Onlangs las ik in de pers een alarmerend bericht dat leerlingen in het zesde leerjaar minder goed scoren voor wiskunde dan vijf jaar geleden. Ook op vlak van ICT is er nog veel werk aan de winkel.
Leerlingen zouden het moeilijk hebben om percentages te berekenen, cijfers te vermenigvuldigen en het berekenen van inhoud en oppervlakte is moeilijk voor de gemiddelde leerling.
Wiskunde zou een basiskennis moeten zijn. Een goede kennis van wiskunde is bepalend voor de toekomst van de leerling. Wiskunde is een cruciaal vak waar heel veel andere vakken op voortbouwen.
Ervaart men dit ook in het zesde leerjaar van de Gentse stadsscholen dat leerlingen alsmaar minder goed scoren voor wiskunde dan enkele jaren geleden ? Zo ja, wat kan de reden zijn, is hier een verklaring voor ?
Zijn de resultaten van de peilingstoetsen ook beschikbaar op niveau van Gent ?
Kunnen we dit op lokaal niveau aanpakken ?
Algemeen is het goed om weten dat we best voorzichtig zijn bij de interpretatie van cijfers over leerlingenresultaten. Deze data op een correcte manier interpreteren, is niet altijd even evident. Het Stedelijk Onderwijs werkt hiervoor dan ook regelmatig samen met onze Gentse hogeronderwijsinstellingen.
Om ons een beeld te vormen van hoe het gesteld is met de kennis van wiskunde bij de leerlingen uit ons zesde leerjaar, kunnen we de data die OVSG ons aanreikt gebruiken. Deze data zijn gebaseerd op de toetsresultaten van de OVSG-toetsen, afgenomen van elk kind in ons zesde leerjaar. Andere netten gebruiken andere toetsen dan de OVSG-toets; deze resultaten zijn niet zo maar te vergelijken.
Als we kijken naar de resultaten voor wiskunde van de OVSG-toets, dan stellen we vast dat het SOG tot nu toe globaal net iets beter scoorde dan het Vlaams gemiddelde van de OVSG-toets in 2021 en 2018, respectievelijk 1.5% en 1.43% hoger.
Maar net zoals de algemene dalende trend, presteren de Gentse 12-jarigen eind 2021 minder goed op de verschillende wiskunde-onderdelen van de OVSG-toets dan voorheen. Tussen 2018 – voor corona – en 2021 zien we een terugval van ongeveer 6.95% voor het SOG. Ook het Vlaamse gemiddelde op de OVSG toetsen liep in die periode ook met 6,88% terug
De terugval is voor de scholen uit het SOG dus vergelijkbaar met deze in Vlaanderen. Maar tegelijk moeten we dit ook echt nuanceren: deze cijfers geven een indicatie over drie jaar en vergelijken de resultaten van slechts twee toetsen (vb toets cijferen in 2018 en toets cijferen in 2021). We moeten dus voorzichtig zijn om geen harde conclusies te trekken, want dat kunnen we statistisch gezien niet op basis hiervan
Bovendien hebben we het hier nu enkel over de kennis van wiskunde. En we weten allemaal dat ons basisonderwijs de kinderen veel breder vormt, we zijn ons nu expliciet aan het focussen op wiskunde.
Maar dit gezegd zijnde, het stedelijk onderwijs ziet de ernst van de situatie absoluut in. Naast de recente nieuwsberichten, deden eerdere signalen zoals de PISA-resultaten of de PIRLS-resultaten (een internationaal vergelijkend onderzoek naar de leerlingenprestaties rond begrijpend lezen) al enkele jaren een knipperlicht branden. Binnen de kaders en mogelijkheden die er zijn, trachten onze lerarenteams in de scholen op zoek te gaan naar antwoorden, naar wat werkt. Sinds twee jaar deelden we onze basisscholen in vier regio’s in, waarbinnen scholen nauw samenwerken en ondersteund worden. Binnen deze regio’s delen de scholen ook hun bevindingen over de kwaliteit van het onderwijs: wat werkt en wat minder?
De zoektocht naar oorzaken voor deze tegenvallende toetsen is een vraag waar er vandaag niet één oorzaak is, maar dat er verschillende elementen impact hebben op de resultaten.
Onderzoek leert ons dat er een rechtstreeks verband is tussen testresultaten en bepaalde leerlingkenmerken, tussen testresultaten en onderwijs-didactische kenmerken (de klas- en schoolpraktijk dus) en ook met kenmerken van de sociaal-economische achtergrond van de leerlingen en de school.
Daarnaast spelen ook een aantal leerkrachtenkenmerken mee. En uiteraard zijn er ook belangrijke maatschappelijke factoren die een grote impact hebben, zoals de coronapandemie en het lerarentekort. Want als de scholen moeten sluiten omwille van een lockdown, of als scholen er niet meer in slagen om vervangers te vinden, dan heeft dit natuurlijk een zware impact op de kwaliteit van ons onderwijs.
Ik wil hier niet te diep duiken in het wetenschappelijk onderzoek, maar dat is er natuurlijk wel. Dat onderzoek wordt ingezet om tot actiepunten te komen voor remediëring. Vanuit dat onderzoek trekken we enkele conclusies voor het stedelijk onderwijs in Gent:
Enkele conclusies voor het stedelijk onderwijs Gent:
Drie concrete acties voor de komende schooljaren:
1/ Professionalisering:
Verschillende scholen van het Stedelijk Onderwijs Gent hebben de voorbije jaren in teamverband, onder begeleiding van PBSOG, de leerplannen wiskunde doorspit en daarbij afspraken gemaakt i.v.m. didactiek, strategieën, visualisaties,… De wiskundemethode werd onderzocht op de aanwezigheid van de leerplandoelen en er werd bepaald welke de grote accenten zijn die in de verschillende leerjaren gelegd moeten worden (in tegenstelling tot het rigide volgen).
Ook het komende schooljaar gaan er scholen hiermee aan de slag. Daarnaast zijn er collegagroepen waarbij leerkrachten tot collegiaal overleg komen met collega’s van dezelfde leeftijdsgroep. Daarbij zullen de volgende aspecten aan bod komen: taal (en meertaligheid) in de wiskundelessen, effectieve leerstrategieën, leerlingenbegeleiding, de nieuwe leerplannen, motivatie,…
2/ Digitale oefensystemen:
Er werd een keuze gemaakt door ICT-cel na onderzoek met scholen en PBSOG. Men koos voor oefensystemen zoals Rekentuin, Gynzy waar oefeningen op maat gegeven worden. Andere mogelijkheden worden verder onderzocht.
3/ Executieve functies versterken:
In steeds meer scholen wordt explicieter ingezet op het versterken van executieve functies van leerlingen. Bedoeling is dat de leerlingen zelf hun gedrag kunnen sturen, dat ze hierin begeleid en ondersteund worden, dat ze hiervoor de nodige handvaten aangereikt krijgen. PBSOG en het ondersteuningsteam werkten samen trajecten uit om scholen hierin te begeleiden en voorzien hierover ook een vormingsaanbod voor de scholen.
Dus, samenvattend: