Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6
Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden en lasten op.
WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?
ADELAAR Projects BVBA met als contactadres Brabantdam 37, 9000 Gent heeft een aanvraag (OMV_2025041405) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 6 mei 2025.
De omgevingsvergunningsaanvraag voor een nieuwe verkaveling handelt over:
• Onderwerp: het verkavelen van gronden in 3 kavels bestemd voor meergezinswoningen, 9 kavels voor eengezinswoningen, het rooien van bomen en aanleg van wegenis
• Adres: Albatrosstraat, Alkstraat, Meeuwstraat en Meulestedekaai, 9000 Gent
• Kadastrale gegevens: afdeling 1 sectie A nrs. 3576Z, 3576X, 3684F, 3684A, 3695A, 3695B, 3695C, 3695D, 3699E, 3699F en 3708D
Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 25 juni 2025. De aanvraag volgde de gewone procedure.
Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 23 september 2025:
OMSCHRIJVING AANVRAAG
1. BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT
Het te verkavelen terrein is gelegen in het uiterste noorden van de Gentse wijk Meulestede, een historisch en deels industrieel gebied langs de rechteroever van het kanaal Gent-Terneuzen. Het perceel wordt omsloten door vier straten: de Albatrosstraat, de New- Orleansstraat, de Meeuwstraat en de Meulestedekaai, en vormt daarmee een duidelijk afgebakend bouwblok binnen een stedelijke context.
De omgeving wordt gekenmerkt door een mix van arbeiderswoningen, kleinschalige appartementsgebouwen, en industriële relicten, met een duidelijke overgang tussen woongebied en het kanaalgebonden havengebied. De Meulestedekaai heeft de potentie om uit te groeien tot een belangrijke fietsas met een directe relatie tot het water. De Meeuwstraat en de Albatrosstraat daarentegen behouden hun eerder lokaal karakter, met een beperkte verkeersintensiteit.
Beschrijving van de aangevraagde handelingen
Het verkavelen van gronden in 3 loten bestemd voor meergezinswoningen, 9 loten voor eengezinswoningen, het rooien van bomen en aanleg van wegenis.
Het dossier omvat bijgevolg zowel een verkavelingsaanvraag als een vraag naar een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen i.f.v. de aanleg van het openbaar domein (cfr. artikel 4.2.17 van de Vlaamse Codex Ruimtelijke Ordening).
Deelproject A: Het verkavelen van het terrein in 12 loten
Op de betrokken percelen aan de Meulestedekaai maakt de verkaveling de ontwikkeling van een nieuw bouwblok mogelijk. Langs de kade wordt een meergezinswoning voorzien met vier tot plaatselijk zes bouwlagen. Aan de zijde van de Albatrosstraat worden rijwoningen voorzien, telkens met een kleinschalige meergezinswoning op de hoeken.
Het bouwblok wordt aan de Meeuwstraat en de New-Orleansstraat afgewerkt met bijgebouwen die deel uitmaken van het wooncomplex, zoals een fietsenberging, een autolift en technische ruimtes.
Het bouwrijp maken van de gronden
Om de geplande verkaveling te kunnen realiseren, moet het perceel eerst bouwrijp worden gemaakt. Hiervoor worden twee bomen gerooid (Tilia cordata ssp.) en wordt de bestaande verharding van de inmiddels juridisch opgegeven 'Alkstraat' verwijderd.
De te rooien bomen worden gecompenseerd door de aanplant van nieuwe bomen in de toekomstige openbare groenzone.
verkaveling
LOT 1
Lot 1 wordt voorgesteld op bijgevoegd plan ‘VA_VP_N_202_plan nieuwe toestand’.
Dit lot heeft een totale oppervlakte van 2117m² en wordt essentie voorzien van volgende voorschriften:
BESTEMMING EN INRICHTING
Op Lot 1 worden binnen de rode zone vier aaneengeschakelde meergezinswoningen voorzien met in totaal max. 35 woonentiteiten. De algemene bestemming is dus residentieel, inclusief bijhorende infrastructuur zoals tuinen, fietsenstallingen, enz.
K1, K3 en K4 tellen max. 4 bouwlagen, K2 telt er 6. Het vloerpeil wordt voorzien tussen 0,10m en 0,70m boven het maaiveld. De bouwdiepte is max. 18m. De daken zijn plat of lichthellend. Inpandige terrassen zijn overal toegestaan, uitpandige terrassen mogen max. 60cm uitkragen en min. 3m boven het openbaar domein liggen. Gelijkvloerse terrassen aan de achterzijde moeten zich binnen de rode zone bevinden. Vier doorsteken verbinden het openbaar domein met de collectieve, niet-publieke binnentuin.
Bijgebouw 1 (in de lichtblauwe zone) bevat een fietsenstalling (min. 56 fietsen, indicatief) en een atelier op de verdieping. Dit gebouw is max. 2 bouwlagen hoog, 5m diep, en heeft een plat dak. De toegang tot de binnentuin wordt via een semi-transparant poortgeheel voorzien.
Bijgebouw 2 (in de donkerblauwe zone) bevat een fietsenstalling (min. 28 fietsen, indicatief) en een autolift naar de ondergrondse garage. Dit gebouw is max. 1 bouwlaag hoog, 5m diep, en heeft een plat dak. De restruimte tussen dit gebouw en K4 vormt een ontsluiting naar de Meeuwstraat met een afsluitbare opening van min. 2,5m.
De ondergrondse constructie fungeert als parkeergarage voor de hele verkaveling, met plaats voor min. 30 wagens (indicatief). Deze wordt ontsloten door een autolift in bijgebouw 2.
De collectieve binnentuin (groen gearceerd) wordt ingericht als privaat groenpark volgens het landschapsconcept (zie plan ‘BA_Redersplein_P_N_2_Landschapsplan privaat domein’). Kleinschalige collectieve elementen zijn toegelaten. De tuin moet als één geheel aanvoelen, versnippering en slordige overgangen zijn te vermijden. Er mogen vier fiets- en tuinbergingen komen op aangeduide plaatsen, max. 7m breed, 3m diep, 3m hoog, met plat dak, tegen de kavelgrens met loten 2 t.e.m. 11. De materialisatie van de bergingen wordt voorzien in thermisch verduurzaamd hout of gelijkwaardig, poortjes in hout of staal. Reliëfwijzigingen zijn mogelijk voor waterhuishouding. Max. 50% van de binnentuin mag verhard worden.
LOT 2 EN LOT 12
Loten 2 en 12 worden voorgesteld op bijgevoegd plan ‘VA_VP_N_202_plan nieuwe toestand’.
Lot 2 heeft een totale oppervlakte van 118m², lot 12 heeft een totale oppervlakte van 111m². Ze worden in essentie voorzien van volgende voorschriften:
BESTEMMING EN INRICHTING
Loten 2 en 12 zijn bestemd voor de oprichting van een meergezinswoning. De hoofdbestemming is wonen, inclusief bijhorende infrastructuur en aanhorigheden.
De gebouwen moeten worden opgericht binnen de zone met zalmroze kleur. Het vloerpeil van het gelijkvloers ligt tussen,10m en 0,70m boven het maaiveld, afhankelijk van waterbeheersing. Elk gebouw telt maximaal 3 bouwlagen, met een bouwdiepte van maximaal 14,50m afgewerkt met een plat dak.
Op de verdiepingen worden uitsluitend inpandige terrassen voorzien. De restruimte wordt ingericht als private tuin, conform het landschapsconcept van de verkaveling. In de tuinen mogen maximaal 50% verhardingen worden aangelegd, o.a. voor tuinpaden en toegang tot de achterzijde.
Voor de Afsluitingen op de zijkavelgrenzen worden levende hagen voorzien (min. 1,5m – max. 2m hoog), eventueel versterkt met draadafsluiting. In de zone gelijk aan de terrasdiepte mag een tuinmuur, pergola of scherm worden geplaatst.
Ter hoogte van de achterste perceelsgrens wordt een afsluiting met haag voorzien tussen de tuin- en fietsenbergingen, met één poortje per woning naar de collectieve tuinzone.
LOTEN 3 TEM 11
Loten 3 tem 11 worden voorgesteld op bijgevoegd plan ‘VA_VP_N_202_plan nieuwe toestand’.
Deze loten hebben elk een oppervlakte van 96m².
Deze loten worden in essentie voorzien van volgende voorschriften:
BESTEMMING EN INRICHTING
Loten 3 t.e.m. 11 zijn bestemd voor de oprichting van een ééngezinswoning per lot. De hoofdbestemming is wonen, inclusief bijhorende infrastructuur en aanhorigheden.
De woningen moeten worden opgericht binnen de gele zone.
Het vloerpeil van het gelijkvloers ligt tussen 0,10m en 0,70m boven het maaiveld, afhankelijk van waterbeheersing. Elke woning telt maximaal 2 bouwlagen, met daarboven een dakvolume met hellend dak waarin aanvullende leefruimtes mogelijk zijn. De bouwdiepte bedraagt 13m op het gelijkvloers en 11,50m op de verdieping.
De restruimte wordt ingericht als private tuin, conform het landschapsconcept van de verkaveling. In de tuinen mogen maximaal 50% verhardingen worden aangelegd, o.a. voor tuinpaden en toegang tot de achterzijde.
Voor de Afsluitingen op de zijkavelgrenzen worden levende hagen voorzien (min. 1,5m – max. 2m hoog), eventueel versterkt met draadafsluiting. In de zone gelijk aan de terrasdiepte mag een tuinmuur, pergola of scherm worden geplaatst.
Ter hoogte van de achterste perceelsgrens wordt een afsluiting met haag voorzien tussen de tuin- en fietsenbergingen, met één poortje per woning naar de collectieve tuinzone.
Deelproject B Aanleg openbaar domein: heraanleg en uitbreiding van de openbare wegen rondom en aanleg openbaar groen
Rond het nieuwe bouwblok wordt het openbaar domein heringericht en uitgebreid. Een deel van het aangrenzende private perceel wordt overgedragen aan het openbaar domein, waardoor extra ruimte ontstaat voor een aangepaste inrichting. De bestaande wegenis wordt deels uitgebreid en deels heraangelegd om beter aan te sluiten op de nieuwe situatie.
Langs de bouwloten 1 tot en met 12 wordt een nieuwe rooilijn vastgesteld, conform het bijgevoegde rooilijnplan ‘VA_VP_207_rooilijnplan’. De zone tussen deze nieuwe rooilijn en de huidige perceelsgrenzen wordt toegevoegd aan het openbaar domein. Dit maakt een verbreding van de openbare weg mogelijk ter hoogte van de Meulestedekaai, de New-Orleansstraat en de Albatrosstraat.
Het nieuwe openbaar domein rond het project, samen met een deel van de bestaande openbare weg in de Meeuwstraat (aangeduid als gele zone op het rooilijnplan), wordt heraangelegd volgens het bijgevoegde landschapsplan ‘BA_Redersplein_P_N_1_Landschapsplan openbaar domein’, waarin groenzones met infiltratiekommen zijn voorzien. De vernieuwing en uitbreiding van de gemeenteweg wordt uitgevoerd door de aanvrager/verkavelaar. Na realisatie wordt de infrastructuur overgedragen aan het openbaar domein.
2. HISTORIEK
Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:
Stedenbouwkundige vergunningen
BEOORDELING AANVRAAG
3. EXTERNE ADVIEZEN
Volgende externe adviezen zijn gegeven:
1/ Voorwaardelijk gunstig advies van Farys afgeleverd op 17 juli 2025 onder ref. VK-25-675:
Drinkwater
Deze aanvraag betreft verkavelen van gronden;
* 3 kavels voor meergezinswoningen,
* 9 kavels voor eengezinswoningen,
* Toekomstig openbaar domein.
* Het vellen van bomen,
* Het reliëf wijzigen,
* Aanleg van verkeerswegen.
Om de kavels voor meergezinswoningen en eengezinswoningen op normale en reglementaire wijze aan te sluiten op het drinkwaterdistributienet zijn volgende werken noodzakelijk:
Uitbreiding van het drinkwaterdistributienet vanaf de bestaande waterleiding in de Meeuwstraat tot in de volledige verkaveling.
Hiervoor dient een minimumstrook van 1m in niet-monoliete verharding te worden voorzien.
Gelieve in de verkavelingsvoorwaarde op te nemen:
De verkavelaar dient een schriftelijke aanvraag te richten aan Farys, Stropstraat 1 te 9000 Gent, vergezeld van een duidelijk verkavelingsplan met wegenis en riolering, ten einde een dossier te kunnen opmaken om de loten van drinkwaterleiding te voorzien. Na ontvangst van de offerte (prijzen 6 maand geldig) zal de verkavelaar het voorschot (of forfaitair bedrag) storten. Hiervan zal de stad ingelicht worden zodat het verkoopbaarheidsattest afgeleverd kan worden. Pas na ontvangst van het voorschot (forfaitair bedrag) kunnen de werken ingepland worden.
*De offerte wordt opgemaakt uitgaande dat binnen de projectzone van de ingediende verkaveling/ontwikkeling geen vervuiling aanwezig is in de ondergrond. Indien deze zone van de verkaveling gekend staat als een risicogrond bij OVAM, vragen wij u ons alle informatie te willen bezorgen zodat wij u afhankelijk van de graad van vervuiling een aangepaste offerte kunnen bezorgen die rekening houdt met geschikte materialen en met de extra voorzorgsmaatregelen die moeten worden genomen voor de aanleg en exploitatie van de drinkwaterleiding. In het bijzonder is het voorafgaandelijk ter beschikking stellen van de preventierichtlijnen voor aanleg en exploitatie een bindende voorwaarde om de aanleg van drinkwater-leidingnet aan te vatten.
Riolering
De aanvraag betreft een verkavelingsaanvraag waarbij een verkavelingsplan is toegevoegd met afsplitsing van loten en ontwerp van openbaar domein.
ZONERINGSPLAN
Op basis van het definitief zoneringsplan ligt de ontwikkeling in:
Centraal of collectief geoptimaliseerd gebied
RIOOLAANSLUITING
De aanvrager dient te voorzien in de nodige rioolaansluitingen. De regels rond de rioolaansluiting zijn terug te vinden in het algemeen en het bijzonder waterverkoopreglement. Deze reglementen zijn terug te vinden op www.farys.be.
Volgende is van toepassing:
* aansluiting op bestaand stelsel voor de DWA-aansluitingen
* aansluiting per lot in de verkaveling voor de RWA-aansluitingen
* andere: voor alle gebouwen binnen de aanvraag wordt RWA aansloten op de private infiltratievoorziening met 1 overloop naar openbaar domein
SEPTISCHE PUT
Verplicht te voorzien per lot.
Op de septische put dient enkel het zwart/fecaal water te worden aangesloten: minimum volume van 2.000 liter, tot 10 IE: 300l/IE, vanaf 11 IE: 225l/IE
OP WWW.FARYS.BE/NL/RIOOLAANSLUITING VIND JE MEER INFO OVER
- De belangrijkste aspecten voor de aanleg van de privéwaterafvoer (onder “Mijn privéwaterafvoer”)
VERKOOPBAARHEIDSATTEST BIJ VERKAVELINGSAANVRAAG
Het verkoopbaarheidsattest zal pas door de gemeente worden afgeleverd nadat:
- alle opgelegde infrastructuurwerken werden uitgevoerd en/of
ALGEMENE AANDACHTSPUNTEN
Om lokale problemen van wateroverlast te vermijden adviseert Farys volgende richtlijnen na te leven:
* de kelders dienen waterdicht uitgevoerd te worden
* indien inritten onder het straatniveau worden toegelaten, dienen deze te worden voorzien van een drempel op privaat domein ter beveiliging tegen instromend hemelwater.
De gemeente/stad en Farys kunnen onder geen enkele voorwaarde aansprakelijk gesteld worden voor schade door wateroverlast die een gevolg is van een onoordeelkundige aanleg van de privéwaterafvoer.
Om geurhinder als gevolg van de eigen privéwaterafvoer te voorkomen werden er enkele richtlijnen opgesteld, die je kan terugvinden op www.farys.be/nl/rioolaansluiting (onder “Mijn privéwaterafvoer”).
buizen en aansluitingen kan stijgen tot het maaiveld niveau. Bescherming tegen terugslag en tijdelijke verhinderde afvoer dient voorzien te worden.
Per kavel/lot dient een hemelwaterput/infiltratievoorziening aanwezig te zijn.
PROJECTSPECIEKE AANDACHTSPUNTEN:
De aanvraag betreft de aanleg van een publieke weginfrastructuur en omgevingsaanleg aansluitend bij nieuwe gebouwen.
Verder betreft de aanvraag de opsplitsing van perceel in meerdere loten.
Langsheen de Albatrosstraat worden grondgebonden woningen voorzien en 2 hoekgebouwen
ALGEMENE OPMERKINGEN PLANNEN
Plan bestaande toestand riolering
Plan bestaande toestand ondergrond: thv inspectieputten ontbreken de benamingen van de leidingen: a, b,… x, y
Plan met wegenisontwerp:
Bij de aanduiding van afstroom van de verharding is niet duidelijk hoe bepaalde verharding zal afstromen naar de groenzone, en of deze groenzone voldoende groot is.
Plan met rioleringsontwerp:
De wadi's zijn verbonden dmv verholen goten. Bodempeil van de wadi ligt veel lager dan peil van de verholen goot. Bijgevolg kan dit niet als 1s systeem gezien worden bij de berekening van de wadi
OPMERKINGEN DWA-ONTWERP
Ontwerp DWA-stelsel:
De hydraulische verantwoording van het DWA-stelsel incl. het schema van het aantal IE (inwonersequivalenten) per streng ontbreekt. In de nota is sprake van een technisch plan "schema op basis van de hydronautstudie / het TRP-plan". Dit plan ontbreekt in het dossier.
OPMERKINGEN RWA-ONTWERP
Bronmaatregelen:
grondwatertafelmetingen
De metingen van de grondwaterstand worden best omgerekend naar mTAW. Dit is eenvoudiger te vergelijken met de bodem van de wadi/gracht/bufferbekken.
Er zijn grondwaterpeilmetingen uitgevoerd over verschillende periode.
Infiltratie:
De uitgevoerd proeven zijn conform de voorschriften VMM. De metingen kunnen aanvaard worden
Volgende gegevens ontbreken voor de infiltratievoorziening op het rioleringsplan:
• aangesloten verharde oppervlakte
• aangesloten dakoppervlakte
• totaal aangesloten oppervlakte (verhard + dak)
• nodig infiltratievolume
• voorzien infiltratievolume
•nodig infiltratieoppervlakte
De totale verharde oppervlakte, de totale private bebouwbare oppervlakte en/of de maximaal realiseerbare oppervlakte aan verharding en bebouwing ontbreekt.
Overstortconstructies:
Hoe wordt voorkomen dat er terugstroming is van de openbare riolering naar de openbare Wadi
Overige Opmerkingen:
Indien er infiltratievoorzieningen worden gerealiseerd, moet er tijdens de werffase op toegezien worden dat er ter hoogte van deze locatie geen belasting is van zwaar verkeer. Opmaak van een werfplan dient te worden toegevoegd aan het technisch dossier.
HYDRAULISCHE EVALUATIE
Dimensionering bronmaatregelen:
Verharding die aansluit op groenzone is onvoldoende groot (deze is kleiner dan 25% van de totale verharde oppervlakte die aansluit op deze groenzone). Het is niet duidelijk of alle verharding kan afstromen naar voldoende grote groenzones; dit moet verder verduidelijkt worden.
Voor een eengezinswoning met aparte regenwaterput kan geen herbruik gerekend worden op basis van aantal IE.
Sirioberekening:
Sirioberekening ontbreekt in dossier en kan dus niet worden nagezien. Deze moet worden overgemaakt aan Farys. Mogelijks zijn er nog wijzigingen nodig op basis van de evaluatie van het ontwerp
Beschrijving van de sirio
Er is sprake van herbruik van 18 woonentiteiten. Woonentiteiten zijn enkel van toepassing voor meergezinswoningen maar niet voor ééngezinswoningen.
Hergebruik is niet aangeduid op de plannen, Vooral voor de kadewoningen is dit heel onduidelijk gezien de centrale ligging van de regenwaterput
Nazicht van de sirio met beperkte beschrijving is niet mogelijk. Dit zal pas mogelijk zijn bij nazicht van technisch dossier. Eventueel zijn nog aanpassingen nodig
Het is niet duidelijk met welke veiligheidsfactor is gerekend.
Een degelijk opmaak van advies is niet mogelijk zonder sirio-berekening.
Conclusie hydraulische evaluatie:
Hydraulische nota voldoet gedeeltelijk, mits bovenstaande opmerkingen aangepast worden in het nog aan te leveren technisch dossier.
BESLUIT ADVIES RIOLERING
Het dossier wordt al volgt geadviseerd: “gunstig met voorwaarden”
Bijkomend wenst Farys advies te verlenen op de nog in te dienen bouwaanvragen binnen deze verkaveling.
Volgende zaken dienen te worden aangepast bij het aanleveren van het technisch dossier:
* Farys dient haar schriftelijke goedkeuring te verlenen op het technisch dossier. Daarom zal Farys in het bezit gesteld worden van een volledig technisch dossier (een grondplan, met alle rioleringswerken en wegeniswerken, en bijhorende lengteprofielen, dwarsprofielen en details van alle kunstwerken, bestek en raming).
* Bij het indienen van nieuw technisch dossier dienen alle andere bijkomende bovenvermelde opmerkingen verwerkt te worden binnen dit dossier. Hiertoe behoort ook een eventueel aangepast hydraulische nota.
* Zonder goedgekeurd technisch dossier kan Farys steeds wijzigingen opleggen.
We vragen om Farys tijdig van de aanvang der werken in te lichten, zodat we toezicht kunnen uitoefenen op de werken. Volgende dient tijdens de uitvoering van de werken aan Farys bezorgd te worden:
> alle technische fiches/keuringen van de gebruikte materialen,
> ontwerpplannen van speciale putten (uitstroomconstructie, instroomconstructie, overstort, put met terugslagklep,…),
> werfverslagen/ proefverslagen,
> camera-inspectie (verslag + bewegende beelden)
Na uitvoering van de werken dient onderstaande aan Farys overgemaakt te worden:
> As-builtplannen
> PV van voorlopige oplevering
> Na uitvoering dient een infiltratieproef te worden voorzien als controle van goede uitvoering infiltratievoorziening. Indien deze niet voldoen kunnen de werken niet aanvaard worden.
2/ Geen tijdig advies van Fluvius. De adviesvraag is verstuurd op 25 juni 2025. Op 7 augustus 2025 is nog géén advies ontvangen. Omdat de decretaal omschreven adviestermijn verstreken is, kan aan de adviesvereiste voorbij gegaan worden.
3/ Voorwaardelijk gunstig advies van Proximus afgeleverd op 14 juli 2025 onder ref. JMS 653860:
Op basis van de informatie waarover wij momenteel beschikken, geven wij graag een gunstig advies indien u volgende voorwaarden opneemt in uw vergunning:
* Een finale netwerkanalyse zal gebeuren na ontvangst van het vergunde plan.
* Uitbreiding van de telecominfrastructuur van Proximus is ten laste van de aanvrager.
* Van zodra vergund en minimaal 6 maanden voor oplevering dient de aanvrager zijn project kenbaar te maken bij Proximus door het formulier als bijlage ingevuld te versturen naar werf.a1@proximus.com.
* De Proximus infrastructuur dient proactief voorzien te worden in het project. De technische documentatie hiervoor wordt ter beschikking gesteld na ontvangst van het vergunde plan.
* Proximus wenst betrokken te worden bij alle coördinatievergaderingen via werven.a12@proximus.com.
Na de werken kunnen de bewoners eenvoudig aansluiten op de nutsvoorzieningen voor telefonie-, internet- en televisiediensten. Hiervoor kan de aanvrager terecht bij onze klantendienst op het gratis nummer 0800 22 800. Meer informatie op www.proximus.be/bouwen.
4/ Voorwaardelijk gunstig advies van Omgevingsloket Wyre afgeleverd op 26 juni 2025 onder ref. 25198987:
Gemengde verkavelingen Netuitbreiding nodig:
Wij zijn nagegaan welke aanpassing van de infrastructuur van Wyre nodig is om de loten uit deze verkavelings- of bouwaanvraag te kunnen aansluiten. Wij vragen om onderstaande voorwaarden op te nemen in de vergunning:
Onze studiedienst stelde vast dat er een netuitbreiding nodig is om alle loten van dit project aansluitbaar te maken.
Er werd een offerte (zie bijlage) opgesteld. In deze offerte houden we rekening met het aanleggen van nutsleidingen in overleg met andere nutsmaatschappijen. Dit is kostenbesparend en beperkt de hinder. We stemmen de uitvoeringstermijnen dan ook af op de planning van de andere werken.
De aansluiting van het appartementsgebouw/meergezinswoningen is uitgesloten van deze offerte. Hiervoor dient een aparte aanvraag te gebeuren via:
Wyre - Coax Build Support - Liersesteenweg 4 2800 Mechelen - 015/89.81.10 - cbs@wyre.be
Hiervoor wordt een aparte offerte opgemaakt.
Deze vaststelling omvat niet de aftak- en aansluitkosten van de abonnee. Deze worden met de latere abonnee verrekend.
Wij blijven steeds tot uw dienst voor verdere informatie.
https://www.wyre.be/nl/netaanleg
5/ Voorwaardelijk gunstig advies van Brandweerzone Centrum afgeleverd op 23 juli 2025 onder ref. 071808-005/NVDV/2025
Besluit: GUNSTIG ADVIES indien er een straatnaam wordt toegekend aan de nieuwe wegenis en mits te voldoen aan de hiervoor vermelde maatregelen en reglementeringen.
6/ Voorwaardelijk gunstig advies van Adviesverleners voor Ivago afgeleverd op 3 september 2025:
Gunstig voor Ivago mits rekening wordt gehouden met onderstaande voorwaarden. In de toekomst moet het ook mogelijk zijn om omwonenden gebruik te laten maken van de sorteerstraat, zolang de capaciteit dit toelaat.
7/ Voorwaardelijk gunstig advies van De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West afgeleverd op 12 augustus 2025 onder ref. omv-2025041405 - Behandeling in eerste aanleg-001:
Zie adviesdocument als bijlage op het omgevingsloket
8/ Geen advies van North Sea Port gemeld op 26 juni 2025:
ligging buiten het havengebied
4. TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN
4.1. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg
Het terrein ligt in woongebied volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.
Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.
Het project ligt in het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'STEDELIJK WONEN' (Definitieve vaststelling door de Gemeenteraad op 27 juni 2017), Deelgebied Gent- Centrum- Marseillestraat (SW5):
Bestemming van de volledige projectzone is bijgevolg ‘stedelijk woongebied’.
In afwijking op het algemeen stedenbouwkundig voorschrift moet meer dan 70% van de bvo van al de gebouwen in een bestemmingszone ingenomen worden door de functie wonen (en dit bekeken op het niveau van het deelgebied). Zowel één- als meergezinswoningen zijn toegelaten.
De max. bouwhoogte bedraagt 4 bouwlagen maar één hoogteaccent van max. 8 bouwlagen nabij Meulestedebrug is toegelaten.
Er wordt binnen het project minstens 20m² publiek groen voorzien per woning.
De woningdichtheid bedraagt minimaal 25w/ha.
De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.
4.2. Vergunde verkavelingen
De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.
4.3. Verordeningen
Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024.
Voor zover kan worden nagegaan op niveau van een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, is het voorstel in overeenstemming met de stedenbouwkundige voorschriften uit het algemeen bouwreglement.
Zie waterparagraaf voor wat betreft de aspecten inzake hemelwater.
Gewestelijke verordening hemelwater
De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)
Zie waterparagraaf.
Gewestelijke verordening toegankelijkheid
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.
Het ontwerp is in overeenstemming met deze verordening.
Gewestelijke verordening voetgangersverkeer
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1997 houdende vaststelling van een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
Het ontwerp is in overeenstemming met deze verordening.
4.4. Archeologienota
De maatregelen in de archeologienota waarvan akte genomen op 7 april 2025 met referentienummer ID32944 moeten uitgevoerd worden overeenkomstig het programma in die archeologienota, de voorwaarden bij de aktename, en het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013. Dit wordt opgelegd als bijzondere voorwaarde.
4.5. Decreet grond- en pandenbeleid – bescheiden last
De last die van rechtswege aan de vergunning is verbonden, is de verwezenlijking van een bescheiden woonaanbod dat in lijn is met het percentage dat van toepassing is op het project. De last wordt verwezenlijkt in natura (artikel 5.101 Vlaamse Codex Wonen 2021). De aankoopoptie ten bate van een sociale woonorganisatie of openbaar bestuur wordt bijgevoegd bij de aanvraag.
Deze aanvraag valt onder de categorie "verkavelingen van ten minste tien loten bestemd voor woningbouw, of met een grondoppervlakte groter dan een halve hectare, ongeacht het aantal loten", waardoor een bescheiden woonaanbod moet gerealiseerd worden volgens de Vlaamse Codex Wonen van 2021 (VCW art. 5.93, eerste lid, 1°).
De gronden waarop de aanvraag betrekking heeft zijn geen eigendom van een Vlaams bestuur of Vlaamse semipublieke rechtspersoon. De norm voor het bescheiden woonaanbod bedraagt 20% (VCW art. 5.93, tweede lid, 2°). Voor deze aanvraag komt dit neer op 10 bescheiden woningen (20% van 50, afgerond naar het dichtstbijzijnde natuurlijk getal).
De gemiddelde woningdichtheid van het bescheiden woonaanbod moet begrepen zijn (VCW art. 5.101, §4) tussen 35 en 100 woningen/ha in stedelijk gebied.
Als het bescheiden woonaanbod wordt gerealiseerd door de verkoop van de nog op te richten woningen, mogen de bescheiden woningen elk niet groter zijn dan (VCW, art. 1.3, §1, 3°):
- 550m³ voor eengezinswoningen;
- 240m³ voor appartementen of andere types woningen met één of twee slaapkamers;
- 290m³ voor appartementen of andere types woningen met drie of meer slaapkamers.
Bij uitvoering van de last bescheiden wonen in natura moet de aanvrager de uitvoering waarborgen door (VCW art. 5.101, §2):
- ofwel het verlenen van een aankoopoptie voor de loten met het bescheiden woonaanbod aan een openbaar bestuur of een sociale woonorganisatie. Deze aankoopoptie moet worden verleend alvorens gebruik kan gemaakt worden van de vergunning.
- ofwel het stellen van een financiële waarborg van € 50.000 (x ABEX-index met als basis december 2008) + 20% = € 50.000 (x 1057/695) + 20% = € 91.252 per bescheiden woning (geïndexeerd juni 2025).
De bijgevoegde aanstiplijst bescheiden woonaanbod gaat uit van het aantal kavels en vermeldt slechts 3 bescheiden loten. De norm van 20% wordt berekend op het aantal woningen in dit project en bedraagt dus 10 woningen. Het project bevat voldoende mogelijkheden om die bescheiden last in te vullen conform de hierboven vermelde normen.
De aankoopoptie die toegevoegd werd bij de aanvraag vraagt wel aanpassing. De loten voor het bescheiden woonaanbod moeten gespecifieerd worden in de aankoopoptie of bij het stellen van de financiële waarborg. (zie last 5.)
5. WATERPARAGRAAF
5.1 Ligging project
Het projectgebied is gelegen langs en stroomt deels af naar het Kanaal Gent - Terneuzen (beheerder: De Vlaamse Waterweg nv) en deels af naar het kanaal dat in beheer is van North Sea Port Flanders nv.
Volgens de kaarten bij het Watertoetsbesluit is het project:
- niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied voor zeeoverstroming.
- niet gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen vanuit een waterloop (fluviaal).
- In het zuidoosten is een hoek van het terrein gelegen in een gebied gevoelig voor
overstromingen door intense neerslag (pluviaal), de overstromingskans is er middelgroot. (gebied waar er jaarlijks meer dan 1% kans is op overstroming)
- niet gelegen in een signaalgebied.
Het terrein is momenteel braakliggend.
5.2 Verenigbaarheid van het project met het watersysteem
Droogte
Het hemelwater dat neervalt moet op eigen terrein maximaal vastgehouden worden en niet afgevoerd. Om hier concreet uitvoering aan te geven werd het project aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater getoetst.
Om het negatieve effect van de toekomstige bebouwing en verhardingen op de waterhuishouding te beperken zullen eveneens milderende maatregelen opgelegd worden via de toekomstige stedenbouwkundige vergunning(en). Deze maatregelen zijn gebaseerd op het algemeen bouwreglement (Deel 3) van de stad Gent en de gewestelijke verordening inzake hemelwater (bij een aanvraag voor een stedenbouwkundige vergunning of een melding). Prioriteit moet uitgaan naar hergebruik van hemelwater, en vervolgens naar infiltratie boven buffering met vertraagde afvoer.
Evaluatie van de verkavelingsaanvraag en de uitbreiding van de openbare weg
Openbaar domein
De totaal aangesloten verharde oppervlakte bedraagt 54m² (openbaar domein). Er wordt geopteerd om alle verharde oppervlakte af te wateren naar de naastgelegen wadi’s en groenzones en ter plaatse te infiltreren. In totaal zullen er 12 kavels worden aangesloten (= 960m²). Om dit te kunnen realiseren zal er binnen het openbaar domein 148m² infiltratieoppervlak en 45,24m³infiltratievolume worden voorzien (= Wadi 2). Er wordt een noodoverloop voorzien naar het kanaal Gent-Terneuzen, de verwachting is dat deze niet of zeer zelden in werking zal worden gesteld.
Private delen
De berekening van de private delen kan worden opgedeeld in de wooneenheden van de verkaveling
(appartementen en woningen) en de collectieve tuin:
• Kadegebouwen: 102m² regulier dak, 813m² groendak (50 l/m² berging)
• Hoekgebouwen: 192m² regulier dak
• Rijwoningen (9): 449m² regulier dak
• Atelier en fietsenberging: 78m² (50l/m² berging) en 61m² (regulier dak)
• Woonentiteiten aangesloten op hergebruik: 18 (- 18*30m²)
In eerste instantie zal het regenwater van de daken worden opgevangen in regenwaterputten en wordt de overloop van de regenwaterputten aangesloten op een infiltratievoorziening, infiltratievolume 24m³, infiltratieoppervlak 57m² op het privaat domein (= wadi 1). De overloop van de infiltratievoorziening zal worden aangesloten op wadi 2 binnen het openbaar domein.
• Parking inrit Meeuwstraat: 126m² (50l/m² berging)
• Private terrassen – 174m²
• Kiezelverharding - 266m² (waterdoorlatend, wordt niet meegenomen in de berekening)
Bovenstaande afwaterende oppervlakten behoren tot de collectieve tuin. Er wordt geopteerd om alle verharding ter plaatse te laten infiltreren, zonder aansluiting op het openbaar domein. Deze oppervlakte wordt bijgevolg niet meegerekend in het referentieoppervlak voor het private domein. Op het privaat domein wordt 8m³ infiltratievolume en 19m² infiltratieoppervlak voorzien. De overloop van de infiltratievoorziening zal worden aangesloten op wadi 1.
Bovenstaande dakoppervlaktes resulteren in de voorziening van volgende hemelwaterputten:
• Appartement K3:
Minimaal 100 liter per m² horizontaal dakoppervlak = 103m² dak* 100l/m² = 10.300 liter.
Aangezien er met prefab putten wordt gewerkt zal er minstens 15.000 liter voorzien worden.
• Woningen W1 tot W9:
5.000 liter (woningen < 80m²)
• Hoekgebouwen H1:
Minimaal 100 liter per m² horizontaal dakoppervlak = 98m² dak* 100l/m² = 9.800 liter.
Aangezien er met prefab putten wordt gewerkt zal er minstens 10.000 liter voorzien worden.
• Hoekgebouwen H2:
Minimaal 100 liter per m² horizontaal dakoppervlak = 94m² dak* 100l/m² = 9.400 liter.
Aangezien er met prefab putten wordt gewerkt zal er minstens 10.000 liter voorzien worden.
Er zullen 18 woonentiteiten op deze regenwaterputten worden aangesloten. Bij de berekening van het hergebruik wordt uitgegaan van het aantal slaapkamers per woonentiteit. Voor het hergebruik van het regenwater worden de toiletten, wasmachines en buitenkranen. Het hergebruik wordt geschat op 37 liter/dag.
Er wordt voldaan aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening hemelwater aangezien er verschillende hemelwaterputten worden voorzien welke in overeenstemming staat met de aangesloten dakoppervlakte en het voorziene aangetoonde hergebruik per gebouwtype/wooneenheid. De hemelwaterputten zijn groter gedimensioneerd dan in de verordening is voorgeschreven, dit zorgt voor een extra buffer in de opvang en hergebruik van hemelwater. De overlopen van deze hemelwaterputten zijn aangesloten op een collectieve infiltratievoorziening. Ze vangt ook het hemelwater op afkomstig uit de collectieve tuin. Deze wadi loopt over naar de wadi’s die worden aangelegd in de publieke ruimte en die het hemelwater dat op de wegenis en openbaardomein valt. Op vraag van de Stad Gent is een noodoverloop voorzien naar het Kanaal Gent-Terneuzen, deze zou echter niet of zeer zelden nodig zijn.
Hydraulische evaluatie (advies Farys)
Uit de hydraulische evaluatie blijkt echter dat de dimensionering van de bronmaatregelen toch nog verfijning vraagt. Zo is de oppervlakte van de groenzones die verharding moeten opvangen in bepaalde gevallen kleiner dan 25% van de aangesloten verharde oppervlakte. Het is bovendien niet overal duidelijk of de afstroming van verharding naar voldoende grote groenzones effectief mogelijk is. Dit vraagt om een verdere verduidelijking in het ontwerp.
De verplichte SIRIO-berekening ontbreekt in het dossier, waardoor een volledige beoordeling niet mogelijk is. De beschrijving is beperkt en het is niet duidelijk met welke veiligheidsfactoren werd gerekend. Farys geeft aan dat een degelijk advies pas kan worden opgesteld na ontvangst en evaluatie van deze berekening. Eventuele aanpassingen aan het ontwerp kunnen nog volgen op basis van deze evaluatie.
Conclusie: De hydraulische nota voldoet gedeeltelijk. Het dossier wordt door Farys gunstig geadviseerd, mits voorwaarden, waaronder het aanvullen van het technisch dossier met de ontbrekende gegevens en berekeningen.
RWA-Ontwerp (advies Farys):
Voor het project zijn grondwaterpeilmetingen uitgevoerd over een langere periode. Om deze gegevens correct te kunnen interpreteren in functie van de infiltratievoorzieningen, wordt aanbevolen om de meetresultaten om te rekenen naar mTAW. Dit vergemakkelijkt de vergelijking met het bodempeil van wadi’s, grachten en bufferbekkens.
De uitgevoerde infiltratieproeven voldoen aan de richtlijnen van de VMM en worden als aanvaardbaar beschouwd. Toch ontbreken in het rioleringsplan nog enkele essentiële gegevens, waaronder:
Ook de totale verharde oppervlakte, de private bebouwbare oppervlakte en de maximaal realiseerbare verharding en bebouwing zijn nog niet opgenomen in het dossier.
Wat betreft de overstortconstructies, is het momenteel onduidelijk hoe terugstroming van de openbare riolering naar de wadi wordt vermeden. Dit vraagt om een technische verduidelijking in het ontwerp.
Tot slot moet er bij de uitvoering van infiltratievoorzieningen tijdens de werffase expliciet worden toegezien op het vermijden van belasting door zwaar verkeer ter hoogte van deze zones. Een werfplan met concrete maatregelen dient toegevoegd te worden aan het technisch dossier om schade aan infiltratievoorzieningen te voorkomen. (zie bijzondere voorwaarden advies Farys)
Conclusie van de hydraulische evaluatie:
Hydraulische nota voldoet gedeeltelijk, mits bovenstaande opmerkingen aangepast worden in het nog aan te leveren technisch dossier.
Structuurkwaliteit en ruimte voor waterlopen
Er worden geen werken aan de oever gepland. De watergebonden natuur en structuurkwaliteit zullen bijgevolg niet worden aangetast. Er worden geen effecten verwacht.
Overstromingen
Het project is niet gelegen in fluviaal overstromingsgevoelig gebied.
Volgens de pluviale overstromingskaart bestaat er een middelgrote overstromingskans ter hoogte van het project. Om de impact op het overstromingsregime te vermijden dienen de voorwaarden uit de gewestelijke verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater strikt toegepast te worden. Ruimten met kwetsbare functies worden best beschermd tegen wateroverlast door het volgen van de richtlijnen omtrent overstromingsveilig bouwen https://www.vmm.be/publicaties/waterwegwijzer-bouwen-en-verbouwen (p 19)).
Ernstiger overstromingen dan in het verleden zijn niet uit te sluiten en er kan geen sluitende garantie gegeven worden dat er zich op het perceel in de toekomst geen wateroverlast meer zal voordoen.
Waterkwaliteit
Ten gevolge van de geplande ingrepen worden er geen betekenisvol nadelige effecten op de
oppervlaktewaterkwaliteit verwacht. De riolering wordt gescheiden en de vuilwaterriolering wordt
aangesloten op de openbare riolering in de straat.
5.3 Conclusie
Er kan besloten worden dat voorliggende aanvraag mits toepassing van bovenstaande maatregelen de watertoets doorstaat.
6. NATUURTOETS
Ligging en biologische waarderingskaart
Het projectgebied is niet gelegen in biologisch waardevol gebied, er zijn geen reliëfwijzingen + verharding > 1 ha, er zijn geen aanpassingen aan grachten of waterlopen.
Er worden 2 bomen gerooid maar dit wordt gecompenseerd door de aanplant van nieuwe bomen in de toekomstige openbare groenzone.
Impact op speciale beschermingszones en VEN-gebieden
Het project bevindt zich op afdoende afstand, meer dan 750m van habitatrichtlijngebied en meer dan 1 km van vogelrichtlijngebieden.
Conclusie: Voorliggende aanvraag zal geen betekenisvolle aantasting impliceren voor de instandhoudingsdoelstellingen van de speciale beschermingszones, noch onherstelbare en onvermijdbare schade berokkenen aan natuur in VEN.
Hieruit wordt besloten dat de aanvraag de natuurtoets doorstaat.
7. PROJECT-M.E.R.-SCREENING
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-m.e.r.-screening en heeft betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. Dit wil zeggen dat er voor voorliggend project een project-m.e.r.-screening moet opgemaakt worden.
Een project-m.e.r.-screeningsnota is toegevoegd aan de vergunningsaanvraag. Na onderzoek van de kenmerken van het project, de locatie van het project en de kenmerken van de mogelijke milieueffecten, wordt geoordeeld dat geen aanzienlijke milieueffecten verwacht worden, zoals ook uit de project-m.e.r.-screeningsnota blijkt. Er kan redelijkerwijze aangenomen worden dat een nieuw project-MER geen nieuwe of bijkomende gegevens over aanzienlijke milieueffecten kan bevatten, zodat de opmaak ervan dan ook niet noodzakelijk is.
8. GEMEENTERAAD
De aanvraag omvat de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg. De gemeenteraad moet hierover een beslissing nemen en zich daarbij uitspreken over de ligging, breedte en uitrusting van de gemeenteweg en over de eventuele opname in het openbaar domein.
De gemeenteraad heeft hierover een beslissing genomen in de vergadering van 24 november 2025. Het gemeenteraadsbesluit is als bijlage toegevoegd.
9. OPENBAAR ONDERZOEK
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 30 juni 2025 tot en met 29 juli 2025.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaren ingediend.
10. OMGEVINGSTOETS
Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
In het kader van het pilootproject rond collectief wonen, geïnitieerd door de Vlaams Bouwmeester, werd onderzocht hoe verdichting en vergroening in Meulestede op een kwalitatieve manier kunnen worden gerealiseerd. Uit deze studie bleek dat het betrokken terrein potentieel biedt voor verdichting en herontwikkeling binnen het bestaande stedelijke weefsel.
De ligging nabij het kanaal, de goede bereikbaarheid met het openbaar vervoer en de nabijheid van voorzieningen maken de site geschikt voor stedelijke woonontwikkeling, op voorwaarde dat er voldoende aandacht gaat naar groenvoorziening, publieke ruimte en kwalitatieve buitenruimte voor bewoners.
Deze studie vormde onder meer de aanleiding om de site op te nemen in het geldende RUP ‘Stedelijk wonen’. Daarnaast speelden ook stedenbouwkundige en beleidsmatige overwegingen een rol, zoals de strategische ligging en het potentieel voor duurzame verdichting binnen de stad.
Deelproject A - Het verkavelen van het terrein in 12 loten
Bij voorliggende verkaveling werd conform de randvoorwaarden van de Stad rekening gehouden met de context, de aanwezige structuurdragers en maatschappelijke noden:
De verkaveling houdt rekening met de bestaande morfologie van de wijk Meulestede, die voornamelijk bestaat uit rijwoningen en kleinschalige meergezinswoningen. In de Albatrosstraat voorziet de verkaveling nieuwe eengezinswoningen met twee bouwlagen en een hellend dak, in lijn met de bestaande bebouwing aan de overzijde. Daarnaast worden twee kleinschalige meergezinswoningen met drie bouwlagen strategisch gepositioneerd op de hoeken van het bouwblok, wat zorgt voor een geleidelijke overgang in schaal en een versterking van de straatwand.
De hogere meergezinswoningen, variërend van vier tot maximaal zes bouwlagen, worden strategisch gepositioneerd aan de Meulestedekaai, waar ze aansluiten op de schaal van het kanaal en de open ruimte.
Door de oriëntatie van het bouwblok ontstaat een logische overgang tussen de bestaande bebouwing en de nieuwe ontwikkeling, met respect voor privacy, lichtinval en doorzichten.
De Meulestedekaai en het kanaal fungeren als belangrijke landschappelijke en functionele dragers. De verkaveling versterkt deze relatie door het Redersplein als publieke ruimte te laten aansluiten op de kaai. Dit bevordert de beleving van het kanaal als publieke ruimte en draagt bij aan de herkenbaarheid en identiteit van de plek.
De verkaveling voorziet in voldoende kwalitatieve en toegankelijke groenzones, die een mix vormen van publiek, semi-privaat en privaat groen. Deze zones worden ingericht met inheemse beplanting, bloemenweiden en bomen, en dragen actief bij aan biodiversiteit, klimaatadaptatie en de leefkwaliteit van zowel bewoners als de ruimere buurt.
Verkavelingsvoorschriften
Om de leesbaarheid te verbeteren, de kwaliteit van de verkaveling te waarborgen en een correcte afstemming met het verkavelingsplan te garanderen, worden de verkavelingsvoorschriften als volgt aangepast:
1. Inhoudelijke voorwaarden – aanpassingen aan de verkavelingsvoorschriften zelf
Deze aanpassingen hebben betrekking op de inhoudelijke eisen die gesteld worden aan de inrichting, bebouwing en het gebruik van de percelen. Ze zijn bedoeld om de kwaliteit van het project te waarborgen en af te stemmen op stedenbouwkundige en ecologische doelstellingen.
LOT 1
LOTEN 2 en 12
LOTEN 3 t.e.m. 11
2. Technische en redactionele aanpassingen – afstemming tussen plannen en voorschriften
Deze aanpassingen zijn nodig om de tekstuele voorschriften correct te laten aansluiten bij de verkavelingsplannen en gebruikte terminologie. Ze zorgen voor duidelijkheid en consistentie in de documenten.
Deelproject B: Uitbreiding van de openbare weg en openbaar groen
De inrichting gebeurt op basis van het ontwerp opgemaakt in samenspraak met de Stad tijdens het voortraject.
De uitbreiding van de openbare weg en het openbaar groen binnen de projectzone versterkt de ruimtelijke kwaliteit en het gemeenschapsleven. Alle niet-private zones worden ingericht als kwalitatieve publieke ruimte en na aanleg overgedragen aan de Stad Gent, wat de integratie in het stedelijk weefsel bevordert.
De heraanleg van de Meulestedekaai ondersteunt het Redersplein als buurtgerichte ontmoetingsplek met een open, flexibel karakter. Dit biedt ruimte voor kleinschalige buurtinitiatieven en evenementen, zonder de woonfunctie te verstoren. De inrichting combineert comfort, toegankelijkheid en esthetiek, met aandacht voor materiaalgebruik, beeldkwaliteit en Gentse identiteit (IPOD III).
Groenzones met infiltratiekommen zorgen voor duurzaam waterbeheer en verhogen de ecologische waarde. Inheemse beplanting en bloemenweiden creëren biodiversiteit en een aangename leefomgeving. Deze groenzones dragen bovendien actief bij aan het realiseren van de openbare groennorm zoals vastgelegd in het RUP, door het voorzien van voldoende kwalitatieve en toegankelijke groene ruimte binnen het projectgebied.
De infrastructuur garandeert vanaf de start een volwaardige toegang tot woningen en voorzieningen. De typologische invulling van de omliggende straten versterkt de identiteit van het bouwblok en de sociale samenhang in de buurt.
Het rooien van 2 bomen
Voor de realisatie van het project moeten 2 bomen gerooid worden (Tilia cordata ssp.). Dit wordt gecompenseerd door de aanplant van nieuwe bomen in de toekomstige openbare groenzone.
De voorgestelde beplanting sluit aan bij het gewenste eindbeeld van de Stad en is efficiënt te beheren. Er is echter een aandachtspunt met betrekking tot de vaste plantenzones rond de wadi’s. Aangezien de wadi’s gemaaid worden, is het vanuit beheeroogpunt aangewezen om ook de omliggende zones als maaibare vegetatie in te richten. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.
Voor de uitvoering zal normaal ook een bemaling noodzakelijk zijn (hiervoor is al een bemalingsnota toegevoegd).
Het Meulestedepark situeert zich deels in de invloedstraal van de bemaling.
Voor de periode tussen 15 maart en 15 oktober geldt dat bij droogte die 10 dagen aanhoudt (neerslagstation Vinderhoute – zie www.waterinfo.be), bevloeiing/infiltratie dient voorzien te worden in het Meulestedepark. Hiervoor dienen voorafgaandelijke afspraken gemaakt te worden met de Groendienst via groendienst@stad.gent of European Tree Worker/boomexpert. Dit wordt opgenomen als opmerking.
Mobiliteitstoets deelprojecten A & B
Het projectgebied bevindt zich net ten zuiden van de Meulestedebrug, die momenteel heringericht wordt. Een nieuwe fietsonderdoorgang zal zorgen voor een vlotte verbinding tussen het noordelijke en zuidelijke deel van de Meulestedekaai. De site ligt in de woonwijk Meulestede, een zone 30-gebied dat gekenmerkt wordt door een residentieel karakter en een rustige leefomgeving.
Het project is goed ontsloten voor alle vervoersmodi. Hoewel de afstand tot basisvoorzieningen te voet iets minder gunstig scoort, zorgen de heraanleg van de Meulestedebrug en de geplande aanpassing van buslijn 5b voor een duidelijke verbetering van de bereikbaarheid met de fiets, de auto en het openbaar vervoer.
PARKEREN
De verkaveling voorziet in een ondergrondse parkeergarage voor bewoners met plaats voor 30 wagens, conform de richtlijnen van Stad Gent. Voor bezoekers zijn minstens 5 autoparkeerplaatsen vereist, die op het openbaar domein in de Meeuwstraat komen.
Voor fietsparkeerplaatsen zijn er volgens de richtlijnen 10 plaatsen voor bezoekers nodig. Op het landschapsplan van de verkavelingsaanvraag zijn er slechts 8 voorzien, er moeten dus nog 2 bijkomende plaatsen op het openbaar domein gerealiseerd worden. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.
Voor de atelierruimte op lot 1 wordt geen parkeernorm opgelegd wegens beperkte omvang.
Alle toekomstige omgevingsvergunningen moeten voldoen aan de parkeerrichtlijnen van Stad Gent.
VERKEERSGENERATIE
De verwachte verkeersgeneratie is beperkt en zal geen significante impact hebben op de omgeving.
AANSLUITING OP BESTAAND OPENBAAR DOMEIN
De inrichting van het openbaar domein werd voorafgaand afgestemd met de bevoegde Stadsdiensten.
De mobiliteitstoets wordt voorwaardelijk gunstig geëvalueerd.
Bijzondere voorwaarde: Er moeten 2 bijkomende fietsparkeerplaatsen op het openbaar domein gerealiseerd worden.
CONCLUSIE
Voorwaardelijk gunstig, de aanvraag is in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg, mits voldaan wordt aan de bijzondere voorwaarden en inachtneming van de opmerkingen.
WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?
Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.
Verval van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 102. – 103. § 1. Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden waarbij geen nieuwe wegen worden aangelegd of het tracé van bestaande gemeentewegen niet moet worden gewijzigd, verbreed of opgeheven, vervalt van rechtswege als:
1°binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de verkoop, de verhuring voor meer dan negen jaar of de vestiging van erfpacht of opstalrecht ten aanzien van ten minste één derde van de kavels
2°binnen een termijn van tien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot dergelijke registratie ten aanzien van ten minste twee derde van de kavels.
Voor de toepassing van het eerste lid:
1°wordt met verkoop gelijkgesteld: de nalatenschapsverdeling en de schenking, met dien verstande dat slechts één kavel per deelgenoot of begunstigde in aanmerking komt;
2°komt de verkoop, de verhuring voor meer dan negen jaar, of de vestiging van erfpacht of opstalrecht van de verkaveling in haar geheel niet in aanmerking;
3°komt alleen de huur die erop gericht is de huurder te laten bouwen op het gehuurde goed in aanmerking.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt tijdige bebouwing door de verkavelaar conform de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, met verkoop gelijkgesteld.
§ 2. Een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden waarbij nieuwe wegen worden aangelegd of waarbij het tracé van bestaande gemeentewegen gewijzigd, verbreed of opgeheven wordt, vervalt van rechtswege als:
1°binnen een termijn van vijf jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot de oplevering van de onmiddellijk uit te voeren lasten of tot het verschaffen van waarborgen betreffende de uitvoering van deze lasten op de wijze, vermeld in artikel 75;
2°binnen een termijn van tien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de in paragraaf 1 vermelde rechtshandelingen ten aanzien van ten minste één derde van de kavels;
3°binnen een termijn van vijftien jaar na de afgifte van de definitieve omgevingsvergunning niet is overgegaan tot registratie van de in paragraaf 1 vermelde rechtshandelingen ten aanzien van ten minste twee derde van de kavels.
Voor de toepassing van het eerste lid wordt tijdige bebouwing door de verkavelaar conform de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden, met verkoop gelijkgesteld.
§ 3. Als de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het verkavelingsproject, worden de termijnen van verval, vermeld in de paragrafen 1 tot en met 2, gerekend per fase. Voor de tweede en volgende fasen worden de termijnen van verval dientengevolge gerekend vanaf de aanvangsdatum van de betrokken fase.
§ 4. Het verval, vermeld in paragraaf 1 en 2, 2° en 3°, geldt slechts ten aanzien van het niet bebouwde, verkochte, verhuurde of aan een erfpacht of opstalrecht onderworpen gedeelte van de verkaveling.
§ 5. Onverminderd paragraaf 4, kan het verval van rechtswege niet worden tegengesteld aan personen die zich op de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden beroepen als zij kunnen aantonen dat de overheid na het verval en ten aanzien van een of meer van hun kavels binnen de verkaveling, wijzigingen aan deze omgevingsvergunning heeft toegestaan of stedenbouwkundige of bouwvergunningen of stedenbouwkundige attesten heeft verleend in zoverre deze door de hogere overheid of de rechter niet onrechtmatig werden bevonden.
§ 6. De Vlaamse Regering kan maatregelen treffen aangaande de kennisgeving van het verval van rechtswege.
Artikel 103. De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9, behoudens als de verkaveling in strijd is met een vóór de datum van de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.
De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.
De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.
De termijnen van vijf, tien of vijftien jaar, vermeld in artikel 102, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
a) een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden in 3 kavels bestemd voor meergezinswoningen, 9 kavels voor eengezinswoningen, het rooien van bomen en aanleg van wegenis aan ADELAAR Projects bvba gelegen te Albatrosstraat , Alkstraat , Meeuwstraat en Meulestedekaai , 9000 Gent
De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.
Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.
Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.
Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.
Legt volgende voorwaarden op:
1.Bijzondere voorwaarden met betrekking tot de stedenbouwkundige voorschriften
De voorschriften worden als volgt aangepast:
Bijzondere voorwaarden op te nemen in de verkoopaktes
De bouwheren/kopers zijn verplicht een gescheiden systeem voor afvoer van afvalwater en oppervlaktewater (dakafvoer, regenwater) aan te leggen en aan te sluiten op de afvoerleiding voor respektievelijk afvalwater en oppervlaktewater.
2. Bijzondere voorwaarden met betrekking tot het bouwrijp maken van het terrein
Archeologie
De maatregelen in de archeologienota waarvan akte genomen op 7 april2025 met referentienummer ID32944 moeten uitgevoerd worden overeenkomstig het programma in die archeologienota, de voorwaarden bij de aktename, en het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013.
Legt volgende lasten op:
Bijkomend wordt volgende last 5 - bescheiden last opgelegd:
De gronden waarop de aanvraag betrekking heeft zijn geen eigendom van een Vlaams bestuur of Vlaamse semipublieke rechtspersoon. De norm voor het bescheiden woonaanbod bedraagt 20% (VCW art. 5.93, tweede lid, 2°). Voor deze aanvraag komt dit neer op 10 bescheiden woningen (20% van 48, afgerond naar het dichtstbijzijnde natuurlijk getal).
De last bescheiden wonen wordt uitgevoerd in natura en de aanvrager moet de uitvoering ervan waarborgen door (VCW art. 5.101, §2):
- ofwel het verlenen van een aankoopoptie voor de loten met het bescheiden woonaanbod aan een openbaar bestuur of een sociale woonorganisatie. Deze aankoopoptie moet worden verleend alvorens gebruik kan gemaakt worden van de vergunning.
- ofwel het stellen van een financiële waarborg van € 50.000 (x ABEX-index met als basis december 2008) + 20% = € 50.000 (x 1057/695) + 20% = € 91.252 per bescheiden woning (geïndexeerd juni 2025).
De last bescheiden wonen moet gewaarborgd worden alvorens gebruik te kunnen maken van de vergunning. De loten voor het bescheiden woonaanbod (goed voor 10 woningen) moeten gespecifieerd worden en voor deze loten moet ofwel een aankoopoptie verleend worden aan Stad Gent ofwel een financiële waarborg gesteld worden.
WAARBORG
De werken mogen pas starten nadat een afdoende waarborg is gesteld:
WAARBORG VOOR LASTEN IN NATURA
Als vergunninghouder ben je verplicht de in deze vergunning opgelegde lasten in natura financieel te waarborgen vóór je met de werken start.
Je kunt daarbij kiezen voor een bankwaarborg of een borgstelling via een overschrijving op de Deposito- en Consignatiekas.
Optie bankwaarborg:
De financiële instellingen die zich borg stellen voor de houder van de omgevingsvergunning moeten verplicht gebruik maken van een model van borgakte. Dit model van borgakte kan je opvragen bij de Dienst Stedenbouw en Ruimtelijke Planning, Balie Bouwen, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel 09 266 79 50 of via bouwen@stad.gent .
Optie storting in de Deposito- en Consignatiekas:
Alle info over deze mogelijkheid vind je terug op de website van de FOD Financiën, onder de categorie ‘Borgtocht gevraagd door een openbare instantie’. Kies je voor deze optie, vermeld dan steeds het nummer van de omgevingsvergunning (OMV_2025041405) en bouwen@stad.gent als emailadres van de Stad Gent.
BEDRAGEN, GOEDKEURING EN VRIJGAVE VAN DE WAARBORG
Deze financiële waarborg bedraagt:
- voor wegen- en rioleringswerken: de geraamde kostprijs zoals vastgelegd in het technisch dossier
- voor groenaanlegwerken: de geraamde kostprijs zoals vastgelegd in het technisch dossier
- voor nutsvoorzieningen (andere dan rioleringswerken): het bedrag vermeld in de offerte van de nutsmaatschappijen
- voor de kosteloze grondafstand: €40 per m²
- voor de bescheiden last: zie last 5.
Deze waarborg wordt verplicht gesteld vóór de aanvang van de vergunde werken en vereist een goedkeuring van het college van burgemeester en schepenen.
De waarborg wordt vrijgegeven na de voorlopige oplevering van de uit te voeren werken, na schriftelijk akkoord van het college van burgemeester en schepenen.
De waarborg voor de kosteloze grondafstand wordt vrijgegeven bij het verlijden van de akte van die grondoverdracht.
Het geheel van de lasten (uitgezonderd de kosteloze grondafstand) moet uitgevoerd zijn uiterlijk 5 jaar (bij SH en VK zonder wegen) of 10 jaar (bij VK met wegenaanleg) nadat de vergunning definitief en uitvoerbaar is geworden.
Artikel 77 §4 omgevingsvergunningendecreet luidt als volgt:
“De waarborg is opeisbaar of van rechtswege verworven ten belope van de waarde van de lasten die nog niet uitgevoerd zijn:
1° bij niet-naleving van de uitvoeringstermijnen voor de lasten, vermeld in de definitief uitvoerbare vergunning, waartegen geen beroep meer mogelijk is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen; 2° als de vergunning waarvoor lasten werden opgelegd, vervalt na gedeeltelijk te zijn uitgevoerd.”
Verkoopbaarheidsattest bij verkavelingen
Aangezien de lasten in natura maar uitgevoerd mogen worden nadat daarvoor de nodige financiële waarborgen zijn verstrekt (zie artikel 77§1 van het omgevingsvergunningsdecreet), volstaat de waarborg zoals hiervoor vermeld om het verkoopbaarheidsattest aan te vragen.
Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:
Vegetatie rond wadi’s op openbaar domein
De zones rond de wadi’s dienen ingericht te worden als maaibare vegetatie, in overeenstemming met het beheerregime van de wadi’s zelf.
Bemaling
Voor de periode tussen 15 maart en 15 oktober geldt dat bij droogte die 10 dagen aanhoudt (neerslagstation Vinderhoute – zie www.waterinfo.be), bevloeiing/infiltratie dient voorzien te worden in het Meulestedepark. Hiervoor dienen voorafgaandelijke afspraken gemaakt te worden met de Groendienst via groendienst@stad.gent of European Tree Worker/boomexpert.
Huisnummering
De bouwheer is zelf verantwoordelijk voor het aanvragen van een huisnummeringsattest na goedkeuring van de bouwvergunning. Aanvragen worden online ingediend. Deze informatie vindt men op de website van Stad Gent. https://stad.gent/nl/burgerzaken/verhuizen-en-adres/nieuw -huisnummer-aanvragen
Binnen een termijn van 30 dagen na de aanvraag vergezeld van de nodige documenten stelt de Stad het huisnummer dan wel de wijziging of schrapping vast, of worden de aanvrager en/of de eigenaar in kennis gesteld van de richttermijn waarbinnen de aanvraag zal worden behandeld.
Openbaar domein, plaatsbeschrijving, werfzone
De bouwheer/vergunninghouder is steeds verantwoordelijk voor beschadigingen aan de inrichting van het openbaar domein, groenaanleg, bermen, trottoirs, boordstenen, (straat)kolken en de rijweg, die te wijten zijn aan de bouwactiviteit. De dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen herstelt deze beschadigingen op kosten van de bouwheer/vergunninghouder.
De bouwheer/vergunninghouder moet voor de aanvang van de werken een tegensprekelijke plaatsbeschrijving opmaken van de omliggende trottoirs en wegenis met bijzondere aandacht voor de (straat)kolken.
Deze dient bezorgd te worden aan de dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, via afgifte op het Stadskantoor Gent, Woodrow Wilsonplein 1, 9000 Gent, tel.: 09/266 79 00, via e-mail: wegen@stad.gent of per post aan Stad Gent t.a.v. Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Botermarkt 1, 9000 Gent.
Deze dient ten laatste twee weken voor aanvang van de werken verstuurd of afgegeven te worden, indien deze laattijdig ingediend wordt kan deze niet als tegensprekelijk beschouwd worden.
U kan dit door een architect of landmeter laten doen maar u mag dit ook zelf opnemen. (u maakt een aantal algemene foto’s vergezeld van detailfoto’s met reeds aanwezige schade aan het openbaar domein. Bij elke foto zet u een beschrijving en u voegt een plannetje toe met aanduiding van de positie van de foto’s).
In functie van een werfzone op het openbaar domein is een vergunning Inname Publieke Ruimte noodzakelijk. U vraagt dit digitaal aan via de website www.stad.gent (typ tijdelijke werfzone in het zoekveld).