In een presentatie van schepen Peeters die aan de raadsleden werd doorgestuurd, werd een globaal overzicht gegeven van de financiële toestand van de stand en de evolutie van een aantal parameters. Deze presentatie roept een aantal bijkomende vragen op, die via schriftelijke vraag aan schepen Peeters werden bezorgd. Het antwoord van schepen Peeters roept echter vooral veel nieuwe vragen op.
1/ In de presentatie wordt een scenario op grafiek gezet dat heet ‘begrotingswijziging 2025’. Deze begrotingswijziging was echter niet aan de gemeenteraad bezorgd. Meer nog, volgens schepen Peeters zal die begrotingswijziging pas in december worden voorgelegd aan de gemeenteraad… samen met de begrotingsopmaak 2026 en de meerjarenbegroting. Kan de schepen duiden wat de zin is van een begrotingswijziging 2025 eind december 2025, die gestemd wordt enkele minuten voor begrotingsopmaak 2026? Volgens schepen Peeters gaat het momenteel om “werkcijfers” en nog niet over de definitieve cijfers. Vermits schepen Peeters deze presentatie aan de gemeenteraad heeft bezorgd gaat het om een officieel werkdocument. Het is onbegrijpelijk waarom schepen Peeters wel grafieken verspreidt maar weigert de cijfers achter de trends publiek te maken. Graag dus alsnog de cijfers achter deze grafieken.
2/ Schepen Peeters weigert te antwoorden op de vraag naar een cijfermatig overzicht van de besparingsbeslissingen die genomen zijn. Uit de presentatie blijkt dat er, bovenop de besparingen op personeel, voor 50 miljoen besparingen worden voorzien op ‘werkingsuitgaven’, en 39 miljoen aan nieuwe inkomsten. De schepen verwijst in zijn antwoord naar de ‘de grote lijnen van de besparingen op zowel werking, personeel als subsidies’ die als bijlage werden toegelicht aan de agenda van de gemeenteraad van 9 juli 2025. Maar een optelsom van de toegelichte maatregelen komt in de verste verten niet in de buurt van de 39 miljoen aan nieuwe inkomsten en de 50 miljoen aan besparingen. Graag dus een cijfermatige oplijsting van de grote lijnen van de besparingen op zowel werking, subsidies als nieuwe inkomsten - zoals dit al eerder voor de besparingen op personeel werd toegelicht.
3/ In het antwoord op de SV stelt schepen Peeters dat de buffer van 50 miljoen euro op het einde van de legislatuur (positieve AFM van 50 miljoen) gelijk is aan de buffer voor onverwachte macro-economische omstandigheden. Dit impliceert dat bij onverwachte macro-economische omstandigheden de buffer op het einde van de legislatuur helemaal geen 50 miljoen euro zal bedragen, maar veel minder. Is dat inderdaad de strategische keuze die gemaakt is bij de begrotingsonderhandelingen? Of is de implicatie dat bij onverwachte macro-economische omstandigheden nieuwe maatregelen zullen moeten genomen worden om alsnog met een positieve AFM van 50 miljoen euro te eindigen op het einde van de legislatuur?
Het antwoord op de vraag kan nagekeken worden via deze link: Raadpleegomgeving - Open Data - Agendapunt
di 16/09/2025 - 15:52