Het gemeentedecreet van 15 juli 2005, artikel 57
Het decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 24 en 42
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6
Het college van burgemeester en schepenen verleent de vergunning en legt bijzondere voorwaarden en lasten op.
WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?
WYCREATE NV met als contactadres Ottergemsesteenweg 145, 9000 Gent heeft een aanvraag (OMV_2024118108) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 31 oktober 2024.
De omgevingsvergunningsaanvraag voor een bijstelling van een vergunde verkaveling handelt over:
• Onderwerp: het wijzigen van de wegenis en groenaanleg in 2 fasen
• Adres: Abraham Voortmanstraat 1-8, Berouw 143, Michel Thieryhof 1-31, Texasstraat 1-4 en Vogelenzang 22-29, 9000 Gent
• Kadastrale gegevens: afdeling 1 sectie A nrs. 1604B5, 1604Z4, 1604A5, 1604V4, 1620F3, 1620R3, 3680P2, 3680B, 3680D2, 3680W2, 3680F3, 3680L2, 3680E3, 3680D3, 3680Z, 3680N2, 3680Y, 3680G3, 3680M2, 3680Y2, 3680R, 3680L, 3680C3, 3680H2, 3680F2, 3680S2, 3680W, 3680L3, 3680C2, 3680T, 3680A3, 3680K2, 3680P3, 3680M3, 3680T2, 3680N, 3680X2, 3680E2, 3680K3, 3680G2, 3680Z2, 3680V, 3680H3, 3680R2, 3680M, 3680S, 3680B3, 3680X, 3680V2, 3680B2, 3680P, 3680N3, 3680A2, 3682A, 3703F, 3703D, 3703E, 3703C en 3703A
Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 24 januari 2025. De aanvraag volgde de gewone procedure.
Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 29 april 2025:
OMSCHRIJVING AANVRAAG
1. BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT
Beschrijving van de omgeving en de plaats
OMGEVING
De verkaveling die het voorwerp uitmaakt van deze bijstelling is gelegen aan Vogelenzang en Berouw en paalt aan de site van AZ Sint-Lucas. Dit situeert zich aan de Blaisantvest, een deel van de stadsring aan de noordzijde van het centrum van de stad.
ERFGOED
Binnen het project bevindt zich het beschermd monument 'Herenhuis Voortman'. Het gebouw op het bouwperceel is opgenomen als 'Algemene kliniek Heilige Familie' in de inventaris van het bouwkundig erfgoed (relictid: 91056). Het project ligt binnen het beschermd stads- en dorpsgezicht 'Plantentuin Michel Thiery' en ‘Herenhuis Voortman met tuin en bijgebouwen'.
PROGRAMMA EN INRICHTING
De oorspronkelijke verkaveling (2015 GE 152/00) bestaat uit 2 loten voor meergezinsbebouwing, 49 loten voor eengezinswoningen, 1 lot voor verzorgende dienstverlening (zorghotel), 2 loten als gemengde stedelijke zone en een zone voor park. In totaal werden 196 woonentiteiten voorzien.
In latere bijstellingen (zie punt 2. Vergunningenhistoriek) werd de verkaveling gewijzigd. Op heden beschikt de verkaveling over 58 loten waarvan 47 loten voor eengezinswoningen (loten 2-3, 10-33, 35-54, 58), 2 loten voor meergezinswoningen (lot 5 en lot 6) en 2 loten voor gemengde stedelijke invulling (lot 34 en lot 55). De bebouwingen worden daarbij voorzien in vijf clusters van elkaar gescheiden door wegenis:
Beschrijving van de aangevraagde handelingen
A. FASERING VAN DE VERKAVELING
De realisatie van de verkaveling wordt opgedeeld in twee fasen.
De eerste fase omvat volgende handelingen:
De tweede fase omvat volgende handelingen:
De tweede fase wordt aangevat op 1 september 2025
B. WIJZIGINGEN AAN DE AANLEG:
Er worden zeven wijzingen uitgevoerd aan de aanleg van de wegenis en het openbaar groen. Deze wijzigingen behoren allemaal tot de eerste fase. Volgende wijzigingen worden aangevraagd:
C. WIJZIGINGEN AAN DE RIOLERING:
Er worden verschillende wijzigingen uitgevoerd aan de riolering. Deze wijzigingen behoren allemaal tot de tweede fase. Volgende wijzigingen worden aangevraagd:
2. HISTORIEK
Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:
Stedenbouwkundige vergunningen
Verkavelingsvergunningen
Omgevingsvergunningen
BEOORDELING AANVRAAG
3. EXTERNE ADVIEZEN
Volgende externe adviezen zijn gegeven:
Voorwaardelijk gunstig advies van Farys afgeleverd op 25 februari 2025 onder ref. VK-20-797 – 2de advies. Het integrale advies kan worden nagelezen op het Omgevingsloket.
Samenvatting:
Drinkwater:
Om de wooneenheden kant Berouw op normale en reglementaire wijze aan te sluiten op het drinkwaterdistributienet zijn volgende werken noodzakelijk:
Riolering:
Projectspecifieke aandachtspunten:
De vergunningsaanvraag betreft een bijstelling van de verkaveling tijdens de realisatie ervan. Er wordt vergunning gevraagd voor het opdelen van de verkaveling in 2 fasen omdat een deel van de woningbouw om economische redenen niet aansluitend met de rest gerealiseerd zal worden. Het betreft hier de 21 rijwoningen langs de bestaande straat Berouw. Zodoende wordt ook het beperkte deel van de voorziene wegenwerken langs Berouw uitgesteld naar fase 2. De verkavelaar wenst deze aanleg te coördineren met de bouw van de woningen om beschadiging en herstellingswerken te vermijden.
Het overgrote deel van de geplande wegenis en groenaanleg is reeds uitgevoerd. Slechts een beperkt deel van de voorziene wegenwerken wordt uitgesteld naar de tweede fase. Het betreft uitsluitend de aanpassingswerken langs de bestaande straat Berouw, waaraan de verkaveling gelegen is.
Elke fase omvat een deel van de loten van de verkaveling en een deel van de nieuwe aanleg van openbare wegenis en openbaar groen. De 2 fasen zijn de volgende:
Gezien de werken van Fase 1 een afzonderlijk geheel vormen en lopende/uitgevoerd zijn, kan deze fase als een afzonderlijk geheel beschouwd worden en afgesloten worden.
Het is onduidelijk waar lot 34 (lot op de hoek van Vogelenzang en Berouw) is aangesloten op de riolering. Volgens aanlegfase 1 zou dit binnen dit project gebied van fase 1 gelegen zijn. Volgens plan BA_Infrastructuur_P_N_2_versie 18122024_riolering zou dit aangesloten zijn op de bestaande riolering in Berouw
Inzake fase 2, zijnde woningen gelegen langs Berouw en niet grenzend aan nieuw aangelegde gescheiden stelsel, kan dus als een afzonderlijk geheel beschouwd worden. Voor deze fase worden wel nog bestaande voorwaarden herhaald. De aanvrager zal moeten instaan voor de aanleg van de huisaansluitingen op de bestaande gemengde riolering. Hiertoe zal de opmaak van een technisch dossier noodzakelijk zijn dat voldoet aan meest recente versie SB 250.
Conclusie:
Voor fase 2 gelden volgende voorwaarden. Volgende zaken dienen te worden aangepast bij het aanleveren van het technisch dossier:
Voorwaardelijk gunstig advies van Fluvius afgeleverd op 30 januari 2025 onder ref. 5000090759. Het integrale advies kan worden nagelezen op het Omgevingsloket.
Samenvatting:
Gunstig advies van Onroerend Erfgoed afgeleverd op 14 maart 2025 onder ref. 4.002/44021/623.6. Het integrale advies kan worden nagelezen op het Omgevingsloket.
Voor de gevraagde handelingen verlenen we een gunstig advies (omgevingsvergunning art. 6.4.4, §2 / milieuvergunning art. 6.4.4, §3, eerste lid / natuur- en bosvergunning art. 6.4.4, §3, tweede lid Onroerenderfgoeddecreet van 12 juli 2013).
Motivering
De aanvraag betreft een bijstelling van de verkaveling ‘Voortman’, zowel voor enkele infrastructuurwerken, een deel van de groenaanleg en de opdeling van de verkaveling in twee fasen.
Op 20 november 2015 gaf het agentschap Onroerend Erfgoed een gunstig advies voor de verkaveling ‘Voortman’. Voorgaande wijzigingen in 2018 en 2020 kregen ook een gunstig advies omdat deze geen negatieve impact hadden op het beschermde erfgoed.
Voorliggende wijzigingen betreffen handelingen buiten bescherming, namelijk de aan te leggen groenzones, riolering en wegenis en hebben ook geen negatieve impact op het beschermde erfgoed Daarom krijgen deze handelingen een gunstig advies.
Geen tijdig advies van Ivago - Coördinator Afvalsystemen. De adviesvraag is verstuurd op 24 januari 2025. Op 29 april 2025 is nog géén advies ontvangen. Omdat de decretaal omschreven adviestermijn verstreken is, kan aan de adviesvereiste voorbij gegaan worden.
4. TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN
4.1. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg
Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening grootstedelijk gebied Gent' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 16 december 2005). De locatie is volgens dit RUP gelegen in Artikel 0: Afbakeningslijn grootstedelijk gebied Gent.
Het project ligt in het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'ZIEKENHUISCAMPUS SINT-LUCAS EN OMGEVING' (Besluit tot goedkeuring door de Deputatie op 19 augustus 2010). De locatie is volgens dit RUP gelegen in een zone voor stedelijk woongebied (Z4B), een zone voor wonen (Z2), een zone een zone voor park (Z5), een zone voor tuinen (Z6) en een zone voor wonen met bestemming park (Z3)
De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.
4.2. Vergunde verkavelingen
De aanvraag heeft betrekking op een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling (ref. nr. 2015 GE 152/00 van 3 maaart 2016 en latere wijzigingen). De aanvraag heeft betrekking op de volledige verkaveling (Lot 1- 58). De zonering volgens deze verkaveling is zone voor eengezinswoning, zone voor meergezinswoning, zone voor verzorgende dienstverlening, zonde voor parkeer-en nutsvoorzieningen, gemengde stedelijke zone, aansluitzone, zone voor tuin, zone voor voortuin, zone voor wegenis fiets- en voetwegen, zone voor openbaar groen en hemelwaterbuffering, overdruk hemelwaterbuffering en zone voor park.
De bijstelling omvat het invoeren van een fasering. Daarnaast worden ook enkele kleinere wijzigingen doorgevoerd aan het nieuw openbaar domein binnen de goedgekeurde verkaveling. Aan de lotindeling en de voorschriften (mits uitzondering van de fasering) wordt niets gewijzigd.
4.3. Verordeningen
Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024. Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.
Gewestelijke verordening hemelwater
De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)
Zie waterparagraaf.
4.4. Archeologienota
De aanvraag betreft een bijstelling van een goedgekeurde niet-vervallen verkaveling. De archeologienota werd goedgekeurd bij de oorspronkelijke verkaveling, de bijstelling heeft geen impact op deze archeologienota.
4.5. Decreet grond- en pandenbeleid – bescheiden last
In de goedgekeurde verkavelingsvergunning is een bescheiden last opgelegd van 39 woningen. Aangezien het aantal geplande woningen niet wijzigt met deze bijstelling, blijft de bescheiden last ongewijzigd van toepassing. De verkavelaar heeft deze bescheiden last gewaarborgd om een verkoopbaarheidsattest te bekomen. In die waarborg is niet geduid welke woningen/kavels bestemd zijn voor de realisatie van het bescheiden woonaanbod. De oorspronkelijke verkavelingsaanvraag zelf vermeldt de loten 43 t.e.m. 54 als bescheiden last. Om de waarborg te kunnen vrijgeven, moet de verkavelaar aantonen dat er nog 28 bescheiden woningen (cfr. de criteria van de Vlaamse Codex Wonen) zijn opgeleverd. Gezien de loten 43-54 deel zijn van fase 2, wordt de bescheiden last ook verdeeld over de 2 fasen, in overeenstemming met de oorspronkelijke verkaveling. Gezien de termijn van 8 jaar waarbinnen de bescheiden last moest worden uitgevoerd, intussen verstreken is, is het van belang te vermelden dat deze bijstelling geen enkele afbreuk kan doen aan de verplichtingen en rechten die conform de Vlaamse Codex Wonen voortvloeien uit de destijds opgelegde bescheiden last.
5. WATERPARAGRAAF
5.1 Ligging project
Het project ligt in een afstroomgebied in beheer van De Vlaamse Waterweg nv - Afd. Regio West. Het project ligt niet in de nabije omgeving van de waterloop.
Volgens de kaarten bij het Watertoetsbesluit is het project:
De percelen zijn deels bebouwd.
5.2 Verenigbaarheid van het project met het watersysteem
Droogte
Het hemelwater dat neervalt moet op eigen terrein maximaal vastgehouden worden en niet afgevoerd. Om hier concreet uitvoering aan te geven werd het project aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater getoetst.
De voorliggende aanvraag wijzigt de bebouwde oppervlakte niet. De verharde oppervlakte wordt beperkt verlaagd. Hieruit volgt dat er vanuit de GSV of het algemeen bouwreglement van de stad Gent geen bijkomende verplichtingen zijn voor de aanleg van een hemelwaterput, infiltratievoorziening of een groendak.
Structuurkwaliteit en ruimte voor waterlopen
Het project heeft hierop geen betekenisvolle impact. Het project ligt niet in de nabije omgeving van de waterloop.
Overstromingen
Om impact op het overstromingsregime te vermijden dienen de voorwaarden uit de gewestelijke verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater strikt toegepast te worden. Ernstiger overstromingen dan in het verleden zijn niet uit te sluiten en er kan geen sluitende garantie gegeven worden dat er zich op het perceel in de toekomst geen wateroverlast meer zal voordoen.
Waterkwaliteit
Het project heeft hierop geen betekenisvolle impact.
5.3 Conclusie
Er kan besloten worden dat voorliggende aanvraag de watertoets doorstaat.
6. NATUURTOETS
6.1. Ligging en biologische waarderingskaart:
De aanvraag is niet gelegen in een Habitat-gebied noch VEN-gebied. In de verkaveling zit het Vogelenzangpark opgenomen. Het Vogelenzangpark is tevens opgenomen op de Gentse en Vlaamse Biologische Waarderingskaart.
6.2. Impact op speciale beschermingszones en VEN-gebieden:
Groen
Er worden geen wijzigingen uitgevoerd aan waardevol groen en/of hoogstammige bomen.
Stikstof
Voor dit project gaan we uit van minder dan 70 000 bijkomende vervoersbewegingen per jaar.
Daarnaast zijn er nog mogelijke stikstofemissies afkomstig van niet-ingedeelde stationaire bronnen van het project en tijdens de aanlegfase door vervoer of niet-ingedeelde stationaire bronnen. Deze zijn echter beperkt. De NOX uitstoot van het totale project is minder dan de emissies waarbij een overschrijding optreedt van de 1 % minimisdrempel.
Lozing
Het huishoudelijk afvalwater wordt geloosd in de riolering die aangesloten is op een RWZI. Er wordt niet geloosd op oppervlaktewater.
6.3. Conclusie:
Het project zal geen betekenisvolle aantasting impliceren voor de instandhoudingsdoelstellingen van de speciale beschermingszones, noch onherstelbare en onvermijdbare schade berokkenen aan natuur in VEN. Hieruit wordt besloten dat de aanvraag de natuurtoets doorstaat.
7. PROJECT-M.E.R.-SCREENING
De aanvraag valt niet onder het toepassingsgebied van het Besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2013 inzake de nadere regels van de project-m.e.r.-screening en heeft geen betrekking op een activiteit die voorkomt op de lijst van bijlage III bij dit besluit. De opmaak van een milieueffectrapport of project-m.e.r.-screening is voor voorliggend project dan ook niet vereist.
8. OPENBAAR ONDERZOEK
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 31 januari 2025 tot en met 1 maart 2025.
Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaren ingediend.
9. OMGEVINGSTOETS
Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
De verkavelaar motiveert de vraag tot fasering vanuit een economische overweging, namelijk de wens om deze loten pas in een latere fase op de markt te brengen. Het faseren van de verkaveling laat toe om de reeds aangelegde en gerealiseerde wegenis (Michel Thieryhof, Spoelbotenstraat, Texasstraat, Abraham Voortmanstraat) alsook het openbare groen (Verbindingspark) voorlopig op te leveren en over te dragen aan de stad. Dit maakt een actief beheer van deze wegen en het park door de stad mogelijk. De beperkte aanpassing aan Berouw kan naar functioneren volledig los gezien worden van de in de oorspronkelijke verkaveling voorziene nieuwe ontsluitingswegen. Principieel is een fasering van de verkaveling bijgevolg aanvaardbaar.
Er kan evenwel enkel akkoord gegaan worden met een fasering op voorwaarde dat fase 1, in afwachting van de uitvoering van fase 2, autonoom kan functioneren. Volgende aanpassingen moeten gebeuren om dit mogelijk te maken.
Voor wat betreft de tweede fase worden volgende voorwaarden opgenomen:
Per fase moet blijvend voldaan worden aan de parkeerbehoefte van al het programma die in de fase voorzien wordt. Parkeerplaatsen die worden gerealiseerd in fase 1, maar bedoeld zijn voor het programma in fase 2, moeten effectief beschikbaar zijn op het moment dat fase 2 gerealiseerd is. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.
De wijzigingen aan de aanleg van de wegenis en het groen in fase 1, zoals opgesomd in de beschrijving van de aangevraagde handelingen worden als volgt beoordeeld.
De wijzigingen aan de aanleg van de wegenis en het groen zijn bijgevolg aanvaardbaar.
De bijzondere voorwaarden uit het advies van Farys, afgeleverd op 25 februari 2025 onder ref. VK-20-797 – 2de advies, moeten integraal worden nageleefd. Dit wordt opgenomen als bijzondere voorwaarde.
Voorliggende aanvraag komt mits toepassing van de bijzondere voorwaarden in aanmerking voor vergunning.
CONCLUSIE
Voorwaardelijk gunstig, mits het naleven van de bijzondere voorwaarden is de aanvraag in overeenstemming met de wettelijke bepalingen en verenigbaar met de goede plaatselijke aanleg.
FASERING
Fase 1 start op datum van deze vergunning tot bijstellen van de verkaveling. De fase omvat volgende handelingen:
Fase 2 start op 1 september 2025 en omvat volgende handelingen:
WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?
Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.
Verval van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden - Bij een bijstelling van een verkaveling blijft de vervalregeling op de oorspronkelijke verkavelingsvergunning van toepassing.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
a) een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Het college van burgemeester en schepenen verleent onder voorwaarden de omgevingsvergunning voor het wijzigen van de wegenis en groenaanleg in 2 fasen aan WYCREATE nv gelegen te Abraham Voortmanstraat 1-8, Berouw 143, Michel Thieryhof 1-31, Texasstraat 1-4 en Vogelenzang 22-29, 9000 Gent
De door het college vergunde plannen zijn de plannen die op de overzichtslijst staan, die is toegevoegd als bijlage aan deze vergunning en er integraal deel van uitmaakt.
Plannen die niet op deze overzichtslijst staan, maken geen deel uit van de vergunning.
Controleer steeds of het om een goedgekeurd plan gaat.
Opgelet, er kunnen voorwaarden betrekking hebben op de plannen.
Legt volgende voorwaarden op:
BIJZONDERE VOORWAARDEN FASE 1
Fluvius:
De bijzondere voorwaarden in het advies van Fluvius afgeleverd op 30 januari 2025 onder ref. 5000090759 moeten integraal worden nageleefd.
Aanleg wegenis:
Mobiliteit:
Er moet blijvend voldaan worden aan de parkeerbehoefte van al het programma dat in fase 1 voorzien wordt.
BIJZONDERE VOORWAARDEN FASE 2
Wegenis:
Farys:
De bijzondere voorwaarden uit het advies van Farys, afgeleverd op 25 februari 2025 onder ref. VK-20-797 – 2de advies, moeten integraal worden nageleefd. Het integrale advies kan worden nagelezen op het Omgevingsloket.
Fluvius:
De bijzondere voorwaarden in het advies van Fluvius afgeleverd op 30 januari 2025 onder ref. 5000090759 moeten integraal worden nageleefd.
Mobiliteit:
Er moet blijvend voldaan worden aan de parkeerbehoefte van al het programma die in fase 2 voorzien wordt. Parkeerplaatsen die worden gerealiseerd in fase 1, maar bedoeld zijn voor het programma in fase 2, moeten effectief beschikbaar zijn op het moment dat fase 2 gerealiseerd is.
Legt volgende lasten op:
LASTEN m.b.t. aanleg wegenis en riolering, openbaar groen, nutsvoorzieningen en kosteloze grondafstand
De lasten opgelegd in de initiële verkavelingsvergunning (2015 GE 152/00) blijven onverminderd van toepassing, met dien verstande dat ze voor elke fase apart gelden.
BESCHEIDEN LAST
De bescheiden last voor fase 1 bedraagt 28 woningen.
Voor fase 2 vormen de loten 43 t.e.m. 54 de bescheiden last.
Deze bijstelling van de verkaveling met invoering van een fasering wijzigt niets aan de termijnen, verplichtingen en rechten die voortvloeien uit de bescheiden last zoals opgelegd in de oorspronkelijke verkaveling.
WAARBORG
De waarborg die is gesteld in het kader van het verkoopbaarheidsattest volstaat om aan de wettelijke verplichtingen voor waarborgen bij lasten in natura te voldoen.
Vrijgave van de waarborg:
Er kan akkoord gegaan worden met een gedeeltelijke vrijgave van de waarborg, rekening houdend met de voorgestelde fasering. Het bedrag dat per onderdeel (wegenis en riolering, nutsvoorzieningen, openbaar groen) per fase vrijgegeven kan worden bij voorlopige, resp. definitieve oplevering komt daarbij overeen met het aandeel van de waarborg begroot per fase.
Voor de bescheiden last geldt de datum van de oorspronkelijke vergunning als startdatum van de termijn van 8 jaar. De vrijgaveregeling van dat deel van de waarborg wijzigt dus niet door invoering van deze fasering.