de bezorgdheid over voldoende publieke fietsstalplaatsen wordt erkend. De huidige voorzieningen zijn tijdelijk en worden stelselmatig afgebouwd naarmate de ondergrondse capaciteit toeneemt. Op vandaag zijn er ca 16.000 fietsstalplaatsen beschikbaar (totaal tijdelijk+ definitief overdekt ondergronds). Bij de start van de werken aan het S-gebouw zal er een daling zijn van de capaciteit, met de gefaseerde afbouw van de tijdelijke fietsenstalling op het plein. De situatie wordt gemonitord bij elke fase van de werken. Waar mogelijk blijven de tijdelijke fietsenstallingen behouden tot het bereiken van de volledige capaciteit van de fietsenparking ondergronds.
Het einddoel is een capaciteit van ca. 18.500 overdekte stalplaatsen, tegenover 14.000 vandaag, wat een aanzienlijke verbetering betekent. De heraanleg van de kop van de Ganzendries zal bovendien bijdragen aan een betere infrastructuur voor alle weggebruikers.
Tot slot is het belangrijk te benadrukken dat uit de beoordeling van de milieu- en mobiliteitseffecten blijkt dat er geen negatieve gevolgen zijn voor de leefbaarheid van de omliggende wijk die aanleiding zouden geven tot een herziening van het wijkcirculatieplan. De onderbreking van het Koningin Mathildeplein is een bewuste keuze in functie van veiligheid, gezien het risico op conflicterende verkeersstromen. Deze onderbreking blijft behouden en wordt door dit dossier niet gewijzigd.
UITRITCONFIGURATIE en HULPDIENSTENBEREIKBAARHEID
In meerdere bezwaren wordt gewezen op problemen met de vorm en draaicirkel van de geplande uitrit van het project. Volgens de indieners is de draaicirkel zoals voorgesteld in de plannen niet realistisch, wat zou kunnen leiden tot conflicten met andere weggebruikers, in het bijzonder met fietsers die de route van en naar het station gebruiken.
In het Finaal Rapport voorstudie Zuidrand Station Gent-Sint-Pieters van 27 april 2022, wordt vastgesteld dat de Ganzendries te smal is voor een correcte doorgang van brandweervoertuigen.
BESPREKING
In de bezwaren wordt gewezen op mogelijke conflicten met andere weggebruikers door een vermeend onrealistische draaicirkel aan de uitrit, en op een ontoereikende brandweerdoorgang via de Ganzendries. Beide punten werden echter grondig onderzocht en afgewogen in het kader van de mobiliteitsstudie en het ontwerptraject van het project.
Wat betreft de uitrit: in de mobiliteitsstudie werden de voor- en nadelen van een in- en uitrit via de Ganzendries versus via de Voskenslaan vergeleken op vlak van verkeersveiligheid. Uit deze analyse blijkt dat de optie via de Ganzendries de meest wenselijke is, ook met het oog op de veiligheid van zachte weggebruikers zoals fietsers.
De draaicirkels aan de uitrit zijn realistisch en werden afgetoetst aan de types voertuigen die de uitrit zullen gebruiken. Het ontwerp van de site werd bovendien aangepast om voldoende ruimte te voorzien voor draaibewegingen van hulpdiensten, waaronder de brandweer. In tegenstelling tot de situatie zoals weergegeven in het Finaal Rapport voorstudie Zuidrand Station Gent-Sint-Pieters van 27 april 2022, wordt de inrit voor de ondergrondse parking volgens de visualisaties binnen de contour van het gebouw voorzien, en niet volledig naast het gebouw zoals in de eerdere studie. Hierdoor ontstaat ruimte voor een bredere inrit, waardoor de draaibewegingen wel degelijk mogelijk zijn.
Deze aanpassing werd reeds besproken en afgestemd met de brandweer tijdens het preadvies, en is ook visueel onderbouwd op het bijgevoegde brandweerplan, waarin de vereiste draaicirkels duidelijk zijn aangeduid. De brandweer gaf ook reeds een gunstig advies over voorliggende aanvraag.
Samengevat: zowel de uitritconfiguratie als de brandweerbereikbaarheid zijn technisch en ruimtelijk afdoende onderbouwd, en vormen geen belemmering voor de verkeersveiligheid of hulpdienstenwerking binnen het projectgebied.
RUP
In het RUP is in- en uitrit aan de Voskenslaan voorzien, dit wordt nu naast zich neer gelegd.
Hotel is geen toegelaten functie in het RUP. In het RUP is namelijk aangegeven dat enkel de gelijkvloerse bouwlaag een mix van stedelijke functies kan bevatten.
Er wordt daarbij ook verwezen naar de nota “nieuw groot toeristisch logies” Stad Gent 2023: dit is geen verordenend instrument en kan de bepalingen van een BPA of RUP niet tenietdoen. Dat betekent dat bijkomend groot logies nog steeds mogelijk is in bestemmingszones binnen BPA’s of RUP’s waar de voorschriften dit expliciet toelaten. Dit is in RUP 137 niet het geval.
BESPREKING
Dit bezwaar heeft betrekking op het concrete bouwprogramma dat hier kan worden voorzien en dat nog geen deel is van voorliggende verkavelingsaanvraag. De toetsing aan het RUP is deel van de beoordelingscriteria die de vergunningverlenende overheid zal hanteren bij haar besluitvorming. Omdat dit ook samenhangt met de ontworpen aanleg van het openbaar domein in voorliggende aanvraag, hieronder wel een reactie.
Wat betreft de ontsluiting van de ondergrondse parking: het RUP vermeldt expliciet dat de toegang tot deze parking indicatief aangeduid is en kan verlopen via de Voskenslaan en/of de Ganzendries. In de mobiliteitsstudie werden beide opties vergeleken op vlak van verkeersveiligheid, waarbij de Ganzendries als meest wenselijke ontsluitingspunt naar voren kwam. De keuze voor ontsluiting via de Ganzendries is dus volledig in overeenstemming met de verordenende bepalingen van het RUP.
Wat betreft de functie van hotelaccommodatie: het RUP bepaalt dat de zone voor het bouwproject bestemd is voor wonen, handel, horeca, kantoren, diensten, openbare en private voorzieningen en recreatieve voorzieningen, voor zover deze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving. Daarnaast moet minstens 50% van de bruto-vloeroppervlakte (BVO) bestemd zijn voor wonen. De invulling met een hotel valt onder de categorie horeca en is dus toegelaten binnen de bestemmingsvoorschriften, op voorwaarde dat de wooncomponent voldoende gewaarborgd is. In dit project wordt voldaan aan de vereiste woonoppervlakte.
Samengevat: zowel de ontsluiting via de Ganzendries als de invulling met hotelaccommodatie zijn in overeenstemming met de bepalingen van het geldende RUP, en werden afgestemd met de Stad en onderbouwd vanuit mobiliteits- en stedenbouwkundig perspectief.
PARKEERDRUK EN FIETSVOORZIENINGEN
Uit de ingediende bezwaren blijkt bezorgdheid over de beperkte parkeerinfrastructuur die voorzien wordt in het project, in combinatie met de hoge parkeerdruk in de omliggende straten. Voor de hotel- en forumfunctie worden slechts drie parkeerplaatsen voorzien, wat door indieners als onvoldoende wordt beschouwd. Er wordt verwezen naar het RUP, waarin sprake zou zijn van 100 parkeerplaatsen, terwijl de aanvraag slechts 34 plaatsen omvat.
De veronderstelling dat bezoekers en werknemers gebruik zullen maken van de stationsparking is niet afdwingbaar en niet realistisch.
Indieners stellen dat de parkeerdruk in de omgeving, met name rond het Koningin Mathildeplein, reeds kritiek hoog is, met bezettingsgraden tussen 80 en 99% in straten zoals de Voskenslaan, Reigerstraat, Hof ter Mere, Ganzendries en Maaltebruggestraat (cf. parkeeronderzoek Stad Gent, 2021). Er wordt gevreesd dat gebruikers van het project in eerste instantie zullen proberen te parkeren in de onmiddellijke omgeving, wat zou leiden tot extra verkeerscirculatie en overlast.
Indieners vragen om een structurele parkeeroplossing voor de wijk, zonder dat dit gepaard gaat met hoge parkeertarieven.
BESPREKING
Dit bezwaar heeft betrekking op het concrete bouwprogramma dat hier kan worden voorzien en dat nog geen deel is van voorliggende verkavelingsaanvraag. De toetsing aan het RUP en de parkeerbehoefte is deel van de beoordelingscriteria die de vergunningverlenende overheid zal hanteren bij haar besluitvorming. Omdat dit ook samenhangt met de ontworpen aanleg van het openbaar domein in voorliggende aanvraag, hieronder wel een reactie.
Wat betreft het aantal parkeerplaatsen: in het RUP wordt in de toelichtende nota (hoofdstuk 3.3, juridische toestand, punt 4.1.3.2) verwezen naar een voorstel met circa 100 parkeerplaatsen. Dit betreft echter een indicatief en intussen verouderd inrichtingsvoorstel, en is niet verordenend opgenomen in de voorschriften. Het huidige parkeeraanbod is afgestemd op de actuele visie en parkeerrichtlijnen van Stad Gent, die gericht zijn op het sturen van autobezit en -gebruik om de leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit te versterken.
Het voorziene parkeeraanbod werd voorafgaand aan de vergunningsaanvraag besproken met de bevoegde stedelijke diensten en sluit aan bij de geldende richtlijnen. Zoals vermeld in de mobiliteitsstudie is het, rekening houdend met de ligging vlak naast station Gent Sint-Pieters waardoor de site een optimale ontsluiting en bereikbaarheid garandeert met het openbaar vervoer op alle niveaus, de beoogde doelgroepen en de projectdoelstelling, verantwoord dat het parkeeraanbod grotendeels beperkt blijft tot de behoefte van de bewoners. Voor personeel en bezoekers wordt geen aanbodbeleid gevoerd, met als doel het autogebruik actief te ontmoedigen.
De initiatiefnemer engageert zich om dit duurzaam mobiliteitsbeleid actief uit te dragen, onder meer via communicatiekanalen zoals websites en bij verhuur van kamers en zalen. Daarbij zal expliciet worden gewezen op de beperkte capaciteit van straatparkeren en de tarieven voor langparkeren in de omgeving. De omgeving behoort tot de gele parkeerzone, waar langparkeren niet mogelijk is voor niet-bewoners (max. 5 uur). Hotelgasten volgen het parkeerregime en aanbod in de buurt, en worden verwezen naar de ondergrondse parking van Gent Sint-Pietersstation, op ca. 250 meter van het projectgebied. De tarieven van deze parking zijn afgestemd op occasioneel gebruik door bezoekers.
Wat betreft de parkeerratio voor wonen: deze ligt in het project tussen 0,6 en 0,8, en werd verlaagd door de inzet op deelmobiliteit en ruime fietsenstallingen.
Samengevat: het parkeer- en fietsbeleid binnen het project is in lijn met de stedelijke visie en richtlijnen. De bezorgdheden worden erkend, maar de voorgestelde maatregelen en infrastructuur bieden een evenwichtige en duurzame oplossing voor de mobiliteitsbehoeften van het project en de omgeving.
LAAD- en LOSZONES en KISS&RIDE
De indieners uiten ernstige bezorgdheid over de verkeersimpact van de geplande laad- en loszones in de Voskenslaan en de voorziene kiss‑and‑ridezone op het Koningin Mathildeplein. Zij vrezen bijkomende verkeersdrukte, conflicten met bestaande verkeersstromen en een verhoogd risico op verkeersonveiligheid in een reeds complexe verkeerssituatie.
In eerdere beleidsdocumenten, o.a. de Eindpresentatie van de Klankbordgroep Actualisatie Masterplan Project GentSintPieters (27 april 2022), werd aangegeven dat het Koningin Mathildeplein autovrij zou blijven en dat een kiss-and-ride enkel ondergronds via de Timichegtunnel zou worden georganiseerd. De huidige opname van een bovengrondse kiss-and-ridezone wordt daarom als strijdig met deze visie beschouwd.‑Sint‑Pieters (27 april 2022), werd aangegeven dat het ‑and‑ride enkel ondergronds via de Timichegtunnel zou worden georganiseerd. De huidige opname van een bovengrondse kiss‑and‑ridezone wordt daarom als strijdig met deze visie beschouwd.
Daarnaast vrezen indieners dat de geplande laad- en loszones nabij de shuttlehaltes een aanzuigeffect zullen creëren voor bijkomend gemotoriseerd verkeer (o.a. De Lijn, NMBS, Max Mobiel, toeristenbussen, evenementvervoer). Dit zou leiden tot extra verkeersbewegingen, manoeuvres en overlast op de Voskenslaan, met negatieve gevolgen voor de verkeersveiligheid.
De inname van publieke ruimte voor laad- en loszones en parkeervoorzieningen voor elektrische voertuigen — onder meer tussen huisnummers 25 en 35 — wordt onaanvaardbaar geacht gezien de reeds hoge parkeerdruk. Bovendien bemoeilijkt de huidige locatie van de laadzone een veilige en efficiënte logistieke afhandeling: de afstand tot de overslagruimte bedraagt ca. 40 meter, met conflicten met voetgangers- en fietsersstromen, waaronder grote aantallen studenten.
De bezwaarindieners wijzen erop dat het verkeerslicht ter plaatse vermoedelijk moet verdwijnen of verplaatst worden bij een toekomstige herinrichting van de Voskenslaan, waardoor een herschikking van de laad- en loszone zich sowieso opdringt. Volgens hen verdient het aanbeveling de laadzone te integreren in (het restant van) de kiss-and-ridezone zodat rechtstreeks gelost kan worden in de overslagruimte en voetgangers rond deze zone geleid worden.‑and‑ridezone zodat rechtstreeks gelost kan worden in de overslagruimte en voetgangers rond deze zone geleid worden.
Tot slot is het onduidelijk wat de functie van de kiss-and-ridezone precies wordt (hotelgasten, bussen, opritfunctie). Indien deze zone behouden blijft, pleiten indieners voor een aangepaste inrichting zodat zij efficiënter kan worden ingezet voor logistieke doeleinden.‑and‑ridezone precies wordt (hotelgasten, bussen, opritfunctie). Indien deze zone behouden blijft, pleiten indieners voor een aangepaste inrichting zodat zij efficiënter kan worden ingezet voor logistieke doeleinden.
BESPREKING
Zoals toegelicht in de mobiliteitsstudie betreft zowel het beperkt aanpassen van de kiss & ridezone als het gebruik van de bushalte aan de Voskenslaan voor laden en lossen een tijdelijke situatie, in afwachting van de geplande heraanleg van het plein incl. aangrenzende zone langs de Voskenslaan. In de mobiliteitsstudie is een figuur opgenomen die de toekomstige laad- en loslocatie toont na heraanleg, waarbij ook duidelijk wordt dat de kiss & ridezone dan verdwijnt. De aanpassingen die in het dossier worden meegenomen beperken zich tot de noodzakelijke aanpassingen van de situatie op vandaag in afwachting van het nieuwe pleinontwerp.
De tijdelijke inrichting werd conform de richtlijnen inzake verkeersveiligheid voorzien. Het klopt dat de laad- en losbeweging op vandaag dwarst met de doorgaande fietsers in deze tijdelijke situatie. Deze situatie kan op moment dat gebouw wordt ontworpen herbekeken worden. De latere nieuwe inrichting van dit openbaar domein volgt in een apart dossier, in relatie tot het stationsgebouw en de nieuwe aanleg van de tramsporen. De laad- en loszone zal op dat moment elders komen.
De tijdelijke laad- en loszones bevinden zich nabij de bestaande bushalte, maar het gebruik ervan is niet exclusief voor het project. Het betreft publiek domein, waar zowel bewoners als andere gebruikers mogen laden en lossen.
Deze zones zijn niet bedoeld als permanente parkeerplaatsen, maar zijn functioneel ingericht in functie van de huidige ruimtelijke situatie en noden.
De shuttlebussen voor woon-werkverkeer (type Max-Mobiel) zullen in de toekomst een plek krijgen in het busstation. Ook alle bussen van De Lijn zullen halteren in het busstation. Voor de langeafstand bussen (type Flibco/Flixbus) zal er een andere oplossing gezocht worden buiten de stationsomgeving. Het busstation zal gerealiseerd worden na het einde van de stationswerken vanaf 2029 (de datum van het einde van de stationswerken is officieel). Een eventuele overlapping in het gebruik van de bushalte voor functies anders dan laden en lossen zal van korte duur zijn.
Samengevat: de bezorgdheden over verkeersdrukte en toe-eigening van publieke ruimte worden erkend, maar de geplande voorzieningen zijn tijdelijk van aard, afgestemd met de stad, en onderdeel van een bredere herinrichtingsvisie die de verkeersveiligheid en leefbaarheid op lange termijn ten goede zal komen.
PROGRAMMA
Uit de ingediende bezwaren blijkt bezorgdheid over de schaal en samenstelling van het programma binnen het projectgebied. Indieners stellen dat het programma niet in verhouding staat tot de locatie, en dat het risico’s inhoudt voor de mobiliteit, leefbaarheid en veiligheid van de omliggende wijk.
Er wordt gewezen op de verdubbeling van het aantal hotelkamers ten opzichte van het voorstel dat in 2021 werd gepresenteerd tijdens de ontwerpwedstrijd.
Bij bekendmaking van het winnende wedstrijdontwerp door de Stad Gent was sprake van een hostel met 72 kamers, nu is sprake van een hotel met 140 kamers. Dit stemt niet overeen met het winnende ontwerp.
De enige informatie mbt de wooneenheden uit de aanvraag is het projectvoornemen om 6.820m² bvo aan woongelegenheden wordt voorzien en dat er 65 appartementen (mix van 1-2-3 slaapkamers) zullen zijn.
Deze informatie is minimalistisch en vaag en laat niet toe de aanvraag te toetsen aan de Vlaamse Codex Wonen en het Algemeen Bouwreglement van de stad Gent.
De toevoeging van hotelkamers zou ten koste gaan van betaalbare woonruimte, wat als strijdig wordt ervaren met het bestuursakkoord van Stad Gent, waarin betaalbaar wonen als topprioriteit werd aangeduid. Er wordt verwezen naar de Gentse woonstudie, waarin de doelstelling van 10.000 bijkomende woningen tegen 2030 wordt geformuleerd. Indieners stellen dat dit project beter zou bijdragen aan die woonopgave.
BESPREKING
Huidige aanvraag heeft enkel betrekking op de verkaveling, en dus niet op het detailniveau van individuele wooneenheden of hotelkamers. In deze fase worden de contouren en bestemmingen vastgelegd, maar nog geen concrete bouwplannen of technische uitwerkingen. De volledige toetsing aan de Vlaamse Codex Wonen en het bouwreglement zal gebeuren bij de latere omgevingsvergunningsaanvraag voor de gebouwen, waarin alle relevante details (zoals oppervlaktes, indeling, oriëntatie, buitenruimte, enz.) worden opgenomen en beoordeeld. De beoordeling van het programma zoals voorzien in de verkaveling is deel van de beoordelingscriteria die de vergunningverlenende overheid zal hanteren bij haar besluitvorming. Omdat dit ook samenhangt met de ontworpen aanleg van het openbaar domein in voorliggende aanvraag, hieronder wel een reactie.
Het programma zoals voorzien in de verkaveling is volledig conform de voorschriften van het geldende RUP ‘Stationsomgeving Gent-Sint-Pieters – Zuidelijke stationsplein’. Het RUP laat een mix van stedelijke functies toe, waaronder wonen, horeca, kantoren en voorzieningen, op voorwaarde dat minstens 50% van de bruto-vloeroppervlakte (BVO) wordt ingevuld met woonfunctie.
In de mobiliteitstoets als bijlage bij deze verkavelingsaanvraag is gewerkt met een meer concreet programma om eventuele effecten te kunnen inschatten. De eenheden per programma (aantal entiteiten, oppervlakte,…) verschillen met wat in het wedstrijdontwerp werd voorgesteld.
Het is belangrijk te benadrukken dat het wedstrijdontwerp geen bindend karakter heeft. Het fungeert als conceptuele basis en wordt in latere fases verder uitgewerkt en verfijnd, onder meer in het kader van de bouwaanvraag.
In die fase worden programmatorische keuzes afgestemd op de actuele noden, technische haalbaarheid en stedenbouwkundige randvoorwaarden. Deze evolutie is een normaal onderdeel van het ontwerpproces en gebeurt binnen de contouren van het RUP en de geldende regelgeving.
De ligging vlakbij het station met een groot aanbod aan duurzame mobiliteitsopties is ideaal voor een mix aan stedelijke functies met een geringe impact op de mobiliteit.
PARTICIPATIEPROCES
In het bezwaar wordt verwezen naar het participatieproces dat voorafging aan de huidige aanvraag. Volgens indieners werd tijdens eerdere overlegmomenten, waaronder bewonersparticipatie, herhaaldelijk de voorkeur uitgesproken voor een ontsluiting via de Voskenslaan. De keuze in de huidige aanvraag voor ontsluiting via de Ganzendries wordt door sommigen ervaren als het negeren van deze input, wat aanleiding geeft tot kritiek op het participatieproces. Er wordt gesteld dat dit in strijd zou zijn met het bestuursakkoord van Stad Gent, waarin participatie en inspraak van bewoners als belangrijke uitgangspunten worden benoemd.
BESPREKING
Dit bezwaar heeft betrekking op het voortraject dat hier door de private partner en begeleid door sogent en de Stad werd gevoerd. Dit voortraject en het participatieproces is geen toetsingscriterium voor voorliggende aanvraag en evenmin verplicht in kader van de besluitvorming van de gemeenteraad.
Het participatieproces vond plaats in het kader van het bredere project Gent Sint-Pieters, waarbij bewoners en stakeholders op verschillende momenten betrokken werden. De voorkeur voor ontsluiting via de Voskenslaan werd daarbij wel degelijk genoteerd en meegenomen in de verdere uitwerking van het project. De ontwikkelaar was op de hoogte van deze vraag en heeft deze uitvoerig onderzocht, zoals ook toegelicht in de mobiliteitsstudie.
Op basis van een verkeersveiligheidsanalyse werd uiteindelijk gekozen voor een ontsluiting via de Ganzendries, die als meest veilige en ruimtelijk geschikte optie naar voren kwam. Deze keuze werd in december teruggekoppeld aan de klankbordgroep, waarbij ook de verkeerskundige motieven voor deze beslissing werden toegelicht.
Participatie betekent luisteren naar bewoners, maar ook met kennis van zaken een afgewogen beslissing nemen. In dit geval werd de input ernstig genomen, onderzocht en afgewogen, waarna op basis van objectieve criteria werd gekozen voor een ontsluiting via de Ganzendries. Deze keuze is dus het resultaat van een zorgvuldige afweging, en niet van het negeren van bewonersinspraak.
BOUWIMPACT OP OMGEVING: wind, schaduw, pleinruimte en groenvoorziening
Uit de ingediende bezwaren blijkt bezorgdheid over de ruimtelijke impact van het bouwvolume, in het bijzonder het S-gebouw, op de directe omgeving. Indieners wijzen op het uitblijven van een wind- en schaduwanalyse in de omgevingsvergunningsaanvraag, ondanks de aanzienlijke bouwhoogte en oriëntatie van het gebouw. Er wordt gesteld dat het Koningin Mathildeplein door zijn beperkte breedte (27,81 m) structureel in de schaduw zal liggen, wat volgens indieners in strijd is met de beoogde functie van het plein als warme, uitnodigende toegangspoort tot de zuidelijke stationsomgeving.
Daarnaast wordt de bouwhoogte als disproportioneel ervaren ten opzichte van de omliggende bebouwing. Een bescheidener hoogte van 10 meter wordt voorgesteld als beter passend binnen de bestaande schaal van de wijk.
De voorziene bouwhoogte zorgt voor verlies aan avondzon in de aanpalende tuinen.
Wat betreft het Koningin Mathildeplein zelf, wordt aangehaald dat de geplande inrichting onvoldoende ruimte biedt voor de beoogde functies, waaronder tramsporen, en dat er gemiste kansen zijn op vlak van vergroening, ontharding en zichtlijnen richting de zijgevel van het station. Er leeft de wens om het plein ruimer, groener en klimaatbestendiger in te richten.
Er is door omwonenden consequent op participatietrajecten gevraagd naar een klimaatrobuuste groenzone van 3000m² op het Koningin Mathildeplein.
In de bezwaren wordt gevraagd het ontwerp van het Koningin Mathildeplein af te stemmen op door de stad opgemaakte en gevalideerde beleidsdocumenten en het recht op de bescherming van een gezond leefmilieu.
Er wordt gewezen op de rooiing van 13 bomen, waarvan 5 vergunningsplichtig, en op het ontbreken van duidelijke compensatiemaatregelen in de aanvraag. De ontwerpen van de binnentuin en het plein tussen het S-gebouw en het station worden als vaag omschreven. Indieners vragen dat in de verkavelingsvoorschriften wordt opgenomen dat deze ruimtes klimaatbestendig en natuurinclusief worden ingericht, met aandacht voor minimale verharding, waterinfiltratie en schaduw.
Tot slot wordt gevraagd om bij het rooien van het bestaande bosje minstens 30 inheemse bomen en struiken aan te planten op het openbaar domein
BESPREKING
Huidige aanvraag heeft enkel betrekking op de verkaveling, en dus niet op het detailniveau van het concrete bouwvolume. In deze fase worden de contouren vastgelegd, maar nog geen concrete bouwplannen of technische uitwerkingen. De beoordeling van het toegelaten bouwvolume zoals voorzien in de verkaveling is deel van de beoordelingscriteria die de vergunningverlenende overheid zal hanteren bij haar besluitvorming. Omdat dit ook samenhangt met de ontworpen aanleg van het openbaar domein in voorliggende aanvraag, hieronder wel een reactie.
Wat betreft de bouwhoogte en footprint van het S-gebouw: deze zijn volledig conform de voorschriften van het geldende RUP. De maximale toegelaten bouwhoogte van 18 meter is integreerbaar in de omgeving, waar reeds bebouwing van gelijkaardige hoogte voorkomt. Het RUP laat deze hoogte expliciet toe en voorziet geen bijkomende 3 meter voor technische installaties. Eventuele installaties zoals warmtepompen worden binnen de toegelaten hoogte geïntegreerd en hebben geen impact op de bouwhoogte.
Een windstudie is niet nodig voor een gebouw met deze hoogte. Eventuele maatregelen om schaduw- en windhinder te remediëren kunnen meegenomen worden bij het ontwerp van het gebouw zelf en de omgevingsvergunningsaanvraag voor het gebouw.
Dit is het geëigende moment om deze effecten gedetailleerd te analyseren en te beoordelen.
Het Koningin Mathildeplein zal bestaan uit verschillende zones, met een variatie tussen licht en schaduw doorheen de dag. De breedte van het plein varieert tussen 28 en 54 meter, en de rooilijnbreedte is vastgelegd in het RUP. De huidige inrichting is tijdelijk van aard, in afwachting van het definitieve ontwerp door Stad Gent, die de zone voor het gebouw zal herinrichten.
De vraag tot groenzone 3000m² is bij de stad gekend. Bij de opmaak RUP is gekozen de beschikbare ruimte in te delen in een zone voor gebouw met tuin en een publiek plein. De ruimtevragen rond het plein zullen meegenomen worden in het definitieve ontwerp, hierbij wordt rekening gehouden met de beleidsambities van de Stad Gent en de noden van de buurtbewoners en stationsomgeving.
Wat betreft de ruimtevragen voor tramsporen en groen: deze worden meegenomen in de actualisatie van het masterplan voor de definitieve aanleg. Enkel functioneel noodzakelijke zones zullen verhard worden, met maximale aandacht voor groeninvulling.
Desondanks wordt binnen het project maximaal ingezet op vergroening, zowel in de tuinzone van het S-gebouw als in de latere fase in de publieke ruimte, binnen de randvoorwaarden van bereikbaarheid (brandweer), technische voorschriften en hemelwateropvang.
De verkavelingsvoorschriften bevatten reeds bepalingen die inzetten op duurzame stedenbouw, waaronder:
Wat betreft de bomen: er werd een boom-effectanalyse (BEA) opgemaakt, waarin geen bezwaar tegen de rooiing werd geformuleerd. De 5 vergunningsplichtige bomen zijn spontaan uitgegroeide bomen die binnen het project gecompenseerd worden in de private tuin.
Een gedetailleerde uitwerking van deze nieuwe bomen zal worden opgemaakt bij de omgevingsvergunningsaanvraag van het gebouw. Dit zal gebeuren in de aanleg van de binnentuin. Het openbare domein zal niet gebruikt worden om bomen te planten door de tijdelijke aard van het openbaar domein binnen dit project. Er zal uiteraard oog zijn voor extra groen (en bomen) in de finale aanleg van het openbaar domein binnen enkele jaren.
WERFIMPACT EN WERFCHARTER
In de ingediende bezwaren wordt bezorgdheid geuit over de impact van de werfactiviteiten op de leefbaarheid en veiligheid van de wijk, in het bijzonder in de context van een omgeving met schoolroutes en intensief fietsverkeer. Er wordt opgemerkt dat de bouwheer het Werfcharter van Stad Gent, dat onder meer inzet op maximale bereikbaarheid en veiligheid in schoolomgevingen, niet heeft onderschreven. Indieners vragen dat tijdens schooldagen de vensteruren en werfroutes strikt gerespecteerd worden.
Tot slot worden vragen gesteld over de impact van de werken op aanpalende gebouwen en bestaande bomen rondom de projectsite. Indieners vragen duidelijkheid over de maatregelen die genomen zullen worden om schade en hinder te beperken.
BESPREKING
De wijze waarop een werf georganiseerd wordt en het werfverkeer geleid wordt, hangt samen met de uitvoering van de werken en is op zich geen ruimtelijk toetsingscriterium voor voorliggende verkavelingsaanvraag. Ter info kan wel meegegeven worden dat aan de aannemer meegegeven is om het Werfcharter van Stad Gent te volgen bij de werken. Dit charter bevat richtlijnen die specifiek gericht zijn op het beperken van hinder in schoolomgevingen en op drukke fietsassen, waaronder het respecteren van vensteruren en veilige werfroutes.
Daarnaast wordt er een minder-hinderplan opgemaakt, zoals standaard vereist bij dergelijke projecten. Dit plan zal concrete maatregelen bevatten om de impact op de omgeving te beperken, en wordt afgestemd met de bevoegde stedelijke diensten.
Wat betreft de werfroutes: er is in het voortraject als randvoorwaarde meegegeven opgelegd dat alle werfverkeer via de Voskenslaan verloopt. Hierdoor wordt geen bijkomende belasting veroorzaakt in de omliggende woonstraten, wat de leefbaarheid van de wijk ten goede komt.
De effecten van de aanlegfase zijn tijdelijk van aard, en zullen verder worden onderzocht in het kader van het milieu-effecten-onderzoek, dat wordt opgemaakt bij de bouwaanvraag voor het gebouw. Hier zal ook aandacht besteed worden aan bemalingen, de impact op aanpalende gebouwen en de aanwezige bomen rondom de site.
Tot slot: de timing van de werken aan het station werd recentelijk gecommuniceerd aan de buurt. De werfplanning van dit project zal hierop worden afgestemd, met zorg voor de omgeving en in overleg met de betrokken stadsdiensten.
GELUIDSOVERLAST EN TECHNISCHE INSTALLATIES
In de ingediende bezwaren wordt gewezen op de geluidsoverlast die de wijk reeds ondervindt, onder meer door de aanwezigheid van meerdere studentenhomes aan de Voskenslaan. Indieners vrezen dat de smalle, slecht onderhouden straten in combinatie met een toename van verkeer als gevolg van het project zullen leiden tot versterkte geluidshinder.
Daarnaast wordt bezorgdheid geuit over de onduidelijkheid rond de technische installaties, in het bijzonder de warmtepompen die in de aanvraag vermeld worden als mogelijke verwarmingsbron. Indieners wijzen op het potentieel hoge geluidsniveau van buitenunits, dat volgens hen tot 86 dB(A) kan bedragen. Er wordt verwezen naar het Geluidsactieplan voor de Agglomeratie Gent, waarin gesteld wordt dat bij Lden-geluidsniveaus boven 70 dB(A) meer dan 25% van de blootgestelden ernstig gehinderd kan zijn, met verhoogde gezondheidsrisico’s.
Op basis hiervan wordt gevraagd dat voorafgaand aan de vergunningsaanvraag duidelijkheid wordt gegeven over het type warmtepomp en de geluidsimpact, aangezien dit volgens indieners niet als voorwaarde kan worden opgenomen, maar vooraf moet worden beoordeeld.
BESPREKING
We nemen kennis van de geformuleerde bezwaren inzake geluid. Deze meeste aspecten hebben betrekking op het ontwerp van het gebouw en de bijhorende technieken, en kunnen bijgevolg niet beoordeeld worden op het niveau van de verkaveling, maar wel bij de omgevingsvergunningsaanvraag van het gebouw.
Het onderzoek naar geluidseffecten in deze aanvraag is beperkt tot deze in aanlegfase van de tijdelijke weginfrastructuur en het slopen en bouwrijp maken in functie van de verkaveling. Daarnaast kan verkeerstoename ook een toename in geluid veroorzaken. Dit wordt besproken in de merscreening.
Geluid is een relevant aandachtspunt dat bij de verdere uitwerking van het project zorgvuldig zal worden onderzocht. De merscreening en de bouwaanvraag bieden het juiste kader om effecten te beoordelen en maatregelen te voorzien. De bezorgdheden worden dus meegenomen in het verdere traject, met aandacht voor zowel de bestaande omgeving als de toekomstige bewoners.
ONTEIGENINGEN
De bezwaarschrijver acht de OMV-aanvraag in strijd met de onteigeningsvoorwaarden (openbaar nut, onteigeningsnoodzaak, en dergelijke) vermeld in het Vlaamse onteigeningsdecreet (het bezwaar verwijst naar de “Vlaamse Codex” maar bedoelt het onteigeningsdecreet), omdat de percelen in 2007 zijn onteigend op basis van een onteigeningsplan bij het RUP Stationsomgeving, en nu gedeeltelijk zullen ingezet zullen worden voor een privaat of commercieel project.
BESPREKING
De onteigeningsprocedure is in 2007 gevoerd met toepassing van de toen geldende (federale) regeling. Het Vlaamse Onteigeningsdecreet is pas in werking getreden in 2017, zodat de in 2007 gevoerde onteigeningsprocedure niet in strijd kan zijn met voorwaarden die pas 9 jaar later in voege zijn getreden.
De (on)wettigheid van het onteigeningsplan bij het RUP, en van de nadien bij de Vrederechter gevoerde onteigeningsprocedure is ten gepaste tijde (in 2007) niet ter discussie gesteld, en kan nu niet meer opgeworpen worden n.a.v. een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een verkaveling op de door de overheid verworven percelen.
De bezwaarschrijver lijkt de zaken ook om te keren, en beweert dat een vergunning voor een privaat project niet mag goedgekeurd worden omdat de percelen destijds zijn onteigend omwille van openbaar nut. De bevoegde (vergunningverlenende) overheid is echter niet bevoegd om - bij het beoordelen van de omgevingsvergunninsaanvraag – te onderzoeken of deze aanvraag in strijd zou zijn met de onteigeningsvoorwaarden die nageleefd moesten worden ten tijde van de verwerving van de percelen door de overheid. Een eventuele strijdigheid met onteigeningsvoorwaarden zijn niet te aanzien als een potentiële weigeringsgrond in artikel 4.3.1. e.v. VCRO. Een onteigeningsbesluit vormt evenmin een weigeringsgrond voor een omgevingsvergunning als geen direct werkende norm zoals in artikel 4.3.3 VCRO, of als doelstelling of zorgplicht zoals vermeld in artikel 4.3.4. VCRO.
Inhoudelijk is het RUP met onteigeningsplan opgemaakt om de aanleg van een publiek plein mogelijk te maken, wat evident het algemeen belang dient. Daarnaast laat het RUP een aantal bestemmingen toe die private belangen kunnen dienen, zoals wonen, horeca en dergelijke. De verkavelingsvoorschriften laten dezelfde bestemming toe als deze voorzien in het RUP. Het realiseren van een RUP-bestemming kan beschouwd worden als van algemeen belang, zodat een onteigeningsplan kan opgemaakt worden enkel om die bestemmingen te kunnen realiseren, zelfs al zijn er ook private belangen bij gebaat.
INKIJK
Inkijk vanuit het S-gebouw op de achterliggende private tuinen dient vermeden te worden. In het bijzonder geldt dit voor het terras van het hotel dat voorzien wordt op de verdieping. Zonder afscherming kan dit terras niet goedgekeurd worden.
BESPREKING
In het huidige dossier gaat het om een aanvraag voor een verkaveling, waarbij de concrete uitwerking van gebouwen en buitenruimtes nog niet aan bod komt.
Bij een latere bouwaanvraag zal de invloed van afstanden, groene invulling en kijkrichtingen op de beleving en privacy van omliggende percelen specifiek beoordeeld worden. Eventuele maatregelen inzake afscherming kunnen dan worden geëvalueerd in functie van het ontwerp.
VOSKENSLAAN 27
Er is geen zicht op de toekomst van de huidige fietsambassade, terwijl dit bepalend is voor de impact op de panden in de omgeving.
BESPREKING
De huidige locatie van de fietsambassade valt buiten de projectzone en maakt geen deel uit van de voorliggende vergunningsaanvraag. De invulling van deze site kan gebeuren conform de geldende voorschriften van het gewestplan, maar is niet het voorwerp van dit dossier.
ONTWIKKELING KONINGIN MATHILDEPLEIN
Indieners uiten hun bezorgdheid over het ontbreken van een duidelijke visie of plan voor de ontwikkeling van het Koningin Mathildeplein, ondanks dat het RUP al bijna 20 jaar geleden werd goedgekeurd. Ze stellen dat de huidige aanvraag elementen bevat die een voorafname lijken te doen op de inrichting van het plein, zonder dat er een uitgewerkt of goedgekeurd ontwerp voorligt.
Daarnaast wordt verwezen naar de goedgekeurde overheidsopdracht van 23 juni 2025 (ref. 2025_GR_00596) voor een studieopdracht inzake de aanleg van het Koningin Mathildeplein. Volgens de indieners voorziet de huidige aanvraag al in een gedeeltelijke aanleg, waaronder een brandweerweg en groenzone, die als definitief geïnterpreteerd kunnen worden. Dit wordt als strijdig beschouwd met het feit dat de studieopdracht nog niet is afgerond of goedgekeurd. Men stelt dat de huidige aanvraag niet kan worden beoordeeld zolang die opdracht niet is afgerond.
BESPREKING
De definitieve ontwikkeling van het Koningin Mathildeplein maakt geen deel uit van de huidige aanvraag. Wat wordt voorgesteld betreft een tijdelijke inrichting, noodzakelijk in functie van de brandweerbereikbaarheid en de ingebruikname van het gebouw. Deze tijdelijke aanleg doet geen afbreuk aan de lopende studieopdracht voor het plein, waarnaar wordt verwezen.
Een visie op de uiteindelijke aanleg van het Koningin Mathildeplein is reeds uitgewerkt in het masterplan voor de site, dat tot stand kwam via een breed participatieproces. De concrete ontwerpstudie voor het plein zal binnenkort van start gaan en zal zich baseren op deze visie. In dat kader zal ook de inpassing van de brandweerweg worden bekeken, zowel qua ligging als vormgeving.
De finale inrichting zal worden uitgewerkt en beoordeeld in het kader van de aparte ontwerp- en vergunningsprocedure voor het Koningin Mathildeplein.
TRAGE WEG EN ROOILIJNENPLAN
De bezwaarindieners stellen dat het rooilijnplan onvolledig en onjuist is, onder meer doordat bestaande trage verbindingen niet correct weergegeven zouden zijn en dat de weergave van de waardevermeerdering van gevatte percelen ontbreekt. Dit achten zij strijdig met bepalingen van het Gemeentewegendecreet.
Op basis hiervan vragen indieners om het rooilijnplan niet goed te keuren in zijn huidige vorm en om duidelijkheid over hoe de nieuwe rooilijnen daadwerkelijk zullen bijdragen aan het creëren van openbare (trage) verbindingen.
Bezwaarindieners wijzen erop dat de bestaande trage verbinding tussen het Koningin Mathildeplein en de Reigerstraat niet is opgenomen in de huidige aanvraag en ontbreekt op het rooilijnplan. Volgens hen bestaat deze doorgang reeds decennialang en rust hier bijgevolg een publiekrechtelijke erfdienstbaarheid van doorgang, ook zonder formele vastlegging. De verbinding wordt beschouwd als een essentiële schakel binnen het voetgangers- en fietsnetwerk, met belangrijke waarde voor de beleving, toegankelijkheid en integratie binnen het project Gent‑Sint‑Pieters.
De verwijzing in het antwoord op de schriftelijke vraag (Ref. 2025_SV_00827) in de gemeenteraad naar dossier 2007/882 als argument dat er geen doorgang bestond, wordt door indieners betwist.
Tot slot wordt ook een bezorgdheid geuit over sociale veiligheid. Een aantal indieners vrezen dat een toename van het aantal gebruikers in de publieke groenzones en doorgangen ook meer criminaliteit zou kunnen aantrekken. Er wordt gevraagd welke maatregelen zullen genomen worden tegen indringing tussen de openbare ruimte en aanpalende private percelen, en hoe de veiligheid van bewoners en gebruikers zal worden gewaarborgd.
BESPREKING
De rooilijn aangeduid op het rooilijnenplan is een bevestiging van de rooilijn die in het RUP is goedgekeurd en die dateert van voor het gemeentewegendecreet. Gezien geen nieuwe rooilijn wordt vastgelegd is een opmaak conform het gemeentewegendecreet eigenlijk niet nodig, maar gezien de rooilijn in het RUP niet op een opmetingsplan is ingetekend, wel zinvol om zo een meer nauwkeurige vaststelling te bekomen. Tegelijk wordt met dit rooilijnplan ook de nog juridisch bestaande rooilijn van de Voskenslaan ter hoogte van deze verkaveling opgeheven.
De mogelijkheid om de site publiek te betreden is pas in 2007 ontstaan na de sloop van bestaande bebouwing in functie van de fietsenstalling die op vandaag aanwezig is.
Uit de dossieranalyse blijkt dat de doorgang in kwestie nooit een publiek statuut kende. Deze is pas in 2007 ontstaan na de sloop van bestaande bebouwing. Dit wordt ondersteund door fotomateriaal uit de toenmalige bouwaanvraag tot sloop. Er is dus geen sprake van een gebruik dat teruggaat tot 30 jaar, wat een noodzakelijke voorwaarde is voor het ontstaan van een gemeenteweg (of trage weg) op basis van verjaring.
Een publieke doorsteek is niet voorzien in het RUP, en kreeg nooit een officieel statuut. Er wordt in dit dossier geen trage weg gerealiseerd tussen het toekomstige Koningin Mathildeplein en de Reigerstraat, maar er wordt er ook geen opgeheven.
Wat betreft de bezorgdheid rond criminaliteit en sociale veiligheid: op dit moment wordt de groene ruimte nog niet ingericht binnen het projectgebied, aangezien deze ruimte bij het private bouwproject hoort. De toekomstige bebouwing zal zorgen voor meer sociale controle, wat doorgaans een positief effect heeft op de veiligheid. De vrees tot indringing en overlast vormt mee de reden dat de tuin niet mee wordt opgenomen in de openbare ruimte, maar een privaat beheer zal blijven kennen.
Het is bijgevolg een zorgvuldig evenwicht tussen open stellen en privaat houden.
In de directe omgeving bevindt zich het Reigerspark, een openbaar domein dat grenst aan meerdere tuinen en reeds functioneert als publieke groene ruimte. De bouwblokken zijn behapbaar van schaal, waardoor het openbaar domein vandaag al voldoende doorwaadbaarheid biedt voor voetgangers en fietsers.
Hoewel er geen formele verplichting bestaat om een publieke doorsteek te voorzien, werd de wens van de buurt meegenomen in het ontwerp. De ontwikkelaar heeft ook de intentie uitgesproken om de tuin toegankelijk te houden voor de buurt.
De concrete invulling zal worden uitgewerkt in het kader van de latere bouwaanvraag voor het gebouw. Concreet kan de tuin toegankelijk zijn voor de buurt, maar een privaat karakter blijven houden. Via een private beheerder van het gebouw kan flexibeler omgesprongen worden met de nood aan maatregelen tegen indringing tussen publieke en private zones en kan de concrete inrichting van de buitenruimte worden afgestemd op de wijzigende noden.
Samengevat: er is geen sprake van een bestaande trage weg die wordt afgeschaft, de rooilijn uit het RUP blijft behouden, en de bezorgdheden rond toegankelijkheid en veiligheid worden erkend. De ontwikkelaar toont zich bereid om hieraan tegemoet te komen binnen de mogelijkheden van het project.
EXTERNE ADVIEZEN
Door een negatieve beoordeling van FLUVIUS dient het project te worden geweigerd.
Andere adviezen ontbreken zodat deze niet publiek geconsulteerd kunnen worden (FARYS, De Lijn, Brandweer).
BESPREKING
Het openbaar onderzoek en de adviestermijn zijn parallelle stappen die elk hun finaliteit hebben. Het openbaar onderzoek biedt omwonenden en geïnteresseerden de kans om inzage te nemen in het voorgestelde project. Op datzelfde moment krijgen adviesintanties de tijd om hun advies te formuleren en ze krijgen daarvoor 50 dagen de tijd.
Er is geen publieke raadpleging voorzien over de uitgebrachte adviezen, het is de vergunningverlenende overheid die deze moet meenemen in de uiteindelijke beslissing over de omgevingsvergunningsaanvraag. Op het inzageloket kunnen burgers tijdens het openbaar onderzoek zien welke adviesinstantie al advies heeft gegeven en of dit gunstig/ongunstig/voorwaardelijk gunstig/gedeeltelijk gunstig is.
De inhoudelijke adviezen zijn daarbij niet zichtbaar. Het is aan de behandelende overheid om deze adviezen mee te nemen bij de beoordeling van het dossier.
Het advies van Fluvius waarnaar wordt verwezen is voorwaardelijk gunstig. Waarschijnlijk wordt nog verwezen naar een negatief advies dat is afgeleverd bij een andere omgevingsvergunningsaanvraag.
EFFECTEN OP WATERSYSTEMEN EN GRONDWATER
Indieners uiten bezorgdheid over de onvolledigheid van de informatie in het dossier met betrekking tot de impact op watersystemen en grondwater. Ze wijzen op het ontbreken van een eco-hydrologische studie en een natuurtoets, ondanks mogelijke effecten van bronbemaling op nabijgelegen natuurgebieden zoals Overmeers, de bomenrij langs de Sint-Denijslaan en de beschermde platanen op het Koningin Maria Hendrikaplein. Ook het lozingspunt van de bemaling wordt niet duidelijk aangegeven.
Daarnaast wordt gewezen op het gebrek aan aandacht voor cumulatieve effecten van gelijktijdige bouwprojecten in de omgeving. Volgens de bezwaarmakers is het bemalingsadvies onvoldoende afgestemd op de Biologische Waarderingskaart, en ontbreekt het advies van de dienst Onroerend Erfgoed over mogelijke schade aan beschermde bomen.
Tot slot wordt gewezen op de historisch hoge grondwaterstand in de wijk, die volgens oude kaarten bestaat uit voormalige moeras- en waterzones. Ondergronds bouwen wordt hierdoor als technisch complex en risicovol beschouwd, met verwijzing naar eerdere problemen bij nabijgelegen projecten zoals de turnzaal van het Lucernacollege.
BESPREKING
In de huidige verkavelingsaanvraag werd de noodzaak van een bemaling enkel ingeschat in functie van de aanleg van het openbaar domein. Hiervoor werd gebruikgemaakt van de VMM-tool voor lijnbemalingen, waarmee de effecten op het watersysteem op een gepaste schaal werden geëvalueerd. Er zijn op dit moment geen bemalingswerken voorzien voor de wegeniswerken in de verkaveling.
De noodzaak tot bemaling voor het S-gebouw zal worden onderzocht in kader van de omgevingsvergunningsaanvraag van het S-gebouw zelf.
BODEMVERONTREINIGING
Indieners stellen dat de beoordeling van de bodemkwaliteit in Addendum E2 onvolledig is.
Indieners concluderen dat de effecten op bodem en grondwater hierdoor onvoldoende beoordeeld zijn.
Indieners wijzen erop dat het openbaar onderzoek reeds is afgesloten, waardoor het “achteraf” toevoegen van ontbrekende gegevens of studies (bijv. via wijzigingsverzoek of administratieve lus) de rechten van het betrokken publiek zou schenden.
Daarom menen zij dat elk wijzigingsverzoek dat ontbrekende documenten toevoegt automatisch een nieuw openbaar onderzoek vereist.
BESPREKING
In het dossier zijn na opstart geen nieuwe documenten meer toegevoegd. Er is dus geen reden geweest om te onderzoeken of hiervoor een nieuw openbaar onderzoek moest opgestart worden.
Er worden bemalingswerken verwacht in de aanlegfase. Enerzijds betreft het bemalingswerken voor het de realisatie van het S-gebouw zelf (lot 1). Dit maakt geen deel uit van voorliggende vergunningsaanvraag, maar de effecten hiervan zijn wel al besproken in de bemalingsstudie die aan het dossier is toegevoegd. Anderzijds betreft het bemalingswerken voor aanleg van het openbaar domein. Hetgeen mee opgenomen is in voorliggende verkavelingsaanvraag. In de bemalingsstudie zijn ook de no regretzones, waarbinnen de projectzone valt, meegenomen.
In de bemalingsstudie werd bestudeerd of er relevante verplaatsingen van verontreiniging optreden ten gevolge van de bemaling. De bemalingsstudie bevat daarbij aandachtspunten die moeten opgevolgd worden tijdens de bemaling. Op basis van de beschikbare informatie zijn er geen aanwijzingen die op aanzienlijke effecten op vlak van menselijke gezondheid kunnen wijzen ten aanzien van de discipline water. Afhankelijk van het type en debiet van bemaling is hiervoor een afzonderlijke omgevingsvergunning nodig.
Het is aan de vergunningverlenende overheid om over deze aspecten uitspraak te doen.
Concluderend wordt geoordeeld dat de ingediende bezwaren niet van die aard zijn dat zij de goedkeuring van het rooilijnplan en de aanleg en inrichting van de wegen die voorwerp zijn van deze vergunningsaanvraag, in de weg staan.
In uitvoering van artikel 12 van het decreet over de gemeentewegen keurt de gemeenteraad (de opheffing van) een rooilijnplan goed. In uitvoering van art. 31 van Decreet betreffende de Omgevingsvergunning en van het Gemeentedecreet neemt de gemeenteraad een beslissing over de aanleg van een gemeenteweg alvorens de bevoegde overheid een beslissing neemt over de vergunningsaanvraag. De gemeenteraad spreekt zich daarbij uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein.
De gemeenteraad is van oordeel dat het voorstel van wegaanleg kan goedgekeurd worden om volgende redenen:
Gemeenteweg
De aanvraag voorziet een nieuwe gemeenteweg langsheen de S‑vormige rooilijn die werd vastgelegd in RUP nr. 137 Gent Sint‑Pieters Zuidelijk Stationsplein.
De weg vervult meerdere noodzakelijke functies:
Deze functies zijn noodzakelijk, zowel in de tijdelijke fase als in functie van de toekomstige invulling van het plein. De weg is dus functioneel verantwoord en past binnen het ruimtelijk kader.
Rooilijnenplan
In het RUP nr. 137 Gent Sint-Pieters Zuidelijke stationsomgeving werd een rooilijn vastgelegd met volgende motivatie:
“Om ervoor te zorgen dat voldoende ruimte gereserveerd wordt om een volwaardig zuidelijk stationsplein te ontwikkelen wordt de overgang tussen het plein en het nieuw op te richten gebouw hard vastgelegd. Op de gelijkgrondse bouwlaag vormt de nieuw ontworpen rooilijn eveneens de verplichte bouwlijn. Om variatie te voorzien in het volumespel van het gebouw wordt voor de verdiepingen een variabele bouwlijn ingesteld. Tot maximum 3m ten opzichte van de rooilijn kunnen uitkragingen en insprongen gerealiseerd worden. Daarbij wordt rekening gehouden met voldoende vrije doorgang.”
“De zuidelijk grens van het plein wordt bepaald door de rooilijn. Deze zone zal in de toekomst opgenomen worden in het openbaar domein.”
Met deze aanvraag wordt uitvoering gegeven aan het bestemmings- en rooilijnenplan horend bij het RUP.
Het rooilijnenplan in deze aanvraag:
Traject en inrichting van het openbaar domein
Het voorstel bevat meerdere maatregelen die aantoonbaar bijdragen aan de verkeersveiligheid:
Het beperkt aanpassen van de Kiss & Ride zorgt ervoor dat ook tijdens de tijdelijke fase de verkeersstromen ordelijk en veilig verlopen.
Het projectgebied maakt deel uit van een van de grootste multimodale knooppunten van Vlaanderen. De aanvraag versterkt deze multimodale logica:
Deze ingrepen verhogen de leesbaarheid en doorwaadbaarheid voor trage weggebruikers en nooddiensten.
Integratie in de omgeving
De inrichting houdt maximaal rekening met de tijdelijke situatie tot de definitieve aanleg van het Koningin Mathildeplein:
De aanpassingen in de Ganzendries zorgen voor een functionele en veilige aansluiting voor alle weggebruikers.
Overdracht naar openbaar domein
Het openbaar domein dat in deze fase wordt aangelegd, bevindt zich op gronden die momenteel eigendom zijn van sogent en die zullen worden overgedragen naar het openbaar domein van de Stad en zo onder stedelijk beheer komen. Het dossier bevat hiertoe een eenzijdige verbintenis van de eigenaar.
De definitieve aanleg van het openbaar plein zal worden uitgewerkt in een afzonderlijk traject, waarin de volledige inrichting van het toekomstige openbaar domein zal worden vastgelegd.
Toekomstgericht
De aanleg is tijdelijk, maar volledig compatibel met:
De voorgestelde werken voldoen dus aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit. Er wordt voldaan aan de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Het algemeen bouwreglement van de Stad Gent omvat geen reglementering inzake het opleggen van lasten bij verkavelingsvergunningen. Op basis van bovenstaande beoordeling is het redelijk en proportioneel te verantwoorden om in deze verkavelingsaanvraag lasten op te leggen aan de houder van de vergunning.
De aanleg van het openbaar domein zal nog verder worden verfijnd. Als bijzondere voorwaarden worden al een aantal opmerkingen over het openbaar domein opgenomen die daarbij moeten worden verwerkt, zie artikel 2 van dit besluit.Keurt (de opheffing van) het rooilijnplan, met inbegrip van de kosteloze grondafstand, zoals opgenomen in bijlage, goed.
Keurt de ligging, breedte en uitrusting van de gemeentewegen, zoals ontworpen in de verkavelingsaanvraag, gelegen Voskenslaan 27 en kadastraal gekend als afdeling 9 sectie I nrs. 633W, 634S2, 634F3, 634G3, 635K2 en 635H2, goed mits voldaan wordt aan volgende voorwaarden:
Voorwaarden voortvloeiend uit externe adviezen:
Voorwaarden uit het voorwaardelijk gunstig advies van Brandweerzone Centrum afgeleverd op 23 december 2025.
Voorwaarden uit het voorwaardelijk gunstig advies van Farys afgeleverd op 11 december 2025 onder ref. VK-25-648 – 2de advies:
Volgende zaken dienen te worden aangepast bij het aanleveren van het technisch dossier:
De voorwaarden uit het gunstig advies van Omgevingsloket Wyre afgeleverd op 8 december 2025 onder ref. 25218911:
Op basis van de informatie waarover wij momenteel beschikken, geven wij graag een gunstig advies indien u volgende voorwaarden opneemt in uw vergunning:
De voorwaarden uit het voorwaardelijk gunstig advies van Fluvius afgeleverd op 11 december 2025.
Sloop
Funderingsresten die vóór de rooilijn liggen, moeten worden uitgebroken.
Bestaande rioolvertakkingen, die niet worden hergebruikt, moeten op het terrein, ter hoogte van de rooilijn, zorgvuldig worden dichtgemaakt.
Indien tijdens de werkzaamheden onvoorziene hindernissen opduiken (rioleringen, waterlopen, kelders e.d.)dan moet dit meteen worden meegedeeld aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Stadskantoor Gent, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266.79.00, mail: wegen@stad.gent. Of met de post; Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.
Legt aan de houder(s) van de omgevingsvergunning, bij afgifte van de vergunning, de hiernavolgende lasten op, deze lasten komen te vervallen bij de realisatie van de definitieve aanleg van het Mathildeplein:
LAST 1 – Aanleg openbare weg, bijhorend openbaar groen en riolering
Als vergunninghouder ben je verplicht om de openbare weg met inbegrip van het openbaar groen bij het project aan te leggen op eigen kosten. Ook de riolering hoort daarbij, zoals aangegeven op de plannen en eventueel aangepast aan de voorwaarden.
De verkavelingsvergunning geldt als omgevingsvergunning voor de aanleg van de nieuwe weg.
TER INFORMATIE: VERPLICHTINGEN BIJ DE CONCRETE UITVOERING VAN LAST 1
TECHNISCH DOSSIER
Deze verkavelingsaanvraag beschouwen we niet als technisch dossier.
De technische opbouw van de typedwarsprofielen zal gespecifieerd moeten worden in het technisch dossier, de opbouw strookt momenteel niet met onze typedetails uniforme uitvoering. Zo kan bv de brandweg aangelegd worden met een schraalbetonfundering van 20cm ipv fundering 30cm + onderfundering 20cm + geotextiel.
In de meetstaat merken we onder andere nog deze zaken op (deze opsomming is niet limitatief): Kantstrook: prefab elementen dit passen we niet toe, dit kan enkel een in-situ gegoten kantstrook zijn
De Stad Gent en Farys stellen minimale kwaliteitseisen aan de technische uitvoering van de werken. Zij zijn immers de toekomstige eigenaars-wegbeheerder en beheerder van het openbaar domein. Het gaat bijvoorbeeld om de materiaalkeuze en de samenstelling van de fundering. Daarom vragen we om een technisch dossier op te stellen.
Je kan de vereisten waaraan deze plannen en documenten moeten voldoen, opvragen bij de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen (wegen@stad.gent). Ze moeten eveneens aan het standaardbestek SB 250 (laatste geldende versie) voldoen.
Het technisch dossier moet zeker volgende zaken bevatten:
Deze zaken zijn waar nodig aangepast aan de voorwaarden uit de vergunning.
Maak het dossier digitaal over aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen; wegen@stad.gent (deze dienst zorgt voor de interne verspreiding van dit dossier bij de Groendienst en Farys). De Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, de Groendienst en Farys kunnen hierop opmerkingen geven, aanbevelingen doen en aanpassingen vragen. Als vergunninghouder heb je er alle belang bij om de aanbevelingen van de technische diensten na te leven en de gevraagde aanpassingen door te voeren. Zo vermijd je dat de Stad Gent of Farys de rioleringswerken, de wegenwerken of de groenaanleg, niet aanvaarden bij de voorlopige oplevering. Om diezelfde reden is het aangewezen om de werken pas op te starten nadat het technisch dossier volledig beantwoordt aan de aanbevelingen van de Stad Gent en Farys.
LAST 2– Aanleg van nutsvoorzieningen
Als vergunninghouder ben je verplicht om nieuwe nutsvoorzieningen naar en in het project aan te leggen op eigen kosten en/of om bestaande nutsvoorzieningen aan te passen.
Het is verplicht om minimaal volgende nutsvoorzieningen aan te leggen:
Je volgt daarbij strikt de voorwaarden uit de adviezen van de nutsbedrijven.
Je staat zelf in voor de kosten en lasten van het installeren van de openbare verlichting. Dit gebeurt volgens de richtlijnen van de Stad Gent en Fluvius. De Stad Gent neemt bij overdracht van het openbaar domein immers ook het beheer van de verlichting over.
Je vraagt direct na het bekomen van de vergunning advies bij de lichtcel, via openbareverlichting@stad.gent.
Je plaatst de openbare verlichting conform het Lichtplan van de Stad Gent. Alle info over het Lichtplan is te raadplegen via www.stad.gent/gentverlicht.
Voor je start met de werken, vraag je bij de nutsmaatschappijen die in de voorwaarden bij deze vergunning vermeld zijn, een offerte op om de omvang van de te stellen waarborg te bepalen. De nutsmaatschappij laadt die offerte op op het omgevingsloket.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 32.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 bepaalt dat de notulen door de algemeen directeur worden opgesteld en dat die notulen in de eerstvolgende vergadering ter goedkeuring moeten worden voorgelegd.
Elk lid van de vergadering heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige vergadering. Als die opmerkingen worden aangenomen, worden de notulen in die zin aangepast.
De notulen zijn te vinden in de interne toepassing eBesluitvorming bij de zittingen van de gemeenteraad van 23 en 24 februari 2026 onder 'Publicaties' (link: https://ebesluitvorming.stad.gent/vergadering/14680)
Keurt de notulen goed van de vergaderingen van de gemeenteraad van 23 en 24 februari 2026.
Het innen van boetes voor voertuigen uit het buitenland loopt vandaag met ernstige moeilijkheden. Van de 44,6 miljoen euro aan uitgeschreven boetes werd via de buitenlandse incassoprocedure slechts 6,25 miljoen euro effectief geïnd, een inningspercentage van amper 14%.
Specifiek voor LEZ-boetes is de balans gelijkaardig: tegenover 23 miljoen euro aan uitgeschreven boetes staat slechts 3,2 miljoen euro aan werkelijk geïnde bedragen. De buitenlandse inning blijkt daarmee quasi verwaarloosbaar. Bovendien zijn de incassobureaus die hiervoor worden ingezet peperduur, met marges tot 70%.
De oorzaak is structureel. Het overgrote deel van de LEZ-overtredingen wordt begaan door buitenlandse chauffeurs, en net die groep ontspringt grotendeels de dans. De inningspercentages verschillen sterk per land: Duitse overtreders betalen hun boete in amper 9% van de gevallen, terwijl Gentse automobilisten geen andere keuze hebben dan te betalen of de zone te mijden.
Dit creëert een fundamentele scheeftrekking: lokale bestuurders worden consequent gecontroleerd en gesanctioneerd, terwijl de handhaving ten aanzien van buitenlandse voertuigen in de praktijk onvoldoende afdwingbaar blijkt.
Een systeem dat slechts gedeeltelijk afdwingbaar is, ondermijnt niet alleen de rechtszekerheid, maar ook het maatschappelijk draagvlak van het beleid.
Bovendien treft de LEZ in de eerste plaats sociaal kwetsbare Gentenaars, die met een oudere wagen rijden en niet over de middelen beschikken om snel over te schakelen naar een nieuw voertuig. Zij ondervinden de gevolgen van de regelgeving het sterkst, terwijl buitenlandse overtreders er in de praktijk vaker aan ontsnappen. Dit leidt tot een ongelijke feitelijke impact.
Daarnaast werd vanuit het stadsbestuur reeds aangekondigd dat er tegen de zomer een studie zal worden uitgevoerd naar de werking en impact van de LEZ. Gezien deze geplande evaluatie en de huidige structurele problemen inzake handhaving en inning, is het aangewezen om tijdelijke opschortende maatregelen te nemen.
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om de huidige LEZ-reglementering met onmiddellijke ingang op te heffen, minstens tot na de afronding en bespreking van de aangekondigde studie naar de werking en impact van de LEZ.
Recent berichtte de pers over groeiend buurtprotest tegen de geplande tramlijn langs de Kortrijksesteenweg. Uit een bevraging bij meer dan duizend inwoners blijkt dat ongeveer driekwart van de respondenten zich tegen het huidige voorstel uitspreekt.
Opvallend is dat het verzet zich niet zozeer richt tegen het principe van een tramverbinding op zich, maar wel tegen de concrete uitwerking van het traject. Vooral het verdwijnen van rijstroken op een belangrijke invalsweg richting de E40 en de impact op de verkeersdoorstroming zorgen voor bezorgdheid. Ook enkele van onze buurgemeenten uitten de voorbije maanden al bedenkingen over dit deel van het traject.
Het maatschappelijk draagvlak voor dit specifieke tracé lijkt vandaag dus eerder beperkt.
Grote infrastructuurprojecten vragen voldoende draagvlak bij bewoners en gebruikers. Wanneer dat draagvlak ontbreekt, lijkt het ons logisch om het traject minstens opnieuw te bekijken.
Wij hebben in het verleden al gesuggereerd om alternatieven te onderzoeken, onder meer een tracé richting het Technologiepark in Zwijnaarde in plaats van verder door te trekken richting het Parkbos. Dat zou ons inziens beter aansluiten op reële verplaatsingsstromen, zoals woon-werkverkeer en de aanwezigheid van bedrijven en kennisinstellingen.
Daarom had ik graag volgende vragen gesteld:
Er is een besparing van 35,5 miljoen euro op het netwerk van De Lijn. 30 miljoen euro daarvan komt vanuit de septemberverklaring en 5,5 miljoen bijkomend uit de algemene besparingen die eind vorig jaar zijn vastgelegd.
In de media is er sprake van nog 17 miljoen euro aan bijkomende besparingen die genomen zijn door de Raad van Bestuur van De Lijn. Daardoor zou het totaal uitkomen op 52,5 miljoen euro! Het zou gaan over 8,5 miljoen euro aan bijkomene besparingen op dienstverlening (geschrapte lijnen of haltes). En tegelijk wordt er melding gemaakt van 8,5 miljoen euro die, in opdracht van de Vlaamse regering, zal worden verschoven van een besparing van het netwerk naar de algemene werking (met ondermeer impact op het personeel).
1. Wat is de impact van deze bijkomende besparingen, beslist door de Raad van Bestuur van De Lijn, op het aanbod van De Lijn in Gent? Welke bijkomende maatregelen zijn genomen?
2. Was de schepen van mobiliteit op de vorige gemeenteraad op de hoogte van deze 17 miljoen euro aan bijkomende besparingen op het aanbod, beslist door de Raad van Bestuur van De Lijn?
3. Wat is het standpunt van het schepencollege en de vervoerregioraad over deze bijkomende besparingen?
4. Wat is de impact van de bijsturing die beslist is door de Vlaamse regering? Welke haltes of lijnen worden er daardoor gered?
Gent is een bruisende en zorgzame stad, bekend om haar fantastische feesten en warme inwoners. Toch vraagt die dynamiek regelmatig om een nieuw evenwicht tussen evenementen, wonen en leven. Bij voorkeur ook uitgewerkt met en door de bewoners zelf.
Denk aan het leefbaarheidskader, de 'Tien geboden van de Gentse Feesten' of de recentere Night Sleep Council.
Die laatste ontstond niet toevallig. De voorbije jaren uitten buurtbewoners na verschillende evenementen hun ongenoegen over (nacht)lawaai, overlast en andere hinder. Vaak volstond een kleine bijsturing door de organisator om het probleem op te lossen.
Begin dit jaar haalde de Night Sleep Council de pers: Gentenaars verenigden zich en vroegen om een betere opvolging van geluidsoverlast en een vlottere klachtenafhandeling.
Uit verschillende wijken en organisaties horen wij dat bewoners zich te weinig gehoord voelen bij evenementen in hun buurt. Klagen lijkt vaak hun enige optie.
Nochtans kunnen veel van deze problemen vermeden worden als buurtbewoners inspraak krijgen bij de organisatie van evenementen. De gemeenteraad gelooft - de kwadranten indachtig - dat buurtbewoners betrekken een echte Gentse manier van werken is. Zo kan Gent blijven bruisen én kunnen Gentenaars rustig slapen. Samen zoeken naar oplossingen, in plaats van tegenover elkaar te staan. Zo houden we Gent leefbaar én feestbaar.
Structurele inspraak en overleg geven buurtbewoners een echte stem bij evenementen in hun eigen buurt. Ze kunnen dan actief meedenken met de organisatie en samen zoeken naar oplossingen die de hinder zoveel mogelijk beperken en spreiden, vóórdat problemen zich voordoen.
Nu rest bewoners vaak maar één optie: ‘klagen’. En dat kan pas nádat de overlast zich al heeft gemanifesteerd.
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om te onderzoeken hoe ze de stem van buurtbewoners kan verankeren bij de organisatie van evenementen in Gent.
Het Project Gent-Sint-Pieters heeft als doel om van het station en zijn omgeving een knooppunt van duurzame mobiliteit te maken, waar trein, tram en bus vlot op elkaar aansluiten, met veilige en comfortabele fietsvoorzieningen, een goed bereikbare autoparking, kiss-and-ride-zones en een taxizone.
Aan de zuidzijde moet het Koningin Mathildeplein uitgroeien tot een volwaardige stadspoort voor wie Gent via het zuiden binnenrijdt of wie met het openbaar vervoer de stad bereikt. De ruimtelijke contour voor die zuidrand werden vastgelegd in het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan RUP nr. 137 “stationsomgeving Gent-Sint-Pieters – zuidelijk stationsplein”, goedgekeurd op 18 december 2007. Dat RUP voorziet een stedelijk plein: "Dit zuidelijke stationsplein zal verschillende taken en functies gaan vervullen. Naast zijn functie als verblijfsruimte – plein aan het station en voor de zuidelijke stationsbuurt – zal dit plein ook een belangrijke doorgangsfunctie op zich nemen. Niet alleen het fiets – en voetgangersverkeer, maar ook het gemotoriseerd verkeer en openbaar vervoer – verbinding tussen de Sint-Denijslaan en de Voskenslaan – zullen zich over dit plein een weg banen. Vooral het gemotoriseerd verkeer en openbaar vervoer zal gebundeld en over het plein voorzien worden. In dat opzicht wordt voor het plein een erfaanleg voorzien. Daarbij gaat belangrijke aandacht uit naar de bewegingen en veiligheid van voetgangers en fietsers. Specifiek zal op de hoek van de Voskenslaan en het plein voldoende doorgaande ruimte voor de voetganger moeten gegarandeerd worden."
Intussen loopt dit dossier al twintig jaar. In die periode zijn normen, inzichten en wet- en regelgeving geëvolueerd, onder meer inzake minimale breedtes en kwaliteitsvereisten voor fietspaden, de benodigde ruimte en draaicirkels voor trams en de hedendaagse aanpak rond waterinfiltratie en klimaatadaptatie, enz.
Ik had van de schepen graag een antwoord gekregen op volgende vragen.
Sinds midden maart is de Evergemsesteenweg volledig afgesloten van de R4. Van 14 maart tot 5 mei worden de diepwanden van de tunnel er gebouwd. De afsluiting zal de komende weken echter zware hinder veroorzaken in Wondelgem. Omdat het aantal invalswegen beperkt is, krijgt de Spesbroekstraat namelijk veel verkeer te verwerken, met grote druk op de veiligheid en leefbaarheid. Het was een straat waar de bewoners vandaag sowieso al veel te maken hadden met veel verkeersoverlast.
De stad speelt onvoldoende in op de risico’s die al in de gemeenteraad van januari aan bod kwam (2026_MV_00072). Daar werd verhoogd politietoezicht tijdens piekmomenten beloofd, maar bewoners zagen de voorbije weken nauwelijks verandering in de straat. Nochtans blijft de straat kampen met hoge snelheden, voertuigen die neus-aan-neus onder de brug staan door het negeren van voorrangsregels en structurele files tijdens de spits en in het weekend. Daarnaast neemt ook de kwetsbaarheid van zachte weggebruikers toe: fietsers wijken regelmatig uit naar het voetpad, terwijl voetgangers door de erbarmelijke staat van de berm soms verplicht zijn op de rijbaan te stappen.
Bewoners signaleren bovendien dagelijks tientallen bestelwagens en ook grotere voertuigen (met aanhangwagens, caravans, mobilhomes en zelfs vrachtwagens) die tot aan de lage brug rijden en dan moeten keren, met schade aan voetpaden, opritten en straatmeubilair tot gevolg. Er staat namelijk nog steeds geen duidelijk bord “lage brug 2m20” bij het inrijden aan de Zeeschipstraat, waardoor voertuigen te laat opmerken dat ze te hoog zijn en in de straat moeten keren. Ook het signalisatiebord dat vroeger bij de brug hing, ligt nu op de grond.
Ik had van de burgemeester en schepen graag een antwoord gekregen op de volgende vragen:
In de afgelopen maanden is de circulatie van vogelgriep bij de wilde fauna toegenomen in België en de buurlanden, met sterfte die vooral bij watervogels en roofvogels wordt vastgesteld.
Het Agentschap voor Natuur en Bos (ANB) vraagt daarom uitdrukkelijk waakzaamheid en wijst gemeenten op een duidelijke aanpak: vogelsterfte melden (via de influenzalijn of het ziektebewaking-VOC), ophaling voor analyse laten beoordelen, en vervolgens kadavers verwijderen met de juiste bioveiligheidsmaatregelen (o.a. dubbele zak, handschoenen, FFP2, reiniging/ontsmetting).
Dit weekend bereikte ons een bericht over dode watervogels in het Citadelpark in Gent. Deze zouden in de loop van vorige week verwijderd zijn door de brandweer en in plastic zakken verzameld zijn.
Ik had van de bevoegde schepen en de burgemeester graag een antwoord gekregen op volgende vragen.
1. Kan het stadsbestuur bevestigen of er dode watervogels werden aangetroffen in het Citadelpark? Waar precies en om hoeveel dieren ging het? Wanneer en door wie werden deze vastgesteld?
2. Welke maatregelen heeft de stad genomen?
3. Heeft de stad rekening gehouden met alle bioveiligheidsmaatregelen?
4. Werd overwogen om (een deel van) het park tijdelijk af te bakenen of af te sluiten als gevolg van de dode watervolgels, of in afwachting van meer duidelijkheid? Graag meer uitleg.
5. Hoe en wanneer heeft de stad gecommuniceerd of zal ze communiceren naar buurtbewoners en parkgebruikers?
Welke afspraken zijn er structureel tussen stad, brandweer en parkbeheer over de aanpak van dode dieren die mogelijks besmet zijn met vogelgriep?
Beste Mr. De Roo,
In het citadelpark werd inderdaad een geval van vogelgriep vastgesteld. Deze vaststelling dateert echter niet van vorige week, maar van eind januari. Toen bereikte ons een melding over 4 dode vogels. Deze werden conform de procedure opgehaald door de mensen van het Opvangcentrum voor Vogels en Wilde dieren Merelbeke zodat ze onderzocht konden worden op de aanwezigheid van Vogelgriep. Hieruit bleek dat 1 meerkoet positief testte op vogelgriep.
Na dit nieuws zijn de medewerkers van de Groendienst de situatie ter plaatse gaan bekijken en konden ze vaststellen dat de aanwezige vogels er gezond uitzagen, zonder neurologische symptomen die zouden kunnen wijzen op vogelgriep (versufte vogels, wankel (of rondjes draaien) lopen, moeite met kop stabiel houden). Sindsdien hebben we ook geen nieuwe meldingen meer gehad.
Aangezien vogels mobiele dieren zijn heeft het weinig zin om het park af te zetten en borden te plaatsen op de vindplaats van een dode vogel.
Algemeen geef ik graag nog mee dat vogelgriep een belangrijk aandachtspunt is in de procedures rond het werken met dode dieren en de bioveiligheidsmaatregelen. Nieuwe meldingen worden steeds behandeld als potentiele vogelgriepslachtoffers in samenspraak met de Influenzalijn en de VOC’s. Op de website van Stad Gent staat deze procedure duidelijk toegelicht.