Terug
Gepubliceerd op 20/12/2024

2024_CBS_12014 - OMV_2024092456 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een bedrijf gespecialiseerd in het omzetten van natuurlijke vetzuren, glycerine, biodiesel, dimeren en vetesters (IIOA en SH) + bijstelling - met openbaar onderzoek - , - Advies

college van burgemeester en schepenen
do 19/12/2024 - 08:32 College Raadzaal
Datum beslissing: do 19/12/2024 - 08:52
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Tine Heyse

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Tine Heyse, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Isabelle Heyndrickx, schepen; Hafsa El-Bazioui, schepen; Evita Willaert, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Liesbet Vertriest, adjunct-algemeendirecteur

Secretaris

Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Voorzitter

Sofie Bracke, schepen
2024_CBS_12014 - OMV_2024092456 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een bedrijf gespecialiseerd in het omzetten van natuurlijke vetzuren, glycerine, biodiesel, dimeren en vetesters (IIOA en SH) + bijstelling - met openbaar onderzoek - , - Advies 2024_CBS_12014 - OMV_2024092456 - aanvraag omgevingsvergunning voor het veranderen van een bedrijf gespecialiseerd in het omzetten van natuurlijke vetzuren, glycerine, biodiesel, dimeren en vetesters (IIOA en SH) + bijstelling - met openbaar onderzoek - , - Advies

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 24 en 42.

 

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

 

Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.

 

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

 

Het college van burgemeester en schepenen heeft geen bezwaar tegen de ingediende aanvraag.

 

WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?

 

OLEON NV met als contactadres Assenedestraat 2, 9940 Evergem heeft een aanvraag (OMV_2024092456) ingediend bij de deputatie op 27 september 2024.

 

De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit handelt over:

Onderwerp: het veranderen van een bedrijf gespecialiseerd in het omzetten van natuurlijke vetzuren, glycerine, biodiesel, dimeren en vetesters (IIOA en SH) + bijstelling

• Adres: , 

Kadastrale gegevens:  sectie A nrs. 66F3, 66G3, 97C3, 117F, 122A2, 122Y, 902P en afdeling 14 sectie X nrs. 69E4

 

Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 31 oktober 2024.

De deputatie heeft het college van burgemeester en schepenen om advies gevraagd op 31 oktober 2024.

De aanvraag volgde de gewone procedure.

Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 10 december 2024.

 

OMSCHRIJVING AANVRAAG

 

1.       BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT

De aanvraag betreft een gecombineerde omgevingsvergunningsaanvraag met stedenbouwkundige handelingen en een ingedeelde inrichting of activiteit

 

Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen

De aanvraag omvat het bouwen van een silotank op de bedrijfssite van Oleon. Deze site bevindt zich helemaal in het noorden van Gent, ten westen van het kanaal Gent-Terneuzen, en bevindt zich ook voor een groot deel op het grondgebied van Evergem. De omgeving wordt gekenmerkt door havengebonden bedrijvigheid.

 

Oleon is in onderhandeling voor de aankoop van een stuk grond grenzend aan de noord/noordoost kant van het huidige bedrijventerrein. Op deze gronden heeft Oleon toekomstige plannen om deze nieuwe site te ontwikkelen als tankparksite met bijkomende productiecapaciteit. Met deze omgevingsvergunningsaanvraag wordt alvast de gedeeltelijke ontwikkeling van dit aan te kopen terrein aangevraagd.

 

Voorlopig omvat deze aanvraag enkel de plaatsing van één nieuwe tank ter ondersteuning van de huidig lopende productiecapaciteit op de site in Ertvelde. Tevens wordt op het nieuw te verwerven terrein steenslagverharding aangevraagd om op deze site te kunnen circuleren en om de brandweer toe te laten, om in het geval van eventuele calamiteiten, een goede bereikbaarheid rondom rond te kunnen garanderen. Rondom het aan te kopen terrein wordt ook een terrein-afsluiting voorzien en een schuifpoort met breedte van 12 m voor verbinding met de nieuw nog aan te leggen openbare wegenis. De geplande werken bevinden zich allemaal op het grondgebied van Evergem.

 

Beschrijving van de aangevraagde inrichtingen of activiteiten

Het betreft het veranderen van een bedrijf gespecialiseerd in het omzetten van natuurlijke vetzuren, glycerine, biodiesel, dimeren en vetesters (IIOA en SH) + bijstelling.

 

Het bedrijf is gespecialiseerd in het omzetten van natuurlijke vetten en oliën naar een breed gamma oleochemische producten zoals vetzuren, glycerine, biodiesel, dimeren en vetesters.  De fabriek in Ertvelde produceert de zogenoemde basisoleochemicaliën, zijnde vetzuren, glycerine, dimeren, monopropyleenglycol en biodiesel.

 

Het bedrijf verwerkt jaarlijks tot 400.000 ton natuurlijke oliën en vetten tot basisoleochemicaliën. De lopende milieuvergunning dateert van 16 oktober 2008 en werd verleend voor een termijn van 20 jaar. De milieuvergunning werd sinsdien verschillende keren aangepast.

 

Met voorliggende aanvraag wordt er een nieuwe bovengrondse opslagtank (T500) van 650 m³ met bijhorende pomp, ter ondersteuning van de huidig lopende productiecapaciteit op de site in Ertvelde, aangevraagd. De tank zal gebruikt worden als buffer voor opslag van oleochemische tussenproducten die gevormd worden tijdens het productieproces.

 

Verder wordt ook aangevraagd:

- Een actualisatie van de aanwezige airco’s en koelgroepen waardoor het totaal geïnstalleerd vermogen afneemt met 101,54 kW;

- Een wijziging in de opslag van gevaarlijke producten in verplaatsbare recipiënten. Het product Nalco Trasar TRAC102 (E1,GHS09) wordt vervangen door het product TRAC402 (GHS05). Het volume aan product blijft ongewijzigd;

- Toevoeging van een vacuümpomp in de destillatie dimerenunit installatie en een procespomp waardoor de totaal geïnstalleerde drijfkracht mbt rubriek 44.2.3 toeneemt met 17,5 kW;

Actualisatie van de opslag van actieve kool CA3 (GHS02) omwille van wijziging SDS informatie. De stukgoedlijst wordt geactualiseerd met een hoeveelheid van 6.500 kg actieve kool CA3 in verplaatsbare recipiënten (zakken en/ of big bags). Daarnaast worden de eigenschappen voor tank 106T037 met opslag actieve kool CA3 in de tankenlijst geactualiseerd.

 

M.b.t. de opslag en aanwezigheid van Seveso-stoffen (rubriek 17.2.1) worden volgende wijzigingen aangevraagd:

-   Een wijziging van het product Nalco Trasar TRAC102 (E1,GHS09) door het niet Seveso product TRAC402 (GHS05). Alhoewel het totaal volume aan stoffen niet zal wijzigen neemt het volume aan Seveso-stoffen af met 0,8 ton wegens het niet meer Seveso zijn van het vervangproduct.

 

Volgende rubrieken worden aangevraagd:

Rubriek

Omschrijving

Hoeveelheid

6.4.3°

opslagplaatsen voor brandbare vloeistoffen met een totale opslagcapaciteit van meer 5.000.000 l | Bijkomende opslag van brandbare vloeistoffen in een nieuwe bovengrondse tank van 650 m3 | klasse 1 | Verandering

650000 liter

16.3.2°b)

koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen en airconditioningsinstallaties (meer dan 200 kW) | Een actualisatie van de aanwezige airco’s en koelgroepen waardoor het totaal geïnstalleerd vermogen afneemt met 101,54 kW | klasse 2 | Verandering

-101,54 kW

17.2.1.

inrichting waar gevaarlijke producten aanwezig zijn in hoeveelheden die gelijk zijn aan of groter zijn dan de hoeveelheid, vermeld in bijlage 5, deel 1 en 2, kolom 2, bij dit besluit - lagedrempelinrichting | Afname van de aanwezigheid van 0,8 ton milieugevaarlijke producten (E1). | klasse 1 | Verandering

0 lagedrempelinrichting

17.3.4.3°

bijtende vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS05 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 100 ton | Toename van 0,8 ton diverse bijtende vloeistoffen en vaste stoffen (GHS05) in verplaatsbare recipiënten | klasse 1 | Verandering

0,8 ton

17.3.8.2°

voor het aquatisch milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, opslagplaatsen voor vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS09 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van meer dan 2 ton tot en met 200 ton | Afname van de aanwezigheid van 0,8 ton diverse voor het aquatische milieu gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen in verplaatsbare recipiënten | klasse 2 | Verandering

-0,8 ton

44.2.3°a)

andere inrichtingen voor het vervaardigen of behandelen van plantaardige of dierlijke oliën en vetten, wassen, of andere niet-eetbare vetstoffen dan de inrichtingen, vermeld in rubriek 44.1, met een geïnstalleerde totale drijfkracht van meer dan 1000 kW, als de inrichting volledig is gelegen in een industriegebied | Toevoeging van extra vacuümpomp met vermogen van 6,5 kW en een procespomp met een vermogen van 11 kW | klasse 1 | Verandering

17,5 kW

44.3.

opslagplaatsen voor vetten, wassen, oliën of andere niet-eetbare vetstoffen met een capaciteit van meer dan 10 ton, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 17 en 48 | Bijkomende opslag van brandbare vloeistoffen in een nieuwe bovengrondse tank van 650 m3 | klasse 2 | Verandering

591,5 ton

 

Volgende rubrieken zijn ongewijzigd:

3.5.3° | Het lozen van maximaal 500 m3/uur – 12.000 m3/dag en 2.500.000 m3/jaar koelwater in oppervlaktewater | 500 m³/uur

3.6.1. | Het lozen van maximaal 4.530 m3/jaar huishoudelijk afvalwater via 4 individuele afvalwaterzuiveringsinstallaties in oppervlaktewater. | 4530 m³/jaar

3.6.3.3° | Het lozen van maximaal 150 m3/uur – 3.600 m3/dag en 1.000.000 m3/jaar bedrijfsafvalwater met gevaarlijke stoffen via een waterzuiveringsinstallatie (een neutralisatiebekken, vetvangers, een bufferbekken, een biologische zuivering, een stabilisatie en een slibindikking) in oppervlaktewater | 150 m³/uur

6.5.1° | Een verdeelslang voor stookolie | 1 verdeelslang

7.2. | Geïntegreerde chemische installaties voor de fabricatie op industriële schaal, door chemische omzetting waarin verschillende eenheden naast elkaar bestaan en functioneel met elkaar verbonden zijn, voor de fabricatie van basischemicaliën. | 533000 ton/jaar

7.11.1°b) | Chemische installaties voor de productie van 533.000 ton/jaar zuurstofhoudende koolwaterstoffen, waarvan: - 240.000 ton vetzuren; - 40.000 ton methylesters; - 120.000 ton biodiesel; - 35.000 ton mixed glycerine; - 40.000 ton plantaardige glycerine; - 28.000 ton propyleenglycol; - 28.000 ton dimeren - 2.000 ton ethyleenglycol. | 533000 ton/jaar

7.12.1°a) | Chemische installaties voor de productie van 533.000 ton/jaar organische chemicaliën, waarvan: - 240.000 ton vetzuren; - 40.000 ton methylesters; - 120.000 ton biodiesel; - 35.000 ton mixed glycerine; - 40.000 ton plantaardige glycerine; - 28.000 ton propyleenglycol; - 28.000 ton dimeren; - 2.000 ton ethyleenglycol | 533000 ton/jaar

12.2.2° | 6 transformatoren met een individueel nominaal vermogen van respectievelijk 1.250 kVA, 2 x 1.600 kVA en 3 x 2.000 kVA. | 10450 kVA

15.1.2° | De maximale stalling van 31 voertuigen andere dan personenwagens. | 31 voertuigen

16.4.1° | Een propaanvulstation voor heftrucks. | 1 vulstation

17.1.2.1.2° | De maximale opslag van 9.872 liter diverse gassen in gasflessen. | 9872 liter

17.1.2.2.3° | De maximale opslag van 3.000 liter LPG en 25.000 liter N2 in 2 bovengrondse vaste gastanks. | 28000 liter

17.3.2.1.1.1°a) | De maximale opslag van 8,312 ton diesel en stookolie (GHS02), waarvan 4,2 ton stookolie in 2 bovengrondse tanks van respectievelijk 2 x 2,4 m3 en 4,112 ton diesel in een bovengrondse houders van 4,7 m3. | 8,31 ton

17.3.2.2.3°b) | De maximale opslag van 458,2 ton methanol (incl. mengsels) (GHS02) in 3 bovengrondse tanks van respectievelijk 60 m3 - 200 m3 en 300 m3 | 458,2 ton

17.3.5.3° | De maximale opslag van 458,2 ton methanol (incl. mengsels) (GHS06) in 3 bovengrondse tanks van respectievelijk 60 m3 – 200 m3 en 300 m3 en 1 ton mierenzuur in stukgoed. | 459,2 ton

17.3.6.3° | De maximale opslag van 1201,99 ton diverse schadelijke vloeistoffen en vaste stoffen (GHS07) waarvan 50 ton ongebluste kalk in een bovengrondse silo , 1114,75 ton in 8 bovengrondse tanks van respectievelijk 6m3 - 2 x 25 m3 - 40 m3 - 67 m3 - 200 m3 - 2x300 m3 en 37,24 ton in verplaatsbare recipiënten. | 1201,99 ton

17.3.7.3° | De maximale opslag van 460 ton op lange termijn gezondheidsgevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen (GHS08) waarvan 458,2 ton methanol (incl. mengsels) in 3 bovengrondse tanks van respectievelijk 60 m3 – 200 m3 en 300 m3 en 1,8 ton thermische olie in verplaatsbare recipiënten | 460 ton

17.4. | De maximale opslag van 2.150 kg en 2.000 liter diverse gevaarlijke stoffen in kleine verpakkingen. | 4150 kg

19.6.1°c) | De maximale opslag van 600 m3 houten paletten in een lokaal. | 600 m³

24.2. | 2 kwaliteitslabo's | 2 labo's

29.5.2.1°a) | Diverse metaalbewerkingstoestellen met een totaal

geïnstalleerde drijfkracht van 27,45 kW | 27,45 kW

31.1.2°b) | 5 sprinklerinstallaties met een totaal nominaal vermogen van respectievelijk 2 x 172 kW en 3 x 197 kW (worden voor slechts 50% in rekening gebracht) (totaal: 935 kW) | 935 kW

39.1.1° | Een stoomgenerator met een individuele inhoud van 325 liter. | 325 liter

39.1.2° | 1 stoomgenerator met een inhoud van 600 liter. | 600 liter

39.1.3° | 2 stoomgeneratoren met een individuele inhoud van 16.000 liter en 45.700 liter | 61700 liter

39.2.1° | 39 stoomvaten met een individuele inhoud van respectievelijk 4 x 300 liter – 2 x 320 liter – 325 liter – 340 liter – 2 x 390 liter – 2 x 400 liter – 2 x 410 liter – 500 liter – 560 liter – 612 liter – 700 liter – 730 liter – 800 liter – 900 liter – 950 liter – 3 x 1.000 liter – 3 x 1.100 liter – 1.220 liter – 2 x 1.800 liter – 2 x 1.875 liter – 2.864 liter – 3.320 liter – 2 x 4.220 liter – 2 x 4.900 liter. | 49951 liter

39.2.2° | 8 stoomvaten met een individuele inhoud van respectievelijk 2 x 7.700 liter – 2 x 8.270 liter – 2 x 9.000 liter – 10.309 liter en 11.800 liter. | 72049 liter

39.4.1° | 5 warmtewisselaars met een individuele inhoud van 33 liter, 44 liter, 455 liter, 625 liter en 1.700 liter. | 2857 liter

39.4.2° | 4 warmtewisselaars met een individuele inhoud van 6.350 liter, 7.386 liter en 2 x 15.600 liter. | 44936 liter

43.1.3° | 5 stookinstallaties met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van respectievelijk 150 kW - 750 kW - 4.500 kW - 17.000 kW - 22.500 kW (totaal 44.900 kW) | 44900 kW

43.3.1° | 5 stookinstallaties met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van respectievelijk 150 kW - 750 kW - 4.500 kW - 17.000 kW - 22.500 kW en 5 dieselmotoren met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van respectievelijk 2 x 172 kW en 3 x 197 kW (totaal 45.835 kW). | 45,84 MW

43.4. | 5 stookinstallaties met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van respectievelijk 150 kW - 750 kW - 4.500 kW - 17.000 kW - 22.500 kW en 5 dieselmotoren met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van respectievelijk 2 x 172 kW en 3 x 197 kW (totaal 45.835 kW). | 45,84 MW

 

Volgende rubrieken zijn niet meer van toepassing:

16.3.1° | Diverse koelinstallaties met een gezamenlijke hoeveelheid van 2.670,27 ton CO2- equivalent. | 2670,27 ton CO2-equivalent

 

2.       HISTORIEK

De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de historiek.

 

BEOORDELING AANVRAAG

 

3.       EXTERNE ADVIEZEN

Wettelijk verplichte externe adviezen worden opgevraagd door de vergunningverlenende overheid.

 

Geen advies advies van Onroerend Erfgoed afgeleverd op 31 oktober 2024:
Er is geen beschermd erfgoed op de percelen. 

Voor de volledigheid wijzen wij u erop dat, ongeacht de archeologieregelgeving van kracht is. Zorg dat u het juiste traject volgt bij aanvragen voor een omgevingsvergunning. Meer informatie en een beslissingsboom kunt u terugvinden op  https://www.onroerenderfgoed.be/archeologie-bij-vergunningsaanvragen-vergunningverleners

 

Geen advies advies van Agentschap voor Natuur en Bos afgeleverd op 31 oktober 2024:
Geen ruimtelijk kwetsbaar gebied

Geen bos of park

Geen effect op sbz of ven

 

Voorwaardelijk gunstig advies van Fluxys NV afgeleverd op 12 november 2024
 

Gunstig advies van Federale Overheidsdienst Binnenlandse Zaken - ASTRID afgeleverd op 19 november 2024:
Beslissing/Advies Veiligheidscommissie ASTRID.

OPGELET: 

-  De voorwaarde/motivatie dient expliciet te worden opgenomen in de voorwaarden NA besluit in de vergunning! Zo niet, zal de VCA een beroep indienen tegen de verleende vergunning zonder verdere berichtgeving!

Bovenstaande aanduidingen gaan nooit voor op de inhoud en gevolgen van de beslissing in bijlage.


Voorwaardelijk gunstig advies van Brandweerzone Centrum afgeleverd op 21 november 2024:
Aandachtspunten: 

Door de wijzigingen moet het bestaande interventiedossier geactualiseerd worden.

Voorwaardelijk gunstig advies van North Sea Port afgeleverd op 21 november 2024:
Wij verwijzen naar uw bovenvermelde adviesvraag via het Omgevingsloket van 31/10/2024 met referentie OMV_2024092456.

De aanvraag heeft betrekking op privaat terrein.

De werken kunnen gunstig worden geadviseerd, mits rekening te houden met volgende voorwaarden: 

-  Minstens 10 werkdagen voor de aanvang van de werken verwittigt de aanvrager de afdeling Port Infra van North Sea Port schriftelijk of per mail (adviezen@northseaport.com) .

-  Bij het lozen van regen- en afvalwater dienen de geldende wettelijke bepalingen te worden gevolgd 

-  De aansluiting op de openbare gracht dient van de nodige grachtbeschoeiing voorzien te worden zodat de gracht tegen uitspoeling beschermd is. Na de werken aan de lozingen op de gracht dient alles hersteld, opgeruimd en gedurende 2 jaar onderhouden te worden. Grasbermen en taluds dienen kort na de werken opnieuw te worden ingezaaid met een mengsel van weinig productieve grassen (rood zwenkgras, gewoon struisgras, fijn schapengras) en éénjarige bloemen (klaproos, korenbloem).

-  De kosten en het onderhoud van de aansluiting op het rioleringssysteem is ten laste van de aanvrager.

-  De aansluiting wordt voorzien van een toezichtput met volgende voorwaarden:

-   wordt geplaatst ter hoogte van de rooilijn en op het openbaar domein;

-   moet steeds toegankelijk zijn;

-    heeft een verdiepte bodem van minimaal 25cm.

-  Een voorstel van de aansluiting op het rioleringssysteem dient voorafgaand de start der werken ter goedkeuring te worden voorgelegd aan North Sea Port.

-    De aanvrager is verantwoordelijk t.o.v. North Sea Port en derden voor alle schade en nadelen die voortvloeien uit deze toelating.

-   Schade aan het terrein, aan de verhardingen en de bermen die te wijten is aan de uitvoering van de werken dient door de aanvrager te worden hersteld in zijn oorspronkelijke toestand. Het onderhoud van de wegherstellingen en van de gedichte sleuven valt gedurende 2 jaar ten laste van de aanvrager.

- Voor de bestaande nutsleidingen in de buurt van de werken, verwijzen wij naar https://overheid.vlaanderen.be/informatie-vlaanderen/producten-diensten/kabel-en-leidinginformatieportaal-klip. North Sea Port neemt hierin geen enkele verantwoordelijkheid.

-   Bij afbraakwerken dient men de afwatering van de verhardingen in stand te houden.

-   Aandacht schenken aan  de slibafzetting bij grondbemaling, opdat dit met het spuien niet in het Kanaal Gent-Terneuzen/grachten of riolering terecht komt. Men dient tijdens en na de uitvoering alles in het werk te stellen om slibafzetting en –transport naar het kanaal Gent-Terneuzen te voorkomen. 

-  Realisatie van de oprit dient door middel van inbuizing van de gracht en kopmuren te gebeuren. Hiervoor kan de aanvrager de nodige technische informatie verkrijgen bij het cluster Port  Infra; team beheer en onderhoud de afdeling Infrastructuur van North Sea Port.(adviezen@northseaport.com)  

- Men dient bij realisatie van opritten alle nodige maatregelen te treffen zodat de veiligheid van alle weggebruikers wordt verzekerd.  Hiervoor zijn standaarddetails voorhanden bij North Sea Port met betrekking tot zichtlijnen, kruisen van fietspaden, markeringen en signalisatie waaraan minimaal moet voldaan worden. De laatste standaarddetails dient opgevraagd te worden bij het cluster Port Infra van North Sea Port; team beheer en onderhoud (adviezen@northseaport.com). Het ontwerp en de uitvoering van de in of uitritten dienen hierop aangepast te worden.

- Men dient bij realisatie van opritten alle nodige maatregelen te treffen zodat de veiligheid van alle weggebruikers wordt verzekerd.  Hiervoor zijn er standaarddetails voorhanden bij North Sea Port met betrekking tot zichtlijnen, kruisen van fietspaden, … waaraan minimaal moet voldaan worden. De laatste standaarddetails kunnen altijd bij de afdeling Infrastructuur van North Sea Port opgevraagd worden.

-   Tijdens en na de uitvoering van de werken dient de weg steeds proper gehouden te worden omwille van de verkeersveiligheid.

-    Alle grondresten, afval, restmaterialen en dergelijke, die afkomstig zijn van de werken dienen te worden verwijderd.

-   De rioleringsonderdelen, -buizen en aansluitingen hierop dienen intact en in bedrijf te worden gehouden.

 

4.       TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN


4.1.   Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg

Het project ligt in gebied voor zeehaven- en watergebonden bedrijven volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 28 oktober 1998).

Dit gebied is uitsluitend bestemd voor zeehaven- en watergebonden bedrijven, distributiebedrijven, logistieke bedrijven en opslag- en overslaginrichtingen evenals toeleveringsbedrijven en synergiebedrijven van de watergebonden bedrijven en de bestaande gevestigde productiebedrijven. In dit gebied worden ook de volgende dienstverlenende bedrijven toegelaten, voor zover zij complementair zijn met de voornoemde bedrijven: bankagentschappen, benzinestations en collectieve restaurants ten behoeve van de in de zone gevestigde bedrijven.

Er wordt een bufferzone aangelegd aan de grens met de omliggende gebieden. In deze bufferzone worden geen handelingen en werken toegelaten die afbreuk doen aan de bufferfunctie, of aan de bestemming en/of de ruimtelijke kwaliteiten van het aangrenzend gebied. Het gebied en de bufferzone die het omvat, kunnen slechts worden gerealiseerd en beheerd door de overheid.

 

Het project ligt in het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Afbakening Zeehavengebied Gent - Inrichting R4-oost en R4-west' (definitief vastgesteld door de Vlaamse Regering op 15 juli 2005), maar niet in een gebied waarvoor er stedenbouwkundige voorschriften zijn bepaald.

 

De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.


 4.2.   Vergunde verkavelingen

De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.


 4.3.   Verordeningen

Algemeen Bouwreglement

De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024. 

 

Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.

 

Gewestelijke verordening hemelwater

De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)

Zie waterparagraaf.

 

4.4.   Uitgeruste weg

Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste havenweg.

 

5.       WATERPARAGRAAF

De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de waterparagraaf.

 

6.       NATUURTOETS

De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de natuurtoets.

 

7.       OPENBAAR ONDERZOEK

Het openbaar onderzoek werd gehouden van 8 november 2024 tot en met 7 december 2024.

Gedurende dit openbaar onderzoek werden geen bezwaarschriften ingediend.

 

8.       OMGEVINGSTOETS

Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening

Voorliggende aanvraag betreft de bouw van een bijkomende tank en de aanleg van een steenslagverharding op een nieuw te ontwikkelen terrein, palend aan het bedrijfsterrein van Oleon. De aangevraagde stedenbouwkundige handelingen situeren zich op het grondgebied van de gemeente Evergem. Vanuit stedenbouwkundig en ruimtelijk oogpunt zijn er geen opmerkingen op deze aanvraag.

 

Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten

Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.

 

CONCLUSIE

Er worden geen opmerkingen gegeven over de stedenbouwkundige en planologische verenigbaarheid met de onmiddellijke omgeving.

 

Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.

 

De aanvraag wordt beslist door de deputatie (art. 15 van het omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014).

 

Waarom wordt deze beslissing genomen?

 

 

WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?

 

Het college van burgemeester en schepenen moet advies uitbrengen bij de deputatie over omgevingsvergunningsaanvragen die door de deputatie worden behandeld (klasse 1 inrichtingen en/of provinciale projecten).

Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.

 

 

Communicatie

 

Niet van toepassing.

 

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen heeft geen bezwaar tegen de omgevingsaanvraag voor het veranderen van een bedrijf gespecialiseerd in het omzetten van natuurlijke vetzuren, glycerine, biodiesel, dimeren en vetesters (IIOA en SH) + bijstelling van OLEON nv, gelegen te ,  .

Artikel 2

Er worden geen aandachtspunten meegegeven.