Afgelopen maand speelde zich een drama af in een kinderdagverblijf in onze stad: een kindje overleed ten gevolge van de manier waarop het in de crèche behandeld – of liever mishandeld – werd. Deze tragedie zond een schokgolf door de sector van de kinderopvang en door de samenleving in het algemeen. In het Vlaams parlement werd ondertussen een onderzoekscommissie opgericht. Ook in de voorbije commissie OWP werden vragen gesteld.
In de persberichtgeving naar aanleiding van het recente drama werd onder meer verwezen naar een initiatief van de Stad Antwerpen om in alle vestigingen van de stedelijke kinderopvangverblijven bewakingscamera’s te installeren in de ruimtes waar omgegaan wordt met de kinderen. Daarnaast kunnen private kinderopvanginitiatieven een beroep doen op een subsidie om eveneens bewakingscamera’s te plaatsen zo ze dit wensen.
In de Antwerpse kinderdagverblijven worden beelden alleen opgevraagd en door een beperkt aantal verantwoordelijken bekeken wanneer er effectief een klacht wordt ingediend. De klacht in kwestie kan de omgang van personeelsleden met kinderen betreffen of ook de omgang tussen ouders en personeelsleden. De aanwezigheid van objectieve camerabeelden kan een meerwaarde zijn bij het beoordelen van een klacht. Dat is des te meer het geval aangezien het doelpubliek veelal onmondige kinderen zijn. Camerabeelden vormen ook een bescherming voor alle adequaat handelende personeelsleden.
Camera’s op de werkvloer zijn geen uitzondering. De vigerende regelgeving bepaal de modaliteiten en voorwaarden voor het gebruik van camera’s op de werkplek. Camerabewaking moet een legitieme doelstelling dienen, moet proportioneel zijn en ook transparant. Legitieme doelstellingen zijn onder meer: veiligheid, controle op de werkprocessen en controle op de arbeid.
De recente feiten hebben op dramatische wijze het cruciale belang van veiligheid in kinderdagverblijven bevestigd. In de commissie heeft de schepen bevestigd dat er in de stedelijke dagverblijven gevallen zijn geweest van gedrag dat niet konden worden getolereerd. De schepen verwees o.a. naar roepen en naar hardhandig/niet-gepast met kinderen/baby’s omgaan. De schepen bevestigde dat in dergelijke gevallen ingegrepen wordt, eventueel ook met ontslag tot gevolg.
Om te kunnen optreden tegen dergelijk niet te tolereren gedrag moet het vanzelfsprekend eerst objectief en onbetwistbaar vastgesteld worden. Maar niemand kan garanderen dat niet te tolereren gedrag nooit plaatsvindt wanneer er geen tweede paar ogen aanwezig is of toekijkt. In dergelijke gevallen kunnen camerabeelden uitsluitsel bieden wanneer er een klacht wordt ingediend. De schepen heeft in de commissie toegelicht dat men sterk inzet op een preventieve aanpak via begeleiding en dat is vanzelfsprekend goed, maar tegelijk volstaat een dergelijke aanpak niet.
Daarom, op voorstel van de N-VA-fractie,
De gemeenteraad draagt het college van burgemeester en schepenen op om een proefproject op te starten over camerabewaking in kinderdagverblijven. Minimaal één stedelijk kinderdagverblijf en bij voorkeur ook minimaal één privaat kinderopvangverblijf nemen deel aan dit proefproject.