Eind vorig jaar is er heisa ontstaan omtrent een naaktfouille door de politie van twee minderjarigen in Oostakker.
Via de vader van de betrokkenen namen we met zijn allen kennis van hetgeen zich, volgens hem, had voorgedaan.
De korpschef heeft op de commissie AFB van januari aangegeven dat er onmiddellijk een onderzoek werd ingesteld om hetgeen gebeurd is duidelijk in kaart te brengen. Ook was er toen reeds contact met de ouders en er werd aangegeven dat na afloop van het onderzoek e.e.a. grondig zal worden besproken met de ouders.
Is het intern onderzoek intussen afgerond? Zo ja, wat zijn de bevindingen en is er met de ouders verder overlegd? Zo nee, binnen welke termijn zal dit wel het geval zijn?
Naar aanleiding van de aangehaalde controle werd door de vader van één van de jongeren een klacht ingediend op 20 december 2021. Ik verneem van onze korpsleiding dat de Dienst Integriteitsbewaking en Toezicht een onderzoek startte. Dit onderzoek werd ernstig en nauwkeurig uitgevoerd en afgesloten op 08 Maart 2022.
Het onderzoek spreekt zich uit over een aantal elementen van de controle namelijk; de reden van controle, over het feit of de betrokken politieambtenaar zich voldoende heeft gelegitimeerd, over de gerechtelijke fouille en over de gevoerde communicatie. Uit het onderzoek blijkt dat er voldoende objectieve redenen waren om op die plaats en op dat tijdstip de jongeren in kwestie te controleren. Zoals werd medegedeeld in de pers door de vader werden verdovende middelden aangetroffen tijdens de controle. Verder werden de jongeren bevraagd en opgevraagd in de databanken.
Ook de fouille zelf en de omstandigheden waarin de fouille werd uitgevoerd zijn volgens Dienst Integriteitsbewaking en Toezicht wettelijk uitgevoerd.
Op basis van het onderzoek is het alvast de mening van de korpschef dat zijn medewerkers legaal, proportioneel en opportuun hebben gehandeld. Uit het onderzoek blijkt wel dat er beter moest gecommuniceerd worden met de jongeren. Zowel in het uitleggen waarom bepaalde onderzoeksdaden worden gesteld als te luisteren naar de vragen en bezorgdheden van de jongeren en hier ook begrijpelijke antwoorden op formuleren.
De vader kreeg begin maart een brief met de resultaten van het gevoerde onderzoek en een uitnodiging om dit te bespreken met de politie. Ik verneem van ons korps dat hier nog niet op werd gereageerd. Over het onderzoek van het Comité P, waar de vader ook klacht indiende, is er geen verdere info. Het comité P kreeg kennis van het volledige onderzoek gevoerd door Dienst Integriteitsbewaking en Toezicht.
Ondanks het feit dat het onderzoek aantoont dat de politiemensen geen professionele fouten hebben gemaakt, is de korpsleiding bewust over het feit dat een politieoptreden een grote impact kan hebben op de betrokken personen en niet in het minst op jongeren en dat wederzijds respect moet opgebouwd worden om die impact zo minimaal te houden.
Het is daarom dat de initiatieven die genomen worden om die bewustwording te verspreiden over de verschillende korpsleden mijn volle steun genieten.
Het deelnemen aan de werkgroep “Kind -en jongerentoets binnen het politiewerk”, de initiatieven van de jeugdcoördinator van ons korps, de opleidingen “handelingskader professioneel controleren”, het onderzoek van de VUB en UGent en de werking van de jeugdinspecteurs zijn allemaal initiatieven die binnen deze filosofie passen. do 21/04/2022 - 09:24