- Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikelen 12, 2° en 14
- Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikelen 12, 2° en 14
- Het lokaal en Provinciaal kiesdecreet van 8 juli 2011
Op 8 januari 2025 deelde raadslid Elke Sleurs schriftelijk aan de voorzitter van de gemeenteraad mee dat zij verzoekt om verlof conform artikel 12, 3° van het decreet lokaal bestuur (verhindering omwille van palliatief verlof of verlof voor bijstand of verzorging van een zwaar ziek familielid tot en met de tweede graad of van een zwaar ziek gezinslid), en dit voor een periode van twaalf maanden. Zij heeft daartoe een verklaring op erewoord overgemaakt waarin zij zich bereid verklaart om bijstand of verzorging te verlenen.
Overeenkomstig artikel 70 van het decreet over het lokaal bestuur, houdt de verhindering als gemeenteraadslid van rechtswege ook de verhindering als lid van de raad voor maatschappelijk welzijn in.
Het gemeenteraadslid dat als verhinderd wordt beschouwd wordt vervangen door zijn opvolger, die wordt aangewezen overeenkomstig artikel 169 van het lokaal en Provinciaal kiesdecreet van 8 juli 2011.
Pascal Vlaeminck, tweede opvolgend raadslid van de lijst nummer 5 (verkiezingen van 13 oktober 2024) komt in aanmerking voor de vervanging van raadslid Elke Sleurs.
De verkozen raadsleden van wie de geloofsbrieven werden goedgekeurd, leggen volgens artikel 14 in openbare vergadering de eed af in handen van de voorzitter. Artikel 6 §3 van het decreet over het lokaal bestuur bevat eveneens de tekst van de voorgeschreven eedformule: “Ik zweer de verplichtingen van mijn mandaat trouw na te komen.”
Overeenkomstig artikel 68 van het decreet over het lokaal bestuur, wordt Pascal Vlaeminck door zijn aanstelling als gemeenteraadslid van rechtswege lid van de raad voor maatschappelijk welzijn.
Neemt kennis van de verhindering van raadslid Elke Sleurs wegens verlof conform artikel 12, 3° decreet lokaal bestuur (verhindering omwille van palliatief verlof of verlof voor bijstand of verzorging van een zwaar ziek familielid tot en met de tweede graad of van een zwaar ziek gezinslid), tot en met 7 januari 2026.
Stelt vast dat Pascal Vlaeminck aan de door de wet vereiste voorwaarden tot verkiesbaarheid voldoet en zich niet bevindt in één van de gevallen van onverenigbaarheid. Duidt Pascal Vlaeminck aan als vervanger voor de periode van verhindering van raadslid Elke Sleurs.
Neemt kennis van de eedaflegging van Pascal Vlaeminck in handen van de voorzitter van de gemeenteraad, ter zitting van 27 januari 2025.
Keurt goed de aangepaste rangronde van de gemeenteraadsleden, zoals toegevoegd in bijlage.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22/12/2017, artikel 40 §3 en artikel 41, lid 2, 2°.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22/12/2017, artikel 2.
In 2015 stelde het projectteam KUS de Reglementen vast dat 51 reglementen als 'slapend' beschouwd konden worden: de betrokken reglementen werden niet meer toegepast, maar werden tot dan toe niet formeel opgeheven.
Deze reglementen werden door de gemeenteraad van december 2015 opgeheven.
In zitting van 18 november 2024 heeft de gemeenteraad een nieuwe lijst met 16 slapende reglementen opgeheven.
Inmiddels stelde het projectteam vast dat opnieuw diverse reglementen niet meer worden toegepast, om de volgende redenen:
1. De wedstrijd die of het project dat het voorwerp is van het reglement, is afgesloten;
2. De subsidie of renteloze lening die het voorwerp is van het reglement, wordt niet meer toegekend;
3. De materie wordt inmiddels geregeld in een ander reglement;
4. Het reglement is algemeen gedateerd of niet meer van toepassing.
Het projectteam contacteerde de betrokken diensten en departementen i.v.m. deze slapende reglementen.
Het is wenselijk om de 'slapende' reglementen aan het einde van iedere legislatuur op te heffen, aangezien zij administratieve onduidelijkheid creëren. Daartoe wordt de gemeenteraad verzocht om de lijst met 9 slapende reglementen, die worden vermeld op de lijst in bijlage bij dit besluit, op te heffen.
Heft op de slapende reglementen zoals vermeld op de lijst gevoegd in bijlage.
Op grond van de Wet op het politieambt van 5 augustus 1992, gewijzigd bij Wet van 21 maart 2018 tot wijziging van de Wet op het politieambt om het gebruik van camera's door de politiediensten te regelen, en tot wijziging van de Wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's, van de Wet van 30 november 1998 houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten en van de Wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid, moeten een aantal verplichtingen worden nageleefd wanneer de politiediensten een bewakingscamera willen plaatsen en gebruiken met het oog op bewaking en toezicht.
Een politiedienst kan camera's plaatsen en gebruiken op het grondgebied dat onder zijn bevoegdheid valt, na voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad, wanneer het gaat om een politiezone. Om deze toestemming te bekomen wordt er een aanvraag ingediend bij de gemeenteraad door de korpschef. De toestemmingsaanvraag preciseert het type camera, de doeleinden waarvoor de camera's zullen worden geïnstalleerd of gebruikt, evenals de gebruiksmodaliteiten ervan, en voor wat betreft de vaste camera's ook de plaats. Deze aanvraag houdt rekening met een impact- en risicoanalyse op het vlak van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en op operationeel niveau, met name wat de categorieën van verwerkte persoonsgegevens betreft, de proportionaliteit van de aangewende middelen, de te bereiken operationele doelstellingen en de bewaartermijn van de gegevens die nodig is om deze doelstellingen te bereiken. (artikel 25/4 WPA)
In casu werd bij hoogdringendheid mondeling toestemming gevraagd door de korpschef tot het zichtbare gebruik van tijdelijke vaste camera's op een niet besloten plaats op het grondgebied van de Politiezone Gent in het kader van oudejaarsnacht en meer bepaald van 31 december 2024 vanaf 16 u. tot en met 01 januari 2025 12 u. voor de omgeving Rerum Novarumplein.
Uit de impact en risicoanalyse en uit diverse gebeurtenissen in de voorbije periode bleek de vraag gegrond.
Op 27 december 2024 werd door de politie in de omgeving van het Rerum Novarumplein tijdens een controle een zelfgemaakte lanceerbuis aangetroffen. Het vermoeden bestond dat deze buis gebruikt kon worden om gerichter vuurwerk af te schieten. Op 30 december 2024 ging het bemiddelingsteam ter plaatse en werd tevergeefs geprobeerd om met een 30-tal jongeren in dialoog te gaan. Ook schoten jongeren die dag vuurwerk af naar woningen en personen vanuit een rijdend voertuig.
Gezien het gebruik van tijdelijke vaste camera's reeds voor andere plaatsen op het grondgebied van de Politiezone Gent werd toegelaten, was het aangewezen om ook in deze buurt gebruik te kunnen maken van camera' s gedurende de periode 31 december 2024 vanaf 16 u. tot en met 01 januari 2025 12 u.
Gelet op deze dringende noodzakelijkheid diende beroep gedaan te worden op artikel 25/4 §3 van de Wet op het Politieambt dat stelt dat in geval van met redenen omklede hoogdringendheid, waarbij de voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad tot zichtbaar gebruik van camera’s nog niet werd bekomen, de korpschef, mondeling de toestemming vraagt aan de burgemeester om gebruik te maken van camera's in het kader van de specifieke opdracht die de hoogdringendheid rechtvaardigt. Deze mondelinge toestemming dient vervolgens zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd te worden door de bevoegde overheid.
Gelet op de doelstellingen van de tijdelijke vaste camera' s en het gebruik ervan was er een maatschappelijk draagvlak voor het gevraagde cameratoezicht en werd door de burgemeester bij hoogdringendheid op 31 december 2024 mondeling toestemming verleend tot gebruik van de tijdelijke vaste camera' s door de Politiezone Gent op een niet-besloten plaats op het grondgebied van de Politiezone Gent en meer bepaald in het kader van oudejaarsnacht 31 december 2024 vanaf 16 u. tot en met 01 januari 2025 12 u. voor de omgeving Rerum Novarumplein.
In geval van met redenen omklede hoogdringendheid, waarbij de hogerop bedoelde toestemming van de gemeenteraad nog niet werd bekomen, dient de korpschef mondeling de toestemming aan de burgemeester te vragen om gebruik te maken van camera's in het kader van de specifieke opdracht die de hoogdringendheid rechtvaardigt. Deze mondelinge toestemming dient vervolgens zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd te worden door de bevoegde overheid. (artikel 25/4 § 3 WPA).
Bekrachtigt de mondelinge toestemming van de burgemeester tot het zichtbare gebruik van tijdelijk vaste camera' s door de Politiezone Gent op een niet-besloten plaats op het grondgebied van de Politiezone Gent en meer bepaald op 31 december 2024 tussen 16.00 u. en 01 januari 2025 12.00 u. in de omgeving van het Rerum Novarumplein.
Het betreft de toekenning van een subsidie aan vzw Sodigent in het kader van Gentsters for Life, actie voor het goede doel vanuit Stad Gent.
Dit betreft de toekenning van een eenmalige subsidie, die noch door een reglement, noch door een overeenkomst geregeld wordt en die niet nominatief in de meerjarenplanning werd opgenomen.
De Dienst Communicatie en het Departement HR werken sinds 2019 voor Stad Gent vanuit een gecoördineerde aanpak rond Goede Doelen. Inzetten op maatschappelijk verantwoord ondernemen als organisatie is van directe toegevoegde maatschappelijke waarde en richt zich meteen ook op de volgende doelstellingen:
Organisatiebreed initiatief 2023-2024
Voor de Gentsters for Life actie 2023-2024 werden opnieuw verschillende producten te koop aangeboden aan de medewerkers, via Mia en de Stadswinkel:
De verkoop van de producten aan de medewerkers, kende een opbrengst van 2.135 euro. Samen met de subsidie vanuit het Departement HR komt de totale gift op 7.135 euro. Elk jaar wordt immers ook een deel van het budget voor de personeelsevenementen geschonken aan het goede doel.
Financieel-administratief beheer
Om deze acties mogelijk te maken en het financiële luik op een efficiënte manier te laten verlopen, werd als volgt te werk gegaan.
De budgetten voor de uitgaven en ontvangsten werden via kredietverschuiving vanuit het reservebudget voorzien en op 1 budgetplaats gebundeld. Nu, na afloop van 'Gentsters for life', wordt de netto-opbrengst (inkomsten min uitgaven) van de acties voor het Goede Doel doorgestort. Voor de Stad Gent is dit een budgetneutrale beweging.
Het overmaken van de gift zelf is bevoegdheid van de gemeenteraad en wordt vanuit het bufferbudget, het budget voor de uitgaven, voorzien.
Om alles correct te laten verlopen en voldoende controle en overzicht te houden tijdens de aan- en verkopen (enkel via bancontact) van de producten, werden voldoende interne controlemaatregelen ingebouwd (via kasboek/inventaris).
De subsidie is samengesteld uit de opbrengst van de acties van Gentsters for life, ten belope van 2.135 euro en de subsidie vanuit HR, via de bijdrage van de personeelsevenementen, ten belope van 5.000 euro. Zij dient gebruikt te worden voor schenking aan de vzw Sodigent in het kader van 'Gentsters for life'. De opbrengst wordt dit jaar ingezet voor onze eigen kwetsbare collega's. Dit budget wordt specifiek gebruikt voor collega's in de problemen (los van het premiesysteem dat bij vzw Sodigent bestaat). Denk hierbij aan zeer concrete kleine acties bv. het lidgeld voor een sportkamp voor kinderen van een alleenstaande ouder,... .
Overeenkomstig de Wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen, dient een subsidie gebruikt te worden voor het doel waarvoor ze wordt toegekend en dient het gebruik ervan gerechtvaardigd, zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden.
Deze subsidie van 7.135 euro wordt integraal aan vzw Sodigent gestort. De subsidie dient gebruikt te worden ten voordele de eigen collega's via de hierboven genoemde initiatieven.
Vzw Sodigent is vrijgesteld van de verplichting tot het bijbrengen van haar balans en rekeningen alsook van het verslag inzake beheer en financiële toestand.
Voormelde wet geeft de Stad Gent tevens het recht om ter plaatse de aanwending van de subsidie te doen controleren. Bij verzet tegen de uitoefening van de controle, dient de subsidie terugbetaald te worden.
De uitbetaling van de subsidie zal gebeuren na de goedkeuring van de gemeenteraad door overschrijving:
De begunstigde van de subsidie dient elke wijziging van het rekeningnummer schriftelijk mee te delen aan het stadsbestuur.
| Dienst* | Communicatie |
| Budgetplaats | 345520009 |
| Categorie* | Exploitatiesubsidie |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2024 | |
| Totaal | 7135,00 |
In zitting van het college van burgemeester en schepenen d.d. 31 maart 2022 werd het sluiten van een huurovereenkomst met vzw Psychiatrisch Centrum Gent-Sleidinge (vzw PCGS) goedgekeurd voor de huur van de bovenverdieping van het stadseigendom buurtcentrum Rooigem, gelegen te 9000 Gent, Linnenstraat 27, om exclusief te gebruiken als kantoorruimte, voor de duur van 3 jaar, ingaande op 1 maart 2022.
De gemeenteraad kende in zitting d.d. 25 april 2022 een nominatieve subsidie voor een bedrag van 6.000 EUR per jaar toe aan de huurder.
In ruil faciliteerde de huurder, op vraag van de Dienst Ontmoeten en Verbinden, in een aantal beheerstaken voor de gelijkvloerse verdieping van het buurtcentrum Rooigem.
Vanaf 1 januari 2025 zet de Dienst Ontmoeten en Verbinden de werking van het buurtcentrum Rooigem en het ter beschikking stellen van de zaal 'De Kluts' via de zalenzoeker stop. Vanaf januari 2025 zal de Stad ook geen schoonmaak, afvalophaling, etc. meer voorzien in het buurtcentrum.
De huurder wenst de locatie verder te huren, in afwachting van de verhuis naar een eigen pand waarvan de verbouwingswerken in 2025 zullen aanvangen, en normaal gezien zullen duren tot midden 2026. Het onderzoek naar de toekomstige herbestemming van dit gebouw loopt nog, en dus kan er ingegaan worden op de vraag van vzw PCGS om het gebouw tijdelijk te blijven huren. De huurder is bovendien bereid om de bestaande bewonersinitiatieven te blijven faciliteren.
De huurder zal het volledige gebouw in huur nemen, alsook de energiemeters overnemen, schoonmaak, afvalophaling en internet voorzien, enz.
De huurovereenkomst neemt aanvang op 1 januari 2025 en wordt gesloten voor de duur van 20 maanden, om te eindigen op 31 augustus 2026.
De huurder dient geen huurvergoeding te betalen. De huurder ontvangt van de Dienst Ontmoeten en Verbinden een huursubsidie, in ruil voor het ondersteunen van de bestaande bewonersinitiatieven gedurende de looptijd van het contract. Dienst Ontmoeten en Verbinden bezorgt de huurder een limitatieve lijst met de initiatieven die nog worden ondersteund.
De zaal zal niet langer beschikbaar zijn via de zalenzoeker van de Stad Gent. Het is de huurder wel toegestaan om naast de bestaande bewonersinitiatieven ook nieuwe activiteiten te (laten) organiseren en hiervoor een kostendekkende vergoeding aan te rekenen.
Er werd reeds een huurwaarborg van 1.000 EUR gesteld.
De overeenkomst is opzegbaar mits het respecteren van een opzegtermijn van 3 maanden voor de huurder en 6 maanden voor de Stad.
Door middel van dit besluit wordt aan het college van burgemeester en schepenen gevraagd het sluiten van de huurovereenkomst met vzw PCGS, met maatschappelijke zetel te 9000 Gent, Fratersplein 9, ingeschreven in het rechtspersonenregister onder nummer 837.845.517, voor het stadseigendom, gelegen te 9000 Gent, Linnenstraat 27, voor een periode van 20 maanden, ingaande op 1 januari en eindigend op 31 augustus 2026, goed te keuren, onder opschortende voorwaarde van goedkeuring van de huursubsidie door de gemeenteraad.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om de nominatieve subsidie, gekoppeld aan deze huurovereenkomst en ten behoeve van vzw PCGS, goed te keuren.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Ontmoeten en Verbinden |
| Budgetplaats | 3515500AW |
| Categorie* | E subs. |
| Subsidiecode | XHU.HUU |
| 2025 | 6.616,98 |
| 2026 | 4.411,32 |
| Totaal | 11.028,30 |
De jaarlijkse huurvergoeding bedraagt 6.616,98 EUR. De jaarlijkse subsidie bedraagt 100 %.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Vastgoed |
| Budgetplaats | 347250003 |
| Categorie* | E Subs. |
| Subsidiecode | XHU.HUU |
| 2025 | 6.616,98 |
| 2026 | 4.411,32 |
| Totaal | 11.028,30 |
De jaarlijkse huurvergoeding bedraagt 6.616,98 EUR. De jaarlijkse subsidie bedraagt 100 %.
Keurt goed de toekenning van een nominatieve subsidie voor het bedrag van 6.616,98 EUR per jaar aan vzw Psychiatrisch Centrum Gent-Sleidinge (PCGS), met maatschappelijke zetel te 9000 Gent, Fratersplein 9, voor de huur van het stadseigendom, gelegen te 9000 Gent, Linnenstraat 27, en dit onder de volgende voorwaarden:
- de huurder ondersteunt (inhoudelijk, administratief, logistiek) de bewonersinitiatieven die nu reeds activiteiten ontplooien in het buurtcentrum tijdens de duur van de huurovereenkomst;
- het is de huurder toegelaten het goed ter beschikking te stellen i.f.v. nieuwe activiteiten en hiervoor een kostendekkende vergoeding te vragen;
- de huurder neemt algemene facilitaire taken op zich zoals sleutelbeheer, opvolgen poets en afvalbeheer,…
Aan de Wolfputstraat 63 te 9041 Gent-Oostakker ligt een restperceel van 148,36 m² in eigendom van de stad Gent dat is ontstaan in 1986 bij het verleggen van de rooilijn.
Dit stuk maakt geen deel uit van het openbaar domein en is op heden zonder titel in gebruik door BV Corphi & BV Cornelis, eigenaars van de woning met huisnummer 63.
Anderzijds aan de Wolfputstraat 61 te 9041 Gent-Oostakker ligt een perceel van 20.84 m² in eigendom van zelfde BV Corphi & BV Cornelis zonder titel, dat onderdeel is van het huidige voetpad.
De Stad en de BV wensen deze situatie te regulariseren en de respectievelijke stroken grond te verwerven, wat zich juridisch vertaalt in een ruilovereenkomst.
Bij schattingsverslag d.d. 29 juni 2022, opgemaakt door Bart Vermeiren, werd de totale waarde van het goed, eigendom van de Stad Gent, geschat op 42.000 euro (tweeënveertigduizend EUR).
Bij schattingsverslag d.d. 29 juni 2022, opgemaakt door Bart Vermeiren, werd het onroerend goed, eigendom van BV Corphi & BV Cornelis, geschat op 6.000 euro (zesduizend EUR).
De ruil kan gerealiseerd worden voor en mits een opleg te betalen door BV Corphi & BV Cornelis van 36.000 euro (zesendertigduizend EUR).
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | PAT |
| Budgetplaats | 347250000 |
| Categorie* | I |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2025 | 6.000,00 |
| Totaal | 6.000,00 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | PAT |
| Budgetplaats | 347250000 |
| Categorie* | I |
| 2025 | 42.000,00 |
| Totaal | 42.000,00 |
Beslist tot het lichten van de ruiloptie, waarbij :
De Stad Gent een perceel grond gelegen te 9041 Gent-Oostakker aan de Wolfputstraat nr 63, thans gekend bij het kadaster of het geweest zijnde onder 17e afdeling, sectie B, deel van perceelnummer 409N met een totale gemeten oppervlakte van honderdachtenveertig komma zesendertig vierkante meter (148,36 m²), overdraagt aan BV Corphi & BV Cornelis;
In ruil voor een perceel grond gelegen te 9041 Gent-Oostakker aan de Wolfputstraat nr 61, thans gekend bij het kadaster of het geweest zijnde onder 17e afdeling, sectie B, deel van perceelnummer 408D, met een totale gemeten oppervlakte van twintig komma vierentachtig vierkante meter (20,84m²), dat overgedragen wordt van BV Corphi en BV Cornelis naar de Stad.
En dit mits de totale oplegsom voor een bedrag van zesendertigduizend euro (36.000EUR) te betalen door BV Corphi en BV Cornelis aan de stad Gent.
Er werd tussen de Stad Gent en de vzw "KUNSTENCENTRUM VIERNULVIER" met zetel te 9000 Gent, Sint-Pietersnieuwstraat 23, en ondernemingsnummer BE0423.063.619, een subsidieovereenkomst gesloten van 1.984.000,00 euro. Deze subsidieovereenkomst werd goedgekeurd bij beslissing van de gemeenteraad van 24 juni 2024.
Deze subsidie werd verleend in het kader van de grootschalige restauratie en renovatie van het Feestlokaal Vooruit als beschermd monument. De overeenkomst gaat in op 1 juli 2024 en eindigt op 30 juni 2044. Om de kunstinstelling te kunnen blijven exploiteren als cultuurhuis in Gent zijn hedendaagse en duurzame ingrepen vereist met aandacht en zorg voor de erfgoedwaarden en -elementen van het onroerend goed. Gezien de grootte en graad van afwerking zijn er aanzienlijke budgetten nodig voor de restauratie- en aanpassingswerken en dit op relatief korte termijn om het monument te vrijwaren voor verder verval.
Deze subsidie werd, in het kader van de aanpassing van het Strategisch Meerjarenplan 2020-2025, door de gemeenteraad reeds in december 2023 voorzien voor vzw Viernulvier voor de restauratie en renovatie van het Feestlokaal van Vooruit in de periode 2024-2025. Voormelde subsidieovereenkomst is de realisatie van deze beslissing.
Op 21 september 2021 heeft de Stad een intern richtlijnenkader voor het verstrekken van investeringssubsidies goedgekeurd, dat van toepassing werd vanaf 1 januari 2022.
Op voormelde subsidieovereenkomst is dit ‘Richtlijnenkader voor het verstrekken van investeringssubsidies’ dus van toepassing.
Het richtlijnenkader voorziet in een getrapt systeem waarbij, naar gelang de grootte van het bedrag aan subsidies, een aantal garanties en voorwaarden, gekoppeld aan het verstrekken van de subsidies, worden voorzien. Dit alles om de finaliteit van de subsidies te garanderen en eventuele risico’s in hoofde van de Stad te minimaliseren.
Concreet gaat het over een subsidie van meer dan 300.000,00 euro, waarbij het kader, en in uitvoering daarvan de subsidieovereenkomst in artikel 5.2 voorziet dat een hypothecair mandaat moet verstrekt worden aan de Stad op het betreffend onroerend goed/zakelijk recht door de begunstigde, ter naleving van de subsidievoorwaarden.
In uitvoering van de goedgekeurde subsidieovereenkomst werd een ontwerp van akte tot hypothecair mandaat opgemaakt, hetwelk met huidig besluit ter goedkeuring van de gemeenteraad wordt voorgelegd.
Keurt het in bijlage gevoegde ontwerp van de akte hypothecair mandaat goed, te verlijden door notaris Niek Van der Straeten, te Destelbergen, ten voordele van de stad Gent, met als lastgever vzw KUNSTENCENTRUM VIERNULVIER, met maatschappelijke zetel te Gent, Sint-Pietersnieuwstraat 23, en met ondernemingsnummer 0423.063.619 voor een bedrag van een miljoen negenhonderdvierentachtigduizend euro (€ 1.984.000,00) in hoofdsom en in toebehoren.
Bij nieuwbouw- en renovatieprojecten wordt steeds vaker gekozen voor de integratie van groendaken. De afgelopen jaren zijn op diverse locaties binnen het stedelijk patrimonium zowel intensieve als extensieve groendaken aangelegd. Deze daken vormen in meerdere opzichten een milieuvriendelijke keuze in het kader van duurzaam bouwen.
Op lange termijn vereisen extensieve groendaken minder onderhoud dan traditionele daken. Echter, in de eerste jaren na aanleg is het essentieel om tweemaal per jaar onderhoud uit te voeren, zodat de sedumbeplanting zich optimaal kan ontwikkelen. Dit onderhoud omvat het verwijderen van ongewenste planten die in het substraat kunnen groeien, het controleren van tapbuizen en afvoerleidingen op verstoppingen, en het toepassen van regelmatige, op de vegetatie afgestemde bemesting. Een goed ontwikkeld plantendek vraagt om specifieke kennis van bemestingsmiddelen en de timing ervan. Daarom wordt aanbevolen het onderhoud van groendaken uit te besteden aan gespecialiseerde bedrijven.
Vanwege het toenemende aantal groendaken op stadsgebouwen en om te vermijden dat voor elk dak afzonderlijke onderhoudscontracten moeten worden afgesloten, lijkt het opportuun voor het onderhoud van groendaken een raamovereenkomst af te sluiten. Deze raamovereenkomst maakt het mogelijk het regulier onderhoud van groendaken te groeperen en regelmatige inspecties uit te voeren. Eventuele beschadigingen aan de vegetatie, bijvoorbeeld door langdurige droogte, kunnen hierdoor sneller worden opgespoord en hersteld. Zo blijft het esthetische en functionele karakter van de groendaken gewaarborgd.
De vorige raamovereenkomst, "Overheidsopdracht van werken - Raamovereenkomst voor het onderhoud van groendaken van diverse gebouwen binnen de groep Gent voor een periode van 4 jaar - FAG/2019/033/FDM/EXP/4716", liep af op 12 december 2023.
De raad voor maatschappelijk welzijn heeft in zitting van 21 juni 2021 de Stad Gent gemachtigd om wat betreft zijn aandeel in diverse opdrachten op te treden als aanbestedende overheid en aankoopcentrale.
Het OCMW Gent wenst voor haar aandeel in deze opdracht beroep te doen op de Stad Gent welke laatste optreedt als aankoopcentrale. Hierdoor is het OCMW Gent vrijgesteld van de verplichting zelf een plaatsingsprocedure te organiseren.
Op die manier kan het OCMW Gent binnen de opdracht rechtstreeks bestellingen afnemen bij de gekozen leverancier/dienstverlener.
Hiertoe werd het bestek van de overheidsopdracht van werken - Raamovereenkomst voor het onderhouden van groendaken van diverse gebouwen binnen de groep Gent - FEG/2024/013/GDR/ID5711, opgemaakt.
Procedure: openbare procedure
Wijze van prijsbepaling: gemengde prijsvaststelling
Uitvoeringstermijn: 48 maanden
Gunningscriteria: prijs
Het geraamd aandeel voor het OCMW bedraagt 54.000,00 euro inclusief btw.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst | FM Onderwijs | FM Onderwijs | FM Onderwijs | FM Onderwijs |
| Budgetplaats | ||||
| Categorie | EXP 6% BTW | EXP 21% BTW | INV 6% BTW | INV 21% BTW |
| 2025 | € 16.000,00 | € 5.000,00 | € 4.000,00 | € 1.000,00 |
| 2026 | € 24.500,00 | € 7.000,00 | € 6.000,00 | € 1.750,00 |
| 2027 | € 24.500,00 | € 7.000,00 | € 6.000,00 | € 1.750,00 |
| 2028 | € 24.500,00 | € 7.000,00 | € 6.000,00 | € 1.750,00 |
| 2029 | € 8.000,00 | € 2.000,00 | € 2.000,00 | € 500,00 |
| totaal | € 97.500,00 | € 28.000,00 | € 24.000,00 | € 6.750,00 |
| Dienst | FM Themagebouwen | FM Themagebouwen | Politie | Politie | HVZC |
| Budgetplaats | |||||
| Categorie | EXP | INV | EXP | INV | |
| 2025 | € 17.000,00 | € 12.000,00 | € 0,00 | € 0,00 | € 7.000,00 |
| 2026 | € 30.000,00 | € 12.000,00 | € 0,00 | € 0,00 | € 7.000,00 |
| 2027 | € 30.000,00 | € 12.000,00 | € 0,00 | € 0,00 | € 7.000,00 |
| 2028 | € 30.000,00 | € 12.000,00 | € 0,00 | € 0,00 | € 7.000,00 |
| 2029 | € 17.000,00 | € 12.000,00 | € 0,00 | € 0,00 | € 7.000,00 |
| totaal | € 124.000,00 | € 60.000,00 | € 0,00 | € 0,00 | € 35.000,00 |
| Dienst | FM Welzijn | FM Welzijn |
| Budgetplaats | OCMW | OCMW |
| Categorie | EXP | INV |
| 2025 | € 6.000,00 | € 1.500,00 |
| 2026 | € 11.000,00 | € 2.500,00 |
| 2027 | € 11.000,00 | € 2.500,00 |
| 2028 | € 11.000,00 | € 2.500,00 |
| 2029 | € 5.000,00 | € 1.000,00 |
| totaal | € 44.000,00 | € 10.000,00 |
De geraamde waarde bedraagt 429.250,00 EUR (incl. BTW)
De maximale afname bedraagt 643.875,00 EUR (incl. BTW)
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van werken - Raamovereenkomst voor het onderhouden van groendaken van diverse gebouwen binnen de groep Gent - FEG/2024/013/GDR/ID5711.
Procedure: openbare procedure
Wijze van prijsbepaling: gemengde prijsvaststelling
Uitvoeringstermijn: 48 maanden
Gunningscriteria: prijs
In maart 2021 werd door de Vlaamse overheid een projectoproep “Veerkrachtige steden na corona” voor stadsvernieuwingsprojecten gelanceerd om de sociale, fysieke en economische dimensie van een stadswijk te verbeteren. In juni 2021 diende de Stad Gent het projectvoorstel “Schelde(sc)oord” in. De Vlaamse Regering heeft op 17 december 2021 de projectaanvraag goedgekeurd en een subsidie toegekend.
Scheldeoord ligt in de Dampoortwijk. Door de impact van corona was de behoefte aan kwalitatieve buitenruimte zeer aanwezig en kwamen in Scheldeoord door de hoge concentratie kwetsbaren in de wijk verschillende pijnpunten naar boven: problematische en precaire thuissituaties, polarisering tussen jong en oud, drugsproblematieken, vervelingsgedrag, vereenzaming, enz.
De directeurswoning Wolterspark krijgt een nieuwe sociaal-culturele bestemming: er is ruimte voor bijeenkomsten kwetsbare gezinnen i.f.v. opvoedingsondersteuning, huistaakklas, naschoolse activiteiten, naaiatelier, zitdagen ThuispuntGent, antennewerking Wibier, flexibele werkplek buurtwerker, ruimte voor kinderwerking; dienstverlening voor ouderen (verzorging) en IT-ondersteuning. Daarnaast zal er ook een buurtbar zijn, en zullen er culturele activiteiten georganiseerd worden.
De bouwfysische staat van het gebouw is slecht en de binnenruimte is beperkt. Daarom dringt een totaalrenovatie en uitbreiding zich op.
In zitting van het college van burgemeester en schepenen dd. 05/10/2023 werd de overheidsopdracht van diensten - Renovatie directeurswoning Wolterspark - Dienstenopdracht: architectuur, stabiliteit, technieken en EPB - 2023/35/OG/DFM/WEL, gegund aan Lamusch Architecten, Laar 18 te 2140 Antwerpen.
In zitting van het college van burgemeester en schepenen dd. 04/07/2024 werd het voorontwerp goedgekeurd, alsook de overgang naar de omgevingsvergunningsaanvraag.
De omgevingsvergunning werd ontvangen op 03/10/2024.
Het architectenbureau begon hierna met de opmaak van het aanbestedingsdossier, dat hier voorgelegd wordt aan de gemeenteraad ter vaststelling.
Hiertoe werd het bestek van de overheidsopdracht van werken - Renovatie directeurswoning Wolterspark - FWG/2024/007, opgemaakt.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: gemengde prijsbepaling.
Uitvoeringstermijn: 460 kalenderdagen.
Gunningscriteria: de economisch meest voordelige offerte.
De uitgave voor deze opdracht wordt geraamd op € 902.302,13 excl. btw of € 1.091.785,58 incl. 21% btw (€ 183.499,92 Btw medecontractant).
Het lot vast meubilair zit niet in deze opdracht vervat, en zal in een latere fase apart aanbesteed worden, omdat deze werkwijze meestal een aanzienlijke besparing oplevert.
Omdat dit dossier gefinancierd wordt met subsidies met strenge deadline, wordt gevraagd toestemming te geven om de procedure van bekendmaking reeds op te starten onmiddellijk na goedkeuring van het dossier door het college van burgemeester en schepenen met opening van offertes evenwel na de datum van de gemeenteraad.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Dienst Stedelijke Vernieuwing |
| Budgetplaats | 409630004 |
| Categorie* | I |
| Subsidiecode | ABB-VS-SO |
| 2025 | 545.892,79 |
| 2026 | 545.892,79 |
| Totaal | 1.091.785,58 |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Dienst Stedelijke Vernieuwing |
| Budgetplaats | 409630004 |
| Categorie* | I |
| Subsidiecode | ABB-VS-SO |
| 2025 | 520.000,00 |
| 2026 | 520.000,00 |
| Totaal | 1.040.000,00 |
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van werken - Renovatie directeurswoning Wolterspark - FWG/2024/007.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: gemengde prijsbepaling.
Uitvoeringstermijn: 460 kalenderdagen.
Gunningscriteria: de economisch meest voordelige offerte.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Basisonderwijs
Het Decreet Basisonderwijs van 25 februari 1997 bepaalt dat het schoolbestuur verplicht is voor al zijn scholen van het gewoon- en buitengewoon basisonderwijs de capaciteit te bepalen:
Het Decreet bepaalt eveneens dat het schoolbestuur voor al zijn scholen gewoon- en buitengewoon basisonderwijs de capaciteit kan bepalen:
Indien het schoolbestuur van deze mogelijkheid geen gebruik maakt, dan kan op niveau van het geboortejaar en op niveau van het leerjaar niet geweigerd worden op basis van capaciteit.
De Stad Gent kiest ervoor om voor al haar scholen waarvan ze het schoolbestuur is, wel gebruik te maken van deze mogelijkheid.
De capaciteiten zijn meegedeeld aan het LOP (Lokaal overlegplatform) Gent.
Dit zijn eveneens de capaciteiten die gebruikt worden in CAR (centraal aanmeldingsregister).
Secundair onderwijs
In het besluit van 27 juni 2011 heeft de gemeenteraad van de Stad Gent de capaciteit goedgekeurd van alle secundaire scholen waarvoor de Stad Gent het schoolbestuur is.
In de toelichting bij het besluit werd daarbij aangegeven dat het aangewezen is die vastgestelde capaciteit jaarlijks te herbekijken op basis van schommelingen in vraag en aanbod.
Tevens moeten scholen vóór de start van de inschrijvingsperiode voor alle vestigingsplaatsen met een eerste leerjaar van de eerste graad van het voltijds gewoon secundair onderwijs een capaciteit bepalen op één van volgende niveau's:
- het structuuronderdeel (1A of 1B)
- de combinatie van de beide structuuronderdelen (1A én 1B)
In het buitengewoon secundair onderwijs moet (met uitzondering van type 5, waar dit niet verplicht is) het schoolbestuur voor elk van zijn scholen de capaciteit bepalen op één of meerdere van volgende niveau's:
- de school
- de vestigingsplaats
- de opleidingsvorm
- het type
- het structuuronderdeel
- de combinatie van twee of meerdere structuuronderdelen
- de pedagogische eenheid
Deze capaciteiten worden doorgegeven aan het LOP (Lokaal Overlegplatform).
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd goedkeuring te verlenen aan de capaciteitsbepaling van de scholen van het gewoon- en buitengewoon basisonderwijs en van het gewoon- en buitengewoon secundair onderwijs van het Stedelijk Onderwijs Gent voor het schooljaar 2025-2026.
Keurt goed de bepaling van de capaciteit van de scholen van het gewoon en buitengewoon basisonderwijs en van het secundair en het buitengewoon secundair onderwijs van het Stedelijk Onderwijs Gent voor het schooljaar 2025-2026, zoals vermeld in bijlagen.
Indien het totale uitvoeringsbedrag lager is dan de begrote 80.565,38 euro, dient het resterend schenkingsbedrag dat proportioneel met de subsidie niet werd geïnvesteerd, binnen de drie maanden na de afronding van alle betalingen teruggestort te worden aan het oudercomité op rekeningnummer BE35 8601 1961 6237.
Per 1 januari 2025 zal VZW De Sloep i-mens in zijn geheel worden opgenomen binnen VZW i-mens. Dit is het eindpunt van een proces dat gestart is begin 2023.
De VZW De Sloep i-mens die de voorbije twee jaar reeds tot de personele unie van VZW i-mens behoorde, houdt met andere woorden juridisch op te bestaan. De werking wordt per 1 januari 2025 (verder) geïntegreerd binnen de dienst Kinderzorg van VZW i-mens.
Het ondernemingsnummer van VZW De Sloep i-mens wordt geschrapt, het nieuwe nummer wordt dat van VZW i-mens namelijk BE 0416.603.716.
VZW i-mens wil met deze overname de duurzaamheid van de werking verzekeren en zich als betrouwbare partner blijven inzetten op een constructieve samenwerking vanuit een gedeelde inzet voor jonge gezinnen met een verhoogde aandacht voor jonge gezinnen die opgroeien in kwetsbare situaties.
VZW i-mens zal alle lopende overeenkomsten van VZW De Sloep i-mens met Stad Gent en de erin vervatte verplichtingen op zich nemen.
De bestelbonnen en geplande uitbetalingen en saldo's voor de (lopende) overeenkomsten zullen worden aangepast naar de financiële gegevens van VZW i-mens.
Neemt kennis van de inkanteling van VZW de Sloep i-mens binnen VZW i-mens, waarbij de partij VZW i-mens alle lopende overeenkomsten van Stad Gent met de VZW De Sloep i-mens en de erin vervatte verplichtingen op zich zal nemen.
In de zitting van 2 december 2021, werd het besluit 2021_CBS_05969 Engagement tot aankoop van de Triangla-site gelegen Rooigemlaan, Gent goedgekeurd.
Thuispunt Gent en de Stad kochten in 2022 samen het perceel aan gelegen te Rooigemlaan 444-446.
Beide partijen zijn overeengekomen om op de gelijkvloerse verdieping een uitbreiding te voorzien van het naastgelegen schoolgebouw met speelplaats en op de verdiepingen 22-24 sociale woningen te voorzien.
In de zitting van 19 december 2024 werd het bestek tot vaststelling 2024_CBS_12053 Overheidsopdracht van diensten - Optimaliseren BS De Piramide Site Triangla goedgekeurd. Daarin werd gevraagd goedkeuring te verlenen voor de vervroegde oproep tot deelneming van de studieopdracht, evenwel met gunning van de studieopdracht na goedkeuring van de samenwerkingsovereenkomst door het college van burgemeester en schepenen.
Om bovenstaande project te realiseren wordt onderhavige samenwerkingsovereenkomst opgemaakt die de nodige afspraken rond werking, budgetten en eigenaarschap vastlegt.
Omwille van budgettaire redenen wordt de samenwerkingsovereenkomst in 2 delen opgesplitst:
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Staf Departement Onderwijs, Opvoeding en Jeugd |
| Budgetplaats | 407990005 |
| Categorie* | I |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2024 | 0,00 |
| 2025 | 49.259,64 |
| 2026 | 49.259,64 |
| Totaal | 98.519,28 |
Document "20241017_2_projectdefinitie De piramide Triangla" zal in de nabije toekomst nog aangepast worden naar aanleiding van input van de school en de buitenschoolse opvang.
Keurt goed het eerste deel van de samenwerkingsovereenkomst met Thuispunt Gent BV, Lange Steenstraat 54 te 9000 Gent voor het project Triangla, zoals gevoegd in bijlage.
Keurt goed dat, in het geval dat de samenwerkingsovereenkomst na deel 1 wordt beëindigd, in het meerjarenplan de nodige budgetten zullen worden voorzien voor de financiële regeling die dan zal worden afgesloten en waarbij de stad de verplichting heeft om bepaalde kosten te doen die noodzakelijk zijn voor de ingebruikname van het gebouw door Thuispunt Gent
De gemeenteraad heeft op 27 juni 2000 de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 8 juli 1999 tot medeoprichting van de coöperatieve vennootschap cvba Jobpunt Vlaanderen (thans Poolstok) bekrachtigd.
Poolstok is een coöperatieve vennootschap waarin verschillende publieke en para-publieke organisaties kunnen deelnemen met het oog op een beter georganiseerde en meer professionele vervulling van hun taken op het vlak van P&O (Personeel & Organisatie).
De Stad participeert in Poolstok en hierdoor kan zij rechtstreeks opdrachten geven aan Poolstok.
De opdrachten waarvoor de vennoten een beroep doen op Poolstok zijn te beschouwen als inhouse-opdrachten en zijn uitgesloten van het toepassingsgebied van de wetgeving overheidsopdrachten.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 25 juni 2020 kennis genomen van de nota voor deelname van de Stad Gent en modaliteiten van samenwerking, afhankelijk van het type dienstverlening waarvoor op Poolstok een beroep wordt gedaan.
Dienst HR Coördinatie & SodiGent wenst gebruik te maken van de diensten van Poolstok voor de tijdelijke projectleiding van project HRIS. Dit project omvat de update van het HR ICT-landschap. In een eerste fase (2025-2026) gaat de focus naar de harde HR-applicaties, in een tweede fase zullen de zachte HR-systemen bekeken worden. Hierbij zijn meerdere HR-diensten en HR-processen betrokken. HR heeft daarom nood aan een projectleider met expertise in projecten van dergelijke omvang en complexiteit.
Poolstok leverde 3 mogelijke kandidaten van verschillende dienstverleners. De kandidaat van EY heeft de nodige kennis van de HR-processen en de functionaliteiten van het SAP SuccessFactors-pakket en kan deze dienstverlening aanbieden tegen een competitieve prijs.
Deze dienstverlening past in de raamovereenkomst organisatieontwikkeling die Poolstok heeft afgesloten met EY. Onder de huidige raamovereenkomst kan slechts afgenomen worden tot juni 2026. Tegen dan zal Poolstok nieuwe raamovereenkomsten onderhandeld hebben waarop Stad Gent opnieuw kan afnemen.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | HR Coördinatie & SodiGent |
| Budgetplaats | 346310000 |
| Categorie* | werking 6142100 |
| Subsidiecode | Niet relevant |
| 2025 | €177.749,00 |
| 2026 | € 88.874,50 |
| Totaal | € 266.623,50 |
Keurt goed de opdracht van de dienst HR Coördinatie & SodiGent aan Poolstok, Vaartdijk 3 bus 101, 3018 Wijgmaal, voor begeleiding van het HRIS project van januari 2025 tot juni 2026 voor een totaalbedrag van €266.623,50 inclusief btw.
De gemeenteraad heeft op 27 juni 2000 de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van 8 juli 1999 tot medeoprichting van de coöperatieve vennootschap cvba Jobpunt Vlaanderen (thans Poolstok) bekrachtigd.
Poolstok is een coöperatieve vennootschap waarin verschillende publieke en para-publieke organisaties kunnen deelnemen met het oog op een beter georganiseerde en meer professionele vervulling van hun taken op het vlak van P&O (Personeel & Organisatie).
De Stad participeert in Poolstok en hierdoor kan zij rechtstreeks opdrachten geven aan Poolstok.
De opdrachten waarvoor de vennoten een beroep doen op Poolstok zijn te beschouwen als inhouse-opdrachten en zijn uitgesloten van het toepassingsgebied van de wetgeving overheidsopdrachten.
Het college van burgemeester en schepenen heeft op 25 juni 2020 kennis genomen van de nota voor deelname van de Stad en modaliteiten van samenwerking, afhankelijk van het type dienstverlening waarvoor op Poolstok een beroep wordt gedaan.
Poolstok werkt, overeenkomstig de geldende wettelijke, decretale en reglementaire bepalingen, voor het uitvoeren van opdrachten gerelateerd aan personeelsselectie samen met erkende wervings- en selectiekantoren.
Vanuit Dienst Selectie en Mobiele Ploeg wordt jaarlijks een budget voorzien voor het organiseren van en ondersteunen in selectieprocedures. Hiervoor wenst Dienst Selectie en Mobiele Ploeg een beroep te kunnen doen op de dienstverlening van Poolstok, zijnde een samenwerking met erkende wervings- en selectiekantoren die opgenomen zijn in de nieuwe raamovereenkomst van Poolstok voor het uitvoeren van diensten inzake selectie (PLSTK-2023/1). Enerzijds ter ondersteuning van de eigen werking (bijvoorbeeld bij selectieprocedures met een groot aantal te verwachten kandidaten en bij piekbelasting) en anderzijds als aanvulling op de eigen werking (zoals het organiseren van selectieprocedures voor A+ functies waarbij assessments worden afgenomen).
De aanrekeningen zullen gebeuren op het einde van elke opdracht, na het leveren van de prestaties.
Om beroep te doen op de raamovereenkomst voor het uitvoeren van diensten inzake 'selectie van personeel 2024-2027' (PLSTK-2023/1) van Poolstok wordt initieel 600.000 euro voorzien. Dit bedrag is inclusief btw. In het najaar van 2025 zal een bijkomende vastlegging nodig zijn. De inschatting van dit bedrag zal in de tweede helft van het kalenderjaar worden opgemaakt rekening houdend met onder meer het aantal op te starten selectieprocedures en de in te schatten piekbelasting.
Voor deze opdracht (het uitvoeren van diensten inzake selectie) wenst de Stad een beroep te doen op Poolstok, Vaartdijk 3 bus 101, 3018 Wijgmaal, tegen de eenheidsprijzen van de offertes van de erkende wervings- en selectiekantoren dewelke zijn opgenomen in de raamovereenkomst van Poolstok (PLSTK-2023/1).
| Dienst* | Dienst Selectie & Mobiele Ploeg |
| Budgetplaats | 346400000 |
| Categorie* | werking 6142100 |
| Subsidiecode | Niet relevant |
| 2025 | 600.000 euro |
| Totaal | 600.000 euro |
niet van toepassing
Keurt goed de opdracht voor het uitvoeren van diensten inzake selectie aan Poolstok, Vaartdijk 3 bus 101 3018 Wijgmaal, tegen de eenheidsprijzen van de offertes van de erkende wervings- en selectiekantoren dewelke zijn opgenomen in de raamovereenkomst van Poolstok (PLSTK-2023/1).
De Dienst Informatie, Analyse en Kennisbeheer is het informatie- en kenniskruispunt van Politiezone Gent. Informatie vormt de essentiële basis van onze werking. Een goede informatiehuishouding is derhalve onontbeerlijk voor goed politiewerk en het nemen van de gepaste beslissingen en maatregelen.
Om de continuïteit van de Dienst Informatie, Analyse en Kennisbeheer en dus de optimale werking ervan te garanderen, is het zeer belangrijk om de personeelsaantallen binnen die dienst op peil te houden en de personeelsuitstroom zo snel mogelijk te ondervangen.
Om in te spelen op de (verwachte) personeelsuitstroom, wil de korpsleiding twee betrekkingen vacant verklaren van assistent (niveau C) in het administratief en logistiek kader, meer bepaald twee functies van assistent functioneel beheerder bij de Dienst Informatie, Analyse en Kennisbeheer.
Gelet op het voorgaande, wenst Politiezone Gent voormelde betrekkingen via een dringende, externe contractuele werving te begeven. In het raam van een dringende, externe contractuele werving wordt aan de meest geschikte kandidaten een contract van één jaar aangeboden. Nadat de functies contractueel zijn ingevuld, dienen deze worden opengesteld via mobiliteit.
De raming van de jaarlijkse brutoloonkost gebeurt op basis van de begrotingstool van het SSGPI (sociaal secretariaat van de Geïntegreerde Politie):
| Aantal en graad | Jaarlijkse bruto loonkost |
| 2 assistenten (niveau C) | € 116.665,58 (2 x € 58.332,79) |
Keurt goed de vacantverklaring via externe, contractuele werving om dringende redenen van 2 betrekkingen van assistent (niveau C) bij de Dienst Informatie, Analyse en Kennisbeheer van Politiezone Gent. Hierbij wordt een arbeidsovereenkomst met een duurtijd van 1 jaar aangeboden.
Aan de gemeenteraad wordt gevraagd om goedkeuring te verlenen aan de vacantverklaring van 7 betrekkingen binnen het administratief en logistiek kader en van 24 betrekkingen binnen het operationeel kader van Politiezone Gent in het raam van de eerste mobiliteitscyclus van 2025.
Voor de betrekkingen van inspecteur van politie (basiskader) wordt bovendien goedkeuring gevraagd om deze plaatsen, indien ze niet via de reguliere mobiliteit worden ingevuld, aan te bieden via externe werving.
De korpschef adviseert om de volgende functies vacant te verklaren:
- 7 betrekkingen in het administratief en logistiek kader:
| Dienst | Functie | Graad |
| Dienst Informatie, Analyse en Kennisbeheer | 1 teamleider GAK | consulent/niveau B |
| Dienst Financiën en Middelen | 1 medewerker aankopen | assistent/niveau C |
| Dienst Informatie- en Communicatietechnologie | 1 medewerker telematica | ICT-consulent/niveau B |
| Dienst Human Resources | 1 medewerker gezondheid | assistent/niveau C |
| Interventiedienst | 1 medewerker administratief bureau | assistent/niveau C |
| Verkeersdienst | 1 bureauverantwoordelijke administratief bureau | consulent/niveau B |
| Dienst Maatschappelijke Zorg | 1 medewerker politionele zorg | maatschappelijk assistent/niveau B |
- 24 betrekkingen in het operationeel kader:
| Dienst | Functie | Graad |
| Interventiedienst | 5 medewerkers interventieteams | inspecteur van politie |
| Dienst Zonale Sturing | 2 operatoren | inspecteur van politie |
| Verkeersdienst | 1 adjunct diensthoofd | commissaris van politie |
| Verkeersdienst | 4 medewerkers fiets | inspecteur van politie |
| Verkeersdienst | 4 medewerkers moto | inspecteur van politie |
| Verkeersdienst | 1 teamleider moto-fiets | hoofdinspecteur van politie |
| Wijkdienst | 2 medewerkers buurtwerk | inspecteur van politie |
| Wijkdienst | 2 medewerkers onthaal en administratie | inspecteur van politie |
| Wijkdienst | 2 medewerkers wijkzorgteam | inspecteur van politie |
| Wijkdienst | 1 jeugdinspecteur | inspecteur van politie |
Het financieel meerjarenplan van Politiezone Gent voorziet in 2025 een gemiddelde personeelsbezetting van 1.125 operationele personeelsleden en 195 administratieve en logistieke personeelsleden.
Om een goede en veilige uitvoering van de opdrachten van Politiezone Gent te kunnen verzekeren is, in het raam van de eerste mobiliteitscyclus van 2025, een vacantverklaring van 31 betrekkingen noodzakelijk.
Om de kansen op instroom te maximaliseren, kan de korpsleiding beslissen om (een aantal van) de voormelde betrekkingen, die niet via de reguliere mobiliteit ingevuld raken, via externe werving vacant te stellen.
De raming van de brutoloonkost (op jaarbasis) gebeurt op basis van de begrotingstool van het SSGPI (Sociaal Secretariaat van de Geïntegreerde Politie):
| aantal en graad | bedrag |
| 4 consulenten (niveau B) | 257.101,88 € (4 x 64.275,47) |
| 3 assistenten (niveau C) | 174.998,37 € (3 x 58.332,79) |
| 1 commissaris van politie | 126.646,84 € |
| 1 hoofdinspecteur van politie | 94.129,39 € |
| 22 inspecteurs van politie | 1.597.724,04 € (22 x 72.623,82) |
Het totaal van de jaarlijkse brutoloonkost van de 31 vacante betrekkingen bedraagt 2.250.600,52 euro.
Keurt goed de vacantverklaring van 7 betrekkingen in het administratief en logistiek kader en van 24 betrekkingen in het operationeel kader in de eerste mobiliteitscyclus van 2025 voor de volgende diensten van Politiezone Gent:
- 7 betrekkingen in het administratief en logistiek kader
| Dienst | Functie | Graad |
| Dienst Informatie, Analyse en Kennisbeheer | 1 teamleider GAK | consulent/niveau B |
| Dienst Financiën en Middelen | 1 medewerker aankopen | assistent/niveau C |
| Dienst Informatie- en Communicatietechnologie | 1 medewerker telematica | ICT-consulent/niveau B |
| Dienst Human Resources | 1 medewerker gezondheid | assistent/niveau C |
| Interventiedienst | 1 medewerker administratief bureau | assistent/niveau C |
| Verkeersdienst | 1 bureauverantwoordelijke administratief bureau | consulent/niveau B |
| Dienst Maatschappelijke zorg | 1 medewerker politionele zorg | maatschappelijk assistent/niveau B |
- 24 betrekkingen in het operationeel kader
| Dienst | Functie | Graad |
| Interventiedienst | 5 medewerkers interventieteams | inspecteur van politie |
| Dienst Zonale Sturing | 2 operatoren | inspecteur van politie |
| Verkeersdienst | 1 adjunct diensthoofd | commissaris van politie |
| Verkeersdienst | 4 medewerkers fiets | inspecteur van politie |
| Verkeersdienst | 4 medewerkers moto | inspecteur van politie |
| Verkeersdienst | 1 teamleider moto-fiets | hoofdinspecteur van politie |
| Wijkdienst | 2 medewerkers buurtwerk | inspecteur van politie |
| Wijkdienst | 2 medewerkers onthaal en administratie | inspecteur van politie |
| Wijkdienst | 2 medewerkers wijkzorgteam | inspecteur van politie |
| Wijkdienst | 1 jeugdinspecteur | inspecteur van politie |
Keurt goed dat de eventueel niet ingevulde betrekkingen van inspecteur van politie (basiskader), die vacant zijn verklaard in het raam van de eerste mobiliteitscyclus van 2025, ten belope van het door de korpsleiding bepaalde aantal worden opengesteld via externe werving. Het openstellen van die betrekkingen kan over meerdere wervingsmomenten worden opgesplitst.
In zijn zitting van 21 juni 2021 delegeerde de gemeenteraad de bevoegdheid om de leden van het administratief en logistiek kader, van het kader van agenten van politie, van het basiskader en van het middenkader te benoemen en aan te werven, gedurende de vorige legislatuur, naar de burgemeester (gemeenteraadsbesluit 2021_GRMW_00767).
In bovenvermeld gemeenteraadsbesluit werd bepaald dat er driemaandelijks een rapportage aan de gemeenteraad zal plaatsvinden betreffende de ingevolge deze bevoegdheidsdelegatie getroffen benoemings- en aanwervingsbesluiten.
De rapportage over de periode september 2024 - december 2024 is in bijlage gevoegd en ligt ter kennisneming voor.
Neemt kennis van de bij dit besluit gevoegde rapportage 'Politiezone Gent - benoemingen en aanwervingen bij burgemeesterbesluit gedurende de periode september 2024 - december 2024'.
Er dient te worden vastgesteld dat snelheid meer en meer cruciaal is in de benoemings- en aanwervingsprocedure van de medewerkers van politiezone Gent.
Dit uiteraard in de eerste plaats om de uitstroom zo snel mogelijk te ondervangen. Om een goede en veilige uitvoering van alle operationele taken (bv. interventiewerking, wijkwerking) te garanderen, dient de getalsterkte van de zone immers op peil te worden gehouden en de instroom dus snel op de uitstroom te volgen.
Daarnaast is er echter ook een reëel risico dat de zone naast bepaalde kandidaten grijpt omdat deze, voorafgaand aan het treffen van het gemeenteraadsbesluit tot benoeming van de meest geschikte kandida(a)t(en), reeds aangewezen zijn in een ander politiekorps.
In 2013 werd in artikel 56 van de wet van 7 december 1998 tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus de mogelijkheid ingevoerd om de benoemings- en aanwervingsbevoegdheid te delegeren van de gemeenteraad naar de burgemeester. De memorie van toelichting stelt hieromtrent het volgende: “De bedoeling is een administratieve vereenvoudiging van de benoemings- en aanwervingsprocedure op het lokale niveau. Thans moet immers de gemeente- of politieraad alle personeelsleden benoemen of aanwerven, met uitzondering van de hogere officieren die door de Koning worden benoemd. Gelet op het gering aantal vergaderingen van de gemeente- of politieraad, impliceert dit dat de benoemingen of aanwervingen van personeelsleden soms nodeloos worden vertraagd, te meer gelet op het feit dat de benoeming of de aanwerving van personeelsleden door de gemeente- of politieraad vaak een louter formele bevestiging van het resultaat van de selectieprocedure inhoudt.”.
Voornoemde delegatie werd wel aan de volgende voorwaarden verbonden:
De gemeenteraad delegeerde gedurende de vorige legislatuur de bevoegdheid om de leden van het administratief en logistiek kader, van het kader van agenten van politie, van het basiskader en van het middenkader te benoemen en aan te werven naar de burgemeester (gemeenteraadsbesluit 2021_GRMW_00767 van 21 juni 2021).
Zoals tijdens de vorige legislatuur gebleken is, kan deze delegatie de instroom in de zone (aanzienlijk) versnellen. In het raam van de mobiliteit is het immers zo dat een nieuw aangeworven medewerker pas effectief in de zone kan instromen op de eerste dag van de tweede referentieperiode die volgt op de datum van de aanwijzing voor de betrekking. De tijdswinst van de delegatie in het raam van de mobiliteit kan concreet worden verduidelijkt aan de hand van de volgende voorbeelden:
Het is ter zake wel belangrijk om te benadrukken dat de beslissing om een betrekking al dan niet vacant te verklaren, tot de bevoegdheid van de gemeenteraad blijft behoren.
Bovendien zal er driemaandelijks, te weten in maart, juni, september en december, een rapportage aan de gemeenteraad plaatsvinden betreffende de ingevolge deze bevoegdheidsdelegatie getroffen benoemings- en aanwervingsbesluiten.
Keurt goed dat de bevoegdheid om de leden van het administratief en logistiek kader, van het kader van agenten van politie, van het basiskader en van het middenkader te benoemen en aan te werven, gedurende deze legislatuur, wordt gedelegeerd naar de burgemeester.
Nieuwe Gemeentewet, artikel 234 en 236
Wet inzake overheidsopdrachten van 17 juni 2016
Politiezone Antwerpen heeft in 2023 de raamovereenkomst PZA/2022/436 voor de aankoop van politiebroeken gesloten met de firma Belconfect. Via deze raamovereenkomst wordt een nieuw model politiebroek aangeboden dat beter aangepast is aan de huidige noden. Het gaat om een all seasonbroek die meer stretch bevat, voorzien is van extra zakken en de mogelijkheid om kniebescherming te dragen.
Omdat er al langer klachten waren over de huidige politiebroeken die worden aangekocht bij de Federale Politie werd in overleg met het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk beslist een draagtest te organiseren bij de Interventiedienst. Deze draagtest leidde tot een positief advies voor de aankoop van deze broeken.
De Politiezone Gent stelt voor om toe te treden tot de door Politiezone Antwerpen gesloten overeenkomst PZA/2022/436 met de firma Belconfect NV, Jacquetboslaan (D) 9, 7711 Dottenijs voor de aankoop van politiebroeken.
Volgende bepalingen zijn van toepassing op de raamovereenkomst:
Aanbestedende overheid: Politiezone Antwerpen
Duur van de overeenkomst: 18/07/2023 - 17/07/2027
Wijze van prijsbepaling: Prijslijst
Er wordt goedkeuring gevraagd om gedurende de periode van overeenkomst af te nemen op deze raamovereenkomst bij Belconfect NV, Jacquetboslaan (D) 9 , 7711 Dottenijs voor een totaal geraamd bedrag van 1.080.000 euro incl. 21 % btw.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Politiezone Gent |
| Budgetplaats | 33000UN/124-05 |
| Categorie* | E |
| Subsidiecode | nvt |
| 2025 | € 380.000 |
| 2026 | € 350.000 |
| 2027 | € 350.000 |
| Totaal | € 1.080.000 |
Keurt goed de toetreding tot de door Politiezone Antwerpen gesloten raamovereenkomst voor de aankoop van politiebroeken - Bestek PZA/2022/436.
Volgende bepalingen zijn van toepassing op de raamovereenkomst:
Aanbestedende overheid: Politiezone Antwerpen
Duur van de overeenkomst: 18/07/2023 - 17/07/2027
Wijze van prijsbepaling: Prijslijst
Nieuwe Gemeentewet, artikel 17
Wet van 17 juni 2016 inzake overheidsopdrachten, artikel 31.
Wet van 5 augustus 1992 op het politieambt, artikel 7/1, 1°.
Wet van 30 juli 2018 betreffende de bescherming van natuurlijke personen met betrekking tot de verwerking van persoonsgegevens, artikelen 63 en 65.
Ministeriële omzendbrief PLP 27 van 4 november 2002 inzake intensifiëring en bevordering van de interzonale samenwerking.
Conform artikel 37 e.v. GDPR en de artikelen 63 en 64 van de wet gegevensbescherming (WGB) is elke politiezone verplicht tot de aanduiding van een Data Protection Officer (DPO). De wetgeving voorziet eveneens in de mogelijkheid dat verschillende politiezones een beroep doen op eenzelfde DPO, op voorwaarde dat de DPO voldoende tijd en ruimte krijgt om op een onafhankelijke manier zijn taken te kunnen uitoefenen. Meer bepaald stelt artikel 144, 1ste lid van de wet tot organisatie van een geïntegreerde politiedienst, gestructureerd op twee niveaus (WGP) dat elke politiezone één of meerdere personeelsleden van de politie als functionaris voor gegevensbescherming moet aanwijzen.
In concreto betekent dit dat de uitoefening van de DPO-functie binnen de politiediensten enkel kan waargenomen worden door een personeelslid van de politiediensten, zijnde een lid of leden van het operationeel kader dan wel van het Calog-kader. Dit werd formeel bevestigd door het COC, de toezichthoudende autoriteit voor de politiediensten in het kader van het gegevensbeschermingsrecht. Het advies DD200018 van het COC stelt namelijk:
“Het is dus duidelijk dat, voor wat de GPI betreft, de DPO hetzij een lid van het operationeel kader, hetzij een lid van het CALOG-kader moet zijn. Het is niet toegestaan een functie van DPO over te laten aan een externe dienstverlener (genre consultant, private expert, enz …).”
De ratio legis zit vervat in het feit dat de politiediensten op grote schaal vertrouwelijke en gevoelige informatie verwerken en de DPO bij uitstek diegene is die conform de regels van het politioneel informatiebeheer (WPA), de GDPR, de wet gegevensbescherming en andere toepasselijke regelgeving (bv. cameraregelgeving) advies verleent en hierop toezicht houdt.
Dit doet de DPO door middel van advies en begeleiding (bv. advies aan de politiezone over gegevensbeschermingskwesties, beleid en procedures). Aangezien dit specifiek geënt is op de politionele praktijk(en), is enige kennis van het politielandschap, politionele processen en politioneel informatiebeheer noodzakelijk (bv. politioneel cameratoezicht, ANPR, bestuurlijke handhaving, procedure onrechtstreekse toegang, regelgeving omtrent politionele databanken, veiligheidsverificaties, politionele informatie-uitwisseling, (on)rechtmatige raadplegingen van politionele databanken, GAS4 en GAS5, maar ook regelgeving omtrent databank terrorisme, lokale integrale veiligheidscellen en casusoverleg, enz.).
De specifieke politionele gegevensverwerkingen zijn namelijk vaak gestoeld op specifieke politiewetgeving (bijvoorbeeld de wet op het politieambt, wet gegevensbeschermingswet, ministeriële omzendbrieven specifiek van toepassing op de politie, ...). Daarom beveelt het COC onder andere ook aan dat de DPO van de politie zelf rechtstreeks toegang heeft tot de ANG en andere relevante politionele databanken. Dit is echter alleen maar mogelijk wanneer de DPO een personeelslid is van de politiediensten en eveneens gedekt is onder het wettelijk bepaald beroepsgeheim conform artikel 458 van het strafwetboek en de toepasselijke deontologische regels met betrekking op het beroepsgeheim van toepassing op de politiediensten.
Vervolgens is het bijvoorbeeld bij de adviesverlening rond de opmaak van Data Protection Impact Assessments (DPIA) van belang dat de DPO kennis heeft van de politionele doelstellingen en politiepraktijken waarvoor (persoons)gegevens worden verwerkt. Het is immers van belang om in het licht daarvan een correct, gefundeerd en onderbouwd advies te kunnen uitbrengen en alle (politionele) noodzakelijke aanwezige elementen en toepasselijke regelgevingen in acht te kunnen nemen en een advies niet enkel op te bouwen in het licht van gegevensbescherming en informatieveiligheid, maar eveneens de noodzakelijke overwegingen en toepasselijke raakvlakken in het kader van het straf(proces)recht en politierecht onder de aandacht te brengen (bv. dataretentie bij strafonderzoeken, het geheim van het strafonderzoek, uitlezingen in het kader van telefonie-onderzoeken, informatie-uitwisseling met de bevoegde bestuurlijke overheden, informatie-uitwisseling met inlichtingen – en veiligheidsdiensten,…) .
Eén van de taken van de DPO is samenwerken met de toezichthoudende autoriteit inzake gegevensbescherming of nog fungeren als contactpunt ten aanzien van deze toezichthoudende overheid. Deze toezichthoudende autoriteit, specifiek bevoegd voor de politiediensten is het controleorgaan voor de politionele informatie (COC). Het COC is een collaterale instelling van het federale parlement. Het heeft een brede controle – en toezichtbevoegdheid over de politiediensten en deze bevoegdheid heeft betrekking op alles wat te maken heeft met de informatiehuishouding door en voor de politie. Bijgevolg past het binnen de specifieke taakstelling van de DPO bij de politie om met deze specifieke toezichthouder, bevoegd voor de politiediensten, te kunnen samenwerken. Het recht op gegevensbescherming en de specifieke taakstellingen van een lokale politiezone, waarbij de lokale politie bij uitstek een gegevensverwerkende organisatie is, kan immers in bepaalde gevallen een spanningsveld opleveren.
Gelet op de complexiteit en specificiteit van deze materie in combinatie met de politionele taken, wenst Politiezone Gent een interzonale samenwerkingsovereenkomst af te sluiten met Politiezone Antwerpen. Een dergelijke samenwerking moet zorgen voor een structurele, betrouwbare en voldoende gespecialiseerde DPO-werking binnen Politiezone Gent en beantwoorden aan alle noden en vereisten inzake de bescherming van persoonsgegevens en dit in een optimale samenwerking met de sleutelfiguren in de meeste relevante diensten van het korps.
Het COC bevestigt de mogelijkheid om de taken van de DPO door meer dan één persoon te laten vervullen (bv. in functie van de grootte van de politiedienst). Op deze manier krijgt een DPO die werkt voor de politiediensten de mogelijkheid om specifieke expertise op te bouwen. Het Data Protection Office van Politiezone Antwerpen is zo georganiseerd dat elke DPO een bepaalde expertise binnen een bepaald domein met betrekking tot gegevensbescherming, specifiek geënt op de politie heeft. Op deze manier krijgt elke DPO van het Data Protection Office de kans om nieuwe ontwikkelingen op het vlak van gegevensbescherming en de aanverwante thema’s met betrekking tot politie op te volgen en in dat kader de nodige expertise op te bouwen en zich hierin verder te verdiepen, door bijvoorbeeld specifieke opleidingen te volgen en om de korpschefs van de politiezones bij te staan in de moeilijke en steeds evoluerende materie inzake gegevensbescherming en informatieveiligheid voor de politiediensten. De DPO’s van het Data Protection Office proberen in hun adviesverlening op deze manier breder te kijken dan alleen het gegevensbeschermingsrecht, maar benaderen in hun adviezen ook de visies vanuit het straf(proces)recht, politierecht, tuchtrecht, camerawetgeving, bestuurlijke handhaving,….
Aangezien de politie op korte tijd razendsnel evolueert op digitaal en technologisch vlak, is specifieke expertise in dit domein eveneens van groot belang. Zo werd er in het verleden expertise opgebouwd omtrent (politioneel) cameratoezicht en nieuwe, innovatieve politionele technologieën (bv. drones, bodycams, ANPR,…), politioneel informatiebeheer – en bevoegdheden (bv. politionele gegevensbanken,…), gegevensverwerkingen in het kader van niet-politionele aangelegenheden (vb. verwerking van persoonsgegevens aangaande personeelsaangelegenheden, niet-politionele communicatie).
De DPO van Politiezone Antwerpen verleent specifiek advies op maat van de politiezone. Gelet op de diverse expertises binnen het Data Protection Office van Politiezone Antwerpen worden, afhankelijk van de inhoud, vragen, dossiers of projecten toegewezen aan de DPO die over de vereiste expertise beschikt. Zo zal een cameraproject bijvoorbeeld worden toegewezen aan de camerajurist of de opmaak van een DPIA met betrekking tot de uitlezing van telefoniegegevens in het kader strafrechtelijke onderzoeken aan de jurist met de expertise inzake strafrecht/politierecht of nog de opmaak van een privacyverklaring voor het personeel aan de specialist DPO met de benodigde expertise m.b.t. communicatie/sensibilisering inzake de materie. Dit gebeurt concreet door de organisatie van wekelijkse teamoverlegmomenten intern het Data Protection Office waarbij binnen de dienst de zone-overschrijdende of interzonale dossiers worden overlopen, overlegd en besproken en er aan kennnisdeling wordt gedaan. Deze werking fungeert m.a.w. tweeërlei: elke aangesloten politiezone heeft een rechtstreeks aanspreekpunt (specialist DPO) die zorgt voor het overzicht van de te vervullen verplichtingen in het kader van het gegevensbeschermingsrecht binnen en op maat van de politiezone en kan tevens een beroep doen op de aanwezige benodigde expertise binnen het Data Protection Office van Politiezone Antwerpen. Door deze manier van werken blijft het kennispeil en de continuïteit van werken gegarandeerd.
Aansluiten op het Data Protection Office van Politiezone Antwerpen is de meest robuuste oplossing om te voldoen aan alle regels en eisen, om bescherming van persoonsgegevens en van de privacy van de inwoners van Gent goed te waarborgen en om snelle en goede adviezen te geven aan de diensten binnen Politiezone Gent.
Deze nieuwe interzonale samenwerkingsovereenkomst wordt aangegaan voor een termijn van drie jaar en kan nog eens voor een periode van drie jaar worden verlengd onder gelijkblijvende voorwaarden. De overeenkomst kan in werking treden op 1 februari 2025 en zal periodiek, doch minstens éénmaal per jaar worden geëvalueerd. De jaarlijkse kostprijs voor deze interzonale samenwerkingsovereenkomst bedraagt 200.000 euro en wordt vanaf 1 januari 2026 jaarlijks geïndexeerd.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | Politiezone Gent |
||
| Budgetplaats | 33000PO |
||
| Categorie* | 123-06 |
||
| Subsidiecode | |||
| 2025 | 200.000 EUR |
||
| 2026 | 205.000 EUR |
||
| 2027 | 210.125 EUR |
||
| 2028 | |||
| 2029 | |||
| 2030 | |||
| 2031 | |||
| Later | |||
| Totaal |
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | |||
| Budgetplaats | |||
| Categorie* | |||
| Subsidiecode | |||
| 2020 | |||
| 2021 | |||
| 2022 | |||
| 2023 | |||
| 2024 | |||
| 2025 | |||
| Later | |||
| Totaal |
Keurt goed de interzonale samenwerkingsovereenkomst Data Protection Office tussen Politiezone Antwerpen en Politiezone Gent. De overeenkomst wordt gevoegd bij dit besluit en maakt er integraal deel van uit.
Frank Vermassen namens Universitair Ziekenhuis Gent OI diende een omgevingsvergunningsaanvraag in voor gronden gelegen aan Corneel Heymanslaan 10 kadastraal gekend als afdeling 8 sectie H nrs. 498P3, 498N3, 498Y3, 498T3, 498V3, 498X3, 498W3, 498S3, 498C4, 498X2, 535B en 747A.
De aanvraag heeft betrekking op een Vlaams project, met name een project met aanpassingen aan de tramhalte, om die reden is de Vlaamse overheid de vergunningverlenende overheid.
Deze aanvraag werd op 15/05/2024 ingediend bij de Vlaamse overheid. Op 8/10/2024 werd aan het college van burgemeester en schepenen gevraagd een openbaar onderzoek te organiseren en de aanvraag voor te leggen aan de gemeenteraad. Er werd ook gevraagd advies uit te brengen.
Beschrijving aanvraag:
De bouwplaats betreft de campus van UZ Gent. Deze zorgcampus bevindt zich ten zuiden van de kernstad, geflankeerd door de woonwijken van Steenakker en Ottergemsesteenweg en aan de zuidzijde afgesloten door de infrastructuurbundel E17-B401.
Het UZ Gent gaat komende jaren samen met de UGent zijn ziekenhuiscampus reorganiseren en transformeren, met als belangrijkste projecten de realisatie van een gecentraliseerde nieuwbouw van ca. 75.000 m² (bovengrondse m²), een nieuw bovengronds parkeergebouw, de optimalisatie van de mobiliteit en de aanpak van de buitenruimtes. UZ Gent/UGent startte hiervoor met de opmaak van een masterplan waarvan op 6 mei 2021 akte werd genomen door het college van burgemeester en schepenen.
Voorliggende aanvraag omvat de buitenaanleg rondom de recent vergunde projecten op de campus en omvat de volgende handelingen:
In OMV_ 2022078928 werd op 25/04/2022 de verplaatsing van de voormalige buurtweg (Chemin n°84) vergund en werd – na goedkeuring door de gemeenteraad - een nieuwe rooilijn vastgesteld die de campus doorsnijdt in oost-westelijke richting. Het vergunde tracé situeert zich aan de noordzijde van de centrale gebouwen en sluit aan bij de route vanuit de Ottergemse Dries – via het Frédéric Thomaspad – naar Steenakker. Het vergunde tracé verliep over bestaande verharding en hield geen overdracht van eigendom in.
Voorliggende aanvraag is erop gericht om de rooilijn van het vergunde tracé te verbreden en ter hoogte van de beschermde kapel aan de oostzijde van de campus een tracéwijziging door te voeren. Ook deze gewijzigde wegzate blijft in eigendom van UZ Gent en wordt niet overgedragen naar het openbaar domein. Daarnaast wordt de materialisatie van deze nieuwe gemeenteweg verder uitgewerkt. De verharding is waterdoorlatend of kan rechtstreeks infiltreren in naastgelegen groenzones.
Er werd een rooilijnplan toegevoegd aan het dossier voor de aanpassing van deze buurtweg.
De verplaatsing houdt geen overdracht van eigendom in. Ook het aangepaste tracé blijft in eigendom van UZ Gent.
Procedure:
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 16 oktober 2024 tot 14 november 2024.
Resultaat : geen bezwaren
Het college van burgemeester en schepenen heeft voor deze aanvraag een voorwaardelijk gunstig advies verleend aan de Gewestelijke Omgevingscommissie op 28/11/2024.
Aangezien de aanvraag wegenwerken omvat waarvoor de gemeenteraad beslissingsbevoegdheid heeft, neemt de gemeenteraad daarover een besluit.
De gemeenteraad neemt daarbij kennis van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek.
In uitvoering van artikel 12 van het decreet over de gemeentewegen keurt de gemeenteraad een rooilijnplan goed. In uitvoering van artikel 31 van het decreet betreffende de Omgevingsvergunning neemt de gemeenteraad een beslissing over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg alvorens de bevoegde overheid een beslissing neemt over de vergunningsaanvraag. De gemeenteraad neemt daarbij kennis van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek. De gemeenteraad spreekt zich ook uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein.
De gemeenteraad is van oordeel dat het voorstel van wegaanleg kan goedgekeurd worden om volgende redenen:
De aanpassingen aan het tracé van deze nieuwe gemeenteweg zoals vergund in OMV_ 2022078928 blijven beperkt. Het gaat over het aanpassen van de hoek ter hoogte van de beschermde kapel op de campus. Verder wordt het tracé verbreed in functie van de concrete aanleg van deze gemeenteweg als fiets- en voetpad. Die grotere breedte komt de veiligheid voor fietsers en voetgangers die deze doorsteek zullen gebruiken, ten goede.
De gemeenteweg garandeert een permanente doorwaadbaarheid tussen Steenakker en Corneel Heymanslaan/Frédéric Thomaspad. Het tracé van deze gemeenteweg moet duidelijk afleesbaar worden gemaakt op het terrein. De nieuwe gemeenteweg blijft net als de hier historisch aanwezige ‘chemin’ in eigendom van UZ en wordt niet overgedragen naar het openbaar domein van de Stad.
De voorgestelde werken voldoen dus aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit. Er wordt voldaan aan de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
De aanleg van het openbaar domein zal nog verder worden verfijnd. Als bijzondere voorwaarden worden al een aantal opmerkingen over het openbaar domein opgenomen die daarbij moeten worden verwerkt, zie artikel 2 van dit besluit.Keurt het rooilijnplan, zoals opgenomen in bijlage, goed.
keurt de ligging, breedte en uitrusting van de gemeentewegen, zoals ontworpen in de omgevingsvergunningsaanvraag, gelegen Corneel Heymanslaan 10 en kadastraal gekend als afdeling 8 sectie H nrs. 498P3, 498N3, 498Y3, 498T3, 498V3, 498X3, 498W3, 498S3, 498C4, 498X2, 535B en 747A, goed mits voldaan wordt aan volgende voorwaarden:
Peter Van Caeter namens Farys OPDRAVER en Stijn Bernaerdt namens Gent diende een omgevingsvergunningsaanvraag in voor gronden gelegen aan Aan de Bocht -, Belvédèreweg en Nekkersberglaan kadastraal gekend als afdeling 9 sectie I nrs. 69S en 69X en op openbaar domein.
Deze aanvraag werd op 13/06/2024 ingediend bij het college van burgemeester en schepenen. Op 24/09/2024 werd het dossier volledig en ontvankelijk verklaard.
Beschrijving aanvraag:
Voorliggende aanvraag betreft het wijzigen en uitbreiden van een bestaande gemeenteweg. Er bevindt zich een buurtparking langsheen de Nekkersberglaan. In de bestaande toestand bevindt die zich op privaat domein van de Stad Gent. In de nieuwe toestand zal de nieuwe buurtparking opgenomen worden in het openbaar domein. Het gaat om de aanleg van een buurtparking met infiltratiegrachten en de hierbij aansluitende aanpassing van het voetpad aan de Nekkersberglaan, beide toe te voegen aan het openbaar domein.
In de bestaande toestand is de buurtparking parallel aan de Nekkersberglaan aangelegd. De nieuwe parking wordt gedraaid en loodrecht voorzien op de Nekkersberglaan. De breedte van de buurtparking is ca. 43m en de diepte is ca. 41m. De parking heeft twee opritten met telkens een breedte van ca. 6,6m. vanaf elke oprit bevinden zich 2 parkeerstroken met parkeerplaatsen haaks op de inrijstrook. In totaal worden 55 parkeerplaatsen voorzien, waarvan 2 parkeerplaatsen voor mindervaliden. Een enkele parkeerplaats meet 2,3m op 5,0m. De manoeuvreerruimte en inrijstrook heeft een breedte van 6,5m. De parkeerplaatsen worden aangelegd in kasseiverharding met groene voeg, de inrijstrook wordt uitgevoerd in betonstraatsteen met verbrede voeg. Op het parkeerterrein zelf worden 6 bomen aangeplant. Achter de parkeerplaatsen wordt ook een verdiepte zone aangelegd dat dienst zal doen als infiltratiegracht.
De overige verharding- en rioleringswerken aan de Belvedereweg, Nekkersberglaan en Aan De Bocht worden heraangelegd binnen de bestaande rooilijn. Deze werken zijn vrij van omgevingsvergunning en dus geen voorwerp van voorliggend besluit.
Verhardingsbalans
Hieronder de verhardingsbalans van het totaalproject (inclusief riolerings- en verhardingswerken die niet vergunningsplichtig zijn.)
| Bestaande toestand | Ontworpen toestand |
Verharding | 16.631m² | 11.801m² |
Halfverharding | 0m² | 1.571m² |
Groen/onverhard | 8.626m² | 11.884m² |
Totaal | 25.257m² | 25.257m² |
Parkeersbalans
In het totale projectgebied bevinden zich in de bestaande toestand 176 parkeerplaatsen. Na de werken zullen nog 128 parkeerplaatsen zijn.
Bovenstaande parkeerbalans en verhardingsbalans gaan over het totaalproject waarbij de straten worden heraangelegd en de buurtparking wordt heringericht.
Procedure:
Het openbaar onderzoek werd gehouden van 2 oktober 2024 tot 31 oktober 2024.
Resultaat : 1 digitaal en 1 schriftelijk bezwaar
De gemeentelijk omgevingsambtenaar heeft deze aanvraag geadviseerd. Het advies van de omgevingsambtenaar is aan dit besluit toegevoegd. Dit verslag bevat eveneens een samenvatting en bespreking van de bezwaren.
In uitvoering van artikel 12 van het decreet over de gemeentewegen keurt de gemeenteraad een rooilijnplan goed. In uitvoering van artikel 31 van het decreet betreffende de Omgevingsvergunning neemt de gemeenteraad een beslissing over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg alvorens de bevoegde overheid een beslissing neemt over de vergunningsaanvraag. De gemeenteraad neemt daarbij kennis van de standpunten, opmerkingen en bezwaren die zijn ingediend tijdens het openbaar onderzoek. De gemeenteraad spreekt zich ook uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein.
Het vergunningverlenend bestuursorgaan is van oordeel dat een vergunning kan verleend worden op basis van het advies van de omgevingsambtenaar.
De gemeenteraad is van oordeel dat het voorstel van wegaanleg kan goedgekeurd worden om volgende redenen:
In functie van het optimaliseren van de parkeerbalans wordt de parking tussen de residentie Elektra en de Residentie Borluut heraangelegd. De nieuwe rooilijnen nemen de buurtparking, nu gelegen op privaat domein van de Stad Gent, op in het openbaar domein van de Nekkersberglaan, een logische keuze. De nieuwe rooilijn sluit aan op de bestaande feitelijke rooilijnen van die openbare weg.
In de voorliggende aanvraag wordt de bestaande buurtparking heraangelegd. In tegenstelling tot de bestaande ondoorlatende verharding, voorziet het nieuwe ontwerp waterdoorlatende verharding, met name een kasseiverharding met groene voeg. Op de nieuwe parking zullen ook 6 nieuwe bomen worden aangeplant. Door het materiaalgebruik en de aanplant van 6 bomen, zal de parking vergroend worden. Er worden ook infiltratiegrachten aangelegd. Dit komt de biodiversiteit, groenbeleving en hemelwaterhuishouding ten goede.
Door het voorzien van een helling vanaf de rijbaan naar de opritten van de buurtparking wordt het gemotoriseerd verkeer vertraagd. De voetgangers blijven wel op hetzelfde niveau en hebben dus voorrang. Deze aanleg is positief voor de verkeersveiligheid van de zachte weggebruikers.
De nieuwe buurtparking zal zorgen voor vergroening in de straat en voor een betere hemelwaterhuishouding.
In het dossier (net als in andere recente wegendossiers) maakt de Stad uitdrukkelijk beleidsmatige keuzes waarbij een daling van het aantal parkeerplaatsen onvermijdelijk is.
Bij het ontwerp stonden volgende principes voorop:
Het is onmogelijk om ruimte te maken voor deze nieuw beleidsdoelstellingen zonder te raken aan de bestaande parkeerplaatsen die veel ruimte innemen binnen het bestaande wegennet. Los van dit nieuw beleid werd bewust gekozen om nog steeds een voldoende ruim en in de toekomst mogelijks overgedimensioneerd parkeeraanbod aan te bieden op het openbaar domein (de parkeerhavens aan woontorens Belvedère en Borluut blijven behouden, dit betreft een 100-tal parkeerplekken). De parkeerbalans wordt dus finaal positief beoordeeld.
De voorgestelde werken voldoen dus aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit. Er wordt voldaan aan de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Keurt het rooilijnplan zoals opgenomen in bijlage, goed.
keurt de ligging, breedte en uitrusting van de gemeentewegen, zoals ontworpen in de omgevingsvergunningsaanvraag, gelegen Aan de Bocht -, Belvédèreweg en Nekkersberglaan en kadastraal gekend als afdeling 9 sectie I nrs. 69S en 69X en op openbaar domein, goed.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 2.
Op 20/12/2021 keurde de gemeenteraad de samenwerkingsovereenkomst goed tussen Stad Gent, OCMW Gent en WoninGent mbt het sociaal woonproject Meulestede 'New Orleansstraat'. Met deze overeenkomst werd de goedkeuring verleend voor de realisatie van sociale assistentiewoningen en een ontmoetingsruimte.
Stad Gent is eigenaar van twee percelen grond langsheen de New-Orleansstraat en aan de hoek van de New-Orleansstraat en de Glasgowstraat.
Het OCMW is ook eigenaar van een perceel grond te 9000 Gent, gelegen aan de New-Orleansstraat.
Het OCMW en de Stad sloten voor een deel van een perceel in eigendom van de Stad op 22 mei 2018 een onderhandse opstalovereenkomst opdat het OCMW er assistentiewoningen kon bouwen. Deze assistentiewoningen zijn intussen gerealiseerd.
Op vraag van het OCMW en Stad Gent wenst WoninGent op een deel van een perceel van de Stad en op een deel van een perceel van het OCMW een gebouw te realiseren met ca 20 sociale assistentiewoningen (SAW) met gemeenschappelijke leefruimte/ontmoetingsruimte en ca 4-5 sociale huurwoningen voor grote gezinnen, parkeerplaatsen en achterliggende tuinen. Thuispunt Gent zal het sociaal woonproject oprichten en de sociale assistentiewoningen en sociale woningen voor grote gezinnen verhuren.
Rondom het sociaal woonproject komt er publieke ruimte: een groenzone met fietspad, een voorstrook en een aantal parkeerplaatsen. Hiervoor werd ook een samenwerkingsovereenkomst goedgekeurd door de gemeenteraad op 25/03/2024.
Deze opdracht behelst volgende werken:
Het aanleggen van het openbaar domein rondom het nieuwe woongebouw van Thuispunt Gent, gelegen aan de New-Orleansstraat, tussen de Goedendagstraat en de Glasgowstraat.
De infrastructuurwerken behelzen de aanleg van nieuwe riolering, een buurtparking, een groenstrook met een zachte as tussen de Goedendagstraat en de Glasgowstraat achter het nieuwe gebouw en een brandweerweg aan de voorkant van het gebouw.
De subsidiepercentages die de VMSW te haren laste kan nemen worden bepaald door:
- Het uitvoeringsbesluit Vlaamse Codex Wonen (VCW), boek 5, titel 3, artikels 5.56 tot en met 5.70
- Het ministerieel besluit (MB) houdende de uitvoering van diverse besluiten met betrekking tot het woonbeleid Wonen van 27 mei 2014
Bovenstaande is onder voorbehoud van toekomstige wijzigingen in de regelgeving.
Het niet-subsidiabele deel van de werken wordt ten laste genomen door:
- De stad Gent als het gaat over de (her)aanleg van het openbaar domein
- Farys als het gaat over de (her)aanleg van de openbare riolering
- Thuispunt Gent als het gaat over de (her)aanleg van privaat domein
Thuispunt Gent, Farys en Stad Gent worden geacht partners binnen deze samenwerkingsovereenkomst te zijn, waardoor rechten en verplichtingen zullen gelden, behoudens indien in een latere fase zou blijken dat één of meerdere van hen geen aandeel in de werken zouden hebben, dan wordt die respectievelijke partij/partijen geacht louter mede inzake te zijn.
Middels bijgevoegde te beslissen bijakte worden de subsidiepercentages vastgelegd op basis van het goedgekeurd voorontwerp na de plenaire vergadering met VMSW. De subsidiebedragen worden definitief op basis van het aanbestedingsdossier. De start van de bouwwerken is voorzien in de loop van het jaar 2026 aangezien Thuispunt Gent eerst een verkavelingsvergunning moet aanvragen.
Keurt goed de bijakte bij de samenwerkingsovereenkomst betreffende de aanleg van wegen-, riolerings- en omgevingswerken op de wijk ‘Meulestede - sociale assistentiewoningen' te Gent - met De Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen, met maatschappelijke zetel te 1000 Brussel, Havenlaan 88 bus 94, zoals gevoegd in bijlage.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 40, § 1.
Het Klooster van Nieuwenbos is wettelijk beschermd als monument.
De eigenaar, vzw Scholengroep van het Katholiek Onderwijs, Tentoonstellingslaan 2 te 9000 Gent, heeft met als doel de uitvoering van restauratiewerken aan de tuinmuur zijde Bleekweide en zijde Nederschelde een dossier ingediend voor een premie van de Vlaamse overheid en de Stad Gent. De aanvraag voor het verkrijgen van een restauratiepremie werd door de Vlaamse overheid, Agentschap Onroerend Erfgoed, inhoudelijk onderzocht en ontvankelijk verklaard. Het totale bedrag van de geraamde premiegerechtigde werken bedraagt 110.657,32 euro.
Conform artikel 15 van het Besluit van de Vlaamse regering van 14 december 2001 houdende vaststelling van het premiestelsel voor restauratiewerkzaamheden aan beschermde monumenten wordt de verdeling van de kosten van de uit te voeren werken als volgt bepaald:
- De Vlaamse overheid: 32,5 %
- De Stad Gent: 7,5 %
- De premienemer: 60 %
Het aandeel van de Vlaamse Overheid en de Stad Gent wordt nog vermeerderd met 10% algemene kosten.
Het totale bedrag van het stadsaandeel voor de werken bedraagt 9.129,23 euro.
Het Agentschap Onroerend Erfgoed informeert de Stad Gent over de definitieve vaststelling van de premie, zodat deze kan worden vastgelegd.
| Dienst* | Stadsarcheologie en Monumentenzorg |
| Budgetplaats | 3414600VO |
| Categorie* | I.subs. |
| Subsidiecode | Niet_Relevant |
| 2025 | 9.129,23 |
| Totaal | 9.129,23 |
Keurt goed de vaststelling van het stadsaandeel van 9.129,23 euro, verschuldigd door de Stad Gent aan de vzw Scholengroep van het Katholiek Onderwijs, Tentoonstellingslaan 2 te 9000 Gent voor de uitvoering van restauratiewerken aan de tuinmuur van het als wettelijk monument beschermd gebouw Klooster van Nieuwenbos.
Zone Voorhaven heerst al jaren een onduidelijke en onlogische plaatsnaamgeving. De vraag tot (her)benoeming en (gedeeltelijke) opheffing van straatnamen is al herhaaldelijk gesteld.
De groenzone tussen loods 20 en 22 heeft nog geen officiële naam. Bij de lokale bevolking is deze groenzone, ingesloten door de Dublinstraat, wel al bekend als Voorhavenpark.
Voor een efficiënte werking van bijvoorbeeld de hulp- en veiligheidsdiensten is het noodzakelijk dat een nieuw park en nieuwe wegen een naam krijgen.
Volgens artikel 1 van het Decreet van 28 januari 1977 tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen is alleen de gemeenteraad bevoegd om namen van openbare wegen en pleinen vast te stellen.
Daarom wordt voor de groenzone tussen loods 20 en 22 de naam ‘Voorhavenpark’ voorgesteld.
In de Dublinstraat is het erg lastig om een adres te vinden. Bovendien wordt het wegsegment Dublinstraat tussen de groenzone en loods 22 momenteel in 2 delen gesplitst door een ketting. Deze splitsing zal in de toekomst ook blijven.
Bijgevolg wordt de naam ‘Voorhavenpark’ ook voorgesteld voor de gedeeltelijke straatnaamwijziging van Dublinstraat voor het straatdeel vanaf loods 20 tot aan de kettingsplitsing tussen de groenzone en loods 22. Dat maakt het eenvoudiger voor de hulpdiensten bij noodsituaties. Momenteel is er op het te herbenoemen segment Dublinstraat nog geen adressering, dus zijn er geen geïmpacteerden. Als betreffend segment Dublinstraat en de groenzone als 1 geheel worden (her)benoemd als Voorhavenpark, vermijden we een ‘teveel’ aan plaatsnamen en straatnaamborden.
Zone voorhaven en Voorhavenpark zijn er (te) veel straatnaamborden waardoor het niet meer overzichtelijk is. In het officiële Voorhavenpark bevinden zich twee wegsegmenten die benoemd zijn als Bombaystraat en Liverpoolstraat. Betreffende wegsegmenten functioneren voornamelijk als parkpaden.
Voor deze 2 wegsegmenten wordt de opheffing van betreffende straatnamen voorgesteld. Dit betreft dus de opheffing van de straatnaam Bombaystraat voor de volledige weg en de gedeeltelijke opheffing van de straatnaam Liverpoolstraat voor het wegsegment gelegen in het Voorhavenpark. Aangezien er op betreffend wegsegment Liverpoolstraat geen adressering is, zijn er geen geïmpacteerden. Het straatdeel Liverpoolstraat gelegen tussen Londenstraat en Meulesteedsesteenweg heeft wel adressering en behoudt de naam Liverpoolstraat. Op de Bombaystraat is er één adressering maar betrokkenen stemmen in met adreswijziging.
Over deze plaatsnaamgevingen zal het advies van de Cultuurraad worden ingewonnen.
Conform het Decreet tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen van 28 januari 1977, zal na de principiële vaststelling door de gemeenteraad een openbaar onderzoek worden georganiseerd.Stelt de naam ‘Voorhavenpark’ principieel vast voor de groenzone tussen loods 20 en 22 gelegen zone Voorhaven te Gent, zoals aangeduid met groene arcering op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Stelt de naam ‘Voorhavenpark’ principieel vast voor de gedeeltelijke straatnaamwijziging van Dublinstraat voor het straatdeel vanaf loods 20 tot aan de kettingsplitsing tussen de groenzone en loods 22 gelegen zone Voorhaven te Gent, zoals aangeduid met groene arcering op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Keurt goed de principiële vaststelling van de opheffing van de straatnaam Bombaystraat voor de volledige weg gelegen in het Voorhavenpark te Gent, zoals aangeduid met blauwe kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Keurt goed de principiële vaststelling van de gedeeltelijke opheffing van de straatnaam Liverpoolstraat voor het wegsegment gelegen in het Voorhavenpark te Gent, zoals aangeduid met rode kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
De gemeenteraad stelde op 21 oktober 2024 de naam 'Kikvorsstraat' principieel vast voor de gedeeltelijke straatnaamwijziging van Edelsteenstraat voor het straatdeel vanaf het kruispunt Edelsteenstraat, Berkhoutsheide, Kikvorsstraat tot aan de nieuwe inrit parking en ingangen gebouw Windekind te Gent.
Conform het Decreet tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen van 28 januari 1977, werd na de principiële vaststelling door de gemeenteraad een openbaar onderzoek georganiseerd.
Tijdens het openbaar onderzoek, dat werd gehouden van maandag 04/11/2024 tot vrijdag 06/12/2024, werden geen bezwaren ingediend. Er kan bijgevolg worden overgegaan tot de definitieve vaststelling van de naam.
De Cultuurraad werd op 23/10/2024 op de hoogte gebracht van de organisatie van het openbaar onderzoek en bracht binnen de gestelde termijn gunstig advies uit.
Stelt de naam ‘Kikvorsstraat' definitief vast voor de gedeeltelijke straatnaamwijziging van Edelsteenstraat voor het straatdeel vanaf het kruispunt Edelsteenstraat, Berkhoutsheide, Kikvorsstraat tot aan de nieuwe inrit parking en ingangen gebouw Windekind te Gent, zoals aangeduid met rode kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
De Deputatie heeft op 17 november 2022 een omgevingsvergunning verleend onder voorwaarden voor ruilverkaveling Schelde – Leie. Deze omgevingsvergunning voorziet ondermeer in de aanleg van een nieuw fiets- en wandelpad tussen Kortrijksesteenweg en Putstraat te Gent.
Voor een efficiënte werking van bijvoorbeeld de hulp- en veiligheidsdiensten is het noodzakelijk dat dit nieuwe pad een naam krijgt.
Volgens artikel 1 van het Decreet van 28 januari 1977 tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen is alleen de gemeenteraad bevoegd om namen van openbare wegen en pleinen vast te stellen.
Er werd beslist geen burgerparticipatie toe te passen.
Het Archief Gent vond voor deze locatie twee bruikbare toponiemen: Sequoia en Puttenhove. Aangezien er slechts één nieuwe naam nodig is, wordt de naam ‘Sequoiapad’ voorgesteld. In de archeologienota over de aanleg van betreffend fietspad staat dat dit pad door het beschermd cultuurhistorisch landschap en ankerplaats: de kastelensite van Zwijnaarde loopt (bron: https://loket.onroerenderfgoed.be/archeologie/notas/notas/13182). Het landschap wordt gekenmerkt door een ensemble van kastelen (waaronder het kasteel Puttenhove), die onderling visueel met elkaar verbonden zijn via vergezichten en kasteeldreven. Van de relatief hoge grondwaterstand werd gebruik gemaakt om omgrachtingen, vijvers en waterpartijen aan te leggen. Het fietspad loopt langs het kasteel Puttenhove, in archiefstukken reeds vermeld in de 15de eeuw en beschermd als monument, en langs het neerhof van het kasteel dat opgenomen is in de inventaris van bouwkundig erfgoed. Het Kasteeldomein wordt ruim beschreven in de inventaris van het onroerend erfgoed (bronnen: https://inventaris.onroerenderfgoed.be/aanduidingsobjecten/9813 & https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/26894). Er wordt ook verwezen naar de 19de-eeuwse parkaanleg naar Engels model met onder meer talrijke exotische bomen (onder meer een sequoia, door Em. Soenens meegebracht uit Amerika). Deze specifieke boom op domein Puttenhove wordt ook beschreven op een speciale website over monumentale bomen wereldwijd (bron: https://www.monumentaltrees.com/en/bel/eastflanders/ghent/10_domeinputtenhove/).
Over deze plaatsnaamgeving zal het advies van de Cultuurraad worden ingewonnen.
Conform het Decreet tot bescherming van de namen van openbare wegen en pleinen van 28 januari 1977, zal na de principiële vaststelling door de gemeenteraad een openbaar onderzoek worden georganiseerd.
Stelt de naam ‘Sequoiapad' principieel vast voor het nieuwe fiets- en wandelpad tussen Kortrijksesteenweg en Putstraat te Gent, zoals aangeduid met rode kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Binnen het project Wonderwoud te Oostakker werden eerder al twee centrale paden benoemd. Vanuit de brandweer wordt gevraagd om de aftakking van de Drieselstraat te herbenoemen in functie van een efficiënte werking van de hulp- en veiligheidsdiensten.
Volgens artikel 1 van het Decreet van 28 januari 1977 tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen is alleen de gemeenteraad bevoegd om namen van openbare wegen en pleinen vast te stellen.
Binnen het project Wonderwoud werd in een eerder plaatsnaamgevinsgsdossier een burgerparticipatietraject georganiseerd waarbij burgers konden stemmen op verschillende suggesties. ‘Fuutpad’ en ‘Oeverzwaluwpad’ werden reeds definitief vastgesteld voor andere paden. De eerstvolgende meest gestemde naam was 'Visdiefpad'. Als de bevolking mag participeren in de keuze van een plaatsnaam is het niet meer dan logisch en democratisch dat de keuze van de bevolking wordt gerespecteerd.
Bijgevolg wordt de naam 'Visdiefpad' voorgesteld voor de gedeeltelijke straatnaamwijziging van de aftakking 'Drieselstraat' te Oostakker.
Aangezien er op dit straatdeel geen adressering is, betreft het een gedeeltelijke straatnaamwijziging zonder geïmpacteerden.
Over deze plaatsnaamgeving zal het advies van de Cultuurraad worden ingewonnen.
Conform het Decreet tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen van 28 januari 1977, zal na de principiële vaststelling door de gemeenteraad een openbaar onderzoek worden georganiseerd.
Stelt de naam 'Visdiefpad' principieel vast voor de gedeeltelijke straatnaamwijziging van de aftakking Drieselstraat binnen het project Wonderwoud te Oostakker, zoals aangeduid met rode kleur op bijgevoegd situatieplan, plan bestaande toestand en plan nieuwe toestand.
De gemeenteraad stelde op 21 oktober 2024 de namen 'Nina de Ruickstraat', 'Elisabeth Demoliestraat', 'Gilberte Boydensstraat' en 'Suzanne Van Meursstraat' principieel vast voor de nieuwe wegen binnen de verkaveling gelegen aan Meerhoutstraat te Oostakker .
Conform het Decreet tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen van 28 januari 1977, werd na de principiële vaststelling door de gemeenteraad een openbaar onderzoek georganiseerd.
Tijdens het openbaar onderzoek, dat werd gehouden van 4 november 2024 tot 6 december 2024, werden geen bezwaren ingediend. Er kan bijgevolg worden overgegaan tot de definitieve vaststelling van de namen.
Op het straatnaambord 'Nina de Ruickstraat' kan volgend onderschrift worden aangebracht: ‘Gentse verzetsstrijdster, °1927 - +2000’.
Op het straatnaambord 'Elisabeth Demoliestraat' kan volgend onderschrift worden aangebracht: ‘Gentse verzetsstrijdster, °1917 - +1944'.
Op het straatnaambord 'Gilberte Boydensstraat' kan volgend onderschrift worden aangebracht: 'Gentse verzetsstrijdster, °1892 - +1983'.
Op het straatnaambord 'Suzanne Van Meursstraat' kan volgend onderschrift worden aangebracht: 'Gentse verzetsstrijdster, °1920 - +2014'.
De Cultuurraad werd op 23 oktober 2024 op de hoogte gebracht van de organisatie van het openbaar onderzoek en bracht binnen de gestelde termijn gunstig advies uit.
Stelt de naam ‘Nina de Ruickstraat' definitief vast voor het 1ste wegsegment binnen de verkaveling gelegen Meerhoutstraat te Oostakker, zoals aangeduid met groene kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Stelt de naam 'Elisabeth Demoliestraat' definitief vast voor het 2de wegsegment binnen de verkaveling gelegen Meerhoutstraat te Oostakker, zoals aangeduid met paarse kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Stelt de naam 'Gilberte Boydensstraat' definitief vast voor het 3de wegsegment binnen de verkaveling gelegen Meerhoutstraat te Oostakker, zoals aangeduid met rode kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Stelt de naam 'Suzanne Van Meursstraat' definitief vast voor het 4de wegsegment binnen de verkaveling gelegen Meerhoutstraat te Oostakker, zoals aangeduid met blauwe kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.
Keurt goed het aanbrengen van het onderschrift ‘Gentse verzetsstrijdster', °1927 - +2000’ op het straatnaambord ‘Nina de Ruickstraat’.
Keurt goed het aanbrengen van het onderschrift ‘Gentse verzetsstrijdster', °1917 - +1944’ op het straatnaambord ‘Elisabeth Demoliestraat'.
Keurt goed het aanbrengen van het onderschrift ‘Gentse verzetsstrijdster', °1892 - +1983’ op het straatnaambord 'Gilberte Boydensstraat'.
Keurt goed het aanbrengen van het onderschrift ‘Gentse verzetsstrijdster', °1920 - +2014’ op het straatnaambord 'Suzanne Van Meursstraat'.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 41, 10°.
De Wet inzake overheidsopdrachten van 17 juni 2016.
Het huidig onderhoudsbestek voor het uitvoeren van onderhouds- en herstellingswerken aan bitumineuze verhardingen en het uitvoeren van bitumineuze overlagingen in diverse straten op het grondgebied van de Stad Gent - TDW 2023/020-ID5561 - basisjaar, loopt nog tot en met 16 juni 2025. Er wordt geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid tot herhaling van deze opdracht.
Een nieuw bestek werd opgemaakt voor de overheidsopdracht van werken - Uitvoeren van onderhouds- en herstellingswerken aan bitumineuze verhardingen en het uitvoeren van bitumineuze overlagingen in diverse straten op het grondgebied van de Stad Gent - TDW/2024/017 - ID5715.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: volgens prijslijst.
Uitvoeringstermijn: 1 jaar, verdeeld in deelopdrachten.
Gunningscriteria: prijs.
Deze opdracht kan bij toepassing van art. 42, § 1, 2°, “Wet Overheidsopdrachten”, opnieuw via onderhandelingsprocedure worden gegund. De aanwending van deze procedure is beperkt tot een periode van drie jaar na het sluiten van de oorspronkelijke opdracht.
Aan het college van burgemeester en schepenen wordt gevraagd toestemming te geven de procedure van bekendmaking reeds op te starten onmiddellijk na goedkeuring van het dossier door het college, met opening offertes evenwel na de datum van de gemeenteraad. Voor de continuïteit van dit soort werken, dient zo snel mogelijk een nieuw bestek gepubliceerd te worden.
|
Dienst* |
Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen |
|
Budgetplaats |
353875100 |
Categorie |
I |
2024 |
X |
2025 |
X |
|
Totaal |
|
Stelt vast het bij dit besluit gevoegde bestek van de overheidsopdracht van werken - Uitvoeren van onderhouds- en herstellingswerken aan bitumineuze verhardingen en het uitvoeren van bitumineuze overlagingen in diverse straten op het grondgebied van de Stad Gent - TDW/2024/017 - ID5715.
Procedure: openbare procedure.
Wijze van prijsbepaling: volgens prijslijst.
Uitvoeringstermijn: 1 jaar, verdeeld in deelopdrachten.
Gunningscriteria: prijs.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 32.
Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 bepaalt dat de notulen door de algemeen directeur worden opgesteld en dat die notulen in de eerstvolgende vergadering ter goedkeuring moeten worden voorgelegd.
Elk lid van de vergadering heeft het recht tijdens de vergadering opmerkingen te maken over de redactie van de notulen van de vorige vergadering. Als die opmerkingen worden aangenomen, worden de notulen in die zin aangepast.
De notulen zijn te vinden in de interne toepassing eBesluitvorming bij de zitting van de gemeenteraad van 17 december 2024 en 7 januari 2025 onder 'Publicaties' (link: https://ebesluitvorming.gentgrp.gent.be/suiteview/agenda/view?id=13336 en https://ebesluitvorming.gentgrp.gent.be/suiteview/agenda/view?id=13660)
Keurt de notulen goed van de vergaderingen van de gemeenteraad van 17 december 2024 en 7 januari 2025.
Het bestuursakkoord 2025-2030 (Voor Gent en Groen) werd gecommuniceerd aan de raadsleden via de website van de stad Gent: www.stad.gent
De burgemeester geeft toelichting over het bestuursakkoord (beleidsverklaring).
Neemt kennis van de beleidsverklaring van de burgemeester, namens het college van burgemeester en schepenen van de Stad Gent.
In het verleden werd al vaak gedebatteerd omtrent het dragen van opvallende religieuze, levensbeschouwelijke of ideologische symbolen door stadsambtenaren. In de meest recente versie van de ‘Deontologische code voor de medewerkers van de stad en het OCMW Gent’, is de verplichting tot neutraliteit voor personeelsleden opgenomen.
Binnen een gemeentelijke organisatie wordt de neutraliteit van ambtenaren die publieke functies vervullen als essentieel beschouwd. De stad Gent heeft de verantwoordelijkheid om voor alle burgers namelijk een gelijke, objectieve en neutrale dienstverlening te garanderen. Om deze neutraliteit te waarborgen, stellen wij dan ook voor om een verbod in te stellen op het dragen van religieuze, levensbeschouwelijke of ideologische symbolen.
Stad Gent stelt een verbod in op het dragen van religieuze, levensbeschouwelijke of ideologische symbolen voor ambtenaren in publieke functies binnen de stadsorganisatie.
In het verleden werd al vaak gedebatteerd omtrent het dragen van opvallende religieuze, levensbeschouwelijke of ideologische symbolen door stadsambtenaren. In de meest recente versie van de ‘Deontologische code voor de medewerkers van de Stad en het OCMW Gent’, is de verplichting tot neutraliteit voor personeelsleden opgenomen.
Binnen een gemeentelijke organisatie wordt de neutraliteit van ambtenaren die publieke functies vervullen als essentieel beschouwd. De stad Gent heeft de verantwoordelijkheid om voor alle burgers namelijk een gelijke, objectieve en neutrale dienstverlening te garanderen.
Dergelijke neutrale houding ten aanzien van de burgers geldt ook voor de burgemeester en de schepenen. Deze zijn personen die zich in een gezagsfunctie bevinden en die zich neutraal dienen op te stellen ten aanzien van alle Gentenaars.
Het Vlaams Belang vindt dan ook dat er bij burgemeester en schepenen – in tegenstelling tot gemeenteraadsleden - geen ruimte is voor het dragen van opvallende religieuze, levensbeschouwelijke of ideologische symbolen. Ze horen op dat vlak neutraal te zijn.
Om deze neutraliteit te waarborgen, stellen wij dan ook voor om een verbod in te stellen op het dragen van religieuze, levensbeschouwelijke of ideologische symbolen.
De gemeenteraad beslist:
Het algemene principe goed te keuren waarbij het dragen van uiterlijke kentekenen van religieuze, levensbeschouwelijke, filosofische, ideologische of politieke aard door leden van het college van burgemeester en schepenen niet toegelaten is.
Het Vlaams Belang heeft steeds – als enige partij - consequent oppositie gevoerd tegen zowel de invoering van en uitbreiding van de LEZ. De invoering van de LEZ in Gent was en is nog steeds een asociale maatregel. Er zijn tal van voorbeelden van mensen die hier rechtstreeks getroffen door worden. De zogenaamde compenserende flankerende maatregelen zijn niet meer dan een druppel op een hete plaat.
Wie het ’t minst breed heeft, wordt het zwaarst getroffen. Heel wat Gentenaars die getroffen zijn door de concrete gevolgen van de LEZ, ervaren dit ook als asociaal en beschouwen dit als een platte taks. Volgens de VITO-studie zijn er in de periode tot 2025 slechts gemiddeld 1,34% en 1% lagere concentraties van respectievelijk stikstofdioxide en roet.
Zelfs burgmeester De Clercq vond de uitbreiding van de LEZ in het verleden een brug te ver en tijdens de verkiezingscampagne dit jaar sprak hij zelf over het mogelijk afschaffen van deze maatregel, vandaar de volgende voorstellen van raadsbesluit.
De LEZ in Gent wordt afgeschaft.
Het Vlaams Belang heeft steeds – als enige partij - consequent oppositie gevoerd tegen zowel de invoering van en uitbreiding van de LEZ. De invoering van de LEZ in Gent was en is nog steeds een asociale maatregel. Er zijn tal van voorbeelden van mensen die hier rechtstreeks getroffen door worden. De zogenaamde compenserende flankerende maatregelen zijn niet meer dan een druppel op een hete plaat.
Wie het ’t minst breed heeft, wordt het zwaarst getroffen. Heel wat Gentenaars die getroffen zijn door de concrete gevolgen van de LEZ, ervaren dit ook als asociaal en beschouwen dit als een platte taks. Volgens de VITO-studie zijn er in de periode tot 2025 slechts gemiddeld 1,34% en 1% lagere concentraties van respectievelijk stikstofdioxide en roet.
Zelfs burgmeester De Clercq vond de uitbreiding van de LEZ in het verleden een brug te ver en tijdens de verkiezingscampagne dit jaar sprak hij zelf over het mogelijk afschaffen van deze maatregel, vandaar de volgende voorstellen van raadsbesluit.
De stad Gent onderzoekt de effecten van de lage-emissiezone (LEZ), zowel op het gebied van luchtkwaliteit als op mogelijke gevolgen voor de sociale inclusie, met speciale aandacht voor de impact op financieel kwetsbare groepen.
Het stadsbestuur van Gent, bestaande uit 9 schepenen en 1 burgmeester, is qua omvang groter aan het aantal ministers in de Vlaamse regering (9). Rekening houdend met de noodzaak van een meer efficiënt en doelgericht stadsbestuur en de verplichting om publieke middelen verantwoord te besteden, stellen we met het Vlaams Belang voor om het aantal leden van het college van burgemeester en schepenen permanent te verminderen van 10 leden naar 9 leden en de opengekomen bevoegdheden te verdelen.
Het stadsbestuur van Gent, bestaande uit 9 schepenen en 1 burgmeester, is qua omvang groter aan het aantal ministers in de Vlaamse regering (9). Rekening houdend met de noodzaak van een meer efficiënt en doelgericht stadsbestuur en de verplichting om publieke middelen verantwoord te besteden, stellen we met het Vlaams Belang voor om het aantal leden van het college van burgemeester en schepenen permanent te verminderen van 10 leden naar 9 leden en de opengekomen bevoegdheden te verdelen. Deze maatregel zal leiden tot:
Het stadsbestuur zal het aantal leden van het schepencollege verminderen van 10 naar 9 met ingang van 01/07/2025. Hierbij zal het stadsbestuur de nodige maatregelen treffen om de verantwoordelijkheden en bevoegdheden binnen het college te herverdelen.
Gent Klimaatstad, een initiatief van de stad Gent, kwam in het eerste weekend van januari met een wel heel speciale tip: eet je kerstboom op in plaats van hem weg te gooien. Er werden onder meer tips gegeven om sparrennaalden te koken voor thee en om sparrennaaldboter te maken.
Volgens het FAVV, het Federaal Agentschap voor de Voedselveiligheid, is dit idee echter absoluut af te raden. “Kerstbomen zijn niet bedoeld om in de voedselketen terecht te komen” klinkt het bij het Voedselagentschap.
De bomen zijn inderdaad specifiek gekweekt voor sierteelt, niet voor menselijke consumptie. Er is daarom een grote kans dat er gewasbescherming is gebruikt, waarvan er mogelijks restanten op de bomen aanwezig zijn. De MRL (maximumresiduwaarde) van pesticiden is immers anders voor sierteelt dan die voor eetbare producten. Dit kan dus heel gevaarlijk zijn voor de volksgezondheid.
Het is dan ook absoluut onverantwoordelijk om het eten van kerstbomen te promoten.
In het kader van het wijkmobiliteitsplan Zwijnaarde heeft het vorige bestuur beslist een knip te plaatsen in de Joachim Schayckstraat. In de commissie mobiliteit van juni 2024 bleek al snel dat ook bij meerderheidspartijen de knip gecontesteerd werd. Collega Gert Robert diende daarna voor de gemeenteraad van juni 2024 een voorstel tot raadsbesluit in om deze knip ongedaan te maken. De meerderheidspartijen stemden dit voorstel echter weg en dienden een tegenvoorstel in.
Dit tegenvoorstel stelde een dubbele testfase voor. Tot 1 november zou de knip behouden blijven en het verkeer gemonitord worden waarna vanaf 1 november dan de knip zou worden opengesteld en ook in deze situatie het verkeer gemonitord zou worden.
Om dit mogelijk te maken werd op het CBS van 24 oktober een tijdelijke politieverordening goedgekeurd die de knip in de Joachim Schayckstraat tijdelijk opheft, namelijk van 1 november 2024 tot en met 31 januari 2025.
De motivatie van het college in het tegenvoorstel luidde als volgt: “Er zijn vragen over de effecten van de verkeersfilter in de Joachim Schayckstraat. Omdat we deze signalen ernstig nemen, is het opportuun om ook de impact van het wijkmobiliteitsplan zonder de filter in kwestie in kaart te brengen om bij de evaluatie beide scenario’s tegen elkaar te kunnen afwegen. We hanteren twee testfasen: een testfase met verkeersfilter in de Joachim Schayckstraat tot eind oktober 2024, een testfase zonder verkeersfilter vanaf 1 november 2024 tot februari 2025. Zo kunnen beide testfases bij de geplande evaluatie tegen elkaar worden afgewogen. Hierbij wordt in het bijzonder de impact op de verkeersveiligheid, op het sluipverkeer in de Zandvoordestraat en de Remi Vlerickstraat en de doorstroming op de as Heerweg-Zuid / Heerweg-Noord gemonitord.”
In het nieuwe bestuursakkoord tussen Voor Gent en Groen kunnen we echter volgende passage lezen: “De ingevoerde wijkmobiliteitsplannen worden grondig geëvalueerd en waar nodig taboeloos bijgestuurd. De evaluatie zal gebeuren in het eerste kwartaal van 2025. We gaan onmiddellijk over tot de definitieve verwijdering van de knip in de Joachim Schayckstraat in Zwijnaarde …”
Vorige week heeft het schepencollege op mijn voorstel beslist dat de knip in de Joachim Schayckstraat definitief verdwijnt. De passage uit het bestuursakkoord waar u naar verwijst, is dus uitgevoerd.
Deze beslissing werd genomen omdat vastgesteld werd dat deze verkeersfilter er niet in slaagde om de leefbaarheid, veiligheid en bereikbaarheid van de wijk in zijn geheel te verbeteren.
Deze beslissing wordt niet meer in vraag gesteld in het licht van de lopende evaluatie van de wijkmobiliteitsplannen.
Het wegbeeld zal dus definitief in de oorspronkelijke staat teruggebracht worden.
Verder wachten we de evaluatie van de Wijkmobiliteitsplannen af.
wo 29/01/2025 - 10:15Het Uitleenpunt van de Dienst Feesten en Ambulante Handel stelt materiaal ter beschikking aan verenigingen en organisatoren voor het op touw zetten van activiteiten en evenementen. Voor het ontlenen van materiaal via het Uitleenpunt werd een reglement opgemaakt. Artikel 4 van dit reglement stelt dat het gebruik van materiaal voor activiteiten en evenementen georganiseerd door diensten en organisaties van de Groep Gent, steeds prioritair is ten aanzien van het gebruik door andere ontleners. Scholen uit het stedelijke onderwijsnet krijgen dus voorrang op andere onderwijsverstrekkers.
Het Gentse stadsbestuur draagt een dubbele pet als inrichter van stedelijk onderwijs en als facilitator en regisseur van onderwijsaangelegenheden op het hele Gentse grondgebied. Elk kind verdient dezelfde opvang- en onderwijskansen. Niet alleen de kinderen in Gent, maar ook de onderwijsverstrekkers in Gent zijn gelijkwaardig.
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om aanvragen van alle onderwijsverstrekkers bij het Uitleenpunt gelijkwaardig te behandelen.
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op het reglement van het Uitleenpunt daartoe aan te passen.
Op 22 januari verschenen in verschillende kranten artikels over de op til staande wijzigingen van de glasophaling in de containerzone. Vanaf april moeten bewoners die in die zone wonen hun glas deponeren in glasbollen. Die worden voorzien op 83 locaties in de deelgemeenten.
Er heerst echter nog veel onduidelijkheid. Bewoners vragen zich af waar de glasbollen zullen komen en welke geluidsimpact die met zich mee zullen brengen. Bovendien trekken glasbollen vaak sluikstort aan, waardoor andere soorten afval zich ophopen in de directe omgeving.
Graag had ik van de schepen een antwoord gekregen op volgende vragen:
Stad Gent zal binnenkort door IVAGO glasbollen laten plaatsen op 83 locaties, dit in kader van een besparing van 400.000 euro per jaar. Niet IVAGO zelf, maar Fost Plus zal instaan voor het legen en onderhoud van de glasbollen.
Deze verandering heeft mogelijks een impact op de tewerkstelling bij IVAGO. Bewoners die in de buurt van zo'n - toekomstige - glasbol wonen, maken zich zorgen over sluikstort, lawaai- en geurhinder, enzovoort die deze glasbollen met zich mee kunnen brengen.
De PVDA-fractie heeft daarover volgende vragen:
- Welke impact heeft deze besparingsmaatregel op de tewerkstelling bij IVAGO?
- Zal er voor extra toezicht worden gezorgd ivm sluikstort, geluids- en andere overlast aan de glasbollen? Hoe zal er gegarandeerd worden dat de impact minimaal is voor de buurtbewoners?
- Zal deze besparing impact hebben op de tarieven van afvalophaling en de recyclageparken voor de Gentenaars? Worden de tarieven m.a.w. verlaagd door de besparing van 400.000 euro per jaar?
Ten gevolge van de nieuwe samenstelling van de gemeenteraad, moeten de vertegenwoordigers die namens Stad Gent als bestuurders zetelen in de raad van bestuur van AGB District09 opnieuw aangeduid worden.
Onderhavig besluit strekt ertoe de bestuurders te benoemen.
De statuten bepalen dat de gemeenteraad maximaal twaalf leden benoemt in de raad van bestuur, waaronder minstens 1 lid van het college van burgemeester en schepenen. Ten hoogste twee derde van de leden is van hetzelfde geslacht. De gemeenteraadsfracties hebben hiertoe voordrachten gedaan. Dat voordrachtrecht waarborgt elke fractie een vertegenwoordiging in de raad van bestuur.
Bij de aanstelling van externen, met andere woorden niet-raadsleden, in de raad van bestuur, wordt de naleving van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, goedgekeurd op 20 november 2017 en gewijzigd op 17 december 2018, 21 oktober 2019 en 21 juni 2021 als voorwaarde opgelegd.
Keurt goed de benoeming van Hafsa El-Bazioui, lid van het college van burgemeester en schepenen, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Keurt goed de benoeming van Linda Rico, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Marc Soubry, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Stephanie D'Hose, gemeenteraadslid, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Keurt goed de benoeming van Hannes Van Parijs, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Keurt goed de benoeming van Tim Vanhove, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Jorg Van Renterghem, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Kristina Colen, namens de N-VA-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Filip Van Laecke, gemeenteraadslid, namens de cd&v-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Keurt goed de benoeming van Enio Serluppens, namens de PVDA-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Hendrik De Vloed, namens de Vlaams Belang-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf District09.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Ten gevolge van de nieuwe samenstelling van de gemeenteraad, moeten de vertegenwoordigers die namens Stad Gent als bestuurders zetelen in de raad van bestuur van sogent opnieuw aangeduid worden.
Onderhavig besluit strekt ertoe de vertegenwoordigers te benoemen.
De statuten bepalen dat de gemeenteraad maximaal twaalf leden benoemt in de raad van bestuur, waaronder minstens 1 lid van het college van burgemeester en schepenen. Ten hoogste twee derde van de leden is van hetzelfde geslacht. De gemeenteraadsfracties hebben hiertoe voordrachten gedaan. Dat voordrachtrecht waarborgt elke fractie een vertegenwoordiging in de raad van bestuur.
Naast gemeenteraadsleden kunnen personen die beschikken over relevante deskundigheid inzake doel en activiteiten van het bedrijf, zoals vermeld in artikel 5 van deze statuten, of die deskundig zijn op het vlak van financieel of juridisch beheer worden aangesteld als lid van de raad van bestuur.
Bij de aanstelling van externen, met andere woorden niet-raadsleden, in de raad van bestuur, wordt de naleving van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, goedgekeurd op 20 november 2017 en gewijzigd op 17 december 2018, 21 oktober 2019 en 21 juni 2021 als voorwaarde opgelegd.
Keurt goed de benoeming van Joris Vandenbroucke, lid van het college van burgemeester en schepenen, namens de Voor Gent-fractie in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Keurt goed de benoeming van Christophe Peeters, lid van het college van burgemeester en schepenen, namens de Voor Gent-fractie in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Keurt goed de benoeming van Filip Watteeuw, lid van het college van burgemeester en schepenen, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Keurt goed de benoeming van Sami Souguir, gemeenteraadslid, namens de Voor Gent-fractie in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Keurt goed de benoeming van Karin Temmerman, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Liselotte Mortier, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Gaëlle De Smet, gemeenteraadslid, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Keurt goed de benoeming van Severine Cousein, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Gert Robert, gemeenteraadslid, namens de N-VA-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Keurt goed de benoeming van Stijn De Roo, gemeenteraadslid, namens de cd&v-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Keurt goed de benoeming van Natan Hertogen, namens de PVDA-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Marnik Willems, namens de Vlaams Belang-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf sogent.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Ten gevolge van de nieuwe samenstelling van de gemeenteraad, moeten de vertegenwoordigers die namens Stad Gent als bestuurders zetelen in de raad van bestuur van AGB Kunsten en Design opnieuw aangeduid worden.
Onderhavig besluit strekt ertoe de bestuurders te benoemen.
De statuten van AGB Kunsten en Design bepalen dat de gemeenteraad twaalf leden benoemt in de raad van bestuur, waaronder minstens 1 lid van het college van burgemeester en schepenen. Ten hoogste twee derde van de leden is van hetzelfde geslacht. De gemeenteraadsfracties hebben hiertoe voordrachten gedaan. Dat voordrachtrecht waarborgt elke fractie een vertegenwoordiging in de raad van bestuur.
Naast gemeenteraadsleden kunnen personen die beschikken over relevante deskundigheid inzake doel en activiteiten van het bedrijf, zoals vermeld in artikel 5 van de statuten van AGB Kunsten en Design, of die deskundig zijn op het vlak van financieel of juridisch beheer worden aangesteld als lid van de raad van bestuur.
Bij de aanstelling van externen, met andere woorden niet-raadsleden, in de raad van bestuur, wordt de naleving van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, goedgekeurd op 20 november 2017 en gewijzigd op 17 december 2018, 21 oktober 2019 en 21 juni 2021 als voorwaarde opgelegd.
Keurt goed de benoeming van Astrid De Bruycker, lid van het college van burgemeester en schepenen, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Keurt goed de benoeming van Bruno Matthys, gemeenteraadslid, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Keurt goed de benoeming van Philippe Marquebreuck, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Jan Dauwe, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Mieke Bouve, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Shari Platteeuw, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Jordy Sabels, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Maaike Blancke, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Matthias Storme, namens de N-VA-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Bert Verpoest, namens de cd&v-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Jan Dumolyn, namens de PVDA-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Gabi De Boever, namens de Vlaams Belang-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Kunsten en Design.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Ten gevolge van de nieuwe samenstelling van de gemeenteraad, moeten de vertegenwoordigers die namens Stad Gent als bestuurders zetelen in de raad van bestuur van AGB Erfgoed opnieuw aangeduid worden.
Onderhavig besluit strekt ertoe de vertegenwoordigers te benoemen.
De statuten bepalen dat de gemeenteraad twaalf leden benoemt in de raad van bestuur, waaronder minstens 1 lid van het college van burgemeester en schepenen. Ten hoogste twee derde van de leden is van hetzelfde geslacht. De gemeenteraadsfracties hebben hiertoe voordrachten gedaan. Dat voordrachtrecht waarborgt elke fractie een vertegenwoordiging in de raad van bestuur.
Naast gemeenteraadsleden kunnen personen die beschikken over relevante deskundigheid inzake doel en activiteiten van het bedrijf, zoals vermeld in artikel 5 van deze statuten, of die deskundig zijn op het vlak van financieel of juridisch beheer worden aangesteld als lid van de raad van bestuur.
Bij de aanstelling van externen, met andere woorden niet-raadsleden, in de raad van bestuur, wordt de naleving van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, goedgekeurd op 20 november 2017 en gewijzigd op 17 december 2018, 21 oktober 2019 en 21 juni 2021 als voorwaarde opgelegd.
Keurt goed de benoeming van Astrid De Bruycker, lid van het college van burgemeester en schepenen, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Keurt goed de benoeming van Bruno Matthys, gemeenteraadslid, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Keurt goed de benoeming van Philippe Marquebreuck, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Jan Dauwe, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Mieke Bouve, namens de Voor Gent-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Shari Platteeuw, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Jordy Sabels, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Maaike Blancke, namens de Groen-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Matthias Storme, namens de N-VA-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Bert Verpoest, namens de cd&v-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Jan Dumolyn, namens de PVDA-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Keurt goed de benoeming van Gabi De Boever, namens de Vlaams Belang-fractie, in de raad van bestuur van het autonoom gemeentebedrijf Erfgoed.
Deze aanstelling gebeurt onder de voorwaarde van het naleven van de Deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals goedgekeurd door de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn.
Het project Gentspoort biedt een antwoord op enkele hardnekkige mobiliteitsknelpunten in Gent. Met ingrepen aan de infrastructuur en aanpassingen aan de publieke ruimte wil de Vlaamse overheid de leefbaarheid en bereikbaarheid van Gent verbeteren.
Het project voorziet een investering in Gent vanuit Vlaanderen die momenteel geraamd wordt op ca. 779 mio euro, excl. btw en grondverwerving. Het belang van Gentspoort voor de Stad kan niet onderschat worden, en is zonder meer historisch te noemen. Ca. de helft van het tien kilometerlange tramtracé verloopt over (toekomstige) lokale wegenis in het beheer van de Stad. Het stadsaandeel in de kosten bedraagt maximaal 30 mio euro incl. btw, prijsherzieningen, indexeringen en alle andere mogelijke kosten.
Het project doorkruist de ganse Stad van zuid naar noord, en raakt aan tal van bevoegdheden (openbare werken, mobiliteit, stedenbouw, stadsontwikkeling, erfgoed, cultuur, economie, participatie, …).
Een zeer brede gedragenheid van het project en van de concrete deelprojecten, zowel op vandaag als tijdens de volgende legislaturen, is van cruciaal belang om dit project tot een goed einde te brengen.
Gezien de uitzonderlijke omvang van het project Gentspoort, is het praktisch niet haalbaar om het project in detail te bespreken binnen de reguliere commissiezittingen van de gemeenteraad.
Daarom wordt er voorzien in de oprichting van een technische subcommissie om de politieke terugkoppeling rond het project Gentspoort naar de gemeenteraad de komende jaren goed te stroomlijnen. Daarnaast kan er nog steeds op de algemene commissie MASSE of op een themacommissie een toelichting gegeven worden op beslissende momenten of bij grote mijlpalen in het traject Gentspoort.
Bij de oprichting van de technische subcommissie zijn onderstaande modaliteiten van toepassing:
Samenstelling
De technische subcommissie Gentspoort' is samengesteld uit 17 leden. Iedere fractie kan ook max. 2 plaatsvervangers aanduiden.
Op de technische subcommissie kunnen ook steeds andere leden van het college, medewerkers uit de administratie, externen of experten uitgenodigd worden.
Voorzitterschap
De voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van de technische subcommissie 'Gentspoort' worden onder de leden verkozen.
Vergaderfrequentie
Er is nog geen zicht op hoe vaak deze technische subcommissie zal bijeenkomen. Dat zal zeker niet maandelijks zijn, eerder ad hoc wanneer er nood aan is.
Werking
De technische subcommissie vergadert rechtsgeldig indien de meerderheid van haar leden aanwezig is. Indien na een eerste samenroeping niet aan deze aanwezigheidsvereiste is voldaan, kan de commissie na een tweede samenroeping rechtsgeldig vergaderen en beslissen en dit ongeacht het aantal aanwezige leden. De vergaderingen van de technische subcommissie zijn in principe openbaar, behoudens toepassing van artikel 28 van het Decreet over het Lokaal Bestuur.
Keurt goed de oprichting van de technische subcommissie 'Gentspoort'.
De technische subcommissie 'Gentspoort' is samengesteld uit 17 leden. Iedere fractie kan ook max. 2 plaatsvervangers aanduiden.
De voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van de technische subcommissie 'Gentspoort' worden onder de leden verkozen.
De mandaten in iedere commissie worden door de gemeenteraad evenredig verdeeld over de fracties waaruit de gemeenteraad is samengesteld op basis van de voordrachten die worden ingediend door de fracties.
Om ontvankelijk te zijn moet de akte van voordracht voor elk van de kandidaat-commissieleden (in de vorm van een lijst per fractie) ten minste ondertekend zijn door een meerderheid van de leden van de fractie waarvan het kandidaat-commissielid deel van uitmaakt.
De akte van voordracht is ondertekend door een meerderheid van de leden van de fractie waarvan het voorgestelde lid deel van uitmaakt en is derhalve ontvankelijk.
Keurt goed de samenstelling in de algemene en bijzondere commissies op basis van de door de fracties ingediende akten van voordracht, zoals gevoegd in bijlage.
Op grond van de Wet op het politieambt van 5 augustus 1992, gewijzigd bij Wet van 21 maart 2018 tot wijziging van de Wet op het politieambt om het gebruik van camera's door de politiediensten te regelen, en tot wijziging van de Wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's, van de Wet van 30 november 1998 houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten en van de Wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid, moeten een aantal verplichtingen worden nageleefd wanneer de politiediensten een bewakingscamera willen plaatsen en gebruiken met het oog op bewaking en toezicht.
Een politiedienst kan camera's plaatsen en gebruiken op het grondgebied dat onder zijn bevoegdheid valt, na voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad, wanneer het gaat om een politiezone. Om deze toestemming te bekomen wordt er een aanvraag ingediend bij de gemeenteraad door de korpschef. De toestemmingsaanvraag preciseert het type camera, de doeleinden waarvoor de camera's zullen worden geïnstalleerd of gebruikt, evenals de gebruiksmodaliteiten ervan, en voor wat betreft de vaste camera's ook de plaats. Deze aanvraag houdt rekening met een impact- en risicoanalyse op het vlak van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en op operationeel niveau, met name wat de categorieën van verwerkte persoonsgegevens betreft, de proportionaliteit van de aangewende middelen, de te bereiken operationele doelstellingen en de bewaartermijn van de gegevens die nodig is om deze doelstellingen te bereiken. (artikel 25/4 WPA)
In casu werd bij hoogdringendheid mondeling toestemming gevraagd door de korpschef tot het zichtbare gebruik van tijdelijke vaste camera's op een niet besloten plaats op het grondgebied van de Politiezone Gent in het kader van de overlast in de omgeving van het Wittekaproenenplein en meer bepaald van 16 januari 2025 tot en met de principiële toestemming door de gemeenteraad van de nieuwe aanvraag van de korpschef tot het gebruik van tijdelijke vaste camera's in deze buurt tot en met 1 juli 2025.
Reeds in juni 2024 werd door de gemeenteraad een principiële toestemming verleend op de vraag van de Politiezone Gent tot het gebruik van tijdelijk vaste camera's tot en met 15 november 2024 in de omgeving van het Wittekaproenenplein met de mogelijkheid om het gebruik ervan te verlengen tot en met 15 januari 2025 indien de noodzaak hiertoe aanwezig was. Uit evaluatie bleek dat een verlenging tot en met 15 januari 2025 noodzakelijk was.
Aangezien er nog steeds een noodzaak tot het gebruik van tijdelijk vaste camera' s in de omgeving van het Wittekaproenenplein bestaat, werd een nieuwe aanvraag tot principiële toestemming van het gebruik van tijdelijke vaste camera's door de korpschef ingediend.
In afwachting van deze principiële toestemming door de gemeenteraad is het evenwel op basis van de antecedenten, het complex werkterrein en de beschikbare politionele informatie absoluut noodzakelijk dat het gebruik van tijdelijke vaste camera's mogelijk blijft. De kans is immers reëel dat het wegnemen van de tijdelijk vaste camera’s een negatieve tendens zou veroorzaken.
In die zin bleek de vraag bij hoogdringendheid dan ook gegrond.
Gelet op deze dringende noodzakelijkheid diende beroep gedaan te worden op artikel 25/4 §3 van de Wet op het Politieambt dat stelt dat in geval van met redenen omklede hoogdringendheid, waarbij de voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad tot zichtbaar gebruik van camera’s nog niet werd bekomen, de korpschef, mondeling de toestemming vraagt aan de burgemeester om gebruik te maken van camera's in het kader van de specifieke opdracht die de hoogdringendheid rechtvaardigt. Deze mondelinge toestemming dient vervolgens zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd te worden door de bevoegde overheid.
Gelet op de doelstellingen van de tijdelijke vaste camera' s en het gebruik ervan was er een maatschappelijk draagvlak voor het gevraagde cameratoezicht en werd door de burgemeester op 15 januari 2025 bij hoogdringendheid mondeling toestemming verleend tot gebruik van de tijdelijke vaste camera' s door de Politiezone Gent op een niet-besloten plaats op het grondgebied van de Politiezone Gent en meer bepaald in de omgeving van het Wittekaproenenplein van 16 januari tot en met de principiële toestemming door de gemeenteraad van de nieuwe aanvraag van de korpschef tot het gebruik van tijdelijke vaste camera's in deze buurt tot en met 1 juli 2025.
In geval van met redenen omklede hoogdringendheid, waarbij de hogerop bedoelde toestemming van de gemeenteraad nog niet werd bekomen, dient de korpschef mondeling de toestemming aan de burgemeester te vragen om gebruik te maken van camera's in het kader van de specifieke opdracht die de hoogdringendheid rechtvaardigt. Deze mondelinge toestemming dient vervolgens zo spoedig mogelijk schriftelijk bevestigd te worden door de bevoegde overheid. (artikel 25/4 § 3 WPA).
Bekrachtigt de mondelinge toestemming van de burgemeester tot het zichtbare gebruik van tijdelijk vaste camera' s door de Politiezone Gent op een niet-besloten plaats op het grondgebied van de Politiezone Gent in de omgeving van het Wittekaproenenplein voor de periode 16 januari tot en met de principiële toestemming door de gemeenteraad van de aanvraag van het gebruik van tijdelijke camera's in de omgeving van het Wittekaproenenplein tot en met 01 juli 2025.
Op grond van de Wet op het politieambt van 5 augustus 1992, gewijzigd bij Wet van 21 maart 2018 tot wijziging van de Wet op het politieambt om het gebruik van camera's door de politiediensten te regelen, en tot wijziging van de Wet van 21 maart 2007 tot regeling van de plaatsing en het gebruik van bewakingscamera's, van de Wet van 30 november 1998 houdende regeling van de inlichtingen- en veiligheidsdiensten en van de Wet van 2 oktober 2017 tot regeling van de private en bijzondere veiligheid, moeten een aantal verplichtingen worden nageleefd wanneer de politiediensten een bewakingscamera willen plaatsen en gebruiken met het oog op bewaking en toezicht.
Artikel 25/2 van desbetreffende wet verstaat onder tijdelijke vaste camera, de camera die voor een beperkte tijd op een plaats wordt opgesteld en onder niet-besloten plaats, elke plaats die niet door een omsluiting is afgebakend en vrij toegankelijk is voor het publiek, waaronder de openbare wegen beheerd door de openbare overheden bevoegd voor het wegbeheer.
Een politiedienst kan camera's plaatsen en gebruiken op het grondgebied dat onder zijn bevoegdheid valt, na voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad, wanneer het gaat om een politiezone. Om deze toestemming te bekomen wordt er een aanvraag ingediend bij de gemeenteraad door de korpschef. De toestemmingsaanvraag preciseert het type camera, de doeleinden waarvoor de camera's zullen worden geïnstalleerd of gebruikt, evenals de gebruiksmodaliteiten ervan, en voor wat betreft de vaste camera's ook de plaats. Deze aanvraag houdt rekening met een impact- en risicoanalyse op het vlak van de bescherming van de persoonlijke levenssfeer en op operationeel niveau, met name wat de categorieën van verwerkte persoonsgegevens betreft, de proportionaliteit van de aangewende middelen, de te bereiken operationele doelstellingen en de bewaartermijn van de gegevens die nodig is om deze doelstellingen te bereiken. (artikel 25/4 WPA)
Concreet wenst de Politiezone Gent, onder verantwoordelijkheid van Korpschef Filip Rasschaert, dat er tijdelijk vaste camera's worden geplaatst tot en met 1 juli 2025 in het kader van overlast rond het Wittekaproenenplein.
De politie ontvangt al geruime tijd meldingen dat er heel wat overlast wordt veroorzaakt door (hang)jongeren die zich ophouden in het El Paso park en nabije omgeving. De leefbaarheid in de buurt is drastisch gedaald en een dringende tussenkomst van politionele en bestuurlijke overheden was/is nodig om de problemen een einde toe te roepen.
Er werden tal van bijkomende maatregelen genomen om de leefbaarheid en het onveiligheidsgevoel van de buurtbewoners te verhogen, maar deze waren onvoldoende om de problematiek in haar totaliteit op te lossen.
Bijgevolg werd reeds in juni 2024 door de gemeenteraad een principiële toestemming verleend op de vraag van de Politiezone Gent tot het gebruik van tijdelijk vaste camera's tot en met 15 november 2024 in de omgeving van het Wittekaproenenplein met de mogelijkheid om het gebruik ervan te verlengen tot en met 15 januari 2025 indien de noodzaak hiertoe aanwezig was. Uit evaluatie bleek dat een verlenging tot en met 15 januari 2025 noodzakelijk was.
De gecombineerde aanpak leidt er toe dat er op vandaag geen verdovende middelen meer aangetroffen worden die verstopt worden op het openbaar domein klaar voor verkoop. Ook wordt er vastgesteld dat de incidenten waarbij sprake is van wapens gedaald zijn.
Ondanks dit alles, bestaat er echter nog steeds een bijzonder veiligheidsrisico op het openbaar domein in de omgeving van het Wittekaproenenplein.
Het gebruik van camera's betreft een flankerende maatregel in een integrale aanpak om de bestaande overlast aan te pakken. De camera's hebben een niet te onderschatten preventief effect.
Naast het gebruik van camera's wordt er ingezet op diverse ondersteunende preventieve maatregelen dewelke bijdragen tot het verminderen van het onveiligheidsgevoel. Momenteel hebben deze echter nog onvoldoende effect:
Ondanks de gedaalde cijfers en meldingen is het dan ook cruciaal om de politionele werking niet af te bouwen.
Bijgevolg blijkt het gebruik van tijdelijk vaste camera's nog steeds noodzakelijk voor een langere periode. Gelet op de antecedenten, op het complex werkterrein en de beschikbare politionele informatie is de kans immers uiterst reëel dat het wegnemen van de tijdelijk vaste camera’s een negatieve tendens zou veroorzaken. Om die reden werd door de burgemeester ook bij hoogdringendheid mondeling akkoord gegeven om het gebruik van de bestaande camera's verder toe te laten vanaf 16 januari tot en met de principiële toestemming omtrent huidige aanvraag.
Zoals de voorbije maanden wil de politiezone Gent deze camera’s en de opnames ervan enkel gebruiken in uitvoering van de opdrachten van bestuurlijke en gerechtelijke politie, zoals bepaald in de WPA en mits de beperkingen die de WPA oplegt.
De tijdelijk vaste camera's zullen in het bijzonder ingezet worden voor:
Door de heer Filip Rasschaert, korpschef van de Politiezone Gent, werd aan deze aanvraag een positief advies verleend.
Gelet op de doelstellingen van het cameratoezicht en de wijze van implementatie ervan is er een maatschappelijk draagvlak voor het gevraagde cameratoezicht dat in het verlengde ligt van het eerder toegestane gebruik van camera's en dit tot en met 1 juli 2025.
De Politiezone kan slechts overgaan tot het plaatsen van één of meer bewakingscamera's en het zichtbare gebruik ervan in een niet-besloten plaats na voorafgaande principiële toestemming van de gemeenteraad.
Verleent een principiële toestemming aan de aanvraag van de Politiezone Gent tot het plaatsen en gebruiken van tijdelijke vaste camera's tot en met 01 juli 2025, op de niet-besloten plaatsen, zoals vermeld in het document 'plaatsgesteldheid camera' s zone Wittekaproenenplein" dat bij dit besluit wordt gevoegd.
Een eredienstbestuur dient jaarlijks een budget op te stellen op basis van het door de gemeenteraad goedgekeurde meerjarenplan of wijziging ervan.
Het ontwerp van het budget 2025 van het eredienstbestuur V.P.K.B. Protestantse kerk Gent-noord werd besproken met de subsidiërende overheid i.c. de Stad Gent.
Het voorgestelde budget overschrijdt de grenzen van de in het goedgekeurde meerjarenplan opgenomen bedragen niet.
Het budget werd onderzocht en heeft geen aanleiding gegeven tot het formuleren van opmerkingen en lijken het financieel belang van de gemeente niet te schaden.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | FAG |
| Budgetplaats | 347810000 |
| Categorie* | E |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2025 | 18.879,40 |
| Totaal | 18.879,40 |
Neemt kennis van het budget 2025 - reeks 2 van het eredienstbestuur V.P.K.B. Protestantse kerk Gent-noord waarbij tot herstel van het evenwicht van haar begroting een beroep wordt gedaan op een bijkomende exploitatietoelage voor een bedrag van 18.879,40 euro.
Neemt kennis dat er bij het voorgestelde budget 2025 - reeks 2 van het eredienstbestuur V.P.K.B. Protestantse kerk Gent-noord geen investeringstoelage wordt gevraagd.
Een eredienstbestuur dient jaarlijks een budget op te stellen op basis van het door de gemeenteraad goedgekeurde meerjarenplan of wijziging ervan.
Het ontwerp van het budget 2025 van het eredienstbestuur Anglicaanse Kerkfabriek Saint John werd besproken met de subsidiërende overheid i.c. de Stad Gent.
Het voorgestelde budget overschrijdt de grenzen van de in het goedgekeurde meerjarenplan opgenomen bedragen niet.
Het budget werd onderzocht en heeft geen aanleiding gegeven tot het formuleren van opmerkingen en lijken het financieel belang van de gemeente niet te schaden.
De bedragen in deze tabel zijn incl. btw
| Dienst* | FAG |
| Budgetplaats | 347810000 |
| Categorie* | E |
| Subsidiecode | NIET_RELEVANT |
| 2025 | 21.861,92 |
| Totaal | 21.861,92 |
Neemt kennis van het budget 2025 - reeks 2 van het eredienstbestuur Anglicaanse Kerkfabriek Saint John waarbij tot herstel van het evenwicht van haar begroting een beroep wordt gedaan op een bijkomende exploitatietoelage voor een bedrag van 21.861,92 euro.
Neemt kennis dat er bij het voorgestelde budget 2025 - reeks 2 van het eredienstbestuur Anglicaanse Kerkfabriek Saint John geen investeringstoelage wordt gevraagd.
Op 1 januari 2025 verhoogt de retributie voor volwassen leners van 0,3 €/dag/materiaal naar 0,4 €/dag/materiaal. Deze verhoging is voorzien in het retributiereglement zoals goedgekeurd op de gemeenteraad van 25 september 2023.
Gezien de verhoging van de retributie is het opportuun om leners sneller op de hoogte te brengen van het risico op telaatgelden. Leners zijn hier ook vragende partij voor.
Voor deze aanpassing is een reglementswijziging nodig waarin volgende aanpassingen worden doorgevoerd, zoals gevoegd in bijlage:
De reglementswijziging wordt met dit besluit ter goedkeuring voorgelegd aan de gemeenteraad; de wijzigingen worden vermeld op het bij dit besluit gevoegde document 'wijzigingen'. Ook de gecoördineerde versie van het reglement is in bijlage gevoegd. Het reglement geldt voor het hele netwerk.
Overeenkomstig de bepalingen van het Decreet van 6 juli 2012 betreffende het Lokaal Cultuurbeleid, artikel 55, worden de wijzigingen aan het 'reglement voor de dienstverlening van de bibliotheken van de Stad Gent' voor advies voorgelegd aan de Cultuurraad.
De wijzigingen treden in werking op 29/01/2025.
Het college van burgemeester en schepenen beslist om de voorgestelde wijzigingen over het 'Reglement voor de dienstverlening van de bibliotheken van de Stad Gent' ter advies te laten voorleggen aan de Cultuurraad.
Wijzigt het 'Reglement voor de dienstverlening van de bibliotheken van de Stad Gent', zoals aangegeven in het document in bijlage. De wijzigingen treden in werking op 29 januari 2025.
Neemt kennis van de gecoördineerde versie van het 'Reglement voor de dienstverlening van de bibliotheken van de Stad Gent' zoals gevoegd in bijlage.
De aanpassing van het meerjarenplan 2021-2025 budgetopmaak 2025 District09 werd voorgelegd aan de Gemeenteraad van 25 november 2024.
In de bijlage "District09 AMJP 2021-2025 BO25" werd het jaar 2027 niet opgenomen in het beleidsrapport. Het Agentschap Binnenlands Bestuurd contacteerde District09 met de vraag om de ontbrekende cijfers 2027 te bezorgen voor schema's M2, T2 en T4 (p.50, p.55 en p52).
De Raad van Bestuur van District09 heeft daarom op 27 november 2024 het Erratum Aangepast Meerjarenplan 2021-2025 Budgetopmaak 2025 (schema M2, schema T2 en schema T4) goedgekeurd.
In dit besluit bevinden zich de schema's M2, T2 en T4 die de cijfers van 2027 bevatten.
Keurt het erratum AMJP 2021-2025 BO2025 (schema M2, T2 en T4 voor 2027) van het AGB District09, zoals opgenomen in bijlage, goed.
Decreet over het lokaal bestuur, artikel 40, § 1.
Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen van 22 oktober 2021, artikel 67, § 4.
Op 22 oktober 2024 ontving de Stad Gent van het Agentschap Binnenlands Bestuur namens de Vlaamse minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij de vraag om een advies te bezorgen over de erkenningsaanvraag van de lokale geloofsgemeenschap Eyüp Sultan te Gent.
De aanvraag van deze lokale geloofsgemeenschap voldoet aan de voorwaarden van de verkorte procedure tot erkenning overeenkomstig artikel 67 van het Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen van 22 oktober 2021 omdat de lokale geloofsgemeenschap reeds een erkenningsaanvraag had ingediend voor 1 juli 2019.
Het voormelde decreet bepaalt dat bij de erkenning van islamitische en orthodoxe lokale geloofsgemeenschappen het advies wordt gevraagd van de gemeente op wiens grondgebied de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de islamitische of orthodoxe eredienst gelegen zijn.
De adviserende gemeente verleent in de verkorte procedure van artikel 67 van voormeld decreet haar advies over het voldoen door de lokale geloofsgemeenschap aan de erkenningsverplichtingen, vermeld in artikel 7, 1° tot en met 9°. Op grond van artikel 67, § 4, van het decreet dient in de verkorte procedure geen advies verleend te worden over de punten 10° en 11°.
Deze erkenningscriteria zijn:
1°. ze heeft een juridische structuur die aangepast is aan het aangevraagde openbaar statuut en waarover er transparantie is;
2°. ze is financieel leefbaar en biedt transparantie daarover;
3°. ze ontvangt noch rechtstreeks, noch onrechtstreeks financiering of ondersteuning die afbreuk doet aan de onafhankelijke uitoefening van de decretale opdrachten en verplichtingen van het toekomstige bestuur van de eredienst, zoals bepaald is in dit decreet en het decreet van 7 mei 2004. De onafhankelijke uitoefening van de decretale opdrachten en verplichtingen van het toekomstige bestuur van de eredienst kan in het gedrang komen door onder meer, maar niet uitsluitend, de samenloop van twee of meer van de volgende elementen, die wordt vastgesteld door de personeelsleden van de bevoegde instantie bij de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°:
a) het ontvangen van herhaaldelijke financiële giften van dezelfde persoon of organisatie;
b) het ontvangen van schenkingen van goederen die een aanzienlijke kostprijs hebben en noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de eredienst;
c) de rechtstreekse of onrechtstreekse terbeschikkingstelling van personeel door derden;
d) de terbeschikkingstelling door derden van infrastructuur ten kosteloze titel of tegen een niet-marktconforme huurprijs;
e) het bestaan van samenwerkingsverbanden met instellingen die rechtstreeks of onrechtstreeks gelinkt zijn aan organisaties en bewegingen die een extremistische en segregerende geloofsbeleving promoten en verspreiden;
f) de opname in de statuten, oprichtingsakte of beginselverklaring van de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°, van een band van ondergeschiktheid aan een buitenlandse actor of een daaraan gelinkte binnenlandse organisatie;
g) een nauwe band met een buitenlandse actor of een daaraan gelinkte binnenlandse organisatie die blijkt uit het feit dat de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°:
3°/1 ze ontvangt geen financiering of ondersteuning die rechtstreeks of onrechtstreeks verband houdt met terrorisme, extremisme, spionage of clandestiene inmenging;
3°/2 ze heeft geen banden met:
a) personen of entiteiten als vermeld in artikel 3 en 5 van het koninklijk besluit van 28 december 2006 inzake specifieke beperkende maatregelen tegen bepaalde personen en entiteiten met het oog op de strijd tegen de financiering van het terrorisme;
b) personen, groepen of entiteiten die zijn opgenomen in de lijst, vermeld in artikel 2, 3 en 4 van het gemeenschappelijk standpunt 2001/931/GBVB van de Raad van 27 december 2001 betreffende de toepassing van specifieke maatregelen ter bestrijding van het terrorisme, en in de daaropvolgende besluiten van de Raad tot actualisering van de lijst van personen, groepen en entiteiten, vermeld in artikel 2, 3 en 4 van het gemeenschappelijk standpunt 2001/931/GBVB;
3°/3 ze heeft geen banden met:
a) personen als vermeld in artikel 1, 10°, 14°, 16° en 17°, van het koninklijk besluit van 21 juli 2016 betreffende de gemeenschappelijke gegevensbank Terrorist Fighters;
b) personen, rechtspersonen en feitelijke verenigingen als vermeld in artikel 1, 11°, van het koninklijk besluit van 23 april 2018 betreffende de gemeenschappelijke gegevensbank Haatpropagandisten en tot uitvoering van sommige bepalingen van afdeling 1bis “Het informatiebeheer” van hoofdstuk IV van de wet op het politieambt;
4° ze toont de maatschappelijke relevantie aan van de lokale geloofsgemeenschap aan de hand van:
a) de bevestiging door het representatief orgaan dat de lokale geloofsgemeenschap minstens tweehonderd leden telt binnen de gebiedsomschrijving;
b) de zorg voor de materiële voorwaarden die de uitoefening van de eredienst en het behoud van de waardigheid ervan mogelijk maken;
c) het onderhoud en de bewaring van de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst;
d) het onderhouden van duurzame contacten met de lokale overheid van de gemeente waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
e) het respecteren van het principe van goed nabuurschap en het onderhouden van duurzame contacten met de lokale gemeenschap waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
5° de leden van het voorlopig bestuursorgaan leven, behalve bij incidentele overmacht, al de volgende verplichtingen na:
a) de verplichting om in geen geval, op welke wijze dan ook, medewerking te verlenen aan activiteiten die aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of leden daarvan;
b) de verplichting om alle redelijke inspanningen te ondernemen om personen die aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of de leden daarvan, te weren uit de organisatie en werking van het voorlopig bestuursorgaan;
c) de verplichting om alle redelijke inspanningen te ondernemen om personen die in door de lokale geloofsgemeenschap gebruikte lokalen en plaatsen aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of de leden daarvan, te weren uit de gebruikte lokalen en plaatsen;
d) de verplichting om, onverminderd de vrijheid van godsdienst, alle redelijke inspanningen te ondernemen om geldende wetgeving na te leven en niet hun medewerking te verlenen aan handelingen strijdig met de geldende wetgeving, in het bijzonder de Grondwet en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden;
e) de verplichting om in geen geval, op welke wijze dan ook aan te zetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of leden daarvan;
6° ze toont aan dat het toekomstig bestuur van de eredienst voor de gebouwen die bestemd zijn voor de uitoefening van de eredienst, houder is van een van de onderstaande rechten of overeenkomsten. Aan dit criterium is ook voldaan als de gebouwen die bestemd zijn voor de uitoefening van de eredienst, in eigendom zijn van een Belgische publieke rechtspersoon:
a) een zakelijk recht dat voldoet aan de modaliteiten en voorwaarden, vermeld in boek 3 "Goederen" van het Burgerlijk Wetboek: volle eigendom of mede-eigendom;
b) een zakelijk gebruiksrecht dat voldoet aan de modaliteiten en voorwaarden, vermeld in boek 3 "Goederen" van het Burgerlijk Wetboek: erfpacht, vruchtgebruik of opstal;
c) een schriftelijke huurovereenkomst naar gemeenrecht conform artikel 1737 van het Burgerlijk Wetboek van bepaalde duur van minstens vijftien jaar zonder de mogelijkheid van een vervroegde beëindiging door de verhuurder;
7° het voorlopig bestuursorgaan bezorgt de voor- en achternaam, adres, rijksregisternummer, emailadres, telefoonnummer, nationaliteit, geboortedatum en geslacht van de leden van het voorlopig bestuursorgaan aan de Vlaamse Regering, het representatief orgaan, de financierende overheid en in voorkomend geval de adviserende gemeente. Als er tussentijdse wijzigingen zijn, meldt het voorlopig bestuursorgaan dat binnen dertig dagen aan deze instanties;
8° ze heeft enkel bedienaars van de eredienst en hun vervangers die voldoen aan de inburgeringsplicht die in voorkomend geval op hen van toepassing is conform het decreet van 7 juni 2013 betreffende het Vlaamse integratie en inburgeringsbeleid;
9° ze verbindt zich ertoe om de wedde van haar bedienaars van de eredienst ten laste te laten nemen door de federale overheid conform artikel 181 van de Grondwet en de wet van 2 augustus 1974 betreffende de wedden van de titularissen van sommige openbare ambten, van de bedienaars van de erkende erediensten en van de afgevaardigden van de Centrale Vrijzinnige Raad;
Conform artikel 67, § 4, van het Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen heeft de adviserende gemeente een termijn van 4 maanden om zijn advies over de erkenningsaanvraag te bezorgen. Wanneer het advies niet tijdig wordt verstrekt, kan de Vlaamse Regering aan de adviesvereiste voorbij gaan.
De Stad beschikt over onvoldoende gegevens om een advies uit te brengen over de erkenningsverplichtingen 3°, 3°/1, 3°/2, 3°/3; 4° b) en c); 6°; 7°; 8° en 9°. De Provincie Oost-Vlaanderen, bevoegd voor het toezicht en de controle op de temporalia van de lokale islamitische en orthodoxe gemeenschappen, en de Informatie- en screeningsdienst lokale geloofsgemeenschappen (ISD) van het Agentschap Binnenlands Bestuur, bevoegd om na te gaan of de erkenningszoekende geloofsgemeenschappen en de reeds erkende besturen van de eredienst voldoen aan alle erkenningsverplichtingen, zijn de aangewezen adviesverlenende instantie voor deze criteria. Wat de erkenningsverplichting 2° betreft (financiële leefbaarheid) moet ook verwezen worden naar de Provincie Oost-Vlaanderen als eventuele toekomstige toezichthoudende overheid.
Op basis van de beschikbare informatie wordt met betrekking tot onderstaande erkenningscriteria het volgende vastgesteld:
1° ze heeft een juridische structuur die aangepast is aan het aangevraagde openbaar statuut en waarover er transparantie is;
De betrokken lokale geloofsgemeenschap beschikt over een juridische structuur in de vorm van een vzw, opgenomen in de publiek raadpleegbare Kruispuntbank der Ondernemingen onder het ondernemingsnummer 0876.577.815. De zetel van de vereniging is gevestigd Kazemattenstraat 80, 9000 Gent. Volgens de aanvraag (p. 1) bevestigt het representatief orgaan dat de juridische structuur niet is gewijzigd sinds 2022. De aanvraag bevat geen bijlage “Statuten juridische structuur lokale geloofsgemeenschap”. Uit raadpleging van de KBO blijkt echter dat er in 2023 nog een wijziging in de Raad van Bestuur is geweest (https://www.ejustice.just.fgov.be/tsv_pdf/2023/04/14/23051365.pdf).
Via de KBO raadpleging kan wel aan de vereiste transparantie worden voldaan.
2° ze is financieel leefbaar en biedt transparantie daarover;
Bij de balanscentrale van de nationale bank zijn geen neergelegde en door de NBB aanvaarde jaarrekeningen beschikbaar. We beschikken bijgevolg enkel over de financiële informatie die bijgevoegd werd bij de erkenningsaanvraag.
Er zijn een beperkt aantal transacties geweest met Eyüp Sultan Moskee vzw in het kader van de werking ‘Gent Ongekend’ voor eerder bescheiden bedragen (< 200 EUR) en daterend van 2014 of vroeger. Deze transacties zijn volledig afgerond; er zijn m.a.w. geen openstaande schulden van de vzw aan de Stad/het OCMW en geen openstaande schulden van Stad/OCMW Gent aan de vzw.
De financiële leefbaarheid wordt verder ook getoetst op basis van ratioanalyse van de resultaten van boekjaar 2023. Op basis van het genormaliseerd minimaal schema van de staat van de ontvangsten en uitgaven (zoals neergelegd bij de griffie), merken we voor 2023 een aanzienlijk tekort op van 100k EUR waardoor het overgedragen resultaat van 112k EUR wordt gereduceerd tot 12k EUR. Er wordt geen informatie verstrekt over de balans, behalve wat betreft de liquiditeiten (9k EUR bank en 3k EUR kas). Die informatie valt niet te reconciliëren met het bijgevoegde ‘Minimaal schema van de staat van het vermogen’ waar melding wordt gemaakt van 89k EUR aan roerende activa. Er wordt geen informatie verschaft over de aansluiting tussen rekeningcijfers van 2023 zoals opgenomen in bijlage ‘Financiële gedeelte van de jaarrekening” en de cijfers zoals opgenomen in het genormaliseerd minimaal schema van de staat van de ontvangsten en uitgaven (zoals neergelegd bij de griffie). Mogelijks worden de verschillen tussen beide verklaard door de activiteiten van de vzw die niet gelinkt zijn aan de organisatie van de eredienst.
De rekeningcijfers van 2023 zoals opgenomen in bijlage ‘Financiële gedeelte van de jaarrekening” liggen in lijn met deze van het bijgevoegde meerjarenplan; evenwel met een substantiële verhoging in de uitgaven voor ‘gebouwen van de eredienst’. Deze toename wordt niet verklaard.
Het meerjarenplan houdt rekening met een beperkte jaarlijkse indexatie over alle voorziene posten.
De strategische nota geeft aan dat ‘De exploitatie-uitgaven voor de periode 2025 tot en met 2030 zijn geraamd op basis van de cijfers van de laatst vastgestelde erkende jaarrekening met een jaarlijkse stijging van ongeveer 2,5%’.
We concluderen dat het op basis van de verstrekte informatie moeilijk is om een gefundeerde uitspraak te doen over de financiële leefbaarheid van vzw Eyüp Sultan moskee. Op basis van de neergelegde resultaten van boekjaar 2023 duiden we op het aanzienlijke werkingstekort van 2023. Om te zien in welke mate dit een risico vormt voor de financiële leefbaarheid is bijkomende informatie nodig: meer inzicht in de balans van de vzw en in de aansluiting tussen uitgaven en ontvangsten zoals opgenomen in bijlage ‘Financiële gedeelte van de jaarrekening’ en de cijfers zoals opgenomen in het genormaliseerd minimaal schema van de staat van de ontvangsten en uitgaven (zoals neergelegd bij de griffie).
4° ze toont de maatschappelijke relevantie aan van de lokale geloofsgemeenschap aan de hand van:
d) het onderhouden van duurzame contacten met de lokale overheid van de gemeente waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
e) het respecteren van het principe van goed nabuurschap en het onderhouden van duurzame contacten met de lokale gemeenschap waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn.
De Dienst Lokaal Sociaal Beleid nam het initiatief om de adviesvraag voor advies door te sturen naar relevante interne diensten. De politie werd op de hoogte gesteld van de aanvraag en zal deze vanuit politioneel kader behandelen via de eigen geijkte kanalen.
De Stad Gent heeft contacten met de moskeeverenigingen via de Vereniging van Gentse Moskeeën (VGM). Ad hoc overlegt de Stad met de VGM over signalen die men capteert en die gelinkt kunnen zijn aan de moskeeverenigingen. Vzw Eyüp Sultan is lid van de VGM. De voorzitter van de moskeevereniging was tot voor kort ook voorzitter van de VGM en was het aanspreekpunt tussen de VGM en het stadsbestuur.
De moskee werkt goed samen in open communicatie met het stadsbestuur: ze zijn steeds aanwezig op overlegmomenten met het stadsbestuur of met andere diensten van de stad Gent.
De Eyüp Sultan moskee is de grootste moskee in Gent. De werking van de moskee richt zich naar de ruime omgeving, naar gelovigen van hoofdzakelijk Turkse origine en is niet-wijkgebonden.
De moskee stelt zich constructief op naar de buurt. Bij de start en het einde van de Ramadanperiode onderneemt de moskee initiatieven bij de buurtbewoners om hen te informeren over eventuele overlast. Buurtbewoners kunnen hierbij rechtstreeks de verantwoordelijken van de moskeevereniging aanspreken. Bij plannen en projecten vanuit de stad (heraanleg straten in de buurt) ervaart de Stad een betrokkenheid en een wil om mee naar oplossingen te zoeken. De moskee werkt samen met de buurt mee aan de actie “Proper Gent”.
Vanaf 2015 was er een vrouwenwerking in de moskee die openstond voor deelname uit de buurt. Er was vanuit de Stad een goede samenwerking met deze vrouwenwerking. Zo werden er een aantal vormingssessies georganiseerd m.b.t. het thema ‘herkennen van radicalisering’. De moskee was en blijft steeds bereid om bij een opvolgtraject op caseniveau samen te werken.
De moskee legt de focus op de eigen werking van religie en zingeving en staat open voor iedereen tijdens de openingsuren van de ontmoetingsruimte, bvb voor een bezoek (rondleiding) aan de moskee of om een drankje nuttigen in de cafetaria. De moskee ontvangt wekelijks groepen studenten/middenveldorganisaties voor rondleidingen in de moskee met als onderwerp ‘de werking van een moskee en kennismaking met de islam als religie’.
Een paar jaar geleden werd het Turks Cultureel Centrum (TCC) opgericht, een socio-culturele werking die probeert een brug te zijn tussen de moskee en de omgeving en het wederzijds vertrouwen te verhogen. Deze werking zet in op een activiteitenaanbod waarbij de deur openstaat voor buurtgerichte samenwerking. Zo is in samenwerking met De Kazematten en met steun van het wijkbudget een jongerenwerking van start gegaan die vooral inzet op huistaakbegeleiding en het stimuleren van ontmoeting.
5° de leden van het voorlopig bestuursorgaan leven, behalve bij incidentele overmacht, al de volgende verplichtingen na:
De betrokken lokale geloofsgemeenschap toont aan dat zij aan de punten a) tem e) van dit criterium voldoet door het ondertekenen van een verklaring op eer.
Gelet op bovenstaande informatie, kan voor de criteria 1, 4 a) d) en e) een gunstig advies worden verleend. Voor criterium 2 adviseren we ABB om verder financieel onderzoek uit te voeren om volledige transparantie te verkrijgen.
De erkenningsaanvraag van de lokale geloofsgemeenschap Eyüp Sultan wordt, voor de getoetste erkenningscriteria, als ‘gunstig onder voorwaarden’ (zie advies tot bijkomend onderzoek naar financiële leefbaarheid) geadviseerd.
Decreet over het lokaal bestuur, artikel 40, § 1.
Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen van 22 oktober 2021, artikel 67, § 4.
Op 11 oktober 2024 ontving de Stad Gent van het Agentschap Binnenlands Bestuur namens de Vlaamse minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij de vraag om een advies te bezorgen over de erkenningsaanvraag van de lokale geloofsgemeenschap Muattar te Gent.
De aanvraag van deze lokale geloofsgemeenschap voldoet aan de voorwaarden van de verkorte procedure tot erkenning overeenkomstig artikel 67 van het Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen van 22 oktober 2021 omdat de lokale geloofsgemeenschap reeds een erkenningsaanvraag had ingediend voor 1 juli 2019.
Het voormelde decreet bepaalt dat bij de erkenning van islamitische en orthodoxe lokale geloofsgemeenschappen het advies wordt gevraagd van de gemeente op wiens grondgebied de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de islamitische of orthodoxe eredienst gelegen zijn.
De adviserende gemeente verleent in de verkorte procedure van artikel 67 van voormeld decreet haar advies over het voldoen door de lokale geloofsgemeenschap aan de erkenningsverplichtingen, vermeld in artikel 7, 1° tot en met 9°. Op grond van artikel 67, § 4, van het decreet dient in de verkorte procedure geen advies verleend te worden over de punten 10° en 11°.
Deze erkenningscriteria zijn:
1° ze heeft een juridische structuur die aangepast is aan het aangevraagde openbaar statuut en waarover er transparantie is;
2° ze is financieel leefbaar en biedt transparantie daarover;
3° ze ontvangt noch rechtstreeks, noch onrechtstreeks financiering of ondersteuning die afbreuk doet aan de onafhankelijke uitoefening van de decretale opdrachten en verplichtingen van het toekomstige bestuur van de eredienst, zoals bepaald is in dit decreet en het decreet van 7 mei 2004. De onafhankelijke uitoefening van de decretale opdrachten en verplichtingen van het toekomstige bestuur van de eredienst kan in het gedrang komen door onder meer, maar niet uitsluitend, de samenloop van twee of meer van de volgende elementen, die wordt vastgesteld door de personeelsleden van de bevoegde instantie bij de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°:
a) het ontvangen van herhaaldelijke financiële giften van dezelfde persoon of organisatie;
b) het ontvangen van schenkingen van goederen die een aanzienlijke kostprijs hebben en noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de eredienst;
c) de rechtstreekse of onrechtstreekse terbeschikkingstelling van personeel door derden;
d) de terbeschikkingstelling door derden van infrastructuur ten kosteloze titel of tegen een niet-marktconforme huurprijs;
e) het bestaan van samenwerkingsverbanden met instellingen die rechtstreeks of onrechtstreeks gelinkt zijn aan organisaties en bewegingen die een extremistische en segregerende geloofsbeleving promoten en verspreiden;
f) de opname in de statuten, oprichtingsakte of beginselverklaring van de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°, van een band van ondergeschiktheid aan een buitenlandse actor of een daaraan gelinkte binnenlandse organisatie;
g) een nauwe band met een buitenlandse actor of een daaraan gelinkte binnenlandse organisatie die blijkt uit het feit dat de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°:
3°/1 ze ontvangt geen financiering of ondersteuning die rechtstreeks of onrechtstreeks verband houdt met terrorisme, extremisme, spionage of clandestiene inmenging;
3°/2 ze heeft geen banden met:
a) personen of entiteiten als vermeld in artikel 3 en 5 van het koninklijk besluit van 28 december 2006 inzake specifieke beperkende maatregelen tegen bepaalde personen en entiteiten met het oog op de strijd tegen de financiering van het terrorisme;
b) personen, groepen of entiteiten die zijn opgenomen in de lijst, vermeld in artikel 2, 3 en 4 van het gemeenschappelijk standpunt 2001/931/GBVB van de Raad van 27 december 2001 betreffende de toepassing van specifieke maatregelen ter bestrijding van het terrorisme, en in de daaropvolgende besluiten van de Raad tot actualisering van de lijst van personen, groepen en entiteiten, vermeld in artikel 2, 3 en 4 van het gemeenschappelijk standpunt 2001/931/GBVB;
3°/3 ze heeft geen banden met:
a) personen als vermeld in artikel 1, 10°, 14°, 16° en 17°, van het koninklijk besluit van 21 juli 2016 betreffende de gemeenschappelijke gegevensbank Terrorist Fighters;
b) personen, rechtspersonen en feitelijke verenigingen als vermeld in artikel 1, 11°, van het koninklijk besluit van 23 april 2018 betreffende de gemeenschappelijke gegevensbank Haatpropagandisten en tot uitvoering van sommige bepalingen van afdeling 1bis “Het informatiebeheer” van hoofdstuk IV van de wet op het politieambt;
4° ze toont de maatschappelijke relevantie aan van de lokale geloofsgemeenschap aan de hand van:
a) de bevestiging door het representatief orgaan dat de lokale geloofsgemeenschap minstens tweehonderd leden telt binnen de gebiedsomschrijving;
b) de zorg voor de materiële voorwaarden die de uitoefening van de eredienst en het behoud van de waardigheid ervan mogelijk maken;
c) het onderhoud en de bewaring van de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst;
d) het onderhouden van duurzame contacten met de lokale overheid van de gemeente waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
e) het respecteren van het principe van goed nabuurschap en het onderhouden van duurzame contacten met de lokale gemeenschap waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
5° de leden van het voorlopig bestuursorgaan leven, behalve bij incidentele overmacht, al de volgende verplichtingen na:
a) de verplichting om in geen geval, op welke wijze dan ook, medewerking te verlenen aan activiteiten die aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of leden daarvan;
b) de verplichting om alle redelijke inspanningen te ondernemen om personen die aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of de leden daarvan, te weren uit de organisatie en werking van het voorlopig bestuursorgaan;
c) de verplichting om alle redelijke inspanningen te ondernemen om personen die in door de lokale geloofsgemeenschap gebruikte lokalen en plaatsen aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of de leden daarvan, te weren uit de gebruikte lokalen en plaatsen;
d) de verplichting om, onverminderd de vrijheid van godsdienst, alle redelijke inspanningen te ondernemen om geldende wetgeving na te leven en niet hun medewerking te verlenen aan handelingen strijdig met de geldende wetgeving, in het bijzonder de Grondwet en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden;
e) de verplichting om in geen geval, op welke wijze dan ook aan te zetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of leden daarvan;
6° ze toont aan dat het toekomstig bestuur van de eredienst voor de gebouwen die bestemd zijn voor de uitoefening van de eredienst, houder is van een van de onderstaande rechten of overeenkomsten. Aan dit criterium is ook voldaan als de gebouwen die bestemd zijn voor de uitoefening van de eredienst, in eigendom zijn van een Belgische publieke rechtspersoon:
a) een zakelijk recht dat voldoet aan de modaliteiten en voorwaarden, vermeld in boek 3 "Goederen" van het Burgerlijk Wetboek: volle eigendom of mede-eigendom;
b) een zakelijk gebruiksrecht dat voldoet aan de modaliteiten en voorwaarden, vermeld in boek 3 "Goederen" van het Burgerlijk Wetboek: erfpacht, vruchtgebruik of opstal;
c) een schriftelijke huurovereenkomst naar gemeenrecht conform artikel 1737 van het Burgerlijk Wetboek van bepaalde duur van minstens vijftien jaar zonder de mogelijkheid van een vervroegde beëindiging door de verhuurder;
7° het voorlopig bestuursorgaan bezorgt de voor- en achternaam, adres, rijksregisternummer, emailadres, telefoonnummer, nationaliteit, geboortedatum en geslacht van de leden van het voorlopig bestuursorgaan aan de Vlaamse Regering, het representatief orgaan, de financierende overheid en in voorkomend geval de adviserende gemeente. Als er tussentijdse wijzigingen zijn, meldt het voorlopig bestuursorgaan dat binnen dertig dagen aan deze instanties;
8° ze heeft enkel bedienaars van de eredienst en hun vervangers die voldoen aan de inburgeringsplicht die in voorkomend geval op hen van toepassing is conform het decreet van 7 juni 2013 betreffende het Vlaamse integratie en inburgeringsbeleid;
9° ze verbindt zich ertoe om de wedde van haar bedienaars van de eredienst ten laste te laten nemen door de federale overheid conform artikel 181 van de Grondwet en de wet van 2 augustus 1974 betreffende de wedden van de titularissen van sommige openbare ambten, van de bedienaars van de erkende erediensten en van de afgevaardigden van de Centrale Vrijzinnige Raad;
Conform artikel 67, § 4, van het Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen heeft de adviserende gemeente een termijn van 4 maanden om zijn advies over de erkenningsaanvraag te bezorgen. Wanneer het advies niet tijdig wordt verstrekt, kan de Vlaamse Regering aan de adviesvereiste voorbij gaan.
De Stad beschikt over onvoldoende gegevens om een advies uit te brengen over de erkenningsverplichtingen 3°, 3°/1, 3°/2, 3°/3; 4° b) en c); 6°; 7°; 8° en 9°. De Provincie Oost-Vlaanderen, bevoegd voor het toezicht en de controle op de temporalia van de lokale islamitische en orthodoxe gemeenschappen, en de Informatie- en screeningsdienst lokale geloofsgemeenschappen (ISD) van het Agentschap Binnenlands Bestuur, bevoegd om na te gaan of de erkenningszoekende geloofsgemeenschappen en de reeds erkende besturen van de eredienst voldoen aan alle erkenningsverplichtingen, zijn de aangewezen adviesverlenende instantie voor deze criteria. Wat de erkenningsverplichting 2° betreft (financiële leefbaarheid) moet ook verwezen worden naar de Provincie Oost-Vlaanderen als eventuele toekomstige toezichthoudende overheid.
Op basis van de beschikbare informatie wordt met betrekking tot onderstaande erkenningscriteria het volgende vastgesteld:
1° ze heeft een juridische structuur die aangepast is aan het aangevraagde openbaar statuut en waarover er transparantie is;
De betrokken lokale geloofsgemeenschap beschikt over een juridische structuur in de vorm van een vzw, opgenomen in de publiek raadpleegbare Kruispuntbank der Ondernemingen onder het ondernemingsnummer 0783.730.504. De zetel van de vereniging is gevestigd Koopvaardijlaan 46, 9000 Gent
2° ze is financieel leefbaar en biedt transparantie daarover;
Bij de balanscentrale van de nationale bank zijn geen neergelegde en door de NBB aanvaarde jaarrekeningen beschikbaar. We beschikken bijgevolg enkel over de financiële informatie die bijgevoegd werd bij de erkenningsaanvraag.
De vzw werd opgericht op 23 maart 2022.
Er zijn sinds de oprichting van de vzw geen transacties geweest tussen Stad Gent/OCMW Gent en vzw Muattar Moskee. Er zijn bijgevolg ook geen openstaande schulden of vorderingen tussen beide partijen.
De financiële leefbaarheid wordt verder ook getoetst op basis van ratioanalyse van de resultaten van boekjaar 2023.
Uit nazicht van de financiële nota van het meerjarenplan en vergelijking met de bijgevoegde – niet gevalideerde – jaarrekening van 2023 blijkt dat de rekeningcijfers van 2023 niet in verhouding staan tot de budgetten van 2025 en volgende. Zo is – bijvoorbeeld - onduidelijk waarom uitgaven in Categorie B (gebouwen van de eredienst) in 2023 5.800 EUR bedragen en dit bedrag in 2025 oploopt tot 40.000 EUR. Dit is opmerkelijk aangezien aangegeven wordt in de strategische nota dat ‘De exploitatie-uitgaven voor de periode 2025 tot en met 2030 zijn geraamd op basis van de cijfers van de laatst vastgestelde erkende jaarrekening met een jaarlijkse stijging van ongeveer 2%’.
Daarnaast houdt het meerjarenplan rekening met een beperkte jaarlijkse indexatie over alle voorziene posten, al wordt hier niet consistent dezelfde groeivoet toegepast over alle posten.
We concluderen dat het op basis van de verstrekte informatie moeilijk is om een gefundeerde uitspraak te doen over de financiële leefbaarheid van vzw Muattar moskee. Om de erkenningsaanvraag zonder voorbehoud te beoordelen, adviseren we ABB om meer informatie te verzamelen via de volledige neergelegde jaarrekening 2023 én om meer inzicht te krijgen in hoe de stijging tussen 2023 en 2025 in exploitatie-uitgaven kan verklaard worden.
Het erkenningsdossier bevat – naast bovenvermelde niet-gevalideerde jaarrekening – ook een gevalideerde jaarrekening van VZW IH-VAK (voluit Ilim ve Hikmet VAKFI – ondernemingsnummer 0435.192.676). We merken op dat de 3 gekende bestuurders van VZW IH-VAK ook allen een functie (hetzij bestuurder, hetzij bedienaar van de eredienst) opnemen binnen vzw Muattar moskee. Het echter onduidelijk wat de relevantie is van het toevoegen van de jaarrekening van een andere entiteit aan erkenningsdossier.
Hoewel de relevantie van de toegevoegde jaarrekening van VZW IH-VAK niet duidelijk is aangegeven, hebben we deze wel beoordeeld op criteria van financiële leefbaarheid: zowel op vlak van resultaat, eigen vermogen als liquiditeits- en solvabiliteitsratio’s zijn geen onmiddellijke risico’s te identificeren (voor zover relevant in dit dossier).
4° ze toont de maatschappelijke relevantie aan van de lokale geloofsgemeenschap aan de hand van:
d) het onderhouden van duurzame contacten met de lokale overheid van de gemeente waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
e) het respecteren van het principe van goed nabuurschap en het onderhouden van duurzame contacten met de lokale gemeenschap waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn.
De Dienst Lokaal Sociaal Beleid nam het initiatief om de adviesvraag voor advies door te sturen naar relevante interne diensten en naar de Integratiecel en Cel Openbare Orde van de Politie. De Politie behandelt deze aanvragen vanuit politioneel kader via de eigen geijkte kanalen.
De Stad Gent heeft contacten met de moskeeverenigingen via de Vereniging van Gentse Moskeeën (VGM). Ad hoc overlegt de Stad met de VGM over signalen die men capteert en die gelinkt kunnen zijn aan de moskeeverenigingen. Vzw Muattar is lid van de VGM.
De organisatie is niet gekend bij de wijkregisseur en ligt buiten het werkingsgebied van de dienst Ontmoeten en Verbinden. Stad Gent organiseerde in het verleden 2 ontmoetingsactiviteiten met vzw Muattar. Deze activiteiten waren gericht op kennismaking, ontmoeting en uitwisseling. In het kader van radicalisering en polarisatie zijn er geen signalen die aanleiding geven tot bezorgdheid.
5° de leden van het voorlopig bestuursorgaan leven, behalve bij incidentele overmacht, al de volgende verplichtingen na:
De betrokken lokale geloofsgemeenschap toont aan dat zij aan de punten a) tem e) van dit criterium voldoet door het ondertekenen van een verklaring op eer.
Gelet op bovenstaande informatie, kan voor de criteria 1, 4 a) d) en e) een gunstig advies worden verleend. Voor criterium 2 adviseren we ABB om verder financieel onderzoek uit te voeren om volledige transparantie te verkrijgen.
De erkenningsaanvraag van de lokale geloofsgemeenschap Muattar wordt, voor de getoetste erkenningscriteria, als ‘gunstig onder voorwaarden’ (zie advies tot bijkomend onderzoek naar financiële leefbaarheid) geadviseerd.
Decreet over het lokaal bestuur, artikel 40, § 1.
Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen van 22 oktober 2021, artikel 67, § 4.
Op 15 oktober 2024 ontving de Stad Gent van het Agentschap Binnenlands Bestuur namens de Vlaamse minister van Binnenland, Steden- en Plattelandsbeleid, Samenleven, Integratie en Inburgering, Bestuurszaken, Sociale Economie en Zeevisserij de vraag om een advies te bezorgen over de erkenningsaanvraag van de lokale geloofsgemeenschap Fatih te Gent.
De aanvraag van deze lokale geloofsgemeenschap voldoet aan de voorwaarden van de verkorte procedure tot erkenning overeenkomstig artikel 67 van het Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen van 22 oktober 2021 omdat de lokale geloofsgemeenschap reeds een erkenningsaanvraag had ingediend voor 1 juli 2019.
Het voormelde decreet bepaalt dat bij de erkenning van islamitische en orthodoxe lokale geloofsgemeenschappen het advies wordt gevraagd van de gemeente op wiens grondgebied de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de islamitische of orthodoxe eredienst gelegen zijn.
De adviserende gemeente verleent in de verkorte procedure van artikel 67 van voormeld decreet haar advies over het voldoen door de lokale geloofsgemeenschap aan de erkenningsverplichtingen, vermeld in artikel 7, 1° tot en met 9°.
Deze erkenningscriteria zijn:
1° ze heeft een juridische structuur die aangepast is aan het aangevraagde openbaar statuut en waarover er transparantie is;
2° ze is financieel leefbaar en biedt transparantie daarover;
3° ze ontvangt noch rechtstreeks, noch onrechtstreeks financiering of ondersteuning die afbreuk doet aan de onafhankelijke uitoefening van de decretale opdrachten en verplichtingen van het toekomstige bestuur van de eredienst, zoals bepaald is in dit decreet en het decreet van 7 mei 2004. De onafhankelijke uitoefening van de decretale opdrachten en verplichtingen van het toekomstige bestuur van de eredienst kan in het gedrang komen door onder meer, maar niet uitsluitend, de samenloop van twee of meer van de volgende elementen, die wordt vastgesteld door de personeelsleden van de bevoegde instantie bij de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°:
a) het ontvangen van herhaaldelijke financiële giften van dezelfde persoon of organisatie;
b) het ontvangen van schenkingen van goederen die een aanzienlijke kostprijs hebben en noodzakelijk zijn voor de uitoefening van de eredienst;
c) de rechtstreekse of onrechtstreekse terbeschikkingstelling van personeel door derden;
d) de terbeschikkingstelling door derden van infrastructuur ten kosteloze titel of tegen een niet-marktconforme huurprijs;
e) het bestaan van samenwerkingsverbanden met instellingen die rechtstreeks of onrechtstreeks gelinkt zijn aan organisaties en bewegingen die een extremistische en segregerende geloofsbeleving promoten en verspreiden;
f) de opname in de statuten, oprichtingsakte of beginselverklaring van de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°, van een band van ondergeschiktheid aan een buitenlandse actor of een daaraan gelinkte binnenlandse organisatie;
g) een nauwe band met een buitenlandse actor of een daaraan gelinkte binnenlandse organisatie die blijkt uit het feit dat de juridische structuur, vermeld in artikel 7, 1°:
3°/1 ze ontvangt geen financiering of ondersteuning die rechtstreeks of onrechtstreeks verband houdt met terrorisme, extremisme, spionage of clandestiene inmenging;
3°/2 ze heeft geen banden met:
a) personen of entiteiten als vermeld in artikel 3 en 5 van het koninklijk besluit van 28 december 2006 inzake specifieke beperkende maatregelen tegen bepaalde personen en entiteiten met het oog op de strijd tegen de financiering van het terrorisme;
b) personen, groepen of entiteiten die zijn opgenomen in de lijst, vermeld in artikel 2, 3 en 4 van het gemeenschappelijk standpunt 2001/931/GBVB van de Raad van 27 december 2001 betreffende de toepassing van specifieke maatregelen ter bestrijding van het terrorisme, en in de daaropvolgende besluiten van de Raad tot actualisering van de lijst van personen, groepen en entiteiten, vermeld in artikel 2, 3 en 4 van het gemeenschappelijk standpunt 2001/931/GBVB;
3°/3 ze heeft geen banden met:
a) personen als vermeld in artikel 1, 10°, 14°, 16° en 17°, van het koninklijk besluit van 21 juli 2016 betreffende de gemeenschappelijke gegevensbank Terrorist Fighters;
b) personen, rechtspersonen en feitelijke verenigingen als vermeld in artikel 1, 11°, van het koninklijk besluit van 23 april 2018 betreffende de gemeenschappelijke gegevensbank Haatpropagandisten en tot uitvoering van sommige bepalingen van afdeling 1bis “Het informatiebeheer” van hoofdstuk IV van de wet op het politieambt;
4° ze toont de maatschappelijke relevantie aan van de lokale geloofsgemeenschap aan de hand van:
a) de bevestiging door het representatief orgaan dat de lokale geloofsgemeenschap minstens tweehonderd leden telt binnen de gebiedsomschrijving;
b) de zorg voor de materiële voorwaarden die de uitoefening van de eredienst en het behoud van de waardigheid ervan mogelijk maken;
c) het onderhoud en de bewaring van de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst;
d) het onderhouden van duurzame contacten met de lokale overheid van de gemeente waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
e) het respecteren van het principe van goed nabuurschap en het onderhouden van duurzame contacten met de lokale gemeenschap waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
5° de leden van het voorlopig bestuursorgaan leven, behalve bij incidentele overmacht, al de volgende verplichtingen na:
a) de verplichting om in geen geval, op welke wijze dan ook, medewerking te verlenen aan activiteiten die aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of leden daarvan;
b) de verplichting om alle redelijke inspanningen te ondernemen om personen die aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of de leden daarvan, te weren uit de organisatie en werking van het voorlopig bestuursorgaan;
c) de verplichting om alle redelijke inspanningen te ondernemen om personen die in door de lokale geloofsgemeenschap gebruikte lokalen en plaatsen aanzetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of de leden daarvan, te weren uit de gebruikte lokalen en plaatsen;
d) de verplichting om, onverminderd de vrijheid van godsdienst, alle redelijke inspanningen te ondernemen om geldende wetgeving na te leven en niet hun medewerking te verlenen aan handelingen strijdig met de geldende wetgeving, in het bijzonder de Grondwet en het Europees Verdrag tot bescherming van de rechten van de mens en de fundamentele vrijheden;
e) de verplichting om in geen geval, op welke wijze dan ook aan te zetten tot discriminatie, haat of geweld jegens een persoon, een groep, een gemeenschap of leden daarvan;
6° ze toont aan dat het toekomstig bestuur van de eredienst voor de gebouwen die bestemd zijn voor de uitoefening van de eredienst, houder is van een van de onderstaande rechten of overeenkomsten. Aan dit criterium is ook voldaan als de gebouwen die bestemd zijn voor de uitoefening van de eredienst, in eigendom zijn van een Belgische publieke rechtspersoon:
a) een zakelijk recht dat voldoet aan de modaliteiten en voorwaarden, vermeld in boek 3 "Goederen" van het Burgerlijk Wetboek: volle eigendom of mede-eigendom;
b) een zakelijk gebruiksrecht dat voldoet aan de modaliteiten en voorwaarden, vermeld in boek 3 "Goederen" van het Burgerlijk Wetboek: erfpacht, vruchtgebruik of opstal;
c) een schriftelijke huurovereenkomst naar gemeenrecht conform artikel 1737 van het Burgerlijk Wetboek van bepaalde duur van minstens vijftien jaar zonder de mogelijkheid van een vervroegde beëindiging door de verhuurder;
7° het voorlopig bestuursorgaan bezorgt de voor- en achternaam, adres, rijksregisternummer, emailadres, telefoonnummer, nationaliteit, geboortedatum en geslacht van de leden van het voorlopig bestuursorgaan aan de Vlaamse Regering, het representatief orgaan, de financierende overheid en in voorkomend geval de adviserende gemeente. Als er tussentijdse wijzigingen zijn, meldt het voorlopig bestuursorgaan dat binnen dertig dagen aan deze instanties;
8° ze heeft enkel bedienaars van de eredienst en hun vervangers die voldoen aan de inburgeringsplicht die in voorkomend geval op hen van toepassing is conform het decreet van 7 juni 2013 betreffende het Vlaamse integratie en inburgeringsbeleid;
9° ze verbindt zich ertoe om de wedde van haar bedienaars van de eredienst ten laste te laten nemen door de federale overheid conform artikel 181 van de Grondwet en de wet van 2 augustus 1974 betreffende de wedden van de titularissen van sommige openbare ambten, van de bedienaars van de erkende erediensten en van de afgevaardigden van de Centrale Vrijzinnige Raad;
Conform artikel 67, § 4, van het Erkenningsdecreet Lokale Geloofsgemeenschappen heeft de adviserende gemeente een termijn van 4 maanden om zijn advies over de erkenningsaanvraag te bezorgen. Wanneer het advies niet tijdig wordt verstrekt, kan de Vlaamse Regering aan de adviesvereiste voorbij gaan.
De Stad beschikt over onvoldoende gegevens om een advies uit te brengen over de erkenningsverplichtingen 3°, 3°/1, 3°/2, 3°/3; 4° b) en c); 6°; 7°; 8° en 9°. De Provincie Oost-Vlaanderen, bevoegd voor het toezicht en de controle op de temporalia van de lokale islamitische en orthodoxe gemeenschappen, en de Informatie- en screeningsdienst lokale geloofsgemeenschappen (ISD) van het Agentschap Binnenlands Bestuur, bevoegd om na te gaan of de erkenningszoekende geloofsgemeenschappen en de reeds erkende besturen van de eredienst voldoen aan alle erkenningsverplichtingen, zijn de aangewezen adviesverlenende instantie voor deze criteria. Wat de erkenningsverplichting 2° betreft (financiële leefbaarheid) moet ook verwezen worden naar de Provincie Oost-Vlaanderen als eventuele toekomstige toezichthoudende overheid.
Op basis van de beschikbare informatie wordt met betrekking tot onderstaande erkenningscriteria het volgende vastgesteld:
1° ze heeft een juridische structuur die aangepast is aan het aangevraagde openbaar statuut en waarover er transparantie is;
De betrokken lokale geloofsgemeenschap beschikt over een juridische structuur in de vorm van een vzw, opgenomen in de publiek raadpleegbare Kruispuntbank der Ondernemingen onder het ondernemingsnummer 439.041.202. De zetel van de vereniging is gevestigd Kwakkelstraat 41, 9000 Gent
2° ze is financieel leefbaar en biedt transparantie daarover;
Bij de balanscentrale van de nationale bank (NBB) zijn geen neergelegde en door de NBB aanvaarde jaarrekeningen beschikbaar. We beschikken bijgevolg enkel over de financiële informatie die bijgevoegd werd bij de erkenningsaanvraag. Belcika-Turk Islam Diyanet Vakfi Rabot Fatih Camii is gekend in het stedelijk boekhoudsysteem.
Er zijn over de voorbije jaren een aantal transacties geweest met de Fatih-moskee, alle voor eerder bescheiden bedragen (minder of gelijk aan 1.000 EUR). Deze transacties zijn alle volledig afgerond: er zijn geen openstaande schulden van de vzw aan de Stad, en geen openstaande schulden van Stad Gent aan de vzw. Bovenvermelde beperkte subsidiestromen dateren van de jaren 2020-2021. Na juli 2021 zijn er geen nieuwe verrichtingen gekend. Vanuit OCMW Gent werden in de periode 2015-2016 vorderingen ingelegd ten gevolge van een tewerkstelling onder het artikel 60 statuut. Alle vorderingen zijn voldaan.
De financiële leefbaarheid wordt verder ook getoetst op basis van ratioanalyse van de resultaten van boekjaar 2023. Zowel op vlak van resultaat, eigen vermogen als liquiditeits- en solvabiliteitsratio’s zijn geen onmiddellijke risico’s te identificeren. We baseren ons hiervoor evenwel op het geheel van de activiteiten van de betrokken vzw. Dit gaat – naar alle waarschijnlijkheid – breder dan louter het voorzien van erediensten, maar omvat ook socio-culturele activiteiten. We concluderen dat het op basis van de verstrekte informatie moeilijk is om een gefundeerde uitspraak te doen over de financiële leefbaarheid van de Fatih-moskee. De neergelegde resultaten van boekjaar 2023 geven aan dat er voldoende financiële reserves zijn.
Om de erkenningsaanvraag echter zonder voorbehoud te beoordelen, adviseren we ABB om meer informatie te verzamelen om meer inzicht te krijgen in de aansluiting tussen uitgaven en ontvangsten zoals opgenomen in bijlage ‘Financiële gedeelte van de jaarrekening’ en zoals opgenomen in het genormaliseerd minimaal schema van de staat van de ontvangsten en uitgaven én om meer inzicht te krijgen in hoe de stijging tussen 2023 en 2025 in exploitatie-uitgaven kan verklaard worden.
4° ze toont de maatschappelijke relevantie aan van de lokale geloofsgemeenschap aan de hand van:
d) het onderhouden van duurzame contacten met de lokale overheid van de gemeente waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn;
e) het respecteren van het principe van goed nabuurschap en het onderhouden van duurzame contacten met de lokale gemeenschap waar de gebouwen bestemd voor de uitoefening van de eredienst gelegen zijn.
De Dienst Lokaal Sociaal Beleid nam het initiatief om de adviesvraag voor advies door te sturen naar relevante interne diensten. De politie werd op de hoogte gesteld van de aanvraag en zal deze vanuit politioneel kader behandelen via de eigen geijkte kanalen.
De Stad Gent heeft regelmatig contacten met de moskeeverenigingen via de Vereniging van Gentse Moskeeën (VGM). De Fatih-moskee is lid van de VGM. Ad hoc overlegt de Stad met de VGM over signalen die men capteert en die gelinkt kunnen zijn aan de moskeeverenigingen. De Fatih moskee is steeds aanwezig op overlegmomenten tussen de VGM en het stadsbestuur.
De Fatih moskee werkt goed samen en in open communicatie met het stadsbestuur.
De Fatih moskee is actief in de wijk en werkt goed samen met de Stad bij signalen die we opvangen in de wijk.
De geloofsgemeenschap onderhoudt zelf contacten met de Stad Gent voor de organisatie van hun evenementen. Er waren ook contacten met de geloofsgemeenschap rond de overlastproblematiek in het El Pasopark; de moskee deed zelf voorstellen tot acties om de problematiek aan te pakken.
De moskee nam deel aan de Open Gebedshuizendag in 2023, een initiatief vanuit de Stad waaraan alle 14 gebedshuizen in de Rabotwijk deelnamen. Het is de intentie om dit initiatief te herhalen in 2025.
Bij de aankoop van hun nieuwe pand heeft het bestuur van de Fatih-moskee nauw en intens samengewerkt met het stadsbestuur om de bouwplannen conform de wetgeving op te maken en in te dienen, ook rekening houdend met de signalen van buurtbewoners. De Fatih-moskee heeft de buurtbewoners uitgenodigd voor een informatieavond over de nieuwbouw en geluisterd naar hun opmerkingen. Op die manier willen ze een gezond evenwicht houden tussen de noden van een nieuwbouw en de opmerkingen van de buurtbewoners.
De Fatih-moskee is betrokken bij het project “sleutelfiguren drugs” in de wijk Rabot. Sleutelfiguren worden opgeleid om op vraag van de buurt informatie te geven over het thema drugs (gevaren, hulpverlening,…) en om eventueel individuen toe te leiden naar de bevoegde diensten/hulpverleningsorganisaties. De Fatih-moskee was en is steeds bereid om bij een opvolgtraject op caseniveau samen te werken.
5° de leden van het voorlopig bestuursorgaan leven, behalve bij incidentele overmacht, al de volgende verplichtingen na:
De betrokken lokale geloofsgemeenschap toont aan dat zij aan de punten a) tem e) van dit criterium voldoet door het ondertekenen van een verklaring op eer.
Gelet op bovenstaande informatie, kan voor de criteria 1, 4 a) d) en e) een gunstig advies worden verleend. Voor criterium 2 adviseren we ABB om verder financieel onderzoek uit te voeren om volledige transparantie te verkrijgen.
De erkenningsaanvraag van de lokale geloofsgemeenschap Fatih wordt, voor de getoetste erkenningscriteria, als ‘gunstig onder voorwaarden’ (zie advies tot bijkomend onderzoek naar financiële leefbaarheid) geadviseerd.
de heer Jonas Van Poucke en Jonas Van Poucke namens VITRUVI DEVELOPMENTS BV diende een Omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden (verkavelingsvergunning) in voor gronden gelegen aan Hundelgemsesteenweg 204, /0101, /0003, /0002, /0001, /0101, /0003, /0002, /0001, 206 en Loskaai 1 kadastraal gekend als afdeling 20 sectie A nrs. 349N, 368G, 379H, 380M, 380N, 382P, 382K, 383F2 en 398M. Deze aanvraag werd op 20/12/2023 ingediend bij het college van burgemeester en schepenen. Op 20 juni 2024 werd de vergunning geweigerd, een beslissing waartegen de aanvrager in beroep ging bij de deputatie. In kader van de beroepsprocedure bracht het college op 26 september 2024 een negatief advies uit. Nadien werd door de aanvrager op 24 oktober 2024 een wijzigingsverzoek ingediend. Op 8 november 2024 werd dit wijzigingsverzoek aanvaard door de Deputatie als vergunningverlenende overheid en er werd beslist dat er een nieuw openbaar onderzoek gevoerd moest worden. De uiterste beslissingsdatum werd hierdoor verlengd met 60 dagen. Er werd ook gevraagd de gemeenteraad te laten beslissen over het rooilijnplan en de aanleg en wijziging van gemeentewegen.
Beschrijving aanvraag:
Deze aanvraag omvat de verkaveling, het slopen van heel wat gebouwen en bouwrijp maken van de gronden en de omgevingsaanleg (waaronder het openbaar domein).
De aanvraag betreft een verkaveling met 4 bouwloten en een zone bestemd voor de aanleg van wegenis en groenaanleg:
Het verkavelingsplan voorziet ook dat de Loskaai wordt verbreed, zoals beoogd binnen het RUP, en een afschuining krijgt ter hoogte van de Hundelgemsesteenweg.
Rooilijnplan
Het rooilijnplan voorziet enerzijds de verbreding van de Loskaai en anderzijds de toevoeging van een ruime groenzone aan het fietspad langs de Schelde, ter realisatie van de groenklimaatas daar. De zones tussen de rooilijnen die vandaag nog in privaat eigendom zijn, worden toegevoegd aan het gemeentelijk openbaar wegdomein.
De aanpassingswerken aan de Hundelgemsesteenweg ter hoogte van de aansluiting van de verbrede Loskaai gebeuren binnen de bestaande rooilijnen van de Hundelgemsesteenweg.
(Her)aanleg openbaar domein
De (her)aanleg van bestaand en toekomstig openbaar domein omvat volgende stedenbouwkundige handelingen:
Hierbij wordt de rooilijn van de Loskaai en de groen-klimaatas langs de Schelde gewijzigd:
1. De Loskaai wordt verbreed tot een rooilijnbreedte van overal minstens 8m, ter hoogte van de toekomstige inrit naar de private ondergrondse parking verbreedt de rooilijn verder. De rooilijnen ter hoogte van het fietspad langs de Schelde volgen de breedte van de op het RUP aangegeven groenklimaatas.
De Loskaai wordt als woonerf aangelegd. Ter hoogte van de aansluiting op de Hundelgemsesteenweg heeft de eigenlijke rijweg een breedte van 5,5m, aangelegd in betonverharding met kasseien ter hoogte van de toekomstige opritten. Verderop versmalt die tot 4m met aan beide zijden een groene onverharde berm.
2. Op het grafisch plan van het RUP ‘Groenas 4 Bovenschelde’ is de breedte van de groenas aangeduid (10m). Ter hoogte van de zone SW2 wordt de breedte van de groenas gemeten vanaf de buitenrand van de dienstweg. Binnen dit project wordt bijgevolg een strook van 10m ten opzichte van de buitenrand dienstweg als groenas ingericht en kosteloos overgedragen naar het openbaar domein. In deze groenstrook is een beperkte wadi ingericht voor infiltratie van de verharding van het openbaar domein. Er is geen overstort vanuit de private wadi’s naar deze publieke wadi aangezien deze via een overstortleiding rechtstreeks op de Schelde overstorten. Hierdoor is de impact van de waterhuishouding op de robuustheid van het groen beperkt.
Procedure:
Het openbaar onderzoek in eerste aanleg werd gehouden van 6 februari 2024 tot 6 maart 2024.
Resultaat: 4 digitale bezwaren
De weigeringsbeslissing bevat de bespreking van deze bezwaren.
Het tweede openbaar onderzoek werd gehouden naar aanleiding van een wijzigingslus in kader van de beroepsprocedure en liep van 20 november 2024 tot 19 december 2024.
Resultaat: 4 digitale bezwaren
Het collegeadvies van 26 september 2024 hernam integraal de inhoud en de motieven van de collegebeslissing (weigering) in eerste aanleg, met dien verstande dat op de nieuwe elementen in het beroepschrift aanvullend advies is gegeven.
De nieuwe projectinhoudversie in kader van de beroepsprocedure komt op vele vlakken tegemoet aan de weigeringsmotieven in eerste aanleg en bij het eerste advies in beroep waardoor een aangepast standpunt wordt ingenomen. Deze laatste PIV heeft de gemeentelijk omgevingsambtenaar voorwaardelijk gunstig geadviseerd, op basis waarvan het college op 3 januari 2025 een voorwaardelijk gunstig advies uitbracht. Dit advies bevat eveneens een samenvatting en bespreking van de bezwaren en is ter info voor de gemeenteraadsleden gekoppeld aan voorliggend besluit.
In uitvoering van artikel 12 van het decreet over de gemeentewegen keurt de gemeenteraad een rooilijnplan goed. In uitvoering van art. 31 van Decreet betreffende de Omgevingsvergunning en van het Gemeentedecreet neemt de gemeenteraad een beslissing over de aanleg, wijziging, verplaatsing of opheffing van een gemeenteweg alvorens de bevoegde overheid een beslissing neemt over de vergunningsaanvraag. De gemeenteraad spreekt zich daarbij uit over de ligging, de breedte en de uitrusting van de gemeenteweg, en over de eventuele opname in het openbaar domein.
De gemeenteraad is van oordeel dat het rooilijnplan en bijhorend voorstel van wegaanleg kan goedgekeurd worden om volgende redenen:
Aanpassing en verbreding Loskaai
Het verbreden van de Loskaai kadert in het optimaliseren van de verbinding voor voetgangers en fietsers naar de groenklimaatas als nieuwe fietsinfrastructuur en is ook opgenomen in het RUP. Daarnaast is deze ook voorzien voor beperkt gemotoriseerd verkeer, als ontsluiting van de nieuwe ontwikkeling erlangs. De toegang voor gemotoriseerd verkeer is beperkt tot de inrit naar de toekomstige ondergrondse parking. De Loskaai wordt hierna afgesloten voor gemotoriseerd verkeer met paaltjes.
De weg wordt ingericht als woonerf. Fietsers en voetgangers zijn hier evenwaardig aan de auto. De verbinding zal positief zijn voor voetgangers en fietsers die de verbinding willen maken tussen Ledeberg centrum en de groenklimaatas.
Aanpassing Hundelgemsesteenweg thv aantakking Loskaai
Het is positief dat aanpassingen aan de Hundelgemsesteenweg mee aangevraagd worden om zo een verkeersveilige aansluiting met de Loskaai te voorzien. Door het fietspad door te trekken over de Loskaai met een uitstulping is er een vergrote zichtbaarheid voor uitrijdende auto’s en worden conflicten vermeden. Dit komt tegemoet aan bezorgdheden uit de buurt. De druk die het nieuwe project met zich mee brengt kan hierdoor worden gecompenseerd.
Nieuw openbaar domein – groenklimaatas langs de Schelde
Het nieuwe openbaar woongroen draagt bij aan de uitbouw van een robuuste groenstructuur langs de groenklimaatas.
Deze groenas wensen we als stad zo robuust mogelijk in te richten met grote bomen en onderbegroeiing, naast het fietspad aan deze zijde van de Schelde. In deze groenstrook is een beperkte wadi ingericht voor infiltratie van de verharding van het openbaar domein. Er is geen overstort vanuit de private wadi’s naar deze publieke wadi aangezien deze via een overstortleiding rechtstreeks op de Schelde overstorten. Hierdoor is de impact van de waterhuishouding op de robuustheid van het groen beperkt.
Dit project is een eerste schakel in het uitwerken van de groen-klimaatas 4. Enerzijds als robuuste groenstructuur langs de Schelde, en anderzijds als doorlopend (kwalitatief) fietspad.
Deze ingrepen zijn positief en komen de bereikbaarheid voor voetgangers en fietsers van dit project en zijn ruime omgeving ten goede.
Op langere termijn zal de fietsontsluiting van dit gebied nog sterk verbeteren. Op vandaag sluit dit pad nog aan op een te smalle doorsteek achter de bedrijven, bij ontwikkeling van deze zones zal ook daar de groen-klimaatas worden ingericht.
Het concrete beplantingsplan moet voorafgaand aan het indienen van het technisch dossier met Groendienst afgestemd worden. Hoogstammen van 2de orde of zuilvormige selecties moeten op min. 3m van de gevel voorzien worden, bomen van 1ste orde op min. 6m.
Infiltratievoorziening op openbaar domein: om een robuuste groenstructuur te ontwikkelen en een vlot beheer mogelijk te maken moeten taluds zo flauw mogelijk gemaakt worden. In de fase van het technisch dossier moeten voldoende snedes/ lengteprofiel gemaakt worden om het ontwerp van de wadi nog te optimaliseren, in samenspraak met Groendienst en Farys. In functie van beheer moeten de in- en uitstroom duidelijk gematerialiseerd worden.
Brandweer
De brandweerontsluiting loopt deels langs de Loskaai. Er is een keerbeweging mogelijk op de groenklimaatas, al is deze niet noodzakelijk voor het opstellen, zodat het fietsverkeer hierdoor niet langdurig gehinderd wordt en de groenklimaatas zijn robuuste karakter kan vervullen. Intern loopt ook nog een brandweerlus die de bebouwing langs waterzijde ontsluit.
Het project werd gunstig geadviseerd door de Brandweer, mits te voldoen aan de vermelde maatregelen en reglementeringen.
Als bijzonder aandachtspunt werd meegegeven dat de opstanden van de boordstenen van de trottoirs waar beide brandweerontsluitingen aansluiten op de Hundelgemsesteenweg maximaal 3cm mogen zijn in plaats van 7cm.
De bomen tussen de Loskaai en de gebouwen mogen de bereikbaarheid van de gebouwen voor de ladderwagen niet hinderen.
Waterhuishouding
De noordelijke 10 m van de Loskaai watert natuurlijk af naar het omliggend groen.
Een deel van de (openbare) verharding jaagpad/groenklimaatas 4 infiltreert op natuurlijke wijze naast de verharde oppervlakte. Er zit nog een groenberm van 1,5 m tussen de wadi en de verharding. De onverharde deel is min. 25 % van de verharding
Het water van de Loskaai (290 m²) wordt via een holle greppel aangelegd. Op die manier kan er op geringe diepte toch water van de Loskaai naar de openbare infiltratievoorziening vloeien. De infiltratievoorziening heeft een dimensie van 9700 l en 83,84 m² op max. 50 cm diepte. De openbare infiltratievoorziening sluit aan op de waterloop.
De infiltratievoorziening is gedimensioneerd conform de GSV.
De voorgestelde werken voldoen dus aan de huidige en toekomstige behoeften aan zachte mobiliteit. Er wordt voldaan aan de doelstellingen en principes, vermeld in artikel 3 en 4 van het decreet van 3 mei 2019 houdende de gemeentewegen.
Het algemeen bouwreglement van de Stad Gent omvat geen reglementering inzake het opleggen van lasten bij verkavelingsvergunningen. Op basis van bovenstaande beoordeling is het redelijk en proportioneel te verantwoorden om in deze verkavelingsaanvraag lasten op te leggen aan de houder van de vergunning.
De aanleg van het openbaar domein zal nog verder worden verfijnd. Als bijzondere voorwaarden worden al een aantal opmerkingen over het openbaar domein opgenomen die daarbij moeten worden verwerkt, zie artikel 2 van dit besluit.
Keurt het rooilijnplan, met inbegrip van de kosteloze grondafstand, zoals opgenomen in bijlage, goed.
keurt de ligging, breedte en uitrusting van de gemeentewegen, zoals ontworpen in de verkavelingsaanvraag, gelegen Hundelgemsesteenweg 204, /0101, /0003, /0002, /0001, /0101, /0003, /0002, /0001, 206 en Loskaai 1 en kadastraal gekend als afdeling 20 sectie A nrs. 349N, 368G, 379H, 380M, 380N, 382P, 382K, 383F2 en 398M, goed mits voldaan wordt aan volgende voorwaarden:
Voorwaarden uit externe adviezen:
Groen:
Hoogstammen van 2de orde of zuilvormige selecties moeten op min. 3m van de gevel voorzien worden, bomen van 1ste orde op min. 6m.
Waar privaat groen grenst aan openbaar groen moet er een duidelijke afscheiding (zoals een boordsteen) voorzien worden om de grens te markeren (i.f.v. leesbaarheid beheer).
Het beplantingsplan moet voorafgaand aan indienen technisch dossier met Groendienst afgestemd worden.
Taluds van de infiltratievoorziening op openbaar domein moeten zo flauw mogelijk gemaakt worden. In fase technisch dossier moeten voldoende snedes gemaakt worden om dit te optimaliseren. In- en uitstroom moeten duidelijk gematerialiseerd worden.
Wegenis:
Alle openbare verhardingen dienen een dwarshelling van min. 2% en max. 4% en een langshelling van min. 2 mm/m te hebben.
Bij het vastleggen van de vloerpassen en dorpelpeilen van het gebouw moet de bouwheer rekening houden met het bestaande/toekomstige peil van de dichtst bijgelegen rand van de (toekomstige) openbare verhardingen. De vloerpassen en dorpelpeilen dienen in fase technisch dossier op de plannen te staan. De peilen van de openbare verharding worden niet aangepast in functie van aanpalende bouwwerken. Er worden ook geen trappen en/of hellingen toegestaan op het openbaar domein om de gebouwen toegankelijk te maken. We wensen voor het volledige projectgebied de bestaande maaiveld peilen en de ontworpen peilen van ieder hoogste en ieder laagste punt van de verharding te ontvangen. Dit zeker ook thv de aansluitingen op de bestaande wegenis en van dorpels van toegangen.
Grens privaat en openbaar moet DUIDELIJK afgescheiden zijn van het toekomstig openbaar domein dit d.m.v. gebruik van een verschillend materiaal, boordsteen, andere type beplanting, ...
Er kan slechts één oprit van 4,5 m breed worden toegestaan naar de ondergrondse parking of 6 m indien dit inclusief het toegangspad is, die aangelegd wordt in betonstraatstenen 10 cm dik in een legbed van porfiersteenslag 2/6 4 cm dik op een fundering van 15 cm schraal beton. Oprit dient haaks aangelegd te worden op het betonpad.
Het water afkomstig van de wegenis die via de holle greppel richting de wadi wordt gestuurd, zal volgens ons de Schelde inlopen omwille van de grote langshelling. Vandaar dat op het einde van de holle greppel een straatkolk voorzien moet worden die het water zo afvoert richting wadi 1.
Het instroomvlakje waarlangs het water van de Loskaai naar de wadi loopt moet beperkt worden in breedte. Een hol aangelegde kasseistrook van 60cm is voldoende.
Grindgazon dient afgeboord te worden d.m.v. een boordsteen type ID1.
De positie van de verlichtingspalen dient verder afgestemd te worden met Fluvius en de lichtcel van Stad Gent. Zoals ze nu ingetekend staan t.h.v. de toegangspaden richting de verschillende loten, is dit niet mogelijk.
De standplaats voor onderhoud dient uit deze omgevingsvergunning geschrapt te worden en kan niet voorzien worden op het openbaar domein.
De paaltjes t.h.v. de oprit naar de ondergrondse parking en het toegangspad dienen geschrapt te worden.
Het grindgazon dient aangepast te worden naar betonverharding zodat fietsers hun bochten beter kunnen nemen. De deksels in de betonverharding dienen opgebroken te worden en volledig omstort te worden door de nieuwe wegenis beton.
Voor en na de uitstulping van het fietspad is een voldoende lang plantvak met een boom op 3m van de gevel te voorzien. Dit om de geleiding van de uitstulping met een verticaal element te vergroten.
Opritten moeten mee uitgewerkt worden, rekening houdend met de draaicirkels van de brandweer. De boorstenen worden enkel verlaagd voorzien thv inritten en oversteekplaatsen.
legt aan de houder(s) van de omgevingsvergunning, bij afgifte van de vergunning, de hiernavolgende lasten op:
LAST 1 – Aanleg openbare weg en riolering
Als vergunninghouder ben je verplicht om de openbare weg bij het project aan te leggen op eigen kosten. Ook de riolering hoort daarbij, zoals aangegeven op de plannen en eventueel aangepast aan de voorwaarden.
De verkavelingsvergunning geldt als omgevingsvergunning voor de aanleg van de nieuwe weg.
LAST 2 – Openbaar groen
Als vergunninghouder ben je verplicht om het openbaar groen bij het project aan te leggen op eigen kosten. Je baseert je daarvoor op de plannen, eventueel aangepast aan de voorwaarden.
De verkavelingsvergunning geldt als omgevingsvergunning voor de aanleg van het groen.
TER INFORMATIE: VERPLICHTINGEN BIJ DE CONCRETE UITVOERING VAN LAST 1 EN LAST 2
TECHNISCH DOSSIER
De Stad Gent en Farys stellen minimale kwaliteitseisen aan de technische uitvoering van de werken. Zij zijn immers de toekomstige eigenaars-wegbeheerder en beheerder van het openbaar domein. Het gaat bijvoorbeeld om de materiaalkeuze en de samenstelling van de fundering.
Daarom vragen we om een technisch dossier op te stellen.
Je vraagt de vereisten waaraan deze plannen en documenten moeten voldoen, op bij de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen. Ze moeten ook aan het standaardbestek SB 250 (laatste geldende versie - model Gent) voldoen.
Het technisch dossier moet zeker volgende zaken bevatten:
Deze zaken zijn waar nodig aangepast aan de voorwaarden uit de vergunning.
Maak het dossier digitaal over aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen. Deze dienst bezorgt dit dossier aan de andere betrokken diensten voor nazicht.
Deze diensten kunnen hierop opmerkingen geven, aanbevelingen doen en aanpassingen vragen.
Als vergunninghouder heb je er alle belang bij om de aanbevelingen van de technische diensten na te leven en de gevraagde aanpassingen door te voeren.
Je bent verplicht de lasten in natura financieel te waarborgen (voor meer details zie verder).
De omvang van de borg wordt bepaald op basis van het technisch dossier. De uiteindelijke waarborg zal ter goedkeuring voorgelegd worden aan het college van burgemeester en schepenen.
Je mag de werken pas starten nadat
1° het technisch dossier volledig beantwoordt aan de aanbevelingen van de Stad Gent en de betrokken diensten, en
2° de waarborg door het college van burgemeester en schepenen is aanvaard.
Zo zorgen we er samen voor dat de geplande rioleringswerken, wegenwerken of de groenaanleg, na uitvoering voorlopig kunnen opgeleverd worden en we de waarborg kunnen vrijgeven.
AANBESTEDING OF ONDERHANDSE OVEREENKOMST
Het technisch dossier dient als basis voor de aanbesteding of onderhandse overeenkomst.
Eenmaal je een aannemer hebt aangeduid, leg je dit voor aan de Stad Gent. Hiervoor maak je een kopie van de inschrijving over aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen en de Groendienst.
START VAN DE WERKEN
Je meldt de start van de werken van je bouwproject in het Omgevingsloket.
Deel de aanvangsdatum van de werken die betrekking hebben op het bestaand of toekomstig openbaar domein minstens 14 kalenderdagen vooraf mee aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen.
Je belegt vooraf een startvergadering met de ontwerper, de aannemer en het stadsbestuur (Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen, Farys en de Groendienst).
WEGGRENZEN UITZETTEN
Vóór de start van de wegen- en rioleringswerken moet je als vergunninghouder de weggrenzen ter plaatse uitzetten met voldoende en duidelijk zichtbare tekens. Deze afpaling op het terrein zet je om in een ‘uitzetplan’ dat je aan Projectbureau Ruimte voorlegt ter goedkeuring.
PLAN VAN GRONDOVERDRACHT
Uiterlijk 60 kalenderdagen voor de voorlopige oplevering leg je een ‘plan van grondoverdracht’ voor de kosteloze grondafstand voor aan de Dienst Wegen, Bruggen en Waterlopen ter goedkeuring. Dit ‘plan van grondoverdracht’ moet exact overeen komen met het vergunde rooilijnplan.
De technische vereisten waaraan het plan van grondoverdracht moet voldoen, vind je hier. Bij vragen hierover kan je terecht bij Dienst Vastgoed.
VERKEERSBORDEN, STRAATMEUBILAIR EN WEGMARKERINGEN
Als vergunninghouder moet je, op eigen kosten, de nodige verkeersborden en straatmeubilair, zoals paaltjes, laten leveren en plaatsen. Je brengt eveneens de nodige wegmarkeringen aan, zowel aan de wegen binnen de vergunning als aan de bestaande, aanpalende wegen, volgens de aanduidingen van het IVA Mobiliteitsbedrijf van de Stad Gent.
Je kan de opmaak van een signalisatieplan aanvragen bij het Mobiliteitsbedrijf van zodra het technisch dossier volledig beantwoordt aan de aanbevelingen van de Stad Gent/Farys.
In de e-mail naar het Mobiliteitsbedrijf geef je mee wanneer de voorlopige oplevering gepland is. Voor het opmaken van een goedgekeurd signalisatieplan geldt immers een zekere doorlooptijd, wat betekent dat de aanvraag minstens 5 maanden voor de voorlopige oplevering moet gebeuren.
Bij je aanvraag stuur je alle nodige informatie over de geplande heraanleg mee: een gegeorefereerd PDF- en DWG-bestand van het grondplan met daarop aangeduid de eventuele geplande paaltjes (met vermelding van het type) en laadpalen, de route(s) en draaicirkels voor de voertuigen van de brandweer en IVAGO, info over welke weggebruikers welke wegsegmenten wel/niet mogen gebruiken, aanleg conform (woon)erf is (indien van toepassing) en alle andere informatie die nodig is voor de opmaak van het signalisatieplan.
AS-BUILT DOSSIER
Voor de voorlopige oplevering moet je als vergunninghouder een as-built dossier opmaken op eigen kosten. Onder as-built dossier verstaan we meer dan enkel het ‘plan’.
Het bevat minstens volgende zaken:
* Enkel het as-built plan dien je in bij Informatie Vlaanderen. De voorlopige oplevering kan pas doorgaan als er een schriftelijke goedkeuring van Informatie Vlaanderen is over de conformiteit aan het Grootschalig Referentie Bestand of Basiskaart Vlaanderen (GRB).
AFSLUITING WERF
Zolang de openbare weg, de riolering en het openbaar groen niet voorlopig zijn opgeleverd moet de werf afgesloten blijven met een voldoende en stevig hekwerk. Tot zolang duid je de straten aan met een verkeersbord ‘privaat’, en dit aan alle toegangen.
OPLEVERING
Je voert de wegen- en rioleringswerken en de groenaanlegwerken in principe in één geheel uit. De afgewerkte weg, de riolering en het openbaar groen worden voorlopig en definitief opgeleverd in aanwezigheid van de Stad Gent in functie van een latere kosteloze afstand aan de Stad Gent.
De werken (wegen, riolering en openbaar groen) worden in 1 keer opgeleverd.
De termijn tussen de voorlopige en de definitieve oplevering bedraagt 3 jaar en gaat in op datum van de voorlopige oplevering. In die periode valt het groenonderhoud ten laste van jou als vergunninghouder.
De Stad Gent neemt het onderhoud van het openbaar groen over vanaf de definitieve oplevering van de werken.
EINDE VAN DE WERKEN
Nadat de openbare weg is aangelegd en de rioleringswerken zijn uitgevoerd, laat je dit weten aan de Dienst Wegen Bruggen en Waterlopen. De beëindiging van de groenaanleg deel je mee aan de Groendienst.
CONTACTGEGEVENS
LAST 3 – Aanleg van nutsvoorzieningen
Als vergunninghouder ben je verplicht om nieuwe nutsvoorzieningen naar en in het project aan te leggen op eigen kosten en/of om bestaande nutsvoorzieningen aan te passen.
Het is verplicht om minimaal volgende nutsvoorzieningen aan te leggen:
Je volgt daarbij strikt de voorwaarden uit de adviezen van de nutsbedrijven.
Je staat zelf in voor de kosten en lasten van het installeren van de openbare verlichting. Dit gebeurt volgens de richtlijnen van de Stad Gent en Fluvius. De Stad Gent neemt bij overdracht van het openbaar domein immers ook het beheer van de verlichting over.
Je vraagt direct na het bekomen van de vergunning advies bij de lichtcel, via openbareverlichting@stad.gent.
Je plaatst de openbare verlichting conform het Lichtplan van de Stad Gent. Alle info over het Lichtplan is te raadplegen via www.stad.gent/gentverlicht.
Voor je start met de werken, vraag je bij de nutsmaatschappijen die in de voorwaarden bij deze vergunning vermeld zijn, een offerte op om de omvang van de te stellen waarborg te bepalen. De nutsmaatschappij laadt die offerte op op het omgevingsloket.
LAST 4 – Kosteloze grondafstand
Binnen het jaar na de definitieve oplevering draag je de openbare weg met uitrusting en het openbaar groen kosteloos over aan de Stad Gent.
De Stad Gent controleert het plan van grondoverdracht (zie hoger) zowel digitaal als op het terrein alvorens de definitieve oplevering kan plaatsvinden. Eenmaal het plan van overdracht conform verklaard is, ben je verplicht de prekadastratie (= voorafgaande perceelsidentificatie) ervan aan te vragen.
Een notaris van je keuze maakt vervolgens het conform verklaarde plan in analoge versie, samen met een ontwerp van de akte, over aan de Dienst Vastgoed, Sint-Salvatorstraat 16, 9000 Gent, voor nazicht en goedkeuring door de gemeenteraad.
Na goedkeuring door de gemeenteraad zal een notaris van je keuze de akte verlijden. Alle kosten met betrekking tot deze akte (opmaken, verlijden, registreren, overschrijven, ...) zijn ten laste van jou als vergunninghouder.
Het subsidiereglement voor de renovatie of verbouwing van huurwoningen voor de periode 2022-2025 is gekoppeld aan de werking van het Verhuurderspunt (dienst Wonen).
Sinds de opstart in juni 2021, behandelde het Verhuurderspunt ruim 2.500 cases over diverse vragen van verhuurders (stavaza medio december 2024). Voornaamste thema’s: renovatie en premies, huurwetgeving, woonkwaliteit.
Na het intakegesprek bij het Verhuurderspunt kan een renovatietraject op gestart worden i.s.m. de Energiecentrale en de dienst Toezicht Wonen, Bouwen en Milieu (WBM). Zo zijn er al meer dan 1.200 plaatsbezoeken uitgevoerd (duo renovatiecoach-woningcontroleur), gevolgd door renovatieadvies op maat en een begeleidingsaanbod om de woningkwaliteit en energiezuinigheid van de huurwoning te verbeteren. Eind 2023 werd het systeem uitgebreid naar verbeteringswerken op het vlak van toegankelijkheid, maar dit vertaalt zich voorlopig nog niet in een groot dossiervolume.
Na uitvoering van de werken – overeenkomstig het renovatieadvies – en de toekenning van het conformiteitsattest, als bewijs dat de gerenoveerde woning aan de normen van de Vlaamse Codex Wonen voldoet, kan de verhuurder bij het Verhuurderspunt de subsidie aanvragen. Een belangrijke voorwaarde is dat de gerenoveerde woning dan minstens 9 jaar aan een begrensde prijs verhuurd wordt (maxima vastgesteld door het college en jaarlijks geïndexeerd). Medio december 2024 stond de teller op 275 aanvragen en was er in totaal al bijna 1,5 miljoen euro aan subsidiebetalingen vastgelegd.
Het huidige subsidiereglement eindigt op 31/12/2025. Het nieuwe bestuursakkoord 2025-2030 voorziet in een versterking van het Verhuurderspunt en het systeem van de renovatiesubsidie gekoppeld aan de maximumhuurprijs, maar de concrete invulling wordt pas in het najaar beslist (opmaak en goedkeuring van het financieel meerjarenplan).
In 2025 staat het Verhuurderspunt voor de uitdaging staan om de transitie tussen het huidige en het nieuwe subsidiebeleid zo vlot mogelijk te laten verlopen. Om dit te faciliteren, is het aangewezen om een beperkte wijziging van het vigerende reglement door te voeren. Het gaat over twee technische aanpassingen in artikel 6,§1,b van het reglement, zonder budgettaire implicaties of nadelige impact op de reeds behandelde, lopende of nog te verwachten aanvragen (cf. gelijkheidsbeginsel).
1. Termijn na renovatieadvies
Om de stand van zaken in ‘slapende’ dossiers te kennen en te anticiperen op de nog te verwachten subsidieaanvragen, stuurde het Verhuurderspunt in januari en oktober 2024 zgn. pick-up mails naar de verhuurders die na het renovatieadvies al lang niets meer van zich hadden laten horen.
Uit de respons blijkt dat heel wat verhuurders moeilijkheden ondervinden om de werken binnen de reglementaire termijn af te ronden, nl. maximum 2 jaar na het renovatieadvies (of 3 jaar voor werken aan gemene delen van appartementsgebouwen die VME-goedkeuring vereisen). De redenen hiervoor zijn divers: zittende huurder werkt niet mee, renovatie later gestart en/of duurt langer dan gepland, werken om praktische of financiële redenen uitgesteld, problemen met aannemers, … .
Dit is niet alleen een heikel punt voor de burger/verhuurder die de subsidie riskeert te mislopen, maar ook voor de beleidsdoelstellingen aangezien hierdoor kansen gemist worden om degelijk gerenoveerde woningen aan een begrensde prijs op de Gentse huurmarkt te houden.
In een aantal dossiers kan het issue verholpen worden met een pragmatische oplossing die binnen het reglementaire kader past (bv. vernieuwen van het oude renovatieadvies) en voorlopig heeft het college nog geen enkele aanvraag moeten weigeren op basis van louter formele termijnredenen. Echter, naarmate de tijd vordert en renovaties in vroegere trajecten van het Verhuurderspunt afgewerkt worden, zal dit binnen het huidige reglementaire kader niet meer te vermijden zijn.
De maximumtermijn tussen renovatieadvies en subsidieaanvraag werd destijds vnl. ingeschreven om te vermijden dat verhuurders te lang zouden talmen om aan de slag te gaan, vooral dan wat betreft de noodzakelijke werken om de huurwoning in regel te brengen met de Vlaamse Codex Wonen. Het opzet was om hiermee te sturen op het – toen nog vrijwillig aan te vragen – conformiteitsattest (CA).
De recente invoering van het verplicht CA in Gent, sinds 1/10/2023 aan te vragen bij de eerste of nieuwe verhuring van een woning ouder dan 30 jaar, is een belangrijke gamechanger voor het lokale woningkwaliteitsbeleid. Het ondersteuningsaanbod vanuit het Verhuurderspunt blijft als flankerende maatregel bestaan, maar nu er een specifiek verplichtend kader voor het CA bestaat is het beter om de aan het renovatieadvies gekoppelde maximumtermijn in artikel 6,§1,b van het subsidiereglement te schrappen (rekening houdend met voormelde problematiek voor werken die meer tijd vragen). Hetzelfde geldt voor de situaties waarin deze termijn volgens het hetzelfde artikel begint te lopen vanaf de ontvangst van het technisch verslag of het verkrijgen van de nodige omgevingsvergunning.
De regel dat de ingediende facturen maximum 2 jaar oud mogen zijn (idem als voor de Vlaamse Mijn VerbouwPremie) blijft onverminderd van toepassing, evenals de voorwaarde dat de subsidieaanvraag pas ontvankelijk is na het behalen van het CA. Wie binnen het traject van het Verhuurderspunt te lang talmt om woningkwaliteitsgebreken aan te pakken en in conflict komt met de procedure en termijnen van het verplicht CA, hypothekeert op eigen risico de goedkeuring van de subsidie.
2. Uiterste indieningsdatum
De uiterste indieningsdatum voor aanvragen onder het vigerende reglement is 1/9/2025. Als het subsidiebeleid voor de renovatie van huurwoningen in 2026 wordt doorgezet, dan zal het kader hiervoor pas in het najaar goedgekeurd kunnen worden (cf. financieel meerjarenplan).
Deze situatie zorgt niet alleen voor onzekerheid in dossiers van verhuurders die in de opstartfase van een renovatie zitten of nog volop met de werken bezig zijn, maar ook voor een toenemende druk op de werking van het Verhuurderspunt (dienst Wonen, de Energiecentrale en dienst Toezicht WBM).
Zonder voorafname op het toekomstige beleid, kan dit wat gemilderd worden door de uiterste indieningsdatum onder het huidige subsidiereglement te verschuiven naar 31/12/2025. Als het reglement na goedkeuring van het nieuwe MJP verder verlengd zou worden of vervangen door een nieuw subsidiekader, dan zullen de nodige overgangsmaatregelen ingeschreven worden.
Wijzigt artikel 6,§1,b van het subsidiereglement voor de renovatie of verbouwing van huurwoningen in de periode 2022-2025 als volgt:
"Artikel 6
§1.b. [schrappen van het eerste en tweede lid]
Bij de aanvraag kunnen enkel facturen ingediend worden die maximum 2 jaar oud zijn.
In ieder geval is de uiterste indieningsdatum 31 december 2025."
Keurt goed de inwerkingtreding van de wijziging van artikel 6,§1,b van het subsidiereglement voor de renovatie of verbouwing van huurwoningen in de periode 2022-2025 op 1 februari 2025.
Neemt kennis van de gecoördineerde versie van het subsidiereglement voor de renovatie of verbouwing van huurwoningen in de periode 2022-2025, zoals gevoegd in bijlage.
Raadslid Julie Steendam diende voor de raad van 27 en 28 januari 2025 een motie in met als onderwerp 'Oproep aan de federale regering en de federale onderhandelaars m.b.t. de besparing op mentaal welzijn jongeren'. Het college van burgemeester en schepenen wenst hierop een tegenvoorstel te formuleren.
Steeds meer kinderen en jongeren zijn mentaal kwetsbaar. Daarom werd mentaal welzijn ook een van de grootste prioriteiten in het gezondheidsbeleid de afgelopen legislatuur. Als we echter echt impact willen hebben, zullen alle beleidsniveaus en hun actoren hierop moeten inzetten. Daarom is het nodig dat er een duurzaam vervolg komt op de federale impulsmiddelen zodat we in samenwerking met de partners structureel verder kunnen werken aan het mentaal welzijn van jongeren.
Keurt goed het tegenvoorstel op de motie ingediend door raadslid Julie Steendam met als onderwerp 'Oproep aan de federale regering en de federale onderhandelaars m.b.t. de besparing op mentaal welzijn jongeren', en dit door het vervangen van artikel 1 van de motie door de hiernavolgende tekst:
artikel 1: De Gentse gemeenteraad benadrukt hoe groot de noden zijn rond mentaal welzijn van jongeren en de maatschappelijke opdracht om hier vanuit alle betrokken beleidsdomeinen en beleidsniveaus extra actie rond te ondernemen. Ze roept de federale regering en federale onderhandelaars op om een duurzaam vervolg te geven aan deze federale middelen rond mentaal welzijn voor kwetsbare jongeren.
De federale regering van lopende zaken heeft beslist om 3 miljoen euro steun te schrappen aan projecten m.b.t. het mentaal welzijn van jongeren. Ook in Gent zullen o.a. TEJO, Touché, CAW, OCMW en OverKop zwaar worden getroffen door deze besparingsmaatregel. Sommige organisaties vrezen voor hun voortbestaan.
De betrokken organisaties worden grotendeels door vrijwilligers gedragen en leveren de samenleving een grote winst op. Deze initiatieven zijn m.a.w. van onschatbare waarde voor onze stad en verdienen de nodige middelen en financiële ondersteuning.
De vernoemde initiatieven leveren werk en resultaten van onschatbare waarde. Het is cruciaal voor de Gentse jongeren, hun omgeving en de stad in het algemeen dat deze werkingen kunnen blijven voortbestaan. Daarom wordt in afwachting van een definitieve beslissing door de federale regering (in lopende zaken) en de federale onderhandelaars m.b.t. deze besparingsmaatregel het volgende beslist:
De Gentse gemeenteraad geeft de opdracht aan het college van burgemeester en schepenen om meteen de nodige middelen vrij te maken, zodat de werking van de betrokken organisaties kan gecontinueerd worden, als en in de mate dat de federale regering bij haar beslissing blijft om op de de financiering van de betrokken organisaties te besparen.
Het Apostelbosje, bij Apostelhuizen, kent ondertussen al een lange geschiedenis. Verschillende bouwaanvragen voor het perceel werden telkens tegengehouden door bezwaren van buurtbewoners die het gebied als waardevol groen voor de buurt beschouwen.
Het 'deelgebied Apostelhuizen' dat oorspronkelijk deel uitmaakte van het RUP Groen, werd uiteindelijk uit het RUP geschrapt door het vorige stadsbestuur. De Raad van State vernietigde in december 2023 de beslissing van de Stad Gent om het 'deelgebied Apostelhuizen' te schrappen uit het RUP Groen.
Ondertussen loopt er een nieuwe bouwaanvraag voor het perceel, het openbaar onderzoek loopt nog tot 8 februari. Deze aanvraag gaat dan ook duidelijk in tegen het arrest van de Raad van State.
- Welke toekomst ziet het stadsbestuur voor het Apostelbosje? Zal deze alsnog worden opgenomen in het RUP Groen?
- Welke stappen zal het stadsbestuur nemen om het Apostelbosje te beschermen nu het opnieuw bedreigd wordt door een bouwaanvraag?
De voorbije decennia is de stadsorganisatie almaar groter, logger en duurder geworden, met de financiële gevolgen van dien. De budgettaire situatie van de Stad maakt dat er maatregelen zullen moeten worden genomen. De nieuwe schepen van Financiën heeft in de pers al aangegeven dat er gesaneerd moet worden, en er dus keuzes zullen moeten gemaakt worden.
Om een organisatie te reorganiseren en te stroomlijnen, zoals vooropgesteld in het bestuursakkoord, is een objectieve analyse en benchmark nodig. Een externe partij is het best geplaatst om de onafhankelijkheid hiervan te verzekeren. Op die manier kan een kerntakendebat ten gronde worden gevoerd.
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op een externe partij aan te stellen om een onafhankelijke doorlichting van de stadsorganisatie op te starten.