Geachte burgemeester
Het nooddorp in Oostakker is ondertussen al goed van start kunnen gaan. Er is een mooie gemeenschap van Oekraïense vluchtelingen ontstaan.
Wat toch een beetje troost mag zijn voor deze mensen die hun land, in oorlog, moesten ontvluchten.
Dit jaar is de tweede fase op komst, en hierover zou ik graag volgende vragen voorleggen:
U weet, deze gruwelijke oorlog is ondertussen bijna twee jaar geleden gestart. Twee jaar van gruwel en ellende die een immense vluchtelingenstroom in gans Europa op gang bracht.
Stad Gent, en haar inwoners, hebben zich van in het begin van hun meest solidaire kant getoond. Stad Gent met het onmiddellijk op punt zetten van verschillende collectieve opvangplekken en het toetrekken van het nooddorp. De vele inwoners met het opvangen van ontheemden uit Oekraïne via #plekvrij. Daarnaast vonden Oekraïense vluchtelingen vaak ook onderdak bij vrienden en/of familie.
Ik wil bij deze nogmaals mijn absolute waardering uiten voor de vele Gentenaars die deze opvang mee mogelijk gemaakt hebben, en/of dit nog steeds doen.
Nu, concreet over uw vragen,
Ja, de diensten melden mij dat de werken in het Nooddorp nog steeds op schema zitten. Er is een lichte vertraging geweest in de bouwwerken door de zware regenval gevolgd door het koudere vriesweer maar mogelijk wordt die nog ingehaald. Verwachting is dan ook de intake van de nieuwe bewoners vanaf 18/3 te kunnen starten.
Er komen 400 slaapplekken bij, verdeeld over 150 woonunits. Merk wel op dat er bij de verdeling allicht wel enkele verliesplaatsen zullen zijn omwille van de specifieke gezinssamenstelling. Dit valt helaas niet te vermijden.
Bedoeling is dus dat er maximaal nieuwe vluchtelingen gehuisvest worden. Er verhuizen daarnaast ook mensen uit de collectieve opvanglocaties en uit gastgezinnen.
Over uw vraag hoe de inschakeling naar de huidige bewoners zal verlopen, bevestigen de diensten mij dat zij maximale begeleiding voorzien.
Stad Gent is dan ook aan zet voor het sociaal beheer in het nooddorp en zet in op begeleiding en ondersteuning van bewoners in het nooddorp in de meest brede betekenis.
Voor onderwijs wordt in twee fases gewerkt:
-fase 1 betreft de bewoners uit de collectieve voorzieningen/gastgezinnen in Gent die aangaven te willen verhuizen naar het nooddorp. Met hen is de afspraak dat hun kinderen in de huidige school blijven tot het einde van dit schooljaar.
Bij aankomst in het nooddorp gaan onze diensten met hen in dialoog om te weten wat de plannen zijn voor het volgende schooljaar. Ervaring leerde dat heel weinig bewoners hun kind van school veranderen. Als het al voorkomt is het vooral bij kinderen van het lager onderwijs. Er zal vooraf afgestemd worden met de lokale scholen.
-fase 2 gaat over de nieuwkomers, mensen dus die vanuit Fedasil naar het nooddorp komen.
Momenteel is het nog niet sluitend gekend wie precies naar Gent komt, maar wordt de oefening qua aantal schoolgaande kinderen die de diensten verwachten wel al voorbereid.
Zo zullen de diensten een formeel moment voorzien met alle betrokkenen.
Begeleiding voor nieuwkomers naar onderwijs kan ook voorzien worden door AMAL, die op vraag de toeleiding ondersteunt van nieuwe kinderen naar scholen.
In het nooddorp zelf is een educatieve ruimte voorzien, waar indien nodig huisonderwijs kan opgestart worden.
Dezelfde logica en aanpak gebeurt voor het thema ‘ontspanning’. Daarvoor kunnen de diensten beroep doen op de Jeugd- en Sportdienst die kinderen op een laagdrempelige manier toeleiden naar sportverenigingen en andere vrije tijdsbesteding.
Op vraag houden zij infosessies voor ouders/kinderen in het nooddorp.
Ook voor Werk zijn er sluitende werkafspraken gemaakt tussen de stedelijke Dienst Werk en Activering en VDAB.
Vanuit de Dienst Werk en Activering wordt dus de vinger aan de pols gehouden.
wo 31/01/2024 - 07:51