Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 77 en 78.
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 77 en 78.
Stad en OCMW vragen als lokale overheid regelmatig subsidies aan bij de hogere overheden. Het kan hierbij gaan om subsidieprogramma’s beheerd door de Vlaamse of federale overheid (bijvoorbeeld: ‘subsidieprogramma Gemeente zonder gemeentehuis’) of om Europese subsidieprogramma’s, zoals projecten in het kader van de subsidieprogramma's Horizon Europe of Interreg, maar ook om subsidieprogramma's voor uitwisselingsprojecten zoals URBACT.
De deelname aan dergelijke extern gesubsidieerde projecten gaat meestal gepaard met de goedkeuring van een overeenkomst (enerzijds subsidieovereenkomst en anderzijds partnerschaps-, of samenwerkingsovereenkomst genoemd).
Het gaat hierbij dan om afspraken die gemaakt worden met betrekking tot inkomende subsidies (dus de middelen die stad of OCMW ontvangt van de bovenlokale overheid).
Op vandaag dienen binnen onze organisatie alle subsidie-, partnerschaps-, of samenwerkingsovereenkomsten goedgekeurd te worden door de gemeenteraad of de OCMW-raad alvorens we die kunnen laten ondertekenen door bevoegde schepen/burgemeester en algemeen directeur.
De systematische goedkeuring van dergelijke overeenkomsten door gemeenteraad en OCMW-raad heeft echter heel wat gevolgen:
Om snel te kunnen anticiperen op subsidieoproepen wordt voorgesteld om de bevoegdheid tot het afsluiten van overeenkomsten met betrekking tot inkomende subsidies van bovenlokale overheden te delegeren aan het college van burgemeester en schepenen, resp. vast bureau.
Het voorstel behelst een delegatie voor overeenkomsten rond inkomende subsidies (al dan niet met co-financiering vanuit Stad/OCMW op basis van inbreng van regulier voorziene middelen voor de activiteiten waarvoor deze voorzien waren), die m.a.w. geen negatieve impact hebben op de financiën van Stad en OCMW. Overeenkomsten met betrekking tot uitgaande subsidies blijven een gemeenteraads- of OCMW-raadsbevoegdheid.
Een dergelijke delegatie:
Delegeert de bevoegdheid tot het afsluiten van overeenkomsten over inkomende subsidies van bovenlokale overheden aan het vast bureau.
Het vast bureau rapporteert zesmaandelijks aan de raad voor maatschappelijk welzijn over deze aangelegenheid.