Terug
Gepubliceerd op 05/05/2025

2025_CBS_03996 - OMV_2025028635 - melding voor het veranderen van een bestaande garageherstelwerkplaats (regularisatie) - Industrieweg, 9032 Gent - Aktename

college van burgemeester en schepenen
wo 30/04/2025 - 08:32 College Raadzaal
Datum beslissing: wo 30/04/2025 - 08:44
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Filip Watteeuw

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Hafsa El-Bazioui, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sofie Bracke, schepen; Evita Willaert, schepen; Joris Vandenbroucke, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Burak Nalli, schepen; Christophe Peeters, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Liesbet Vertriest, adjunct-algemeendirecteur

Verontschuldigd

Filip Watteeuw, schepen

Secretaris

Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Voorzitter

Astrid De Bruycker, schepen
2025_CBS_03996 - OMV_2025028635 - melding voor het veranderen van een bestaande garageherstelwerkplaats (regularisatie) - Industrieweg, 9032 Gent - Aktename 2025_CBS_03996 - OMV_2025028635 - melding voor het veranderen van een bestaande garageherstelwerkplaats (regularisatie) - Industrieweg, 9032 Gent - Aktename

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 107.

 

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen neemt akte en legt bijzondere voorwaarden op.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

De heer Selim Dogan met als contactadres Industrieweg 114 bus A, 9032 Gent en UNIVERSAL AUTO SPARES BV met als contactadres Industrieweg 114 bus A, 9032 Gent hebben een aanvraag (OMV_2025028635) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 14 april 2025.

 

De melding van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit handelt over:

Onderwerp: het veranderen van een bestaande garageherstelwerkplaats (regularisatie)

• Adres: Industrieweg 114, 9032 Gent

Kadastrale gegevens: afdeling 30 sectie C nr. 328W

 


Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 18 april 2025.

 

OMSCHRIJVING MELDING

1.  BESCHRIJVING VAN DE GEMELDE INRICHTING OF ACTIVITEIT

De melding omvat de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit van de derde klasse.

De melding heeft betrekking op het veranderen van een bestaande garageherstelwerkplaats (regularisatie).

 

Volgende rubrieken worden gemeld:

 

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

6.4.1°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van 200 l tot en met 50.000 l | De opslag van olie is wat groter geworden. | klasse 3 | Verandering

2500 liter

17.3.2.1.1.1°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | De eerder gemelde tank van 8.000 liter werd verwijderd samen met de bijbehorende verdeelslang. | klasse 3 | Verandering

-6,837 ton

17.3.2.2.1°

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 1 en 2 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 50 kg tot en met 2 ton | De opslag van de ontvlambare vloeistoffen is wat groter geworden. | klasse 3 | Verandering

1075 kg

17.3.6.1°a)

schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS07 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 200 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | De opslag van de stoffen gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS07 is toegenomen mede door de opslag van speciale oliën. | klasse 3 | Verandering

2,057 ton

17.3.7.1°a)

op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | De opslag van producten gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 is wat toegenomen. | klasse 3 | Verandering

0,99 ton

17.3.8.1°

voor het aquatisch milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 2 ton | De remmenreiniger wordt ook gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09. Het betreft de opslag van  450 kg (600 liter) in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.

De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3 | Nieuw

0,45 ton

17.4.

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l | De opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen wordt verminderd. | klasse 3 | Verandering

-1300 liter

 

Volgende rubrieken zijn ongewijzigd:

15.1.1° | Er worden maximaal 15 voertuigen, andere dan personenwagens, op de inrichting gestald. Het stallen kan zowel binnen als buiten gebeuren. | 15 voertuigen

15.2. | Het betreft het gebruik van 4 hefbruggen die gebruikt worden bij het onderhoud en het herstellen van voertuigen. De inrichting is volledig gelegen in een industriegebied. | 4 hefbruggen

17.1.1.1° | Het betreft de opslag van maximum 1.000 liter diverse hulpmiddelen in spuitbussen.

De exploitant zal de veiligheidsafstandsregels van de bijlage 5.17.1 naleven.

De blusmiddelen zullen aangebracht worden in overleg met de plaatselijke brandweer. | 1000 liter

 

Volgende rubrieken zijn niet meer van toepassing:

6.5.1° | brandstofverdeelinstallaties voor motorvoertuigen met maximaal 2 verdeelslangen | 1 verdeelslang

 

2.  HISTORIEK

Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:

Omgevingsvergunningen

* Op 20/12/2018 werd een aktename afgeleverd voor het exploiteren van een garageherstelwerkplaats. (OMV_2018140056)

 

Stedenbouwkundige vergunningen

* Op 24/05/1995 werd een vergunning afgeleverd voor het oprichten van een hangaar (regularisatie) en een gordijngevel. (1995/90017)

* Op 04/10/2001 werd een vergunning afgeleverd voor de uitbreiding van een magazijn (voorstel tot regularisatie). (2000/40309)

 

BEOORDELING MELDING

 

3.  TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN

BEVOEGDHEID

De melding maakt geen deel uit van een vergunningsaanvraag waarvoor de Vlaamse overheid of de deputatie bevoegd is.

 

ONDERZOEK MELDINGSPLICHT, NIET-VERBODEN KARAKTER EN STEDENBOUWKUNDIGE INPLANTING

De gemelde exploitatie is louter en alleen in de derde klasse ingedeeld, de exploitatie ervan is dus meldingsplichtig.

Er wordt voldaan aan artikel 5.4.3, §3 van het decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid betreffende verbods- en afstandsregels.

De gemelde exploitatie is niet verboden.

 

Het project ligt in industriegebied volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005). De locatie is volgens dit RUP gelegen in Artikel 0: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Gent.

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.

De melding is in overeenstemming met de voorschriften.

 

CONCLUSIE

Het college van burgemeester en schepenen van Stad Gent is bevoegd voor de aktename.

 

De gemelde exploitatie is meldingsplichtig en niet verboden en de inplanting van de inrichting is in overeenstemming met de stedenbouwkundige voorschriften conform artikel 4.1.1.1 van Vlarem II.

 

4.  NATUURTOETS

Er worden geen wijziging aan bouwvolumes/constructies en/of verharding voorzien. Het project heeft geen negatieve effecten op (mogelijks) aanwezige waardevol groen.

 

Voor dit project gaan we uit van minder dan 70 000 bijkomende vervoersbewegingen per jaar. Daarnaast zijn er nog mogelijke stikstofemissies afkomstig van niet-ingedeelde stationaire bronnen van het project en tijdens de aanlegfase door vervoer of niet-ingedeelde stationaire bronnen. Deze zijn echter beperkt.

De NOX uitstoot van het totale project is minder dan de emissies waarbij een overschrijding optreedt van de 1 % minimisdrempel.

 

Er is geen lozing van bedrijfsafvalwater.

Het huishoudelijk afvalwater wordt geloosd in oppervlaktewater. Het oppervlakte water staat niet direct in verbindingen met speciale beschermingszones of VEN gebieden. De riolering zal op termijn aangesloten worden op een RWZI.

Het project zal geen betekenisvolle aantasting impliceren voor de instandhoudingsdoelstellingen van de speciale beschermingszones, noch onherstelbare en onvermijdbare schade berokkenen aan natuur in VEN.

 

Hieruit wordt besloten dat de melding mits voorwaarde de natuurtoets doorstaat.

 

5.  OMGEVINGSTOETS

 

Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten

 

Aspect bodem en grondwater

Volgende wijzigingen worden doorgevoerd:

*De opslag van olie wordt uitgebreid van 12 500 l naar 15 000 l (rubriek 6.4.1)

*De eerder gemelde tank van 8.000 liter met verdeelslang werd verwijderd (rubriek 17.3.2.1.1.1.b), waardoor de opslag onder deze rubriek verminderd wordt tot 0,833 ton (stookolie)

*De opslag van de ontvlambare vloeistoffen -GHS02- gevarencategorie 2 (rubriek 17.3.2.2.1) is uitgebreid van 850 kg naar 1925 kg.

*De opslag van schadelijke stoffen - GHS07 (rubriek 17.3.7.1°a) is uitgebreid van 3,05 ton naar 5,107 ton.

*De opslag van op lange termijn gezondheidsgevaarlijke - GHS08 (rubriek 17.3.7.1°a) is uitgebreid van 2,2 ton naar 3,19 ton.

*De opslag van remvloestof (450 kg – 600l) is ook ingedeeld onder label GHS09 -gevaarlijk voor aquatisch milieu (rubriek 17.3.8.1)

*De opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakking (rubriek 17.4) wordt verminderd van 4800 l naar 3500 l

 

De aanvrager geeft aan dat de opslag van stookolie, oliën en andere gevaarlijke producten in verplaatsbare houders gebeurt op een vloeistofdichte vloer en dat er voldoende absorptiemiddelen aanwezig is om gebeurlijke morsverliezen op te nemen.

Daarnaast wordt aangegeven dat de tanks en vaten op een gepolierde en gecoate betonnen vloer staan volledig voorzien van een epoxycoating waardoor de volledige opslag ruimte als inkuiping fungeert.

 

De opslag van vaste en verplaatsbare houders moet voldoen aan artikel 5.17.4.3.7 van Vlarem II. Dit wordt als opmerking meegegeven.

 

Een tank van 8000 l werd verwijderd. Een attest van buitengebruikstelling dient te worden voorgelegd. Als bijzondere voorwaarde wordt opgenomen dat dit binnen een termijn van 3 maanden dient te worden opgestuurd naar de dienst Toezicht (toezicht@stad.gent) met vermelding van het dossiernummer.

 

Aspect (afval)water

Het terrein is gelegen in collectief te optimaliseren buitengebied.

Het huishoudelijk afvalwater (niet ingedeeld) wordt geloosd via een septische put. De riolering zal op termijn aangesloten worden op een RWZI.

 

Er worden geen voertuigen gewassen.

Er wordt geen lozing van bedrijfsafvalwater aangevraagd.

 

Mobiliteit

De aanvrager geeft volgende vervoersbewegingen per jaar door:

zwaar vervoer:

-          Levering olie: 48

-          Afvoer afvalolie: 3

-          Afvoer restafval: 24

-          Totaal: 75

licht vervoer:

-          Leveringen wisselstukken/producten: 450

-          Woon-werkverkeer: 750

-          Zelf afvoeren van kleine stromen afvalstoffen: 25

-          Klanten: 775

-          Totaal: 2000

Het betreft een verandering (regularisatie) van een bestaande en reeds vergunde garageherstelwerkplaats. Gelet de ligging langsheen de R4 (Industrieweg) en de beperkte veranderingen zijn er geen problemen betreffende mobiliteit te verwachten, er dient wel blijvend voorzien worden in voldoende parkeerruimte dit werd reeds opgenomen in de bijzonder voorwaarde van de inrichting.

 

Aspect gecoördineerde voorwaarde

Volgende voorwaarde werden opgelegd in dossier OMV_2018140056 en worden hieronder besproken:

‘1. De nodige maatregelen moeten getroffen worden om het morsen van vloeibare producten en de verontreiniging van de bodem, het grond- en oppervlaktewater te voorkomen. Om die moet reden steeds absorptiemateriaal voorzien worden om bij morsen de aangepaste maatregelen te treffen.’

 

Deze voorwaarde is nog van toepassing en blijft behouden.

 

‘2. Binnen een termijn van 3 maanden na de aktename moet een rioleringsplan opgemaakt worden. Het rioleringsplan wordt bezorgd aan dienst toezicht van stad Gent (toezicht@stad.gent), met vermelding van het dossiernummer.’

 

Het rioleringsplan of verder uitleg werd niet aangeleverd. Uit het dossier/plan kan niet opmaakt worden of er lozingsputjes aanwezig zijn in de garage. Deze voorwaarde wordt behouden.

Als uit het rioleringsplan blijkt dat er in lozingsputjes aanwezig zijn in de garage, dan dient er een KWS-afscheider geplaatste te worden en moet de lozing van bedrijfsafvalwater aangevraagd worden.

 

‘3. Om geluidshinder en luchtverontreiniging te voorkomen, moeten de motoren van de wagens stilgelegd worden, tenzij het noodzakelijk is voor de herstelling van het voertuig.’

 

Deze voorwaarde is nog van toepassing en blijft behouden.

 

‘4. Er dient voldoende parkeerruimte te worden voorzien op de inrichting om alle wagens die hersteld moeten worden of die afgewerkt zijn, te parkeren.’

 

Deze voorwaarde is nog van toepassing en blijft behouden.

 

5. Het bepalen en het aanbrengen van de noodzakelijke brandpreventie- en brandbestrijdingsmiddelen dient te gebeuren in overleg met en volgens de richtlijnen van de plaatselijke brandweer. De voorwaarden van de Brandweerzone Centrum, Afdeling Brandpreventie dienen steeds nageleefd te worden.

 

Deze voorwaarde is nog van toepassing en blijft behouden.

 

CONCLUSIE

Het gevraagde project is milieuhygiënisch, stedenbouwkundig en planologisch verenigbaar met de onmiddellijke omgeving.

De gevraagde melding wordt geakteerd.

 

Volgende rubrieken worden geakteerd:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

6.4.1°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van 200 l tot en met 50.000 l | De opslag van olie is wat groter geworden. | Verandering

2500 liter

17.3.2.1.1.1°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | De eerder gemelde tank van 8.000 liter werd verwijderd samen met de bijbehorende verdeelslang. | Verandering

-6,837 ton

17.3.2.2.1°

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 1 en 2 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 50 kg tot en met 2 ton | De opslag van de ontvlambare vloeistoffen is wat groter geworden. | Verandering

1075 kg

17.3.6.1°a)

schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS07 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 200 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | De opslag van de stoffen gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS07 is toegenomen mede door de opslag van speciale oliën. | Verandering

2,057 ton

17.3.7.1°a)

op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | De opslag van producten gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 is wat toegenomen. | Verandering

0,99 ton

17.3.8.1°

voor het aquatisch milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 2 ton | De remmenreiniger wordt ook gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09. Het betreft de opslag van  450 kg (600 liter) in vaten.| Nieuw

0,45 ton

17.4.

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l | De opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen wordt verminderd. | Verandering

-1300 liter

 

De geactualiseerde vergunningstoestand van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit (inrichtingsnummer 20181117-0016) is:

 

 

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

6.4.1°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van 200 l tot en met 50.000 l | De opslag gebeurt binnen in vaten en bussen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

15000 liter

15.1.1°

stallen van 3 tot en met 25 autovoertuigen en/of aanhangwagens, andere dan personenwagens | Er worden maximaal 15 voertuigen, andere dan personenwagens, op de inrichting gestald. Het stallen kan zowel binnen als buiten gebeuren. | klasse 3

15 voertuigen

15.2.

herstellen van motorvoertuigen (+ carrosseriewerkzaamheden) anders dan vermeld in rubriek 15.3 | Het betreft het gebruik van 4 hefbruggen die gebruikt worden bij het onderhoud en het herstellen van voertuigen. De inrichting is volledig gelegen in een industriegebied. | vlarebo : A | klasse 3

4 hefbruggen

17.1.1.1°

opslagplaatsen voor aerosolen waarop minstens één gevarenpictogram is aangebracht met een gezamenlijke netto inhoud van 300 liter tot en met 3000 liter | | Het betreft de opslag van maximum 1.000 liter diverse hulpmiddelen in spuitbussen.

De exploitant zal de veiligheidsafstandsregels van de bijlage 5.17.1 naleven.

De blusmiddelen zullen aangebracht worden in overleg met de plaatselijke brandweer. | klasse 3

1000 liter

17.3.2.1.1.1°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | Er blijft enkel nog een bovengrondse tank van 1.000 liter over voor de opslag van stookolie. | klasse 3

0,833 ton

17.3.2.2.1°

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 1 en 2 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 50 kg tot en met 2 ton | Het betreft de opslag van maximum 450 kg (600 liter ) remmenreiniger en 1.475 kg (1680 liter) ruitenantivries in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

1925 kg

17.3.6.1°a)

schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS07 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 200 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | Het betreft de opslag van maximum 450 kg (600 liter ) remmenreiniger, 1.475 kg (1680 liter) ruitenantivries, 2.540 kg antivries-koelvloeistof (2.310 liter), 102 kg olie 0W20 (120 liter) en 540 kg olie 5W30 (630 liter) in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer. De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

5,107 ton

17.3.7.1°a)

op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | Het betreft de opslag van maximum 450 kg (600 liter ) remmenreiniger, 2.540 kg antivries-koelvloeistof (2.310 liter), 50 kg hydraulische olie (60 liter) en 150 kg koudontvetter (180 liter) in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer. De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

3,19 ton

17.3.8.1°

voor het aquatisch milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 2 ton | De remmenreiniger wordt ook gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09. Het betreft de opslag van  450 kg (600 liter) in vaten. De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer. De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

0,45 ton

17.4.

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l | De maximale opslag zal 3500 liter bedragen. De opslag gebeurt binnen op een gepolierde gecoate vloer. | klasse 3

3500 liter

 

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen dient akte te nemen van de ingediende melding. Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Communicatie

 

 

Uitvoerbaarheid
U mag het project uitvoeren of exploiteren vanaf de aanplakking van de meldingsakte.

Aanplakking
U moet de meldingsakte bekend maken door de aanplakking van een affiche op de plaats waar het voorwerp van de melding uitgevoerd zal worden conform artikel 139 BVR OVG.

De aanplakking gebeurt conform artikel 59 BVR OVG waarbij de vergunningsaanvrager gelezen moet worden als de persoon die de melding verricht. Het opschrift van de aan te plakken affiche luidt : 'BEKENDMAKING MELDINGSAKTE'.

Verval
De meldingsakte vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de verwezenlijking van de gemelde stedenbouwkundige handelingen niet wordt gestart binnen de twee jaar na het verlenen van de meldingsakte;
2° als het uitvoeren van de gemelde stedenbouwkundige handelingen meer dan drie opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
3° als de gemelde gebouwen niet winddicht zijn binnen drie jaar na de aanvang van de gemelde stedenbouwkundige handelingen;
4° als de exploitatie van de gemelde activiteit of inrichting niet binnen vijf jaar na het verlenen van de meldingsakte aanvangt.

De meldingsakte voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit vervalt van rechtswege in elk van de volgende gevallen:
1° als de exploitatie van de gemelde activiteit of inrichting meer dan vijf opeenvolgende jaren wordt onderbroken;
2° als de ingedeelde inrichting vernield is wegens brand of ontploffing veroorzaakt ten gevolge van de exploitatie;
3° als de exploitatie op vrijwillige basis volledig en definitief wordt stopgezet overeenkomstig de voorwaarden en de regels, vermeld in het decreet van 9 maart 2001 tot regeling van de vrijwillige, volledige en definitieve stopzetting van de productie van alle dierlijke mest, afkomstig van een of meerdere diersoorten, en de uitvoeringsbesluiten ervan.

Beroepsmogelijkheid
U kan tegen deze beslissing een verzoekschrift tot schorsing en/of vernietiging indienen bij de Raad voor Vergunningsbetwistingen op het volgende adres:
Raad voor Vergunningsbetwistingen
p/a Dienst van de Bestuursrechtscolleges
Koning Albert II-laan 35 bus 81
1030 Brussel

U doet dit op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending (dit is per aangetekende brief of door neerlegging ter griffie) binnen een vervaltermijn van 45 dagen die ingaat de dag na de betekening van deze beslissing.

Het verzoekschrift wordt in vijfvoud ingediend, namelijk één origineel en vier afschriften (fotokopies of een digitale kopie). Gelijktijdig met de indiening van het verzoekschrift stuurt u een afschrift van het verzoekschrift ter informatie aan de verwerende partij (dit is de overheid die de beslissing genomen heeft).

U bent een rolrecht verschuldigd van:
- 200 euro bij het indienen van een verzoekschrift tot vernietiging;
- 100 euro bij het indienen van een verzoekschrift tot schorsing of tot schorsing wegens uiterst dringende noodzakelijkheid.

U betaalt het rolrecht binnen een termijn van 15 dagen, die ingaat de dag na deze van de betekening van het verzoek daartoe door de griffier van de Raad. Als het bedrag niet binnen de termijn van 15 dagen is gestort wordt het beroep niet-ontvankelijk verklaard.

Meer info
De procedure voor de Raad van Vergunningsbetwistingen wordt geregeld in
- het decreet van 4 april 2014 betreffende de organisatie en de rechtspleging van sommige Vlaamse bestuursrechtscolleges,
- het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
- het besluit van de Vlaamse Regering van 16 mei 2014 houdende de rechtspleging voor sommige Vlaamse Bestuursrechtscolleges.
Meer info vindt u op de website van de Raad voor Vergunningsbetwistingen. (http://www.dbrc.be/vergunningsbetwistingen)

Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
 

 

 

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen neemt akte van de melding ingediend door de heer Selim Dogan en UNIVERSAL AUTO SPARES bv (O.N.:0880687249) voor het veranderen van een bestaande garageherstelwerkplaats (regularisatie), gelegen Industrieweg 114, 9032 Gent, met inrichtingsnummer 20181117-0016, omvattende volgende rubrieken:

Rubriek

Conclusie

Omschrijving

Hoeveelheid

6.4.1°

Aktename

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van 200 l tot en met 50.000 l | De opslag van olie is wat groter geworden.  (Verandering)

2500 liter

17.3.2.1.1.1°b)

Aktename

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | De eerder gemelde tank van 8.000 liter werd verwijderd samen met de bijbehorende verdeelslang.  (Verandering)

-6,837 ton

17.3.2.2.1°

Aktename

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 1 en 2 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 50 kg tot en met 2 ton | De opslag van de ontvlambare vloeistoffen is wat groter geworden.  (Verandering)

1075 kg

17.3.6.1°a)

Aktename

schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS07 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 200 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | De opslag van de stoffen gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS07 is toegenomen mede door de opslag van speciale oliën.  (Verandering)

2,057 ton

17.3.7.1°a)

Aktename

op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | De opslag van producten gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 is wat toegenomen.  (Verandering)

0,99 ton

17.3.8.1°

Aktename

voor het aquatisch milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 2 ton | De remmenreiniger wordt ook gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09. Het betreft de opslag van  450 kg (600 liter) in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.

De volledige opslagloods is ingekuipt.  (Nieuw)

0,45 ton

17.4.

Aktename

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l | De opslag van gevaarlijke producten in kleine verpakkingen wordt verminderd.  (Verandering)

-1300 liter

 

Volgende rubrieken zijn ongewijzigd: 

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

15.1.1°

stallen van 3 tot en met 25 autovoertuigen en/of aanhangwagens, andere dan personenwagens | klasse 3

 

15 voertuigen

15.2.

herstellen van motorvoertuigen (+ carrosseriewerkzaamheden) anders dan vermeld in rubriek 15.3 | vlarebo : A | klasse 3

 

4 hefbruggen

17.1.1.1°

opslagplaatsen voor aerosolen waarop minstens één gevarenpictogram is aangebracht met een gezamenlijke netto inhoud van 300 liter tot en met 3000 liter | klasse 3

1000 liter

 De geactualiseerde vergunningstoestand van de exploitatie van de ingedeelde inrichting of activiteit (inrichtingsnummer 20181117-0016) is:

 

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

6.4.1°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van 200 l tot en met 50.000 l | De opslag gebeurt binnen in vaten en bussen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.

De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

15000 liter

15.1.1°

stallen van 3 tot en met 25 autovoertuigen en/of aanhangwagens, andere dan personenwagens | Er worden maximaal 15 voertuigen, andere dan personenwagens, op de inrichting gestald. Het stallen kan zowel binnen als buiten gebeuren. | klasse 3

15 voertuigen

15.2.

herstellen van motorvoertuigen (+ carrosseriewerkzaamheden) anders dan vermeld in rubriek 15.3 | Het betreft het gebruik van 4 hefbruggen die gebruikt worden bij het onderhoud en het herstellen van voertuigen. De inrichting is volledig gelegen in een industriegebied. | vlarebo : A | klasse 3

4 hefbruggen

17.1.1.1°

opslagplaatsen voor aerosolen waarop minstens één gevarenpictogram is aangebracht met een gezamenlijke netto inhoud van 300 liter tot en met 3000 liter | Het betreft de opslag van maximum 1.000 liter diverse hulpmiddelen in spuitbussen.

De exploitant zal de veiligheidsafstandsregels van de bijlage 5.17.1 naleven.

De blusmiddelen zullen aangebracht worden in overleg met de plaatselijke brandweer. | klasse 3

1000 liter

17.3.2.1.1.1°b)

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 3 : gasolie, diesel, lichte stookolie en gelijkaardige vloeistoffen met een vlampunt  ≥ 55°C met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton | Er blijft enkel nog een bovengrondse tank van 1.000 liter over voor de opslag van stookolie. | klasse 3

0,833 ton

17.3.2.2.1°

ontvlambare vloeistoffen van gevarencategorie 1 en 2 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 50 kg tot en met 2 ton | Het betreft de opslag van maximum 450 kg (600 liter ) remmenreiniger en 1.475 kg (1680 liter) ruitenantivries in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.

De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

1925 kg

17.3.6.1°a)

schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS07 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 200 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | Het betreft de opslag van maximum 450 kg (600 liter ) remmenreiniger, 1.475 kg (1680 liter) ruitenantivries, 2.540 kg antivries-koelvloeistof (2.310 liter), 102 kg olie 0W20 (120 liter) en 540 kg olie 5W30 (630 liter) in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.

De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

5,107 ton

17.3.7.1°a)

op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS08 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 20 ton, als de inrichting volledig is gelegen in industriegebied | Het betreft de opslag van maximum 450 kg (600 liter ) remmenreiniger, 2.540 kg antivries-koelvloeistof (2.310 liter), 50 kg hydraulische olie (60 liter) en 150 kg koudontvetter (180 liter) in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.

De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

3,19 ton

17.3.8.1°

voor het aquatisch milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 100 kg tot en met 2 ton | De remmenreiniger wordt ook gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09. Het betreft de opslag van  450 kg (600 liter) in vaten.

De opslag gebeurt binnen op een gepolierde en gecoate betonnen vloer.

De volledige opslagloods is ingekuipt. | klasse 3

0,45 ton

17.4.

opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l | De maximale opslag zal 3500 liter bedragen. De opslag gebeurt binnen op een gepolierde gecoate vloer. | klasse 3

3500 liter

 

Artikel 2

De aktename is afhankelijk van de strikte naleving van de volgende voorwaarden:

 

Bijzondere voorwaarden voor de ingedeelde inrichting of activiteit:

Binnen een termijn van 3 maanden na aktename dient een attest van buitengebruikstelling (8000 l) te worden voorgelegd aan de dienst Toezicht (toezicht@stad.gent) met vermelding van het dossiernummer.

 

 

Volgende geactualiseerde milieuvoorwaarden zijn van toepassing op de inrichting:

1. De nodige maatregelen moeten getroffen worden om het morsen van vloeibare producten en de verontreiniging van de bodem, het grond- en oppervlaktewater te voorkomen. Om die moet reden steeds absorptiemateriaal voorzien worden om bij morsen de aangepaste maatregelen te treffen.

 

2. Binnen een termijn van 3 maanden na de aktename moet een rioleringsplan opgemaakt worden. Het rioleringsplan wordt bezorgd aan dienst toezicht van stad Gent (toezicht@stad.gent), met vermelding van het dossiernummer.

 

3. Om geluidshinder en luchtverontreiniging te voorkomen, moeten de motoren van de wagens stilgelegd worden, tenzij het noodzakelijk is voor de herstelling van het voertuig.

 

4. Er dient voldoende parkeerruimte te worden voorzien op de inrichting om alle wagens die hersteld moeten worden of die afgewerkt zijn, te parkeren.

 

5. Het bepalen en het aanbrengen van de noodzakelijke brandpreventie- en brandbestrijdingsmiddelen dient te gebeuren in overleg met en volgens de richtlijnen van de plaatselijke brandweer. De voorwaarden van de Brandweerzone Centrum, Afdeling Brandpreventie dienen steeds nageleefd te worden.

 

6. Binnen een termijn van 3 maanden na aktename dient een attest van buitengebruikstelling van de tank (8000 l) te worden voorgelegd aan de dienst Toezicht (toezicht@stad.gent) met vermelding van het dossiernummer.

 

De algemene en sectorale milieuvoorwaarden van titel II van het VLAREM:

De integrale en geconsolideerde tekst van titel II van het VLAREM is raadpleegbaar op de Milieunavigator, via de link:  https://navigator.emis.vito.be/

Bij wijziging van VLAREM wordt de exploitant geacht de meest actuele versie van de van toepassing zijnde bepalingen na te leven.

 

Artikel 3

Wijst de aanvrager op volgende aandachtspunten:

De opslag van vaste en verplaatsbare houders moet voldoen aan artikel 5.17.4.3.7 van Vlarem II.