De Stad Gent en OCMW Gent verlenen elk jaar voor tientallen miljoenen euro’s subsidies aan een veelheid van spelers die op diverse terreinen (sociaal, cultuur, economie, sport, jeugd, enz.) actief zijn in Gent. Het sinds oktober 2023 bestaande (maar vooralsnog interne) subsidieregister – zelf het resultaat van een initiatief van onze fractie in de gemeenteraad – lijst voor de periode 2020-23 meer dan 7000 subsidies op, met bedragen gaande van enkele tientallen euro’s tot miljoenen euro’s.
Deze subsidies worden in belangrijke mate gefinancierd via het belastinggeld van de burger. Het is belangrijk dat subsidiëring ten allen tijde correct en transparant verloopt. Overheidsmiddelen dienen ook efficiënt en verantwoordelijk besteed te worden: toegekende budgetten moeten het beoogde doel bereiken en resultaat opleveren. Dat dit niet altijd vanzelfsprekend is toonde het dossier van vzw Masala, die via diverse stedelijke kanalen gesubsidieerd werd maar waarbij de opvolging en controle problematisch bleek.
In de nasleep daarvan werd de organisatiebeheersing op vlak van subsidiebeleid voor een stuk bijgesteld. Zo wordt er momenteel voor spelers die via meerdere stedelijke kanalen gesubsidieerd worden gewerkt via een Master SPOC (single point of contact) om het overzicht te bewaren. Daarnaast bestaan er voor zowel specifieke als algemene subsidies sjablonen voor het opstellen van subsidie-overeenkomsten. Voor het verstrekken van investeringssubsidies (aankoop of verbouwing van een onroerend goed) bestaat er al een uitgewerkt richtlijnenkader.
De Stad Aalst en OCWM Aalst zijn recent nog een stap verder gegaan en hebben – mede in opvolging van een rapport met aanbevelingen door Audit Vlaanderen – twee conceptnota’s met bijhorend afwegingskader aangenomen om hun integrale subsidiebeleid (werking- en exploitatiesubsidies, investeringssubsidies, geregeld via een reglement of nominatief via een overeenkomst) op een meer systematische manier vorm te geven en op te volgen.
Daarbij wordt uitgegaan van een reeks algemene principes, zoals o.a. het tijdelijke karakter van subsidies, het monitoren van de subsidie-afhankelijkheid van gesubsidieerde spelers, het aspect duurzaamheid, het belang van toegankelijkheid en inclusie, de samenwerking met relevante adviesraden, en bijvoorbeeld ook beginselen van behoorlijk bestuur zoals het zorgvuldigheidsprincipe, het zuinigheidsprincipe en het integriteitsprincipe.
Wat betreft de gesubsidieerde spelers staat het openbaar karakter van de betreffende verenigingen voorop, alsook het respect voor de democratie, grondrechten en de rechtsstaat. De voertaal van de gesubsidieerde speler moet het Nederlands zijn. De maatschappelijke te subsidiëren nood moet aantoonbaar zijn en de keuze voor een subsidie als instrument dient te worden verantwoord (ten opzichte van alternatieven). Werken via een marktverkenning en/of openbare (project)oproep wordt als standaard gehanteerd, dubbele subsidiëring (lokaal, Vlaams, federaal, Europees, andere) wordt extra gemonitord en daarnaast is er vanzelfsprekend veel aandacht voor de objectivering van de beoordeling van subsidie-vragen, voor de financiële en inhoudelijke controle en evaluatie. Men introduceert ook een systematische check van alle subsidiereglementen en nominatieve subsidies bij begin het begin van een nieuwe legislatuur.
Natuurlijk worden ook door Stad Gent en OCMW Gent verschillende van de opgesomde elementen nu al in de praktijk opgenomen in en gehanteerd bij het opmaken van subsidiereglementen, het tegendeel zou verbazen. Maar de aanpak in Aalst biedt door de systematische werkwijze over alle types subsidies heen absoluut een meerwaarde. Naar verluidt zouden verschillende steden en gemeenten, waaronder Hasselt en Leuven, al interesse hebben getoond om een vergelijkbare aanpak in hun eigen beleid door te voeren.
Ook voor Gent zou dit een goede zaak zijn en deels aansluitend bij eerdere initiatieven op vlak van organisatiebeheersing (zoals het ‘Kader voor Organisatiebeheersing’). Een overkoepelend subsidiekader met transparante criteria en voorschriften zou ook aansluiten bij de nood aan een herijking van het stedelijk budget zoals recent ook vanuit de meerderheid verwoord in het kader van de begrotingsbesprekingen.
Daarom, op voorstel van de N-VA-fractie,
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om een overkoepelend subsidiekader met heldere principes, criteria en voorschriften uit te werken gericht op het adequaat beheer van de stedelijke subsidiestromen.