Terug
Gepubliceerd op 10/10/2025

2025_CBS_08703 - OMV_2025010387 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen en het verwijderen, verplaatsen en wijzigen van verschillende bestaande constructies (IIOA + SH); inclusief het ontwerp-MER (PR3739) - met openbaar onderzoek - Kuhlmannkaai, 9042 Gent - Advies

college van burgemeester en schepenen
do 09/10/2025 - 09:02 College Raadzaal
Datum beslissing: do 09/10/2025 - 08:47
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Hafsa El-Bazioui, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sofie Bracke, schepen; Evita Willaert, schepen; Burak Nalli, schepen; Filip Watteeuw, schepen; Christophe Peeters, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Liesbet Vertriest, adjunct-algemeendirecteur; Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter

Afwezig

Joris Vandenbroucke, schepen

Verontschuldigd

Bram Van Braeckevelt, schepen

Secretaris

Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2025_CBS_08703 - OMV_2025010387 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen en het verwijderen, verplaatsen en wijzigen van verschillende bestaande constructies (IIOA + SH); inclusief het ontwerp-MER (PR3739) - met openbaar onderzoek - Kuhlmannkaai, 9042 Gent - Advies 2025_CBS_08703 - OMV_2025010387 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen en het verwijderen, verplaatsen en wijzigen van verschillende bestaande constructies (IIOA + SH); inclusief het ontwerp-MER (PR3739) - met openbaar onderzoek - Kuhlmannkaai, 9042 Gent - Advies

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 24 en 42.

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Het college van burgemeester en schepenen geeft voorwaardelijk gunstig advies.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

DEME Environmental NV met als contactadres Scheldedijk 30, 2070 Beveren-Kruibeke-Zwijndrecht heeft een aanvraag (OMV_2025010387) ingediend bij de deputatie op 29 mei 2025.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit handelt over:

Onderwerp: het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen en het verwijderen, verplaatsen en wijzigen van verschillende bestaande constructies (IIOA + SH); inclusief het ontwerp-MER (PR3739)

• Adres: Kuhlmannkaai 13, 9042 Gent

Kadastrale gegevens:  sectie A nrs. 13V3, 13L4, 902K, 902R, 902D, afdeling 14 sectie X nrs. 48K6, 48L6, 660X, 662G, 662E, 662H en 662K

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 20 augustus 2025.

De deputatie heeft het college van burgemeester en schepenen om advies gevraagd op 21 augustus 2025.

De aanvraag volgde de gewone procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 2 oktober 2025.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De aanvraag betreft een gecombineerde omgevingsvergunningsaanvraag met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen en het verwijderen, verplaatsen en wijzigen van verschillende bestaande constructies (IIOA + SH).
 

Het Recyclagecentrum (RC) Gent, gelegen aan de Kuhlmannkaai 13 te Gent/Evergem, is op heden een vestiging van DEME Environmental die zich richt op de op- en overslag en verwerking van niet-gevaarlijke, anorganische en minerale afvalstromen. Het centrum is sinds 2022 in exploitatie en werd ingericht op de gesaneerde terreinen van lot  2 (ca. 11 ha) van de voormalige “Kuhlmannsite”.

Recent heeft DEME Environmental delen van aangrenzende gesaneerde loten 3 en 4 (in totaal ca. 9 ha), die behoren tot dezelfde voormalige industriële site als lot 2, verworven. Vanwege de centrale ligging in Vlaanderen en de goede ontsluiting via weg en water, wordt beoogd het bestaande centrum verder uit te breiden tot een all-round verwerkingscentrum. Op deze manier wil DEME Environmental passende oplossingen bieden voor verschillende types klanten die te maken hebben met gecontamineerde afvalstoffen.

In het kader van de beoogde uitbreiding voor de opslag en verwerking van nieuwe afvalstromen zal er bijkomende infrastructuur, zoals loodsen en laguneringsvelden, worden voorzien i.f.v. een geconditioneerde afvalverwerking. Verder wordt in deze aanvraag eveneens rekening gehouden met de toekomstige ontwikkelingen in de omgeving waarbij een nieuwe openbare wegenis wordt voorzien De aanleg van deze weg (OMV_2024122417), is vergund op 26/05/2025.

 

Het bedrijf ligt deels op het grondgebied van de gemeente Evergem en deels op dit van de stad Gent. Voor de industriële herontwikkeling van de projectsite een brownfielsconvenant werd afgesloten, gekend als Brownfieldconvenant 54 “herontwikkeling Kuhlmann Site”.

 

Volgende stedenbouwkundige handelingen worden aangevraagd:

 

  • Verwijderen, wijzigen en verplaatsen van de volgende constructies

-          De bureaucontainers en fiets/berging worden verwijderd.

-          Het bestaande windreductiescherm langs de bestaande bureaucontainers wordt verplaatst en ten noorden van de loods wordt het scherm verwijderd.

-          Het bestaande laguneringsveld wordt gewijzigd. De capaciteit wordt verhoogd naar de reële capaciteit 7.700 m³ en de lagunering wordt heringericht met nieuwe stortputten in beton.

-          Wijziging beregeningssysteem voor stofreductie naar 4 sproeipunten in plaats van 12.

-          De bestaande fysicochemische wasinstallatie wordt verplaatst. Deze zal worden geïntegreerd in een gesloten systeem, bestaande uit een loods uitgerust met ruimte- en puntafzuiging, met nabehandeling via stof- en actiefkoolfiltratie.

-          Het verplaatsten van het aangelegde groenscherm. De vegetatie van het bestaande groenscherm wordt, waar nodig verplant naar het nieuwe groenscherm.

-          Het infiltratiebekken wordt gewijzigd in een bufferbekken voor hergebruik.

-          De bestaande omheining met een hoogte van 2,40m en stofdoek aan de westelijke projectgrens wordt verplaatst naar de nieuwe projectgrens ten westen van de site.

-          De infiltratiegracht aan de westelijke zijde wordt gedempt. Aan de oostelijke zijde wordt deze vervangen door een ondoorlatende gracht met betonelementen.

 

  • Regularisatie van de bestaande loods werd oorspronkelijk vergund met een gevelbekleding in groene (RAL6018) geprofileerde staalplaten. Tijdens de uitvoering werd gekozen om de staalplaten in het antraciet te voorzien.

 

  • Regularisatie technisch lokaal en watertank waterzuiveringsinstallatie. Het bijkomend technisch lokaal is 91m² en bestaat uit een gelijkvloers met plat dak. In dit gebouw wordt ook het labo ondergebracht. De kroonlijsthoogte bedraagt 3.50m. De wateropslagtank werd opgebouwd in beton, heeft een diameter van 10,96m en is 5,77m hoog.

 

  • Bouwen van 4 nieuwe Loodsen A, B, C, D

Centraal op het terrein worden nieuwe loodsen gebouwd met oog op de opslag van bijkomende types afvalstoffen en de uitbreiding van de verwerkingstechnieken. De gebouwen hebben een gezamenlijke oppervlakte van 20.797m².

-          Bij loodsen A en B is de kroonlijst 16,35m, en de nok bevindt zich op 17,35m boven het afgewerkt terrein. Ter hoogte van loods A worden ondergrondse stortbunkers ingericht voor de opslag en verwerking van afvalstoffen.

-          Loodsen C en D hebben een kroonlijsthoogte van 16,35m en een nokhoogte van 17,60m. Alle gevels zijn voorzien van een grondkerende betonplint van 5m hoog, met daarboven een afwerking in antraciet geprofileerde staalplaten. Binnen loods C worden ondergrondse stortbunkers ingericht voor de opslag en verwerking van afvalstoffen.

 

  • Bouwen nieuwe open loodsen E en F

Aansluitend tegen loodsen C en D, worden 2 open loodsen E en F gebouwd voor een totale oppervlakte van 17.602m². Deze loodsen worden eveneens gebouwd voor de acceptatie en verwerking van bijkomende types afvalstoffen. De loodsen hebben een kroonlijsthoogte van 16,35m en een nokhoogte van 17,60m boven het omliggende terrein. De gevels zijn opgebouwd uit een grondkerende betonplint van 5m hoog, met daarboven een stofscherm. De daken zijn opgebouwd uit geprofileerde staalplaat onder een helling van 5%.

 

  • Bouwen 2 overkappingen

Centraal op de site worden 2 overdekte laguneringsvelden aangelegd. De overkapping van deze laguneringsvelden maakt deel uit van een proefproject dat tot doel heeft te onderzoeken in welke mate het laguneringsproces kan worden geoptimaliseerd door het elimineren van invallend hemelwater. De 2 laguneringsvelden (voor in totaal 20.000m²) hebben een ondoorlatende bodem en grond kerende wanden langs de buitenzijdes. Op de wanden wordt een staalstructuur gemonteerd met een volledig licht doorlatend dak, nokhoogte 17,82m boven het omliggende terrein

 

  • Aanleggen van 2 open laguneringsvelden

Naast de overkappingen worden nog 2 traditionele laguneringsvelden in openlucht aangelegd met een oppervlakte van circa 20.800m². De velden worden opgebouwd uit een vloeistofdichte ondergrond en grondkerende wanden langs de buitenzijde.

 

  • Bouwen van een onthaal- en kantoorgebouw

Het gebouw bestaat uit een gelijkvloerse en 1e verdieping. Op het gelijkvloers wordt een kleedruimte, onthaal, sanitaire voorzieningen en bureaus ondergebracht. De eerste verdieping omvat een vergaderruimte, bureaus, sanitair, een refter en een terras. Het kantoor is voorzien van een plat dak waarop zonnepanelen worden gelegd. De gevelafwerking van het nieuw kantoorgebouw is in grijze gladde betonpanelen en het buitenschrijnwerk is in grijs aluminium met groene aluminium opvulpanelen. De kroonlijsthoogte bedraagt 8,00m en de vloeroppervlakte is 596,4m². Aan weerszijden van het kantoorgebouw wordt een weegbrug aangelegd, resp. voor het in- en uitrijdende vrachtverkeer.

 

  • Bouwen workshop gebouw met sociale voorzieningen werknemers en fietsenstalling.

Ten noorden van het nieuwe kantoorgebouw wordt een workshop met daarin een werkatelier en lockers op het gelijkvloers en sociale ruimtes (kleedkamers, refter, sanitair) op de 1e verdieping. Het betonnen gebouw heeft een luifel aan de noordzijde, en is voorzien van een plat dak met zonnepanelen waarvan de kroonlijsthoogte op 8m00 ligt. De totale bruikbare vloeroppervlakte van het gebouw bedraagt 600m². Zuidelijk tussen de parking en de workshop wordt een nieuwe overdekte en afsluitbare fietsenstalling voorzien met plaats voor 32 fietsen. De fietsenberging heeft een oppervlakte van 29,40m² en de gevelafwerking wordt voorzien in grijze geprofileerde staalplaten.

 

  • Bouwen van een magazijn

Ten zuiden van loods D wordt een klein magazijn gebouwd van 150m². Het betreft een prefab betonnen gebouw bestaande uit een gelijkvloers en een plat dak, kroonlijsthoogte 7,00m.

 

  • Bouwen van 2 sanitaire gebouwen

Op de site worden 2 nieuwe prefab hoogspanningscabines gebouwd, één ter hoogte van het workshopgebouw en één ter hoogte van de immobilisatie-unit.

 

  • Bouwen opslagtank water en bijhorend pomplokaal

Ten noorden van de site wordt een bovengrondse opslagtank gebouwd voor opslag van water/ waterig vloeibaar afval i.k.v. de bevoorrading van het immobilisatieproces. De ronde tank heeft een diameter van 8,00 m en is 5,77 hoog. Om de tank te kunnen vullen wordt ten westen een pompenlokaal gebouwd

 

  • Ondoorlatende verharding rondom volledige site

Rondom de volledig nieuwe site wordt een nieuwe ondoorlatende verharding aangelegd in functie van rijbanen, stockage en parking. De toplaag hiervan bestaat uit een dubbele asfaltlaag met betonslurry. Verder worden de nieuwe vloeistofdichte laguneringsvelden (samen 20.800 m²), bufferbekkens en de ondoorlatende betongrachten in rekening gebracht voor de bepaling van de afwaterende oppervlakte.

-          Een deel van de nieuwe verharding (54.515 m²) kan mogelijks verontreinigd worden door opslag, verwerking en logistieke handeling van afvalstoffen. De verharding wordt zodanig geprofileerd dat het afstromende water wordt afgevoerd naar ofwel ondoorlatende contourgrachten, ofwel naar de interne riolering. Beide systemen leiden het water uiteindelijk naar het influentbufferbekken, vanwaar het verder behandeld wordt in de waterzuiveringsinstallatie op de site.

-          Een deel van de nieuwe ondoorlatende verharding (17.058 m²) zal niet potentieel verontreinigd worden door de activiteiten van het centrum. Het invallende hemelwater op deze oppervlaktes stroomt gravitair af naar de ondoorlatende grachten die op hun beurt worden afgeleid naar het bufferbekken zuid. 

 

  • Parking

Ten westen van het kantoorgebouw wordt op de nieuwe asfaltverharding een parking aangelegd van 37 parkeerplaatsen, waarvan 25 plaatsen voorzien zijn van een elektrische laadpalen. In de groene berm langs de 12 parkeerplaatsen voor personenwagens worden minstens 3 hoogstammige bomen geplaats (1 per 5 parkeerplaatsen).

 

  • Aanleg waterbekken en bufferbekken

Het vergunde infiltratiebekken is niet aangelegd, gezien het in voorliggende vergunningsaanvraag wordt gewijzigd naar een bufferbekken.

 

  • Reliëfwijziging terrein

De volledige site wordt opgebouwd bovenop het bestaande maaiveld. Via een groene berm onder talud 45° wordt rondom de aansluiting gemaakt met het bestaande maaiveld van de inrichting en het niveau van de omliggende percelen.

 

  • Nieuw windreductiescherm

De opbouw van het scherm blijft gelijk aan het bestaande, nl. gestapelde betonstenen tot 4m boven het bestaande maaiveld met daarop een 3m hoge staalstructuur voorzien van een stofreductiedoek.

 

  • Diverse werken

- Het plaatsen van een wielwasinstallatie voor het vrachtverkeer dat de site terug verlaat;

- Het plaatsen van twee nieuwe weegbruggen;

- De inrichting van een afspuitzone voor het reinigen van eigen rollend materiaal;

- Het voorbehouden van diverse parkeerplaatsen en oplaadpunten voor werfwagens en werfmateriaal;

- De plaatsing van omheining bestaande uit gaashekwerk met een hoogte van 2m40 op de

projectgrens waar nog geen omheining werd voorzien.


Beschrijving van de aangevraagde inrichtingen of activiteiten

Het betreft het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen en het verwijderen, verplaatsen en wijzigen van verschillende bestaande constructies (IIOA + SH); inclusief het ontwerp-MER (PR3739).

 

 

Volgende rubrieken worden aangevraagd:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

2.1.1.a)2°

andere afvalstoffen dan de afvalstoffen, vermeld in b), meer dan 100 ton | uitbreiding van deze rubriek door middel van:

- toevoeging terrein

- uitbreiding van de afvalstromen onder de categorie slibs, overige afvalstoffen en puin

- uitbreiding van de opslagcapaciteit van de bestaande afvalstoffen, zijnde 1.680 ton voor residu's, 7.608 ton voor ontwaterde slibs (voorgaand benoemd als onderdeel van ontwaterde stromen) en 30.000 ton overige afvalstoffen (voorgaand onder noemer ontwaterde stromen en sorteerzeefzand).

- uitbreiding door toevoeging van volgende afvalstofffen en opslagcapaciteiten: grondbrij en bentonietspecie (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton), vast afval van BSP's (10.000 ton), actief kool (8.000 ton) en gips- en gipshoudend afval (15.000 ton) | klasse 1 | Verandering

93208 ton

2.1.1.b)

al dan niet een combinatie van de opslag van gemengde afvalstoffen, mengsels van afvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen | de opslag van maximaal 63.000 ton afvalstoffen die ingedeeld zijn als gevaarlijk die niet aan de verwerking van afvalstoffen verbonden zijn, zijnde grondbrij of bentonietspecie (5.000 ton ), residu's (5.000 ton), slibs (5.000 ton), puin (5.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), vast afval van BSP's (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton), actief kool (8.000 ton) en TAG (5.000 ton) | klasse 1 | Nieuw

63000 ton

2.1.2.d)2°

opslag en overslag van afvalstoffen die niet aan verwerking verbonden zijn, met een opslagcapaciteit van (overslag van afvalstoffen is het bijeenvoegen van gelijksoortige afvalstoffen in grotere recipiënten of transportmiddelen met het oog op een rendabeler transport ervan): meer dan 1 ton andere afvalstoffen dan de afvalstoffen,  vermeld in e) en f) meer dan 100 ton | uitbreiding van deze rubriek door middel van:

- toevoeging terrein

- uitbreiding van de afvalstromen onder de categorie slibs, overige afvalstoffen en puin

- uitbreiding van de opslagcapaciteit van de bestaande afvalstoffen, zijnde 1.680 ton voor residu's, 7.608 ton voor ontwaterde slibs (voorgaand benoemd als onderdeel van ontwaterde stromen) en 30.000 ton overige afvalstoffen (voorgaand onder noemer ontwaterde stromen en sorteerzeefzand).

- uitbreiding door toevoeging van volgende afvalstofffen en opslagcapaciteiten: grondbrij en bentonietspecie (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton), vast afval van BSP's (10.000 ton), actief kool (8.000 ton) en gips- en gipshoudend afval (15.000 ton) | klasse 1 | Verandering

93208 ton

2.1.2.f)

opslag en overslag van afvalstoffen die niet aan verwerking verbonden zijn, met een opslagcapaciteit van (overslag van afvalstoffen is het bijeenvoegen van gelijksoortige afvalstoffen in grotere recipiënten of transportmiddelen met het oog op een rendabeler transport ervan): meer dan 1 ton afvalstoffen, bestaande uit al dan niet een combinatie van gemengde afvalstoffen, zoals bepaald in rubriek 2.1.1.b), mengsels van afvalstoffen, zoals bepaald in rubriek 2.1.1.b), en gevaarlijke afvalstoffen | de opslag en overslag van maximaal 63.000 ton afvalstoffen die ingedeeld zijn als gevaarlijk die niet aan de verwerking van afvalstoffen verbonden zijn, zijnde grondbrij of bentonietspecie (5.000 ton ), residu's (5.000 ton), slibs (5.000 ton), puin (5.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), vast afval van BSP's (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton), actief kool (8.000 ton) en TAG (5.000 ton) | klasse 1 | Nieuw

63000 ton

2.1.3.2°

beperkte mechanische activiteiten bij een tussentijdse opslagplaats voor uitgegraven bodem die niet voldoet aan een toepassing als vermeld in het Bodemdecreet en het Vlarebo (meer dan 10 000 m³) | uitbreiding van deze rubriek door middel van:

- toevoeging terrein

- uitbreiding van de opslagcapaciteit met 230.205 m³

- toevoeging dat van de opslagcapaciteit max. 53.000 m³ uitgegraven bodem ingedeeld kan zijn als gevaarlijk | klasse 1 | Verandering

230205 m³

2.2.2.f)2°

opslag en mechanische behandeling van andere niet gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 100 ton) | uitbreiding van deze rubriek d.m.v.:

- toevoeging terrein

- uitbreiding van de afvalstromen onder de categorie slibs, overige afvalstoffen, en puin

- uitbreiding door toevoeging van volgende afvalstoffen en opslagcapaciteiten voor de behandeling d.m.v. zeven: grondbrij of bentonietspecie (5.000 ton), vast afval van BSP's (10.000 ton) assen en slakken (20.000 ton), en gips- en gipshoudend afval (15.000 ton)

- uitbreiding van de opslag van de bestaande afvalstoffen, zijnde 1.680 ton residu's, 7.608 ton ontwaterde slibs (voorgaand benoemd als onderdeel van ontwaterde stromen) en 30.000 ton overige afvalstoffen (voorgaand onder noemer ontwaterde stromen en sorteerzeefzand).

-uitbreiding door toevoeging van slakken aan de behandeling d.m.v. breken | klasse 1 | Verandering

85208 ton

2.2.2.g)2°

opslag en mechanische behandeling van gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 1 ton) | de opslag en mechanische behandeling d.m.v. zeven incl. beperkte sorteerhandelingen (bv. inzet windzifter, magneetbanden of handpicking) met een opslagcapaciteit van 55.000 ton, zijnde grondbrij of bentonietspecie (5.000 ton), residu's (5.000 ton), slibs (5.000 ton), puin (5.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), vast afval van BSP's (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton) en TAG (5.000 ton); en de mechanische behandeling d.m.v. breken van puin, vast afval van BSP's, en assen en slakken | klasse 1 | Nieuw

55000 ton

2.2.3.f)2°

andere biologische behandelingsinstallaties van niet gevaarlijke afvalstoffen met een inhoudscapaciteit van meer dan 25 m³ | de opslag en biologische behandeling van verontreinigde grond met een inhoudscapaciteit van 13.250 m³ | klasse 1 | Nieuw

13250 m³

2.2.3.g)

Opslag en biologische behandeling van gevaarlijke afvalstoffen | de opslag en biologische behandeling van verontreinigde grond met een inhoudscapaciteit van 13.250 m³ | klasse 1 | Nieuw

13250 m³

2.2.5.a)3°

opslag en fysisch-chemische behandeling al of niet in combinatie met mechanische behandeling, van niet gevaarlijke slibs (meer dan 25 ton) | uitbreiding van deze rubriek door middel van:

- toevoeging terrein

- uitbreiding door toevoeging van industriële slibs of filterkoek bij de oplijsting aan slibs waarop fysisch chemische behandeling kunnen uitgevoerd worden;

- toevoeging bijkomende fysico-chemische behandelingstechnieken zoals ontwatering d.m.v. een mechanische installatie, het toevoegen van toeslagstoffen/additivieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie; en natte extractieve reiniging.

-verduidelijking dat mechanische behandeling zeven betreft | klasse 1 | Verandering

20458 ton

2.2.5.b)2°

opslag en fysisch-chemische behandeling al of niet in combinatie met mechanische behandeling van gevaarlijke slibs (meer dan 1 ton) | de opslag en fysisch-chemische behandeling, al dan niet in cominatie met een mechanische behandeling (zeven), waardonder ontwateren (in een laguneringsveld of d.m.v. een mechanische installatie); het toevoegen van toeslagstoffen/additivieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie; en waaronder een natte extractieve reiniging van gevaarlijke slibs zijnde, straatkolkenslib, kalkslib, grout- en boorspecie, drinkwaterproductieslib, slib uit open of gesloten rioleringsstelsel, gipsslib, mineraal of calciumhoudend slib, anorganisch slib van waterzuivering en bij gaszuivering verkregen slib, bij gaszuivering verkregen filterkoek, industriële slibs of filterkoek. | klasse 1 | Nieuw

25000 ton

2.2.5.e)3°

opslag en fysisch-chemische behandeling al of niet in combinatie met mechanische behandeling, van andere niet gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 25 ton) | uitbr van deze rubriek d.m.v.:

- toev terrein

- toev van de afvalst voor fc behandeling d.m.v. een natte extractieve reiniging, zijnde puin (50.000 ton), overige afvalstoffen (30.000 ton), vast afval van BSP's (10.000 ton), assen en slakken (20.000 ton); en uitbr van de opslagc van vergunde afvalst. met 368.328 ton

- toev van afvalst voor fc behandeling d.m.v. ontwateren, zijnde grondbrij en bentonietspecie (35.000 ton); en uitbr van de opslagc van vergunde afvalst met 5.458 ton;

- toev van de fc behandeling d.m.v. ontwateren met een mechanische installatie

- toev van de fc behandeling door het toev van toeslagst/additieven i.k.v. immob, structuurverbetering of neutralisatie van (verontr) grond (521.600 ton), grondbrij en bentonietspecie (5.000 ton), residu's (10.000 ton), puin (50.000 ton), overige afvalst (30.000 ton), vast afval van BSP's (10.000 ton), assen en slakken (20.000 ton), en gips- en gipshoudend afval (15.000 ton)

- toev mech voorbeh door verkleinen | klasse 1 | Verandering

408786 ton

2.2.5.f)2°

opslag en fysisch-chemische behandeling al of niet in combinatie met mechanische behandeling, van andere gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 1 ton) | De opslag en fysisch-chemische behandeling, al of niet in combinatie met mechanische behandeling (zeven of verkleinen), van andere niet-gevaarlijke afvalstoffen met een opslagcapaciteit van maximaal 139.800 ton, waaronder ontwatering (in laguneringsveld of d.m.v. een mechanische installatie) van grondbrij en bentonietspecie (35.000 ton); en zandvangersmateriaal en veegvuil (20.000 ton); het toevoegen van toeslagstoffen/additieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie van (verontreinigde) grond (84.800 ton), grondbrij en bentonietspecie (5.000 ton), residu's (5.000 ton), puin (5.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), vast afval van BSP's (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton); en waaronder een natte extractieve reiniging (fyisco-chemische wasinstallatie) van verontreinigde grond (84.800 ton), puin (5.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), vast afval van BSP's (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton) | klasse 1 | Nieuw

139800 ton

2.2.8.a)

opslag (in afwachting van behandeling) van baggerspecie | uitbreiding van deze rubriek door middel van:

- toevoeging terrein

- toevoeging van 83.780 m³ en de verduidelijking dat de opslag in afwachting van behandeling van niet-steekvaste specie zal gebeuren in daartoe ingerichte laguneringsvelden | klasse 3 | Verandering

83780 m³

2.2.8.b)

mechanische, fysisch-chemische of biologische behandeling van baggerspecie | uitbreiding van deze rubriek door middel van:

- toevoeging terrein

- uitbreiding van de opslagcapaciteit met 83.780 m³

- toevoeging fysico-chemische behandelingen waaronder ontwateren (in laguneringsveld of d.m.v. een mechanische installatie); waarondeer een natte extractieve reiniging; en waaronder het toevoegen van toeslagstoffen/additieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie

- toevoeging van biologische behandeling (extensief) | klasse 3 | Verandering

83780 m³

2.3.1.a)

opslag en mechanische behandeling van niet gevaarlijke afvalstoffen - andere dan rubriek 2.3.7 | de opslag en mechanische behandeling d.m.v. zeven incl. beperkte sorteerhandelingen (bv. inzet windzifter, magneetbanden of handpicking) met een opslagcapaciteit van 135.000 ton, zijnde  verontreinigde grond (50.000 ton), grondbrij en bentonietspecie (5.000 ton), residu's (10.000 ton), slibs (10.000 ton), overige afvalstoffen (10.000 ton), vast afval van BSP's (10.000 ton), puin (5.000 ton),  assen en slakken (20.000 ton), gips- en gipshoudend afval (15.000 ton); en de mechanische behandeling d.m.v. breken t.b.v. puin, vast afval van BSP's, en slakken en assen | klasse 1 | Nieuw

135000 ton

2.3.1.b)

opslag en mechanische behandeling van gevaarlijke afvalstoffen - andere dan rubriek 2.3.7 | de opslag en mechanische behandeling d.m.v. zeven incl. beperkte sorteerhandelingen (bv. inzet windzifter, magneetbanden of handpicking) met een maximale opslagcapaciteit van 84.800 ton, zijnde verontreinigde grond (50.000 ton), grondbrij en bentonietspecie (5.000 ton), residu's (5.000 ton), slibs (5.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), vast afval van BPS's (5.000 ton), puin (5.000 ton), en assen en slakken (20.000 ton); en de mechanische behandeling d.m.v. breken t.b.v. puin, vast afval van BSP's, en assen en slakken | klasse 1 | Nieuw

84800 ton

2.3.2.a)2°

opslag en fysisch-chemische behandeling van meer dan 25 ton niet gevaarlijke slibs - andere dan rubriek 2.3.7 | de opslag en fysisch-chemische behandeling, al dan niet in cominatie met een mechanische behandeling (zeven), waardonder ontwateren (in een laguneringsveld of d.m.v. een mechanische installatie); het toevoegen van toeslagstoffen/additivieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie; en waaronder een natte extractieve reiniging van niet-gevaarlijke slibs zijnde, straatkolkenslib, kalkslib, grout- en boorspecie, drinkwaterproductieslib, slib uit open of gesloten rioleringsstelsel, gipsslib, mineraal of calciumhoudend slib, anorganisch slib van waterzuivering en bij gaszuivering verkregen slib, bij gaszuivering verkregen filterkoek, industriële slibs of filterkoek, met een opslagcapaciteit van 35.000 ton. | klasse 1 | Nieuw

35000 ton

2.3.2.b)

opslag en fysisch-chemische behandeling van van gevaarlijke slibs - andere dan rubriek 2.3.7 | de opslag en fysisch-chemische behandeling, al dan niet in cominatie met een mechanische behandeling (zeven), waardonder ontwateren (in een laguneringsveld of d.m.v. een mechanische installatie); het toevoegen van toeslagstoffen/additivieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie; en waaronder een natte extractieve reiniging van gevaarlijke slibs zijnde, straatkolkenslib, kalkslib, grout- en boorspecie, drinkwaterproductieslib, slib uit open of gesloten rioleringsstelsel, gipsslib, mineraal of calciumhoudend slib, anorganisch slib van waterzuivering en bij gaszuivering verkregen slib, bij gaszuivering verkregen filterkoek, industriële slibs of filterkoek. | klasse 1 | Nieuw

25000 ton

2.3.2.e)2°

opslag en fysisch-chemische behandeling van meer dan 25 ton andere niet gevaarlijke afvalstoffen - andere dan rubriek 2.3.7 | De opslag en fysisch-chemische behandeling, al of niet in combinatie met mechanische behandeling (zeven of verkleinen), van andere niet-gevaarlijke afvalstoffen met een opslagcapaciteit van maximaal 180.000 ton, waaronder ontwatering (in laguneringsveld of d.m.v. een mechanische installatie) van grondbrij en bentonietspecie (35.000 ton); en zandvangersmateriaal en veegvuil (20.000 ton); het toevoegen van toeslagstoffen/additieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie van verontreinigde grond (50.000 ton), grondbrij en bentonietspecie (5.000 ton), residu's (10.000 ton), overige afvalstoffen (10.000 ton), puin (5.000 ton), gips- en gipshoudend afval (15.000 ton), vast afval van BSP's (10.000 ton), assen en slakken (20.000 ton), en waterig vloeibaar afval (200 m³); en waaronder een natte extractieve reiniging van verontreinigde grond (20.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), puin (5.000 ton), vast afval van BSP's (10.000 ton), assen en slakken (5.000 ton). | klasse 1 | Nieuw

180000 ton

2.3.2.g)

opslag en fysisch-chemische behandeling (al of niet in combinatie met mechanische behandeling) van andere gevaarlijke afvalstoffen | De opslag en fysisch-chemische behandeling, al of niet in combinatie met mechanische behandeling (zeven/verkleinen), van andere gevaarlijke afvalstoffen met een opslagc van max. 139.800 ton, waaronder ontwatering (in laguneringsveld of d.m.v. een mechanische installatie) van grondbrij en bentonietspecie (35.000 ton); en zandvangersmateriaal en veegvuil (20.000 ton); het toevoegen van toeslagstoffen/additieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie van (verontreinigde) grond (50.000 ton), grondbrij en bentonietspecie (5.000 ton), residu's (5.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), puin (5.000 ton), vast afval van BSP's (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton) en waterig vloeibaar afval (200 m³); en waaronder een natte extractieve reiniging van verontreinigde grond (20.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), puin (5.000 ton), vast afval van BSP's (5.000 ton), assen en slakken (5.000 ton). | klasse 1 | Nieuw

139800 ton

2.3.7.c)

opslag van bagger- of ruimingsspecie in afwachting van behandeling | de opslag in afwachting van behandeling van maximaal 145.250 m³ waarvan 114.000 m³ niet-steeksvaste bagger- en ruimingsspecie opgeslagen in daartoe ingerichte laguneringsvelden; en 31.250 m³ steekvaste bagger- en ruimingsspecie | klasse 2 | Nieuw

145250 m³

2.3.7.d)

mechanische, fysisch-chemische of biologische behandeling van bagger- of ruimingsspecie | de opslag en behandeling van maximaal 145.250 m³ bagger- en ruimingsspecie waaronder de mechanische behandeling door zeven; de fyisco-chemische behandeling door ontwateren (in laguneringsveld of d.m.v. een mechanische installatie), het toevoegen van toeslagstoffen/ additieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie; waaronder een natte extractieve reiniging en waaronder de biologische behandeling (extensief) | klasse 2 | Nieuw

145250 m³

2.3.9.

installaties voor de verwijdering van niet-gevaarlijke afvalstoffen, met een capaciteit van meer dan 50 ton per dag, met uitzondering van de installaties, vermeld in 2.4.3, a), i en ii

 

(Er kan een overlapping zijn met andere deelrubrieken van rubriek 2.3.) | Installaties voor de verwijdering (m.n. een zeef of breker) van niet-gevaarlijke afvalstoffen, zijnde verontreinigde grond, grondbrij en bentonietspecie, bagger- en ruimingsspecie, puin, residu's, slibs, overige afvalstoffen, vast afval van BSP's, assen en slakken, en gips- en gipshoudend afval met een verwerkingscapaciteit van 3.635 ton/dag voor de zeef en van 2.500 ton/dag voor een breker. | klasse 1 | Nieuw

6135 ton/dag

2.4.1.a)

verwijdering of nuttige toepassing van gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 10 ton/dag) door middel van a) biologische behandeling | de verwijdering of nuttige toepassing van gevaarlijke afvalstoffen d.m.v. biologische behandeling met een capaciteit van 169.200 ton/dag, waarvan maximaal 148.200 ton extensieve behandeling van bagger- en ruimingsspecie inherent aan het laguneringsproces en maximaal 21.000 ton intensieve bioremediatie van verontreinigde gronden in een gesloten loods voorzien van gepaste luchtzuivering. | klasse 1 | Nieuw

169200 ton/dag

2.4.1.b)

verwijdering of nuttige toepassing van gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 10 ton/dag) door middel b) fysisch-chemische behandeling | de verwijdering of nuttige toepassing van gevaarlijke afvalstoffen met een capaciteit van 176.755 ton/dag, waarvan 168.200 ton/dag voor het ontwateren van afvalstoffen, zijnde bagger- en ruimingsspecie (148.200 ton), grondbrij en bentonietspecie (35.000 ton), en overige afvalstoffen of slibs (20.000 ton); waarvan 5.195 ton/dag voor het toevoegen van toeslagstoffen en additieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie aan afvalstoffen, zijnde verontreinigde grond, bagger- en ruimingsspecie grondbrij en bentonietspecie, residu's, overige afvalstoffen, vast afval van BSP's, puin, assen en slakken, gips- en gipshoudend afval en waterige vloeibare afvalstoffen; en waarvan 3.360 ton/dag voor de natte extractieve reiniging van verontreinigde grond, bagger- en ruimingsspecie, puin, overige afvalstoffen, vast afval van BSP's, slibs, en slakken en assen. | klasse 1 | Nieuw

176755 ton/dag

2.4.1.d)

verwijdering of nuttige toepassing van gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 10 ton/dag) door middel van d) herverpakking voorafgaand aan een van de onder rubriek 2.4.1 en 2.4.2 vermelde behandelingen | de verwijdering of nuttige toepassing van gevaarlijke afvalstoffen d.m.v. herverpakking voorafgaand aan één van de behandelingen vermeld in rubriek 2.4.1 en 2.4.2 met een capaciteit van 100 ton/dag voor het herverpakken van actief kool. | klasse 1 | Nieuw

100 ton/dag

2.4.1.f)

verwijdering of nuttige toepassing van gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 10 ton/dag) door middel van f) recycling/terugwinning van andere anorganische materialen dan metalen of metaalverbindingen | de verwijdering of nuttige toepassing van gevaarlijke afvalstoffen, zijnde verontreinigde grond, bagger- en ruimingsspecie, puin, slib, overige afvalstoffen, vast afval van BSP's, slakken en assen, met een capaciteit van 3.360 ton/dag door middel van recycling/terugwinning van andere anorganische materialen dan metalen of metaalverbindingen door een natte extractieve reiniging. | klasse 1 | Nieuw

3360 ton/dag

2.4.3.a)2°

verwijdering van niet-gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 50 ton/dag) door middel van fysisch-chemische behandeling - activiteiten vermeld in rubriek 3.6.4 uitgezonderd | de verwijdering van niet-gevaarlijke afvalstoffen door middel van een fysisch chemische behandeling met een capaciteit van 176.755 ton/dag, waarvan 168.200 ton/dag voor het ontwateren van afvalstoffen, zijnde bagger- en ruimingsspecie (148.200 ton), grondbrij en bentonietspecie (35.000 ton), en overige afvalstoffen of slibs (20.000 ton); waarvan 5.195 ton/dag voor het toevoegen van toeslagstoffen en additieven i.k.v. immobilisatie, structuurverbetering of neutralisatie van verontreinigde grond, bagger- en ruimingsspecie, grondbrij en bentonietspecie, residu's, overige afvalstoffen, vast afval van BSP's, puin, gips- en gipshoudend afval, assen en slakken, en waterig vloeibaar afval; en waarvan 3.360 ton/dag door een natte extractieve reiniging van verontreinigde grond, bagger- en ruimingsspecie, puin, slibs, overige afvalstoffen, vast afval van BSP's, en assen en slakken. | klasse 1 | Nieuw

176755 ton/dag

2.4.3.a)3°

verwijdering van niet-gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 50 ton/dag) door middel van voorbehandeling van afval voor verbranding of meeverbranding- activiteiten vermeld in rubriek 3.6.4 uitgezonderd | de verwijdering van niet-gevaarlijke afvalstoffen door middel van een voorbehandeling van afval voor verbranding of meeverbranding, zijnde het ontwateren van slibs of overige afvalstoffen met een capaciteit van 20.000 ton/dag. | klasse 1 | Nieuw

20000 ton/dag

2.4.3.a)4°

verwijdering van niet-gevaarlijke afvalstoffen (meer dan 50 ton/dag) door middel van behandeling van slakken en as - activiteiten vermeld in rubriek 3.6.4 uitgezonderd | de verwijdering van niet-gevaarlijke afvalstoffen met een capaciteit van 11.055 ton/dag door middel van de behandeling van slakken en as, zijnde 3.635 ton/dag voor zeven; 2.500 ton/dag voor breken; 1.560 ton/dag voor het toevoegen van toeslagstoffen i.k.v. immobilisatie (incl. voorafgaand zeven of verkleining); en 3.360 ton/dag door een natte extractieve reiniging. | klasse 1 | Nieuw

11055 ton/dag

2.4.3.b)1°

nuttige toepassing (of combinatie van nuttige toepassing en verwijdering) van niet-gevaarlijke afvalstoffen door biologische behandeling - andere dan rubriek 3.6.4 (meer dan 75 ton per dag) | de nuttige toepassing of een combinatie van nuttige toepassing en verwijdering, van niet-gevaarlijke afvalstoffen d.m.v. biologische behandeling met een capaciteit van 169.200 ton/dag, waarvan maximaal 148.200 ton extensieve behandeling van bagger- en ruimingsspecie inherent aan het laguneringsproces en maximaal 21.000 ton intensieve bioremediatie van verontreinigde gronden in een gesloten loods voorzien van gepaste luchtzuivering. | klasse 1 | Nieuw

169200 ton/dag

2.4.3.b)2°

nuttige toepassing van niet-gevaarlijke afvalstoffen met een capaciteit van meer dan 75 ton per dag, d.m.v. voorbehandeling van afval voor verbranding of meeverbranding | de verwijdering van niet-gevaarlijke afvalstoffen door middel van een voorbehandeling van afval voor verbranding of meeverbranding, zijnde het ontwateren van slibs of overige afvalstoffen (allen anorganisch) met een capaciteit van 20.000 ton/dag. | klasse 1 | Nieuw

20000 ton/dag

2.4.3.b)3°

nuttige toepassing van niet-gevaarlijke afvalstoffen met een capaciteit van meer dan 75 ton per dag, d.m.v. behandeling van slakken en as | de nuttige toepassing, of een combinatie van nuttige toepassing en verwijdering, van niet-gevaarlijke afvalstoffen met een capaciteit van 11.055 ton/dag door middel van de behandeling van slakken en as, zijnde 3.635 ton/dag voor zeven; 2.500 ton/dag voor breken; 1.560 ton/dag voor het toevoegen van toeslagstoffen i.k.v. immobilisatie (incl. voorafgaand zeven of verkleining); en 3.360 ton/dag door een natte extractieve reiniging. | klasse 1 | Nieuw

11055 ton/dag

2.4.5.

tijdelijke opslag van gevaarlijke afvalstoffe, in afwachting van behandeling, met een totale capaciteit van meer dan 50 ton | de tijdelijke opslag van gevaarlijke afvalstoffen die niet onder rubriek 2.4.4 vallen, in afwachting van behandeling, vermeld in rubriek 2.4.1, 2.4.2, 2.4.4 en 2.4.6 met een totale capaciteit van maximaal 84.800, zijnde verontreinigde grond (84.800 ton), bagger- en ruimingsspecie (50.000 ton), grondbrij & bentonietspecie (5.000 ton), residu (5.000 ton), vast afval van BSP’s (5.000 ton), slibs (5.000 ton), puin (5.000 ton), overige afvalstoffen (5.000 ton), assen en slakken (20.000 ton), actief kool (8.000 ton) en TAG (5.000 ton). | klasse 1 | Nieuw

84800 ton

3.6.3.2°

afvalwaterzuiveringsinstallaties met inbegrip van het lozen van effluentwater voor de behandeling van bedrijfsafvalwater dat al of niet een of meer van de gevaarlijke stoffen, vermeld in bijlage 2C, bevat in hogere concentraties dan de indelingscriteria  andere dan rubriek 3.6.5 (meer dan 5 m³/u tot en met 50 m³/u) | uitbreiding door middel van:

- de verhoging van het jaardebiet van 50.000 m³ naar 115.000 m³

- het toevoegen van lozingsnormen voor:

- fluoride: 4,5 mg/l

- AOX:400 mg/l

- anionische detergenten: 1mg/l | klasse 2 | Verandering

0 m³/uur

6.5.1°

brandstofverdeelinstallaties voor motorvoertuigen met maximaal 2 verdeelslangen | Uitbreiding met een 2de brandstofverdeelinstallaties op het toegvoegde terrein, met behoud van 2 verdeelslangen | klasse 3 | Verandering

0 verdeelslang

15.1.1°

stallen van 3 tot en met 25 autovoertuigen en/of aanhangwagens, andere dan personenwagens | uitbreiding door:

- toevoeging terrein

- de toevoeging van 10 voertuigen

- toevoeging van deze rubriek aan de percelen 662H, 662G, 662E, 902D en 902R | klasse 3 | Verandering

10 voertuigen

15.2.

herstellen van motorvoertuigen (+ carrosseriewerkzaamheden) anders dan vermeld in rubriek 15.3 | Herstellingswerkplaats voor beperkt onderhoud van eigen motorvoertuigen | klasse 3 | Nieuw

1 werkplaats

15.4.1°

niet-huishoudelijke inrichtingen voor het wassen van voertuigen en hun aanhangwagens, volledig gelegen in industriegebied | uitbreiding door:

- toevoeging terrein

- toevoeging van 5 voertuigen per dag | klasse 3 | Verandering

5 voertuigen

16.3.2°b)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen en airconditioningsinstallaties (meer dan 200 kW) | uitbreiding door de toevoeging van:

- 4 compresoren (3x 4,9 kW, 1x 33 kW)

- 2 airco's van elk 2,95 kW

- 3 luchtzuiveringsinstallaties (1x 55, 1x 200, 1x 132)

- terrein | klasse 2 | Verandering

440,6 kW

17.1.2.1.1°

opslagplaatsen voor gevaarlijke gassen in verplaatsbare recipiënten, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, met een gezamenlijk waterinhoudsvermogen van 300 liter tot en met 1000 liter | opslag van zuurstof (200 L), stikstof (200 L) en argon (200 L) in verplaatsbare recipiënten | klasse 3 | Nieuw

600 liter

17.3.2.1.1.1°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | uitbreiding met 1 bijkomende tank van 5.000 liter | klasse 3 | Verandering

4,17 ton

17.3.4.3°

bijtende vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS05 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 100 ton | - Uitbreiding van de opslagcapaciteit van gevaarlijke stoffen met 73,6 ton, door toevoeging van 5,35 ton azijnzuur (5 m³) in IBC's, 8,25 ton fosforzuur (5 m³) in IBC's, 60 ton papieras (50 m³) in mobiele silo's

- Wijziging van benaming "ongebluste kalk of gelijkaardig" naar "kalk en kalkachtige stoffen"

- Wijziging van de wijze van opslag van "kalk en kalkachtige stoffen" naar een vaste silo en mobiele silo's

- Wijziging van de wijze van opslag van natronloog naar "tank" en de toevoeging van de opslag van ijzerchloride in tanks

- Toevoeging terrein | klasse 1 | Verandering

73,6 ton

17.3.6.3°

schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering met gevarenpictogram GHS07 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 100 ton | - Uitbreiding van de opslagcapaciteit van gevaarlijke stoffen met 301,34 ton, door toevoeging van 20,84 ton (20 m³) anionisch polymeer  in IBC's, 210 ton (100 m³) ijzersulfaat in (vaste en mobiele) silo's, 10,5 ton (10 m³) ijzersulfaat (oplossing) in tank en 60 ton (50 m³) papieras in mobiele silo's

- Wijziging van benaming "ongebluste kalk of gelijkaardig" naar "kalk en kalkachtige stoffen"

- Wijziging van de wijze van opslag van "kalk en kalkachtige stoffen" naar een vaste silo en mobiele silo's

- Wijziging van de wijze van opslag van ijzerchloride in tanks en mobiele silo's

- Toevoeging terrein | klasse 1 | Verandering

301,34 ton

17.4.

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l | uitbreiding door:

- toevoeging van een volume van 1.000 L

- toevoeging terrein | klasse 3 | Verandering

1000 liter

24.4.

laboratoria waar geen afvalwater eigen aan de laboratoriumtechnieken wordt gegenereerd | Verplaatsing van locatie | klasse 3 | Verandering

0 labo

30.10.1°

opslag of overslag van ertsen of andere minerale producten, met uitzondering van de producten, vermeld in rubriek 48, met een oppervlakte van 1 tot en met 10 ha | wijziging van het oppervlak voor stockage van minerale producten | klasse 2 | Verandering

-1,37 ha

61.2.2°

tussentijdse opslagplaatsen voor uitgegraven bodem die langer dan 1 jaar in exploitatie zullen zijn met een capaciteit van meer dan 10.000 m³ | Uitbreiding van de rubriek d.m.v.:

- Toevoeging van terrein | klasse 2 | Verandering

0 m³

63.1°

opslag in afwachting van ontwatering | de opslag van 114.000 m³ bagger- en ruimingsspecie in een daartoe aangelegd laguneringsveld in afwachting van ontwatering | klasse 2 | Nieuw

114000 m³

63.2°

opslag en ontwatering van bagger- of ruimingsspecie | uitbreiding door de toevoeging van:

- toevoeging terrein

- bijkomende opslagcapaciteit voor bagger-en ruimingsspecie in daartoe voorziene laguneringsvelden

- bijkomende verwerkingstechnieken, m.n. het ontwateren in laguneringsvelden of d.m.v. een mechanische installatie | klasse 2 | Verandering

52530 m³

 

Volgende rubrieken zijn ongewijzigd:

2.2.2.a)2° | de opslag en mechanische behandeling (o.a. breken en zeven) van inerte afvalstoffen met een opslagcapaciteit van 25.000 m³ | 25000 m³

 

Volgende bijstelling van de bijzondere voorwaarden wordt aangevraagd:
Omschrijving: Zie bijlage Q1.

 

Volgende bijstelling van de sectorale voorwaarden wordt aangevraagd:
Omschrijving: Zie bijlage Q4 en Q2.

 

2.       HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

 

Omgevingsvergunningen

- Op 13/08/2020 werd een aktename afgeleverd voor het tijdelijk breken en zeven van puin dat vrijkomt bij terreinwerken, bij het opbreken van vloerplaten en sloop van de gebouwen op het terrein (mobiele breekinstallatie)- (inrichting op 2 gemeenten) (OMV_2020087055).

- Op 17/06/2021 werd een gedeeltelijke voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het ontwikkelen van de site voor grondreinigingswerken met bijbehorende infrastructuur en installaties en het exploiteren van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen + bijstelling (OMV_2020103945).

- Op 27/02/2024 werd een weigering afgeleverd voor het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen (iioa + sh) (OMV_2022088152).

- Op 25/04/2024 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een inrichting voor de op- en overslag van al dan niet gevaarlijke producten bij een transportbedrijf (OMV_2022155475).

- Op 17/10/2024 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen (iioa + sh) (OMV_2024007920).

- Op 13/03/2025 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het exploiteren van een bemaling noodzakelijk voor de aanleg van de aanvoerleiding voor waterstofgas en enkele stations in de haven van gent (OMV_2024029249).

- Op 13/03/2025 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het exploiteren van een bemaling noodzakelijk voor de aanleg van de aanvoerleiding voor waterstofgas en enkele stations in de haven van gent (OMV_2024029249).

- Op 26/05/2025 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het realiseren van de ontsluitingsweg voor de kuhlmannsite (OMV_2024122417).

- Op 17/07/2025 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een inrichting voor de op- en overslag van al dan niet gevaarlijke producten bij een transportbedrijf en het bouwen van een nieuwbouw kantoorgebouw (iioa + sh) (OMV_2024150528).

- Op 27/02/2024 werd door het vlaamse overheid een de vergunning geweigerd voor het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen (iioa + sh). (OMV_2022088152)

- Op 17/10/2024 werd door de deputatie een vergunning voorwaardelijk afgeleverd voor het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen (iioa + sh). (OMV_2024007920)

 

Milieuvergunningen

- Op 26/06/2014 werd door het college van burgemeester en schepenen een vergunning afgeleverd voor het exploiteren van een mobiele breekinstallatie. (14273/E/1)

- Op 07/04/2016 werd door het college van burgemeester en schepenen akte genomen voor het breken/zeven van puin dat vrijkomt bij het opbreken van de vloerplaten en ondergrondse funderingen van de voormalige fabrieksgebouwen d.m.v. een mobiele breekinstallatie op de site. (14273/E/2)

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Wettelijk verplichte externe adviezen worden opgevraagd door de vergunningverlenende overheid.

 

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 28 oktober 1998).

Dit gebied is uitsluitend bestemd voor zeehaven- en watergebonden bedrijven, distributiebedrijven, logistieke bedrijven en opslag- en overslaginrichtingen evenals toeleveringsbedrijven en synergiebedrijven van de watergebonden bedrijven en de bestaande gevestigde productiebedrijven. In dit gebied worden ook de volgende dienstverlenende bedrijven toegelaten, voor zover zij complementair zijn met de voornoemde bedrijven: bankagentschappen, benzinestations en collectieve restaurants ten behoeve van de in de zone gevestigde bedrijven.

Er wordt een bufferzone aangelegd aan de grens met de omliggende gebieden. In deze bufferzone worden geen handelingen en werken toegelaten die afbreuk doen aan de bufferfunctie, of aan de bestemming en/of de ruimtelijke kwaliteiten van het aangrenzend gebied. Het gebied en de bufferzone die het omvat, kunnen slechts worden gerealiseerd en beheerd door de overheid.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening Zeehavengebied Gent - Inrichting R4-oost en R4-west' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 15 juli 2005). De locatie is volgens dit RUP gelegen in Artikel 1: Afbakeningslijn zeehavengebied Gent.

 

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.
 

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024.

 

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement. Hier hebben we enkel de stedenbouwkundige handelingen op het Gentse grondgebied onderzocht.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)

Zie waterparagraaf.

 

Gewestelijke verordening toegankelijkheid

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.

Het ontwerp is in overeenstemming met deze verordening.

 

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gewestweg.

 

4.5.   Archeologienota

Er werd aan het dossier een archeologienota (ID 33200) toegevoegd waarvan op 19/05/2025 akte werd genomen het Agentschap Onroerend Erfgoed.

 

 

5.       NATUURTOETS

De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de natuurtoets.

 

6.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 2 september 2025 tot en met 1 oktober 2025.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaarschriften ingediend.

 

7.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
INPLANTING VOLUME

Het project situeert zicht in het noordelijk deel van de haven van Gent, op de linkeroever van het kanaal Gent-Terneuzen. De projectsite is gelegen aan de Kuhlmannkaai 13, waarbij de gemeentegrenzen van Gent en Evergem doorheen de site lopen. Het omvat het recyclagecentrum (RC) Gent, gelegen aan de Kuhlmannkaai 13 en bevindt zich op de grens van Gent en Evergem. Met de voorliggende aanvraag beoogd men het bestaande centrum verder uit te breiden tot een allround verwerkingscentrum. Het project omvat verschillende bouwwerken in verband met het veranderen van een recyclagecentrum voor anorganische en minerale afvalstromen. De nieuwe constructie zijn qua inplanting, volume en materiaal gebruik ruimtelijk te verantwoorden binnen dit havenlandschap.

 

MOBILITEIT

De belangrijkste hiervan met mobiliteitsimpact zijn de onderstaande:

-          Bouw van en onthaal-en kantoorgebouw

-          Bouw workshopgebouw met sociale voorzieningen werknemers en fietsenstalling

-          Bouw nieuwe loodsen

-          Aan weerszijden van het kantoorgebouw wordt een weegbrug aangelegd, resp. voor het in-en uitrijdende vrachtverkeer.

Verder wordt in deze aanvraag eveneens rekening gehouden met de toekomstige ontwikkelingen in de omgeving waarbij een nieuwe openbare wegenis wordt voorzien die de toegang tot het centrum zal wijzigen, namelijk niet meer langs de Kuhlmannkaai maar via de nieuwe wegenis, meer in het westen van het projectgebied (op grondgebied Evergem). In voorliggende aanvraag wordt de nieuwe in- en uitrit ingetekend voor zowel personenwagens als vrachtwagens onder voorbehoud dat de nieuwe uitgeruste weg gerealiseerd wordt. In het dossier wordt tegelijk aangegeven dat er momenteel nog geen beslissing omtrent deze aanvraag van de nieuwe openbare wegenis beschikbaar is (ref. OMV_2024122417), waardoor de huidige toegang (i.e. via Kuhlmannkaai) behouden blijft. In afwachting tot de aanvraag voor de inrichting van de reservatiestrook voor de nieuwe ontworpen wegenis afgerond is, wordt de bestaande werftoegang ter hoogte van de Kuhlmannkaai dus in gebruik genomen. In het dossier vermeldt men ook dat deze tijdelijke toegangsweg na het heraanleggen van de Kuhlmannkaai en de nieuwe ontsluitingsweg zal verdwijnen.

 

In 2024 werd al een aanvraag ingediend (en vergunning bekomen) voor deze locatie om het verwerkingscentrum uit te breiden. Toen ging het eerder om de noden i.k.v. de werf (met o.a. werfkeet) voor de verdere ontwikkeling van de site mogelijk te maken. Er wordt in het dossier een mobiliteitsnota en project-MER opgenomen. We nemen akte dat dit project ook deels op grondgebied Evergem is gelegen, maar adviseren dit project rekening houdende met de geldende kaders vanuit de Stad Gent.

 

Bereikbaarheidsprofiel

Fietsers: Fietsers kunnen de projectsite momenteel bereiken via de Kuhlmannkaai via aanliggende fietspaden.


Bij de aanleg van de potentiële nieuwe weg in het ontwikkelingsscenario wordt rekening gehouden met de aanwezigheid van fietsers. Er zal langs één zijde van de weg een fietspad komen in beide richtingen. Deze komt aan de andere kant van de projectsite dus dienen vrachtwagens het fietspad niet meer te kruisen om de site te betreden. Dit zal positief zijn voor de verkeersveiligheid aangezien fietsers en gemotoriseerd verkeer meer gescheiden zullen worden. Op heden is de procedure van deze vergunning nog lopende waardoor nog niet met zekerheid gesteld kan worden dat de weg op deze manier zal worden aangelegd.

 

Gemotoriseerd verkeer: De bestaande routes (en toekomstige route in afwachting van realisatie nieuwe openbare ontsluitingsweg) zoals besproken in het project-MER en zoals opgenomen in bijlage E1 ‘Effecten op mobiliteit’ verlopen via de R4, Zonneweg, Assenedestraat, Bombardementstraat, Kuhlmannkaai (wegtransport) en via Kluizendok-Riemekaai-Kuhlmannkaai (voor aan-en afvoer via schip). Deze routes bevindt zich volledig in havengebied of industrie en doorkruist op geen enkel punt een dorpskern.


Het project-MER bevat ook het ontwikkelingsscenario waarin een nieuwe ontsluitingsweg zal worden aangelegd. Dan verplaatst de toegang tot het projectgebied zich naar het westen. Er zijn reeds plannen opgemaakt voor deze ontsluitingsweg, waarin het gedeelte van de N474/Kuhlmannkaai tussen de Beneluxlaan en de kruising van de N474/Kuhlmannkaai en Kuhlmannlaan wordt onderbroken. Deze weg moet nog worden vergund en hiervoor werd een omgevingsvergunningsaanvraag ingediend (OMV_2024122417). Deze is ten tijde van de opmaak van dit project-MER nog lopende dus kan niet met zekerheid worden gesteld dat deze er komt.

 

Mobiliteitsprofiel

Medewerkers: In de mobiliteitsnota wordt aangegeven dat er tot 33 medewerkers op de site aanwezig zullen zijn en deze hoofdzakelijk in dagshift zullen werken. Er wordt verwacht dat ze grotendeels met de personenwagen komen. Dit is wellicht gebaseerd op de huidige situatie waarbij er 20 medewerkers aanwezig zijn op de site die allemaal met de auto komen.

 

Er wordt in het dossier ook aangegeven dat de aanvrager een fietsleasesysteem voorziet en een policy heeft voor elektrische bedrijfsvoertuigen.


Als we deze modal split (100% auto) vergelijken met het gemiddelde voor de havenbedrijven van 29% (elektrische) fiets en speed pedelec en 66% wagen (meest recente Voka/Vegho bevraging uit 2024), dan stellen we vast dat er wellicht nog potentieel is voor meer duurzame verplaatsingen richting de site. Bovendien zal in de toekomst met het project R4WO de fietsinfrastructuur in de haven nog verder verbeteren wat het fietsgebruik nog verder zal stimuleren.

Vracht: In de huidige situatie gebeurt de aan- en afvoer voor ongeveer 70% per vrachtwagen en 30% per schip. In de geplande situatie zal de aanvoer vergeleken met de huidige situatie meer per schip gebeuren, maar de afvoer blijft hetzelfde. Het is positief dat in de geplande situatie er verhoudingsgewijs meer aan-en afvoer op duurzamere wijze via schip zal gebeuren.

 

Parkeren

Aantal parkeerplaatsen: Gezien de specifieke functie van het project en de ligging in het havengebied is het aangewezen om voor het bepalen van het aantal parkeerplaatsen gebruik te maken van maatwerk. Er wordt aangegeven dat er in de toekomstige situatie tot 33 medewerkers op de site zullen aanwezig zijn.

 

Aantal fietsparkeerplaatsen:
- Er wordt op de plannen een fietsenstalling van 32 fietsparkeerplaatsen voorzien (via dubbellaags systeem).
- Uitgaande van de huidige gemiddelde modal split in het havengebied van 29% (elektrische) fiets en speed pedelec en de steeds verder stijgende trend van het fietsgebruik bij medewerkers, vragen we om minstens 11 fietsparkeerplaatsen te voorzien in kader van dit project. Op die manier kan een toekomstgerichte (maar nog steeds realistische) modal split van minstens 33% fiets bereikt worden. Het voorziene aantal van 32 fietsparkeerplaatsen voldoet hier ruimschoots aan.

 

Aantal autoparkeerplaatsen
- Er worden op de plannen 37 autoparkeerplaatsen voor personenwagens ingetekend.
- Er wordt in het dossier aangegeven dat aan de minimale autoparkeereis wordt tegemoet gekomen, zonder verdere motivatie. Echter, gezien het ingeschat aantal medewerkers, de specifieke functie en werking van het project is de bepaling van het aantal autoparkeerplaatsen volgens de stedelijke parkeerrichtlijnen voor dit project niet opportuun. Dit zou immers leiden tot een zeer sterke overschatting dat een veelvoud bedraagt van het aantal medewerkers. Vandaar dat we beroep doen op maatwerk.
- Het voorziene aantal van 37 autoparkeerplaatsen zou in de praktijk betekenen dat alle werknemers ten allen tijde een autoparkeerplaats ter beschikking zouden hebben. Ondanks het voorzien van een fietsleasing door het bedrijf, zullen er hierdoor wellicht heel weinig medewerkers aangemoedigd worden om de woon-werkverplaatsing duurzaam (met de fiets) te maken. Dit strookt niet met het principe van sturende autoparkeerrichtlijnen waarbij de Stad ernaar streeft om zoveel mogelijk onnodig autogebruik tegen te gaan om zo de leefbaarheid en kwaliteit van de stad te versterken.
- Om het gewenste aantal parkeerplaatsen te bepalen, maken we daarom o.a. gebruik van de gemiddelde huidige modal split van 66% auto in het havengebied. Rekening houdende met de ligging van het project in het uiterste noorden van het havengebied met weinig aanbod aan openbaar vervoer, lijkt het redelijk om voor deze locatie een iets hogere modal split auto voor de medewerkers te voorzien. In de vorige vergunning (OMV 2024007920) werd akkoord gegaan met het voorzien van 15 parkeerplaatsen op een totaal van 20 medewerkers, waardoor het ons redelijk lijkt om opnieuw een modal split auto van 75% toe te passen. Dit betekent een aantal van 25 autoparkeerplaatsen voor medewerkers. Uitgaande van een 2-tal autoparkeerplaatsen voor bezoekers, komen we op totaal aantal van 27 autoparkeerplaatsen. In het kader van het stimuleren van een duurzamere modal split om zo de leefbaarheid en kwaliteit van de stad te versterken, vragen we daarom om 10 van de 37 ingetekende autoparkeerplaatsen te supprimeren.

 

Uitvoering fietsparkeerplaatsen:
Ook de inrichting van een fietsenberging is belangrijk om het fietsgebruik aan te moedigen. Een gebruiksvriendelijke berging wordt sneller gebruikt en stimuleert fietsgebruik.

Er worden 32 fietsparkeerplaatsen voorzien in de fietsenberging via een dubbellaags systeem. Hierbij hebben we volgende opmerkingen:
- De as-op-as afstand bedraagt slechts 40 cm. Bij de vorige aanvraag en beoordeling ikv de adviesverlening (OMV nr 2024007920) voor de site was 40 cm wel nog voldoende maar dit is sinds augustus 2024 aangepast in de stedelijke parkeerrichtlijnen. Dit dient aangepast te worden en dient nu minstens 50 cm te zijn als gebruik gemaakt wordt van een hoog-laag-systeem.

- Alle 32 plaatsen zijn voorzien via een dubbellaags systeem. Echter, het aantal plaatsen van een dubbellaags fietsparkeersysteem (zowel in de boven- als de benedenverdieping) mag nooit hoger zijn dan 40% van het totale aantal fietsparkeerplaatsen in de fietsenberging. Dit omdat dit systeem niet ideaal is en niet door iedereen even goed kan gebruik worden omdat vooral de bovenste fietsplaatsen een grotere krachtinspanning vereisen die niet iedereen aankan. Dit dient aangepast te worden.

- Bovendien is het gangpad slechts 210 cm breed, terwijl het gangpad voor dubbellaagse plaatsen minstens 265 cm dient te zijn.

- Er worden geen buitenmaatse fietsparkeerplaatsen voorzien. Dit dient aangepast te worden aangezien een fietsenstalling van meer dan 10 fietsparkeerplaatsen minimum 10% van het totale aantal fietsparkeerplaatsen voor buitenmaatse fietsen dient te voorzien. Bovendien is dit ook belangrijk in het kader van het stimuleren van het fietsgebruik als woon-werkverkeer aangezien we een stijgend gebruik zien van dit soort fietsen.

- Er dient rekening gehouden te worden dat buitenmaatse fietsparkeerplaatsen een grotere lengte en breedte hebben dan standaard fietsparkeerplaatsen, namelijk minstens 2,5m lengte en 1 m breedte.

- Hoewel tekstueel in de MER vermeldt wordt dat het project oplaadpunten voor fietsen voorziet, kan dit niet afgeleid worden uit de plannen. Zeker op deze locatie is dit extra belangrijk om het fiets-woon-werkverkeer te stimuleren via elektrische fietsen en speed pedelecs.

Conclusie: De fietsenberging dient aangepast te worden. Er dienen minstens 11 fietsparkeerplaatsen voorzien te worden inclusief minstens 1 buitenmaatse fietsparkeerplaats conform de afmetingen uit de parkeerrichtlijnen met minstens enkele oplaadpunten. Maximaal 40% van de fietsparkeerplaatsen mogen dubbellaags zijn. Een oplossing zou er in kunnen bestaan om de fietsenberging in plaats van 4,20 m minstens 4,65 m breed te maken zodat er voldoende ruimte is om een buitenmaatse fietsparkeerplaats (2,5 m lengte + 2m gangpad) te voorzien en het gangpad ook breed genoeg is (min 2,65 m) om een aantal fietsparkeerplaaten (max 40%) dubbellaags te voorzien indien gewenst. Een dergelijke beperkte uitbreiding lijkt inpasbaar in de plannen.

 

Uitvoering autoparkeerplaatsen
De autoparkeerplaatsen zijn conform ingetekend.

 

Verkeersgeneratie

Het project-MER geeft aan dat de uitbreiding van het centrum zal leiden tot ca. 24% meer transportbewegingen t.o.v. de vergunde situatie (ref. OMV_2024007920). Hierbij merkt men op dat in de basisvergunning van de site rekening werd gehouden met een doorzet die ca. 15% hoger is dan hetgeen wat geraamd wordt voor de geplande situatie.
Net zoals in de vergunde situatie zullen in de geplande situatie de verplaatsingen van vrachtwagens voornamelijk tussen 7u en 19u plaatsvinden. In deze 12 uren zal met een dagelijkse pae van 1.678, de pae per uur gelijk zijn aan 140 voor vracht. Er zal echter steeds getracht worden zo min mogelijk transporten te regelen gedurende de spitsuren. Worst-case wordt echter in de berekeningen uitgegaan van een gelijke verdeling over elk uur. Voor de totale (zowel vracht als medewerkers) worst-case verkeersgeneratie gaat de pae tijdens het drukste uur (de avondspits) t.o.v. de huidige situatie omhoog van 126 naar 168.
Om de effecten van de verkeersgeneratie van de geplande situatie (exploitatiefase) op het wegennet te achterhalen wordt in het dossier de verzadigingsgraad van de N474/Kuhlmannkaai berekend a.d.h.v. de max. verkeersgeneratie van 168 pae gedurende de avondspits. Het aandeel van de verkeersgeneratie van het project komt dan neer op 8,4% van de verzadigingsgraad van de wegcapaciteit (rekening houdende met 1.000 pae/uur/wegvak voor een lokale weg buiten de bebouwde kom 2x1). Dat is een stijging met 2,1%-punt t.o.v. de huidige referentiesituatie. Deze percentages blijven ruim onder de wegcapaciteit voor de N474 en zullen nog lager zijn voor de overige ontsluitingswegen. Er wordt geconcludeerd dat er bovendien geen verkeersproblemen gekend zijn langs de ontsluitingswegen van- en naar het projectgebied en dat dus de effecten op mobiliteit tijdens de exploitatiefase t.o.v. de referentiesituatie verwaarloosbaar zijn.
Rekening houdende met bovenstaande en het feit dat de N474/Kuhlmannkaai en de wegenis in de direct omgeving van het project hoofdzakelijk dient om het lokale bedrijfsverkeer te ontsluiten, verwachten we geen problemen door de verkeersgeneratie van het project. Bovendien wordt er aangegeven dat de transporten zoveel mogelijk worden beperkt in de spitsuren.

Ook als het ontwikkelingsscenario met de nieuwe ontsluitingsweg wordt gerealiseerd verwachten we geen problemen aangezien het qua capaciteit om een zelfde type weg gaat als de Kuhlmannkaai.

 

Aansluiting op openbaar domein en interne circulatie

Er is een aparte in/uitrit voor het vrachtverkeer en één aparte in/uitrit voor het fiets- en personenwagenverkeer op de nieuwe ontsluitingsweg uit het ontwikkelscenario. Dit komt het vermijden van conflicten ten goede.
De looplijnen voor voetgangers zijn goed gemarkeerd op de plannen, maar richting de fietsenstalling ontbreekt deze op de plannen. Vandaar dat we onze opmerking uit de vorige vergunningsaanvraag (OMV nr 2024007920) herhalen: Er dient voldoende signalisatie voorzien te worden via bijvoorbeeld bebording, strook met fietsaanduiding (eventueel in andere kleur), etc… tot aan de fietsenstalling zodat het gemotoriseerd verkeer voldoende aandacht heeft voor het fietsverkeer. Op die manier kunnen conflicten zoveel mogelijk vermeden worden.
Er wordt in het dossier aangegeven dat in afwachting van de realisatie van de nieuwe openbare ontsluitingsweg, de huidige toegang ter hoogte van de Kuhlmannkaai in gebruik blijft. In het dossier vermeldt men ook dat deze tijdelijke toegangsweg na het heraanleggen van de Kuhlmannkaai en de nieuwe ontsluitingsweg zal verdwijnen. Dit is voor ons belangrijk aangezien de ontsluiting via de nieuwe wegenis de verkeersveiligheid ten goede komt en in de toekomst conflicten op de bestaande ontsluiting via de Kuhlmannkaai dan volledig worden vermeden.

 

Aandacht voor logistiek verkeer
- In de project-MER wordt aangegeven dat wat betreft vrachtwagens er steeds voldoende ruimte zal voorbehouden worden op de site zodat er geen vrachtwagens moeten wachten op de openbare weg. Op de voorbehouden zone zullen steeds voldoende vrachtwagens kunnen parkeren/wachten. Het laden en lossen van vrachtwagens duurt gemiddeld minder dan 10 minuten. Op de plannen worden er 10 parkeerplaatsen voorzien voor vrachtwagens vlakbij de inrit voor vrachtverkeer zodat zij hier kunnen wachten (korte duur) wanneer de weegbrug niet meteen beschikbaar is bij het oprijden van de site.
- Het is belangrijk dat al het parkeren, en alle vrachtwagenbewegingen inclusief het wachten en het manoeuvreren op eigen terrein dient te gebeuren. De openbare weg mag hier op geen enkele manier door gehinderd worden. Gezien de voorziene ruimte en de 10 wachtparkeerplaatsen voor vrachtwagens vlakbij de ingang verwachten we geen problemen hierrond. We vragen dat deze wachtzone inclusief toegang tot sanitair (via het onthaalgebouw) 24/7 toegankelijk is en ook na de opdracht door de chauffeurs kan gebruikt worden. Dit gezien de algemene problematiek van wachtende vrachtwagens met vaak bijhorende hinder op openbaar domein.

 

Conclusie

Gezien de niet conforme fietsenstalling en het onwenselijk aantal autoparkeerplaatsen worden aan aantal voorwaarden opgelegd. Het voorziene aantal strookt niet met het principe van sturende autoparkeerrichtlijnen waarbij de Stad ernaar streeft om zoveel mogelijk onnodig autogebruik tegen te gaan om zo de leefbaarheid en kwaliteit van de Stad en de haven te versterken.

 

GROEN

Vanuit groenoogpunt is er geen bezwaren tegen de aangevraagde uitbreiding van het afvalverwerkingscentrum. Dit gebeurt binnen een recent gesaneerde industriële zone waar momenteel ruigte is ontstaan. De grachten dienen waterondoorlatend aangelegd te worden, gezien de vervuilingsproblematiek van de site.

 

Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten

Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.

 

CONCLUSIE

De gevraagde omgevingsvergunning is mits voorwaarden stedenbouwkundig en planologisch verenigbaar met de onmiddellijke omgeving, bijgevolg is het verslag voorwaardelijk gunstig.

 

Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.

 

De aanvraag wordt beslist door de deputatie (art. 15 van het omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014).

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet advies uitbrengen bij de deputatie over omgevingsvergunningsaanvragen die door de deputatie worden behandeld (klasse 1 inrichtingen en/of provinciale projecten).

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

Communicatie

Niet van toepassing.

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen brengt voorwaardelijk gunstig advies uit over de omgevingsaanvraag voor het veranderen van een verwerkingscentrum voor anorganische en minerale afvalstromen en het verwijderen, verplaatsen en wijzigen van verschillende bestaande constructies (IIOA + SH); inclusief het ontwerp-MER (PR3739) van DEME Environmental nv, gelegen te Kuhlmannkaai 13, 9042 Gent.

Artikel 2

Verzoekt de deputatie om volgende voorwaarden voor de geplande werken op te nemen:

Fietsenberging

- De fietsenberging dient aangepast te worden. Er dienen minstens 11 fietsparkeerplaatsen voorzien te worden inclusief minstens 1 buitenmaatse fietsparkeerplaats conform de afmetingen uit de parkeerrichtlijnen met minstens enkele oplaadpunten. Maximaal 40% van de fietsparkeerplaatsen mogen dubbellaags zijn. Een oplossing zou er in kunnen bestaan om de fietsenberging in plaats van 4,20 m minstens 4,65 m breed te maken zodat er voldoende ruimte is om een buitenmaatse fietsparkeerplaats (2,5 m lengte + 2m gangpad) te voorzien en het gangpad ook breed genoeg is (min 2,65 m) om een aantal fietsparkeerplaaten (max 40%) dubbellaags te voorzien. Een dergelijke beperkte uitbreiding lijkt inpasbaar in de plannen.

 

- De as-op-as afstand moet aangepast te worden en dient nu minstens 50 cm te zijn als gebruik gemaakt wordt van een hoog-laag-systeem.

 

- Er worden geen buitenmaatse fietsparkeerplaatsen voorzien. Dit dient aangepast te worden aangezien een fietsenstalling van meer dan 10 fietsparkeerplaatsen minimum 10% van het totale aantal fietsparkeerplaatsen voor buitenmaatse fietsen dient te voorzien.

 

Parkeerplaatsen

In het kader van het stimuleren van een duurzamere modal split om zo de leefbaarheid en kwaliteit van de stad te versterken, vragen we om 10 van de 37 ingetekende autoparkeerplaatsen te supprimeren.

 

Signalisatie

Er dient voldoende signalisatie voorzien te worden via bijvoorbeeld bebording, strook met fietsaanduiding (eventueel in andere kleur), etc… tot aan de fietsenstalling zodat het gemotoriseerd verkeer voldoende aandacht heeft voor het fietsverkeer. Op die manier kunnen conflicten zoveel mogelijk vermeden worden.

 

Artikel 3

Verzoekt de deputatie om volgende aandachtspunten op te leggen aan de aanvrager:

Het is belangrijk dat al het parkeren, en alle vrachtwagenbewegingen inclusief het wachten en het manoeuvreren op eigen terrein dient te gebeuren. De openbare weg mag hier op geen enkele manier door gehinderd worden. Gezien de voorziene ruimte en de 10 wachtparkeerplaatsen voor vrachtwagens vlakbij de ingang verwachten we geen problemen hierrond. We vragen dat deze wachtzone inclusief toegang tot sanitair (via het onthaalgebouw) 24/7 toegankelijk is en ook na de opdracht door de chauffeurs kan gebruikt worden. Dit gezien de algemene problematiek van wachtende vrachtwagens met vaak bijhorende hinder op openbaar domein.