Motivering hoogdringendheid
Deze interpellatie betreft feiten en onthullingen die na het verstrijken van de indientermijn (17/9) plaatsvonden: met name getuigenissen in een persartikel van 18/9 (https://www.hln.be/gent/gentse-moslims-blij-dat-uitspraken-van-niet-erkende-moskee-worden-aangekaart-jongeren-krijgen-er-geradicaliseerd-beeld-van-ons-geloof~aced73cc/) en een door de burgemeester op 18/9 gevraagd onderzoek (zie https://www.hln.be/gent/burgemeester-de-clercq-vraagt-toch-extra-onderzoek-naar-moskee-in-gent-staan-er-strafbare-elementen-in-die-teksten-of-niet~a1746f67/).
(art. 114, §4 van het huishoudelijk reglement: In geval van hoogdringendheid kunnen mondelinge vragen (interpellaties) ingediend worden uiterlijk om 12h van de dag van de vergadering van de gemeenteraad. Onder hoogdringendheid wordt verstaan dat de vraag is gebaseerd op feiten, kennisgevingen of onthullingen die plaatsvonden na het verstrijken van de termijn voor het indienen van de vragen. De reden van hoogdringendheid moet door de indiener gemotiveerd worden via eBesluitvorming.)
Toelichting
In de voorbije commissie FABAZ (15/9) stelde ik de burgemeester een vraag over de ‘radicale islam in Gent’. De aanleiding waren o.a. een aantal door de moskee/vzw El Albani online verspreide adviezen met betrekking tot de plaats van vrouwen in onze samenleving. Daarbij wordt o.a. de gelijkheid tussen mannen en vrouwen verworpen en worden vrouwen voorgesteld als “beperkt in verstand en denkvermogen”. De moskee/vzw bezaten een tijdlang een erkenning met ook beperkte subsidies vanwege de Stad Gent.
De persverslaggeving over mijn vraag in Het Laatste Nieuws (17/9) zorgde voor beroering, met name ook binnen de Gentse moslimgemeenschap. Een aantal reacties uit die gemeenschap kwamen aan bod in een vervolgartikel dat verscheen op 18/9. Daaruit geef ik graag deze bloemlezing:
“Jongeren krijgen er een geradicaliseerd beeld van ons geloof.”
“De niet-erkende moskee El-Albani in de Phoenixstraat is wel degelijk een probleem, en het is hoog tijd dat dit wordt aangepakt.”
“Binnen de stad en de moslimgemeenschap is deze moskee al langer bekend als een broeihaard van wahhabistische ideeën. Veel mensen weten dit, maar slechts weinigen durven het publiekelijk te benoemen. Net daarom is het zo belangrijk dat dit nu wel gebeurt.”
“Ik ben opgelucht dat dit eindelijk aan het licht komt. Want zolang dit verzwegen blijft, lopen jongeren en nieuwe moslims het risico in een fuik van radicalisme terecht te komen, terwijl zij net op zoek zijn naar een gezonde, spirituele invulling van hun geloof. Deze extremisten stellen ons geloof in een slecht daglicht.
“Een van de bestuursleden van de El-Albanimoskee heeft vroeger nog voor vzw Jong gewerkt. Net voor de opstart van deze moskee is hij daar gestopt, maar hij trekt nog steeds veel jongeren naar zich toe. Voor hen blijft hij een vertrouwensfiguur, precies door zijn verleden binnen het jeugdwerk. Dat maakt zijn invloed des te groter en tegelijk problematischer, omdat jongeren hem als een rolmodel zien, terwijl hij in werkelijkheid radicale ideeën doorgeeft.”
In zijn antwoord op 15/9 stelde de burgemeester in algemene termen dat er in Gent geen plaats was voor extremisme of radicalisering. Tegelijk gaf hij aan dat zowel de Lokale Veiligheidscel Radicalisering als de COPRA-cel geen aanwijzingen hadden voor de aanwezigheid van een radicale islam in Gent, noch van specifieke groepen, noch van activiteiten van El Albani-moskee. De burgemeester gaf tijdens de commissie geen inhoudelijke reactie op de door de moskee in kwestie gepropageerde laakbare meningen en adviezen. De burgemeester zag ook geen reden tot nader onderzoek of enige actie. Wel verwees hij naar de netwerken voor dialoog en overleg met de in onze stad aanwezige geloofsgemeenschappen.
Maar na de vermelde persberichtgeving veranderde de burgemeester het geweer ineens van schouder. Er was nu plots toch reden tot actie: aan de politie werd opdracht gegeven om een onderzoek in te stellen naar de moskee El Albani. De burgemeester achtte het nu plots ook nodig om alsnog zijn afschuw uit te drukken over de door de moskee gepropageerde meningen en adviezen. Beter laat dan nooit.
1. Vanwaar de ommezwaai in de houding van de burgemeester? Ligt nieuwe informatie (vb. vanuit de politiediensten) hieraan ten grondslag?
2. Zal deze kwestie binnen het permanent overleg met de geloofsgemeenschappen opgevolgd worden? Hoe ziet de burgemeester dit?
3. Hoe monitort de Stad Gent dat medewerkers van partnerorganisaties zoals vzw Jong geen radicale religieuze ideeën verspreiden, met name bij Gentse kinderen en jongeren? Welk beleid is er op dit vlak?