Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikel 15.
Het Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014, artikels 5 en 6.
Het college van burgemeester en schepenen weigert de aanvraag.
WAT GAAT AAN DEZE BESLISSING VOORAF?
Natuurpunt Beheer, vereniging voor natuurbeheer en landschapszorg in Vlaanderen VZW met als contactadres Coxiestraat 11, 2800 Mechelen heeft een aanvraag (OMV_2024060123) ingediend bij het college van burgemeester en schepenen op 16 mei 2024.
De aanvraag omgevingsvergunning met stedenbouwkundige handelingen handelt over:
• Onderwerp: het rooien van populieren
• Adres: Afsneesedijkweg , 9031 Gent
• Kadastrale gegevens: afdeling 28 sectie B nr. 726/2 _
Het resultaat van het ontvankelijkheids- en volledigheidsonderzoek werd verzonden op 11 juni 2024.
De aanvraag volgde de vereenvoudigde procedure.
Volgend verslag werd uitgebracht door de gemeentelijk omgevingsambtenaar op 24 juli 2024.
OMSCHRIJVING AANVRAAG
1. BESCHRIJVING VAN DE OMGEVING, DE PLAATS EN HET PROJECT
Beschrijving van de aangevraagde stedenbouwkundige handelingen
De aanvraag betreft de kapping van een populierenrij van 20 populieren (gemiddelde stamomtrek ca. 3m) gesitueerd op de Afsneesedijkweg in de deelgemeente Drongen, langs de kant van een weiland.
De motivatie van de aanvraag tot kapping betreft het aftakelen van (momenteel nog gezonde) bomen, waarvan verwacht kan worden dat in de toekomst, wegens veroudering, takken afsterven die op het fietspad kunnen vallen. De bomen kunnen bij stormweer omwaaien en de Leiedijk verzwakken. Er is geen nadelige invloed te verwachten op het omgevende landschap, aangezien ruimte gegeven wordt aan de loofhoutsoorten die aanwezig zijn in de ondergroei. De bomen kunnen geveld worden in de richting van het naburige perceel 726, dat ook in eigendom is van Natuurpunt. .
2. HISTORIEK
Volgende vergunningen, meldingen en/of weigeringen zijn bekend:
Stedenbouwkundige vergunningen
* Op 18/04/1985 werd een vergunning afgeleverd voor het rooien van 69 populieren. (1985/293 (1985/10039))
BEOORDELING AANVRAAG
3. EXTERNE ADVIEZEN
Volgende externe adviezen zijn gegeven:
Gunstig advies van De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West afgeleverd op 5 juli 2024 onder ref. omv-2024060123 - Behandeling in eerste aanleg-001:
De Vlaamse Waterweg nv - Afdeling Regio West verleent aan vermelde omgevingsvergunningsaanvraag gelegen in de Afsneesedijkweg in Gent (44342B0726/02_000) een gunstig advies wegens geen bezwaar.
Gezien de aard van de aanvraag kan in alle redelijkheid verwacht worden dat er geen significante effecten op het watersysteem zullen optreden. De aanvraag is verenigbaar met de doelstellingen en beginselen van het ‘Decreet Integraal Waterbeleid’. Er wordt door de aangevraagde werken evenmin een impact op het beheer en/of de exploitatie van de waterweg en het patrimonium van De Vlaamse Waterweg nv verwacht.
Voorwaardelijk gunstig advies van Watering der Assels afgeleverd op 9 juli 2024 onder ref. BR 2024-25:
In het verleden hadden we in de onmiddellijke nabijheid reeds te maken met omgewaaide bomen na een storm. Bij het omwaaien wordt door het wortelgestel aarde van de dijk mee losgetrokken waardoor er op die plaats verzwakking van de dijk kan optreden.
De eerste boom van de reeks bevindt zich relatief dicht tegen waterloop de Oude Leie, een waterloop van 2e categorie, beheerd door de Watering der Assels.
In de nabije omgeving is er op deze waterloop een overwelving aanwezig naar de weides van Natuurpunt, zie bijgevoegd plan.
Het bestuur van de Watering der Assels geeft een voorwaardelijk gunstig advies:
Voorwaarden:
Tijdens het kappen van de bomen dicht tegen de Oude Leie (07.20) zal men er op toezien dat geen wegspringende takken in de waterloop terecht komen. Deze dienen ASAP verwijderd te worden om te vermijden dat deze in of voor de buis van de overwelving vast geraken waardoor deze een verstopping kunnen veroorzaken waardoor de waterafvoer naar ons sluisje belemmerd wordt.
Kleinere stukken kunnen door de overwelvingsbuis meedrijven en verderop onder de sluisdeur vast komen te zitten waardoor er risico bestaat dat onze sluiswachter de sluisdeur niet meer volledig kan dicht draaien. Bij hoge waterstand op de Leie en niet volledig gesloten sluisdeur kan dit tot wateroverlast leiden binnen ons werkingsgebied.
Aan de achterkant van de weide bevindt er zich eveneens een publieke gracht, de 050.265, die eveneens uitmondt in de Oude Leie.
De weide is over een groot gedeelte vrij smal waardoor bij het vallen van deze grote bomen er eveneens takken kunnen wegvliegen tot in deze publieke gracht. Deze kunnen later meedrijven naar de Oude Leie om daarna verder of te drijven naar de overwelvingsbuis, daar verstopping veroorzaken of verder meedrijven tot aan ons sluisje.
Alle hout dat in deze publieke gracht terecht komt dient dan ook ASAP verwijderd te worden.
Zie ook bijgevoegd plan.
Gedeeltelijk voorwaardelijk gunstig advies van Agentschap voor Natuur en Bos afgeleverd op 2 juli 2024 onder ref. 24-209479:
Rechtsgrond
Dit advies wordt verstrekt door het Agentschap voor Natuur en Bos op basis van de volgende wetgeving:
Artikel 38/3 Besluit van de Vlaamse Regering van 27 november 2015 tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Artikel 35. § 4 Besluit van de Vlaamse Regering tot uitvoering van het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning.
Bespreking aanvraag
De aanvraag betreft het kappen van 20 populieren langsheen de Leie in Drongen.
Bomen en bomenrijen hebben een grote landschappelijke en ecologische waarde.
De aanvrager wil de aanwezige ondergroei laten uitgroeien tot een volwaardige bomenrij. Het Agentschap is van mening dat deze reeds aanwezige ondergroei te beperkt is en onvoldoende om tot een volwaardige bomenrij uit te groeien.
De bomen mogen gekapt worden indien voorzien wordt in een kwalitatieve heraanplanting.
Heraanplanten is noodzakelijk zodat er geen vermijdbare schade aan de natuur kan ontstaan.
Bij het aanplanten is het belangrijk dat de nodige voorzorgsmaatregelen worden genomen opdat de bomen zouden aanslaan en tot volle wasdom kunnen komen.
Deze voorzorgsmaatregelen kunnen bestaan uit:
* de plantput moet voldoende groot zijn en aangevuld worden met goede grond (zonder afval of stenen),
* er wordt een steunpaal of wortelverankering voorzien
* er wordt bescherming voorzien tegen wild- en/of veevraat
Belangrijk is dat de aanplanting uitgroeit tot een volledige bomenrij. Bij uitval moet de opengevallen plaats in het eerstvolgende plantseizoen terug worden aangeplant.
Tot slot willen we nog de aandacht vestigen op een algemene maatregel, die voor elke vergunning van toepassing is:
“Alle van nature in het wild levende vogelsoorten en vleermuizen zijn beschermd in het Vlaamse Gewest op basis van het Soortenbesluit van 15 mei 2009. De bescherming heeft onder meer betrekking op de nesten van de vogels en de rustplaatsen van de vleermuizen (artikel 14 van het Soortenbesluit).
Conclusie
Op basis van bovenstaande uiteenzetting verleent het Agentschap voor Natuur en Bos een gunstig advies onder volgende voorwaarden:
* het eerst volgend plantseizoen (najaar-winter 2024-2025 )wordt overgegaan tot heraanplanten met minstens evenveel bomen. Heraanplanten moet gebeuren met een inheemse streekeigen boomsoort zoals zomereik, linde, esdoorn,….
* De bomen moeten minstens maat 12-14 hebben.
* De aanvrager neemt alle nodige voorzorgsmaatregelen met het oog op het welslagen van de nieuwe aanplant.
* de aanvrager wordt er toe gehouden om minstens evenveel (20) nieuwe hoogstammige bomen tot volle wasdom te brengen.
* Bij het uitvoeren van werken in de periode 1 maart tot 1 juli moet men grondig nagaan -vóór men start met de werken – dat geen nesten van beschermde vogelsoorten beschadigd, weggenomen of vernield worden en/of er vleermuizen aanwezig zijn. Als nesten of rustplaatsen in het gedrang komen, dient u contact op te nemen met het Agentschap voor Natuur en Bos.
4. TOETSING AAN WETTELIJKE EN REGLEMENTAIRE VOORSCHRIFTEN
4.1. Ruimtelijke uitvoeringsplannen – plannen van aanleg
Het project ligt in het gemeentelijk ruimtelijk uitvoeringsplan 'Thematisch RUP Groen, deelgebied 700 - Drongen - Assels' (Definitieve vaststelling door de op 22 april 2024). De locatie is volgens dit RUP gelegen in zone voor natuur.
De aanvraag is in overeenstemming met de voorschriften.
4.2. Vergunde verkavelingen
De aanvraag is niet gelegen in een goedgekeurde, niet vervallen verkaveling.
4.3. Verordeningen
Algemeen Bouwreglement
De aanvraag werd getoetst aan de bepalingen van het Algemeen Bouwreglement, de stedenbouwkundige verordening van de Stad Gent, goedgekeurd door de deputatie bij besluit van 16 september 2004 en meest recent gewijzigd bij gemeenteraadsbesluit van 25 maart 2024, van kracht sinds 27 mei 2024.
Het ontwerp is in overeenstemming met dit algemeen bouwreglement.
Gewestelijke verordening hemelwater
De aanvraag werd getoetst aan de gewestelijke hemelwaterverordening 2023. (Besluit van de Vlaamse Regering van 10 februari 2023)
Zie waterparagraaf.
4.4. Uitgeruste weg
Het bouwperceel is gelegen aan een voldoende uitgeruste gemeenteweg.
5. WATERPARAGRAAF
5.1. Ligging project
Het project ligt in een afstroomgebied in beheer van De Vlaamse Waterweg nv - Afd Regio West en in een afstroomgebied in beheer van Watering Der Assels. Het project ligt in de nabijheid van waterloop in beheer van De Vlaamse Waterweg nv - Afd Regio West en in de nabijheid van waterloop in beheer van Watering der Assels.
Volgens de kaarten bij het Watertoetsbesluit is het project:
- niet gelegen in een overstromingsgevoelig gebied voor zeeoverstroming.
- gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen vanuit een waterloop (fluviaal). De overstromingskans is middelgroot (gebied waar er jaarlijks meer dan 1% kans is op overstroming).
- gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen vanuit een waterloop (fluviaal). De overstromingskans is klein (gebied waar er jaarlijks 0,1 tot 1 % kans is op overstroming).
- gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen door intense neerslag (pluviaal). De overstromingskans is middelgroot (gebied waar er jaarlijks meer dan 1% kans is op overstroming).
- gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen door intense neerslag (pluviaal). De overstromingskans is klein (gebied waar er jaarlijks 0,1 tot 1 % kans is op overstroming).
- gelegen in een gebied gevoelig voor overstromingen door intense neerslag (pluviaal). De overstromingskans is klein onder klimaatverandering.
- niet gelegen in een signaalgebied.
Het perceel is momenteel braakliggend.
5.2. Verenigbaarheid van het project met het watersysteem
Droogte
Het hemelwater dat neervalt moet op eigen terrein maximaal vastgehouden worden en niet afgevoerd. Om hier concreet uitvoering aan te geven werd het project aan de gewestelijke stedenbouwkundige verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater getoetst.
De voorliggende aanvraag wijzigt noch de bebouwde noch de verharde oppervlakte. Het afvoerstelsel blijft ongewijzigd. Er worden geen nieuwe platte daken aangelegd. Hieruit volgt dat er vanuit de GSV of het algemeen bouwreglement van de stad Gent geen verplichtingen zijn voor de aanleg van een hemelwaterput, infiltratievoorziening of een groendak.
Structuurkwaliteit en ruimte voor waterlopen
Het perceel ligt in de nabijheid van waterloop in beheer van De Vlaamse Waterweg nv - Afd Regio West en in de nabijheid van waterloop in beheer van Watering der Assels. Er werd advies gevraagd aan de waterbeheerder.
Overstromingen
Om impact op het overstromingsregime te vermijden dienen de voorwaarden uit de gewestelijke verordening en het algemeen bouwreglement van de stad Gent inzake hemelwater strikt toegepast te worden.
Ruimten met kwetsbare functies kunnen extra beschermd worden tegen wateroverlast door het volgen van de richtlijnen omtrent overstromingsveilig bouwen https://www.vmm.be/water/overstromingen/hoe-je-woning-beschermen.
Ernstiger overstromingen dan in het verleden zijn niet uit te sluiten en er kan geen sluitende garantie gegeven worden dat er zich op het perceel in de toekomst geen wateroverlast meer zal voordoen.
Waterkwaliteit
Het project heeft hierop geen betekenisvolle impact.
5.3. Conclusie
Er kan besloten worden dat voorliggende de watertoets doorstaat.
6. PROJECT-M.E.R.-SCREENING
De aanvraag heeft geen milieueffectrapport of project-MER-screening nodig.
7. BEKENDMAKING
De aanvraag volgt de vereenvoudigde procedure en moest dus niet aan een openbaar onderzoek worden onderworpen.
8. OMGEVINGSTOETS
Beoordeling van de goede ruimtelijke ordening
Het betreft een bomenrij met 20, grenzend aan het erkende natuurgebied Gentse Leievallei. Het perceel is niet gelegen in VEN-gebied , niet gelegen in habitatrichtlijngebied of vogelrichtlijngebied en volgens de biologische waarderingskaart is het perceel gelegen in een complex van biologisch minder waardevolle en waardevolle elementen met bwk-label kd + khgml + kbp: dijk + houtkant met gemengd loofhout + bomenrij met dominantie van populier (Populus sp.).
Op basis van een plaatsbezoek op 24/06/2024 werd vastgesteld dat er bij een aantal bomen dood hout voorkomt, de meeste bomen nog vrij vitaal zijn, geen holtes werden vastgesteld, de bomen eerder afhellen naar de kant van het weiland ( invloed overheersende westenwind ). Tevens werd de aanwezigheid van Japanse duizendknoop vastgesteld.
Er wordt een beheer van de populierenrij d.m.v. een regelmatige onderhouds- en veiligheidssnoei geadviseerd, in plaats van het rooien van de bomen. Door het behoud van de populieren en loofhoutonderbegroeiing zal tevens een mogelijke uitbreiding van de Japanse duizendknoop kunnen beperkt worden.
Bijgevolg wordt een ongunstig advies gegeven voor de kapping van de populierenrij van 20 populieren, rekening houdend met de landschappelijke waarde, de algemene gezondheidstoestand van de bomen, de helling van de bomen naar het weiland ( overheersende westenwind), de mogelijke impact op de uitbreiding van Japanse duizendknoop mits een beheersing van het veiligheidsrisico d.m.v. een regelmatige onderhouds-en veiligheidssnoei. Indien in de toekomst omwille van veiligheidsredenen toch enkele bomen dienen gerooid te worden, dan dient hiervoor een nieuwe gemotiveerde aanvraag ingediend te worden en kunnen de bomen bij plots acuut gevaar ook direct geveld worden (procedure acuut gevaar).
CONCLUSIE
Ongunstig. De aanvraag is op basis van de bezorgde informatie niet verenigbaar geacht met de goede ruimtelijke ordening (bomen zijn nog vitaal en kunnen behouden blijven mits regelmatige onderhouds- en veiligheidssnoei).
WAAROM WORDT DEZE BESLISSING GENOMEN?
Het college van burgemeester en schepenen moet over de ingediende omgevingsvergunningsaanvraag een beslissing nemen.
Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand verslag van de gemeentelijk omgevingsambtenaar en neemt het tot haar eigen motivatie.
Bekendmaking
De beslissing wordt bekendgemaakt conform Titel 3, Hoofdstuk 9, Afdeling 3 van het Omgevingsvergunningsbesluit.
Beroepsmogelijkheden – uittreksel uit het decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Artikel 52. De Vlaamse Regering is bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van de deputatie in eerste administratieve aanleg.
De deputatie is voor haar ambtsgebied bevoegd in laatste administratieve aanleg voor beroepen tegen uitdrukkelijke of stilzwijgende beslissingen van het college van burgemeester en schepenen in eerste administratieve aanleg.
Artikel 53. Het beroep kan worden ingesteld door:
1° de vergunningsaanvrager, de vergunninghouder of de exploitant;
2° het betrokken publiek;
3° de leidend ambtenaar van de adviesinstanties of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde als de adviesinstantie tijdig advies heeft verstrekt of als aan hem ten onrechte niet om advies werd verzocht;
4° het college van burgemeester en schepenen als het tijdig advies heeft verstrekt of als het ten onrechte niet om advies werd verzocht;
5° de leidend ambtenaar van het Departement Leefmilieu, Natuur en Energie of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde;
6° de leidend ambtenaar van het Departement Ruimtelijke Ordening, Woonbeleid en Onroerend Erfgoed of bij zijn afwezigheid zijn gemachtigde.
Artikel 54. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid ingesteld binnen een termijn van dertig dagen die ingaat:
1° de dag na de datum van de betekening van de bestreden beslissing voor die personen of instanties aan wie de beslissing betekend wordt;
2° de dag na het verstrijken van de beslissingstermijn als de omgevingsvergunning in eerste administratieve aanleg stilzwijgend geweigerd wordt;
3° de dag na de eerste dag van de aanplakking van de bestreden beslissing in de overige gevallen.
Artikel 55. Het beroep schorst de uitvoering van de bestreden beslissing tot de dag na de datum van de betekening van de beslissing in laatste administratieve aanleg.
In afwijking van het eerste lid werkt het beroep niet schorsend ten aanzien van:
1° de vergunning voor de verdere exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit waarvoor ten minste twaalf maanden voor de einddatum van de omgevingsvergunning een vergunningsaanvraag is ingediend;
2° de vergunning voor de exploitatie na een proefperiode als vermeld in artikel 69;
3° de vergunning voor de exploitatie van een ingedeelde inrichting of activiteit die vergunningsplichtig is geworden door aanvulling of wijziging van de indelingslijst.
Artikel 56. Het beroep wordt op straffe van onontvankelijkheid per beveiligde zending ingesteld bij de bevoegde overheid, vermeld in artikel 52.
Degene die het beroep instelt, bezorgt op straffe van onontvankelijkheid gelijktijdig en per beveiligde zending een afschrift van het beroepschrift aan:
1° de vergunningsaanvrager behalve als hij zelf het beroep instelt;
2° de deputatie als die in eerste administratieve aanleg de beslissing heeft genomen;
3° het college van burgemeester en schepenen behalve als het zelf het beroep instelt.
De Vlaamse Regering bepaalt de bewijsstukken die bij het beroep moeten worden gevoegd opdat het op ontvankelijke wijze wordt ingesteld.
Artikel 57. De bevoegde overheid, vermeld in artikel 52, of de door haar gemachtigde ambtenaar onderzoekt het beroep op zijn ontvankelijkheid en volledigheid.
Als niet alle stukken als vermeld in artikel 56, derde lid, bij het beroep zijn gevoegd, kan de bevoegde overheid of de door haar gemachtigde ambtenaar de beroepsindiener per beveiligde zending vragen om binnen een termijn van veertien dagen die ingaat de dag na de verzending van het vervolledigingsverzoek, de ontbrekende gegevens of documenten aan het beroep toe te voegen.
Als de beroepsindiener nalaat de ontbrekende gegevens of documenten binnen de termijn, vermeld in het tweede lid, aan het beroep toe te voegen, wordt het beroep als onvolledig beschouwd.
Beroepsmogelijkheden – regeling van het besluit van de Vlaamse Regering decreet van 25 april 2014 betreffende de omgevingsvergunning
Het beroepschrift bevat op straffe van onontvankelijkheid:
1° de naam, de hoedanigheid en het adres van de beroepsindiener;
2° de identificatie van de bestreden beslissing en van het onroerend goed, de inrichting of exploitatie die het voorwerp uitmaakt van die beslissing;
3° als het beroep wordt ingesteld door een lid van het betrokken publiek:
een omschrijving van de gevolgen die hij ingevolge de bestreden beslissing ondervindt of waarschijnlijk ondervindt;
b) het belang dat hij heeft bij de besluitvorming over de afgifte of bijstelling van een omgevingsvergunning of van vergunningsvoorwaarden;
4° de redenen waarom het beroep wordt ingesteld.
Het beroepsdossier bevat de volgende bewijsstukken:
1° in voorkomend geval, een bewijs van betaling van de dossiertaks;
2° de overtuigingsstukken die de beroepsindiener nodig acht;
3° in voorkomend geval, een inventaris van de overtuigingsstukken, vermeld in punt 2°.
Als de bewijsstukken, vermeld in het tweede lid, ontbreken, kan hieraan verholpen worden overeenkomstig artikel 57, tweede lid, van het decreet van 25 april 2014.
Het beroepsdossier wordt ingediend met een analoge of een digitale zending.
Het bevoegde bestuur kan bij de beroepsindiener, de vergunningsaanvrager of de overheid die in eerste administratieve aanleg bevoegd is, alle beschikbare informatie en documenten opvragen die nuttig zijn voor het dossier.
De beroepsindiener geeft, op straffe van verval, uitdrukkelijk in zijn beroepschrift aan of hij gehoord wil worden.
Als de vergunningsaanvrager gehoord wil worden, brengt hij het bevoegde bestuur daarvan uitdrukkelijk op de hoogte met een beveiligde zending uiterlijk vijftien dagen nadat hij een afschrift van het beroepschrift als vermeld in artikel 56 van het decreet van 25 april 2014, heeft ontvangen, op voorwaarde dat hij niet de beroepsindiener is.
Mededeling
Deze gegevens kunnen worden opgeslagen in een of meer bestanden. Die bestanden kunnen zich bevinden bij de gemeente, waar u de aanvraag hebt ingediend, bij de provincie, en ook bij de Vlaamse administratie, bevoegd voor de omgevingsvergunning. Ze worden gebruikt voor de behandeling van uw dossier. Ze kunnen ook gebruikt worden voor het opmaken van statistieken en voor wetenschappelijke doeleinden. U hebt het recht om uw gegevens in deze bestanden in te kijken en zo nodig de verbetering ervan aan te vragen.
Het college van burgemeester en schepenen weigert de omgevingsvergunning voor het rooien van populieren aan Natuurpunt Beheer, vereniging voor natuurbeheer en landschapszorg in Vlaanderen vzw (O.N.:0409423736) gelegen te Afsneesedijkweg , 9031 Gent.