Al in juni stelde ik de vraag of de verdeling van de Voedselbank niet kon uitgebreid worden zodat ook tweeverdieners er terecht konden voor hulp. Meer en meer gezinnen moeten immers deze winter kiezen tussen voedsel of verwarming. Op dat moment hadden we nog geen idee hoe erg de situatie wel zou worden. Voor heel wat mensen ziet het er niet goed uit. We zijn beland in een echte nachtmerrie. Ik weet dat de mensen met een 1-tje geholpen zullen worden maar ik wil mij met deze vraag focussen op de groep van mensen die uit de boot vallen. Mensen die nu ook dringend aan hulp toe zijn. Niet alleen de Voedselbank, maar ook de Energiecel zal met heel veel oplossingen moeten komen.
De schepen antwoordde mij toen dat de voedselsteun werd geoptimaliseerd met het nieuwe “toekomstmodel” dat werd goedgekeurd in de gemeenteraad van maart 2022. Dit zou ervoor zorgen dat mensen kunnen doorverwezen worden op basis van de reële noden en het effectief te besteden leefgeld van het betrokken huishouden. Hierdoor is het statuut van een persoon of huishouden niet de indicator, maar wel het te besteden budget. Aldus kunnen ook tweeverdieners die het water aan de lippen staat, beroep doen op voedselondersteuning als hun te besteden leefgeld erg laag is. Toch had ik een meer specifiek antwoord ontvangen. Want ik ben echt bang dat er niettemin toch heel wat mensen nog uit de boot zullen vallen.
Doorverwijzing naar materiële hulp gebeurt na een sociaal onderzoek. De maatschappelijk werker maakt hierbij een inschatting op basis van een richtinggevend kader. Uitzonderingen zijn mogelijk, soms in overleg met de doorverwijzer en de organisatie die noodhulp biedt.
Het beschikbaar inkomen wordt ‘berekend’ om na te gaan hoeveel middelen iemand (of een gezin) heeft per week (= leefgeld). Gratis noodhup kan als je leefgeld lager is dan 50 euro per week. En daar komt 25 euro bij per bijkomend gezinslid. Een doorverwijzing naar de sociale kruidenier kan als je leefgeld lager is dan 75 euro per week, ook vermeerderd met 25 euro per bijkomend gezinslid.
Er wordt enkel doorverwezen naar noodhulp omdat deze noodhulp daadwerkelijk een verschil maakt. Dit kan dus zeker ook voor éénmalige-korte toeleidingen in (dringende) noodsituaties.
Doorverwijzing gebeurt altijd op vraag of met toestemming van de betrokken mensen.
Dit onderzoek kan direct gebeuren als de nood duidelijk is. Er is dus een extreem korte doorlooptijd waardoor heel snel kan ingespeeld worden op acute vragen en problemen. Onmiddellijk na het onderzoek worden deze mensen doorverwezen naar een organisatie die voedselondersteuning biedt.
We blijven inzetten op het verlagen van drempels naar OCMW, onder meer door vindplaatsgericht en outreachend te werken. Dit gebeurt door onder meer door rechtenspeurders, door de organisatie van rechtenateliers, door rechtstreekse lijnen (SPOC-functie) te voorzien voor sociale middenveldorganisaties en wijkactoren.
Er is ook de werking van Kinderen Eerst waarbij maatschappelijk werkers aanwezig zijn in scholen en op die manier ouders toeleiden naar het OCMW en hun rechten. Ook vanuit de Lokale Dienstencentra worden preventieve huisbezoeken uitgevoerd bij senioren met als doel deze senioren, indien nodig, toe te leiden naar het OCMW.
Er is nog steeds een zeer grote aanvoer van voeding door Foodsavers naar de voedselinitiatieven. Er is echter een kleine daling in 2022. Hiervoor zullen we nog bijkomende schenkers moeten aantrekken. We gaan hierop meer in detail in bij de mondelinge vraag over de voedselbanken en Foodsavers van Jef Van Pee.
do 15/09/2022 - 10:24