Terug
Gepubliceerd op 17/02/2023

2023_CBS_01528 - 15677/PRMER/1 - scopingadvies voor het project Aanleg en exploitatie van waterstofleidingencluster in het Gentse havengebied - gunstig advies

college van burgemeester en schepenen
do 16/02/2023 - 08:30 Collegezaal
Datum beslissing: do 16/02/2023 - 09:57
Goedgekeurd

Samenstelling

Wie is verantwoordelijk voor deze materie?

Tine Heyse

Aanwezig

Mathias De Clercq, burgemeester-voorzitter; Filip Watteeuw, schepen; Sofie Bracke, schepen; Tine Heyse, schepen; Astrid De Bruycker, schepen; Sami Souguir, schepen; Bram Van Braeckevelt, schepen; Isabelle Heyndrickx, schepen; Hafsa El-Bazioui, schepen; Evita Willaert, schepen; Rudy Coddens, schepen; Mieke Hullebroeck, algemeen directeur; Luc Kupers, adjunct-algemeendirecteur; Danny Van Campenhout, adjunct-algemeendirecteur

Secretaris

Mieke Hullebroeck, algemeen directeur

Voorzitter

Filip Watteeuw, schepen
2023_CBS_01528 - 15677/PRMER/1 - scopingadvies voor het project Aanleg en exploitatie van waterstofleidingencluster in het Gentse havengebied - gunstig advies 2023_CBS_01528 - 15677/PRMER/1 - scopingadvies voor het project Aanleg en exploitatie van waterstofleidingencluster in het Gentse havengebied - gunstig advies

Motivering

Regelgeving waaruit blijkt dat het orgaan bevoegd is

  • Het Decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 56.

Op basis van welke regels (rechtsgronden) wordt deze beslissing genomen?

  • Decreet van 5 april 1995 houdende algemene bepalingen inzake milieubeleid (DABM) met een titel betreffende milieueffect- en veiligheidsrapportage van 18 december 2002.
  • Besluit van de Vlaamse Regering van 10 december 2004 houdende vaststelling van de categorieĆ«n van projecten onderworpen aan milieueffectrapportage, en de wijzigingen van 29 april 2013.
  • Decreet betreffende de omgevingsvergunning van 25 april 2014.

Wat gaat aan deze beslissing vooraf?

Op 1 december 2022 werd er een adviesvraag gesteld aan het college van burgemeester en schepenen door het Departement Omgeving, Team Milieueffectrapportage met volgend onderwerp:

Aanvrager

FLUXYS BELGIUM NV

Omschrijving

scopingadvies voor het project Aanleg en exploitatie van waterstofleidingencluster in het Gentse havengebied

Referentienummer van de aanvraag

PR3502

Adres van het project

Havengebied 

9000 Gent

Kadastrale gegevens

Gent (afd. 12) meerdere percelen, Gent (afd. 13) meerdere percelen, Gent (afd. 14) meerdere percelen

 

De Dienst Milieu en Klimaat vroeg verschillende stadsdiensten om advies. Volgend gecoördineerd advies werd uitgebracht door de Dienst Milieu en Klimaat op 9 februari 2023:


1. OMSCHRIJVING

Voorliggend project omvat de scoping (ontwerp-MER) voor de aanleg en exploitatie van een waterstofleidingencluster in het Gentse havengebied, op rechteroever vanaf de Nederlandse grens tot aan de Ringvaart in het zuiden en op linkeroever na kruising van het kanaal Gent-Terneuzen ter hoogte van de E34 naar het zuiden tot aan de Kühlmansite. Dit impliceert een leidingentracé deels in open sleuf, deels door sleufloze technieken en dit deels op openbaar domein als deels op private percelen.

Deze aanmelding vormt de start van de MER-procedure voorafgaand aan de omgevingsvergunningsprocedure. Op basis van de inhoud van het scopingsadvies zal het ontwerp-MER uitgewerkt worden tot een volwaardig MER dat ter goedkeuring wordt toegevoegd bij de omgevingsvergunningsaanvraag.

 

2. BEOORDELING

Milieuhygiënische en veiligheidsaspecten

De noodzakelijke voorwaarden kunnen in de aan te vragen omgevingsvergunning worden opgenomen.

 

Ruimtelijke aspecten

De projectzone van Fluxys situeert zich ten noordoosten van de stad Gent in het havengebied. Het hele tracé bevindt zich grotendeels op het grondgebied van de stad Gent, in het noorden uitgebreid naar het grondgebied van Zelzate en Wachtebeke en in het westen naar Evergem.

Volgende opmerkingen worden meegegeven:

  • Over het algemeen vinden we het jammer dat het tracé van de leidingen zich voornamelijk in kwetsbare bestemmingen bevindt (vnl. natuurgebieden en agrarische gebieden), met in het bijzonder de koppelingsgebieden Desteldonk-Noord en Rieme Zuid. Voor zo goed als heel de leiding wordt een afwijking gevraagd met betrekking tot handelingen van algemeen belang. We stellen ons de vraag of dit tracé voldoende onderzocht is en alle alternatieven in harde bestemmingen (o.a. industriegebied) afgewogen zijn.
  • In verband met koppelingsgebied Desteldonk-Noord wordt verwezen naar de opmerking onder groenaspecten.
  • In verband met koppelingsgebied Rieme Zuid stellen we ons de vraag of en waarom de leiding niet aangelegd kan worden in de  Zone voor infrastructuurbundel voorzien in het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan Afbakening Zeehavengebied Gent (deelgebied 3: zeehaventerrein Kluizendok en koppelingsgebieden Rieme Zuid, Rieme Oost en Doornzele Noord).
  • Bij het vermelden van de geldende plannen moeten de deelgebieden van de Gewestelijke RUP's vermeld worden. Dit is nu niet het geval. Er staat bijvoorbeeld "Gewestelijk RUP: Afbakening zeehavengebied Gent Inrichting R4-oost en R4-west". Afhankelijk van het deelgebied moet hier ook nog bijvoorbeeld bij geschreven staan: "Deelgebied Zeehaventerrein Kluizendok en koppelingsgebieden Rieme Zuid, Rieme Oost en Doornzele Noord".
  • Over het algemeen stellen we dus het gehele tracé van de leiding in vraag. Er ontbreekt een gedetailleerde motivatie van het gekozen tracé. Punt 4.2 "Verantwoording van het project en het tracé" is ruim onvoldoende. Dit is een verantwoording op basis van energiedoelstelling en geen ruimtelijke verantwoording. 

Groenaspecten

Het tracé situeert zich in het zeehavengebied van Gent, voornamelijk gebundeld met de R4. Er is geen overlap met gebieden van het Vlaams Ecologisch Netwerk (VEN) of Speciale Beschermingszones (gebieden van de Vogel- of Habitatrichtlijn). De dichtstbijzijnde betreffen:

  • Het heidebos, ca. 3,1 km ten oosten van de projectzone, beschermd als VEN en SBZ-H
  • Domein van Puyenbroeck en omgeving, ca. 3,2 km ten oosten van de projectzone, beschermd als VEN en SBZ-H

Wel is het voorliggend tracé in overlap gelegen met een provinciaal bosreservaat, het Kloosterbos.

Verder overlapt het tracé plaatselijk met ecologisch relevante structuren en vegetaties als waardevol gekarteerd op de biologische waarderingskaart (BKW – kaart 9.3-3).

 

Volgende opmerkingen worden meegegeven:

  • Op p.18 2.4.3 ‘Aan te vragen adviezen’ wordt niet verwezen naar ontbossingen. Dit betekent dat er geen ontbossingen nodig zullen zijn (lijkt onwaarschijnlijk, op Gents grondgebied vermoedelijk kleine stukjes, maar in Zelzate snijdt men toch gedeeltelijk het Kloosterbos aan). Een kapmachtiging wordt wel vermeld (= waarbij de functie van het terrein nog bos blijft, maar dus boswerkzaamheden worden uitgevoerd).
  • Binnen het koppelingsgebied Desteldonk-Noord (Art 49 zone voorbuffer met natuurlijk karakter) loopt het tracé momenteel pal boven het relatief recent aangelegd natuurgebied Desteldonk-Noord. De uitgravingen zijn een natuurcompensatie voor vernietigde verboden te wijzigen vegetatie op industrieterrein uit het verleden.
    In open sleuf werken kan daar alvast uiteraard niet. Echter dient ook onderzocht te worden wat de impact kan zijn bij onderboring, De impact tijdens de werken en normaal functioneren van de leiding kan misschien weinig impact hebben. Maar wat bij calamiteiten en men dus plaatselijk aan de leiding moet kunnen werken?
    Al is dit pas binnen vele tientallen jaren - dan zal de natuurwaarde vermoedelijk nog verhoogd zijn - zou het toch bijzonder jammer zijn dat net die uiterst waardevolle natuur dan opnieuw verstoord/vernietigd zou worden, terwijl het alternatief, namelijk een tracé net onder de natuurzone quasi geen impact zou hebben. Jaarlijks bewerkte akkers of graslanden zijn sneller te herstellen dan ‘verboden te wijzigen’ waterrijke vegetaties.
    Met andere woorden wordt gevraagd om bij impact biodiversiteit het voorzorgprincipe te toetsen ‘op lange termijn’. Deze zone is zoals gesteld nu echt waardevol geworden (biodiversiteitscrisis, waterrijke gebieden staan onder druk) en net doorheen of onder zo’n gebied zou men nu een leiding overwegen (voor ‘groene moleculen’).
  • De gebruikte BWK is ook niet actueel. De Stad Gent heeft de BWK geactualiseerd in 2020 (op 5-jaarlijke basis). Daar is duidelijk te zien wat de echte natuurwaarden zijn.
    BWK Stad Gent (versie 2020):

De waterrijke gebieden in rood aangeduid op de kaart hier onder (ae en mr) zijn dus verboden te wijzigen vegetaties.

Afbeelding met kaart

Automatisch gegenereerde beschrijving

  • Op p.88 nog een tekstueel foutje: Koppelingsgebied Desteldonk-Noord (ipv Koppelgebied…)

 

Landbouw

De aan te leggen leiding loopt grotendeels door havengebied. Ten noorden van de E34 loopt het tracé parallel met de R4 richting landsgrens door landbouwgebied.

Als opmerking wordt meegegeven dat de (permanente) impact van de aan te leggen waterstofleidingencluster op landbouw dient mee opgenomen te worden in het project-MER.


Archeologie

Het projectgebied is gelegen BUITEN de historische kernstad.

Vanaf 01.01.2016 dient men rekening te houden met het onroerend erfgoeddecreet en de bijhorende uitvoeringsbesluiten.

De archeologische criteria bij een omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen zijn afhankelijk van de bestemming van de percelen (gewestplan), alsook de aard van de aanvrager.

De te hanteren beslissingsboom is te raadplegen op volgende locatie: https://www.onroerenderfgoed.be/sites/default/files/2020-06/20200527_omgevingsvergunning_stedenbouwkundige_handelingen.pdf.

In de conclusie kan gesteld worden dat in het dossier correct wordt aangehaald dat een archeologienota dient opgemaakt te worden die moet toegevoegd worden aan de omgevingsvergunningsaanvraag.

 

Mobiliteit

Geen opmerkingen


Klimaat

De klimaatimpact van het project dient mee in scope gebracht te worden, waarbij de herkomst en de samenstelling van het gas wordt meegenomen.


3.CONCLUSIE

Het voorliggende scopingadvies kan, mits aanvullingen/verduidelijking conform bovenstaande opmerkingen, gunstig geadviseerd worden.

Waarom wordt deze beslissing genomen?

Het college van burgemeester en schepenen moet over het ingediende scopingadvies een advies uitbrengen. Het college van burgemeester en schepenen sluit zich aan bij bovenstaand gecoƶrdineerd advies van de Dienst Milieu en Klimaat en neemt het tot haar eigen motivatie.

Activiteit

AC34245 Adviseren en afleveren van omgevingsvergunningen en MER's

Besluit

Het college van burgemeester en schepenen beslist:

Artikel 1

Het college van burgemeester en schepenen geeft een gunstig advies voor het scopingadvies voor het project Aanleg en exploitatie van waterstofleidingencluster in het Gentse havengebied ingediend door Fluxys Belgium NV, gevestigd in de Havengebied  te 9000 Gent, kadastraal bekend als Gent (afd. 12) meerdere percelen, Gent (afd. 13) meerdere percelen, Gent (afd. 14) meerdere percelen

Artikel 2

Volgende opmerkingen worden meegegeven:

 

Ruimtelijke aspecten

  • Over het algemeen vinden we het jammer dat het tracé van de leidingen zich voornamelijk in kwetsbare bestemmingen bevindt (vnl. natuurgebieden en agrarische gebieden), met in het bijzonder de koppelingsgebieden Desteldonk-Noord en Rieme Zuid. Voor zo goed als heel de leiding wordt een afwijking gevraagd met betrekking tot handelingen van algemeen belang. We stellen ons de vraag of dit tracé voldoende onderzocht is en alle alternatieven in harde bestemmingen (o.a. industriegebied) afgewogen zijn.
  • In verband met koppelingsgebied Desteldonk-Noord wordt verwezen naar de opmerking onder groenaspecten.
  • In verband met koppelingsgebied Rieme Zuid stellen we ons de vraag of en waarom de leiding niet aangelegd kan worden in de  Zone voor infrastructuurbundel voorzien in het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan Afbakening Zeehavengebied Gent (deelgebied 3: zeehaventerrein Kluizendok en koppelingsgebieden Rieme Zuid, Rieme Oost en Doornzele Noord).
  • Bij het vermelden van de geldende plannen moeten de deelgebieden van de Gewestelijke RUP's vermeld worden. Dit is nu niet het geval. Er staat bijvoorbeeld "Gewestelijk RUP: Afbakening zeehavengebied Gent Inrichting R4-oost en R4-west". Afhankelijk van het deelgebied moet hier ook nog bijvoorbeeld bij geschreven staan: "Deelgebied Zeehaventerrein Kluizendok en koppelingsgebieden Rieme Zuid, Rieme Oost en Doornzele Noord".
  • Over het algemeen stellen we dus het gehele tracé van de leiding in vraag. Er ontbreekt een gedetailleerde motivatie van het gekozen tracé. Punt 4.2 "Verantwoording van het project en het tracé" is ruim onvoldoende. Dit is een verantwoording op basis van energiedoelstelling en geen ruimtelijke verantwoording.

Groenaspecten

  • Op p.18 2.4.3 ‘Aan te vragen adviezen’ wordt niet verwezen naar ontbossingen. Dit betekent dat er geen ontbossingen nodig zullen zijn (lijkt onwaarschijnlijk, op Gents grondgebied vermoedelijk kleine stukjes, maar in Zelzate snijdt men toch gedeeltelijk het Kloosterbos aan). Een kapmachtiging wordt wel vermeld (= waarbij de functie van het terrein nog bos blijft, maar dus boswerkzaamheden worden uitgevoerd).
  • Binnen het koppelingsgebied Desteldonk-Noord (Art 49 zone voorbuffer met natuurlijk karakter) loopt het tracé momenteel pal boven het relatief recent aangelegd natuurgebied Desteldonk-Noord. De uitgravingen zijn een natuurcompensatie voor vernietigde verboden te wijzigen vegetatie op industrieterrein uit het verleden.
    In open sleuf werken kan daar alvast uiteraard niet. Echter dient ook onderzocht te worden wat de impact kan zijn bij onderboring, De impact tijdens de werken en normaal functioneren van de leiding kan misschien weinig impact hebben. Maar wat bij calamiteiten en men dus plaatselijk aan de leiding moet kunnen werken?
    Al is dit pas binnen vele tientallen jaren - dan zal de natuurwaarde vermoedelijk nog verhoogd zijn - zou het toch bijzonder jammer zijn dat net die uiterst waardevolle natuur dan opnieuw verstoord/vernietigd zou worden, terwijl het alternatief, namelijk een tracé net onder de natuurzone quasi geen impact zou hebben. Jaarlijks bewerkte akkers of graslanden zijn sneller te herstellen dan ‘verboden te wijzigen’ waterrijke vegetaties.
    Met andere woorden wordt gevraagd om bij impact biodiversiteit het voorzorgprincipe te toetsen ‘op lange termijn’. Deze zone is zoals gesteld nu echt waardevol geworden (biodiversiteitscrisis, waterrijke gebieden staan onder druk) en net doorheen of onder zo’n gebied zou men nu een leiding overwegen (voor ‘groene moleculen’).
  • De gebruikte BWK is ook niet actueel. De Stad Gent heeft de BWK geactualiseerd in 2020 (op 5-jaarlijke basis). Daar is duidelijk te zien wat de echte natuurwaarden zijn.
    BWK Stad Gent (versie 2020):

 

De waterrijke gebieden in rood aangeduid op de kaart hier onder (ae en mr) zijn dus verboden te wijzigen vegetaties.

 


  • Op p.88 nog een tekstueel foutje: Koppelingsgebied Desteldonk-Noord (ipv Koppelgebied…


Landbouw

De (permanente) impact van de aan te leggen waterstofleidingencluster op landbouw dient mee opgenomen te worden in het project-MER.


Klimaat

De klimaatimpact van het project dient mee in scope gebracht te worden, waarbij de herkomst en de samenstelling van het gas wordt meegenomen.