De gemeenteraad heeft op 24 september 2019 een omgevingsvergunning afgegeven voor het bouwen van de Verapazbrug en het realiseren van de omgevingsaanleg.
Voor een efficiënte werking van bijvoorbeeld de hulp- en veiligheidsdiensten is het noodzakelijk dat ‘Sassevaartstraat’ gedeeltelijk herbenoemd wordt.
Volgens artikel 1 van het Decreet van 28 januari 1977 tot bescherming van de namen van de openbare wegen en pleinen is alleen de gemeenteraad bevoegd om namen van openbare wegen en pleinen vast te stellen.
Er zijn geen toponiemen beschikbaar maar het Archief Gent bracht volgende naamsuggestie aan: ‘Jacob Obrechtstraat’. De te benoemen straat ligt vlakbij een wijk die aan het begin van de 20ste eeuw werd gebouwd rond de toen gloednieuwe Tolhuislaan als centrale as. De straatnamen werden destijds gekozen uit een pool van belangrijke figuren afkomstig uit de Zuidelijk Nederlanden: Justus Lipsius, Antonius Sanderus, Gerard Mercator, Hugo Van de Goes, Justus de Harduwijn, Desiderius Erasmus, Jacob Van Maerlandt,… Het gaat hier om een bonte verzameling humanisten, cartografen, letterkundigen, dichters, schilders... Eentje ontbreekt in dit verhaal, een rasechte Gentenaar: Jacob Obrecht (1457-1505). Op Wikipedia vinden we o.a. volgende korte tekst om zijn stijl te kunnen situeren maar er is uiteraard heel wat literatuur voorradig over deze begenadigde muzikant: Obrecht schreef vooral kerkelijke muziek: missen en motetten. Van hem zijn daarnaast enkele wereldlijke liederen bekend. Hij was een volgeling van Johannes Ockeghem. Obrecht was naast Josquin des Prez een van de toonaangevende vertegenwoordigers van de Vlaamse polyfonie van de middeleeuwen/vroege renaissance. In zijn missen en motetten gebruikte hij steeds de cantus firmustechniek waarbij rond een, meestal bestaande, melodie de andere stemmen in een polyfone compositie zijn geschreven. Ondanks het vasthouden aan de Nederlandse stijl was Obrecht vernieuwend. Met name op harmonisch gebied en in de variatie in methoden om met de bestaande melodie om te gaan was hij zijn tijd vooruit. Dit werd ook erkend door zijn tijdgenoten. Zo nam Johannes Tinctoris Obrecht op in een korte lijst van grote componisten, ondanks dat Obrecht op dat moment pas 25 jaar oud was en aan de andere kant van Europa verbleef (bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Jacob_Obrecht). Oorspronkelijk werd aangenomen dat Obrecht geboren was in Bergen op Zoom en laat het nu net door gedegen onderzoek zijn in het toenmalige Stadsarchief Gent (o.a. door de inmiddels overleden Daniel Lievois ) dat aan het licht kwam dat Obrecht een rasechte Gentenaar was, zoon van Willem Obrecht die de functie van stadstrompetter bekleedde. Deze laatste maakte daarbij deel uit van een groep van zes trompetters waarop vaak beroep werd gedaan door de Bourgondische Hertogen. Dit wijst erop dat de muzikale kwaliteit van dit ensemble bijzonder hoog werd aangeslagen. Het lijdt dan ook weinig twijfel dat de jonge Jacob zijn eerste scholing kreeg binnen dit vruchtbare muzikale milieu, waardoor hij later zelf hoge toppen zou scheren.
Over deze plaatsnaamgeving zal het advies van de Cultuurraad worden ingewonnen.
Conform het Decreet tot bescherming van de namen van openbare wegen en pleinen van 28 januari 1977, zal na de principiële vaststelling door de gemeenteraad een openbaar onderzoek worden georganiseerd.
Stelt de naam 'Jacob Obrechtstraat' principieel vast voor de gedeeltelijke straatnaamwijziging van Sassevaartstraat te Gent zoals aangeduid met rode kleur op bijgevoegd plan nieuwe toestand en situatieplan.