Naar aanleiding van een grootscheeps politiecontrole aan de Zuid met medewerking van de federale politie heeft de Gentse korpschef het in VRT-journaal van zaterdag 22 november (19u) over ‘hotspots voor criminaliteit’ in onze stad.
De korpschef zegt hierover: “Dat zijn eigenlijk plaatsen die meer politionele aandacht verdienen, maar niet alleen politioneel, ook plaatsen waar al onze stadspartners meer op inzetten, en de Zuidbuurt is ja één van onze hotspots, en dat is wel heel belangrijk om hier zichtbaar aanwezig te zijn, controles te doen, mensen te controleren die komen met een voertuig, waarbij er toch een redelijke kans is dat er drugs kunnen aanwezig zijn, wapens kunnen aanwezig zijn. Dat zijn allemaal kleine elementen die toch wel in zijn geheel heel belangrijk zijn.”
In deze commissie en in de gemeenteraad is al herhaaldelijk het debat gevoerd over het opmaken van een hotspotlijst voor criminaliteit. Voorstellen in die zin werden consequent afgewezen. De recente uitspraken geven aan dat hotspots voor criminaliteit hun plaats hebben in de Gentse politie- en stadswerking. Die plekken kunnen ongetwijfeld evolueren, maar het voorbeeld van de Zuid toont dat minstens een deel van die plekken een jarenlange continuïteit kent. Dat impliceert ook het gegeven dat deze hotspots door een veelheid aan stadspartners opgevolgd worden.
1. Wat zijn vandaag de ‘hotspots voor criminaliteit’ in onze stad die meer politionele en andere aandacht verdienen en/of krijgen?
2. Waaruit bestaat die extra aandacht? Wat zijn de criteria om tot de categorie ‘hotspot voor criminaliteit’ te gaan behoren? Hoe wordt het overzicht van hotspots geactualiseerd en hoe verloopt het overleg ter zake tussen alle stadspartners?
Samenvatting gegeven antwoord:
Overlast- en criminaliteitsfenomenen verschuiven snel in tijd en ruimte, waardoor hotspots continu worden geanalyseerd op basis van feiten, frequentie, ernst en oorzaken. De politie gebruikt PATLOC om politiecapaciteit flexibel en gericht in te zetten via wijk-, verkeers-, interventie- en overlastploegen, aangevuld met gecoördineerde acties met federale diensten. Interventieploegen besteden, wanneer mogelijk, tijd aan toezicht op risicolocaties; voor elke locatie worden prioriteiten vastgelegd. De aanpak is zowel reactief als proactief. Er is tweewekelijks overleg rond jeugd, drugs, overlast en gerechtelijke dossiers. Er is afstemming met andere overheden, stadsdiensten en terreinpartners. Er zijn op dit moment 6 dossiers waar gecoördineerd wordt aan gewerkt. Dit gaat over Brugse Poort, Wittekaproenenplein, Zuidpark, Prostitutiebuurt, Overpoort en Vlasmarkt. Dit is geen nieuw gegeven, maar deze zijn evolutief. Deze gecoördineerde methodiek laat toe snel in te grijpen, multidisciplinair te werken en het veiligheidsgevoel te versterken.
di 09/12/2025 - 13:38