Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.
Het college van burgemeester en schepenen weigert de aanvraag.
WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?
BOOSTCHARGE BV met als contactadres Rolariusweg 7, 8800 Roeselare heeft een aanvraag (OMV_2024121651) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 1 oktober 2024.
De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:
• Onderwerp: het oprichten van een hoogspanningscabine met vier duolaadpalen
• Adres: Brugsevaart 9, 9030 Gent
• Kadastrale gegevens: afdeling 29 sectie A nr. 589P5
Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 22 november 2024.
De aanvraag volgde de gewone procedure.
Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 12 februari 2025.
OMSCHRIJVING AANVRAAG
1. BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT
Het terrein bevindt zich langs de Brugsevaart in Mariakerke. De omgeving kenmerkt zich voornamelijk door de aanwezigheid van het kanaal en een variatie aan woningen en functies langsheen de gewestweg. Op het perceel in kwestie bevindt zich een handelszaak.
Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
Voorliggende aanvraag betreft het realiseren van acht oplaadpunten voor elektrische voertuigen en het plaatsen van een hoogspanningscabine.
Volgende werken worden gepland:
- Het herinrichten van zeven bestaande parkeerplaatsen tot acht laadplaatsen;
- Plaatsen van vier duolaadpalen;
- Plaatsen van een hoogspanningscabine
Herinrichten parkeerplaatsen
Zeven parkeerplaatsen die zich in de voortuinstrook bevinden, worden heringericht. De bestaande parkeerplaatsen worden aangepast zodat men kan parkeren op 90° ipv 45°. Door deze aanpassing door te voeren wordt één extra parkeerplaats gecreëerd. Met de herinrichting van de parkeerplaatsen zal ca. 78 m² bijkomende (waterdoorlatende) verharding worden aangelegd.
Plaatsen laadpalen
Er zullen vier duolaadpalen tussen de parkeerplaatsen worden geplaatst.
Cabine
Links van de winkel zal een hoogspanningscabine worden geplaatst. De constructie wordt op
1,5 m van de linker zijgevel en op 5,25 m van de linker perceelsgrens geplaatst. De cabine heeft een footprint van 3,45 m bij 2,70 m en verkrijgt een hoogte van 2,52 m. De cabine wordt afgewerkt met structuurverf (RAL7035).
2. HISTORIEK
Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:
Stedenbouwkundige vergunningen
* Op 31/03/1964 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een woning. (1964 MA 48)
* Op 28/06/1973 werd een vergunning afgeleverd voor het slopen van 10 gebouwen. (1973 MA 93)
* Op 18/09/1978 werd een vergunning afgeleverd voor aanbouwen van een overdekt terras. (KW G-48-78)
* Op 22/02/1982 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een woning. (Litt. G-44-80)
* Op 05/02/1987 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een distributiebedrijf (superconfex). (1986/1434)
* Op 05/02/1987 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een distributiebedrijf (schoenendiscount). (1986/1435)
* Op 19/02/1987 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een distributiecentrum. (1987/21)
* Op 16/04/1987 werd een vergunning afgeleverd voor het rooien van 24 bomen. (1987/464)
* Op 23/06/1988 werd een vergunning afgeleverd voor het bouwen van een distributiecentrum (wijziging 1987/21 (m), vergund dd. 19/02/1987). (1987/1949)
* Op 30/01/1990 werd een weigering afgeleverd voor oprichten van een winkelgebouw met cafetaria (wijziging 86/1434 dd 5/02/1987). (1989/1069)
* Op 21/08/1990 werd een weigering afgeleverd voor aanleggen van een parking en toegangsweg. (1989/430)
* Op 11/09/1990 werd een weigering afgeleverd voor oprichten van een verkoopsruimte. (1990/40064)
* Op 30/10/1990 werd een weigering afgeleverd voor oprichten van een winkelgebouw met cafetaria (wijziging 86/1434 dd 5/02/1987). (1990/40132)
* Op 05/09/2002 werd een vergunning afgeleverd voor de plaatsing van uithangbord op paal, de plaatsing van uithangborden aan de voorgevel. (2002/40184)
* Op 24/12/2002 werd een vergunning afgeleverd voor de plaatsing van een uithangbord op paal, de plaatsing van uithangborden aan de voorgevel en de voorziening van een nieuwe gevelbekleding. (2002/40303)
* Op 11/10/2007 werd een vergunning afgeleverd voor het aanpassen van een bestaande winkelruimte: het plaatsen van ramen in bestaande gevel, het uitbreiden van de parking, het verlagen van de haag, rooien van populieren en het vervangen door inheemse bomen. (2007/40262)
* Op 09/07/2008 werd een weigering afgeleverd voor het vernieuwen van een dubbelzijdig reclamepaneel in de voortuinstrook, het plaatsen van een enkelzijdig reclamepaneel tegen de voorgevel en het openwerken van de voorgevel (regularisatie). (2008/40055)
* Op 09/10/2008 werd een vergunning afgeleverd voor het opsplitsen van een winkelmagazijn. (2008/40279)
* Op 13/06/2013 werd een vergunning afgeleverd voor het plaatsen van reclame. (2013/40081)
* Op 26/08/2013 werd een vergunning afgeleverd voor het vellen van een boom. (2013/40172)
* Op 26/09/2013 werd een vergunning afgeleverd voor het plaatsen van 1 condensor. (2013/40205)
* Op 03/10/2013 werd een vergunning afgeleverd voor de plaatsing van lichtreclame + 4 gevelpanelen (regularisatie). (2013/40183)
* Op 10/04/2014 werd een vergunning afgeleverd voor het vellen van 2 bomen + het verwijderen van de haag. (2014/40029)
* Op 28/05/2014 werd een weigering afgeleverd voor de opstelling van een loungegedeelte (3 tafels + 12 stoelen) in de fitnessclub (regularisatie). (2014/40100)
* Op 28/05/2014 werd een weigering afgeleverd voor de regularisatie voor het plaatsen van een hok voor winkelkarren, 2 metaalstructuren en commerciële spandoeken. (2014/40109)
* Op 25/09/2014 werd een vergunning afgeleverd voor de regularisatie van de bestaande toestand van een parking. (2014/40256)
* Op 02/10/2014 werd een vergunning afgeleverd voor het plaatsen van een spandoek + reclamebord - regularisatie. (2014/40226)
* Op 27/11/2014 werd een weigering afgeleverd voor het plaatsen van lichtreclames. (2014/40324)
Verkavelingsvergunningen
* Op 09/09/1965 werd een vergunning afgeleverd voor nieuwe verkaveling. (1965 MA 004/00)
* Op 28/05/1986 werd een vergunning afgeleverd voor wijziging van een bestaande verkaveling. (1985 MA 004/03)
* Op 03/12/1987 werd een vergunning afgeleverd voor wijziging van een bestaande verkaveling. (1987 MA 004/04)
* Op 11/04/1996 werd een vergunning afgeleverd voor wijziging van een bestaande verkaveling. (1995 MA 004/08)
BEOORDELING AANVRAAG
3. EXTERNE ADVIEZEN
Volgende externe adviezen zijn gegeven:
3.1. AWV
Ongunstig advies van AWV - District Gent Gewestwegen afgeleverd op 15 januari 2025 onder ref. AV/411/2024/01655:
Dit advies handelt over de projectinhoudversie die van kracht is op het moment waarop het advies aan AWV is gevraagd.
INLICHTINGEN EN BEPERKINGEN
1. Vastlegging ten opzichte van de bestaande as van de gewestweg (N0090001 van 53.4 -46 tot 53.4 +39):
-de grens van het openbaar domein is geschat op de perceelsgrens
-de rooilijn nr. 11 ligt op 13,00 meter volgens plan B/1123
-de zone van achteruitbouw bedraagt 8,00 meter
-de minimaal te respecteren bouwlijn ligt op 21,00 meter volgens plan B/1123
ONGUNSTIG ADVIES
1. Schending direct werkende normen
Conform artikel 4.3.3. VCRO moet de vergunning worden geweigerd of moeten er voorwaarden opgelegd worden in de vergunning indien uit het advies van het Agentschap Wegen en Verkeer blijkt dat het aangevraagde strijdig is met direct werkende normen binnen de beleidsvelden waarvoor het Agentschap bevoegd is.
“Indien uit de verplicht in te winnen adviezen blijkt dat het aangevraagde strijdig is met direct werkende normen binnen andere beleidsvelden dan de ruimtelijke ordening, of indien dergelijke strijdigheid manifest reeds uit het aanvraagdossier blijkt, wordt de vergunning geweigerd of worden in de aan de vergunning verbonden voorwaarden waarborgen opgenomen met betrekking tot de naleving van de sectorale regelgeving.”
In casu moet de vergunningsaanvraag worden geweigerd, aangezien volgende direct werkende normen geschonden worden:
a. Schending van het Besluit van de Vlaamse Regering van 29 maart 2002
betreffende het toekennen van vergunningen, het vaststellen en innen van retributies voor het private gebruik van het openbaar domein van de wegen, de waterwegen en hun aanhorigheden, de zeewering en de dijken
Art. 2 van dit besluit bepaalt dat voor ingebruiknemingen van het domeingoed vooraf een domeinvergunning verkregen moet worden van de domeinbeheerder. De aangevraagde
constructie(bijkomende verharding) bevindt zich op het openbare domein van de gewestweg. Dit is niet toegelaten zonder een domeinvergunning ervoor te bekomen van het Agentschap. Er werd nog geen vergunning aangevraagd voor de ingebruikneming van het openbaar domein.
Dergelijke domeinvergunning kan ook niet toegestaan worden omdat het gevraagde niet verenigbaar is met het beleid inzake het beheer van het domeingoed zodat het Agentschap Wegen en Verkeer de domeinvergunning zou moeten weigeren. Ook de omgevingsvergunning moet dus geweigerd worden.
Besluit:
Om deze redenen adviseert het Agentschap Wegen en Verkeer ONGUNSTIG betreffende voorliggende aanvraag.
3.2. De Vlaamse Waterweg nv
Geen advies van De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West gemeld op 17 januari 2025:
De Vlaamse Waterweg nv kan door omstandigheden geen advies op maat uitbrengen voor uw adviesvraag. De aanvraag dient verenigbaar te zijn met de doelstellingen en beginselen van het ‘Decreet Integraal Waterbeleid’. Voor aspecten die interferentie hebben met het beheer en/of de exploitatie van de waterweg verwijzen we naar onze website en meer specifiek naar https://www.vlaamsewaterweg.be/vergunningen.
3.3. Brandweer
Voorwaardelijk gunstig advies van Brandweerzone Centrum afgeleverd op 2 december 2024 onder ref. 073957-001/MN/2024:
Besluit: GUNSTIG ADVIES
Aandachtspunt:
De toegangen tot de hoogspanningsposten (en ventilatieroosters) moeten afgekeerd zijn van bebouwing of andere brandbare objecten.
De adviezen kunnen integraal worden nagelezen op het Omgevingsloket.
4. TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN
4.1. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg
Gewestplan
Het project ligt in woongebied volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
De woongebieden zijn bestemd voor wonen, alsmede voor handel, dienstverlening, ambacht en kleinbedrijf voor zover deze taken van bedrijf om redenen van goede ruimtelijke ordening niet in een daartoe aangewezen gebied moeten worden afgezonderd, voor groene ruimten, voor sociaal-culturele inrichtingen, voor openbare nutsvoorzieningen, voor toeristische voorzieningen, voor agrarische bedrijven. Deze bedrijven, voorzieningen en inrichtingen mogen echter maar worden toegestaan voor zover ze verenigbaar zijn met de onmiddellijke omgeving.
Gewestelijk RUP
Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005), maar niet binnen een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.
De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.
4.2. Vergunde verkavelingen
De aanvraag is gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling (ref. 1965 MA 004/00 van 9 september 1965 en de bijstelling ref. 1985 MA 004/03 van 28 mei 1986)en heeft betrekking op het lot 10. De aanvraag is gelegen in de voortuinstrook – strook met bouwverbod en inplantingszone voor gebouwen met handelsdoeleinden.
Het project is niet in overeenstemming met de voorschriften voor de voortuinstrook – strook met bouwverbod.
Voorschrift: de oppervlakte voor inrit en parking zal max. 60% van de oppervlakte van de voortuinstrook in beslag nemen.
Toetsing: na de werken zal 78,6% (628,6 m²) van de voortuinstrook (800 m²) worden ingenomen door verharding ifv parkeren.
Verkavelingsvoorschriften van verkavelingen ouder dan 15 jaar, zoals deze waarbinnen de aanvraag zich situeert, vormen op zich geen weigeringsgrond meer voor aanvragen voor een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen (art. 4.3.1, §1 en 4.4.1§2). Dat betekent dat aanvragen binnen de contour van zo’n verkaveling ook getoetst moeten worden aan de goede ruimtelijke ordening en niet louter aan de verkavelingsvoorschriften (zie ‘Hoofstuk 8: Omgevingstoets’). Voor deze aanvraag betreft dit een negatieve evaluatie.
4.3. Verordeningen
Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024.
Het ontwerp is niet in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement, de aanvraag is in strijd met:
- Artikel 3.2 beperken van verhardingen
Het verharden van oppervlaktes moet tot een minimum beperkt worden. De strikt noodzakelijke verhardingen moeten waar mogelijk als verharding met natuurlijke infiltratie of als waterdoorlatende verharding aangelegd worden.
De aanvraag voorziet bijkomend 78 m² aan verhardingen in de voortuinstrook. Na de werken is de voortuinstrook ca. 78,6% verhard. Dit is ruimtelijk niet te verantwoorden. De voortuinstrook is reeds sterker verhard dan wordt toegelaten door de verkavelingsvoorschriften (zie 4.2 vergunde verkavelingen). De bijkomende verharding betekent een toename van 10% verharding in de voortuin. Dit is niet in overeenstemming te brengen met de te behalen klimaatdoelstellingen.
Gewestelijke verordening hemelwater
De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)
Zie waterparagraaf.
4.4. Uitgeruste weg
Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gewestweg.
5. WATERPARAGRAAF
5.1. Ligging project
Het project ligt in een afstroomgebied in beheer van Stad Gent. Het project ligt in de nabijheid van waterloop in beheer van De Vlaamse Waterweg nv - Afd Regio West.
Volgens de kaarten bij het Watertoetsbesluit is het project:
- niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied voor zeeoverstroming.
- niet gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen vanuit een waterloop (fluviaal).
- niet gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen door intense neerslag (pluviaal).
- niet gelegen in een signaalgebied.
Het terrein is momenteel bebouwd.
5.2. Verenigbaarheid van het project met het watersysteem
Droogte
Het hemelwater dat neervalt moet op eigen terrein maximaal vastgehouden worden en niet afgevoerd. Om hier concreet uitvoering aan te geven werd het project aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater getoetst.
Toetsing gewestelijke verordening (GSV) en algemeen bouwreglement stad Gent (ABR) inzake hemelwater
De nieuwe verharding wordt als waterdoorlatende verharding aangelegd.
De waterdoorlatende verharding dient uitgevoerd te worden met waterdoorlatende materialen, geplaatst op een waterdoorlatende funderingslaag en onderfunderingslaag. De hellingsgraad bedraagt minder dan 2%.
Er mogen geen afvoerkolken voorzien worden.
De transformatorcabine dient natuurlijk af te wateren.
De waterdoorlatende verharding dient uitgevoerd te worden met waterdoorlatende materialen, geplaatst op een waterdoorlatende funderingslaag en onderfunderingslaag. De hellingsgraad bedraagt minder dan 2%.
Er mogen geen afvoerkolken voorzien worden.
Er kan voldaan worden aan de GSV (en ABR) indien bovenstaande maatregelen worden toegepast.
Structuurkwaliteit en ruimte voor waterlopen
Het perceel ligt in de nabijheid van waterloop in beheer van De Vlaamse Waterweg nv - Afd Regio West. Er werd advies gevraagd aan de waterbeheerder.
De afstandsregels tot waterlopen zoals voorzien in het Waterwetboek en de wet onbevaarbare waterlopen worden gerespecteerd.
Overstromingen
Het projectgebied is volgens de watertoetskaarten niet overstromingsgevoelig. Er wordt geen effect op het overstromingsregime verwacht.
Waterkwaliteit
Het project heeft hierop geen betekenisvolle impact.
5.3. Conclusie
Er kan besloten worden dat voorliggende aanvraag mits toepassing van bovenstaande maatregelen de watertoets doorstaat.
6. NATUURTOETS
Er wordt geen waardevol groen of boom verwijderd.
De aanvraag bevat geen impactscoreberekening. Een nieuwe aanvraag moet aantonen hoeveel geschatte bijkomende vervoersbewegingen het project jaarlijks zal generen.
Vanuit de aanvraag is het onduidelijk of het project (g)een betekenisvolle aantasting impliceert voor de instandhoudingsdoelstellingen van de speciale beschermingszones, noch onherstelbare en onvermijdbare schade zal berokkenen aan natuur in VEN.
7. PROJECT-M.E.R.-SCREENING
De aanvraag heeft geen milieueffectrapport of project-MER-screening nodig.
8. OPENBAAR ONDERZOEK
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 30 november 2024 tot en met 29 december 2024.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaarschriften ingediend.
9. OMGEVINGSTOETS
Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
Het doel van de aanvraag betreft het omvormen van zeven bestaande parkeerplaatsen naar acht opstelplaatsen voor het laden van elektrische voertuigen. Er worden vier laadpalen geplaatst tussen de parkeerplaatsen. Daarnaast wordt een hoogspanningscabine geplaatst.
Er werd een ongunstig advies afgeleverd door het Agentschap Wegen en Verkeer (zie 3. Externe adviezen – 3.1 AWV). De aanvraag schendt direct werkende normen, bijgevolg kan er geen vergunning worden afgeleverd.
In wat volgt behandelen we, ondanks het feit dat de aanvraag niet vergund kan worden, alsnog de toets met de goede ruimtelijke ordening.
Verhardingen
Het herinrichten van de parkeerplaatsen gaat gepaard met het aanleggen van 78 m² verharding. Hier kan ruimtelijk niet mee akkoord worden gegaan. De voortuin kan conform de verkaveling maximaal 60% verhard worden, dit wordt ruimschoots overschreden (nl. 78,6% van de voortuin wordt verhard). Het aandeel verharding in de voortuin valt niet te rijmen met de te behalen klimaatdoelstellingen. De inrichting van het terrein zal zorgvuldig herbekeken moeten worden met aandacht voor bestaand groen en het zoveel mogelijk beperken van verhardingen (cfr. artikel 3.2 van het algemeen bouwreglement).
Mobiliteit
Om de aanvraag te toetsen aan de goede ruimtelijke ordening, bekijken we de voorgestelde parkeeroplossingen. We houden daarbij rekening met het bereikbaarheidsprofiel en met de stedelijke parkeerrichtlijnen. Deze richtlijnen werden opgesteld om de leefbaarheid en kwaliteit van het stedelijk gebied te bewaren door onnodig autogebruik te vermijden, fietsgebruik te stimuleren, en parkeeroverlast op openbaar domein te vermijden. De fiets- en autoparkeereis wordt volgens deze parkeerrichtlijnen aan de hand van drie objectieve criteria berekend:
Type functie: detailhandel
Ligging: witte zone
Grootte: 700 m² nho
Rekening houdend met het bereikbaarheidsprofiel en met toepassing van de parkeerrichtlijnen zijn er minimum 21 fietsparkeerplaatsen en 21 autoparkeerplaatsen nodig voor de handelszaak. Dit aantal fiets- en autoparkeerplaatsen sluit het beste aan bij de functie en ligging van het project.
Fietsparkeren
Het is niet duidelijk of er fietsparkeerplaatsen aanwezig zijn voor de handelszaak. Dit moet in een nieuwe aanvraag verduidelijkt worden. In de nieuwe toestand moeten minimum 21 fietsparkeerplaatsen voorzien worden waarvan 4 plaatsen voor personeelsleden. De fietsenstalling voor het personeel moet overdekt en afgesloten worden. Deze kunnen al dan niet voorzien in het magazijn/personeelsruimte.
Autoparkeren
Aangezien er aanpassingen uitgevoerd zullen worden aan de bestaande parkeerplaatsen, moet getracht worden aan de parkeerrichtlijnen te voldoen. Hoewel er één extra parkeerplaats wordt gecreëerd, zouden er idealiter in totaal 21 parkeerplaatsen moeten zijn op het terrein.
Een aangepast ontwerp moet in eerste instantie fietsenstalling voorzien voor zowel personeelsleden als bezoekers. In tweede instantie kan de inrichting van de parkeerplaatsen herbekeken worden, rekening houdend met het advies van AWV.
Cabine
De cabine wordt nabij de handelszaak ingeplant, dichtbij verschillende hoogstammige bomen. De cabine zal een te grote impact hebben op het wortelgestel van de bomen. Daarnaast wordt het betreurd dat een bestaande groenzone bebouwd zal worden, op een reeds sterk verharde site. Er moet gezocht worden naar een aangepaste inplanting van de cabine. Een belangrijk aandachtspunt betreft de omgevingsaanleg van de gehele site waarbij voldoende aandacht wordt besteed aan het vrijwaren van groenzones. De site dient steeds als een samenhangend geheel bekeken worden en niet ad hoc in deelzones aangelegd en volgebouwd worden. Dit zorgt voor een verrommeling van de site waardoor ook de leesbaarheid van de site verloren gaat.
Milieu
Voor alle inrichtingen en activiteiten voorkomend in de als bijlage I toegevoegde lijst van Vlarem II dient te allen tijde voldaan te zijn aan de meldings- of vergunningsplicht.
De transformator en de laadpalen zijn niet indelingsplichtig.
Er dient te allen tijde voldaan aan hoofdstuk 6.13 Niet-ingedeelde elektrische apparaten en niet-ingedeelde inrichtingen voor de opslag dvan elektriciteit van Vlarem II.
Omwille van bovenvermelde redenen komt de aanvraag niet voor vergunning in aanmerking. Een nieuwe aanvraag moet rekening houden met het advies van het Agentschap Wegen en Verkeer, moet voldoen aan de verkavelingsvoorschriften en het algemeen bouwreglement. De inplanting van de hoogspanningscabine moet rekening houden met de aanwezige bomen en de aanvraag moet meer informatie bevatten mbt mobiliteit (impactscore, fietsenstallingen). Er wordt aangeraden het project met AWV en de Stad te bespreken vooraleer een nieuwe aanvraag wordt ingediend.
CONCLUSIE
Ongunstig, de aanvraag schendt de direct werkende normen van AWV, is niet in overeenstemming met de verkavelingsvoorschriften en artikel 3.2 van het algemeen bouwreglement. De aanvraag houdt te weinig rekening met de aanwezige bomen en groenzones en bevat te weinig informatie mbt de mobiliteit van het project.
WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?
Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.
Bekendmaking
De beslissing wordt bekendgemaakt conform Titel 3, Hoofdstuk 9, Afdeling 3 van het Omgevingsvergunningsbesluit.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Het college van burgemeester en schepenen weigert de omgevingsvergunning voor het oprichten van een hoogspanningscabine met vier duolaadpalen aan BOOSTCHARGE bv (O.N.:0764618435) gelegen te Brugsevaart 9, 9030 Gent.