Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 24 en 42.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.
Het college van burgemeester en schepenen geeft gunstig advies.
WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?
De heer Jannes Colaert met als contactadres Pantserschipstraat 331, 9000 Gent en SHELL CATALYSTS & TECHNOLOGIES BELGIUM NV met als contactadres Pantserschipstraat 331, 9000 Gent hebben een aanvraag (OMV_2025045139) ingediend bij de deputatie op 14 mei 2025.
De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit handelt over:
• Onderwerp: het veranderen van een productiebedrijf van katalysatoren, het plaatsen van nieuwe afgasbehandelingsinstallaties extrusie en SCUG, het plaatsen van tijdelijke contractorcontainers, het aanpassen van een betonnen wand en het plaatsen van een bochtverbreding en terreinwijziging (IIOA +SH)
• Adres: Pantserschipstraat 301-331 en 331, 9000 Gent
• Kadastrale gegevens: afdeling 13 sectie S nrs. 320Y, 320H2, 320G2, 320T2, 320R2, 320W2 en 320X2
Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 18 juni 2025.
De deputatie heeft het college van burgemeester en schepenen om advies gevraagd op 18 juni 2025.
De aanvraag volgde de gewone procedure.
Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 22 juli 2025.
OMSCHRIJVING AANVRAAG
1. BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT
De aanvraag betreft een gecombineerde omgevingsvergunningsaanvraag met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit
Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
De aanvraag omvat het veranderen van een productiebedrijf van katalysatoren, het plaatsen van nieuwe afgasbehandelingsinstallaties extrusie en SCUG, het plaatsen van tijdelijke contractorcontainers, het aanpassen van een betonnen wand en het plaatsen van een bochtverbreding en terreinwijziging (IIOA +SH).
De percelen maken deel uit van de SHELL CATALYSTS & TECHNOLOGIES BELGIUM NV site en zijn toegankelijk, ten oosten, langs de Pantserschipstraat.
De percelen in beheer van SHELL CATALYSTS & TECHNOLOGIES BELGIUM NV grenzen ten noorden aan de ringvaart en ten westen aan spoorlijnen. De site is rechtstreeks toegankelijk via de openbare weg en wordt rondom afgeschermd door een omheining. De directe omgeving kenmerkt zich uitsluitend door industrie.
Een gebouw op het bouwperceel is opgenomen als 'Fabriekscomplex' in de inventaris van het bouwkundig erfgoed (relictid: 135836).
De stedenbouwkundige handelingen voor deze site omvatten:
De locatie voor het extrusie gebouw wordt leeg gemaakt, de te verwijderen constructie zijn.
- contractorcontainers met een oppervlakte van ca. 364 m² en volume van ca. 1885,52 m³, die een andere locatie krijgen
- Een toiletcontainer met een oppervlakte van ca. 6,76 m² en volume van ca. 17,51 m³ wordt verplaatst
- Een luifel met een oppervlakte van ca. 12 m² en volume van ca. 30,36 m³
- Een gestapelde container met een oppervlakte van ca. 35 m² en volume van ca. 181,3 m³
- Twee enkele containers met elk een met een oppervlakte van ca. 15 m² en een omschreven volume van ca. 38,85 m³
Er wordt een nieuwe afgasbehandelingsinstallatie extrusie geplaatst. Het betreft 2 volumes, namelijk de installatie zelf en de schouw. De installatie heeft een oppervlakte van ca. 400 m², een hoogte van ca. 14 m en een volume van ca. 56.000 m³. De schouw met diameter van ca. 1.8 m steekt uit het installatie-volume met een totale hoogte van ca. 42 m en omschrijft een volume van ca. 90,72 m³.
Tussen de nieuwe installatie en road 12 wordt verharding heraangelegd in beton als aanrijstrook voor de installatie heeft een oppervlakte van 100m².
De bestaande leidingbrug, die zich bevindt tussen het extrusie-gebouw en het PVI-gebouw, wordt uitgebreid tot aan de nieuwe afgasbehandelingsinstallatie. De uitbreiding van de leidingbrug heeft een omschreven lengte van ca. 49,22 m, hoogte van ca. 7,4 m, breedte van ca. 3 m en een omschreven volume van ca. 6,49 m³.
Men wenst een schouw te plaatsen boven op het extrusie-gebouw. Deze nieuwe schouw heeft een diameter van ca. 0,50 m, heeft een hoogte van ca. 42 m. De werken omschrijven een volume van ca. 10,5 m³.
Er is een verharding voorzien van 500 m² voor de installatie en aanrijstrook. Hiervoor wordt er, naast de installatie en aanrijstrook, een groenstrook voor infiltratie op eigen terrein van min. ¼ van het afwaterend oppervlak, ca. 125 m2. Het hemelwater zal dus infiltreren op eigen terrein.
Voor tijdens de werken worden tijdelijke containers geplaats die dienen als bureel-, eet-, en werkcontainers. Deze zullen aanwezig zijn voor langer dan 6 maanden, maximaal 2 jaar, gedurende de werkzaamheden. Deze hebben een oppervlakte van ca. 290,30 m², een hoogte van ca. 6,06 m en omschreven volume van ca. 1759 m³.
Er wordt een nieuwe scrubber installatie extrusie en het plaatsen van een toiletcontainer. De nieuwe scrubber installatie extrusie betreft 2 volumes, namelijk de scrubber en de schouw. De scrubber heeft een oppervlakte van ca. 26,06 m², een hoogte van ca. 6 m t.o.v. het maaiveld en een omschreven volume van ca. 156,36 m³. De schouw met diameter van ca. 1,50 m steekt uit het scrubber-volume met een totale hoogte van ca. 42 m t.o.v. het maaiveld en omschrijft een volume van ca. 81 m³. Hier wordt ook de verwijderde toiletcontainer ook een nieuwe plaats.
Zowel de nieuwe scrubber installatie extrusie, alsook de toiletcontainer, worden op de bestaande verharding geplaatst.
Er wordt een metalen kast voor de opslag van gasflessen voorzien tegen de bestaande metselwerkplint met veiligheidschem op de bestaande verharding.
De bestaande installatie wordt vervangen door een nieuwe afgasbehandelingsinstallatie SCUG zoals te zien op het inplantingsplan. De nieuwe installatie betreft 2 volumes, verbonden door pijpleidingen. Het eerste volume, dat grenst aan het bestaande SCUG-gebouw, betreft filter en schouw. Deze heeft een oppervlakte van ca. 27,07 m², een maximale hoogte van ca. 25 m en omschreven volume van ca. 676,75 m³. Het tweede volume, dat vrijstaand is, betreft de scrubber en een luifel. Deze heeft een omschreven oppervlakte van ca. 12,25 m², een maximale hoogte van ca. 6 m en omschreven volume van ca. 73,50 m³. Het totale volume van de volledige ingreep bedraagt ca. 750,25 m³.
Voor de ingreep dient de bestaande installatie verwijderd te worden. De bestaande installatie betreft de installatie zelf met een uitstekende schouw. De installatie zelf heeft een hoogte van ca. 7,33 m en een volume van ca. 215 m³, de schouw heeft een maximale hoogte van ca. 14,50 m t.o.v. het maaiveld en bedraagt een uitstekend volume t.o.v. de installatie van 3 m³. In totaal bedraagt de te verwijderen installatie bedraagt ca. 218 m³.
Men zal ook de bestaande noodschouw, die zich boven op het SCUG-gebouw bevindt verwijderen. De bestaande noodschouw heeft een diameter van 0,30 m, een hoogte van 2,50 m t.o.v. het SCUG- gebouw
Tijdelijke contractorcontainers
De verwijderde contractorcontainers worden tijdelijk geplaatst nabij het GHEO-gebouw. Deze containers zullen geplaatst worden en blijven staan voor langer dan 6 maand en minder dan 2 jaar. Deze contractorcontainers hebben in de nieuwe inplanting een oppervlakte van ca. 319,68 m², een maximale hoogte van ca. 5,18 m en omschreven volume van ca. 1655,94 m³.
Om de toekomstige contractorcontainers te scheiden van de bestaande tank zal de bestaande betonnen wand worden aangepast.
Zowel de contractorcontainers als scheidingswand worden geplaatst op de bestaande verharding.
Bochtverbreding en terreinwijziging
Er een bochtverbreding te plaatsen ter hoogte van de kruising van road No 5 met road No 12 om de logistieke beweging te optimaliseren. De bochtverbreding heeft een oppervlakte van ca. 6 m². Door de bochtverbreding ontstaat een terreinwijziging die bestaat uit nieuwe verharding (betonnen bochtverbreding) en grondtoevoer (talud) zoals te zien in terreinprofiel 4. Deze terreinwijziging bedraagt een totaal van ca. 10,82 m³.
Beschrijving van de aangevraagde inrichtingen of activiteiten
Het betreft het veranderen van een productiebedrijf van katalysatoren
Shell Catalysts & Technologies Belgium nv (SHELL C&T nv) is momenteel vergund voor de productie van diverse katalysatoren via verschillende processen. Aangezien het batchprocessen betreft is er een grote variabiliteit aan behandelde producten.
Volgende wijzigingen worden in deze aanvraag opgenomen:
Wijziging afgasbehandeling SCUG:
Onder meer in het kader van de implementatie van de BREF WGC als in het kader van efficiëntere herwinning van edelmetalen, zal de bestaande afgasbehandeling in de SCUG aangepast worden.
Hiertoe zal in de SCUG de bestaande scrubber vervangen worden door een nieuwe scrubber op een locatie vlakbij, bijkomend zal een stoffilter geplaatst worden in de SCUG.
Het emissiepunt van de scrubber EP-C9401 wijzigt enkel beperkt wat locatie betreft, de afgassen van de nieuwe stoffilter gaan via de scrubber naar hetzelfde emissiepunt dat reeds aanwezig is.
Dit emissiepunt is reeds mee opgenomen in het meetprogramma van Shell C&T.
Wijziging afgasbehandeling Extrusie:
Eveneens in het kader van de implementatie van BREF WGC, wordt in dit dossier specifiek reeds het bouwkundig luik in de aanvraag opgenomen. In het najaar wordt een dossier opgemaakt met het milieuluik van dit uitvoerig project, inclusief energiestudie. Hiertoe wordt tevens een verklaring op eer
toegevoegd teneinde aan te geven dat Shell C&T geen exploitatie plant van deze installatie, zonder dat het deel IIOA zal aangevraagd worden bij de Provincie. Pas nadat hiervoor een vergunning wordt bekomen, zal deze installatie in dienst genomen worden.
Aanpassing airco-installaties:
Voor rubriek 16.3.2° werden wijzigingen aangebracht aan de airco-installaties. Een bestaande compressor met een vermogen van 90 kW werd vervangen door een nieuw exemplaar met een verhoogd vermogen van 142 kW. Daarnaast werden in de MUS zeven nieuwe airco’s geïnstalleerd, elk met een individueel vermogen van 8 kW, wat resulteert in een gezamenlijk bijkomend vermogen van 56 kW. Verder werd een bestaande airco van 60 kW vervangen door een nieuwe eenheid met een vermogen van 93 kW.
Als gevolg van deze aanpassingen stijgt het totale elektrisch vermogen onder rubriek 16.3.2° van 1.551,24 kW naar 1.692,24 kW, wat neerkomt op een toename van 141 kW.
Opslag van gevaarlijke producten:
Er worden wijzigingen aangebracht aan de opslag van gevaarlijke producten:
Er komen 3 extra IBC’s van elk 1,4 ton, samen 4,2 ton bij van een product dat reeds gebruikt wordt op de site en dat ingedeeld is als GHS05;
Er wordt een nieuw product ingeïntroduceerd met GHS07, hiertoe worden 20 IBC’s van elk 1,4 ton opgeslagen op de inrichting;
Reeds aanwezige eindproducten krijgen bijkomend een indeling als GHS08, het gaat om een totaal van 240 ton;
De totale hoeveelheid van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen wordt verhoogd naar 5.000 liter, een toename van 453 liter, het betreft producten in kleine verpakkingen die worden opgeslagen op verschillende locaties op de inrichting.
Hiertoe wijzigen de rubrieken als volgt:
- Rubriek 17.3.4 stijgt van 1.560,8 ton naar 1.565 ton, een toename van 4,2 ton;
- Rubriek 17.3.6 stijgt van 4.238,4 ton naar 2.266,4 ton, een toename van 28 ton;
- Rubriek 17.3.7 stijgt van 3.577 ton naar 3.817 ton, een toename van 240 ton;
- Rubriek 17.4 stijgt van 4.547 liter naar 5.000 liter, een toename met 453 liter.
De klasse indeling van elk van deze rubrieken blijft ongewijzigd.
De overige rubrieken van 17.3 blijven ongewijzigd.
Bijkomend wordt de CEMS van PVI/EXT ontdubbeld waardoor er een bijkomende opslag van gasflessen ter hoogte van EXT zal gebeuren. 2 flessen zijn in gebruik en dienen niet meegeteld worden, 2 gasflessen staan als reserve opgesteld. Hierdoor stijgt rubriek 17.1.2.1.2° met 418 l naar 7.218 liter.
Wijzigingen stookinstallaties, rubriek 43:
Momenteel is Shell C&T vergund voor verschillende stookinstallaties met een totaal vermogen van 11.720,4 kW.
In vergunningsaanvragen was de interpretatie steeds dat de installaties die onder het toepassingsgebied van de uitsluitingen van artikel 5.43.1.2 vallen, niet mee dienden opgenomen te worden in de vergunning onder rubriek 5.43.
In het specifieke dossier OMV_2022071371_EA werd gevraagd een stookinstallatie te verwijderen uit
rubriek 5.43 omdat deze onder de uitsluitsels van rubriek 5.43.1.2. valt.
Dit hoofdstuk is niet van toepassing op de volgende installaties :
1° installaties waarin de verbrandingsproducten worden gebruikt voor directe verwarming, droging of een andere behandeling van voorwerpen of materialen;
2° naverbrandingsinstallaties voor de zuivering van afgassen door verbranding die niet als autonome stookinstallatie worden geëxploiteerd;
Tot besluit werd echter gesteld dat een stookinstallatie die onder de uitsluitsels van 5.43.1.2 valt, wel onder rubriek 5.43 dient ingedeeld te blijven maar niet aan de voorwaarden van hoofdstuk 5.43 moeten voldoen.
Met deze aanvraag :
- werden de bestaande vergunde vermogens gecontroleerd aan de realiteit en indien nodig gecorrigeerd.
- de stookinstallaties die tot op heden niet in de vergunning werden opgenomen naar aanleiding van bovenvermelde interpretatie en die onder de uitsluitsels vallen van artikel 5.43.1.2, werden nu mee opgenomen.
Het is in dit kader dat Shell C&T een aantal bijkomende installaties mee opneemt in rubriek 5.43.1.3° waardoor het vermogen van deze rubriek stijgt van 11.720,4 kW naar 20.105,4 kW, een toename met 8.385 kW.
Oppompen van grondwater
In de vergunning van 2020, referentienummer 2020071137, werd een vergunning toegestaan voor het oppompen van grondwater in het kader van bouwkundige werken. Deze activiteit werd vergund onder rubriek 53.2.2°a) (bronbemaling) en rubriek 3.6.3.1°b) (lozen van verontreinigd bemalingswater na zuivering). Deze rubrieken werden toegestaan voor een periode van 5 jaar en komen met andere woorden te vervallen op 15/10/2025. Gezien de stedenbouwkundige werken die moeten uitgevoerd worden, o.a. voor het plaatsen van de afgasbehandelingen in SCUG en de voorbereidende werken voor EXT, worden met deze aanvraag 2 nieuwe bronbemalingen aangevraagd en het lozen van opgepompt bemalingswater via infiltratie.
Hiertoe worden de volgende rubrieken aangevraagd in de vergunning:
- Rubriek 53.2.1° voor het oppompen van grondwater in het kader van stedenbouwkundige werken met een maximaal opgepompt volume van 28.963 m3³(voor de volledige bemalingstermijn);
- Rubriek 3.8.1°a) voor het lozen van bemalingswater met een geloosd maximaal debiet van 1.250 m³/dag en waarbij de bemaling een maximale duur heeft van 75 dagen.
Volgende rubrieken worden aangevraagd:
Rubriek | Omschrijving | Hoeveelheid |
3.8.1°a) | Het lozen van bemalingswater, afkomstig van een bemaling, met een geloosd debiet van max. 2500 m³ per dag, afkomstig van een bemaling van max. 12 maanden en concentraties aan gevaarlijke stoffen als vermeld in bijlage 2C zijn lager of gelijk aan: -voor prioritair gevaarlijke stoffen de toetsingswaarden -voor de overige gevaarlijke stoffen tien keer de toetsingswaarden vermeld in artikel 4.2.9.1, §3, 4° van dit besluit | het lozen van bemalingswater afkomstig van 2 bemalingen voor de uitvoering van bouwkundige werken | klasse 3 | Nieuw | 722 m³/dag |
16.3.2°b) | koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen en airconditioningsinstallaties (meer dan 200 kW) | Een stijging in koelvermogen door de wijzigingen in vermogens van diverse toestellen en nieuwe toestellen die zullen geïnstalleerd worden | klasse 2 | Verandering | 141 kW |
17.1.2.1.2° | opslagplaatsen voor gevaarlijke gassen in verplaatsbare recipiënten, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, met een gezamenlijk waterinhoudsvermogen van meer dan 1000 liter tot en met 10.000 liter | Toename in opslag van gasflessen | klasse 2 | Verandering | 418 liter |
17.3.4.3° | bijtende vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS05 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 100 ton | Een toename in opslag van producten met GHS05 | klasse 1 | Verandering | 4,2 ton |
17.3.6.3° | schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering met gevarenpictogram GHS07 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 100 ton | Toename in opslag van schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen | klasse 1 | Verandering | 28 ton |
17.3.7.3° | op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 50 ton | Toename in opslag van gevaarlijke stoffen met GHS08 | klasse 1 | Verandering | 240 ton |
17.4. | opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l | Toename in opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen | klasse 3 | Verandering | 453 liter |
43.1.3° | stookinstallaties meer dan 5000 kW | Toename in vermogen stookinstallaties | klasse 1 | Verandering | 8385 kW |
43.3.1° | stoken in installaties, inclusief stationaire motoren en gasturbines meer dan 20 MW tot 50 MW | Stoken in installaties met een totaal thermisch ingangsvermogen van 20 105,4 kW als volgt: - dieselventilator van 91 kW - verbrandingskamer droger (aardgas) van 950 kW - brander calciner (aardgas) van 3.150 kW en van 692 kW - stoomketel Clayton van 2.618 kW - gasgestookte warmteboiler van 440 kW - 2 verwarmingsinstallatie in GHEO van 29 kW en 45 kW - een verwarmingsinstallatie in het nieuw receptiegebouw van 60,4 kW - twee verwarmingsketels van elk 65 kW - een brander met een thermisch ingangsvermogen van 660 kW bij de DeNOx-installatie - Brander calciner SEP van 1.700 kW - RTO PVI van 630 kW - Afgas PVI van 1.200 kW - Calciner EXT van 3.300 kW - Droger EXT van 2.700 kW - RTO GHEO van 600 kW - Inline brander GHEO van 1.110 kW | klasse 1 | Nieuw | 20,1054 MW |
53.2.1° | Bemaling die technisch noodzakelijk is voor de verwezenlijking van werken of de aanleg van nutsvoorzieningen met een netto opgepompt volume per IIOA van maximaal 30.000 m³ | Twee tijdelijke bemalingen voor het uitvoeren van bouwkundige werken | klasse 3 | Nieuw | 28963 m³ |
Volgende rubrieken zijn ongewijzigd:
3.4.3° | - Het lozen van max. 690 m³/uur, 3.040 m³/d, 593.000 m³/j bedrijfsafvalwater in een oppervlaktewater (Ringvaart- LP1)
- Het lozen van bedrijfsafvalwater met een maximum debiet van 0,01 m³/uur, 0,2 m³/dag, 59 m³/jaar in de openbare riolering die uitmondt in Kanaal Gent-Terneuzen | 690,01 m³/uur
3.6.1. | Het lozen van 3 m³/uur- 5.400 m³/jaar huishoudelijk afvalwater in de openbare riolering | 5400 m³/jaar
3.6.3.2° | De zuivering en de lozing van maximaal 50 m³/uur- 1200 m³/dag en 30.000 m³/jaar effluent van gezuiverd bedrijfsafvalwater (mogelijks verontreinigd bemalingswater) met gevaarlijke stoffen in een oppervlaktewater via 2 mogelijke lozingspunten | 50 m³/uur
6.4.1° | Opslag van maximaal 23.000 l brandbare vloeistoffen | 23000 liter
7.1.3° | Productie van 27.450 ton katalysatoren | 27450 ton/jaar
7.11.2°e) | De productie van maximaal 8.500 ton/jaar metaaloxiden | 8500 ton
12.1.2.2°a) | Diverse noodgroepen met een totaal vermogen van 1.882 kW (1.000 kW, 500 kW, 3 x100 kW en 82 kW) | 1882 kW
12.2.2° | 2 transformatoren van 1600 kVA elk | 3200 kVA
15.1.2° | Het stallen van 55 bedrijfsvoertuigen andere dan personenwagens (vorkliften, veegmachine, bestelwagens,…) | 55 voertuigen
17.1.2.2.2° | Opslag van max. 9.300 l gevaarlijke gassen in vaste recipiënten (6.000 l stikstof en 3.300 l aardgas) | 9300 liter
17.2.2. | De opslag van maximaal 2.887,2 ton Seveso-ingedeelde producten als volgt: - met naam genoemde stoffen: - 15 ton inhaleerbare poedervormige nikkelverbindingen - 19 ton aardolieproducten (gasolie) - 0,002 ton ontvlambare vloeibare gassen categorie 1 of 2 - categorieën gevaarlijke stoffen en mengsels - H1 (acuut toxisch categorie 1): 18 ton - H2 (acuut toxisch categorie 2 en 3): 391,5 ton - P2 (ontvlambare gassen categorie 1 of 2): 3 ton - P5c (ontvlambare vloeistoffen): 86,2 ton - P8 (oxiderende vloeistoffen en vaste stoffen): 172,1 ton - E1 (gevaar voor aquatisch milieu – acuut 1 of chronisch 1): 1.532,3 ton - E2 (gevaar voor aquatisch milieu – chronisch 2): 650,1 ton | 2887,2 ton
17.3.2.1.1.1°b) | De opslag van maximaal 17,5 ton gasolie in verschillende recipiënten | 17,5 ton
17.3.2.1.2.2° | De opslag van maximaal 41,2 ton overige ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 in verschillende recipiënten. | 41,2 ton
17.3.2.3.2°a) | De opslag van maximaal 46 ton overige brandgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen niet vermeld in rubriek 17.3.2.1. en 17.3.2.2. in verschillende recipiënten | 46 ton
17.3.3.3° | De opslag van maximaal 172,1 ton oxiderende vloeistoffen en vaste stoffen (GHSO3). | 172,1 ton
17.3.5.3° | De opslag van maximaal 506 ton giftige vloeistoffen en vaste stoffen (GHSO6). | 506 ton
17.3.8.3° | De opslag van maximaal 1.898 ton voor het aquatisch milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen (GHSO9). | 1898 ton
23.2.1°a) | Diverse kunststofverwerkingstoestellen met een vermogen van 82 kW | 82 kW
24.4. | Laboratorium | 1 Labo
29.5.2.1°a) | Diverse metaalbewerkingstoestellen met een vermogen van 58,32 kW | 58,32 kW
29.5.7.2°a)1) | Een bad van 200 l voor het ontvetten van metalen | 200 liter
31.1.1°a) | Motoren met inwendige verbranding met een vermogen van 1.830 kW | 1830 kW
33.3.1°a) | Inrichting voor het behandelen van papier en karton: een wikkelaar met een vermogen van 5 kW. | 5 kW
39.2.1° | Een warmtewisselaar met een waterinhoud van 520 l | 520 liter
39.3. | Lage druk stoomketels met een totale waterinhoud van 2.078 l als volgt: 1 x 709 l, 1 x 1.000 l, 1 x 369 l | 2078 liter
39.4.1° | Een warmtewisselaar met een waterinhoud van de secundaire ruimte van 3.880 l | 3880 liter
Volgende rubrieken zijn niet meer van toepassing:
53.2.2°a) | Een bronbemaling met een debiet van max. 1.500 m³/dag en 30.000 m³/jaar nodig voor het tijdelijk verlagen van de grondwaterstand i.f.v. geplande bouwwerkzaamheden | 30000 m³/jaar
2. HISTORIEK
Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:
Omgevingsvergunningen
* Op 08/02/2018 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen (door wijziging + uitbreiding) van een inrichting voor de productie van katalysatoren + plaatsen van een nieuwe bovengrondse inkuipte tank. (OMV_2017009632)
* Op 09/08/2018 werd een vergunning afgeleverd voor het veranderen door wijziging en uitbreiding van een inrichting voor de productie van katalysatoren. (OMV_2017010546)
* Op 18/10/2018 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor bouwen van een overkapping en een betonvloer voor de plaatsing van containers. (OMV_2018067099)
* Op 14/11/2019 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een inrichting voor de productie van katalysatoren (iioa + sh). (OMV_2019057393)
* Op 05/12/2019 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen door uitbreiding van een inrichting voor de productie van smeermiddelen. (OMV_2019002011)
* Op 07/05/2020 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een inrichting voor de productie van katalysatoren. (OMV_2019141395)
* Op 15/10/2020 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een chemisch bedrijf: het uitbreiden van de dimla productie met bijbehorende staalbouw + bijstelling. (OMV_2020030057)
* Op 29/10/2020 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor vraag bijstelling vlarem iii- art. 3.9.3.2 aangaande de monitoring van emissies naar water. (OMV_2020078175)
* Op 30/11/2020 werd een melding ongegrond/niet rechtsgeldig bevonden voor dossier aangemaakt via het digitaal loket, gelieve een onderwerp in te vullen.... (OMV_2020159850)
* Op 18/03/2021 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een inrichting voor de productie van katalysatoren. (OMV_2020109001)
* Op 12/08/2021 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een bedrijf voor de productie van katalysatoren (iioa + sh + bijstelling). (OMV_2021023111)
* Op 06/04/2023 werd een gedeeltelijke voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een bedrijf voor de productie van katalysatoren (iioa + sh). (OMV_2022071371)
* Op 03/08/2023 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een chemisch bedrijf. (OMV_2023000089)
* Op 28/09/2023 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een productiebedrijf van katalysatoren. (OMV_2023064885)
* Op 14/12/2023 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het bouwen van twee logistieke gebouwen met geïntegreerde kantoren en aanhorigheden en de aanleg van bijhorende verhardingen en het exploiteren van de algemene gebouwgebonden installaties en parkeerplaats. (OMV_2023025893)
* Op 08/02/2024 werd een voorwaardelijke vergunning afgeleverd voor het veranderen van een productiebedrijf van katalysatoren (iioa + sh). (OMV_2023135137)
productiebedrijf van diverse katalysatoren (sh + iioa). (OMV_2024037046)
Milieuvergunningen
* Op 31/03/2011 werd door de deputatie een vergunning afgeleverd voor het verder exploiteren en het veranderen (door wijziging/uitbreiding) van een bedrijf voor de productie van katalysatoren zodat deze voortaan omvat. (9991/E/5)
* Op 18/10/2012 werd door de deputatie een vergunning afgeleverd voor een mededeling van een kleine verandering voor het veranderen van een inrichting voor de productie van katalysatoren. (9991/E/6)
* Op 20/06/2013 werd door de deputatie een vergunning afgeleverd voor het veranderen (door wijziging en uitbreiding) van een inrichting voor het vervaardigen van andere chemische producten. (9991/E/7)
* Op 05/06/2014 werd door de deputatie een vergunning afgeleverd voor het veranderen (door uitbreiding) van een inrichting voor de productie van katalysatoren. (9991/E/8)
* Op 18/02/2016 werd door de deputatie een vergunning afgeleverd voor het veranderen (door uitbreiding) van een inrichting voor de productie van katalysatoren. (9991/E/9)
* Op 28/07/2016 werd door de deputatie akte genomen voor een mededeling van een kleine verandering door uitbreiding van een bedrijf voor de productie van katalysatoren. (9991/E/10)
* Op 10/08/2017 werd door de deputatie een vergunning afgeleverd voor het veranderen (door wijziging/uitbreiding) van een inrichting voor het vervaardigen van chemische producten. (9991/E/11)
BEOORDELING AANVRAAG
3. EXTERNE ADVIEZEN
Wettelijk verplichte externe adviezen worden opgevraagd door de vergunningverlenende overheid.
4. TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN
4.1. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg
Gewestplan
Het project ligt in gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 28 oktober 1998).
Dit gebied is uitsluitend bestemd voor zeehaven- en watergebonden bedrijven, distributiebedrijven, logistieke bedrijven en opslag- en overslaginrichtingen evenals toeleveringsbedrijven en synergiebedrijven van de watergebonden bedrijven en de bestaande gevestigde productiebedrijven. In dit gebied worden ook de volgende dienstverlenende bedrijven toegelaten, voor zover zij complementair zijn met de voornoemde bedrijven: bankagentschappen, benzinestations en collectieve restaurants ten behoeve van de in de zone gevestigde bedrijven.
Er wordt een bufferzone aangelegd aan de grens met de omliggende gebieden. In deze bufferzone worden geen handelingen en werken toegelaten die afbreuk doen aan de bufferfunctie, of aan de bestemming en/of de ruimtelijke kwaliteiten van het aangrenzend gebied. Het gebied en de bufferzone die het omvat, kunnen slechts worden gerealiseerd en beheerd door de overheid.
Gewestelijk RUP
Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening Zeehavengebied Gent - Inrichting R4-oost en R4-west' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 15 juli 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.
De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.
4.2. Vergunde verkavelingen
De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.
4.3. Verordeningen
Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024.
Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.
Gewestelijke verordening hemelwater
De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)
Zie waterparagraaf.
4.4. Uitgeruste weg
Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gewestweg.
4.5. Archeologienota
Niet van toepassing voor deze aanvraag
5. WATERPARAGRAAF
De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de waterparagraaf. Met betrekking tot de waterparagraaf wordt volgend advies uitgebracht:
Voor alle geplande werken wordt het afwaterend oppervlak grotendeels behouden of wordt hemelwater geïnfiltreerd op eigen terrein. Er wordt dan ook geen bijkomende impact op de waterhuishouding verwacht en de toepassing van de hemelwaterverordening is niet vereist.
6. NATUURTOETS
De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de natuurtoets.
7. OPENBAAR ONDERZOEK
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 26 juni 2025 tot en met 25 juli 2025.
Tot op heden (22/07/2025) werden geen bezwaarschriften ingediend.
8. OMGEVINGSTOETS
Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
De handelingen staan in teken van de functionering van dit bedrijf. De aanvraag is ruimtelijk en stedenbouwkundig te verantwoorden binnen het industriële landschap van de Gentse zeehaven. Zowel qua schaal als materiaalgebruik integreert de uitbreiding zich binnen zijn omgeving.
Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten
Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.
CONCLUSIE
De gevraagde omgevingsvergunning is stedenbouwkundig en planologisch verenigbaar met de onmiddellijke omgeving, bijgevolg is het verslag gunstig.
Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.
De aanvraag wordt beslist door de deputatie (art. 15 van het omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014).
WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?
Het college van burgemeester en schepenen moet advies uitbrengen bij de deputatie over omgevingsvergunningsaanvragen die door de deputatie worden behandeld (klasse 1 inrichtingen en/of provinciale projecten).
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.
Niet van toepassing.
Het college van burgemeester en schepenen brengt gunstig advies uit over de omgevingsaanvraag voor het veranderen van een productiebedrijf van katalysatoren, het plaatsen van nieuwe afgasbehandelingsinstallaties extrusie en SCUG, het plaatsen van tijdelijke contractorcontainers, het aanpassen van een betonnen wand en het plaatsen van een bochtverbreding en terreinwijziging (IIOA +SH) van de heer Jannes Colaert en SHELL CATALYSTS & TECHNOLOGIES BELGIUM nv, gelegen te Pantserschipstraat 301-331 en 331, 9000 Gent.
Er worden geen aandachtspunten meegegeven.