Dinsdagochtend 12 augustus kregen de hulpdiensten omstreeks 11 uur een dringende oproep voor een interventie in de Lieremanstraat in Gent. In een woning aldaar werd het levenloze lichaam van een vrouw, een alleenstaande moeder van 48, aangetroffen. Volgens de eerste vaststellingen van de wetsdokter werd het slachtoffer, een 48-jarige bewoonster van de woning, op gewelddadige wijze om het leven gebracht. Volgens wat we in de pers kunnen lezen zijn moordenaar en moordwapen nog steeds onvindbaar.
Dit zorgt voor ongerustheid in de buurt.
Vrouwen voelen zich angstig om naar huis te gaan, kijken over hun schouder wanneer ze hun voordeur openen. De geruchtenmolen draait op volle toeren, omdat er geen verdere informatie is.
Ondertussen staat in buurland Nederland het begrip "feminicide" volop in de schijnwerpers, na de brutale moord op een zeventienjarig meisje dat naar huis fietste. In Nederland wordt gemiddeld elke 8 dagen een vrouw vermoord, in België elke twee weken. Heel vaak door de hand van een (ex)-partner, soms door een volslagen vreemde.
In oktober 2023 trad de wet van 13 juni 2023 voor preventie en bestrijding van feminicides en gendergerelateerde dodingen (de zogenaamde feminicidewet), in werking. Een historisch moment voor België, die daarmee één van de eerste landen werd die een allesomvattend wetgevend kader heeft in de strijd tegen deze dodelijke vorm van gendergerelateerd geweld. De wet voert geen aparte strafbaarstelling in voor feminicide of gendergerelateerde doding, maar bevat concrete handvaten en instrumenten ter preventie van feminicide, gendergerelateerde doding, maar ook het geweld dat daaraan voorafgaat.
Onderzoek en statistieken vormen een belangrijke schakel in de preventie van en strijd tegen feminicide en gendergerelateerde doding of pogingen tot doding. Ze geven een beeld van de omvang van het fenomeen en vormen de basis voor het uitwerken van een evidence-based preventiebeleid. Daarom schrijft de feminicidewet voor dat officiële statistieken moeten verzameld en gepubliceerd worden.
In een presentatie van schepen Peeters die aan de raadsleden werd doorgestuurd, werd een globaal overzicht gegeven van de financiële toestand van de stand en de evolutie van een aantal parameters. Deze presentatie roept een aantal bijkomende vragen op, die via schriftelijke vraag aan schepen Peeters werden bezorgd. Het antwoord van schepen Peeters roept echter vooral veel nieuwe vragen op.
1/ In de presentatie wordt een scenario op grafiek gezet dat heet ‘begrotingswijziging 2025’. Deze begrotingswijziging was echter niet aan de gemeenteraad bezorgd. Meer nog, volgens schepen Peeters zal die begrotingswijziging pas in december worden voorgelegd aan de gemeenteraad… samen met de begrotingsopmaak 2026 en de meerjarenbegroting. Kan de schepen duiden wat de zin is van een begrotingswijziging 2025 eind december 2025, die gestemd wordt enkele minuten voor begrotingsopmaak 2026? Volgens schepen Peeters gaat het momenteel om “werkcijfers” en nog niet over de definitieve cijfers. Vermits schepen Peeters deze presentatie aan de gemeenteraad heeft bezorgd gaat het om een officieel werkdocument. Het is onbegrijpelijk waarom schepen Peeters wel grafieken verspreidt maar weigert de cijfers achter de trends publiek te maken. Graag dus alsnog de cijfers achter deze grafieken.
2/ Schepen Peeters weigert te antwoorden op de vraag naar een cijfermatig overzicht van de besparingsbeslissingen die genomen zijn. Uit de presentatie blijkt dat er, bovenop de besparingen op personeel, voor 50 miljoen besparingen worden voorzien op ‘werkingsuitgaven’, en 39 miljoen aan nieuwe inkomsten. De schepen verwijst in zijn antwoord naar de ‘de grote lijnen van de besparingen op zowel werking, personeel als subsidies’ die als bijlage werden toegelicht aan de agenda van de gemeenteraad van 9 juli 2025. Maar een optelsom van de toegelichte maatregelen komt in de verste verten niet in de buurt van de 39 miljoen aan nieuwe inkomsten en de 50 miljoen aan besparingen. Graag dus een cijfermatige oplijsting van de grote lijnen van de besparingen op zowel werking, subsidies als nieuwe inkomsten - zoals dit al eerder voor de besparingen op personeel werd toegelicht.
3/ In het antwoord op de SV stelt schepen Peeters dat de buffer van 50 miljoen euro op het einde van de legislatuur (positieve AFM van 50 miljoen) gelijk is aan de buffer voor onverwachte macro-economische omstandigheden. Dit impliceert dat bij onverwachte macro-economische omstandigheden de buffer op het einde van de legislatuur helemaal geen 50 miljoen euro zal bedragen, maar veel minder. Is dat inderdaad de strategische keuze die gemaakt is bij de begrotingsonderhandelingen? Of is de implicatie dat bij onverwachte macro-economische omstandigheden nieuwe maatregelen zullen moeten genomen worden om alsnog met een positieve AFM van 50 miljoen euro te eindigen op het einde van de legislatuur?
Het antwoord op de vraag kan nagekeken worden via deze link: Raadpleegomgeving - Open Data - Agendapunt
di 16/09/2025 - 15:52Het nieuwe schooljaar is van start gegaan. Dat zien we onder andere aan de drukte aan de schoolpoorten elke ochtend en namiddag bij het begin en einde van de schooldag.
Na de zomervakantie zijn er terug veel zachte en ook erg jonge weggebruikers op pad en op de rijbaan, een deel van hen gaat voor de eerste keer op de eigen fiets op weg. Spannend, maar het is essentieel dat al die schoolkinderen en leerlingen veilig en wel op school geraken.
Het is daarvoor zeer belangrijk dat de algemene wegeninfrastructuur veilig ingericht wordt, ook aan de directe schoolomgeving. Daarnaast zijn extra maatregelen tijdens de spitsuren van de schooldag meer dan zinvol. In 2012 voerden we als eerste stad in Vlaanderen het concept van de schoolstraat in.
Hierbij wordt een straat waarin een school gevestigd is tweemaal per dag afgezet voor inrijdend gemotoriseerd verkeer en dit bij het begin en einde van de schooldag.
Er zijn in Gent op dit moment 12 van zulke schoolstraten.
Zonder de inzet van de vele vrijwilligers kunnen die schoolstraten niet bestaan, in eerste plaats gaat onze appreciatie uit naar die Gentenaars die zich vrijwillig inzetten voor een veiligere start en einde van de schooldag.
Naast de inzet van de vrijwilligers, die enkel sensibiliserend kunnen optreden, blijft er ook nog een rol voor de politie weggelegd, die als enige handhavend kan optreden bij verkeersovertredingen aan en nabij de schoolomgeving, ook bij die schoolstraten.
Uit het antwoord op mijn schriftelijke vraag blijkt dat de politie extra optreedt op basis van meldingen die door de vrijwilligers van de schoolstraten doorgegeven worden. De politie geeft aan dat er een positief effect op het rij- en parkeergedrag te merken is wanneer ze optreedt in opvolging van die meldingen. Uit het antwoord op die schriftelijke vraag kunnen we ook concluderen dat er nog optimalisatie mogelijk is op het vlak van het verzamelen en bijhouden van de meldingen. Op dit moment houdt de politie zelf de meldingen niet bij die via veel verschillende wegen tot bij hen komen.
Het lijkt ons zinvol om alle meldingen centraal bij te houden, net zoals dat bij andere fenomenen gebeurt, zoals bij sluikstorten of lawaaioverlast door auto's. Dit om een goed beeld van het voorkomen van het fenomeen op te bouwen en ook om de opvolging voldoende systematisch te organiseren.
Ik heb hierbij volgende vragen.
De voorbije weken en maanden ontving onze fractie diverse signalen van burgers die zich zorgen maken over de toenemende aanwezigheid van een radicale islam in onze stad.
Zo propageert de moskee El-Albani (Phoenixstraat) op zijn website denkbeelden die regelrecht ingaan tegen de grondslagen van onze samenleving. Twee voorbeelden van actuele adviezen die er te lezen vallen:
(…) Daarom waarschuwen wij vrouwen en mannen voor de wijdverspreide ideeën die oproepen tot absolute gelijkheid tussen man en vrouw. De oorsprong van dit idee van absolute gelijkheid tussen man en vrouw is een seculier idee dat afkomstig is van de vijanden van de religie. Zij staan de vrouw toe om uit te gaan wanneer zij maar wil en op welke manier zij maar wil, waardoor de rechten van haar echtgenoot en haar kinderen verloren gaan. En zij staan toe dat een vrouw algemene bestuursfuncties (posities van publieke autoriteit) bekleedt, en ze willen de samenleving (van de moslims) verwestersen zodat die een kopie wordt van westerse samenlevingen. (https://elalbani.be/is-het-absoluut-verboden-voor-de-vrouw-om-te-gaan-werken/)
(…) De wijsheid achter het verbod voor een vrouw om zonder maḥram [= mannelijke begeleider] te reizen, is om haar te beschermen tegen kwaad en verderf, en haar te behoeden voor immorele en slechte mensen. Een vrouw is namelijk beperkt in haar verstand en denkvermogen (…). (https://elalbani.be/wie-zijn-de-mahrams-voor-een-vrouw-en-mag-zij-alleen-reizen/; zie ook het Youtube-kanaal van de moskee, met o.a.: “Het juiste begrip omtrent de gebrekkigheid van de vrouw op vlak van verstand & religie -https://www.youtube.com/watch?v=CyrqEUolegU)
De moskee is niet erkend door de Vlaamse overheid en wordt derhalve ook niet gesubsidieerd. Dat is wél het geval op Gents niveau: in het subsidieregister wordt vermeld dat de vzw El-Albani (die de moskee beheert) in 2020 een erkenning verkreeg als vereniging voor etnisch-culturele minderheden (ECM) en dat de vzw in dat kader ook subsidies ontving (1x 1000 euro startsubsidie, 2x een werkingsubsidie, in 2020 en 2021). Die erkenning en subsidiëring verlenen de moskee en de denkbeelden die uitgedragen worden een zekere legitimiteit vanwege het stadsbestuur.
Het moge echter duidelijk zijn dat beide citaten regelrecht ingaan tegen o.a. Het Handvest van de Grondrechten van de EU, met name art. 23 (en ook art. 21): De gelijkheid van vrouwen en mannen moet worden gewaarborgd op alle gebieden. Zie vb. ook art. 8 van Verdrag betreffende de werking van de EU: Bij elk optreden streeft de Unie ernaar de ongelijkheden tussen mannen en vrouwen op te heffen en de gelijkheid van mannen en vrouwen te bevorderen.
Verder nodigde de Gentse moskee Salahaddin (Antwerpsesteenweg) recent Saïd Bouhdifi uit voor een lezing (die plaatsvond in De Pinte op 6 juli). De Vereniging van Gentse Moskeeën (VGM) maakte ook reclame voor deze lezing. Bij die uitnodiging werden kritische vragen gesteld in een artikel in De Standaard van 7 juli (https://www.standaard.be/politiek/moslimbroeder-op-droog-zaad-gezet-in-frankrijk-toch-welkom-in-belgie/76146978.html):
“[Bouhdifi] werd een maand geleden op droog zaad gezet in Frankrijk vanwege zijn activiteiten als directeur Koranstudies in het Franse Institut Européen des Sciences Humaines (IESH). Deze imamschool werd gesticht in 1990 op het platteland in het midden van Frankrijk. Ze wordt in een recent Frans regeringsrapport omschreven als het centrum van de Moslimbroederschap in Europa, op zo’n 500 kilometer van Brussel. Zes maanden lang liep er een onderzoek van de gerechtelijke politie in het kader van vermoedens van witwassen, misbruik van vertrouwen en het niet-naleven van de meldingsplicht van buitenlandse financiering, met name uit Qatar. Bij een huiszoeking werd er 300.000 euro cash in beslag genomen.
Op 16 juni besloten de Franse ministers van Financiën en van Binnenlandse Zaken om gedurende zes maanden de financiële middelen te bevriezen van zowel het instituut als van Bouhdifi en medeoprichter Mohamed Karmous. Dat kon op basis van een wetsartikel over de financiering van “daden van terrorisme, oproepen daartoe of deelname daaraan”.”
De VGM verdedigde de uitnodiging in een post op sociale media (https://www.facebook.com/Vzwvgm/posts/718773544117695?ref=embed_post), maar in een artikel in De Morgen van 10 juli (https://www.demorgen.be/nieuws/gaat-belgie-dezelfde-weg-als-frankrijk-rapport-waarschuwt-voor-moslimbroeders-inmenging-en-klimaat-van-segregatie~b2772724/) wordt verwezen naar een nieuw rapport van de Belgische veiligheidsdiensten dat duidelijk stelt dat de Moslimbroederschap bijdraagt aan “een klimaat van segregatie en polarisatie, dat een vruchtbare bodem kan vormen voor (soms gewelddadige) radicalisering”. De federale regering werkt op dit moment ook aan een juridisch kader om bepaalde gevaarlijke radicale organisaties te kunnen verbieden, met name op basis van informatie die reeds binnen een Europese context beschikbaar is.
1. Hoe wordt de aanwezigheid van een radicale islam (incl. de Moslimbroederschap) in onze stad geëvalueerd? Welke opvolging is er vanuit de Lokale Veiligheidscel Radicalisering (LIVC-R) of andere instanties? Zijn hierover contacten met bijvoorbeeld de VGM?
2. Hoe kan het – in het licht van de voornoemde denkbeelden – dat de vzw/moskee El-Albani door de Stad Gent erkend en gesubsidieerd werd/wordt?
Tijdens de vorige legislatuur werd al een aantal keren gedebatteerd over het al dan niet voorzien van een gedenk- of troostmuur op de Gentse begraafplaatsen. Op een dergelijke gedenkmuur kunnen nabestaanden die dit wensen – nadat een concessie is afgelopen – toch nog een herdenkingsplekje hebben ter herinnering aan hun dierbaren.
Zo’n gedenkmuren werden de voorbije jaren al geïntroduceerd op begraafplaatsen in collega-centrumsteden zoals Leuven of Aalst. In de gemeenteraad van september 2023 wees de toenmalige schepen van begraafplaatsen het voorstel echter af. Daarbij werd enerzijds verwezen naar het relatief grote aantal uitgebroken concessies (circa 140 op maandbasis en 1700 op jaarbasis) en anderzijds naar het feit dat de legislatuur op dat moment al ver gevorderd was. Werk maken van gedenkmuren – een operatie met enige logistieke impact – werd hierdoor op dat moment niet meer haalbaar geacht.
Hoe staat de nieuwe schepen van begraafplaatsen tegenover het voorzien van gedenkmuren op onze Gentse begraafplaatsen?
Beste raadslid Cockhuyt,
Het antwoord op deze vraag kan u beluisteren op https://ebesluitvorming.gent.be/
Met vriendelijke groeten,
Burak Nalli
Schepen bevoegd voor Personeel, Burgerzaken en Dienstverlening
Onze fractie ontving een aantal meldingen van het toenemend dragen van de niqab in de openbare ruimte, met name ook door jonge vrouwen en in schoolomgevingen. Dat is nochtans verboden, o.a. op basis van het stedelijke Politiereglement op de Openbare Rust en de Veiligheid (art. 31: verbod op het bedekken van het gelaat in de openbare ruimte).
Uit het antwoord op een schriftelijke vraag hierover bleek dat er voor de periode 2022-25 slechts twee maal werd overgegaan tot een GAS-PV (beide in 2023). De zeven andere GAS-PV’s voor die periode betroffen andere vormen van gelaatsbedekking (bivakmuts of andere). Het antwoord bevestigt dat de handhaving eerder sporadisch is: “De korpsleiding stelt dat zij geen gerichte controles doen. De politie doet enkel ambtshalve vaststellingen of ageert op klachten of meldingen.” (https://ebesluitvorming.gentgrp.gent.be/suiteview/roi/view?id=770411).
1. Waarom wordt het verbod op gelaatsbedekking niet strikter gehandhaafd?
2. Zal de politie hier in de toekomst meer aandacht aan besteden?
De voorbije maanden vielen er verschillende gevallen van pro-Palestijns vandalisme te betreuren in onze stad. De UGent was daarbij herhaaldelijk het doelwit, met o.a. het bekladden van gevels met graffiti (in maart, https://www.hln.be/gent/nog-steeds-banden-tussen-ugent-en-israel-studenten-bekladden-rectoraat-en-dreigen-opnieuw-met-acties~a1ad0bcd/)en het stuk slaan van toegangsdeuren (in juli, https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2025/07/04/vandalen-ugent-coupure-pro-palestina-boycot/). Ook winkeletalages en bankantoren werden eerder ook al diverse malen geviseerd.
Onlangs kwam daar ook – naast het inslaan van ruiten – het persoonlijk viseren van een individuele docent bij (https://www.standaard.be/binnenland/ruiten-vernield-en-prof-geviseerd-door-pro-palestijnse-actievoerders-ugent-vandalisme-overschrijdt-een-grens/88609603.html. Vreedzame protestacties zijn een evident onderdeel van ons democratisch bestel, maar elke vorm van vandalisme of intimidatie is even vanzelfsprekend af te keuren. De inhoud van het protest mag daarbij geen enkele rol spelen.
1. Hoe staat het stadsbestuur tegenover deze uitingen van vandalisme en intimidatie in onze stad? Welke actie wordt er hiertegen ondernomen?
2. Hebben het stadsbestuur en/of de politie al overleg gehad met de UGent of andere doelwitten van dergelijk vandalisme, in het kader van het waarborgen van de veiligheid van het betrokken patrimonium en de mensen die er werken?
In de context van de aangekondigde besparingsplannen van dit stadsbestuur deelde de schepen in zijn toelichtingsnota van begin juli mee dat er bij de dienst burgerzaken geen VTE zouden worden bespaard. Het personeelskader zou integendeel versterkt worden om wachttijden op te vangen in het kader van verwachte piekdrukte door verlengingen van identiteitskaarten en rijbewijzen. Ook zou de werking van de dienst burgerzaken in de deelgemeenten versterkt worden.
Beste raadslid Cetinkaya
Het antwoord op deze vraag kan u beluisteren op https://ebesluitvorming.gent.be/
Met vriendelijke groeten,
Burak Nalli
Schepen bevoegd voor Personeel, Burgerzaken en Dienstverlening
De start van het schooljaar betekent traditiegetrouw dat leerlingen van de Gentse scholen zich na de zomervakantie opnieuw in het verkeer begeven.
Het schooltoezicht aan en rond de schoolpoorten is ingebed in de reguliere werking van de politie. Ze waren bij verschillende scholen zichtbaar tijdens de eerste schoolweek.
In verschillende schoolomgevingen leiden gemachtigd opzichters het verkeer dagelijks in goede banen. Alvorens ze gemachtigd worden door de burgemeester, moeten ze een opleiding volgen bij de politie. Die opleiding bestaat uit een theoretisch en een praktisch luik. Sommige scholen signaleren echter een tekort aan gemachtigd opzichters.
Ik had van de burgemeester graag een antwoord op de volgende vragen:
Tijdens de begrotingsbespreking in juli werd verwezen naar een oefening van 120 miljoen euro op het exploitatiebudget. In de presentatie die ter beschikking werd gesteld wordt deze 120 miljoen euro (tegen 2028) opgedeeld in een besparing op personeel (25% of 30 miljoen euro), een besparing op de werking (42% of 50,4 miljoen euro), en extra ontvangsten (33% of 39,6 miljoen euro). Voor wat betreft de besparing op personeel werd een tabel op departement- en dienstniveau bezorgd met in totaal 416 te besparen VTE.
Een detail voor de beide andere posten is er vooralsnog niet, behalve her en der verspreide data in de beknopte nota’s van de individuele schepenen. Eén voorbeeld op vlak van extra inkomsten zijn de verhoogde parkeerinkomsten (Mobiliteitsbedrijf) via o.a. een tariefstijging, goed voor circa 10 miljoen euro per jaar. De schepen van financiën gaf in zijn eigen toelichtingsnota ook mee dat er ‘waardevaste tarieven’ komen voor alle lokale belastingen en retributies: de lokale belastingen worden allemaal geïndexeerd en de retributietarieven stijging met 6,61%. Voor enkele specifieke belastingen zijn aparte verhogingen aangekondigd, o.a. de belasting op reclame (+20%), de belasting op 2de verblijven (naar 2000 euro, nu nog 1668 euro), en het ‘herijken’ van de belastingen op onbebouwde percelen.
Tegelijk bleek er in de genoemde presentatie ruimte voor 25 miljoen euro (opnieuw tegen 2028) aan nieuw beleid: respectievelijk 4,6 en 8,97 miljoen euro aan werkingsuitgaven voor de Stad Gent en het Mobiliteitsbedrijf en 11,88 miljoen euro voor bijkomend personeel. De extra uitgaven voor het Mobiliteitsbedrijf zijn min of meer duidelijk (nieuwe parkeerfilosofie, uitbreiding gratis openbaar vervoer, aanpak vervoersarmoede), maar voor de twee andere posten is dat veel minder het geval.
1. Is er ondertussen al een meer gedetailleerde uitsplitsing van de besparing van 30 miljoen euro op werking en de 39,6 miljoen euro aan extra ontvangsten tegen2028? Idem voor de 25 miljoen aan nieuw beleid tegen datzelfde jaar.
2. Kan de schepen toelichten met hoeveel de lokale belastingen zullen ‘geïndexeerd’ worden en of dit een jaarlijkse ingreep zal zijn? Is dit inclusief de aanvullende personenbelasting (AV) en de stedelijke opcentiemen op de onroerende voorheffing (OOV)? Voor welke meeropbrengst per jaar zal dit zorgen? Ook: voor welke meeropbrengst per jaar zal de algemene verhoging van de retributies zorgen?
Het antwoord op de vraag kan nagekeken worden via deze link: Raadpleegomgeving - Open Data - Agendapunt
di 16/09/2025 - 15:53Tijdens eerdere commissies en raadswerk werd er aangegeven dat het moeilijk is om de vacatures in te vullen voor onder anderen wijkagenten, Gentse draken (de fietsbrigade) en jeugdinspecteurs. De functie van wijkinspecteur is een nationaal knelpuntberoep. Dit vinden we een zeer jammerlijke zaak aangezien dit in mijn ogen net de belangrijkste functies zijn binnen het politieapparaat. Mensen die dichtbij de burgers staan, die op straat gaan en preventief zaken aanvoelen en aanpakken. Ik had daarom enkele vragen over de plaats die gemeenschapsgerichte werking krijgt binnen de opleiding van onze agenten.
De stationsbuurten in Gent staan al langer bekend als onveilige omgevingen. Dat blijkt ook uit onze eerdere schriftelijke vragen hierover. Helaas werd op maandag 8 september opnieuw een ernstig incident gefilmd, waarbij een jongen een harde trap op de borst moest verdragen. Dit soort geweld baart inwoners en schoolgaande jeugd terecht grote zorgen.
Is de politie op de hoogte van dit incident en werd een onderzoek opgestart?
Hoeveel personen zijn inmiddels geïdentificeerd en/of opgepakt?
Welke maatregelen neemt het stadsbestuur concreet om de stationsbuurten structureel veiliger te maken?
Waren er andere meldingen van vechtpartijen aan schoolomgevingen of stations sinds de start van het schooljaar tot nu? Zo ja, hoeveel?
In het kader van de eerste budgetbesprekingen begin juli werd aangekondigd dat er 19 operationele agenten zullen bijkomen: 2 drugs-, 2 jeugd- , 2 cybercrime, 5 overlast- , 4 interventie- en 4 fietsinspecteurs. Dat moet het aantal operationele agenten van 1125 op gemiddeld 1144 brengen (zie de toelichtingsnota van de burgemeester + bezorgde gebundelde vragen/antwoorden). In het meest recente politiebulletin (september) wordt het personeelsaantal echter als 1165 weergegeven. Daarnaast had de korpschef in maart 2024 gepleit voor “minstens 10 extra agenten voor drugsonderzoeken”, bovenop de 30 die er al waren op dat moment (zie https://www.nieuwsblad.be/regio/oost-vlaanderen/regio-gent/gent/parken-riskeren-drive-ins-te-worden-voor-dealers-gentse-politie-vraagt-extra-agenten-om-strijd-tegen-drugs-baas-te-blijven/55337040.html).
Bij het administratief -logistiek kader (Calog) daalt het aantal medewerkers van 195 naar 186: via enerzijds het weg besparen van 12 momenteel niet ingevulde functies en het niet vervangen van 3 mensen die in pensioen gaan, en anderzijds het aanwerven van 5 extra VTE (4 voor GAS _5 en 1 VTE voor verwerking beelden sluikstortcamera’s). In het meest recente politiebulletin (september) wordt het personeelsaantal als 188 weergegeven.
1. Kan verduidelijkt worden hoe respectievelijk de 1125 huidige/1144 toekomstige VTE aan operationelen zich verhouden tot de 1165 VTE vermeld in het politiebulletin? Idem voor de huidige 195/toekomstige 186 Calog-personeelsleden ten opzichte van de 1188 in het politiebulleting.
2. Is het pleidooi van de korpschef voor 10 extra agenten voor drugsonderzoeken ondertussen in de realiteit omgezet, of zullen de 2 extra drugsinspecteurs daar voor zorgen? Anders gezegd: worden er momenteel – of binnenkort – 40 operationele agenten ingezet voor drugsonderzoeken?
3. Afgezien van een aantal VTE dat verdwijnt bij het Calog-personeel zijn er hiermee verbonden ook een aantal functies (15) die verdwijnen: om welke functies gaat het concreet en hoe zal dit opgevangen worden?
Enkele weken geleden konden we via de pers vernemen dat er 2 wagens bestuurlijk uit het verkeer werden genomen ter hoogte van de Rooigemlaan omwille van geluidsoverlast.
De wagens werden voor 72 uur bestuurlijk in beslag genomen.
Geluidsoverlast door overdreven lawaai en asociaal rijgedrag is een overlastfenomeen dat grondig aangepakt en opgevolgd dient te worden.
Ik heb hierover volgende vragen: