Terug
Gepubliceerd op 19/12/2025

2025_CBS_11149 - OMV_2025121599 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het plaatsen van een gastank - zonder openbaar onderzoek - Pontstraat, 9031 Gent - Vergunning

college van burgemeester en schepenen
do 18/12/2025 - 12:47 College Raadzaal
Datum beslissing: do 18/12/2025 - 13:46
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Christophe Peeters

Aanwezig

Hafsa El-Bazioui, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sofie Bracke, schepen; Evita Willaert, schepen; Joris Vandenbroucke, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Burak Nalli, schepen; Filip Watteeuw, schepen; Christophe Peeters, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Liesbet Vertriest, adjunct-algemeendirecteur; Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter

Secretaris

Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Voorzitter

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter
2025_CBS_11149 - OMV_2025121599 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het plaatsen van een gastank - zonder openbaar onderzoek - Pontstraat, 9031 Gent - Vergunning 2025_CBS_11149 - OMV_2025121599 R - aanvraag omgevingsvergunning voor het plaatsen van een gastank - zonder openbaar onderzoek - Pontstraat, 9031 Gent - Vergunning

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

Dirk Temmerman met als contactadres Pontstraat 17, 9031 Gent heeft een aanvraag (OMV_2025121599) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 11 oktober 2025.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit handelt over:

Onderwerp: het plaatsen van een gastank

• Adres: Pontstraat 17, 9031 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 28 sectie B nr. 732H

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 23 oktober 2025.

De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 9 december 2025.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De aanvraag betreft een gecombineerde omgevingsvergunningsaanvraag met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit.

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

Het perceel situeert zich in de Pontstraat in Drongen. De omgeving wordt gekenmerkt door verspreide bebouwing bestaande uit (voormalige) landbouwbedrijven in een agrarische omgeving. In het westen bevindt zich het natuurgebied de Assels.

 

De aanvraag omvat het plaatsen van een stookketel in de zijtuin van een eengezinswoning. De tank bevindt zich op ca. 10 m van de rooilijn en heeft een omvang van 2,4 m². De tank wordt op een betonnen platform (bovenkant plaat: hoogte 1 m ten opzichte van het tuinmaaiveld; 7,77 m TAW) op 4 palen geplaatst.

 

Deze aanvraag volgt op een eerdere aanvraag die ongunstig beoordeeld werd omwille van de negatieve watertoets.

Beschrijving van de aangevraagde inrichtingen of activiteiten

Volgende rubriek wordt aangevraagd:

 

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

17.1.2.2.1°

opslagplaatsen voor gevaarlijke gassen in vaste reservoirs, met een gezamenlijk waterinhoudsvermogen tot en met 3000 liter | Overschakelen van een vervuilende stookolietank naar propaangastank van 1750 liter.

Enkelwandige tank waarvan keuringstank bijgevoegd en deze wordt om de 5 jaar herkeurd door een erkende firma Macogaz.

Het is een bovengrondse tank en werd geplaatst volgens de wettelijke regelgeving en afstanden tot betrekking veiligheid voor het algemeen welzijn.

Effecten milieu : geplaatst op een verharding van 1 x 2 meter op de wettelijke afstanden en niet zichtbaar aan de straatkant, dus geen effect op de omgeving. Het water die op de verharding terecht komt sijpelt in de grond van het naastliggende gras. Uiteindelijk komt dit terecht in een bestaande wadi. | klasse 3 | Nieuw

1750 liter

 

2.       HISTORIEK

Volgende relevante vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

 

Omgevingsvergunningen

  • Op 08/10/2024 werd een melding ongegrond/niet rechtsgeldig bevonden voor het exploiteren van een bovengrondse gastank van 1750 liter (OMV_2024130245).
  • Op 02/12/2024 werd een melding ongegrond/niet rechtsgeldig bevonden voor het plaatsen van een bovengrondse gastank (OMV_2024155020).

 

Stedenbouwkundige vergunningen

  • Op 03/07/2003 werd een vergunning afgeleverd voor de verbouwing van een horecawoning met stallingen tot een eengezinswoning met berging (2003/10019).
  • Op 20/12/2007 werd een vergunning afgeleverd voor het rooien van 12 populieren (2007/10171).

 

BEOORDELING AANVRAAG

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Volgende externe adviezen zijn gegeven:

 

Gunstig advies van De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West afgeleverd op 21 november 2025 onder ref. omv-2025121599:
De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West verleent aan vermelde omgevingsvergunningsaanvraag gelegen in de Pontstraat 17 in Gent (44342B0732/00H000) een gunstig advies.

 

Het project omvat de vervanging van een stookolieketel naar een gasstookketel.

Het projectgebied is gelegen langs en stroomt af naar de Oude Leie in beheer van Watering Der Assels. Het projectgebied is gevoelig voor overstromingen volgens de watertoetskaarten 2023.

 

 

Ja/Nee

Kans

Fluviale overstromingsgebieden

 Ja

Het project is gelegen in een gebied met kleine, middelgrote en grote kans op overstroming onder huidig en toekomstig klimaat over het hele perceel.

 

 

 

 

 

Pluviale overstromingsgebieden*

 Nee

 /

Overstromingen vanuit de zee*

 Nee

 /

 

* Over de pluviale overstromingen en overstromingen vanuit de zee doet De Vlaamse Waterweg nv echter geen uitspraken en is het aan de vergunningverlenende overheid om hierover te adviseren

 

Advies m.b.t. het beheer en exploitatie van de waterweg en het patrimonium van De Vlaamse Waterweg nv

Er is geen interferentie met het beheer en/of de exploitatie van de waterweg. Het project is op voldoende afstand van de Ringvaart om Gent.

 

Watertoetsadvies 

De aanvraag voldoet volledig aan de gevraagde voorwaarden in de gestelde motivering van het ongunstig advies op de omgevingsaanvraag omv-2025013215. Door de tank te plaatsen boven een overstromingsveilig peil (7,77 m TAW) en een platform op palen neemt ze de risico’s weg op drift van de tank bij overstromingsevents. De schadegevoelige infrastructuur die instaat voor de verwarming van de woning zal daarbij gevrijwaard worden van schade en in werking blijven. Het plaatsen van de tank op palen zorgt dat ze geen ruimte voor water inneemt in het overstromingsgevoelig gebied.

 

Besluit

Het project is verenigbaar met het watersysteem en het beheer van De Vlaamse Waterweg N.V. van haar patrimonium. Het project voldoet aan de doelstellingen en beginselen zoals geformuleerd in art. 1.2.2 en 1.2.3 van het gecoördineerde decreet integraal waterbeleid.

 

Voorwaardelijk gunstig advies van Watering der Assels afgeleverd op 22 november 2025 onder ref. BR 2025-28:
In het kader van de watertoets vroeg u advies met betrekking tot de aanvraag van de heer Dirk Temmerman voor het plaatsen van een gastank op een perceel gelegen te Drongen, Pontstraat 17 en kadastraal bekend onder Gent 286 Afd/Drongen, sectie B, nr. 732H.

 

Situering en kenmerken van het watersysteem

Het perceel heeft volgens de fluviale overstromingskaart van 2023 "middelgrote kans — huidig klimaat", een middelgrote kans op overstromingen. Het perceel en het gebouw hebben perceelscore D.Het perceel ligt in de nabijheid van waterloop de Oude Leie, een waterloop van 26 categorie, beheerd door de Watering der Assels, en is overstroombaar vanuit de waterloop.

 

Gunstig advies wordt verleend betreffende de omgevingsvergunningsaanvraag op voorwaarde dat:

Vloerpeil:

Om overstromingsvrij te bouwen moet het vloerpeil minimaal worden aangelegd op 30cm boven hoogste waterpeil. De nieuwe overstromingskaart geeft gemiddeld een hoogste waterpeil aan van 7,45 m TAW. Om de tank overstromingsveilig te plaatsen moet de bovenkant van de betonplaat op minimum 7,75 m TAW liggen. Bovenkant plaat ligt op 7,77 m TAW

 

De nieuwe inname van overstromingsruimte moet gecompenseerd worden. De betonplaat wordt op 4 kolommen diameter 200 mm geplaatst. Hierdoor kan het overstromingswater vrij onder de plaat stromen en wordt er geen nieuwe overstromingsruimte ingenomen. De tank wordt met 4 bouten diameter 14 mm bevestigd aan de betonplaat.

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'ASSELS-PIEREPUT' (Besluit tot goedkeuring door de deputatie op 30 juni 2005). De locatie is volgens dit RUP gelegen in zone voor wonen en boerderijen.

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften van het RUP.

4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

4.3.   Verordeningen

Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024. 

 

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023 (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023): zie waterparagraaf.

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.

5.       WATERPARAGRAAF

 

5.1.  Ligging project

Het project ligt in een afstroomgebied in beheer van Watering Der Assels. Het project ligt niet in de nabije omgeving van de waterloop.

 

Volgens de kaarten bij het Watertoetsbesluit is het project:

- niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied voor zeeoverstroming.

- gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen vanuit een waterloop (fluviaal). De overstromingskans is middelgroot (gebied waar er jaarlijks meer dan 1% kans is op overstroming).

- niet gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen door intense neerslag (pluviaal).

- niet gelegen in een signaalgebied.

 

Het perceel is momenteel bebouwd.

 

5.2.  Verenigbaarheid van het project met het watersysteem

Droogte

Het hemelwater dat neervalt moet op eigen terrein maximaal vastgehouden worden en niet afgevoerd. Om hier concreet uitvoering aan te geven werd het project aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater getoetst.

 

Het plaatsen van deze constructie geeft geen aanleiding om hemelwater te gaan opvangen.

 

Structuurkwaliteit en ruimte voor waterlopen

Het project heeft hierop geen betekenisvolle impact. Het project ligt niet in de nabije omgeving van de waterloop.

 

Overstromingen

De aanvraag voldoet volledig aan de gevraagde voorwaarden in de gestelde motivering van het ongunstig advies op de omgevingsaanvraag OMV_2025013215. Door de tank te plaatsen boven een overstromingsveilig peil (7,77 m TAW) en een platform op palen neemt ze de risico’s weg op drift van de tank bij overstromingsevents. De schadegevoelige infrastructuur die instaat voor de verwarming van de woning zal daarbij gevrijwaard worden van schade en in werking blijven. Het plaatsen van de tank op palen zorgt dat ze geen ruimte voor water inneemt in het overstromingsgevoelig gebied.

 

5.3.  Conclusie

Het project is verenigbaar met het watersysteem en het beheer van De Vlaamse Waterweg N.V. van haar patrimonium. Het project voldoet aan de doelstellingen en beginselen zoals geformuleerd in art. 1.2.2 en 1.2.3 van het gecoördineerde decreet integraal waterbeleid.

 

Er kan besloten worden dat voorliggende aanvraag  de watertoets doorstaat.

6.       NATUURTOETS

Er wordt geen waardvol groen verwijderd. Er is geen bezwaar tegen het plaatsen van de tank die geclusterd wordt met de andere (bij)gebouwen. De aanvrager geeft aan dat de tank niet zichtbaar is vanaf het openbaar domein (Pontstraat). De toegevoegde foto is genomen vanaf achter de bamboe en de tank is toch beperkt zichtbaar. Zeker in wintertoestand kan je deze dus wel zien. Gezien gelegen in een landschappelijk waardevol gebied, moet de tank toch visueel afgeschermd worden met een inheemse haag (noordzijde evenwijdig met straat en westzijde loodrecht op de Pontstraat). Op het inplantingsplan nieuwe toestand staat een inheemse haag getekend aan de westzijde maar niet aan de noordzijde. Op deze wijze wordt dan ook de boomgaard afgebakend. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.

 

Voor dit project gaan we uit van minder dan 70 000 bijkomende vervoersbewegingen per jaar. Daarnaast zijn er nog mogelijke stikstofemissies afkomstig van niet-ingedeelde stationaire bronnen van het project en tijdens de aanlegfase door vervoer of niet-ingedeelde stationaire bronnen. Deze zijn echter beperkt.  De NOx uitstoot van het totale project is minder dan de emissies waarbij een overschrijding optreedt van de 1 % minimisdrempel.

 

Er is geen lozing van huishoudelijk- of bedrijfsafvalwater.

 

Het huishoudelijk afvalwater wordt geloosd in de riolering die aangesloten is op een RWZI.

Het project zal geen betekenisvolle aantasting impliceren voor de instandhoudingsdoelstellingen van de speciale beschermingszones, noch onherstelbare en onvermijdbare schade berokkenen aan natuur in VEN.

 

Hieruit wordt besloten dat de aanvraag de natuurtoets doorstaat.

7.       PROJECT-M.E.R.-SCREENING

De aanvraag heeft geen milieueffectrapport of project-MER-screening nodig.

8.       BEKENDMAKING

De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.

9.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
De aanvraag omvat het plaatsen van een gastank met bijhorende verharding (2,4 m²). Er is geen bezwaar tegen het plaatsen van de tank, geclusterd met de andere (bij)gebouwen -mits toepassen van de bijzondere voorwaarde dat de tank visueel afgeschermd wordt door een inheemse haag (zie Hoofdstuk 6. Natuurtoets). Mits toepassing van deze voorwaarde is er geen onaanvaardbare impact op de omgeving. Door het verhogen van de constructie wordt tegemoet gekomen aan de weigeringsgrond uit de eerdere aanvraag.
 

Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten

De aandacht wordt gevestigd op artikel 5.17.4.1.6 van Vlarem II, waarin verwezen wordt naar de afstandsregels in bijlage 5.17.1. Deze afstandsregels moeten steeds nageleefd worden.

 

CONCLUSIE

De gevraagde omgevingsvergunning is mits voorwaarden milieuhygiënisch, stedenbouwkundig en planologisch verenigbaar met de onmiddellijke omgeving, bijgevolg is het verslag voorwaardelijk gunstig.

 

Volgende rubriek wordt gunstig beoordeeld:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

17.1.2.2.1°

opslagplaatsen voor gevaarlijke gassen in vaste reservoirs, met een gezamenlijk waterinhoudsvermogen tot en met 3000 liter | Overschakelen van een vervuilende stookolietank naar propaangastank van 1750 liter.

Enkelwandige tank waarvan keuringstank bijgevoegd en deze wordt om de 5 jaar herkeurd door een erkende firma Macogaz.

Het is een bovengrondse tank en werd geplaatst volgens de wettelijke regelgeving en afstanden tot betrekking veiligheid voor het algemeen welzijn.

Effecten milieu : geplaatst op een verharding van 1 x 2 meter op de wettelijke afstanden en niet zichtbaar aan de straatkant, dus geen effect op de omgeving. Het water die op de verharding terecht komt sijpelt in de grond van het naastliggende gras. Uiteindelijk komt dit terecht in een bestaande wadi. | Nieuw

1750 liter

           

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

Communicatie

 

Uitvoering
Van deze omgevingsvergunning mag worden gebruikgemaakt als de aanvrager niet binnen vijfendertig dagen, te rekenen vanaf de dag na de eerste dag van de aanplakking, op de hoogte is gebracht van de instelling van een schorsend administratief beroep.

Bekendmaking
De beslissing wordt bekendgemaakt conform Titel 3, Hoofdstuk 9, Afdeling 3 van het Omgevingsvergunningsbesluit.

Verval van de omgevingsvergunning – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 99.
§ 1. De omgevingsvergunning vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de vergunde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
2° als het uitvoeren van de vergunde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de vergunde gebouwen niet winddicht zijn binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning;
4° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de definitieve omgevingsvergunning aanvangt.

De termijn, vermeld in het eerste lid, 1°, kan evenwel, op verzoek van de vergunninghouder, voor een periode van twee jaar verlengd worden als hij aantoont dat de niet-verwezenlijking het gevolg is van een vreemde oorzaak die hem niet kan worden toegerekend. De vergunninghouder dient de aanvraag van de verlenging, op straffe van verval, met een beveiligde zending en minstens drie maanden vóór het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar in bij de overheid die de vergunning heeft verleend. Die overheid weigert de aanvraag van de verlenging alleen als:
1° er geen sprake is van een vreemde oorzaak die niet aan de vergunninghouder kan worden toegerekend;
2° de aangevraagde en vergunde handelingen strijdig zijn met inmiddels gewijzigde stedenbouwkundige voorschriften of verkavelingsvoorschriften.

De overheid bezorgt haar beslissing uiterlijk de dag van het verstrijken van de oorspronkelijke vervaltermijn van twee jaar. Bij ontstentenis van een beslissing wordt de verlenging geacht te zijn goedgekeurd. Als de verlenging wordt goedgekeurd, worden de termijnen, vermeld in het eerste lid, 3° en 4°, ook met twee jaar verlengd.

Als de omgevingsvergunning uitdrukkelijk melding maakt van de verschillende fasen van het bouwproject, worden de termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in het eerste lid, gerekend per fase. Voor de tweede fase en de volgende fasen worden de termijnen van verval bijgevolg gerekend vanaf de aanvangsdatum van de fase in kwestie.

§ 2. De omgevingsvergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de vergunde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan. De Vlaamse Regering kan nadere regels bepalen voor de inkennisstelling van de stopzetting.
§ 3. Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1, betrekking hebben op een gedeelte van het bouwproject, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor het niet-afgewerkte gedeelte van een bouwproject. Een gedeelte is eerst afgewerkt als het, in voorkomend geval na de sloping van de niet-afgewerkte gedeelten, kan worden beschouwd als een afzonderlijke constructie die voldoet aan de bouwfysische vereisten.
Als de gevallen, vermeld in paragraaf 1 of 2, alleen betrekking hebben op een gedeelte van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit, vervalt de omgevingsvergunning alleen voor dat gedeelte.

Artikel 100.
De omgevingsvergunning blijft onverkort geldig als de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 naar klasse 2 overgaat of omgekeerd.
In geval de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van een project door een wijziging van de indelingslijst van klasse 1 of 2 naar klasse 3 overgaat, geldt de vergunning als aktename en blijven de bijzondere voorwaarden gelden.

Artikel 101.
De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1 worden geschorst zolang een beroep tot vernietiging van de omgevingsvergunning aanhangig is bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen, overeenkomstig hoofdstuk 9 behoudens indien de vergunde handelingen in strijd zijn met een vóór de definitieve uitspraak van de Raad van kracht geworden ruimtelijk uitvoeringsplan. In dat laatste geval blijft het eventuele recht op planschadevergoeding desalniettemin behouden.

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de archeologische opgraving, omschreven in de bekrachtigde archeologienota overeenkomstig artikel 5.4.8 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013 en in de bekrachtigde nota overeenkomstig artikel 5.4.16 van het Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013, met een maximumtermijn van een jaar vanaf de aanvangsdatum van de archeologische opgraving.

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst tijdens het uitvoeren van de bodemsaneringswerken van een bodemsaneringsproject waarvoor de OVAM overeenkomstig artikel 50, § 1, van het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 een conformiteitsattest heeft afgeleverd, met een maximumtermijn van drie jaar vanaf de aanvangsdatum van de bodemsaneringswerken.

De termijnen van twee, drie of vijf jaar, vermeld in artikel 99, in voorkomend geval verlengd conform artikel 99, § 1, worden geschorst zolang een bekrachtigd stakingsbevel, zoals vermeld in titel VI van de VCRO, niet wordt ingetrokken, hetzij niet wordt opgeheven bij een in kracht van gewijsde gegane beslissing. De schorsing eindigt van rechtswege wanneer geen opheffing van het stakingsbevel wordt gevorderd of geen intrekking wordt gedaan binnen een termijn van twee jaar vanaf de bekrachtiging van het stakingsbevel.

Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.

De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.

Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.

Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.

Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.

In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.

Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.

Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.

De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.

Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.

Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.

Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.

Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
a) een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.

Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.

Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.

Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.

Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.

De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.

Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.

Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het plaatsen van een gastank aan Dirk Temmerman gelegen te Pontstraat 17, 9031 Gent.

De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.

Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.

Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.

Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.

 


De rubriek voor de inrichting/activiteit met inrichtingsnummer 20250405-0009 beslist het college als volgt:

 

Vergunde rubriek:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

17.1.2.2.1°

opslagplaatsen voor gevaarlijke gassen in vaste reservoirs, met een gezamenlijk waterinhoudsvermogen tot en met 3000 liter | Overschakelen van een vervuilende stookolietank naar propaangastank van 1750 liter.

Enkelwandige tank waarvan keuringstank bijgevoegd en deze wordt om de 5 jaar herkeurd door een erkende firma Macogaz.

Het is een bovengrondse tank en werd geplaatst volgens de wettelijke regelgeving en afstanden tot betrekking veiligheid voor het algemeen welzijn.

Effecten milieu : geplaatst op een verharding van 1 x 2 meter op de wettelijke afstanden en niet zichtbaar aan de straatkant, dus geen effect op de omgeving. Het water die op de verharding terecht komt sijpelt in de grond van het naastliggende gras. Uiteindelijk komt dit terecht in een bestaande wadi. | Nieuw

1750 liter

         

Artikel 2

Legt volgende voorwaarden op:

 

Afscherming gastank

De gastank moet visueel afgeschermd worden met een inheemse haag (namelijk ten minste noordzijde evenwijdig met straat en westzijde loodrecht op de Pontstraat).


De algemene en sectorale milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM:

De integrale en geconsolideerde tekst van titel II van het VLAREM is raadpleegbaar op de Milieunavigator, via de link:  https://navigator.emis.vito.be/

Bij wijziging van VLAREM wordt de exploitant geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven.

     

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:


De aandacht wordt gevestigd op artikel 5.17.4.1.6 van Vlarem II, waarin verwezen wordt naar de afstandsregels in bijlage 5.17.1. Deze afstandsregels moeten steeds nageleefd worden.