Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.
Het college van burgemeester en schepenen weigert de aanvraag.
WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?
Arioso Investments Belgium NV met als contactadres Gaston Crommenlaan 8, 9050 Gent heeft een aanvraag (OMV_2025002468) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 7 februari 2025.
De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:
• Onderwerp: het renoveren en beperkt uitbreiden van een winkelpand en het aanpassen van de rooilijn
• Adres: Korenmarkt 1-3, 9000 Gent
• Kadastrale gegevens: afdeling 3 sectie C nrs. 332G en 346E
Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 5 maart 2025.
De aanvraag volgde de gewone procedure.
Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 28 juli 2025.
OMSCHRIJVING AANVRAAG
1. BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT
Beschrijving van de omgeving en het pand
De aanvraag bevindt zich op de hoek van de Korenmarkt, de Donkersteeg en de Kortemunt. De omgeving is zeer divers en bestaat voornamelijk uit panden met een economische of reca functie.
Het pand strekt zich uit over 2 percelen en heeft verschillende adressen aan de Korenmarkt en de Hoogpoort. Het bestaat uit twee apart opgetrokken delen, het rechterdeel (Korenmarkt 3) werd gebouwd in 1958 en het linkerdeel (Hoogpoort 22 en Korenmarkt 1-2) dateert uit ca. 2014. Een deel van het gebouw is opgenomen op de inventaris onroerend erfgoed. Specifiek het modernistische rechterdeel en de trapgevels van het linkse deel.
Op heden is het gebouw opgedeeld in een handelsgedeelte (met ondergeschikte horeca) en een appartementsgebouw. Deze aanvraag handelt enkel over het handelsgedeelte; er zijn geen werken aan het appartementsgebouw gepland en dit wordt dan ook verder buiten beschouwing gelaten.
Het perceel is in de bestaande toestand volledig bebouwd. Op heden bevinden er zich 9 individuele commerciële zaken in het pand.
Beschrijving van de erfgoedwaarde
Het pand is gelegen binnen een op het gewestplan ingekleurd woongebied met culturele, historische en/of esthetische waarde (CHE-gebied). Binnen dit gebied wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden gegrond op de wenselijkheid van behoud.
Het complex is opgenomen in de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed
(ID 134668 en ID134657) en wordt hierin als volgt omschreven:
“In 1958-1959 liet de N.V. SARMA een grootwarenhuis optrekken. Het ontwerp dat moderne elementen combineerde met historiserende topgevels was van architect Gaston De Leye. Het warenhuis is een hoekgebouw dat bewust opgedeeld werd in twee verschillende delen omdat het grootschalige complex anders de omgeving te veel zou domineren. Aan de zijde van de Korte Munt werd gekozen voor vier topgevels van drie bouwlagen in neotraditionele stijl. Richting Donkersteeg kreeg het complex drie tot vier bouwlagen en een meer hedendaagse, strakke vormgeving.” en “Huizenrij in derde kwart twintigste eeuw enkele meters achteruit ten opzichte van de vroegere rooilijn heropgebouwd: de binnenruimten werden omgevormd tot winkel en grootwarenhuis, de gevels zijn kopieën van de oorspronkelijke, en worden met elkaar verbonden door de winkelpui.”
In de wetenschappelijke inventaris van het bouwkundig erfgoed werd hieraan toegevoegd:
“Het warenhuis is een hoekgebouw dat bewust opgedeeld werd in twee verschillende delen omdat het grootschalige complex anders de omgeving te veel zou domineren. Aan de zijde van de Korte Munt werd gekozen voor vier topgevels van drie bouwlagen in neotraditionele stijl (drie richting Korte Munt, één haaks erop richting Korenmarkt) met een parement van rode baksteen in combinatie met witsteen, onder andere voor de gekoppelde kruisvensters. Richting Donkersteeg kreeg het complex drie tot vier bouwlagen en een meer hedendaagse, strakke vormgeving met een heel licht hellend dak en moderne gevelmaterialen zoals beton en gele mozaïeksteentjes voor de borstweringen. Anderzijds vertoont de betonnen skeletstructuur van dit deel een zekere verwantschap met de gekoppelde kruisvensters van de neotraditionele gevels. Het wordt bovendien bekroond met historiserende dakkapellen. Een afgeronde betonnen luifel verbindt beide delen en draagt een hoekterras dat de insprongen vult. De huizenrij links aan de Kortemunt werd op dezelfde rooilijn gereconstrueerd met neotradionele topgevels, en onderaan een aansluitende winkelpui onder een betonnen luifel.
Een belangrijk aandachtspunt bij de bouw was een vlotte circulatie van de voetgangers, onder andere in de smalle Donkersteeg. Om die reden werd over de gehele gevel een galerij voorzien en werd de hoekpartij heel open gehouden, zonder pijlers. Een opvallend aspect van het gebouw is ook de technische constructie die bestaat uit een fundering op betonnen Franki-palen, een structuur van betonnen kolommen die in twee concentrische cirkels geplaatst werden, en een constructie van stalen balken (onder andere van het Preflex type).”
De opname in het CHE-gebied en op de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed bevestigen de erfgoedwaarde van het pand. Het gebouw heeft een architecturale en historische waarde. De tweeledigheid van deze architectuur, met een neotraditioneel deel versus de strakke expo-58-vormgeving van de gelijkvloerse verdieping en de vleugel Donkersteeg, is een belangrijk architecturaal kenmerk van dit gebouwencomplex. Ook de sterk uitkragende betonluifel en de aanwezigheid van het bovenliggende terras bepalen de erfgoedwaarde van het gebouw.
Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
De omgevingsaanvraag voorziet in het renoveren en beperkt uitbreiden van een winkelpand en het aanpassen van de rooilijn.
1/ AANPASSINGEN AAN HET GEBOUW/PRIVAAT DOMEIN
Verbouwingswerken
De aanvraag voorziet in de aanpassing van het inkomgeheel waarbij de gevel naar voren wordt gebracht (m.u.v. 1 zone), tot op de bestaande kolommen. Dit gaat gepaard met de verlegging van de rooilijn (zie ook 2/ aanpassingen aan het openbaar domein). Het gebouw zal een (interne) uitbreiding krijgen van ca. 155 m².
Verder worden er ook aanpassingen voorzien aan de gevelplint (van Kortemunt tot Donkersteeg). Zo worden de bestaande kolommen verder gedupliceerd naar de linkse aanpaler (richting Kortemunt) om de ritmiek in gevel door te trekken. Dit heeft als gevolg dat de twee linkse toegangsdeuren (toegang tot wokkeltrap 2) verkleinen in breedte, deze zullen opendraaien boven het openbaar domein. Ook wordt de afwerking van de bestaande betonnen kolommen gestript en worden de originele betonnen kolommen terug zichtbaar gemaakt. Aan de zijkanten van de kolommen komt eenzelfde afwerking als de plint.
Ter hoogte van de bestaande ingang van de handelsunits aan de Kortemunt wordt de bestaande insprong in de gevel behouden, dit kan ’s avonds worden afgesloten d.m.v. schaarhekkens. De bodem van de insprong zal in helling worden voorzien, wat zorgt voor een drempelloze toegang tot de handelszaken.
De aanvraag voorziet ook dat de bestaande luifel, ter hoogte van deze zone, wordt verwijderd en vervangen door een nieuwe prefab betonnen (zelfde kleur als plint). Deze luifel zal aansluiting bieden met de originele (afgeronde) luifel uit 1958.
Deze nieuwe luifel heeft een uitsprong, t.o.v. de nieuwe rooilijn, van 1 m en een minimum vrije hoogte (t.o.v. het trottoirpeil) van ca. 2,90 m. Het overige deel van de luifel, richting Donkersteeg, zal worden bewaard en hersteld waar nodig.
Ter hoogte van de Donkersteeg wordt de gevel deels naar voren gebracht, tot op de kolommen, onder de gebogen luifel. Zo blijft er centraal nog een oversteek van ca. 6 m behouden. Hier bovenop zal er een nieuwe balustrade worden voorzien.
Het schrijnwerk van de gelijkvloerse plint wordt anders uitgevoerd waarbij er een betonnen plint wordt voorzien (ca. 50 cm hoog) waarop schrijnwerk zal staan. Enkel de toegangen tot de handelszaken zullen worden uitgevoerd als schuifdeuren met glas tot op de grond.
Daarnaast wordt al het schrijnwerk t.h.v. de Donkersteeg en gebouwen op de hoek met de Korenmarkt vervangen. Het overige schrijnwerk (Kortemunt) blijft behouden.
Ter vervanging van het fietsopstelvak onder de luifel (zie 2/ aanpassingen aan het openbaar domein – goed voor 15 fietsen) worden er twee nieuwe fietsenstallingen ingericht in het gebouw (in de huidige laad-en loszone), toegankelijk via de Donkersteeg. Deze zone bevindt zich ca. 20 m diep in de Donkersteeg en is zichtbaar vanaf de Korenmarkt. Zo worden er 2 fietsenstallingen voorzien waarvan één openbare (niet afsluitbaar) en één semi-publieke (afsluitbaar). De openbare fietsenstalling is via een nis in het gebouw opgevat, de fietsen worden dwars op de rooilijn geplaatst in een nis van ca. 2 m diep en de stalling biedt plaats aan 9 fietsen. De semi-publieke is een ruimte achter de openbare die toegankelijk is via een poortopening. Hierin kunnen 15 fietsen (waarvan 2 buitenmaatse) worden gestald. Deze
semi-publieke stalling is afsluitbaar via een poort en zal ’s nachts worden afgesloten en ’s ochtends open worden gesteld.
Verder wordt de capaciteit van de fietsenbergingen voor het personeel ook uitgebreid. De bestaande fietsenstalling in het gebouw blijft behouden, hieraan worden geen aanpassingen voorzien. Enkel worden t.h.v. de uitgang richting Paradijszak bijkomende fietsenstallingen voorzien, deels overdekt en deels in open lucht. In totaal zullen 46 fietsen (waaronder 9 buitenmaatse) gestald kunnen worden.
Verder gebeuren er intern (over de verscheidene verdiepingen) ook enkele wijzigingen, namelijk het toevoegen van muren (i.f.v. sociale ruimten, toiletten, kantoren, etc.), vernieuwen van liften en verwijderen van schrijnwerk (achtergevel). Deze hebben geen ruimtelijke impact en zijn niet zichtbaar vanaf het openbaar domein.
Functiewijziging
De aanvraag voorziet een recaruimte op de 1e verdieping. Dit betrof een ondergeschikte recaruimte, die momenteel leeg staat, horende bij een handelszaak. Voorliggende aanvraag voorziet dat die ruimte een op zichzelf staande recaruimte wordt. De trap die zorgt voor de interne verbinding tussen het handelsgelijkvloers en de nu leegstaande ruimte op +1, wordt verwijderd. Deze nieuwe zelfstandige recaruimte zal worden verhuurd aan een andere, op heden ongekende, horecapartner, hiervoor wordt een functiewijziging aangevraagd. De unit heeft een vloeroppervlakte van ca. 420 m² waarvan 282 m² publiek toegankelijk is.
De overige 9 commerciële ruimten blijven behouden, de recaruimte is een loutere toevoeging aan het pand. De nieuwe horeca uitbating zal niet verbonden zijn aan de andere retailers in het gebouw.
2/ AANPASSINGEN AAN HET OPENBAAR DOMEIN
Aanpassing rooilijnen - rooilijnplan
Het kadasterplan volgt een vroegere, reeds verdwenen gevellijn van het gebouw onder de luifel.
De huidige gevellijn doorkruist deze perceelsgrens ter hoogte van de luifel volgens een diagonale lijn.
De feitelijke rooilijn bevindt zich in de praktijk onder de luifel, evenwijdig aan de huidige gevellijn, ter hoogte van een rij kolommen en gemarkeerd door een afwijkende vloerafwerking. Deze rooilijn werd echter nooit bekrachtigd door een rooilijnplan maar is wel duidelijk af te leiden uit de bestaande toestand. Zie ook het toegevoegde rooilijnenplan in de omgevingsaanvraag. Jaarlijks wordt cijns betaald voor het gebruiksrecht op deze zone.
Ter hoogte van de linkse perceelsgrens, naar de Groentenmarkt toe, bevindt er zich in de huidige situatie een oppervlakte van 21,37 m² privaat domein in de bestaande voetpadzone. Deze zone heeft een publiek karakter gekregen maar werd de facto nooit onteigend. Deze zone wordt overgedragen naar het openbaar domein. De rooilijn wordt hier verlegd tot tegen de nieuwe bouwlijn.
Aanpassingswerken bestaand openbaar domein – onder de luifel
De aanvraag voorziet ook de verwijdering van het fietsparkeervak dat zich bevindt onder de ronde luifel, ter hoogte van de hoekingang. De aanduiding ervan met cortenstaal in de bevloering wordt verwijderd. Het openbaar domein zal op deze plek worden hersteld.
2. HISTORIEK
Volgende relevante vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:
Omgevingsvergunningen
Stedenbouwkundige vergunningen
Socio-economische vergunningen
- Non-food warenhuis – 956 m²
- Verkooppunt van geschenkartikelen en artikelen voor huisinrichting – 1390 m²
- Parfumerie – 206 m²
- Optiekzaak – 133 m²
- Elektro- en multimediazaak – 3937 m²
Handhaving
BEOORDELING AANVRAAG
3. WIJZIGINGSAANVRAAG
Op 11 juli 2025 werd een wijzigingsverzoek ingediend door de aanvrager naar aanleiding van het ongunstig advies van de Brandweer van 24 maart 2025. In het kader van de lopende omgevingsvergunningsaanvraag werden de plannen aangepast en aangevuld.
Artikel 30 van het Omgevingsvergunningsdecreet bepaalt dat na het openbaar onderzoek, vermeld in artikel 23, de bevoegde overheid, vermeld in artikel 15, op verzoek van de vergunningsaanvrager, kan toestaan dat er wijzigingen aan de vergunningsaanvraag worden aangebracht.
Het verzoek van de vergunningsaanvrager stelt de bevoegde overheid in staat om te oordelen of de wijzigingen geen afbreuk doen aan de bescherming van de mens of het milieu of de goede ruimtelijke ordening.
Als de bevoegde overheid toestaat dat er wijzigingen aan de vergunningsaanvraag worden aangebracht, dan wordt een openbaar onderzoek over de gewijzigde vergunningsaanvraag georganiseerd als voldaan is aan een van volgende voorwaarden:
1° de wijzigingen komen niet tegemoet aan de adviezen of aan de standpunten, opmerkingen en bezwaren die tijdens het openbaar onderzoek zijn ingediend;
2° de wijzigingen brengen kennelijk een schending van de rechten van derden met zich mee.
3° De gevraagde wijzigingen doen een afbreuk aan de bescherming van de mens of het milieu of de goede ruimtelijke ordening.
De wijzigingen komen tegemoet aan het advies dat tijdens het openbaar onderzoek werd ingediend en brengen geen schending van de rechten van derden met zich mee. Een tweede openbaar onderzoek is niet vereist. Het wijzigingsverzoek is bijgevolg aanvaard op 14 juli 2025. Dit brengt geen termijnverlenging met zich mee.
4. EXTERNE ADVIEZEN
Volgende externe adviezen zijn gegeven. Deze zijn integraal na te lezen op het Omgevingsloket.
4.1. Brandweerzone Centrum (eerste advies, PIV 3)
Ongunstig advies van Brandweerzone Centrum afgeleverd op 24 maart 2025 onder ref. 028645-064/LA/2025:
Besluit:
NEGATIEF ADVIES, het project voldoet niet aan de minimale eisen inzake brandveiligheid.
KB van 7 juli 1994
Het KB van 7 juli 1994 tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand en ontploffing waaraan de gebouwen moeten voldoen - gewijzigd bij de Koninklijke besluiten van 18/12/1996, 19/12/1997, 04/04/2003, 13/06/2007, 01/03/2009, 12/07/2012, 07/12/2016 en 23/6/2022- is van toepassing op dit bouwdossier. Het aangehaalde KB kadert in de wet van 30 juli 1979, gewijzigd bij de wet van 22 mei 1990.
De conventionele hoogte van het gebouw, zijnde de afstand tussen het afgewerkte vloerpeil van de bovenste bouwlaag en het laagste peil van de door de brandweerwagens bruikbare wegen omheen het gebouw, bedraagt ca.13 m. Het gebouw behoort dus tot het type “Middelhoge Gebouwen” en moet bijgevolg voldoen aan alle voorschriften uit de bijlagen 1, 3/1 en 5/1 en 7 van dit KB.
4.2. Brandweerzone Centrum (tweede advies, PIV 4 na wijzigingsaanvraag)
Ongunstig advies van Brandweerzone Centrum afgeleverd op 18 juli 2025 onder ref. 028645-067/LT/2025:
BESLUIT:
NEGATIEF ADVIES, het project voldoet niet aan de minimale eisen inzake brandveiligheid.
1/ Historiek
Brandpreventie- en controleverslagen
Er zijn reeds verschillende brandpreventie- en controleverslagen opgemaakt voor het gebouw, in het bijzonder: brandpreventieverslag 20093476-02/HH d.d. 21/04/2011 als advies bij de bouwaanvraag voor de herontwikkeling van winkelpanden (Korenmarkt / Donkersteeg) en nieuwbouw van 5 appartementen (Hoogpoort).
De bijzondere voorwaarden en aandachtspunten uit de eerder verleende brandpreventie- en controleverslagen blijven onverminderd van toepassing.
Afwijkingsdossiers
In zitting van 19 juni 2025 werd een afwijkingsdossier behandeld door de Commissie voor Afwijking van de Federale Overheidsdienst Binnenlandse zaken (N 4097).
Voor hetzelfde gebouw werd in het verleden reeds een afwijking bekomen met referentienummer N 799. De toegestane afwijkingen met voorwaarden, opgenomen in het advies N 799, blijven volledig van toepassing. Het huidige ontwerp bevat kleine wijzigingen ten opzichte van het bestaande, deze worden opgenomen in de huidige afwijkingsaanvraag.
De aanvrager vraagt een afwijking voor het voorzien van bij brand zelfsluitende brandschermen EI 60 i.p.v. wanden EI 60 (ter hoogte van het atrium-compartiment). De Commissie geeft een gunstig advies, op voorwaarde dat voldaan is aan de volgende voorschriften:
De aanvrager vraagt een afwijking voor het voorzien van een trappenhuis dat niet alle bovenliggende bouwlagen bedient.
De Commissie geeft een gunstig advies.
De commissie merkt op dat de overige voor hem toepasselijke voorschriften van bijlage 1, 3/1, 5/1 en 7 bij het koninklijk besluit van 7 juli 1994, alsook andere vigerende reglementeringen (bijv. ARAB, VLAREM, Codex over het welzijn op het werk, …), onverminderd moeten worden gerespecteerd.
2/ Advies bij huidige aanvraag
KB van 7 juli 1994
Het KB van 7 juli 1994 tot vaststelling van de basisnormen voor de preventie van brand en ontploffing waaraan de gebouwen moeten voldoen - gewijzigd bij de Koninklijke besluiten van 18/12/1996, 19/12/1997, 04/04/2003, 13/06/2007, 01/03/2009, 12/07/2012, 07/12/2016 en 23/6/2022- is van toepassing op dit bouwdossier. Het aangehaalde KB kadert in de wet van
30 juli 1979, gewijzigd bij de wet van 22 mei 1990.
De conventionele hoogte van het gebouw, zijnde de afstand tussen het afgewerkte vloerpeil van de bovenste bouwlaag en het laagste peil van de door de brandweerwagens bruikbare wegen omheen het gebouw, bedraagt ca. 13 m. Het gebouw behoort dus tot het type “Middelhoge Gebouwen” en moet bijgevolg voldoen aan alle voorschriften uit de bijlagen 1, 3/1 en 5/1 en 7 van dit KB.
Het betreffende bouwproject wordt negatief geadviseerd om de volgende redenen:
Politieverordening PTI
De politieverordening inzake preventie van brand en ontploffing van publiek toegankelijke inrichtingen, goedgekeurd in de gemeenteraad van Gent op 23 november 2015, is eveneens van toepassing. Op basis van de verstrekte gegevens stellen wij vast dat Bijlage 2 van de politieverordening van toepassing is op hierbij beschouwde inrichting.
Het betreffende bouwproject wordt (tevens) negatief geadviseerd om de volgende redenen:
Onverminderd de voornoemde opmerkingen, willen wij tevens wijzen op volgende aandachtspunten/tekortkomingen:
- Kan geen gebruik gemaakt worden van de afwijkingsmogelijkheden voor valse plafonds: In de evacuatiewegen, de voor het publiek toegankelijke lokalen en de keukens hebben de verlaagde plafonds EI 30 (a -> b), EI 30 (b -> a) of
EI 30 (a <--> b) volgens NBN EN 13501-2 en NBN EN 1364-2 of hebben een stabiliteit bij brand van ½ h volgens NBN 713-020. De ruimte tussen het plafond en het verlaagde plafond wordt onderbroken door de verlenging van alle verticale wanden waarvoor een brandweerstand vereist is.
- Geldt een strengere toepassing van de maximale vluchtafstanden: De af te leggen afstand vanaf elk punt van de publiek toegankelijke bedraagt:
4.3. Vervoersmaatschappij – De Lijn
Gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig advies van Vlaamse Vervoermaatschappij – De Lijn afgeleverd op 10 juli 2025 zonder referentie:
Besluit:
Aangezien er muurankers aanwezig zijn dient er contact opgenomen te worden met de dienst bovenleiding voor een plaatsbezoek. Er wordt geen digitaal advies meegegeven.
Gelieve hiervoor contact op te nemen met de dienst traminfra.ovl@delijn.be, Stijn De Mulder, Specialist Traminfrastructuur Bovenleiding en tractiestations, tel 09/211 97 62 (intern 2762), gsm +32 477 80 17 58.
5. TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN
5.1. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg
Het project ligt in woongebied met cultureel, historische en/of esthetische waarde volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven.
Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
De gebieden en plaatsen van culturele, historische en/of esthetische waarde. In deze gebieden wordt de wijziging van de bestaande toestand onderworpen aan bijzondere voorwaarden, gegrond op de wenselijkheid van het behoud.
Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005). De locatie is volgens dit RUP gelegen in Artikel 0: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Gent.
De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.
5.2. Vergunde verkavelingen
De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.
5.3. Verordeningen
Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024.
Het ontwerp is niet in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement, en wijkt af op onderstaand voorschrift.
Artikel 2.7 – Uitsprongen boven de openbare weg;
Gebouwonderdelen mogen in principe niet uitspringen voorbij de rooilijn. Er zijn wel enkele uitzonderingen. Bij gebouwen waarvan de voorgevel tegen de rooilijn staat, mogen bepaalde onderdelen van het gebouw uitspringen uit het gevelvlak tot voorbij de rooilijn:
(…)
Bij aaneengesloten bebouwing moeten constructieve elementen minstens 60 cm van de zijdelingse perceelsgrenzen verwijderd blijven in geval ze meer dan 20 cm uitspringen voorbij de rooilijn.
Dit artikel is altijd van toepassing in geval van nieuwe uitsprongen, zowel constructieve als niet-constructieve. Bestaande constructieve uitsprongen die niet voldoen aan deze bepalingen mogen behouden blijven tenzij bij verbouwingswerken geraakt wordt aan de stabiliteit van de uitsprong zelf. In dat geval moet ook de uitsprong worden aangepast overeenkomstig dit artikel.
Op gemotiveerd verzoek van de aanvrager kan de vergunningverlenende overheid een afwijking op deze voorschriften toestaan.
Toetsing: niet conform: Het ontwerp voorziet de reconstructie van een deel van de huidige luifel (zie snede CC nieuwe toestand), als constructieve uitsprong. Deze springt 100 cm uit t.o.v. de rooilijn en dit op een minimale hoogte van 2,90 m. Verder wordt deze luifel ook tot op de zijdelingse perceelsgrens voorzien, dit in gesloten bebouwing.
De nieuwe luifel is bijgevolg strijdig met het voorschrift. De aanvraag motiveert geen afwijking op dit voorschrift.
Indien er een nieuwe luifel wordt voorzien, moet deze zich aan de voorschriften van het Algemeen Bouwreglement houden. Er wordt gevraagd dit aan te passen bij een nieuwe aanvraag, zie opmerkingen.
Huidig dossier moet immers geweigerd worden omwille een ongunstig brandweeradvies (zie punt 4.2).
Artikel 3.10 – Afvoerkanalen voedselbereidingen;
Lucht of dampen afkomstig uit bedrijfs- en horecaruimtes waarin eetwaren bereid worden, moeten afgevoerd worden via aparte daartoe bestemde kanalen, die moeten uitmonden in de openlucht. De uitlaat van de kanalen moet zo geplaatst worden dat de hinder voor de omwonenden maximaal wordt beperkt. Minstens moet de uitlaat zich 1 m boven de nok van het hellend dak of de dakrand van het plat dak waarop de uitlaat geplaatst wordt, situeren, en in ieder geval 2 m boven elk terras en de bovenrand van alle deur-, venster- en ventilatieopeningen die zich bevinden binnen een straal van 10 m, horizontaal gemeten vanaf de uitlaat van het afvoerkanaal. De uittredende lucht moet zoveel mogelijk ongehinderd verticaal worden afgeblazen.
Toetsing: kan niet getoetst worden: De uitlaat van de keukendampen moet geplaatst worden conform dit artikel. Dit is niet af te toetsten in de omgevingsaanvraag. Er wordt gevraagd dit te verduidelijken bij een nieuwe aanvraag, zie opmerkingen.
Huidig dossier moet immers geweigerd worden omwille een ongunstig brandweeradvies (zie punt 4.2).
Gewestelijke verordening hemelwater
De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023 (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023): zie waterparagraaf.
Gewestelijke verordening toegankelijkheid
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juni 2009 tot vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake toegankelijkheid.
Er werd een advies van INTER (dossier nummer 20250105) toegevoegd aan de aanvraag. Deze was gunstig met voorwaarden:
3.3.4 Toiletten (art. 29/2-32)
Wanneer het sanitair op verdieping 1 vernieuwd wordt moet er een aangepast toilet voorzien worden.
Toetsing: Het ontwerp voldoet aan deze voorwaarde, omdat er twee aangepaste toiletten worden voorzien bij de recafunctie op de 1e verdieping.
Het ontwerp is in overeenstemming met deze verordening.
Gewestelijke verordening voetgangersverkeer
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het besluit van de Vlaamse Regering van 29 april 1997 houdende vaststelling van een algemene bouwverordening inzake wegen voor voetgangersverkeer.
Het ontwerp is in overeenstemming met deze verordening.
5.4. Uitgeruste weg
Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.
6. WATERPARAGRAAF
6.1 Ligging project
Het project ligt in een afstroomgebied in beheer van De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West. Het project ligt niet in de nabije omgeving van de waterloop.
Volgens de kaarten bij het Watertoetsbesluit is het project:
Het terrein is momenteel bebouwd.
6.2 Verenigbaarheid van het project met het watersysteem
Droogte
Het hemelwater dat neervalt moet op eigen terrein maximaal vastgehouden worden en niet afgevoerd. Om hier concreet uitvoering aan te geven werd het project aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater getoetst.
Er worden geen handelingen aangevraagd waarop de GSV of het ABR inzake hemelwater van toepassing zijn.
Structuurkwaliteit en ruimte voor waterlopen
Het project heeft hierop geen impact.
Overstromingen
Het projectgebied is volgens de watertoetskaarten niet overstromingsgevoelig. Er wordt geen effect op het overstromingsregime verwacht.
Waterkwaliteit
Het project heeft hierop geen impact.
6.3 Conclusie
Er kan besloten worden dat voorliggende aanvraag de watertoets doorstaat.
7. NATUURTOETS
Er wordt geen waardevol groen of boom verwijderd.
De bijkomende stikstofemissies komen enkel vrij door verkeer of stationaire bronnen tijdens de aanlegfase. Het Stikstofdecreet is niet van toepassing.
Het huishoudelijk afvalwater wordt geloosd in de riolering die aangesloten is op een RWZI.
De opstapeling van vetten afkomstig van afvalwater van restaurants kan leiden tot verstoppingen van het eigen of openbaar rioleringsstelsel.
Deze verstoppingen kunnen waterschade, geurhinder en grote herstellingskosten tot gevolg hebben.
Het afvalwater dat afkomstig is van de keuken moet via een correct gedimensioneerde en genormeerde vetafscheider (NEN-EN 1825 / DIN 4040) of gelijkwaardig geloosd worden.
Het project zal geen betekenisvolle aantasting impliceren voor de instandhoudingsdoelstellingen van de speciale beschermingszones, noch onherstelbare en onvermijdbare schade berokkenen aan natuur in VEN.
Hieruit wordt besloten dat de aanvraag de natuurtoets doorstaat.
8. PROJECT-M.E.R.-SCREENING
De aanvraag valt onder het toepassingsgebied van het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-m.e.r.-screening en heeft betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. Dit wil zeggen dat er voor voorliggend project een project-m.e.r.-screening moet opgemaakt worden.
Een project-m.e.r.-screeningsnota is toegevoegd aan de vergunningsaanvraag. Na onderzoek van de kenmerken van het project, de locatie van het project en de kenmerken van de mogelijke milieueffecten, wordt geoordeeld dat geen aanzienlijke milieueffecten verwacht worden, zoals ook uit de project-m.e.r.-screeningsnota blijkt. Er kan redelijkerwijze aangenomen worden dat een nieuw project-MER geen nieuwe of bijkomende gegevens over aanzienlijke milieueffecten kan bevatten, zodat de opmaak ervan dan ook niet noodzakelijk is.
9. GEMEENTERAAD
De aanvraag omvat de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg. De gemeenteraad moet hierover een beslissing nemen en zich daarbij uitspreken over de ligging, breedte en uitrusting van de gemeenteweg en over de eventuele opname in het openbaar domein.
De gemeenteraad heeft hierover een beslissing genomen in de vergadering van 23 juni 2025. Het gemeenteraadsbesluit is als bijlage toegevoegd en eveneens reeds opgeladen op het omgevingsloket.
10. OPENBAAR ONDERZOEK
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 13 maart 2025 tot en met 11 april 2025.
Gedurende dit openbaar onderzoek werd 1 bezwaarschrift ingediend.
Het bezwaar wordt als volgt samengevat:
Het bezwaar wordt gevormd tegen de nieuwe inham voor de openbare fietsenstalling (9 fietsen, ter hoogte van Donkersteeg 35 en 37).
Redenen voor bezwaar:
Naar aanleiding van het stedenbouwkundig onderzoek van deze aanvraag wordt het bezwaar als volgt besproken:
Het ontwerp voorziet in het verwijderen van de openbare fietsenstalling (onder de luifel) om zo het zicht op de commerciële ruimten te verbeteren. In de omgeving van de Korenmarkt is er echter een grote fietsparkeerdruk. Het verwijderen van openbare fietsenstalling, onder de luifel, wordt als iets positief aanzien daar dit de verrommeling van de Korenmarkt tegengaat. Echter moet deze openbare stalling dan binnen het project worden gecompenseerd. De voorgestelde locatie, in de Donkersteeg, kwam tot stand na een intens voortraject tussen de verschillende stadsdiensten, eigenaar en architecten. Het voorstel wordt als kwalitatief beschouwd omdat dit de te schrappen fietsstalplaatsen compenseert en omdat dit binnen het project zelf wordt opgevangen, zonder het openbaar domein verder te belasten.
11. OMGEVINGSTOETS
Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
1/ AANPASSINGEN AAN HET GEBOUW/PRIVAAT DOMEIN
Het gebouw bevindt zich op een prominente locatie in het historische hart van de stad en is opgenomen op de vastgestelde inventaris van het bouwkundig erfgoed. De site van de voormalige Sarma vormt een herkenbaar en strategisch stedelijk knooppunt, maar is doorheen de jaren onderhevig geweest aan verrommeling — zowel in de architecturale leesbaarheid van de plint als in het gebruik van de publieke ruimte. Het ongestructureerd stallen van fietsen, het versnipperde gevelbeeld en de disfunctionele passage hebben geleid tot een sterk verminderde beeldkwaliteit en verblijfskwaliteit op deze locatie.
Het ontwerp voorziet in het terug zuiver krijgen van de gevel en het herwaarderen van dit gebouw.
Verbouwingswerken
De voorgestelde renovatie betreft vooral de aanpassing van de bouwlijn op de gelijkvloerse verdieping en de hiermee gepaard gaande vervanging van het schrijnwerk. De interne verbouwing blijft beperkt en respecteert de structuur van het pand. De voorgestelde fietsenstalling leidt tot een beperkte gevelaanpassing in de Donkersteeg.
Het naar voor verplaatsen van de bouwlijn gebeurt met behoud van de luifel. De uitkraging van de luifel zal minder uitgesproken zijn maar de luifel blijft als beeldbepalend onderdeel van het oorspronkelijke ontwerp voldoende gerespecteerd.
Het voorstel om een uniforme en bescheiden aanpak van de etalages aan te houden, wordt als een pluspunt beschouwd. Vervanging van het schrijnwerk gebeurt naar het oorspronkelijke model.
Het voorstel om te streven naar een uniforme, sobere aanpak van de etalages wordt als positief beoordeeld. Dit draagt bij aan een coherente visuele plint en verhoogt de architecturale kwaliteit van het straatbeeld. De interne verbouwingen blijven beperkt van aard en respecteren de bestaande structuur van het pand.
Het verwijderen en opnieuw plaatsen van een deel van de luifel, Kortemunt, is echter strijdig met de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement (zie ook hoofdstuk 5). Er wordt gevraagd dit aan te passen bij een nieuwe aanvraag, zie opmerkingen.
Huidig dossier moet immers geweigerd worden omwille een ongunstig brandweeradvies (zie punt 4.2).
In de Donkersteeg wordt een beperkte gevelaanpassing voorgesteld ten behoeve van een nieuwe fietsenstalling. Belangrijk is ook dat de integratie van deze voorziening bijdraagt aan het ordenen van de publieke ruimte door het wegnemen van de huidige wildgroei aan fietsen. Architecturaal wordt een passend antwoord gevonden. Deze fietsenberging wordt ook verder besproken onder het punt Mobiliteit.
De aangevraagde werken zijn verenigbaar met het behoud van de erfgoedwaarden van het pand en zorgen voor een herwaardering van de eerder op een storende manier gewijzigde gevels van de gelijkvloerse verdieping zijde Korenmarkt en Kortemunt. Het project slaagt erin om het historische karakter van het gebouw te behouden en tegelijk de site klaar te maken voor een hedendaagse invulling.
Er wordt vastgesteld dat de twee linkse toegangsdeuren (toegang tot wokkeltrap 2) opendraaien boven het openbaar domein. Deuren, poorten en ramen op het gelijkvloers mogen niet opendraaien over openbaar domein. Branddeuren op het gelijkvloers moeten achteruit geschoven worden zodat ze binnen de rooilijn opendraaien. Tenzij deze aangesloten worden op een alarminstallatie, waarbij de deuren enkel bij alarm naar buiten kunnen draaien. Er wordt gevraagd dit aan te passen of te verduidelijken bij een nieuwe aanvraag, zie opmerkingen.
Huidig dossier moet immers geweigerd worden omwille een ongunstig brandweeradvies (zie punt 4.2).
Functiewijziging
Het pand bevindt zich volgens de visienota Detailhandel en Horeca 2023 in het kernwinkelgebied. Dit kernwinkelgebied is een gebied met een voldoende grote concentratie van winkels en horeca, en een bovenlokale aantrekking. Via stedenbouwkundige voorschriften en een flankerend beleid wordt kleinhandel gestimuleerd. Het principe van de levendige commerciële plint wordt hier toegepast. Dat houdt in dat bestaande handels- en/of horecapanden op het gelijkvloers niet kunnen omgezet worden naar een andere functie (vb. wonen) maar wel naar een andere zichtbare economische activiteit (zoals kantoren, maakeconomie, atelier,…) of een gemeenschapsvoorziening. Het is van belang dat de interactie tussen het pand en het openbaar domein behouden blijft, waarbij de levendige commerciële plint niet onderbroken wordt. In het kernwinkelgebied 9000 Gent zijn er geen oppervlakte en branche beperkingen.
De huidige aanvraag omvat een combi van behoud van de bestaande handelszaken en het zorgen voor een apart functionerende reca-ruimte binnen het complex. Beide elementen zijn in lijn met de hierboven omschreven ambities uit de Visienota Detailhandel en Horeca en bijgevolg aanvaardbaar.
Mobiliteit
De voornaamste verandering op vlak van mobiliteit heeft betrekking op het fietsparkeren. Eén van de fietsparkeervakken op het openbaar domein verdwijnt. Hierdoor wordt de toegang tot het gebouw, maar ook de doorgang langs het gebouw, geoptimaliseerd. Het verdwijnen van deze fietsparkeercapaciteit wordt ín het gebouw gecompenseerd. Er wordt een inpandige, deels semi-publieke en deels openbare fietsenberging gerealiseerd aan de Donkersteeg, met een capaciteit van 22 gewone en 2 buitenmaatse fietsen. Het fietsparkeren voor het personeel wordt via deze aanvraag ook uitgebreid en dit op privaat domein.
De geplande ontwikkeling bevindt zich pal in het historisch centrum en kent dus een heel sterk bereikbaarheidsprofiel. De gebouwen en functies zijn vlot te bereiken voor alle verschillende vervoersmiddelen. Uiteraard geldt het autovrij gebied, wat een belangrijke impact heeft op het laden en lossen.
Parkeren
Bezoekers
Het fietsparkeervak onder de luifel voorziet plaats voor een vijftiental fietsen. In realiteit worden hier meer fietsen geplaatst door ongewoon gebruik. De nieuwe fietsenstalling in het gebouw voorziet plaats voor 13 reguliere fietsen en twee buitenmaatse fietsen. Deze fietsenstalling is semi-publiek toegankelijk en wordt tijdens de nacht afgesloten. De uitbating volgt de uren van de fietsenparking onder de Sint-Michielshelling. Aan de Donkersteeg worden 9 permanent toegankelijke fietsparkeerplaatsen geplaatst, dit in de inham.
Het fietsparkeervak op openbaar domein (Kortemunt, gevel van Casa) blijft behouden. Deze biedt plaats voor een tiental fietsen.
Personeel
De fietsenstalling voor medewerkers wordt op eigen terrein uitgebreid. Er wordt in de nieuwe situatie plaats voorzien voor 37 fietsen en negen buitenmaatse fietsen. Deze fietsenstalling zal niet publiek toegankelijk zijn. De plaatsen worden gespreid over de site voorzien. Dit lijkt chaotisch maar vormt geen probleem, aangezien de gebruikers gestuurd kunnen worden richting de voor hen gereserveerde ruimte.
Inrichting
Ook de inrichting van een fietsenberging is belangrijk om het fietsgebruik aan te moedigen. Een gebruiksvriendelijke berging wordt sneller gebruikt en stimuleert fietsgebruik.
Het fietsparkeren voor de bezoekers voldoet aan de inrichtingseisen. Het fietsparkeren voor personeel kan geoptimaliseerd worden. Van de 46 plaatsen worden er 10 gewone en 2 buitenmaatse fietsen buiten georganiseerd, hiervan zijn de 2 buitenmaatse niet overdekt. Om het comfort te verhogen kan er worden gekeken ook deze te overdekken. Er wordt gevraagd dit te onderzoeken bij een nieuwe aanvraag, zie opmerkingen.
Huidig dossier moet immers geweigerd worden omwille een ongunstig brandweeradvies (zie punt 4.2).
Logistieke stromen
Het laden en lossen verandert niet. Tijdens de exploitatie worden de bestaande toegangen gebruikt: in de Hoogpoort is een leveringstoegang voorzien met een goederenlift, de twee grootste units hebben een inpandige laad- en losplaats ter hoogte van de Hoogpoort.
2/ AANPASSINGEN AAN HET OPENBAAR DOMEIN
Aanpassingen rooilijnen
Het verleggen van de - niet afleesbare - huidige grens tussen privaat en openbaar, naar de effectieve uitgevoerde gebouwlijn en reeds feitelijke rooilijn zal een heldere grens opleveren. Dit is vanuit verscheidene standpunten wenselijk. Op deze manier kan het privatieve van het openbaar domein worden gescheiden en zullen deze niet meer in elkaar vervlochten zijn zoals op heden wel is.
Verder is de beslissing om de feitelijke rooilijn juridisch vast te leggen een bevoegdheid van de gemeenteraad, waarvoor in kader van deze vergunningsprocedure een aparte beslissing werd genomen.
Zo zal er in totaal 21,37 m² officieel privaat domein kosteloos worden overgedragen naar het openbaar domein. En verder zal er 54,65 m² openbaar domein via verwerving tegen schattingsprijs worden overgedragen naar de private eigendom van het project. Het bekomen van een formeel zakelijk recht (niet louter het gebruiksrecht) is een opschortende voorwaarde voor de uitvoerbaarheid van de vergunning, de vergunninghouder zal hier dus de nodige stappen moeten voor ondernemen.
Aanpassingswerken bestaand openbaar domein – onder de luifel
Op snede CC, bestaande toestand, wordt opgemerkt dat een verharding op het bestaande openbaar domein opgebroken, dit is niet de bedoeling. Deze werken zijn te beperken tot het private perceel. Er wordt gevraagd dit aan te passen bij een nieuwe aanvraag, zie opmerkingen.
Huidig dossier moet immers geweigerd worden omwille een ongunstig brandweeradvies (zie punt 4.2).
De huidige fietsenstalling onder de luifel is een fietsparkeervak. Dit is niet georganiseerd, wordt ongewoon gebruikt en geeft een slordige indruk. Het verwijderen van deze stalling en het compenseren ervan door een nieuwe is aanvaardbaar. De nieuwe fietsenstallingen, met een uitsplitsing tussen publieke fietsenstallingen en deze enkel voor medewerkers, zullen beter georganiseerd zijn en een ordelijker straatbeeld geven. Dit zorgt tevens voor meer en kwalitatievere ruimte voor voetgangers. Zowel passanten als shoppers zullen een positief effect ondervinden.
De aanpassing op het openbaar domein (wegnemen van het gebogen fietsopstelvlak en het herstellen van deze verharding) is op kosten van de bouwheer/aanvrager, hiervoor dient een technisch dossier opgemaakt te worden.
De cortenstalen randen van het vak dienen omzichtig opgebroken te worden en zijn terug te bezorgen aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen (depot Proeftuinstraat). Dit werd opgenomen in de voorwaarden en lasten, opgelegd door de gemeenteraad.
3/ CONCLUSIE
De aanvraag voldoet niet aan de minimale eisen inzake brandveiligheid (zie punt 4.2). De aanvraag moet hierdoor worden geweigerd.
In functie van een nieuw aanvraagdossier worden volgende opmerkingen meegegeven:
CONCLUSIE
Ongunstig. De aanvraag voldoet niet aan de minimale eisen inzake brandveiligheid.
WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?
Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.
Bekendmaking
De beslissing wordt bekendgemaakt conform Titel 3, Hoofdstuk 9, Afdeling 3 van het Omgevingsvergunningsbesluit.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Het college van burgemeester en schepenen weigert de omgevingsvergunning voor het renoveren en beperkt uitbreiden van een winkelpand en het aanpassen van de rooilijn aan Arioso Investments Belgium nv (O.N.:0561914565) gelegen te Korenmarkt 1-3, 9000 Gent.
Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:
In functie van een nieuw aanvraagdossier worden volgende opmerkingen meegegeven: