Het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 39.
De deontologische code voor lokale mandatarissen van 20 november 2017, en latere wijzigingen.
Besluit van de Vlaamse Regering houdende het statuut van de lokale mandataris van 6 juli 2018, artikel 15
Sinds 2 maart 2023 is elke gemeente en elk OCMW verplicht een deontologische commissie op te richten. Lokale besturen die al eerder een deontologische commissie hadden, moeten deze in overeenstemming brengen met de nieuwe decretale bepalingen.
Het is daarom aangewezen op niveau van het Bureau voor Deontologie volgende wijzigingen door te voeren:
De huidige leden van het Bureau voor Deontologie werden zowel door de gemeenteraad als door de raad voor maatschappelijk welzijn aangesteld. Deze aanstellingen gelden ook als aanstelling in de afzonderlijke deontologische commissies opgericht door gemeenteraad, resp. de raad voor maatschappelijk welzijn.
Een besluit van de Vlaamse regering maakt het mogelijk een presentiegeld toe te kennen aan de gemeenteraadsleden, OCMW-raadsleden en leden van het bijzonder comité voor de sociale dienst die zetelen in de deontologische commissie, als de gemeenteraad/raad voor maatschappelijk welzijn dat beslist.
Bovenstaande wijzigingen vergen een aantal aanpassingen aan de Deontologische code en het huishoudelijk reglement van het Bureau voor deontologie.
Wijzigt de deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals aangegeven in het document in bijlage.
Neemt kennis van de gecoördineerde versie van de deontologische code voor lokale mandatarissen, zoals gevoegd in bijlage.
Wijzigt het huishoudelijk reglement van het Bureau voor deontologie, zoals aangegeven in het document in bijlage.
Neemt kennis van de gecoördineerde versie van het huishoudelijk reglement van de deontologische commissie, zoals gevoegd in bijlage.