Op het Gentse BCSD zien we regelmatig dossiers (EQ)leefloon passeren van Gentenaren die 'uit noodzaak' samenwonen, eerder dan dat ze een affectieve of vriendschappelijke band koesteren met hun medebewoners. Indien geoordeeld wordt dat ze 'samenwonen' heeft dit consequenties voor het bedrag van het leefloon. Deze problematiek is trouwens niet nieuw, reeds sinds 2018 maakt ons OCMW een onderscheid tussen mensen met leefloon die effectief kostendelend samenwonen en mensen die samenhuizen zonder er een gemeenschappelijke huishouding op na te houden. Maar het onderscheid is vaak moeilijk te maken, voor betrokkenen maakt het een groot verschil.
De voortrekkersrol van ons OCMW in deze verhindert niet dat er nog ruimte voor bijsturingen mogelijk is, terecht werd in de beleidsnota armoedebestrijding hier ook nog eens een extra actie aan gekoppeld.
Vorig jaar bleek in deze commissie dat er nog geen vorderingen gemaakt werden, door begrijpelijke externe omstandigheden (corona, Ukraine)...
Nu we een jaar verder zijn horen we graag naar de stand van zaken, temeer ondertussen ook de minister zich over deze kwestie uitgesproken heeft, en daarbij expliciet verwijst naar het sociaal onderzoek en de beoordeling van de situatie door de maatschappelijk werker.
Ik licht graag eerst toe hoe we in het OCMW in Gent te werk gaan. Wanneer we het onderscheid maken tussen alleenstaanden en samenwonenden, handelen we in de eerste plaats binnen het wettelijke kader van de federale overheid. Daarna is het aan onze maatschappelijk werkers om binnen het sociaal onderzoek en het huisbezoek te bekijken welke situatie van toepassing is voor de juiste leeflooncategorie.
Die juiste beslissing maakt de maatschappelijk werker momenteel aan de hand van het richtinggevend kader ‘samenwoonst’. We proberen steeds de juiste balans te vinden tussen alleenstaanden (die helemaal alleen instaan voor al hun kosten), mensen die kostendelend samenwonen en samenwonenden in een relatie of in gezins- of familieverband. Die laatste krijgen in principe een categorie samenwonende.
In uw vraag wijst u er terecht op dat het onderscheid tussen samenwonenden die de kosten delen en zij die de kosten niet delen soms moeilijk te maken is. Op dit moment zijn er geen concrete plannen om ons richtinggevend kader ‘samenwoonst’ aan te passen. Voor zo’n wijziging zijn we namelijk afhankelijk van een wijziging van het wettelijke federale kader.
Recent was er wel een bijsturing rond mensen in dakloosheid. Daklozen die tijdelijk opgevangen worden door derden, krijgen in die periode een leefloon alleenstaande of persoon met gezinslast. Zij moeten dan wel concrete stappen zetten rond het zoeken van een woonst.
Tijdens bezoeken, gesprekken tussen de minister en de grote steden en via VVSG-werkgroepen signaleerden we wel al meermaals aan de bevoegde minister en administratie dat er een hervorming nodig is van de leeflooncategorieën. Die moeten beter aangepast zijn aan de huidige gezinsvormen zoals co-ouderschap en samenwonen. We nemen het nu ook terug op in het bovenlokaal memorandum en zullen dit blijven aankaarten.
ma 22/05/2023 - 09:47