Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 24 en 42.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.
Het college van burgemeester en schepenen geeft geen advies.
WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?
BASF BELGIUM COORDINATION CENTER CommV met als contactadres Technologiepark-Zwijnaarde 101, 9052 Gent en Jeroen Auwaerts met als contactadres Technologiepark-Zwijnaarde 101, 9052 Gent hebben een aanvraag (OMV_2024074974) ingediend bij de deputatie op 27 mei 2024.
De aanvraag omgevingsvergunning van de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit handelt over:
• Onderwerp: het veranderen van een biotechnologisch onderzoekscentrum
• Adres: Technologiepark-Zwijnaarde 101 en 103, 9052 Gent
• Kadastrale gegevens: afdeling 24 sectie B nrs. 87H, 87P, 87L, 87N en 89D
Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 23 juli 2024.
De deputatie heeft het college van burgemeester en schepenen om advies gevraagd op 23 juli 2024.
De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.
Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 30 juli 2024.
OMSCHRIJVING AANVRAAG
1. BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT
Het betreft het veranderen (door wijziging en uitbreiding) van een biotechnologisch onderzoekscentrum.
Algemeen
Het doel van het Innovatie Centrum van BASF Belgium Coordination Center CommV te Zwijnaarde ligt in biotechnologisch onderzoek en ontwikkeling van gewassen. Het gaat hierbij op zoek naar bepaalde eigenschappen van planten die een hogere opbrengst kunnen betekenen. Om dit te verwezenlijken beschikt het over tal van goed uitgeruste laboratoria die een eerste fase van het onderzoek inluiden. In een verder stadium kunnen de geselecteerde variëteiten tot ontwikkeling gebracht worden in een gecontroleerde omgeving onder de vorm van groeikamers en/of serre. Deze praktische uitvoeringen krijgen ondersteuning door onder andere analyse activiteiten, selectie, zaadschoning, Computational Life Science die specifieke IT ondersteuning biedt, Stewardship die nauwlettend toekijkt op het omgaan met gereguleerde variëteiten, Biosafety die hierin een meer algemene rol speelt en de bioveiligheid garandeert bij activiteiten met biologisch materiaal.
Het innovatie centrum van B ASF Belgium Coordination Center CommV te Zwijnaarde heeft, naast deze technische ruimtes, tal van kantoren die huisvesting bieden voor de verschillende ondersteunende diensten.
Voorwerp van de aanvraag
Opschalen activiteiten risico niveau 1 & 2
Men wenst het labo L38 , momenteel niet vergund om te werken met pathogenen, wel te gebruiken voor gebruik met pathogenen. Men wenst dezelfde activiteiten die reeds toegelaten zijn in het bioveiligheidsdossier in andere lokalen, ook in L38 mogelijk maken. Men wenst ontwikkelde variëteiten te gaan blootstellen aan bepaalde organismes om gewenste variëteiten te selecteren.
De huidige activiteiten in L38 worden, op kleinere schaal, verder gezet in lokaal L40A. Dit betreft vooral het herbergen van een serie toestellen voor analyses. Voor labowerk en vooral reiniging en ontsmetting, dient in labo L38 de opslag van gevaarlijke producten voorzien te worden.
In labo L38 vonden reeds gelijkaardige activiteiten plaats als de gewenste situatie, enkel verzwaard door het werken met pathogenen.
Het herindelen van een zone groeikamers in de kelder
Het future proof maken van deze groeikamers om flexibiliteit in de toekomst te verzekeren. Voor een 3e groeikamer in dit deel, dient een bijkomende koelinstallatie geïnstalleerd te worden. Bovendien wordt om organisatorische redenen, ook ter plaatse een opslag voor gevaarlijke producten voorzien onder de vorm van meststoffen, basis chemicaliën en reiniging- en ontsmettingsmiddelen. Door het werken in de hoogte voor het opgroeien van planten, wordt een toename verwacht in consumables en bijhorende afvalstroom.
Uitbreiding en regularisatie koelinstallaties & compressoren
Enkele bijkomende koelinstallaties worden voorzien onder de vorm van vriezers. Allen hebben een zeer beperkt elektrisch vermogen.
Enkele koelinstallaties worden vervangen door een gelijkaardig elektrisch vermogen.
In Zwijnaarde 2 serregebouw wordt de huidige persluchtinstallatie vervangen door 2 nieuwe persluchtcompressoren om het huidige hoge gebruik beter aan te kunnen en eventuele toekomstige te verbruiken capaciteit op te vangen.
Buiten dienst nemen stoominstallatie
De installatie wordt niet vervangen. Door het buiten dienst nemen van de installatie moet op deze installatie niet langer waterbehandelingsproducten worden toegevoegd.
Volgende rubrieken worden aangevraagd:
Rubriek | Omschrijving | Hoeveelheid |
12.1.1.2°b) | wisselspanning opwekken met een geïnstalleerd totaal elektrisch vermogen van meer dan 200 kVA tot en met 10.000 kVA als de inrichting volledig of gedeeltelijk in een ander gebied dan een industriegebied ligt | Wegens uitzondering indelingslijst noodstroomgroepen <400 kVA en < 100 bedrijfsuren: het niet langer opnemen van een noodstroomgenerator met geïnstalleerd elektrisch schijnbaar vermogen van 150 kVA, waarvan 75 kVA in rekening wordt gebracht (50 %). | klasse 2 | Verandering | -75 kVA |
16.3.2°b) | koelinstallaties, luchtcompressoren, warmtepompen en airconditioningsinstallaties (meer dan 200 kW) | Het uitbreiden, regulariseren en corrigeren van diverse koelinstinstallaties & uitbreiden luchtcompressoren met een totaal van +29,8 kW: * uitbreiden met een koelinstallatie van +5 kW * regulariseren vervanging koelinstallatie netto - 8 kW * regulariseren bestaande koelinstallatie van +7,3 kW * regulariseren bestaande vriezer van +0,7 kW * regulariseren bestaande vriezer van +0,8 kW * regulariseren vriesdroger van +3 kW * corrigeren van een bestaande centrale koeling: netto +3 kW * corrigeren foute verwerking vorige aanvraag: netto +0,5 kW * uitbreiden (door vervanging) 2 luchtcompressoren: netto +17,5 kW | klasse 2 | Verandering | 29,8 kW |
17.3.4.1°b) | bijtende vloeistoffen en vaste stoffen op basis van etikettering gekenmerkt door het gevarenpictogram GHS05 met een gezamenlijke opslagcapaciteit van 200 kg tot en met 2 ton, als de inrichting volledig of gedeeltelijk is gelegen in een gebied ander dan industriegebied | Het niet langer opslagen van 500 kg bijtende stoffen (waterbehandelingsproducten) door het buiten dienst nemen van een stoominstallatie ifv vochtigheidsgraad HVAC | klasse 3 | Verandering | -0,5 ton |
17.4. | opslagplaatsen voor gevaarlijke vloeistoffen en vaste stoffen, met uitzondering van de opslagplaatsen, vermeld in rubriek 48, en producten, gekenmerkt door gevarenpictogram GHS01, in verpakkingen met een inhoudsvermogen van maximaal 30 liter of 30 kilogram, voor zover de maximale opslag begrepen is tussen 50 kg of 50 l en 5000 kg of 5000 l | Het uitbreiden met 55 liter gevaarlijke producten in kleine verpakkingen | klasse 3 | Verandering | 55 liter |
24.3. | laboratoria die biologische, scheikundige, of organische bedrijvigheid uitoefenen met het oog op opzoekingen, proeven, analyses, toepassing of ontwikkeling van producten, kwaliteitscontrole op producten, en waar afvalwater eigen aan de laboratoriumtechnieken wordt gegenereerd | Het uitbreiden van labo oppervlakte voor een totaal van +4,9 m² door: * de mindering van 11,5 m² door het niet langer gebruiken van een lokaal als labo * de uitbreiding van 7,7 m² door vergroting van een lokaal (herindeling andere ruimtes) * de uitbreiding van 8,3 m² door het in gebruik nemen van een kleine vergaderzaal als labo. * de correctie met +0,4 door eerdere afronding in huidige vergunning. | klasse 2 | Verandering | 4,9 m² |
39.1.1° | stoomgeneratoren, andere dan lagedruk stoomgeneratoren (waterinhoud van 25 l tot en met 500 l) | Het uit dienst nemen van 1 stoomgenerator met een stoomvat van 131,4 liter | klasse 3 | Verandering | -131,4 liter |
43.1.2°b) | stookinstallaties (meer dan 500 kW tot en met 5 000 kW) - als het en inrichting betreft als vermeld in 1°,c) | het buiten dienst nemen van een stoomgenerator in functie van luchtbevochtiging HVAC met een mindering van 597 kWth | klasse 2 | Verandering | -597 kW |
51.1.2° | activiteiten (maximaal risiconiveau 2) waarbij organismen genetisch worden gemodificeerd, of waar dergelijke genetisch gemodificeerde organismen worden gekweekt, opgeslagen, getransporteerd, vernietigd, verwijderd of anderszins gebruikt | De netto-uitbreiding van 8,6 m² door: * de uitbreiding door het wijzigen in functie van een vergaderzaal naar een laboruimte : +8,3 m² * de correctie met +0,3 door eerdere afronding in huidige vergunning. | klasse 1 | Verandering | 8,6 m² |
51.2.1° | activiteiten waarbij doelbewust pathogene organismen worden gekweekt, opgeslagen, getransporteerd, vernietigd, verwijderd of anderszins gebruikt (maximaal risiconiveau 2) - andere dan rubriek 51.1 | Het uitbreiden met een totale oppvervlakte door de opschaling van RN1 naar RN2 voor 1 reeds vergunde laboruimte : +35,0 m² | klasse 1 | Verandering | 35 m² |
Volgende rubrieken zijn ongewijzigd:
6.4.1° | De opslag van maximaal 600 l smeerolie in een bovengrondse; dubbelwandige opslagtank. | 600 liter
12.2.2° | 3 transformatoren met een individueel nominaal vermogen van 1.250 kVA elk | 3750 kVA
17.1.2.1.2° | De opslag van maximaal 2690 l diverse gassen in verplaatsbare recipiënten. | 2690 liter
31.1.2°b) | vast opgestelde motoren met een totaal nominaal thermisch ingangsvermogen van 1.967 kW, zijnde: - 1 WKK met een nominaal thermisch ingangsvermogen van 1.296 kW; - 1 dieselmotor ten behoeve van noodgenerator met een nominaal thermisch ingangsvermogen van 932 kW, waarvan 466 kW in rekening wordt gebracht (50 %); - 1 dieselmotor ten behoeve van noodgenerator met een nominaal thermisch ingangsvermogen van 410 kW, waarvan 205 kW in rekening wordt gebracht (50 %). | 1967 kW
39.2.1° | 2 autoclaven met een individuele inhoud van 318 l elk. | 636 liter
39.4.1° | Een platenwarmtewisselaar met een inhoud van 41 l. | 41 liter
45.13.d)1°b) | Diverse machines ten behoeve van zaadschoningsactiviteiten met een totaal geïnstalleerde drijfkracht van 79 kW. | 79 kW
2. HISTORIEK
De vergunningverlenende overheid staat in voor de historiek van de inrichting.
BEOORDELING AANVRAAG
3. EXTERNE ADVIEZEN
Wettelijk verplichte externe adviezen worden opgevraagd door de vergunningverlenende overheid.
4. TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN
4.1. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg
Het project ligt in gebied voor gemeenschapsvoorzieningen en openbaar nut volgens het gewestplan 'Gentse en Kanaalzone' (goedgekeurd op 14 september 1977).
In de gebieden voor gemeenschapsvoorzieningen en openbare nutsvoorzieningen zijn de voorzieningen toegelaten, welke gericht zijn op het algemeen belang en die ten dienste van de gemeenschap worden gesteld. Woongelegenheid kan toegestaan worden voor zover die noodzakelijk is voor de goede werking van de inrichtingen (artikel 17 van het Koninklijk Besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen).
Het project ligt in het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'TECHNOLOGIEPARK ARDOYEN - TRAMSTRAAT' (Definitieve vaststelling door de Gemeenteraad op 22 november 2021). De locatie is volgens dit RUP gelegen in zone voor onderwijs en kennisbedrijven en zone voor park.
De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.
4.2. Vergunde verkavelingen
De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.
5. WATERPARAGRAAF
De vergunningverlenende overheid staat in voor de opmaak van de waterparagraaf.
6. BEKENDMAKING
De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.
7. OMGEVINGSTOETS
Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten
Er wordt geen advies gegeven over de milieuhygiënische en veiligheidsaspecten van de aangevraagde ingedeelde inrichtingen.
CONCLUSIE
Er wordt geen advies gegeven.
De aanvraag wordt beslist door de deputatie (art. 15 van het omgevingsvergunningsdecreet van 25 april 2014).
WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?
Het college van burgemeester en schepenen moet advies uitbrengen bij de deputatie over omgevingsvergunningsaanvragen die door de deputatie worden behandeld (klasse 1 inrichtingen en/of provinciale projecten).
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.
Niet van toepassing.
Het college van burgemeester en schepenen geeft geen advies over de omgevingsaanvraag voor het veranderen van een biotechnologisch onderzoekscentrum van BASF BELGIUM COORDINATION CENTER commv en Jeroen Auwaerts, gelegen te Technologiepark-Zwijnaarde 101 en 103, 9052 Gent.
Er worden geen aandachtspunten meegegeven.