Op de Commissie OWP van maart 2022 stelde ik aan schepen Coddens een vraag over de indexering van de Gentse WZC’s. Bleek immers dat de woonzorgcentra het komende jaar de toestemming kregen om hun dagprijzen tweemaal te indexeren.
De schepen kon mij geruststellen door te zeggen dat stad Gent hier niet aan meedeed. Ik kreeg als antwoord: "Zoals reeds meegedeeld in de vorige commissie werden de dagprijzen van onze stedelijke wzc’s geïndexeerd op 1 januari 2022 op basis van de consumptieprijsindex van oktober 2021". Nu lees ik na de persconferentie over de besparingen dat de prijzen van de woonzorgcentra wel degelijk (beduidend?) zullen stijgen. Er zou wel "een alternatief kortingssysteem” uitgewerkt worden om de dagprijs die gekoppeld is aan de gezondheidsindex af te remmen. Op die manier worden de bewoners niet geconfronteerd met de toegelaten hoge(re) index.
Wat houdt dit alternatief kortingssysteem in?
Hoeveel zullen de bewoners concreet per dag meer moeten betalen?
Het klopt dat we, sinds 2022 vanuit de Vlaamse regelgeving, twee keer per jaar mógen indexeren. Een maatregel die er gekomen is gezien de hoge inflatie. Maar dat hebben we in Gent in 2022 bewust niét gedaan voor onze eigen woonzorgcentra. Halverwege 2022, toen we de omzendbrief kregen vanuit het agentschap gezondheid en zorg Vlaanderen, hebben we dat niet gedaan; en bij de budgetwijziging van 2022 hebben we nóg eens beslist dat niet te doen begin 2023. We hebben beslist om vanaf dan te werken met een kortingssysteem.
Bij de Budgetopmaak 2023 (nu in november) hebben we beslist om halverwege 2023 een gedeeltelijke indexering door te voeren omdat we niet anders kúnnen. Alle kosten blijven stijgen, ook voor onze woonzorgcentra uiteraard. We willen ook niet tegenkomen dat onze WZC sterk verlieslatend worden want dat zou geen goed beheer zijn. Tezelfdertijd willen we de prijsstijging voor de bewoners niet te fors maken. Daarom blijven we dus met het kortingssysteem werken.
Dit kadert ook in een stads breed verhaal van gedeeltelijke indexering om zo de koopkracht te vrijwaren enerzijds en ook het geheel van retributies waardevast maken anderzijds.
Ik leg het even uit aan de hand van een individuele kamer in onze woonzorgcentra.
In januari 2023 gaan we een indexering doorvoeren van 12,27% (wat ons toegestaan is), maar we gaan die helemaal zelf ten laste nemen.
De prijs voor de ouderen zal dus niét veranderen, van januari tot en met juni 2023. Dat wil zeggen dat ons kortingssysteem neerkomt op een korting van 7,55 euro per dag (dat zal ook op de factuur vermeld staan). Dat is dus ongeveer 230 euro per maand. In totaal, op die zes maanden, is dat dus eigenlijk 1.380 euro extra budget (en dus koopkracht) voor elke bewoner.
Vanaf juli 2023 zullen we dan een beperkte indexering doorvoeren, van 6,9%. We voorzien nog altijd een korting van 3,5 euro per dag - 100 euro per maand, tot eind 2023: dat is dus nog eens 600 euro extra budget per bewoner erbij.
Bijna 2.000 euro per bewoner dus, in 2023 door niet volledig te indexeren aan de 12,27% die we eigenlijk wel zouden mogen doorvoeren. Dat is dus een onderdeel van onze bewuste beleidskeuze om ons sociaal beleid maximaal te vrijwaren. In dit geval gaan de mensen in onze woonzorgcentra dat duidelijk voelen in hun portemonnee – in de goeie zin dus. Ze gaan dus niet meer maar minder betalen dan wat reglementair en volgens de opnamevoorwaarden mogelijk is.
do 08/12/2022 - 09:28