Stad Gent investeert sterk in de stedelijke kinderopvang. Op die manier maakt de Stad het verschil en neemt ze een voortrekkersrol op in kwalitatieve en toegankelijke kinderopvang. De sector kinderopvang zit echter in een crisis met signalen over onveilige situaties, een hoge werkdruk en te beperkte waardering voor de belangrijke job van kinderbegeleider. In Vlaanderen is er een groot personeelstekort. Vacatures en afwezigheden geraken moeilijk ingevuld. Ook de Stedelijke Kinderopvang staat, ondanks de investeringen, voor een uitdaging om voldoende kinderbegeleiders aan het werk te hebben. Soms moet de dienst ouders vragen om hun kindje vroeger te halen of later te brengen, of om een andere oplossing te vinden voor een volledige dag of langer omwille van een tekort aan personeel.
Kan de schepen toelichting geven over hoeveel keer verminderde dienstverlening moest georganiseerd worden binnen de stedelijke kinderopvang sinds het begin van dit jaar?
Is dit een probleem van enkel Stad Gent of zijn er signalen dat er binnen en buiten Gent ook dergelijke ingrepen gebeuren bij organisatoren in de kinderopvang?
Welke stappen onderneemt Stad Gent om dergelijke verminderde dienstverlening zoveel mogelijk te beperken?
De crisis in de kinderopvang, met in het middelpunt grote tekorten in de personeelsbezetting en teveel kinderen per kinderbegeleider, beweegt ons allen. Kinderbegeleiders die voor 8 baby’s en peuters tegelijk moeten zorgen, zijn geen uitzondering. De sector kwam eind maart voor de eerste keer gezamenlijk op straat. Een onderzoekscommissie in het Vlaams Parlement werd opgericht. Ik wil uw vraag dan ook aangrijpen om in eerste instantie te duiden dat de kinderopvang in Vlaanderen op is. De coronacrisis heeft zeer veel gevergd, en was een laatste druppel die de emmer in een ondergewaardeerde sector deed overlopen.
Het klopt dat Dienst Kinderopvang de laatste maanden met een verminderde dienstverlening heeft moeten werken. Het personeelstekort heeft ons daartoe gedwongen.
Tijdens de coronacrisis moesten vele crèches leefgroepen, soms hun ganse werking, sluiten omwille van besmettingen en risicocontacten. Maar ondanks de dalingen in de besmettingen van de laatste maanden, zien we alvast binnen onze eigen Dienst Kinderopvang dat het grote aantal personeelsleden die afwezig zijn op de werkvloer, blijft. Bovendien is het aanwerven van vervangers en nieuwe medewerkers zeer moeilijk.
Het probleem binnen onze dienst, en bij uitbreiding bij partners, is groot. Sinds eind vorig jaar kampt Dienst Kinderopvang met een afwezigheid van 20% van de personeelsleden. Het is duidelijk dat het een uitdaging is om vanuit die tekorten de goede dienstverlening te blijven garanderen.
Toch blijft Dienst Kinderopvang daarop inzetten. Door op dagelijkse basis te puzzelen om voldoende personeel te kunnen inzetten voor het aantal aanwezige kinderen. Groepen worden samengevoegd, medewerkers wordt gevraagd om overuren te presteren. Verantwoordelijken staan op de vloer, in de leefgroepen. Ook huishoudhulpen, kinderbegeleiders in opleiding en pedagogische bachelors worden volop in de werking ingezet. Kinderbegeleiders van andere locaties springen bij in teams waar de tekorten hoog oplopen. Elke interim die beschikbaar is, wordt ingezet, ook jobstudenten vinden hun plek in de buitenschoolse opvang. Alles gebeurt steeds volgens de wettelijke regels.
Deze aanpassingen gebeuren allemaal achter de schermen, dus alvorens we de dienstverlening naar de ouders toe, in overleg tussen de dienst en mezelf, verminderen. We gaan dus tot het uiterste van wat pedagogisch en wettelijk aanvaardbaar is.
Helaas, ondanks de vele inspanningen van Dienst Kinderopvang, in samenwerking met de dienst HR van Stad Gent, zijn er momenten waarop er niet genoeg kinderbegeleiders zijn voor het aantal ingeschreven kinderen. Op zulke momenten kunnen we niet anders dan de dienstverlening inperken. Dat betekent dat ouders worden gecontacteerd met de vraag om hun kindje later te brengen, vroeger te komen halen of een dag een andere oplossing te zoeken. Voor ouders, die door corona al veel zijn moeten inspringen, is dit alles behalve evident. Maar kinderopvang organiseren met teveel kinderen per begeleider kunnen en willen we niet doen.
U vroeg concreet naar de cijfers van de verminderde dienstverlening. Ik geef alvast de cijfers mee vanaf mid februari tot mid mei.
Vanaf mid februari werd duidelijk dat de oorzaak van tekorten bij kinderbegeleiders niet enkel nog te wijten was aan corona en pasten we de registratie aan (enkel voor rechtstreeks gelinkte corona-afwezigheden konden we aanspraak maken op de selectieve corona-compensatie van de Vlaamse Overheid). Mid mei kregen we officieel bericht dat er geen compensatie meer mogelijk was vanuit Vlaanderen (Agentschap Opgroeien), ook niet selectief voor corona .
Wat kan ik je meegeven over deze 12 weken inzake verminderde dienstverlenging door tekorten:
Deze verminderde dienstverlening is zeer ad hoc. Ouders en kinderbegeleiders weten helaas soms pas laat dat de uren van dienstverlening veranderen, omdat er bvb ’s morgens een extra ziek-melding gemeld wordt binnen het team. Dat is zeer moeilijk in de organisatie voor ouders. Daarom dat we op dit moment ook een aantal structurele acties voorbereiden om het personeelstekort deels te proberen ondervangen of voorspellen.
En we zijn daarin niet alleen. Op het laatste Lokaal Overleg Kinderopvang (=LOK, dat is het overleg met alle kinderopvangaanbieders van onze stad) werd duidelijk dat we niet als enige met personeelstekorten kampen. In Gent zijn er meerdere aanbieders die problemen ervaren, en ook in andere steden is het vervangen en aanwerven van personeel een groot probleem. Het LOK richtte ook een schrijven naar de Administrateur-generaal van het Agentschap Opgroeien en naar de minister met dit signaal.
We zijn vanuit Dienst Kinderopvang ook in overleg met het Agentschap Opgroeien. Deze stuurde gisteren nog een intern nieuwsbericht (Snelinfo) over hoe organisatoren kunnen omgaan met personeelstekorten. De Snelinfo geeft aan dat we binnen de wettelijke normen aanpassingen kunnen doen aan de dienstverlening. Op welke manier dit kan, hoe we hierover met ouders in gesprek kunnen gaan en wat de gevolgen zullen zijn voor de subsidiëring is nog niet duidelijk. Vanuit VVSG worden de nodige vragen hierover gesteld.
We kunnen niet ontkennen dat we dit probleem als werkgever niet alleen kunnen oplossen. En daarmee wil ik afsluiten. We wisten dit al vanuit de actie ‘De eerste 1000 dagen’ die eind maart doorging, en dat wordt nu opnieuw bevestigd: De kinderopvang heeft nood aan een Marshallplan, met aantrekkelijke jobs, verloning, een lagere kindbegeleiderratio en waardering voor deze toch zo mooie job.
De sector rekent erop dat de nieuwe minister van Welzijn, minister Crevits, hier werk van maakt, samen met de hele Vlaamse Regering. Want kinderopvang: dat is belangrijk voor de kinderen zelf, voor tewerkstelling, opleiding, voor inburgering voor hun ouders, en nog zoveel meer. Dat Marshallplan, daar moet in mijn ogen en met mij heel wat anderen, de volledige Vlaamse regering zijn schouders onder zetten.
Ik sluit af met een oproep aan jullie om samen met mij en zoveel anderen bij de collega’s in Brussel te pleiten voor structurele maatregelen en budgetten voor de kinderopvang. Deze belangrijke sector, met zijn vele enthousiaste medewerkers, verdient beter. Daar moeten we met zijn allen voor gaan.
do 16/06/2022 - 08:05