Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40, §1
Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 2
De Stad wordt geconfronteerd met veel en complexe klachten en meldingen van burgers, andere stadsdiensten en overheden over vermoedelijke overtredingen van de regelgeving m.b.t. milieu en ruimtelijke ordening. Er is duidelijk nood aan een performante handhaving.
Toezicht, opsporing en handhaving vormen het sluitstuk van het omgevingsbeleid, maar opsporen en handhaven van alle overtredingen is niet realistisch, niet haalbaar, maar ook niet aangewezen. Vandaar dat de voorkeur dient gegeven aan een gedifferentieerd en evenwichtig handhavingsbeleid waarbij gewerkt wordt met prioriteiten en waarbij de handhavingsinstrumenten gericht worden ingezet. Dit biedt een duidelijk kader voor de handhavingsuitvoering en biedt bovendien transparantie voor de burger. Tegelijk vormt het een leidraad voor het behandelen van klachten en meldingen.
Handhavingsbeleid is een belangrijk instrument om de door de Stad vooropgestelde doelstellingen inzake ruimtelijke ordening en milieu te bereiken en te ontwikkelen en vormt tegelijk een duidelijk, transparant kader waarbinnen kan gewerkt worden.
Op Vlaams niveau werd beslist dat enkel de schendingen die overeenkomstig de stedelijk prioriteiten worden opgenomen in aanmerking komen voor bestuurlijke beboeting.
De bevoegdheden op gebied van handhaving ruimtelijke ordening en milieu komen toe aan de burgemeester en/of de gemeentelijke stedenbouwkundige inspecteur. Het college van burgemeester en schepenen heeft nog een aantal beperkte bevoegdheden, dit betekent dat de gemeenteraad dus volheid van bevoegdheid heeft om de handhavingsprioriteiten van de stad Gent goed te keuren.
Keurt goed de Handhavingsprioriteiten ruimtelijke ordening en milieu, zoals gevoegd in bijlage.